RECHTBANK DEN HAAG
de minister van Asiel en Migratie, (gemachtigde: L.S. Hartog).
Samenvatting
uitspraak
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL25.53519
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. D.W.M. van Erp),
en
Procesverloop
3. Verzoeker heeft een aanvraag ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft met het bestreden besluit van 27 oktober 2025 deze aanvraag in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
4. De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van het beroep met zaaknummer NL25.53518, op 26 januari 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoeker, C.T.W. van Dijk als waarnemer van de gemachtigde van verzoeker, M. Ziad als tolk en de gemachtigde van de minister.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
5. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.53518, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
6. De voorzieningenrechter ziet, gelet op de inhoud van de uitspraak op het beroep aanleiding te bepalen dat verzoeker een vergoeding krijgt van zijn proceskosten. De minister moet deze vergoeding betalen. Het bedrag van deze kosten stelt de voorzieningenrechter vast op €934,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van
€934,- en een wegingsfactor 1). Voor het verschijnen ter zitting is in de beroepsprocedure al een punt toegekend.
Beslissing
De voorzieningenrechter:
Deze uitspraak is gedaan door mr. P.J. Blok, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. W.J.T. Twijnstra, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
10 februari 2026