RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , V-nummer: [V-nummer] , eiseres
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.12324
(gemachtigde: mr. M. Drenth),
en
(gemachtigde: mr. I.A. van der Vegt).
Procesverloop
Bij besluit van 17 februari 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiseres in de verlengde procedure afgewezen als ongegrond.
Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft het beroep op 26 maart 2026 op zitting behandeld in Breda. Eiseres is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Als tolk is verschenen [tolk] . Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Overwegingen
1. Eiseres is geboren op [datum] 1983 en heeft de Nigeriaanse nationaliteit. Zij heeft op 22 augustus 2022 een asielaanvraag ingediend.
2. Aan de asielaanvraag heeft eiseres het volgende ten grondslag gelegd. Eiseres is op haar 14e bekeerd tot het christendom. Na het overlijden van haar vader heeft ze hierdoor problemen ondervonden. Het islamitische deel van de familie van eiseres was het niet eens met de beslissing van de rechtbank dat eiseres huizen erfde van haar vader. Zij hebben eiseres bedreigd. In 2005 is de christelijke zus van eiseres overleden nadat de halfbroers en -zussen voodoo hadden uitgeoefend. Eiseres trouwde later met een man, die inmiddels haar ex-partner is. Deze man had eerst geen problemen met haar geloof, maar later wel. Samen met de halfbroers en -zussen heeft de man bandieten op eiseres afgestuurd. Haar ex-partner heeft voor eiseres een visum geregeld waarmee ze Nigeria heeft verlaten.
3. Verweerder heeft de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiseres geloofwaardig bevonden. Ook heeft verweerder de bekering tot het christendom geloofwaardig bevonden. Verweerder heeft echter niet geloofwaardig bevonden dat eiseres problemen heeft met haar familie en ex-man. De verklaringen van eiseres hierover vormen namelijk geen samenhangend en aannemelijk geheel. Omdat de geloofwaardig geachte elementen niet maken dat eiseres een gegronde vrees heeft voor vervolging of een reëel risico loopt op ernstige schade bij terugkeer, heeft verweerder de asielaanvraag afgewezen als ongegrond.
4. Eiseres voert het volgende aan. Verweerder heeft twee asielmotieven van eiseres geloofwaardig geacht. Deze geloofwaardigheid dient volgens eiseres door te werken in het derde asielmotief. Eiseres wijst erop dat zij problemen met haar familie kreeg omdat zij christen is. Ter onderbouwing van het relaas heeft eiseres een kopie van een uitspraak van een rechtbank uit 1997 overgelegd, waarin staat dat eiseres recht heeft op een stuk land. Verweerder heeft er ten onrechte een punt van gemaakt dat eiseres deze uitspraak niet eerder heeft overgelegd. Verweerder heeft bijna 2,5 jaar gedaan over het nemen van een besluit. Het is dan onredelijk en in strijd met het fair play-beginsel dat verweerder van eiseres verwacht dat zij meteen in actie komt na het voornemen. Verder zijn de verklaringen van eiseres over de erfenis van haar vader en de problemen met de familie wel degelijk samenhangend en aannemelijk. Eiseres verwijst naar een brief van Vluchtelingenwerk Nederland van 4 december 2024 over de Black Axe confraternity en cults in Nigeria. Hieruit volgt dat voodoo in Nigeria wordt gebruikt om tegenstanders aan te vallen of te intimideren. Daarnaast wordt het asielrelaas van eiseres ook ondersteund door informatie uit het algemeen ambtsbericht Nigeria, want daaruit blijkt dat bekeerlingen te maken krijgen met familieproblemen en discriminatie. Eiseres loopt in Nigeria dan ook een reëel risico op ernstige schade.
De rechtbank oordeelt als volgt.
5. Verweerder heeft terecht overwogen dat de geloofwaardigheid van de identiteit, nationaliteit, herkomst en bekering van eiseres niet automatisch betekent dat ook de problemen met haar familie en ex-man geloofwaardig zijn. Verweerder heeft dan ook terecht beoordeeld of eiseres met haar verklaringen en het overgelegde document de gestelde problemen aannemelijk heeft gemaakt.
6. Eiseres wordt niet gevolgd in haar stelling dat verweerder onredelijk en in strijd met het fair play-beginsel heeft gehandeld door te overwegen dat niet valt in te zien waarom eiseres de kopie van de uitspraak van de rechtbank uit 1997 pas bij de zienswijze heeft overgelegd. Verweerder heeft terecht overwogen dat meermaals is gewezen op het belang van documenten, waaronder tijdens het aanmeldgehoor van 29 september 2022. Desondanks heeft eiseres het stuk pas op 16 december 2024 overgelegd. Verweerder heeft kunnen overwegen dat eiseres ruim de tijd heeft gehad om het stuk aan te leveren en dat van eiseres verwacht mocht worden dat zij dit eerder over zou leggen. Dit heeft er bovendien niet toe geleid dat verweerder het kopiedocument niet bij de besluitvorming heeft betrokken. Verweerder heeft in het bestreden besluit namelijk overwogen dat het stuk niet op echtheid kan worden gecontroleerd, dat het stuk grotendeels niet leesbaar is en dat de inhoud niet overeenkomt met de verklaringen van eiseres. Verweerder heeft dan ook niet ten onrechte overwogen dat aan dit document niet de waarde wordt gehecht die eiseres hieraan wenst te hechten.
7. De door eiseres overgelegde brief van Vluchtelingenwerk Nederland over de Black Axe confraternity en cults in Nigeria is verder onvoldoende om het relaas van eiseres aannemelijk te maken. Verweerder heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat gesteld noch gebleken is dat de familie of de ex-man van eiseres behoort tot de Black Axe of een cult en dat deze algemene informatie bovendien niet aannemelijk maakt dat eiseres het slachtoffer is geworden van voodoo-praktijken.
8. De rechtbank stelt vast dat wat eiseres voor het overige heeft aangevoerd een letterlijke herhaling is van de zienswijze. Verweerder is in het bestreden besluit ingegaan op wat eiseres in de zienswijze heeft aangevoerd en eiseres heeft in haar ingediende beroepschrift niet aangegeven waarom de weerlegging van de gronden uit de zienswijze in het bestreden besluit onjuist of onvolledig zou zijn. Een enkele herhaling van de zienswijze is onvoldoende om te spreken van beroepsgronden waarop de rechtbank moet ingaan.
9. Het beroep is ongegrond.
10. Eiseres krijgt geen vergoeding van haar proceskosten.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan op 23 april 2026 door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. W. van Loon, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen vier weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.