ECLI:NL:RBGEL:2025:10584

ECLI:NL:RBGEL:2025:10584, Rechtbank Gelderland, 01-12-2025, 025198

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 01-12-2025
Datum publicatie 08-12-2025
Zaaknummer 025198
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001854 BWBR0005289

Samenvatting

Veroordeling voor opzetverkrachting vergezeld met dwang en opzetaanranding vergezeld met dwang door masseur. Schakelbewijs. De rechtbank is van oordeel dat er sprake is van dwang door het aanwenden van gezag en overwicht en onverhoeds handelen. Gevangenisstraf van 18 maanden waarvan 12 voorwaardelijk en een beroepsverbod van 5 jaren.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Arnhem

Parketnummer: 05/025198-25

Datum uitspraak : 1 december 2025

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1987 in [geboorteplaats] (Iran),

wonende aan de [adres 1] .

raadsman: mr. D. Kotterman, advocaat in Arnhem.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.

1. De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1.hij op of omstreeks 10 januari 2025 te Laren, gemeente Laren met een persoon, te weten [slachtoffer 1] , een of meer seksuele handelingen, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam heeft verricht, te weten- het brengen van zijn vingers tussen de schaamlippen van die [slachtoffer 1] en/of- het betasten van de venusheuvel en/of de schaamlippen, althans de vulva van die [slachtoffer 1] met zijn vingers en/of- het betasten van de borsten en/of de tepels van die [slachtoffer 1] met zijn vingers,terwijl hij, verdachte, wist dat bij die [slachtoffer 1] daartoe de wil ontbrak, en welke opzetverkrachting werd voorafgegaan door, vergezeld van en/of gevolgd door dwang, geweld en/of bedreiging, door- voornoemde seksuele handelingen te verrichten terwijl die [slachtoffer 1] (als cliënt van hem, verdachte) een massagebehandeling door hem, verdachte, onderging en/of (bijna) naakt op de massagetafel lag en/of- (hierdoor) misbruik te maken van zijn positie als masseur ten opzichte van die [slachtoffer 1] , die (bijna) naakt op de massagetafel lag en/of (daardoor) zich in een kwetsbare positie ten opzichte van hem, verdachte, bevond en/of- voornoemde seksuele handelingen onverhoeds te verrichten en/of die [slachtoffer 1] hiermee te overrompelen en/of- voorbij te gaan aan de verbale en/of non-verbale signalen van verzet/weerstand van die [slachtoffer 1] en/of- (hierdoor) die [slachtoffer 1] in een zodanig weerloze en/of afhankelijke toestand te brengen dat die [slachtoffer 1] zich niet, althans onvoldoende aan voornoemde seksuele handelingen kon en/of durfde te onttrekken;

2. hij op of omstreeks 10 januari 2025 te Laren, gemeente Laren met een persoon, te weten [slachtoffer 2] ,een of meer seksuele handelingen, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam heeft verricht, te weten- het brengen van zijn vingers tussen de schaamlippen van die [slachtoffer 2] en/of- het betasten van de venusheuvel, althans de vulva van die [slachtoffer 2] met zijn vingers en/of- het betasten van de borsten en/of de tepels van die [slachtoffer 2] met zijn vingers,terwijl hij, verdachte, wist dat bij die [slachtoffer 2] daartoe de wil ontbrak, en welke opzetverkrachting werd voorafgegaan door, vergezeld van en/of gevolgd door dwang, geweld en/of bedreiging, door- voornoemde seksuele handelingen te verrichten terwijl die [slachtoffer 2] (als cliënt van hem, verdachte) een massagebehandeling door hem, verdachte, onderging en/of (bijna) naakt op de massagetafel lag en/of- (hierdoor) misbruik te maken van zijn positie als masseur ten opzichte van die [slachtoffer 2] , die (bijna) naakt op de massagetafel lag en/of (daardoor) zich in een kwetsbare positie ten opzichte van hem, verdachte, bevond en/of- voornoemde seksuele handelingen onverhoeds te verrichten en/of die [slachtoffer 2] hiermee te overrompelen en/of- voorbij te gaan aan de verbale en/of non-verbale signalen van verzet/weerstand van die [slachtoffer 2] en/of- (hierdoor) die [slachtoffer 2] in een zodanig weerloze en/of afhankelijke toestand te brengen dat die [slachtoffer 2] zich niet, althans onvoldoende aan voornoemde seksuele handelingen kon en/of durfde te onttrekken;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 10 januari 2025 te Laren, gemeente Laren met een persoon, te weten [slachtoffer 2] , een of meer seksuele handelingen heeft verricht, te weten- het brengen van zijn vingers nabij/langs de clitoris van die [slachtoffer 2] en/of- het betasten van de venusheuvel, althans de vulva van die [slachtoffer 2] met zijn vingers en/of- het betasten van de borsten en/of de tepels van die [slachtoffer 2] met zijn vingers,terwijl hij, verdachte, wist dat bij die [slachtoffer 2] daartoe de wil ontbrak,en welke opzetaanranding werd voorafgegaan door, vergezeld van en/of gevolgd door dwang, geweld en/of bedreiging,door- voornoemde seksuele handelingen te verrichten terwijl die [slachtoffer 2] (als cliënt van hem, verdachte) een massagebehandeling door hem, verdachte, onderging en/of (bijna) naakt op de massagetafel lag en/of- (hierdoor) misbruik te maken van zijn positie als masseur ten opzichte van die [slachtoffer 2] , die (bijna) naakt op de massagetafel lag en/of (daardoor) zich in een kwetsbare positie ten opzichte van hem, verdachte, bevond en/of- voornoemde seksuele handelingen onverhoeds te verrichten en/of die [slachtoffer 2] hiermee te overrompelen en/of- voorbij te gaan aan de verbale en/of non-verbale signalen van verzet/weerstand van die [slachtoffer 2] en/of- (hierdoor) die [slachtoffer 2] in een zodanig weerloze en/of afhankelijke toestand te brengen dat die [slachtoffer 2] zich niet, althans onvoldoende aan voornoemde seksuele handelingen kon en/of durfde te onttrekken.

2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 1 en feit 2 primair tenlastegelegde.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft integrale vrijspraak bepleit. De raadsman heeft ten aanzien van feit 1 aangevoerd dat er geen sprake was van opzet bij verdachte. Ten aanzien van feit 2 heeft de raadsman aangevoerd dat er geen sprake was van seksuele dwang of opzet. Verdachte is gestopt toen [slachtoffer 2] haar grenzen aangaf.

Beoordeling door de rechtbank

De rechtbank gaat uit van de volgende bewijsmiddelen uit het dossier.

Aangiftes

Aangeefster [slachtoffer 2] verklaarde dat zij op 10 januari 2025 tussen 11:00 uur en 13:00 uur een massage boekte bij [bedrijf] aan de [adres 2] in Laren. Toen de masseur (verdachte) vroeg wat voor massage [slachtoffer 2] wilde, wees zij op haar borsten en op haar kruis en zei “not” en “nee”. [slachtoffer 2] droeg tijdens de massage uitsluitend een slip. Toen de massage begon was het prima, maar op een gegeven moment masseerde verdachte met spiraalbewegingen de borsten van [slachtoffer 2] . Dit gebeurde ongeveer na een derde van de massage. [slachtoffer 2] verstijfde en vroeg zich af wat er gebeurde. Nadat verdachte haar rug en benen masseerde, kwam hij in de buurt van haar slipje. Dit was ongeveer halverwege de massage. Hij ging met zijn hand bij haar dijbenen en buik en ging toen met zijn hand in haar slipje bij haar venusheuvel. Hij ging lager en lager. [slachtoffer 2] pakte haar slipje vast om deze omhoog te trekken. Verdachte masseerde verder en kwam toen weer met zijn hand in haar slipje, bij haar clitoris en bewoog er langs. [slachtoffer 2] zei “No thank you” en pakte weer haar slipje vast. [slachtoffer 2] had tijdens de massage een doek op haar ogen en zag niets. Na afloop van de massage zei verdachte “zal ik je mijn nummer geven, want dan kan ik je thuis ook verwennen”. [slachtoffer 2] stemde daarmee in om er vanaf te zijn.

Aangeefster [slachtoffer 1] verklaarde dat zij op 10 januari 2025 tussen 14:00 uur en 15:50 uur een massage boekte bij [bedrijf] aan de [adres 2] in Laren. Zij maakte kennis met [verdachte] (verdachte). Verdachte masseerde haar 80 minuten toen zij op haar buik lag. [slachtoffer 1] droeg tijdens de massage uitsluitend een string. Verdachte trok de handdoek die op [slachtoffer 1] lag lager dan normaal, zodat de billen van [slachtoffer 1] onbedekt waren. Daarna vroeg verdachte [slachtoffer 1] om zich om te keren zodat zij op haar rug lag. Verdachte dekte haar ogen af met een kleine donkere handdoek. Verdachte kneedde met beide handen de borsten van [slachtoffer 1] . Dit vond [slachtoffer 1] stressvol. Zij twijfelde of dat normaal was. Verdachte liep naar de linkerkant van de tafel en begon de linker lies met een vinger te masseren. Toen trok verdachte de onderbroek van [slachtoffer 1] omlaag totdat hij bij haar grote schaamlippen bleef haken. Hij wreef met zijn vingers over haar venusheuvel . Daarna wreef hij met zijn vingers over haar linker schaamlip. [slachtoffer 1] was als bevroren, maar wist zich naar eigen zeggen te vermannen. Zij hief haar rechteronderarm op met uitgestoken wijsvinger en schudde daarmee ten teken dat zij dit niet wilde. Verdachte hield op en trok haar onderbroek omhoog. Hij liep terug naar het hoofd van de tafel en kneedde opnieuw beide borsten. [slachtoffer 1] voelde paniek en lag als bevroren op de massagetafel. Verdachte ging opnieuw naar de linkerkant van de tafel, schoof de onderkant van haar onderbroek langs haar linker grote schaamlip en wreef opnieuw met vingers over haar linker grote schaamlip. Dit duurde ongeveer één minuut. Daarna ging hij met een vinger tussen haar grote schaamlippen en haalde een vinger langs haar clitoris. [slachtoffer 1] zei dat ze dat niet fijn vond en hief opnieuw haar arm op. Na de massage zei verdachte tegen [slachtoffer 1] dat het een misverstand was.

Eerdere melding

Uit de bevraagde historische gegevens bij de [bedrijf] in Laren bleek dat [naam] een melding had gedaan van een massage op 29 december 2024 door verdachte waarbij grensoverschrijdende handelingen hadden plaatsgevonden. [naam] verklaarde bij de politie dat de massage 50 minuten duurde. Verdachte zei tijdens de massage dat hij zijn nummer wel aan [naam] kon geven voor een massage bij zijn praktijk aan huis. Toen verdachte haar heupen masseerde, trok hij haar onderbroek naar beneden. Tijdens het masseren zaten zijn vingers één of twee centimeter verwijderd van de plek tussen haar billen en vagina. [naam] zei dat dit niet nodig was en dat hij haar benen kon masseren. Verdachte zei geen sorry of iets anders. Na afloop van de massage zette verdachte zijn telefoonnummer in de telefoon van [naam] .

Getuigenverklaringen

De partner van [slachtoffer 2] , [partner slachtoffer 2] , verklaarde dat toen [slachtoffer 2] op 10 januari 2025 thuis kwam erg aangeslagen en onbenaderbaar was. [partner slachtoffer 2] zag dat er iets met [slachtoffer 2] was, maar dat zij niet in contact wilde. Zij vertelde hem dat zij ruimte voor zichzelf nodig had. Zij heeft de volgende dag het hele verhaal aan hem verteld. Op het moment dat zij vertelde wat er was gebeurd bij de [bedrijf] was zij in tranen.

De partner van [slachtoffer 1] , [partner slachtoffer 1] verklaarde dat hij in het buitenland was toen zijn vrouw hem belde op 10 januari 2025. [slachtoffer 1] vertelde hem dat zij net uit de massagesalon kwam en wat er was gebeurd bij de [bedrijf] . Hij hoorde aan de telefoon dat zijn vrouw erg ontzet was. Dit hoorde hij haar haar snelle manier van praten. Hij hoorde dat haar stem oversloeg. Dit is hij niet van haar gewend, omdat zij altijd de rust zelve is.

Verklaring verdachte

Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij bij [bedrijf] werkte en dat er regels zijn omtrent het geven van massages. Zo is het niet toegestaan om borsten en geslachtsdelen te masseren. Hij heeft de borsten van [slachtoffer 1] gemasseerd.

De beoordeling van het bewijs

In alle strafzaken dienen aangiftes kritisch, zorgvuldig en behoedzaam te worden bezien. Dit geldt temeer in zedenzaken, waarin doorgaans geen verklaringen voorhanden zijn van getuigen die bij de tenlastegelegde handelingen aanwezig zijn geweest en daarover uit eigen waarneming kunnen verklaren.

De rechtbank is van oordeel dat de aangiftes en getuigenverklaring tegen dezelfde verdachte vergelijkbare ontuchtige handelingen zijn die in een vergelijkbare context hebben plaatsgevonden, elkaar over en weer, ook in bewijstechnische zin, ondersteunen. Mede om die reden kunnen de verklaringen van aangeefsters [slachtoffer 2] en [slachtoffer 1] betrouwbaar worden geacht.

Aangeefsters hebben na een informatief gesprek bij de politie aangifte gedaan en hebben direct na het gebeuren met hun partners gesproken. Voor aangeefsters geldt bovendien dat op geen enkele wijze is gebleken van een motief of aanleiding om jegens verdachte valse verklaringen af te leggen. Aangeefsters en hun partners ( [partner slachtoffer 2] en [partner slachtoffer 1] ) verklaren over de emotie die bij henzelf ontstond naar aanleiding van de massages. Deze emoties bestonden onder andere uit het verstijfd raken en zich kwetsbaar voelen, waargenomen als aangeslagen en ontzet door partners. De verklaringen van aangeefsters zijn elk voor zich gedetailleerd en worden op essentiële onderdelen ondersteund door de inhoud van de verklaringen van elkaar en getuige [naam] . Uit hun verklaringen blijkt dat de werkwijze van verdachte tijdens de massage op essentiële punten overeenkomt. Verdachte masseerde bij beiden telkens gedurende enige tijd het lichaam en ging vervolgens over naar de borsten en schaamstreek. Hij zat aan hun onderbroeken en ging er met zijn hand in of onder het ondergoed. Hij zat met zijn vingers bij of in de vagina. Ook op 29 december 2024 ging verdachte over de grenzen, in dat geval van getuige [naam] . Ook hier zat hij aan trok hij de onderbroek naar beneden en ging met zijn vingers richting de vagina van [naam] . Door ingrijpen van [naam] , is dit niet verder gegaan. Ook komen de verklaringen van [slachtoffer 2] en [naam] overeen wat betreft het geven van verdachtes telefoonnummer.

De rechtbank is van oordeel dat er ook sprake is van dwang door het aanwenden van gezag en overwicht en onverhoeds handelen. Aangeefsters lagen bijna naakt op de behandeltafel in een massageruimte waarvan de deur gesloten was. Er was geen sprake van vrijwilligheid of instemming van aangeefsters met de gewraakte handelingen. In tegendeel. Zij gaven juist meermalen te kennen dat zij dit niet wilden, maar verdachte trok zich daar niets van aan. Verdachte was als masseur werkzaam in de [bedrijf] en had vanuit die functie gezag en overwicht. Dit had hij ook omdat hij naast de behandeltafel stond en aangeefsters daar bijna naakt op lagen. Uit de verklaringen van aangeefsters blijkt dat zij tijdens de massage werden overvallen door verdachte met zijn ontuchtige handelingen. Hierdoor is er sprake van onverhoeds handelen. Zelf na het verzet van aangeefster, door middel van het omhoog trekken van hun ondergoed, het opheffen van hun arm of het zeggen van “no thank you” ging verdachte na even te zijn gestopt opnieuw met zijn vingers naar hun vagina.

Dat verdachte opzet had op het ontuchtige karakter van de aan hem tenlastegelegde handelingen blijkt volgens de rechtbank uit het aantal ongepaste aanrakingen. De rechtbank ziet hierin redenen om aan te nemen dat de handelingen met opzet zijn gepleegd en niet per ongeluk gingen. Daarbij neemt de rechtbank mee dat verdachte tijdens de massage geen toestemming heeft gevraagd en er regels van de spa bestaan omtrent het niet aanraken van specifieke lichaamsdelen waarvan verdachte de rechtbank ter zitting heeft laten weten dat hij ook op de hoogte was van de gedragsregels.

Ten aanzien van de onder feit 2 primair tenlastegelegde verkrachting heeft de rechtbank niet de overtuiging dat de ontuchtige handelingen bij [slachtoffer 2] moeten worden gezien als binnendringen van het lichaam. De rechtbank zal verdachte daarom vrijspraken van verkrachting. De rechtbank kwalificeert deze handelingen als opzetaanranding.

Al het voorgaande brengt de rechtbank tot het oordeel dat de feiten 1 en 2 subsidiair wettig en overtuigend bewezen kunnen worden.

3. De bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder feit 1 en feit 2 subsidiair tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

1.hij op of omstreeks 10 januari 2025 te Laren, gemeente Laren met een persoon, te weten [slachtoffer 1] , een of meerdere seksuele handelingen, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam heeft verricht, te weten- het brengen van zijn vingers tussen de schaamlippen van die [slachtoffer 1] en/of- het betasten van de venusheuvel en/of de schaamlippen, althans de vulva van die [slachtoffer 1] met zijn vingers en/of- het betasten van de borsten en/of de tepels van die [slachtoffer 1] met zijn vingers,terwijl hij, verdachte, wist dat bij die [slachtoffer 1] daartoe de wil ontbrak, en welke opzetverkrachting werd voorafgegaan door, vergezeld van en/of gevolgd door dwang, geweld en/of bedreiging, door- voornoemde seksuele handelingen te verrichten terwijl die [slachtoffer 1] (als cliënt van hem, verdachte) een massagebehandeling door hem, verdachte, onderging en/of (bijna) naakt op de massagetafel lag en/of- (hierdoor) misbruik te maken van zijn positie als masseur ten opzichte van die [slachtoffer 1] , die (bijna) naakt op de massagetafel lag en/of (daardoor) zich in een kwetsbare positie ten opzichte van hem, verdachte, bevond en/of- voornoemde seksuele handelingen onverhoeds te verrichten en/of die [slachtoffer 1] hiermee te overrompelen en/of- voorbij te gaan aan de verbale en/of non-verbale signalen van verzet/weerstand van die [slachtoffer 1] en/of- (hierdoor) die [slachtoffer 1] in een zodanig weerloze en/of afhankelijke toestand te brengen dat die [slachtoffer 1] zich niet, althans onvoldoende aan voornoemde seksuele handelingen kon en/of durfde te onttrekken;

2, subsidiair.hij op of omstreeks 10 januari 2025 te Laren, gemeente Laren met een persoon, te weten [slachtoffer 2] , een of meerdere seksuele handelingen heeft verricht, te weten- het brengen van zijn vingers nabij/langs de clitoris van die [slachtoffer 2] en/of- het betasten van de venusheuvel, althans de vulva van die [slachtoffer 2] met zijn vingers en/of- het betasten van de borsten en/of de tepels van die [slachtoffer 2] met zijn vingers,terwijl hij, verdachte, wist dat bij die [slachtoffer 2] daartoe de wil ontbrak,en welke opzetaanranding werd voorafgegaan door, vergezeld van en/of gevolgd door dwang, geweld en/of bedreiging,door- voornoemde seksuele handelingen te verrichten terwijl die [slachtoffer 2] (als cliënt van hem, verdachte) een massagebehandeling door hem, verdachte, onderging en/of (bijna) naakt op de massagetafel lag en/of- (hierdoor) misbruik te maken van zijn positie als masseur ten opzichte van die [slachtoffer 2] , die (bijna) naakt op de massagetafel lag en/of (daardoor) zich in een kwetsbare positie ten opzichte van hem, verdachte, bevond en/of- voornoemde seksuele handelingen onverhoeds te verrichten en/of die [slachtoffer 2] hiermee te overrompelen en/of- voorbij te gaan aan de verbale en/of non-verbale signalen van verzet/weerstand van die [slachtoffer 2] en/of- (hierdoor) die [slachtoffer 2] in een zodanig weerloze en/of afhankelijke toestand te brengen dat die [slachtoffer 2] zich niet, althans onvoldoende aan voornoemde seksuele handelingen kon en/of durfde te onttrekken.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4. De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

feit 1:

opzetverkrachting vergezeld van dwang;

feit 2, subsidiair:

opzetaanranding vergezeld van dwang.

5. De strafbaarheid van de feiten

De feiten zijn strafbaar.

6. De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7. De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 40 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren. De officier van justitie verzoekt de rechtbank tot slot aan verdachte een beroepsverbod op te leggen voor uitoefening van het beroep van masseur.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft geen verweer gevoerd ten aanzien van de strafmaat. De raadsman heeft verzocht rekening te houden met het opgestelde reclasseringsrapport en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.

De beoordeling door de rechtbank

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan opzetverkrachting en opzetaanranding van aangeefsters. Hoewel de seksuele handelingen van verschillende aard en ernst zijn heeft verdachte bij beide vrouwen door zijn onverhoeds en grensoverschrijdend handelen, het in hem gestelde vertrouwen als masseur ernstig beschaamd. Hij heeft geen oog gehad voor de gevolgen die zijn gedrag zou kunnen hebben voor deze vrouwen. Hij heeft met zijn handelen ernstig inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van beide vrouwen.

Uit de justitiële documentatie van verdachte blijkt dat hij niet eerder voor soortgelijke strafbare feiten is veroordeeld.

De rechtbank heeft kennis genomen van het reclasseringsrapport van 13 november 2025. Verdachte woont ongeveer tien jaren in Nederland, heeft een relatie, woont zelfstandig, heeft sociale contacten en er zijn geen problemen op financieel gebied of op het gebied van middelengebruik. Er zijn daarnaast geen aanwijzingen voor seksuele problemen of problemen op het gebied van agressieregulatie. Verdachte heeft wel emotionele en psychische problemen waarvoor hij behandeling volgt. De verdediging heeft daarbij met name angststoornissen genoemd. Maar de rechtbank ziet vooralsnog geen relatie tussen een eventuele angststoornis en verdachtes handelen.

Het is onbekend of de ten laste gelegde feiten voortkomen uit deze problemen, maar verdachte ervaart hierdoor wel stress en fysieke klachten, aldus de reclassering. Verdachte heeft problemen op het gebied van werk door fysieke klachten en doordat hij zijn werk is kwijtgeraakt vanwege de verdenkingen. De kans op recidive met een seksueel delict wordt ingeschat op matig-laag. Dit betekent dat er geen toezicht en interventies binnen een juridisch kader geïndiceerd zijn. Geadviseerd wordt om een straf zonder bijzondere voorwaarden op te leggen.

Gelet op het voorgaande en op de ernst van de feiten acht de rechtbank enkel een gevangenisstraf passend. De rechtbank heeft bij de strafoplegging rekening gehouden met de straffen die rechters in soortgelijke zaken opleggen en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. De rechtbank zal aan verdachte een gevangenisstraf opleggen voor de duur van 18 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaren. De straf is lager dan door de officier van justitie geëist. De rechtbank komt tot een andere bewezenverklaring en is van oordeel dat met deze straf recht wordt gedaan aan de mate van grensoverschrijdend gedrag van verdachte en wordt hiermee tevens aan verdachte duidelijk gemaakt dat hij niet in herhaling moet vallen.

Daarnaast zal de rechtbank verdachte als bijkomende straf een beroepsverbod opleggen om als masseur werkzaam te zijn, nu de bewezenverklaarde feiten tijdens de uitoefening van zijn beroep als masseur zijn begaan. Deze bijkomende straf wordt, uit een oogpunt van preventie en om mogelijke recidive te voorkomen opgelegd voor een termijn van vijf jaren.

8. De beoordeling van de civiele vorderingen

[slachtoffer 1]

De benadeelde partij [slachtoffer 1] heeft in verband met het onder feit 1 tenlastegelegde een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 2.500,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente. Verder is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.

[slachtoffer 2]

De benadeelde partij [slachtoffer 2] heeft in verband met het onder feit 2 tenlastegelegde een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 2.500,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente. Verder is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.

Standpunten

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vorderingen van de benadeelde partijen kunnen worden toegewezen, met toekenning van de wettelijke rente, en vordert oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat bij een bewezenverklaring de vorderingen dienen te worden gematigd.

Overweging van de rechtbank

Op basis van de genoemde bewijsmiddelen en wat ter zitting over de vordering is besproken, stelt de rechtbank vast dat de benadeelde partijen door het bewezenverklaarde immateriële schade hebben geleden die binnen een van de categorieën van artikel 6:106 van het Burgerlijk Wetboek valt. Met het bewezenverklaarde handelen heeft verdachte een ernstige inbreuk gemaakt op het recht op eerbiediging van de lichamelijke integriteit van de benadeelde partijen en zijn de benadeelden op andere wijze in de persoon aangetast. Dit is aan verdachte toe te rekenen. De rechtbank houdt rekening met de aard en de ernst van de feiten en de bedragen die Nederlandse rechters in vergelijkbare gevallen toewijzen. Naar maatstaven van billijkheid zal zij immateriële schade vaststellen op € 1.500,-. Voor het overige verklaart de rechtbank de benadeelde partijen niet-ontvankelijk in de vordering tot immateriële schade.

Verdachte is vanaf 10 januari 2025 wettelijke rente over de toegewezen bedragen verschuldigd.

De rechtbank ziet aanleiding om op grond van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte op te leggen. Verdachte wordt verplicht de aan de benadeelde partijen toegewezen bedragen aan de Staat te betalen. Eventueel toegekende proceskosten zijn daar niet bij inbegrepen.

9. De toegepaste wettelijke bepalingen

De oplegging van de straf en/of maatregel is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 31, 36f, 57, 241 en 243 van het Wetboek van Strafrecht.

10. De beslissing

De rechtbank:

 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 (achttien) maanden;

 bepaalt dat een gedeelte van deze gevangenisstraf, te weten 12 (twaalf) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van drie jaren schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit;

 Ontzet de verdachte van het recht tot uitoefening van het beroep van masseur voor de duur van 5 (vijf) jaren.

De beslissing op de vorderingen van de benadeelde partijen

 verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 1] voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering tot immateriële schade;

 legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van benadeelde partij [slachtoffer 1] , een bedrag te betalen van € 1.500,- aan immateriële schade. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 10 januari 2025 tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als dit bedrag niet wordt betaald, kunnen 15 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;

 bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partij in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;

 verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 2] voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering tot immateriële schade;

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. F.J.H. Hovens
  • mr. R.M.H. Pennings

Griffier

  • mr. E. Wisseborn

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?