13. Maximale geurbelastingen
18. rendementsmeting luchtwasser(s)
Vanuit de Inrichting mag de gemiddelde jaarlijkse geurbelasting, berekend met V-stacks vergunningen versie 2020, niet meer bedragen dan aangeven in de onderstaande tabel:
14.De inrichtinghouder Is verplicht maatregelen te treffen om ervoor te zorgen dat de maximale voorgrondbelasting niet overschreden wordt. wanneer uit metingen blijkt (zie voorschrift 13.1.) dat het geurverwijderingsrendement lager Is dan 65%, moet de inrichtinghouder binnen 2 weken na het bekend worden van de resultaten van de geurrendementsmeting de geuremissie verlaagd hebben zodat aantoonbaar weer aan voorschrift 10 voldaan wordt.
Dit kan betekenen dat tijdelijk minder dieren gehouden mogen worden totdat de luchtwasser het vereiste rendement weer haalt.
Voorschriften het veranderen van een inrichting (milieu)
[…]
Uiterlijk zes maanden na het in werking treden van de vergunning, of na ingebruikname van de betreffende stal, moet met een geurrendementsmeting het geurverwijderingsrendement van de luchtwassers bij de stallen met de C, Den F worden aangetoond. Deze meting moet onder representatieve bedrijfscondities plaatsvinden.
Een afschrift van de geurrendementsmeting met vermelding van de bedrijfscondities moet binnen een maand na de meting aan het bevoegd gezag worden getoond. Tot de gegevens van de bedrijfscondities behoren onder meer het ventilatiedebiet, het aantal aanwezige dieren in de betreffende stal en de geregistreerde parameters in de elektronische monitoring van de luchtwasser.
De geurrendementsmeting moet om de 2 jaar worden herhaald In een ander seizoen dan de vorige 3.
De geurrendementsmeting bestaat uit een meting van de geurconcentratie in zowel de ventilatielucht voor als de ventilatielucht na de wasser (het verschil over deze twee concentraties bepaalt het rendement).
De meting van de geurconcentratie moet worden uitgevoerd conform het VERA-testprotocol: Huisvestings- en managementsystemen voor stallen.
Een andere toegestane methode Is de NTA 9065.
Het VERA-testprotocol is te vinden op: [website].
Het protocol: Huisvestings- en managementsystemen voor stallen Is ook gebruikt door de WuR In Wageningen voor de rapporten aangaande de geurverwijdering door luchtwassvstemen bij stallen.
Wanneer met deze geurrendementsmeting een lager geurverwijderingsrendement wordt aangetoond dan Is opgenomen in de systeembeschrijving van het betreffende luchtwassysteem moet binnen 4 weken de werking van deze luchtwasser worden gecontroleerd. Eventuele aanpassingen moeten binnen 8 weken zijn gerealiseerd. Deze aanpassing moet erop zijn gericht om de goede werking van de luchtwasser te waarborgen (dat de luchtwasser wel minimaal een geurverwijdering levert zoals dat In de systeembeschrijving van het betreffende luchtwassysteem is opgenomen).
[…]
II. Wijzigingsbesluit 2 juni 2025
Voorschriften
Handelingen in strijd met regels ruimtelijke ordening
Aan de omgevingsvergunning van 17 februari 2023, met kenmerk [kenmerk] worden voorschrift 14 en de gehele paragraaf 18
(geurrendementsmeting) als volgt gewijzigd:
12: Eens per 2 jaar dient de vergunninghouder een geurrapportage op te stellen waaruit duidelijk wordt of de geurnormen van voorschrift 13. al dan niet overschreden worden. Hierbij dient men uit te gaan van het geurreductiepercentage die tijdens de geurrendementsmeting (voorschrift 18.1) is vastgesteld. De volgende situaties dienen berekend te worden:
- Dieraantallen conform de maximaal toegestane aantallen;
- Het gemiddelde dieraantal per diercategorie in de periode tussen realisatie van het project en de rendementsmeting Of de periode tussen 2 rendementsmetingen;
- Dieraantallen gebaseerd op de hoogste geuremissie die de inrichting heeft veroorzaakt na realisatie van het project.
14: De vergunninghouder is verplicht maatregelen te treffen om ervoor te zorgen dat de maximale voorgrondbelasting (voorschrift 13) niet overschreden wordt. Wanneer uit het geuronderzoek (voorschrift 12) blijkt dat niet aan de geurnormen wordt voldaan, moet binnen 2 weken na het bekend worden van de resultaten van het geuronderzoek de geuremissie verlaagd hebben zodat aantoonbaar weer aan voorschrift 13 voldaan wordt.
Toelichting
Dit kan betekenen dat tijdelijk minder dieren gehouden mogen worden totdat de geurbelasting op de betreffende woningen niet meer overschreden worden.
Het veranderen van een inrichting
18. rendementsmeting luchtwasser(s)
Uiterlijk zes maanden na het in werking treden van de vergunning, of na ingebruikname van de betreffende stal, moet met een geurrendementsmeting het geurverwijderingsrendement van de luchtwassers bij de stallen met de C, Den F worden aangetoond. Deze meting moet onder representatieve bedrijfscondities plaatsvinden.
Een afschrift van de geurrendementsmeting met vermelding van de bedrijfscondities moet binnen een maand na de meting aan het bevoegd gezag worden getoond. Tot de gegevens van de bedrijfscondities behoren onder meer het ventilatiedebiet, het aantal aanwezige dieren in de betreffende stal en de geregistreerde parameters in de elektronische monitoring van de luchtwasser,
De geurrendementsmeting moet om de 2 jaar worden herhaald in een ander seizoen dan de vorige 3.De geurrendementsmeting bestaat uit een meting van de geurconcentratie in zowel de ventilatielucht voor als de ventilatielucht na de wasser (het verschil over deze twee concentraties bepaalt het rendement).
De meting van de geurconcentratie moet worden uitgevoerd conform het VERA-testprotocol: Huisvestings- en managementsystemen voor stallen of volgens de NTA 9065 Een andere testmethode is toegestaan na goedkeuring van, of namens het bevoegd gezag
Toelichting
Het VERA-testprotocol is te vinden op: [website] .
Het protocol: Huisvestings- en managementsystemen voor stallen is ook
gebruikt door de WuR in Wageningen voor de rapporten aangaande de qeurverwijderinq door luchtwassystemen bij stallen.
Wanneer met deze geurrendementsmeting een lager geurverwijderingsrendement wordt aangetoond dan is opgenomen in de systeembeschrijving van het betreffende luchtwassysteem (BWL2009.12.V5, te weten 45% geurreductie) moet binnen 4 weken de werking van deze luchtwasser worden gecontroleerd. Eventuele aanpassingen moeten binnen 8 weken zijn gerealiseerd. Deze aanpassing moet erop zijn gericht om de goede werking van de luchtwasser te waarborgen (dat de luchtwasser wel minimaal een geurverwijdering levert zoals dat in de systeembeschrijving van het betreffende luchtwassysteem is opgenomen).
Toelichting
Bij de beoordeling voor de gevolgen voor het milieu van geur voor een vergunningplichtige inrichting (artikel 2.1 lid 1 onder e Wabo) is de Wet geurhinder en veehouderij en de Regeling geurhinder en veehouderij van belang. Sta/systeembeschrijving BWL2009.12. V5 beschrijft een geurverwijderingspercentage van 45%.
Vaste jurisprudentie geeft aan dat bij de beoordeling van geur voor de activiteit "het oprichten of veranderen van een inrichting" afwijken van de verwijderingspercentages in zowel de Regeling geurhinder en veehouderij, als de sta/beschrijvingen niet is toegestaan.
Vanuit de activiteit "Handelingen in strijdt met regels ruimtelijke ordening" geldt een minimale geurreductie van 65%
Van een innerlijke tegenstrijdigheid binnen deze (gewijzigde) vergunning is geen sprake. Doordat de inrichting aan zowel de RO-voorschriften (met een geurreductiepercentage van 65%) als aan de voorschriften voor milieu (geurreductiepercentage 45%) voldaan moet worden, zal in de praktijk 65% geurreductie gelden. Er wordt dan ook aan de 45% geurreductie voldaan.
[…]