RECHTBANK GELDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Apeldoorn
Zaaknummer: 11716898 \ CV EXPL 25-1585
Vonnis van 10 december 2025
in de zaak van
GEMEENTE APELDOORN,
te Apeldoorn,
eisende partij,
hierna te noemen: Gemeente Apeldoorn,
gemachtigde: Gerechtsdeurwaarderskantoor Karreman B.V.,
tegen
1. [gedaagde sub 1] , 2. [gedaagde sub 2] ,
te [woonplaats] ,
gedaagde partijen,
hierna samen te noemen: [gedaagden] ,
procederend in persoon.
1. 1. Kern van de zaak
[gedaagden] zijn afkomstig uit Oekraïne. Zij hebben enige maanden in de gemeentelijke opvang aan de [adres 1] gewoond. Gemeente Apeldoorn heeft aan [gedaagden] , op grond van de Regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO) een eigen bijdrage voor deze opvang opgelegd, die door [gedaagden] niet (geheel) betaald is. De zaak is tijdens de mondelinge behandeling tegelijk behandeld met enkele andere procedures waarin ook de eigen bijdrage op basis van de RooO centraal stond en de betrokken Oekraïense gedaagde partij klachten had geuit over de kwaliteit van de opvang en/of de maaltijden op de opvanglocatie.
Centraal staat de vraag of hier sprake is van een rechtmatige regeling die een onrechtvaardige uitkomst geeft. Zeker sinds de ‘toeslagenaffaire’ is een dergelijke vraag gerechtvaardigd. De opgeworpen vraag wordt met ‘nee’ beantwoord.
2. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:- de dagvaarding van 19 mei 2025,- de conclusies van antwoord, repliek en dupliek.- de rolbeslissing van 3 september 2025,
- de akte overlegging producties van de zijde van Gemeente Apeldoorn,
- de mondelinge behandeling van 6 november 2025 waarvan door de griffier aantekening is gehouden.
Ten slotte is vonnis bepaald.
3. De feiten
Gemeente Apeldoorn heeft aan [gedaagden] een brief (hierna: het besluit) gestuurd, gedateerd op 1 november 2024, waarin, voor zover van belang, het volgende is opgenomen:“(…) Uit onze gegevens blijkt dat u woont in de opvang van de gemeente Apeldoorn. Vanaf 1 oktober 2024 moeten volwassen vluchtelingen uit Oekraïne in de gemeentelijke opvang een eigen bijdrage betalen voor gas, water, elektriciteit en aangeboden maaltijden. Dit zijn wettelijke regels en vaste bedragen die gelden voor iedere volwassen vluchteling uit Oekraïne met inkomsten, bijvoorbeeld omdat zij werken of een uitkering krijgen.
Uw gezin bestaat volgens onze gegevens uit de volgende personen:
[gedaagde sub 1]
[gedaagde sub 2]
Kloppen deze gegevens niet, neem dan binnen 7 dagen contact op met leefgeld@apeldoorn.nl .
In deze brief leest u ons besluit.
U moet een eigen bijdrage betalen
U moet vanaf 1 oktober 2024 € 694,96 per maand betalen. Dit bedrag bestaat uit € 210,00 per maand voor gas, water en elektriciteit en € 484,96 per maand voor de maaltijden die worden aangeboden op uw opvanglocatie. Eerder informeerden wij u per brief over de hoogte van uw eigen bijdrage. Omdat u geen verzoek tot herbeoordeling heeft ingediend gaan wij ervan uit dat u voldoende inkomen hebt om de eigen bijdrage te kunnen betalen. (…)
Inlichtingenplicht
U bent verplicht om wijzigingen in uw situatie direct, maar uiterlijk binnen 14 dagen, door te geven indien dit gevolgen geeft voor de hoogte van uw eigen bijdrage. (…)
U kunt de wijzigingen doorgeven op het e-mailadres leefgeld@apeldoorn.nl . De hoogte van de te betalen eigen bijdrage wordt dan opnieuw beoordeeld.
Niet eens met het besluit
Bent u het niet eens met de inhoud van dit besluit? Dan kunt binnen 6 weken na de verzenddatum van het besluit bezwaar indienen. Dat kan via het formulier op www.apeldoorn.nl/bezwaarschrift of naar dit postadres: (…)
Meer weten?
Heeft u vragen over deze brief? Mail uw vraag dan naar leefgeld@apeldoorn.nl of bel één van de medewerkers van team leefgeld Oekraïne via telefoonnummer 14 055. (…)”
[gedaagden] hebben voor de periode november 2024 tot en met januari 2025 de eigen bijdrage van in totaal € 2.104,28 niet betaald.
4. Het geschil
Gemeente Apeldoorn vordert - samengevat - voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, de veroordeling van [gedaagden] tot:
1. betaling van een bedrag van € 2.490,52,
2. betaling van de lopende termijnen (inclusief indexering) vanaf 1 februari 2025 tot aan het einde van de verplichting,
3. betaling van de proceskosten.
Gemeente Apeldoorn legt aan de vordering het volgende ten grondslag. [gedaagden] zijn betaling van de maandelijkse eigen bijdrage verschuldigd vanuit de Regeling opvang ontheemden Oekraïne (RooO). De eigen bijdrage ziet op gas, water en elektra en op de aangeboden maaltijden. [gedaagden] hebben deze bijdragen, ondanks aanmaningen daartoe, tot een bedrag van € 2.104,28 niet betaald. Gemeente Apeldoorn heeft buitengerechtelijke incassokosten moeten maken tot een bedrag van
€ 381,92 (inclusief BTW). Het is te vrezen dat [gedaagden] ook voor toekomstige termijnen zullen tekortschieten in de nakoming van hun betalingsverplichting.
[gedaagden] voeren verweer en concluderen tot afwijzing van de vorderingen van Gemeente Apeldoorn.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
5. De beoordeling
Het gaat in deze procedure om de verschuldigdheid van de eigen bijdrage die aan [gedaagden] is opgelegd bij het onder 3.1 genoemde besluit van 1 november 2024. In de RooO is vastgelegd dat de ontheemden, als zij over bepaalde financiële middelen beschikken, een bijdrage moeten betalen voor de opvang. Dit betreft een vergoeding voor het gebruik van gas, water en elektriciteit en een maaltijdvergoeding in het geval de opvanglocatie maaltijden aanbiedt. De gemeentes zijn in beginsel verplicht om de eigen bijdrage van de ontheemden te innen. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen ontheemden die wel en ontheemden die geen gebruik maken van de maaltijdvoorzieningen.
[gedaagden] hebben aangevoerd dat zij de eigen bijdrage die ziet op de aangeboden maaltijden niet willen betalen, maar het gedeelde voor de nutsvoorzieningen wel. Zij stellen dat [gedaagde sub 1] chronisch ziek is en dat de aangeboden maaltijden zijn klachten verergerden. Zij maken bijna een gebruik van de maaltijden, omdat die niet voldoen aan het minimale niveau en ook vanwege hun werkroosters. Voorts voeren zij aan dat de leefomstandigheden bij de opvanglocatie onvoldoende zijn vanwege slechte sanitaire voorzieningen.
Vast staat dat [gedaagden] geen bezwaar hebben gemaakt tegen het besluit van 1 november 2024. Evenmin hebben zij eventuele wijzigingen in hun persoonlijke of financiële omstandigheden, die van invloed konden zijn op de hoogte van de eigen bijdrage, aan Gemeente Apeldoorn doorgegeven. Omdat zij dit niet hebben gedaan, terwijl daarvoor wel bestuursrechtelijke rechtsmiddelen openstonden, kan er van uit worden gegaan dat het besluit formele rechtskracht heeft gekregen. Dat betekent dat dit besluit in rechte niet meer kan worden aangevochten. In dat geval moet in deze procedure worden uitgegaan van de rechtmatigheid daarvan en zijn [gedaagden] de gevorderde eigen bijdrage van € 2.104,28 in beginsel aan Gemeente Apeldoorn verschuldigd.
Het besluit heeft slechts formele rechtskracht als sprake is geweest van een reële mogelijkheid om gebruik te maken van (bestuursrechtelijke) rechtsmiddelen en daarvan niet met succes gebruik is gemaakt. Er kunnen zich situaties voordoen waarin ontheemden, zoals [gedaagden] , feitelijk geen reële kans hebben om hun weg te vinden naar de bezwaar- en beroepsprocedure. Het is de vraag of de formele rechtskracht dan met succes kan worden tegengeworpen. Die vraag doet zich ook voor wanneer de uitvoering van het besluit zodanig is dat het in strijd komt met de redelijkheid en billijkheid (bijvoorbeeld omdat de aangeboden voorzieningen onaanvaardbaar slecht zijn). Artikel 2b RooO verplicht de gemeentes ook om maatwerk te leveren wanneer toepassing van de bijdrageplicht tot onevenredige gevolgen leidt voor een individuele ontheemde.
Uit de door Gemeente Apeldoorn ter zitting gegeven toelichting volgt dat wanneer een bewoner de eigen bijdrage niet heeft betaald, er eerst e-mails worden gestuurd met de vraag wat er aan de hand is. Er worden ook betalingsregelingen voorgesteld. Daarna pas wordt overgegaan tot aanmaning en tot slot wordt de vordering aan de deurwaarder overgedragen. Verder is gebleken dat Gemeente Apeldoorn alle brieven ook in het Oekraïens heeft verstrekt en dat er coördinatoren aanwezig zijn op de opvanglocatie die als (eerste) aanspreekpunt voor de bewoners dienen. De bewoners worden voor begeleiding en hulpvragen ook doorverwezen naar de wijkteams van “Samen 055” en daarnaast zijn er e-mailadressen (van onder meer Leefgeld Apeldoorn) die laagdrempelig te bereiken zijn. Bij Leefgeld Apeldoorn is een Oekraïens sprekende medewerker die bewoners te woord kan staan. Gelet hierop hadden [gedaagden] door middel van de gegeven handreikingen hun weg tot de bezwaar- en beroepsprocedure moeten kunnen vinden.
Het is ook niet gebleken dat de uitvoering van het besluit door Gemeente Apeldoorn tot onredelijke of onbillijke situaties leidt. Gemeente Apeldoorn heeft gemotiveerd uiteengezet dat het, onder meer vanwege de omvang van de opvanglocatie en brandveiligheidseisen, niet mogelijk is om inpandig sanitair of kookvoorzieningen te realiseren. Om die reden heeft zij een professioneel cateringbedrijf ingeschakeld, dat ook rekening kan houden met dieetwensen en beperkte mogelijkheden biedt tot het verstrekken van een lunchpakket. Ook is gebleken dat het in verband met de administratie en de grote hoeveelheid mensen op de opvanglocatie niet mogelijk is om de bijdrage voor de gas, water elektriciteit en de bijdrage voor het eten te splitsen. Onvoldoende is komen vast te staan dat de kwaliteit van de voedselvoorzieningen zodanig onder de maat is, dat daardoor sprake zou zijn van een onredelijke of onbillijke situatie.
Tot slot wordt vastgesteld dat [gedaagden] geen beroep hebben gedaan op de hardheidsclausule uit de RooO, zodat Gemeente Apeldoorn ook geen maatwerk heeft kunnen leveren als de bijdrageplicht voor hen tot onevenredig nadelige gevolgen zou leiden.
Gelet op het hiervoor overwogen, wordt uitgegaan van de formele rechtskracht van het besluit en leidt de uitvoering daarvan niet tot een maatschappelijk onaanvaardbaar gevolg. Dat betekent dat [gedaagden] zullen worden veroordeeld om de aan hem opgelegde eigen bijdrage voor een bedrag van € 2.104,28 aan Gemeente Apeldoorn te betalen. Tegen de vordering met betrekking tot de toekomstige termijnen is door [gedaagden] geen afzonderlijk verweer gevoerd, zodat deze ook toegewezen kan worden.
Gemeente Apeldoorn vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De gevorderde vergoeding is in overeenstemming met het tarief in het Besluit en is daarom redelijk. Daarom zal een bedrag van € 381,92 (inclusief BTW) worden toegewezen, zoals in het lichaam van de dagvaarding genoemd. Het in de vordering opgenomen bedrag van € 386,24 wordt als een kennelijke rekenfout beschouwd.
[gedaagden] zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De kosten voor het bijwonen van de mondelinge behandeling worden, gelet op het aantal tegelijk behandelde en inhoudelijk nagenoeg gelijke zaken, gedeeld door vier. De proceskosten van Gemeente Apeldoorn worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
146,14
- griffierecht
€
385,00
- salaris gemachtigde
€
459,00
(2,25 punten × € 204,00)
- nakosten
€
102,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
1.092,14.
De veroordeling wordt (deels) hoofdelijk uitgesproken. Dat betekent dat iedere veroordeelde kan worden gedwongen het hele bedrag te betalen. Als de één (een deel) betaalt, hoeft de ander dat (deel van het) bedrag niet meer te betalen.
6. De beslissing
De kantonrechter
veroordeelt [gedaagden] hoofdelijk om aan Gemeente Apeldoorn te betalen een bedrag van € 2.104,28,
veroordeelt [gedaagden] hoofdelijk om aan Gemeente Apeldoorn, tegen behoorlijke bewijs van kwijting, de lopende termijnen (inclusief indexering) vanaf 1 februari 2025 te voldoen tot aan het einde van de verplichting,
veroordeelt [gedaagden] om aan Gemeente Apeldoorn te betalen een bedrag van € 381,92 (inclusief BTW) aan buitengerechtelijke kosten,
veroordeelt [gedaagden] hoofdelijk in de proceskosten van € 1.092,14, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagden] niet tijdig aan de veroordelingen voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. M. Engelbert-Clarenbeek en in het openbaar uitgesproken op 10 december 2025.
(LL)