ECLI:NL:RBGEL:2025:11292

ECLI:NL:RBGEL:2025:11292, Rechtbank Gelderland, 19-11-2025, C/05/457944 / HA ZA 25-423

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 19-11-2025
Datum publicatie 05-01-2026
Zaaknummer C/05/457944 / HA ZA 25-423
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Arnhem

Samenvatting

Verstekvonnis. De gevorderde boete, en de wettelijke rente daarover, is toewijsbaar. Dat de werkelijk geleden schade hoger is dan de boete is niet onderbouwd, zodat het gevorderde in zoverre wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK Gelderland

Civiel recht

Zittingsplaats Arnhem

Zaaknummer: C/05/457944 / HA ZA 25-423

Vonnis van 19 november 2025

in de zaak van

[eiser] ,

wonende te [woonplaats] ,

eisende partij,

hierna te noemen: [eiser] ,

advocaat: mr. K. Çolakoglu te Zoetermeer,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde] ,

niet verschenen.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding;

- het tegen [gedaagde] verleende verstek.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De beoordeling

[eiser] heeft gevorderd zoals is vermeld in de dagvaarding waarmee deze procedure is ingeleid. De inhoud van deze dagvaarding moet als hier herhaald en ingelast worden beschouwd.

De vordering komt de rechtbank niet onrechtmatig of ongegrond voor, behoudens voor zover hierna anders wordt overwogen. Het gevorderde zal als volgt worden toegewezen.

[eiser] vordert een bedrag van € 14.825,15 voor aanvullende schadevergoeding op basis van artikel 11.2 van de koopovereenkomst. Op basis van deze bepaling moet [gedaagde] een aanvullende schadevergoeding betalen als de daadwerkelijk door [eiser] geleden schade hoger is dan de onmiddellijk opeisbare boete. [eiser] heeft niet gesteld dat de daadwerkelijk geleden schade het boetebedrag van € 125.000,00 overstijgt. Om die reden wijst de rechtbank deze vordering af.

De gevorderde rente over de hoofdsom kan slechts worden toegewezen met ingang van 22 januari 2025. [eiser] heeft gesteld dat hij [gedaagde] op 16 januari 2025 heeft gesommeerd de boete binnen 5 dagen te betalen. Dit heeft [gedaagde] niet gedaan, dus verkeerde hij vanaf 22 januari 2025 in verzuim ten aanzien van de betaling van de boete. Vanaf 22 januari 2025 is [gedaagde] derhalve wettelijke rente verschuldigd over het boetebedrag.

[eiser] vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). [eiser] heeft voldoende gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. [eiser] heeft daarom recht op een vergoeding voor de kosten van die werkzaamheden. [eiser] heeft het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten vermeerderd met btw. Omdat [eiser] geen ondernemer is, wordt de vergoeding verhoogd met btw. Daarom zal een bedrag van € 2.450,25 worden toegewezen.

[gedaagde] is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

146,14

- griffierecht

2.723,00

- salaris advocaat

1.929,00

(1 punt × € 1.929,00)

- nakosten

178,00

(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

4.976,14.

3. De beslissing

De rechtbank

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen een bedrag van € 125.000,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 22 januari 2025, tot de dag van volledige betaling,

veroordeelt [gedaagde] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 2.450,25 aan buitengerechtelijke kosten,

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 4.976,14, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordeling voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.A. van den Toorn en op 19 november 2025 in het openbaar uitgesproken en ondertekend door mr. K. van Vlimmeren-van Ommen.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?