RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats: Zutphen
Parketnummer: 05/119904-22
Datum uitspraak: 27 juni 2025
Beslissing van de meervoudige kamer als bedoeld in artikel 6:6:10 van het Wetboek van Strafvordering
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[betrokkene], (hierna: betrokkene)
geboren op [geboortedatum] 1991 in [geboorteplaats],
verblijvende in de Forensisch Psychiatrische Kliniek (FPK) [FPK] aan de [adres] ([postcode]) in [plaats].
Raadsman mr. A.J. Sprey, advocaat in Amsterdam.
Procedure
Betrokkene is op 23 mei 2023 bij vonnis van de rechtbank Gelderland veroordeeld tot terbeschikkingstelling met voorwaarden. Deze maatregel is ingegaan op 26 mei 2023.
Bij vordering van 14 april 2025, ingekomen op diezelfde datum, heeft de officier van justitie gevorderd dat deze maatregel wordt verlengd voor de duur van twee jaren.
De rechtbank heeft verder kennisgenomen van de volgende processtukken:
- het adviesrapport van de reclassering van 27 maart 2025, waarin wordt geadviseerd de terbeschikkingstelling met voorwaarden te verlengen met een twee jaren;
- een afschrift van de voortgangsverslagen;
- het advies van de psychiater van 18 januari 2025, waarin wordt geadviseerd de terbeschikkingstelling met voorwaarden te verlengen met twee jaren.
Ter zitting van 13 juni 2025 zijn gehoord:
- betrokkene;
- zijn raadsman mr. A.J. Sprey;
- de reclasseringswerker, en
- de officier van justitie.
De standpunten
De officier van justitie heeft de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling ter zitting aangepast tot verlenging met één jaar. Zij heeft aangevoerd dat er goed dient te worden gekeken naar wat een passende plek is voor betrokkene. Er dient goede diagnostiek te komen. Over één jaar kan gekeken worden wat er is veranderd en wat er is gedaan.
De raadsman van betrokkene heeft gepleit voor een beperking van de verlenging met één jaar. Daarbij is aangevoerd dat de huidige behandeling en medicatie van betrokkene niet aanslaan. Betrokkene heeft tevens autisme en moet daarom naar een andere (gespecialiceerde) plek toe. Een plek waar zij hem beter kunnen begeleiden.
De beoordeling
Indexdelict
De terbeschikkingstelling is opgelegd vanwege belaging.
Stoornis
Uit het rapporten van de reclassering en de psychiater blijkt dat betrokkene lijdt aan een waanstoornis en daarnaast aan een autismespectrumstoornis zonder bijkomende verstandelijke beperking en zonder taalstoornis die substantiële ondersteuning behoeft.
De stoornissen zijn nog altijd aanwezig.
Verloop van de maatregel
In het advies van de reclassering staat -onder meer- het volgende vermeld:
“Betrokkene voelt zich benadeeld door de tbs-maatregel die hem is opgelegd. Hij blijft volharden in zijn gedachtegoed dat het slachtoffer en hij ooit samen zullen zijn. Er is besef dat hij haar niet meer mag benaderen, maar hij houdt zich hardnekkig vast aan het idee dat contact in de spirituele wereld misschien wel tot stand gaat komen.
Betrokkene zegt mee te willen werken aan de voorwaarden, zoals begeleid wonen of het volgen van een dagbesteding, echter is deze motivatie niet intrinsiek. Ondanks het feit dat hij door alle betrokkenen voortdurend wordt gemotiveerd zich te conformeren aan de voorwaarden, is het zijn rigide denkwijze die steeds de overhand neemt. De rigiditeit hangt samen met de diagnoses die door de deskundigen zijn gesteld. Betrokkene is sinds 7 december 2023 voor een klinische behandeling opgenomen bij FPK [FPK] in [plaats]. Volgens zijn behandelaren kan er nog niet worden gesproken van een behandeling omdat betrokkene hier onvoldoende aan mee werkt. Het ontbreekt betrokkene aan probleembesef en ziekte-inzicht, waardoor hij het nut en de noodzaak van een behandeling niet in ziet. Alleen door intensieve externe motivatie van zijn behandelaar,
begeleiding, reclassering en betrokken familie doet betrokkene wat er van hem wordt gevraagd, maar vaak is dit van korte duur.(…)”
Uit de toelichting van de deskundige ter zitting blijkt dat betrokkene behoorlijk weerstand heeft tegen de behandeling. Behandeling levert daardoor weinig rendement op en heeft weinig effect. In die zin is het lastig om de behandeling vorm te geven. Het plan van het verloop is afhankelijk of er een verlenging van de maatregel komt. Het is in [FPK] lastig om de volgende stappen in de behandeling te zetten. Er kan gekeken worden naar overplaatsing naar een afdeling die meer gespecialiseerd is in autisme. Dit valt en staat echter ook met de medewerking van betrokkene. Er is verdiepingsdiagnostiek aangevraagd. Aan de hand van de uitkomst van deze diagnostiek zal er een plan opgesteld worden.
Recidivegevaar
Uit het rapport van de psychiater blijkt -onder meer- het volgende:
“Het gestructureerd klinisch oordeel van ondergetekende luidt dat op een driepuntsschaal (hoog-matig-laag) dient te worden gesproken van een hoog risico op nieuw grensoverschrijdend gedrag, overigens niet per se fysiek-gewelddadig van aard, indien de terbeschikkingstelling met voorwaarden van betrokkene mocht worden beëindigd. Het risico op volharding en een terugval (in het stalkinggedrag) en op psychosociale schade bij betrokkene is wel in verhoogde mate aanwezig.”
Uit het rapport van de reclassering blijkt dat zij het actuele risico op recidive inschatten als hoog.
Hieruit blijkt dat de kans op herhaling bij onmiddellijke beëindiging van de terbeschikkingstelling onverminderd groot is.
Conclusie
Op grond van het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen, de algemene veiligheid van personen dan wel de algemene veiligheid van goederen de verlenging van de maatregel eist.
Uit de rapporten van de reclassering en de psychiater en de toelichting van de deskundige ter zitting blijkt dat de behandeling van betrokkene momenteel niet voortvarend gaat. Er wordt gekeken naar de mogelijkheden voor een andere plek voor betrokkene. Daarnaast zal er de komende tijd verdiepingsdiagnostiek worden uitgevoerd en aan de hand van de uitkomsten van dit onderzoek wordt een nieuw plan van aanpak opgesteld. Nu betrokkene feitelijk nog aan het begin van behandeling staat, zal voor behandeling naar verwachting nog in ieder geval twee jaren nodig zijn. Naar het oordeel van de rechtbank is geen sprake van een niet voortvarend verloop van de behandeling van betrokkene of van andere bijzondere omstandigheden waardoor het aangewezen is de maatregel met één jaar te verlengen om een vinger aan de pols te houden en een extra toetsmoment te gelasten.
De rechtbank zal de terbeschikkingstelling daarom, overeenkomstig de adviezen, met twee jaren verlengen.
De beslissing
De rechtbank:
verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling van [betrokkene] met twee jaren.
Deze beslissing is gegeven door mr. S.C.A.M. Janssen, voorzitter, mr. A.P. Sno en mr. M.S. de Vries, als rechters in tegenwoordigheid van mr. E. Wisseborn, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 27 juni 2025.
De griffier is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.