RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Arnhem
Parketnummer: 05/180287-23
Datum uitspraak : 10 april 2025
Tegenspraak
vonnis van de meervoudige kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum 1] 1998 in [geboorteplaats] (Suriname)
wonende aan [adres] ( [postcode] ) [woonplaats] .
raadsman: mr. S.Ph.Chr. Wester, advocaat in Amsterdam.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op openbare terechtzittingen.
1. De inhoud van de tenlastelegging
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
feit 1 hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2023 tot en met 2 juli 2023 te Arnhem en/of Didam en/of Babberich en/of Duiven en/of Doetinchem, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk [slachtoffer 1] wederrechtelijk van de vrijheid heeft/hebben beroofd en/of beroofd gehouden, door:- die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of (vervolgens) met die [slachtoffer 1] naar een afgelegen gebied te rijden/brengen en/of- de mobiele telefoon van die [slachtoffer 1] af te pakken waardoor die [slachtoffer 1] geen hulp in kon roepen en/of- die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of- die [slachtoffer 1] meermalen, althans éénmaal (met kracht) in het gezicht en/of tegen het hoofd te slaan en/of te stompen en/of- die [slachtoffer 1] te duwen en/of- tegen die [slachtoffer 1] (op intimiderende en/of dreigende wijze) te zeggen (zakelijk weergegeven): “lopen mattie” en/of “ik wil je niet horen, ik wil je niet horen”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te richten op en/of te tonen aan die [slachtoffer 1] en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “hij is doorgeladen hè” en/of (vervolgens) met een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te schieten en/of- tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat doekoe regelen, je gaat doekoe regelen” en/of “zakken leeg, geef alles, alles, alles”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te richten op het hoofd van die [slachtoffer 1] en/of meermalen, althans éénmaal met voornoemd vuurwapen op het hoofd van die [slachtoffer 1] te slaan en/of voornoemd vuurwapen onder de kin en/of tegen de wang en/of keel en/of het (voor)hoofd van die [slachtoffer 1] te drukken en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “mond open, mond open”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of meermalen, althans éénmaal tegen het hoofd van die [slachtoffer 1] te schoppen en/of de loop van voornoemd vuurwapen in de mond van die [slachtoffer 1] te drukken/stoppen en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “broer, dit ding gaat af hè” en/of “je bent dede”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- het vest van die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of (vervolgens) die [slachtoffer 1] over de grond te slepen en/of - tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat nergens heen” en/of “we nemen jou mee”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- die [slachtoffer 1] (wederom) plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of bij die [slachtoffer 1] op de achterbank plaats te nemen en/of die [slachtoffer 1] voornoemd vuurwapen te tonen en/of voornoemd vuurwapen vast te (blijven) houden in het zicht van die [slachtoffer 1] en aldus een voor die [slachtoffer 1] bedreigende situatie te creëren en/of in stand te houden en/of- tegen die [slachtoffer 1] (op dreigende/intimiderende toon) te zeggen (zakelijk weergegeven): “als je betaalt, laten we je gaan”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of- (vervolgens) tegen die [slachtoffer 1] (op dreigende/intimiderende toon) te zeggen dat hij, die [slachtoffer 1] , mee moet lopen een woning in en/of die [slachtoffer 1] mee te nemen een woning in en/of- (vervolgens) tegen een onbekend gebleven mededader te zeggen dat die [slachtoffer 1] niet weg mocht uit de woning en/of die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen op zolder van die woning terwijl die onbekend gebleven mededader in de woning postte;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2023 tot en met 2 juli 2023 te Arnhem en/of Didam en/of Babberich en/of Duiven en/of Doetinchem, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] (vader van [slachtoffer 1] ) te dwingen tot de afgifte van een geldbedrag, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer 2] en/of een derde toebehoorde(n) immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) meerdere, althans één video-opname(s) gemaakt waarop voornoemd geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1] is vastgelegd, bestaande dat geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1] hierin dat verdachte en/of zijn mededader(s):- die [slachtoffer 1] heeft vastgepakt en/of- die [slachtoffer 1] meermalen, althans éénmaal (met kracht) in het gezicht en/of tegen het hoofd heeft geslagen en/of gestompt en/of- die [slachtoffer 1] heeft geduwd en/of - tegen die [slachtoffer 1] (op intimiderende en/of dreigende wijze) heeft gezegd (zakelijk weergegeven): “lopen mattie” en/of “ik wil je niet horen, ik wil je niet horen”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, heeft gericht op en/of heeft getoond aan die [slachtoffer 1] en/of tegen die [slachtoffer 1] heeft gezegd (zakelijkweergegeven): “hij is doorgeladen hè” en/of (vervolgens) met voornoemd vuurwapen heeft geschoten en/of- tegen die [slachtoffer 1] heeft gezegd (zakelijk weergegeven): “je gaat doekoe regelen, je gaat doekoe regelen” en/of “zakken leeg, geef alles, alles, alles”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- voornoemd vuurwapen, heeft gericht op het hoofd van die [slachtoffer 1] en/of meermalen, althans éénmaal met voornoemd vuurwapen op het hoofd van die [slachtoffer 1] heeft geslagen en/of voornoemd vuurwapen onder de kin en/of tegen de wang en/of keel en/of het (voor)hoofd van die [slachtoffer 1] heeft gedrukt en/of tegen die [slachtoffer 1] heeft gezegd (zakelijk weergegeven): “mond open, mond open”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of meermalen, althans éénmaal tegen het hoofd van die [slachtoffer 1] heeft geschopt en/of de loop van voornoemd vuurwapen in de mond van die [slachtoffer 1] heeft gedrukt/gestopt en/of tegen die [slachtoffer 1] heeft gezegd (zakelijk weergegeven): “broer, dit ding gaat af hè” en/of “je bent dede”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- het vest van die [slachtoffer 1] heeft vastgepakt en/of (vervolgens) die [slachtoffer 1] over de grond heeft gesleept en/of - tegen die [slachtoffer 1] heeft gezegd (zakelijk weergegeven): “je gaat nergens heen” en/of “we nemen jou mee”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
feit 2 hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2023 tot en met 2 juli 2023 te Arnhem en/of Didam en/of Babberich en/of Duiven en/of Doetinchem, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,- een mobiele telefoon (Apple Iphone 12), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 1] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door:- die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of (vervolgens) met die [slachtoffer 1] naar een afgelegen gebied te rijden/brengen en/of- die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of- die [slachtoffer 1] meermalen, althans éénmaal (met kracht) in het gezicht en/of tegen het hoofd te slaan en/of te stompen en/of- die [slachtoffer 1] te duwen en/of- tegen die [slachtoffer 1] (op intimiderende en/of dreigende wijze) te zeggen (zakelijk weergegeven): “lopen mattie” en/of “ik wil je niet horen, ik wil je niet horen”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te richten op en/of te tonen aan die [slachtoffer 1] en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “hij is doorgeladen hè” en/of (vervolgens) met voornoemd vuurwapen te schieten en/of
- tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat doekoe regelen, je gaat doekoe regelen” en/of “zakken leeg, geef alles, alles, alles”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- voornoemd vuurwapen te richten op het hoofd van die [slachtoffer 1] en/of meermalen, althans éénmaal met voornoemd vuurwapen op het hoofd van die [slachtoffer 1] te slaan en/of voornoemd vuurwapen onder de kin en/of tegen de wang en/of keel en/of het (voor)hoofd van die [slachtoffer 1] te drukken en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “mond open, mond open”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of meermalen, althans éénmaal tegen het hoofd van die [slachtoffer 1] te schoppen en/of de loop van voornoemdvuurwapen in de mond van die [slachtoffer 1] te drukken/stoppen en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “broer, dit ding gaat af hè” en/of “je bent dede”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- het vest van die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of (vervolgens) die [slachtoffer 1] over de grond te slepen en/of- tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat nergens heen” en/of “we nemen jou mee”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- die [slachtoffer 1] (wederom) plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of bij die [slachtoffer 1] op de achterbank plaats te nemen en/of die [slachtoffer 1] voornoemd vuurwapen te tonen en/of voornoemd vuurwapen vast te (blijven) houden in het zicht van die [slachtoffer 1] en aldus een voor die [slachtoffer 1] bedreigende situatie te creëren en/of in stand te houden en/of- tegen die [slachtoffer 1] op dreigende/intimiderende toon te zeggen (zakelijk weergegeven): “als je betaalt, laten we je gaan”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of- (vervolgens) tegen die [slachtoffer 1] op dreigende/intimiderende toon te zeggen dat hij, die [slachtoffer 1] , mee moet lopen een woning in en/of die [slachtoffer 1] mee te nemen een woning in en/of- (vervolgens) tegen een onbekend gebleven mededader te zeggen dat die [slachtoffer 1] niet weg mocht uit de woning en/of die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen op zolder van die woning terwijl die onbekend gebleven mededader in de woning postte;
feit 3 hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2023 tot en met 2 juli 2023 te Arnhem en/of Didam en/of Babberich en/of Duiven en/of Doetinchem, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot de afgifte van:- een identiteitskaart en/of- een geldbedrag (van ongeveer 10 euro) en/of- een pakje sigaretten,in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer 1] en/of een derde toebehoorde(n) door:- die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of (vervolgens) met die [slachtoffer 1] naar een afgelegen gebied te rijden/brengen en/of- die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of- die [slachtoffer 1] meermalen, althans éénmaal (met kracht) in het gezicht en/of tegen het hoofd te slaan en/of te stompen en/of- die [slachtoffer 1] te duwen en/of- tegen die [slachtoffer 1] (op intimiderende en/of dreigende wijze) te zeggen (zakelijk weergegeven): “lopen mattie” en/of “ik wil je niet horen, ik wil je niet horen”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te richten op en/of te tonen aan die [slachtoffer 1] en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “hij is doorgeladen hè” en/of (vervolgens) met voornoemd vuurwapen te schieten en/of - tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat doekoe regelen, je gaat doekoeregelen” en/of “zakken leeg, geef alles, alles, alles”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- voornoemd vuurwapen te richten op het hoofd van die [slachtoffer 1] en/of meermalen, althans éénmaal met voornoemd vuurwapen op het hoofd van die [slachtoffer 1] te slaan en/of voornoemd vuurwapen onder de kin en/of tegen de wang en/of keel en/of het (voor)hoofd van die [slachtoffer 1] te drukken en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “mond open, mond open”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of meermalen, althans éénmaal tegen het hoofd van die [slachtoffer 1] te schoppen en/of de loop van voornoemd vuurwapen in de mond van die [slachtoffer 1] te drukken/stoppen en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “broer, dit ding gaat af hè” en/of “je bent dede”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- het vest van die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of (vervolgens) die [slachtoffer 1] over de grond te slepen en/of- tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat nergens heen” en/of “we nemen jou mee”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- die [slachtoffer 1] (wederom) plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of bij die [slachtoffer 1] op de achterbank plaats te nemen en/of die [slachtoffer 1] voornoemd vuurwapen te tonen en/of voornoemd vuurwapen vast te (blijven) houden in het zicht van die [slachtoffer 1] en aldus een voor die [slachtoffer 1] bedreigende situatie te creëren en/of in stand te houden en/of- tegen die [slachtoffer 1] op dreigende/intimiderende toon te zeggen (zakelijk weergegeven): “als je betaalt, laten we je gaan”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of- (vervolgens) tegen die [slachtoffer 1] op dreigende/intimiderende toon te zeggen dat hij, die [slachtoffer 1] , mee moet lopen een woning in en/of die [slachtoffer 1] mee te nemen een woning in en/of- (vervolgens) tegen een onbekend gebleven mededader te zeggen dat die [slachtoffer 1] niet weg mocht uit de woning en/of die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen op zolder van die woning terwijl die onbekend gebleven mededader in de woning postte;
feit 4
hij op of omstreeks 26 september 2023 te Didam, een wapen van categorie II, onder 5 van de Wet wapens en munitie, te weten een stroomstootwapen (taser Power Max), zijnde een voorwerp waarmee door een elektrische stroomstoot personen weerloos konden worden gemaakt of pijn kon worden toegebracht voorhanden heeft gehad;
feit 5
hij op of omstreeks 26 september 2023 te Didam, opzettelijk aanwezig heeft gehad- ongeveer 58 XTC pillen (ongeveer 26,53 gram MDMA), in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA, zijnde MDMA en/of- ongeveer 895,63 gram, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd (hasjiesj), zijnde hasjiesj (een) middel/middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I en/of II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.
2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 1 primair en de feiten 2 tot en met 5 tenlastegelegde.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken van de feiten 1 tot en met 3, omdat de gebeurtenissen in scène zijn gezet op verzoek van aangever waardoor het opzet van verdachte ontbreekt. Aangever heeft wisselend en innerlijk tegenstrijdig verklaard. Daarnaast heeft de raadsman bepleit dat er geen sprake is van medeplegen, omdat geen sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking en verdachte geen intellectuele dan wel materiële bijdrage van voldoende gewicht heeft geleverd. Subsidiair heeft de raadsman bepleit dat moet worden volstaan met een bewezenverklaring van het tenlastegelegde onder feit 1 subsidiair. Meer subsidiair moet worden volstaan met een bewezenverklaring van feit 1 primair en vrijspraak van feit 3. Tot slot is, in het geval van een bewezenverklaring van feit 2 en 3, sprake van een voortgezette handeling.
Beoordeling door de rechtbank
Bewijsmiddelen
[slachtoffer 1] (hierna: aangever) heeft verklaard dat hij ontvoerd is door twee personen. De ene persoon heeft aangever aangeduid als ‘ [naam] ’, een jongen die hij kent uit de bajes. De andere persoon heeft aangever aangeduid als ‘de Marokkaan’. Op 1 juli 2023 heeft aangever [naam] ontmoet en is hij bij hem en de Marokkaan in de auto gestapt. Zij reden op de snelweg en aangever zag dat zij de snelweg verlieten bij een bordje waarop Didam stond. Op een gegeven moment kwamen zij bij een paadje zonder licht met alleen maar bomen. Vervolgens zijn zij uit de auto gestapt. [naam] heeft de kofferbak open gedaan en heeft zijn arm de lucht in gestoken en met een pistool geschoten. De Marokkaan heeft aangever hard op zijn gezicht geslagen. [naam] had een pistool in zijn handen. De Marokkaan bleef aangever slaan. [naam] heeft toen tegen aangever gezegd: " Je weet wat er nu gaat gebeuren, zakken leeg". [naam] heeft in de zakken van aangever gevoeld en heeft de telefoon uit zijn broekzak gepakt. Ondertussen sloeg de Marokkaan aangever hard op zijn hoofd met zijn vuist en handen. [naam] gaf de Marokkaan het pistool waarna de Marokkaan aangever met de onderkant van het handvat van dat pistool hard op zijn hoofd sloeg. De Marokkaan heeft vervolgens de loop van het pistool in de mond van aangever gestopt. De Marokkaan sloeg aangever met het pistool op zijn hoofd. De Marokkaan heeft gezegd: "als ik nu klik ben je dood". De Marokkaan heeft dit gefilmd.
Vervolgens zijn aangever, [naam] en de Marokkaan in de auto gestapt en weggereden. Toen zij wegreden had [naam] het pistool in zijn hand. [naam] is naast aangever gaan zitten op de achterbank. [naam] had het pistool met zijn hand vast en had de hand op zijn schoot liggen waarbij de loop van het pistool de kant van aangever op richtte. [naam] heeft tegen aangever gezegd dat zij hem zouden laten gaan als hij betaalde.
Zij zijn aangekomen bij een huis en liepen achterom naar de achterdeur. Aangever durfde nog steeds niet weg te lopen, omdat [naam] een vuurwapen bij zich had. Aangever moest binnen op een stoel zitten. Een Antilliaanse jongen kwam aan en [naam] heeft tegen hem gezegd dat aangever niet weg mocht. Aangever moest naar zolder. Aangever is in slaap gevallen en werd wakker toen het al licht was. Hij heeft vervolgens een uur gewacht en toen besloten te vluchten. Vervolgens is aangever een man en een vrouw tegengekomen, die hem vertelden dat hij in Doetinchem was. Door het slaan met de vuisten/handen en het pistool heeft aangever blauwe plekken opgelopen.
Aanvullend heeft aangever verklaard dat [naam] hem vasthield toen zij het pad inliepen en dat hij het pistool in zijn zij heeft gedrukt. [naam] heeft aangever geduwd waardoor hij omviel. [naam] heeft aangever meegesleurd. De persoon in de woning waar aangever, [naam] en de Marokkaan heen gingen noemden zij Anti. Anti heeft tegen aangever gezegd “als je wegrent ik maak je dood”. [naam] heeft tegen Anti gezegd: “hou hem hier, ik haal hem morgen op.”
Op de telefoon van verdachte stonden meerdere filmpjes. Deze filmpjes zijn uitgekeken door een verbalisant. De verbalisant heeft verklaard dat verdachten [verdachte] en [medeverdachte] herkenbaar in beeld zijn en heeft verder de volgende beschrijving gegeven van de filmpjes:
“Op 1 juli 2023 om 23:49 uur is een video gemaakt met de telefoon van verdachte [medeverdachte] . De video is opgeslagen op zijn telefoon en heeft de bestandsnaam: IMG_3776.MP4 en duurt 42 seconden. (…) Het filmpje is gemaakt door verdachte [medeverdachte] . De locatie lijkt een onverhard pad met bosschages. Het is donker, er is geen (straat) verlichting zichtbaar en geen gebouwen of dergelijks.Verdachte [verdachte] houdt met zijn armen de bovenarmen van aangever [slachtoffer 1] vast. Verdachte [medeverdachte] slaat aangever [slachtoffer 1] meerdere keren tegen zijn hoofd, zichtbaar is dat hij hem tegen zijn gezicht ter hoogte van zijn rechteroog raakte. Aangever [slachtoffer 1] zegt: ' [naam] , ben je serieus'. Verdachte [verdachte] duwt aangever [slachtoffer 1] . Aangever [slachtoffer 1] zegt: 'maar [naam] '. Verdachte [medeverdachte] zegt: lopen mattie' en ik wil je niet horen, ik wil je niet horen'. (...)Verdachte [verdachte] laat aangever [slachtoffer 1] los. Verdachte [verdachte] zegt: 'hij is doorgeladen he'. Heel kort is de loop van een vuurwapen te zien. Direct daarna is een schot hoorbaar. Aangever [slachtoffer 1] beweegt zijn daarop bovenlichaam naar voren en gaat met zijn linkerhand naar zijn borst. Dit lijkt een schrikreactie op het schot. Verdachte [medeverdachte] pakt aangever [slachtoffer 1] bij zijn vest ter hoogte van zijn keel. Aangever [slachtoffer 1] zegt: `wat kan ik nu voor jullie doen'?Verdachte [medeverdachte] zegt: 'Je gaat doekoe regelen, je gaat doekoe regelen'. Aangever [slachtoffer 1] zegt: ja, is goed, hoeveel'? Verdachte [medeverdachte] zegt: 'Zakken leeg, geef alles, alles, alles'. Aangever [slachtoffer 1] maakt zijn zakken leeg en geeft onder andere zijn identiteitskaart, een biljet van 10 euro en een pakje sigaretten aan verdachte [medeverdachte] .(…) Aangever [slachtoffer 1] kijkt gedurende bovenstaande angstig uit zijn ogen. Verdachte [medeverdachte] slaat aangever [slachtoffer 1] tenminste vijf keer tegen zijn gezicht/hoofd. Zijn rechteroog is rood en dik.Op 1 juli 2023 om 23:51 uur is een video gemaakt met de telefoon van verdachte [medeverdachte] . De video is opgeslagen op zijn telefoon en heeft de bestandsnaam: IMG_3777.MP4 en duurt 52 seconden. (…) Het filmpje is gemaakt door verdachte [medeverdachte] . De locatie lijkt een onverhard pad met bosschages. Het is donker, er is geen (straat) verlichting zichtbaar en geen gebouwen of dergelijks. Aangever [slachtoffer 1] zit op de grond. Hij heeft zijn beide handen op zijn hoofd. Verdachte [verdachte] houdt een zilverkleurig vuurwapen in zijn rechterhand vast, dicht bij het hoofd van aangever [slachtoffer 1] en richt het in de richting van het hoofd van aangever [slachtoffer 1] . Verdachte [verdachte] heeft zijn wijsvinger aan de trekker van vuurwapen. (…)Verdachte [medeverdachte] slaat aangever [slachtoffer 1] meerdere keren zijn hoofd. Verdachte [medeverdachte] zegt: geef die ding broer'. Verdachte [medeverdachte] pakt het vuurwapen over van verdachte [verdachte] .(…) Verdachte [medeverdachte] zegt: 'ik wil niet horen, ik wil je niet horen'. Verdachte [medeverdachte] heeft het vuurwapen dan vast met zijn rechterhand, dicht bij het hoofd van aangever [slachtoffer 1] en richt het op hoofd van aangever [slachtoffer 1] . (…)Verdachte [medeverdachte] zegt: ‘kijk mij aan'. Verdachte [verdachte] pakt het hoofd van aangever [slachtoffer 1]
vast. (…) Verdachte [medeverdachte] brengt de loop van het vuurwapen in de richting van de mond van aangever [slachtoffer 1] . Verdachte [medeverdachte] slaat aangever [slachtoffer 1] met de kolf van het vuurwapen tegen zijn hoofd. (…)
Op 1 juli 2023 om 23:52 uur is een video gemaakt met de telefoon van verdachte [medeverdachte] . De video is opgeslagen op zijn telefoon en heeft de bestandsnaam: IMG_3778.MP4 en duurt 36 seconden. Het filmpje is gemaakt door verdachte [medeverdachte] . De locatie lijkt een onverhard pad met bosschages. Het is donker, er is geen (straat) verlichting zichtbaar en geen gebouwen of dergelijks. Aangever [slachtoffer 1] zit op de grond. (…) Verdachte [medeverdachte] houdt het vuurwapen in zijn rechterhand. Zijn wijsvinger is ter hoogte van de trekker van het vuurwapen. Verdachte [medeverdachte] slaat meerdere keren met het vuurwapen tegen het hoofd van aangever [slachtoffer 1] . Verdachte [medeverdachte] zegt: 'mond open, mond open'. Verdachte [medeverdachte] trapt twee keer met zijn rechter schoen tegen het hoofd van aangever [slachtoffer 1] . Verdachte [medeverdachte] drukt de loop van het vuurwapen in de mond van aangever [slachtoffer 1] . Verdachte [verdachte] zegt: 'die vier barkie boeit met niet', wat denk jij nu, ik heb die [naam] opgelicht voor vier barkie'. 'Broer, dit ding gaat af he'. Verdachte [medeverdachte] zegt: 'je bent dede'.
Op 1 juli 2023 om 23:53 uur is een video gemaakt met de telefoon van verdachte [medeverdachte] . De video is opgeslagen op zijn telefoon en heeft de bestandsnaam: IMG_3779.MP4 en duurt 58 seconden. (…)Verdachte [verdachte] sleurt aangever [slachtoffer 1] aan zijn vest over het pad. (…)Verdachte [medeverdachte] houdt het vuurwapen mijn zijn rechterhand vast en richt het op aangever [slachtoffer 1] . (…) Verdachte [verdachte] sleurt aangever [slachtoffer 1] nog enkele meters verder en laat hem dan los. Aangever [slachtoffer 1] grijpt naar zijn keel. (…)Verdachte [medeverdachte] slaat aangever [slachtoffer 1] meerdere keren met de kolf van het vuurwapen tegen het hoofd van aangever [slachtoffer 1] . Verdachte [medeverdachte] drukt het vuurwapen tegen het hoofd van aangever [slachtoffer 1] , eerst onder zijn kin en daarna tegen zijn wang.
Op 1 jul 2023 om 23:55 uur is een video gemaakt met de telefoon van verdachte [medeverdachte] . De video is opgeslagen op zijn telefoon en heeft de bestandsnaam: IMG_3780.MP4 en duurt 21 seconden. (…) Het filmpje is gemaakt door verdachte [medeverdachte] . (…) Verdachte [verdachte] houdt het vest van aangever [slachtoffer 1] vast. Verdachte [medeverdachte] zegt: ‘je wou weer oplichten, oplichter'. Verdachte [medeverdachte] houdt het vuurwapen vast in zijn rechterhand en richt de loop in de richting van het hoofd van aangever [slachtoffer 1] . Verdachte [medeverdachte] drukt de loop van het vuurwapen eerst tegen het voorhoofd van aangever [slachtoffer 1] en daarna tegen de keel van aangever [slachtoffer 1] . Verdachte [medeverdachte] slaat meerdere keren hard met de kolf van vuurwapen tegen het hoofd van aangever [slachtoffer 1] (…)
Op 2 juli 2023 om 23:59 uur is een video gemaakt met de telefoon van verdachte [medeverdachte] . De video is opgeslagen op zijn telefoon en heeft de bestandsnaam: IMG_3782.MP4 en duurt 1 minuut. (…) Het filmpje is gemaakt door verdachte [medeverdachte] . (…) Verdachte houdt de camera eerst in zijn eigen richting, hierdoor is hij herkenbaar in beeld. Naast verdachte [medeverdachte] staat verdachte [verdachte] . (…)Aangever [slachtoffer 1] zegt 'alstjeblieft niet broer'. Verdachte [medeverdachte] zegt: 'als jij het niet doet, doe ik het, ik ga het wel doen man'. Aangever [slachtoffer 1] zegt: 'waarom zou je me schieten bro'. Verdachte [verdachte] zegt: `waarom niet'? Aangever [slachtoffer 1] zegt: 'omdat ik je wil betalen bro, ik ga morgen mijn vader geld vragen, of desnoods gaan we in de waggie nu naar Anna Paulowna om mijn vader geld te lenen, Anna Paulowna daar woon ik toch'. Verdachte [verdachte] zegt: 'helemaal naar Den Helder rijden nu. Broer, hoe kun je nu naar Den Helder rijden.' Aangever [slachtoffer 1] zegt: 'dan kan ik je toch betalen broer'. Verdachte [medeverdachte] slaat aangever [slachtoffer 1] hard in zijn gezicht. Verdachte [medeverdachte] zegt: `waarom lieg jij, waarom lieg jij, je hebt geen doekoe zeg je net'. Verdachte [verdachte] heeft het vuurwapen in zijn rechterhand vast. Verdachte [medeverdachte] zegt: 'je gaat nergens heen'. Verdachte [verdachte] zegt: je gaat nergens heen, we nemen jou mee'. Verdachte [verdachte] richt de loop van het vuurwapen in de richting van aangever [slachtoffer 1] . Verdachte [verdachte] zegt tegen aangever [slachtoffer 1] : 'geef je telefoon, wat heb je nog meer in je zakken'? Verdachte [medeverdachte] zegt: ' ik heb alles al'. (…)Op 2 juli 2023 om 0:35 uur is een video gemaakt met de telefoon van verdachte [medeverdachte] . De video is opgeslagen op zijn telefoon en heeft de bestandsnaam: IMG_3784.MP4 en duurt 5 seconden. (…) Verdachte [medeverdachte] zit in een auto op de bijrijdersstoel. Hij richt de camera op zichzelf en is daardoor herkenbaar is beeld. In het filmpje is de tekst: ‘Even mc' zichtbaar. Verdachte [medeverdachte] richt de camera naar de achterzijde van de auto. Op de achterbank, achter de bijrijdersstoel zit aangever [slachtoffer 1] .”
[medeverdachte] heeft verklaard dat hij met [verdachte] naar Arnhem is gereden. Daar heeft hij [slachtoffer 1] (de rechtbank begrijpt: aangever) opgehaald. Zij zijn naar een bospad gereden. Verdachte heeft aangever vastgepakt en [medeverdachte] begon te filmen. [medeverdachte] heeft aangever een klap gegeven. Verdachte heeft toen in de lucht geschoten. [medeverdachte] heeft vervolgens aangever nogmaals geslagen en kreeg het vuurwapen in zijn hand, waarna hij het vuurwapen in de mond van aangever heeft gedaan. [medeverdachte] heeft het vuurwapen tegen het hoofd van aangever geslagen. [medeverdachte] , verdachte en aangever zijn in de auto gaan zitten en zijn weggereden. Verdachte heeft steeds het vuurwapen in de ribben van aangever gedrukt. Zij hebben een tussenstop gemaakt bij de McDonalds in Duiven en daarna bij een tankstation in Babberich. Toen zijn zij naar een woning in Doetinchem gereden. Verdachte en aangever zijn uitgestapt.
Conclusies
Op grond van de genoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat de verklaringen van aangever op essentiële punten overeenkomen en worden ondersteund door de videobeelden en de verklaring van [medeverdachte] . Verdachte heeft gezamenlijk met [medeverdachte] op 1 juli 2023 aangever in een auto meegenomen en naar een afgelegen plek in de buurt van Didam gebracht. Aangever noemt verdachte ‘ [naam] ’, zoals blijkt uit de videobeelden. [medeverdachte] heeft vervolgens meerdere geweldshandelingen verricht tegen aangever. Verdachte heeft aangever meermaals gedreigd met een vuurwapen en in de lucht geschoten. De telefoon is uit de broekzak van aangever gehaald. Anders dan namens verdachte is aangevoerd kan uit de beelden niet worden afgeleid dat de telefoon niet is gepakt/gestolen maar onder dreiging is afgegeven. Aangever heeft voorts een biljet van 10 euro en een pakje sigaretten aan [medeverdachte] afgegeven. [medeverdachte] heeft vervolgens gezegd dat aangever zijn mond open moest doen en heeft de loop van het vuurwapen in de mond van aangever gebracht. [medeverdachte] heeft tegen aangever dreigende woorden gezegd als: ‘Broer, dit ding gaat af he’ en ‘je bent dede’, een en ander zoals nader omschreven in de tenlastelegging en de bewezenverklaring. Verdachte heeft daarna aangever aan zijn vest over het pad gesleurd. [medeverdachte] heeft aangever nogmaals met het vuurwapen bedreigd. [medeverdachte] en verdachte hebben tegen aangever gezegd dat hij nergens heen gaat. Aangever, verdachte en [medeverdachte] zijn vervolgens in de auto gestapt, waarbij verdachte een vuurwapen heeft getoond aan aangever. Aangever is meegenomen naar een woning waar hij niet mocht weggaan. Hij is naar een zolder gebracht en bedreigd door Anti. Vervolgens is aangever op 2 juli 2023 gevlucht uit de woning, waarna hij hulp heeft gevraagd aan twee voorbijgangers.
Feit 1
Verdachte heeft samen met [medeverdachte] aangever meegenomen in een auto en verdachte heeft vervolgens zijn telefoon afgepakt zodat aangever geen hulp kon inschakelen. Daarna is veel geweld gebruikt en is aangever bedreigd, verbaal en met een vuurwapen. Aangever is daarna wederom in een auto gezet en naar een woning gebracht waar hij niet mocht vertrekken. Uiteindelijk is aangever gevlucht. Verdachte heeft hierbij opzettelijk gehandeld. Voor zijn verklaring dat de vrijheidsberoving in scène is gezet op verzoek van aangever bevat het dossier geen enkel aanknopingspunt, terwijl de verklaringen van aangever door de verklaring van medeverdachte [medeverdachte] en de videobeelden worden ondersteund. De rechtbank is van oordeel dat verdachte aangever opzettelijk van zijn vrijheid heeft beroofd en zich daarmee schuldig heeft gemaakt aan het onder feit 1 tenlastegelegde.
Feiten 2 en 3
[medeverdachte] heeft richting aangever meerdere geweldshandelingen gepleegd. In de tussentijd is de telefoon van aangever uit zijn broekzak weggenomen. Het is niet vast komen te staan of aangever het wegpakken van zijn telefoon heeft toegestaan of dat deze is weggenomen. Dit miskent echter niet dat sprake is van diefstal met geweld. Bovendien heeft [medeverdachte] tegen aangever gezegd dat hij zijn zakken moest legen. Aangever heeft hieraan voldaan en een biljet van 10 euro en een pakje sigaretten afgestaan. Op grond van al het voorgaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan diefstal met geweld (feit 2) en afpersing (feit 3).
Medeplegen/handelen in vereniging
Uit de bewijsmiddelen volgt dat tussen verdachte en zijn medeverdachte [medeverdachte] sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking, die in de kern bestaat uit een gezamenlijke uitvoering. Beiden hebben verbaal en fysiek geweld toegepast en bedreigingen geuit en samen hebben zij de spullen van aangever afgenomen en hem belet te vertrekken.
Uit de bewijsmiddelen volgt verder dat verdachte degene is geweest die heeft geschoten met het vuurwapen en aangever meerdere malen met dit pistool heeft bedreigd. Ook heeft verdachte hem aan zijn vest over de grond gesleurd. Ondertussen heeft zijn medeverdachte [medeverdachte] meerdere geweldshandelingen verricht bij aangever en moest aangever zijn spullen aan hem afstaan.
Eendaadse samenloop
De rechtbank is van oordeel dat met betrekking tot feit 2 en feit 3 geen sprake is van een voortgezette handeling zoals gesteld door de verdediging, maar dat sprake is van eendaadse samenloop als bedoeld in artikel 55, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht. De bewezen verklaarde gedragingen leveren in die mate een samenhangend, zich min of meer op dezelfde tijd en plaats afspelend feitencomplex op dat de verdachte daarvan in wezen één verwijt wordt gemaakt, terwijl de strekking van de desbetreffende strafbepalingen slechts enigszins uiteenloopt.
feit 4
Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering. Daarom kan worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.
Bewijsmiddelen:
- het proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagneming, p. 206-207;
- het proces-verbaal van bevindingen, p. 341 t/m 343;
- het proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 73;
- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 27 maart 2025.
feit 5
Er is sprake is van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering. Daarom kan worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.
Bewijsmiddelen:
- het proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagneming, p. 206-207;
- het proces-verbaal van onderzoek verdovende middelen, p. 353-354;
- het rapport NFiDENT van het Nederlands Forensisch Instituut, p. 361;
- het proces-verbaal van verhoor verdachte, p. 73;
- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 27 maart 2025.
3. De bewezenverklaring
Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder feit 1 primair, onder feit 2 en onder feit 3 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
feit 1 hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2023 tot en met 2 juli 2023 te Arnhem en/of Didam en/of Babberich en/of Duiven en/of Doetinchem, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk [slachtoffer 1] wederrechtelijk van de vrijheid heeft/hebben beroofd en/of beroofd gehouden, door:- die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of (vervolgens) met die [slachtoffer 1] naar een afgelegen gebied te rijden/brengen en/of- de mobiele telefoon van die [slachtoffer 1] af te pakken waardoor die [slachtoffer 1] geen hulp in kon roepen en/of- die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of- die [slachtoffer 1] meermalen, althans éénmaal (met kracht) in het gezicht en/of tegen het hoofd te slaan en/of te stompen en/of- die [slachtoffer 1] te duwen en/of- tegen die [slachtoffer 1] (op intimiderende en/of dreigende wijze) te zeggen (zakelijk weergegeven): “lopen mattie” en/of “ik wil je niet horen, ik wil je niet horen”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te richten op en/of te tonen aan die [slachtoffer 1] en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “hij is doorgeladen hè” en/of (vervolgens) met een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te schieten en/of- tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat doekoe regelen, je gaat doekoe regelen” en/of “zakken leeg, geef alles, alles, alles”, althans woorden van gelijke aard en/of strekkingen/of- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te richten op het hoofd van die [slachtoffer 1] en/of meermalen, althans éénmaal met voornoemd vuurwapen op het hoofd van die [slachtoffer 1] te slaan en/of voornoemd vuurwapen onder de kin en/of tegen de wang en/of keel en/of het (voor)hoofd van die [slachtoffer 1] te drukken en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “mond open, mond open”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of meermalen, althans éénmaal tegen het hoofd van die [slachtoffer 1] te schoppen en/of de loop van voornoemd vuurwapen in de mond van die [slachtoffer 1] te drukken/stoppen en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “broer, dit ding gaat af hè” en/of “je bent dede”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- het vest van die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of (vervolgens) die [slachtoffer 1] over de grond te slepen en/of
- tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat nergens heen” en/of “we nemen jou mee”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- die [slachtoffer 1] (wederom) plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of bij die [slachtoffer 1] op de achterbank plaats te nemen en/of die [slachtoffer 1] voornoemd vuurwapen te tonen en/of voornoemd vuurwapen vast te (blijven) houden in het zicht van die [slachtoffer 1] en aldus een voor die [slachtoffer 1] bedreigende situatie te creëren en/of in stand te houden en/of- tegen die [slachtoffer 1] (op dreigende/intimiderende toon) te zeggen (zakelijk weergegeven): “als je betaalt, laten we je gaan”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of- (vervolgens) tegen die [slachtoffer 1] (op dreigende/intimiderende toon) te zeggen dat hij, die [slachtoffer 1], mee moet lopen een woning in en/of die [slachtoffer 1] mee te nemen een woning in en/of- (vervolgens) tegen een onbekend gebleven mededader te zeggen dat die [slachtoffer 1] niet weg mocht uit de woning en/of die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen op zolder van die woning terwijl die onbekend gebleven mededader in de woning postte;
feit 2 hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2023 tot en met 2 juli 2023 te Arnhem en/of Didam en/of Babberich en/of Duiven en/of Doetinchem, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,- een mobiele telefoon (Apple Iphone 12), in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer 1] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 1], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door:- die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of (vervolgens) met die [slachtoffer 1] naar een afgelegen gebied te rijden/brengen en/of- die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of- die [slachtoffer 1] meermalen, althans éénmaal (met kracht) in het gezicht en/of tegen het hoofd te slaan en/of te stompen en/of- die [slachtoffer 1] te duwen en/of- tegen die [slachtoffer 1] (op intimiderende en/of dreigende wijze) te zeggen (zakelijk weergegeven): “lopen mattie” en/of “ik wil je niet horen, ik wil je niet horen”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te richten op en/of te tonen aan die [slachtoffer 1] en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “hij is doorgeladen hè” en/of (vervolgens) met voornoemd vuurwapen te schieten en/of
- tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat doekoe regelen, je gaat doekoe regelen” en/of “zakken leeg, geef alles, alles, alles”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- voornoemd vuurwapen te richten op het hoofd van die [slachtoffer 1] en/of meermalen, althans éénmaal met voornoemd vuurwapen op het hoofd van die [slachtoffer 1] te slaan en/of voornoemd vuurwapen onder de kin en/of tegen de wang en/of keel en/of het (voor)hoofd van die [slachtoffer 1] te drukken en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “mond open, mond open”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of meermalen, althans éénmaal tegen het hoofd van die [slachtoffer 1] te schoppen en/of de loop van voornoemd vuurwapen in de mond van die [slachtoffer 1] te drukken/stoppen en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “broer, dit ding gaat af hè” en/of “je bent dede”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- het vest van die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of (vervolgens) die [slachtoffer 1] over de grond te slepen en/of- tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat nergens heen” en/of “we nemen jou mee”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- die [slachtoffer 1] (wederom) plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of bij die [slachtoffer 1] op de achterbank plaats te nemen en/of die [slachtoffer 1] voornoemd vuurwapen te tonen en/of voornoemd vuurwapen vast te (blijven) houden in het zicht van die [slachtoffer 1] en aldus een voor die [slachtoffer 1] bedreigende situatie te creëren en/of in stand te houden en/of- tegen die [slachtoffer 1] op dreigende/intimiderende toon te zeggen (zakelijk weergegeven): “als je betaalt, laten we je gaan”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of- (vervolgens) tegen die [slachtoffer 1] op dreigende/intimiderende toon te zeggen dat hij, die [slachtoffer 1], mee moet lopen een woning in en/of die [slachtoffer 1] mee te nemen een woning in en/of- (vervolgens) tegen een onbekend gebleven mededader te zeggen dat die [slachtoffer 1] niet weg mocht uit de woning en/of die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen op zolder van die woning terwijl die onbekend gebleven mededader in de woning postte;
feit 3 hij in of omstreeks de periode van 1 juli 2023 tot en met 2 juli 2023 te Arnhem en/of Didam en/of Babberich en/of Duiven en/of Doetinchem, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer 1] heeft gedwongen tot de afgifte van:- een identiteitskaart en/of- een geldbedrag (van ongeveer 10 euro) en/of- een pakje sigaretten,in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer 1] en/of een derde toebehoorde(n) door:- die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of (vervolgens) met die [slachtoffer 1] naar een afgelegen gebied te rijden/brengen en/of- die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of- die [slachtoffer 1] meermalen, althans éénmaal (met kracht) in het gezicht en/of tegen het hoofd te slaan en/of te stompen en/of- die [slachtoffer 1] te duwen en/of- tegen die [slachtoffer 1] (op intimiderende en/of dreigende wijze) te zeggen (zakelijk weergegeven): “lopen mattie” en/of “ik wil je niet horen, ik wil je niet horen”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te richten op en/of te tonen aan die [slachtoffer 1] en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “hij is doorgeladen hè” en/of (vervolgens) met voornoemd vuurwapen te schieten en/of
- tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat doekoe regelen, je gaat doekoe regelen” en/of “zakken leeg, geef alles, alles, alles”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- voornoemd vuurwapen te richten op het hoofd van die [slachtoffer 1] en/of meermalen, althans éénmaal met voornoemd vuurwapen op het hoofd van die [slachtoffer 1] te slaan en/of voornoemd vuurwapen onder de kin en/of tegen de wang en/of keel en/of het (voor)hoofd van die [slachtoffer 1] te drukken en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “mond open, mond open”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of meermalen, althans éénmaal tegen het hoofd van die [slachtoffer 1] te schoppen en/of de loop van voornoemd vuurwapen in de mond van die [slachtoffer 1] te drukken/stoppen en/of tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “broer, dit ding gaat af hè” en/of “je bent dede”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- het vest van die [slachtoffer 1] vast te pakken en/of (vervolgens) die [slachtoffer 1] over de grond te slepen en/of- tegen die [slachtoffer 1] te zeggen (zakelijk weergegeven): “je gaat nergens heen” en/of “we nemen jou mee”, althans woorden van gelijke aard en/of strekking en/of- die [slachtoffer 1] (wederom) plaats te laten nemen en/of mee te nemen in een voertuig en/of bij die [slachtoffer 1] op de achterbank plaats te nemen en/of die [slachtoffer 1] voornoemd vuurwapen te tonen en/of voornoemd vuurwapen vast te (blijven) houden in het zicht van die [slachtoffer 1] en aldus een voor die [slachtoffer 1] bedreigende situatie te creëren en/of in stand te houden en/of- tegen die [slachtoffer 1] op dreigende/intimiderende toon te zeggen (zakelijk weergegeven): “als je betaalt, laten we je gaan”, althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking en/of- (vervolgens) tegen die [slachtoffer 1] op dreigende/intimiderende toon te zeggen dat hij, die [slachtoffer 1], mee moet lopen een woning in en/of die [slachtoffer 1] mee te nemen een woning in en/of- (vervolgens) tegen een onbekend gebleven mededader te zeggen dat die [slachtoffer 1] niet weg mocht uit de woning en/of die [slachtoffer 1] plaats te laten nemen op zolder van die woning terwijl die onbekend gebleven mededader in de woning postte.
feit 4
hij op of omstreeks 26 september 2023 te Didam, een wapen van categorie II, onder 5 van de Wet wapens en munitie, te weten een stroomstootwapen (taser Power Max), zijnde een voorwerp waarmee door een elektrische stroomstoot personen weerloos konden worden gemaakt of pijn kon worden toegebracht voorhanden heeft gehad;
feit 5
hij op of omstreeks 26 september 2023 te Didam, opzettelijk aanwezig heeft gehad- ongeveer 58 XTC pillen (ongeveer 26,53 gram MDMA), in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA, zijnde MDMA en/of- ongeveer 895,63 gram, in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram van een gebruikelijk vast mengsel van hennephars en plantaardige elementen van hennep waaraan geen andere substanties zijn toegevoegd (hasjiesj), zijnde hasjiesj (een) middel/middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I en/of II, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.
Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.
Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.
Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.
4. De kwalificatie van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde levert op:
Het onder feit 1 primair bewezenverklaarde:
medeplegen van opzettelijk iemand van de vrijheid beroofd houden;
Het onder feit 2 en feit 3 bewezenverklaarde:
De eendaadse samenloop van
diefstal, voorafgegaan/vergezeld/gevolgd van geweld/bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden/die diefstal gemakkelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
en
afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee verenigde personen;
Het onder feit 4 bewezenverklaarde:
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie en het feit begaan met betrekking tot een wapen van categorie II;
Het onder feit 5 bewezenverklaarde:
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod en
opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 3 onder C van de Opiumwet gegeven verbod.
5. De strafbaarheid van de feiten
De feiten zijn strafbaar.
6. De strafbaarheid van de verdachte
Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.
7. De overwegingen ten aanzien van straf
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 40 maanden, waarvan 20 maanden voorwaardelijk met aftrek van voorarrest, met een proeftijd van 5 jaar. Verder verzoekt de officier van justitie de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden op te leggen en het contactverbod dadelijk uitvoerbaar te verklaren.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft primair bepleit dat er wegens bewezenverklaring van feiten 4 en 5 kan worden volstaan met een taakstraf van 127 uren. Gelet op de voorlopige hechtenis kan dan worden volstaan met 63 dagen hechtenis. Subsidiair heeft de raadsman bepleit dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf moet worden opgelegd die de voorlopige hechtenis niet te boven gaat.
De beoordeling door de rechtbank
De rechtbank houdt bij de beslissing over de straf die aan verdachte dient te worden opgelegd rekening met de aard en ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit heeft plaatsgevonden. Bij de beoordeling van de ernst van de door verdachte gepleegde strafbare feiten betrekt de rechtbank de landelijke oriëntatiepunten en de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd. Daarnaast houdt de rechtbank bij de strafbepaling rekening met de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waarbij rekening wordt gehouden met het strafblad van verdachte.
De ernst van het feit
Verdachte heeft zich samen met een ander schuldig gemaakt aan een wederrechtelijke vrijheidsberoving en diefstal en afpersing met geweld. Verdachte heeft zich daarnaast ook schuldig gemaakt aan verboden wapenbezit en het voorhanden hebben van drugs. Bij de in vereniging uitgevoerde feiten gebruikte verdachte een vuurwapen, waarmee het slachtoffer werd geslagen en waarvan de loop in diens mond werd gestoken om hem te bedreigen. Het slachtoffer vreesde daarbij voor zijn leven. Verdachte en medeverdachte hebben de vrijheidsberoving en het toegepaste geweld opgenomen met een telefoon en een deel van de beelden verspreid. Uit de beelden en de beschrijving daarvan en uit de aangifte blijkt de ernst van het toegepaste geweld en het gebrek van iedere compassie met het slachtoffer. Dat de vrijheidsberoving een dag later ten einde kwam heeft het slachtoffer niet aan verdachte te danken, maar aan het feit dat het slachtoffer op enig moment zelf kans zag de woning te ontvluchten. Verdachte en zijn medeverdachte hebben met hun handelen een ernstige inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer. Slachtoffers van dergelijke misdrijven kampen lang met de impact en de gevolgen van het delict. Uit de slachtofferverklaring volgt dat het slachtoffer nog altijd angstig is, zich niet veilig voelt en geen vertrouwen heeft in de mensen om zich heen.
Strafblad
De rechtbank heeft kennis genomen van het uittreksel justitiële documentatie van 20 februari 2025. Hieruit volgt dat verdachte eerder voor geweldsdelicten tot een gevangenisstraf is veroordeeld. Ook heeft hij in jeugddetentie gezeten waarbij een PIJ-maatregel is opgelegd. Ten tijde van het bewezenverklaarde liep verdachte nog in een voorwaardelijke PIJ-maatregel en een proeftijd, beiden in het kader van gepleegde geweldsdelicten.
Pro Justitia Rapportage
De rechtbank heeft kennis genomen van het rapport van het Pieter Baan Centrum (PBC) van 3 januari 2025. Verdachte heeft geweigerd mee te werken aan het onderzoek. Op grond van eigen gespreksindrukken, observaties op de afdeling, de milieurapportage en uitgebreide dossierinformatie komen de rapporteurs tot de conclusie dat bij verdachte sprake is van een antisociale persoonlijkheidsstoornis en een stoornis in het gebruik van cannabis in ten minste lichte mate. Voorts blijkt duidelijk dat sprake is van een patroon van gedragsproblemen en antisociale gedragingen, waaronder vermogens- en geweldsdelicten, vanaf ongeveer 9-jarige leeftijd tot aan in ieder geval enkele jaren geleden. Verdachte zat in de periode van de bewezenverklaarde feiten nog in de voorwaardelijke beëindiging van een PIJ-maatregel die hem in 2017 werd opgelegd wegens een diefstal met geweld en een afpersing, beiden in vereniging gepleegd in 2015.
Er wordt voldaan aan de criteria van een antisociale persoonlijkheidsstoornis volgens DSM-5-TR. Door de beperkingen van het onderzoek is echter geen zicht verkregen op verdachtes sterke en zwakke kanten en zijn interne psychische dynamiek. Tevens is niet duidelijk geworden of sprake is van (kenmerken van) psychopathie.
Bij verdachte is in het verleden ADHD vastgesteld. Op grond van de indrukken in het contact en het functioneren op de afdeling kan dit nu niet door de rapporteurs worden bevestigd. In eerdere psychologische en psychiatrische rapportages staat beschreven dat bij verdachte tevens narcistische persoonlijkheidstrekken aanwezig zijn. Om dit te kunnen vaststellen, of te verwerpen, is het onderzoek te beknopt gebleven. Er worden in het onderzoek geen aanwijzingen gezien voor beperkingen in de intelligentie die in forensisch opzicht relevant zijn. Tijdens het plegen van de bewezenverklaarde feiten waren de antisociale persoonlijkheidsstoornis en de ten minste lichte stoornis in het cannabisgebruik aanwezig. Het huidige onderzoek heeft geen duidelijkheid gegeven over een eventuele doorwerking van de antisociale persoonlijkheidsstoornis en/of de stoornis in cannabisgebruik op de bewezenverklaarde feiten. Daardoor kunnen de rapporteurs geen advies geven over de toerekenbaarheid ten aanzien van deze feiten. Er kan ook geen inschatting worden gedaan van een pathologisch bepaald recidiverisico. Meer in het algemeen kan wel gesteld worden dat, op grond van het langdurig bestaande patroon van problematisch en delictgedrag bij verdachte, waarin agressie- en vermogensdelicten prominent aanwezig zijn, de kans aanwezig is dat verdachte in de toekomst opnieuw tot agressie- en vermogensdelicten komt. De rapporteurs onthouden zich van een advies of nadere aanbevelingen van gedragsdeskundige aard teneinde het recidivegevaar te beperken.
De rechtbank neemt de conclusies uit het rapport over. Hoewel daaruit volgt dat tijdens het plegen van de bewezenverklaarde feiten de antisociale persoonlijkheidsstoornis en de ten minste lichte stoornis in het cannabisgebruik aanwezig waren, kan de rechtbank net als de onderzoekers van het PBC - mede gelet op de weigering van verdachte aan het onderzoek mee te werken – niet vaststellen dat dit heeft doorgewerkt op de bewezenverklaarde feiten noch aannemen dat verdachte zijn handelen daarom in verminderde mate kan worden toegerekend.
Reclasseringsadvies
De rechtbank heeft ook kennis genomen van het advies van de reclassering van 21 januari 2025. De reclassering schrijft in haar advies dat bij een bewezenverklaring bij verdachte sprake is van recidive binnen de proeftijd van twee zaken. Op basis van het verloop van het toezicht in het kader van de PIJ-maatregel komt de reclassering tot de conclusie dat verdachte lijkt te hebben geprofiteerd van de hem aangeboden behandelingen, al is dat beperkt. Anderzijds lijkt het er op dat opgelegde verplichtingen, zoals behandeling en begeleiding, verdachte remmen en frustreren in zijn mogelijkheden een maatschappelijk bestaan op te bouwen. Verdachte is oprecht in de door hem uitgesproken wens een zinvol maatschappelijk bestaan op te bouwen met legaal werk en waarin hij kan werken aan een toekomst samen met zijn vriendin. De risico’s liggen vooral in het sociale netwerk van verdachte, zijn wantrouwen en krenkingsgevoeligheid en zijn frustratie over het niet tot stand komen van dat maatschappelijk perspectief. Hoewel door de reclassering de kans op recidive niet kan worden ingeschat, acht zij het opleggen van een onvoorwaardelijke straf passend met daarnaast een voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden. De volgende bijzondere voorwaarden zijn geadviseerd: een meldplicht bij de reclassering, een contactverbod, een drugsverbod zolang de reclassering dat nodig acht en meewerken aan middelencontrole.
De straf
De rechtbank is van oordeel dat gelet op de ernst van de feiten en de impact daarvan op het slachtoffer, het opleggen van een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf de enige passende sanctie is. De rechtbank zal een hogere straf opleggen dan bij medeverdachte [medeverdachte] , omdat bij verdachte meer feiten bewezen zijn verklaard.
De rechtbank acht, alles afwegende, een gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden, waarvan 15 maanden voorwaardelijk, passend. Hierbij geldt een proeftijd voor de duur van 5 jaar. De rechtbank legt gelet op de ernst van de bewezenverklaarde feiten een langer onvoorwaardelijk strafdeel op dan door de officier van justitie geëist.
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een misdrijf dat gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een persoon. Verdachte heeft zich immers schuldig gemaakt aan fors geweld onder bedreiging met een vuurwapen. Verdachte heeft deze gewelddadige feiten gepleegd terwijl hij in een voorwaardelijke PIJ-maatregel en een proeftijd liep, aan hem opgelegd vanwege eerdere geweldsdelicten. De rechtbank is van oordeel dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte wederom een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen en dat daarom ten aanzien van het voorwaardelijk strafdeel een proeftijd van 5 jaar geboden is. Daarnaast is het om het herhalingsgevaar te beperken noodzakelijk dat aan die proeftijd de bijzondere voorwaarden worden gekoppeld zoals door reclassering wordt geadviseerd waaronder reclasseringscontact, een contactverbod, een drugsverbod en meewerken aan middelencontrole, een en ander zoals hierna in het dictum nader gepreciseerd.
Dadelijke uitvoerbaarheid
De officier van justitie heeft gevorderd dat de bijzondere voorwaarde van het contactverbod dadelijk uitvoerbaar wordt verklaard. De verdediging heeft zich hiertegen niet verzet.
Nu uit de omstandigheden die hiervoor zijn aangehaald in verband met het opleggen van de proeftijd van 5 jaar, volgt dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte wederom een dergelijk misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen, zal de rechtbank bevelen dat het contactverbod op grond van artikel 14e van het Wetboek van Strafrecht dadelijk uitvoerbaar is.
Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet, dan wel de regeling van voorwaardelijke invrijheidstelling, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering, aan de orde is.
8. De beoordeling van de civiele vordering
De benadeelde partij [slachtoffer 1] heeft in verband met het tenlastegelegde een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 749,00 aan materiële schade en € 7.500,00 aan smartengeld, telkens vermeerderd met de wettelijke rente. Verder is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.
Standpunten
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij kan worden toegewezen, met toekenning van de wettelijke rente, en vordert oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
De verdediging heeft zich primair op het standpunt gesteld dat de vordering geheel niet-ontvankelijk dient te worden verklaard vanwege de bepleitte vrijspraak. Subsidiair heeft de verdediging zich op het standpunt gesteld dat met betrekking tot de materiële schade de schadepost van de telefoon afgewezen moet worden omdat het causale verband ontbreekt. Daarnaast dient de schadepost van de kleding te worden gematigd omdat uit de videobeelden niet volgt dat de kleding in nieuwstaat verkeerde. Verder dient de vordering ten aanzien van de immateriële schade te worden gematigd tot € 3.000,00 gelet op een vergelijkbare zaak.
Overweging van de rechtbank
Materiële schade
Uit het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezen verklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden.
De rechtbank overweegt dat er een duidelijk causaal verband bestaat tussen de diefstal van de telefoon van benadeelde en de daaraan ontstane schade. Het enkele feit dat de telefoon mogelijk kapot is gegaan bij de inbeslagname doet daaraan niet af. De gestelde schade van € 319,00 aan vervangingswaarde voor een vergelijkbare ‘refurbished’ telefoon is verder voldoende onderbouwd en komt de rechtbank redelijk voor. Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk. De rechtbank is van oordeel dat de vordering voor wat betreft de telefoon tot een hoogte van € 319,00 kan worden toegewezen.
De rechtbank overweegt met betrekking tot de andere drie schadeposten, die allen zien op kleding dat deze onvoldoende met bewijsstukken zijn onderbouwd. Nadere bewijsvoering ten aanzien van deze schade en de hoogte daarvan levert een onevenredige belasting van het strafproces op. Daarom zal de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk in deze delen van de vordering verklaren. De benadeelde partij kan deze vordering nog aan de burgerlijke rechter voorleggen.
Smartengeld
Op basis van de genoemde bewijsmiddelen en wat ter terechtzitting over de vordering is besproken, stelt de rechtbank vast dat de benadeelde partij door het bewezenverklaarde schade heeft geleden die binnen meerdere van de categorieën van artikel 6:106 van het Burgerlijk Wetboek valt. Door het bewezenverklaarde heeft de benadeelde immers lichamelijk letsel in de vorm van blauwe plekken opgelopen. Bovendien brengen de aard en ernst van de gebeurtenissen met zich dat sprake is van aantasting in de persoon. Dit is aan verdachte toe te rekenen. De rechtbank houdt rekening met de aard en de ernst van de feiten alsook de aard en ernst van de gevolgen en de bedragen die Nederlandse rechters in vergelijkbare gevallen toewijzen. Naar maatstaven van billijkheid zal zij het smartengeld op een bedrag van € 3.500,00 vaststellen. Het overige deel van het verzochte smartengeld wordt afgewezen.
Wettelijke rente
Verdachte is vanaf 2 juli 2023 wettelijke rente over het toegewezen bedrag verschuldigd.
Schadevergoedingsmaatregel
De rechtbank ziet aanleiding om op grond van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte op te leggen. Verdachte wordt verplicht het aan de benadeelde partij toegewezen bedrag aan de Staat te betalen. Eventueel toegekende proceskosten zijn daar niet bij inbegrepen.
Hoofdelijk
De rechtbank overweegt dat verdachte en zijn medeverdachte ieder voor het gehele schadebedrag (hoofdelijk) kunnen worden aangesproken. Verdachte hoeft niet meer te betalen indien en voor zover zijn medeverdachte de schade heeft vergoed.
9. De toegepaste wettelijke bepalingen
De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen:
10. De beslissing
De rechtbank:
verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;
verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;
verklaart verdachte hiervoor strafbaar;
veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 42 (tweeënveertig) maanden;
beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
stelt als bijzondere voorwaarden dat:
o [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 2] 2003;
o [medeverdachte] , geboren op [geboortedatum 3] 2002;
beveelt dat de gestelde voorwaarde van het contactverbod dadelijk uitvoerbaar is;
De beslissing op de civiele vordering:
verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 1] voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade;
wijst de vordering tot smartengeld voor het overige af;
bepaalt dat als de medeverdachte (een deel van) het schadebedrag betaalt dat bedrag op de betalingsverplichting van verdachte in mindering wordt gebracht.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.W.R. Koch (voorzitter), mr. drs. T.P.E.E. van Groeningen en mr. M.A. van Leeuwen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.M. Breed, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 10 april 2025.