RECHTBANK Gelderland
Civiel recht
Zittingsplaats Zutphen
Zaaknummer: C/05/459717 / KZ ZA 25-192
Vonnis in kort geding van 19 december 2025
in de zaak van
[eiseres] ,
te [woonplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiseres] ,
advocaat: mr. M.G.W.M. Geurts,
tegen
[gedaagde] ,
te [woonplaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
advocaat: mr. K.J.M. Slangen.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding- de conclusie van antwoord- de mondelinge behandeling van 17 december 2025.
2. De feiten
Partijen hebben een relatie gehad die in mei/juni 2025 is geëindigd. Partijen hebben in 2022 de woning staande en gelegen aan [adres] (hierna: de woning) gekocht en zijn ieder voor de helft eigenaar. Partijen hebben gezamenlijk een zoon, [zoon] , geboren op [datum] 2024.
Partijen voeren naast deze procedure een procedure over de zorg voor [zoon] . In haar verweerschrift in deze procedure schrijft [eiseres] , voor zover in deze zaak van belang, het volgende:
“Nu de relatie beëindigd is en de echtelijke woning in [plaats] verkocht zal
moeten worden meent dat vrouw dat zij met [zoon] zou moeten kunnen blijven wonen in
[plaats] . Een andere woning kunnen beide ouders -ook na verkoop van de echtelijke woning-
niet kopen en voor een huurwoning komen ouders afzonderlijk ook zomaar niet in
aanmerking. De woningmarkt is niet dusdanig dat er zicht is op een alternatieve en passende woonruimte. Feit is dat moeder de enige is die voorzien is van een zelfstandige en passende woonruimte.”
3. Het geschil
[eiseres] vordert - samengevat - dat de voorzieningenrechter, bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad,
Primair
[eiseres] machtigt om de woning te gelde te maken,
bepaalt dat het vonnis in de plaats treedt van de notariële akte van levering en [eiseres] aan te wijzen om de verkoop en levering van de woning te verrichten, voor zover [gedaagde] daaraan niet vrijwillig meewerkt,
[gedaagde] veroordeelt om de woning drie dagen voor de notariële levering te verlaten op straffe van een dwangsom,
[eiseres] machtigt om indien [gedaagde] niet aan het bevel tot ontruiming voldoet, deze te doen bewerkstelligen door de deurwaarde, zondig met behulp van de sterke arm van de politie,
met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van de procedure,
Subsidiair
6. bepaalt dat de woning te verkoop aangeboden zal worden door tussenkomst van de [makelaar] ,
7. voor een door deze makelaar te bepalen vraagprijs en bepaalt dat de daaraan verbonden kosten bij helft door partijen voldaan dienen te worden,
8. [gedaagde] veroordeelt om binnen één week nadat de makelaar de verkoopbemiddelingsovereenkomst heeft opgesteld, deze te doen ondertekenen op verbeurte van een dwangsom,
9. [gedaagde] veroordeelt tot het verlenen van zijn volledige medewerking aan de verkoop, op straffe van een dwangsom,
10. [gedaagde] veroordeelt om, indien een reëel bod wordt gedaan waarvoor de makelaar kan instaan, dit bod te accepteren en de verkoopovereenkomst te ondertekenen met bepaling dat bij gebreke aan medewerking van [gedaagde] dit vonnis de wilsverklaring en/of handtekening van [gedaagde] vervangt,
11. [gedaagde] veroordeelt om na verkoop van de woning mee te werken aan de notariële levering van de woning met bepaling dat bij gebreke aan medewerking van [gedaagde] dit vonnis de wilsverklaring en/of handtekening van [gedaagde] vervangt,
12. [gedaagde] veroordeelt om de woning uiterlijk drie dagen voor de notariële levering te verlaten, op straffe van een dwangsom,
13. [eiseres] machtigt om indien [gedaagde] niet aan het bevel tot ontruiming voldoet, deze te doen bewerkstelligen door de deurwaarde, zondig met behulp van de sterke arm van de politie,
14. met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van de procedure.
[eiseres] legt aan de vordering het volgende ten grondslag. Geen van partijen is in staat de woning over te nemen. [gedaagde] wil niet meewerken aan de verkoop. [eiseres] wil niet meer verbonden zijn aan de hypothecaire schuld en zij wil over haar inbreng van € 106.671,00 kunnen beschikking. [eiseres] heeft een spoedeisend belang. De woningmarkt is nu nog bijzonder gunstig en er zijn geluiden dat de markt minder wordt. [eiseres] zit daarnaast klem. [eiseres] kan geen nieuwe hypotheek of lening afsluiten en zij kan niet beschikken over het geld dat zij in de woning heeft zitten. [eiseres] wenst niet langer te blijven zitten in een onverdeeldheid met alle daaraan verbonden onzekerheden en mogelijke toekomstige druk van de bank. [eiseres] is hoofdelijk aansprakelijk voor de kosten als [gedaagde] op enig moment zou ophouden met het betalen van de vaste lasten.
[gedaagde] voert verweer. [gedaagde] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [eiseres] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [eiseres] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [eiseres] in de kosten van deze procedure.
[gedaagde] voert het volgende aan. Het is juist dat beide partijen niet in staat zijn om de woning over te nemen. [gedaagde] spant zich in om een huurwoning te verkrijgen en is op zoek naar alternatieve woonruimte. [gedaagde] verwacht dat hij in de toekomst alternatieve woonruimte kan verkrijgen, maar hij weet niet precies wanneer. Op dit moment is de hoogste plaatsing die hij heeft plek 4. [eiseres] heeft geen spoedeisend belang bij haar vorderingen. [eiseres] ondervindt geen enkele hinder van de huidige situatie. [eiseres] verblijft in een zelfstandige woonruimte bij haar ouders en heeft ten overstaande van de rechter in een procedure omtrent hun zoon verklaard dat zij niet voornemens is om op korte termijn te vertrekken uit deze woonruimte. [gedaagde] betaalt alle kosten voor de woning. [gedaagde] heeft daarnaast in een lopende procedure verzocht om een zorgregeling waarbij hun zoon vaker bij hem is. Ook daarvoor is het van belang dat hij over woonruimte beschikt. Ten slotte dient [eiseres] veroordeeld te worden in de kosten van de procedure omdat deze onnodig is gestart.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
4. De beoordeling
Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. Voor toewijzing is nodig dat [eiseres] daarbij een spoedeisend belang heeft. De voorzieningenrechter vormt zich een voorlopig oordeel over de vordering aan de hand van de stukken en de mondelinge behandeling. Of de gevraagde voorziening wordt verleend, hangt ook af van de afweging van de belangen van partijen.
[eiseres] heeft op dit moment onvoldoende spoedeisend belang bij haar vorderingen
Tussen partijen staat niet ter discussie dat [eiseres] het recht heeft om uit de onverdeeldheid te komen en dat de woning verkocht moet worden. Op dit moment heeft [eiseres] echter onvoldoende spoedeisend belang bij haar vordering, mede gezien het zware belang van [gedaagde] om nog enige tijd in onverdeeldheid te blijven. [gedaagde] is actief aan het zoeken naar woonruimte. Mede gezien het feit dat hij al eens op de vierde plaats is geëindigd, acht de voorzieningenrechter het niet onaannemelijk dat [gedaagde] in de nabije toekomst een huurwoning toegewezen krijgt. [eiseres] heeft verder een zelfstandige woonruimte en zij betwist niet dat zij niet voornemens is om op korte termijn een andere woonruimte te kopen waarvoor zij haar vermogen uit de woning nodig heeft. [gedaagde] betaalt alle vaste lasten van de woning. [eiseres] heeft weliswaar terecht opgemerkt dat zij hoofdelijk aansprakelijk is als [gedaagde] ophoudt met betalen, maar vooralsnog zijn er geen aanwijzingen dat [gedaagde] de kosten niet meer zal/kan dragen. De door [eiseres] aangevoerde stelling dat er geluiden zijn dat de woningmarkt minder wordt, is onvoldoende concreet onderbouwd om op basis daarvan een spoedeisend belang vast te stellen. [eiseres] heeft daarom onvoldoende belang en haar vorderingen worden afgewezen.
Voorgaande laat onverlet dat er niet op enig moment toch een spoedeisend belang kan ontstaan voor [eiseres] . Bijvoorbeeld als [gedaagde] zelf zou bijdragen aan het feit dat hij geen sociale huurwoning toegewezen krijgt omdat hij bijvoorbeeld minder actief gaat reageren of woonruimte weigert zonder redelijke grond. Ook als over enkele maanden blijkt dat [gedaagde] niet of nauwelijks stijgt op de wachtlijst, kan toch op enig moment sprake worden van een spoedeisend belang. Van [eiseres] kan niet verwacht worden dat zij jaren wacht. De voorzieningenrechter begrijpt dat [eiseres] baat zou hebben bij het benoemen van een vaste termijn waarna het belang van [eiseres] om uit de onverdeeldheid te komen zwaarder weegt dan het belang van [gedaagde] bij behoudt van deze woonruimte. Een vaste termijn kan echter niet gegeven worden omdat dit afhankelijk is van alle omstandigheden van het geval en een belangenafweging van de belangen van partijen op het moment van beoordeling van de vordering.
Gelet op de relatie tussen partijen zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. Het enkele feit dat [eiseres] in het ongelijk is gesteld maakt niet dat sprake is van een onnodig gevoerde procedure waardoor van voornoemd standpunt afgeweken moet worden.
5. De beslissing
De voorzieningenrechter
wijst de vorderingen van [eiseres] af,
compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.F.A. Bierbooms en in het openbaar uitgesproken op 19 december 2025.