RECHTBANK Gelderland
Civiel recht
Zittingsplaats Zutphen
Zaaknummer: C/05/457765 / KZ ZA 25-164
Vonnis in verzet in kort geding van 12 december 2025
in de zaak van
1. GREENHOME DEVELOPMENTS B.V.,
te Ermelo,
hierna te noemen GHD,2. PARQIO LEISURE BV,
te Harderwijk,
hierna te noemen ParQio,
oorspronkelijke eisende partijen,
gedaagden in verzet,
hierna samen te noemen: GHD c.s.,
advocaat: mr. P.G.F.M. van Oss,
tegen
1. [eis in verz sub 1] ,
te [plaats] ,
hierna te noemen [eis in verz sub 1] , 2. [eis in verz sub 2],
te [plaats] ,
hierna te noemen [eis in verz sub 2] ,
oorspronkelijke gedaagde partijen,
eisers in verzet,
hierna samen te noemen: [eisers in verz] ,
advocaat: mr. H. Loonstein.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de inleidende dagvaarding van GHD c.s. met producties
- de mondelinge behandeling van 18 september 2025
- het verstekvonnis van 18 september 2025 met zaaknummer C/05/456504 / KZ ZA 25-148
- de verzetdagvaarding van [eisers in verz]
- de conclusie houdende overlegging producties aan de zijde van GHD c.s. met de producties 24 tot en met 55
- de producties 1 tot en met 10 aan de zijde van [eisers in verz]
- de producties 56 tot en met 59 aan de zijde van GHD c.s.
- productie 11 tot en met 14 aan de zijde van [eisers in verz]
- de mondelinge behandeling van 14 november 2025
- de pleitnota van GHD c.s.
- de pleitnota van [eisers in verz]
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De feiten
GHD c.s. en [eis in verz sub 1] hebben een “overeenkomst tot koop en verkoop van aandelen in het Vossenhol BV” gesloten. GHD c.s. wordt in de overeenkomst aangeduid als Forest Parq Veluwe. In de overeenkomst is afgesproken dat GHD c.s. de aandelen in Vossenhol BV koopt van [eis in verz sub 1] . In de overeenkomst staat verder, voor zover van belang in deze zaak, het volgende;
“ Artikel 2 Koop en verkoop, rekening en risico
1. (…)
2. Green Home Developments en ParQio Leisure hebben daarbij het recht om
gezamenlijk hun rechten en verplichtingen onder deze Overeenkomst over te dragen
aan een gezamenlijk door hen op te richten (nieuwe) besloten vennootschap. In dat
geval blijven Green Home Developments en ParQio Leisure hoofdelijk aansprakelijk voor de nakoming van de verplichtingen onder deze Overeenkomst.
3. De Aandelen zijn vanaf 1 januari 2025 voor rekening en risico van Forest Parq Veluwe (de “Economische Overdrachtsdatum”).
4. De levering van de Aandelen (hierna de “Levering”) door [eis in verz sub 1] aan Forest Parq Veluwe, zal uiterlijk op 30 juni 2025 plaatsvinden dan wel zoveel eerder als Partijen nader overeenkomen (de “Leveringsdatum”).
5. Mocht Forest Parq Veluwe de Aandelen niet uiterlijk op 30 juni 2025 overnemen dan is zij per direct een onmiddellijk opeisbare boete voor een bedrag groot EUR 400.000,- aan [eis in verz sub 1] verschuldigd. De verplichting tot het afnemen van de Aandelen blijft in dat geval bestaan en Forest Parq Veluwe dient in dat geval zich ertoe in te spannen om de Aandelen binnen een redelijke termijn alsnog over te nemen.
6. (…)
7. Tot de Levering zal Forest Parq Veluwe (om niet en zonder dat daartoe enige
vergoeding is verschuldigd) actief betrokken blijven bij de bedrijfsvoering van de
Vennootschap. Forest Parq Veluwe zal ter uitvoering van de te verrichte
werkzaamheden feitelijk de heer [naam 1] en de heer [naam 2] ter beschikking stellen. De Vennootschap zal zo nodig een volmacht verlenen aan Forest Parq Veluwe.
(…)
Artikel 6 Koopprijs en Betaling
De koopprijs van de Aandelen (hierna de “Koopprijs”) bedraagt EUR 3.950.000,- (driemiljoen negenhonderdvijftig duizend euro).
De Koopprijs is tussen Partijen op basis van onderhandeling tot stand gekomen.
3. Forest Parq Veluwe zal de Koopprijs als volgt betalen:
a) EUR 2.520.000,- (twee miljoen vijfhonderdtwintig duizend euro) ten laatste op de Leveringsdatum door bijschrijving op de derdengeldrekening van de Notaris onder de instructie aan de Notaris om dit deel van de Koopprijs direct na Levering bij te doen schrijven op de bankrekening van [eis in verz sub 1] ;
b) EUR 1.080.000,- (een miljoen tachtig duizend euro) zal op de Leveringsdatum worden omgezet in een door [eis in verz sub 1] aan Forest Parq Veluwe verstrekte lening (hierna de “1e Verkopers Lening”). Feitelijk betreft dit deel van de Koopprijs de overname door Forest Parq Veluwe van de rekening-courant schuld van de Vennootschap aan [eis in verz sub 1] . Indien dit, bijvoorbeeld om fiscale redenen, noodzakelijk is zullen Partijen de overname van deze rekening-courant verhouding op een voor [eis in verz sub 1] fiscaal optimale wijze vormgeven. De voorwaarden en condities van de omzetting in de 1e Verkopers Lening zijn opgenomen in de overeenkomst van geldlening die is aangehecht als Bijlage 4;
c) EUR 350.000,- (driehonderdvijftig duizend euro) zal op de Leveringsdatum
worden omgezet in een door [eis in verz sub 1] aan Forest Parq Veluwe verstrekte lening (hierna de “2e Verkopers Lening”). De voorwaarden en condities van de omzetting in de 2e Verkopers Lening zijn opgenomen in overeenkomst van geldlening die is aangehecht als Bijlage 5;
In aanloop naar de leveringsdatum zijn tussen partijen verschillende geschillen ontstaan. De aandelen zijn niet geleverd op 30 juni 2025. De geschillen zagen onder andere op de vraag of GHD c.s. de boete van € 400.000,00 genoemd in artikel 2.5 van de overeenkomst had verbeurd, de positie van Green Home Developments als partij bij de overeenkomst, de vraag of Green Home Developments extra zekerheid moest stellen en de vraag of GHD c.s. verplicht was om de beheerderswoning over te nemen. Zowel GHD c.s. als [eis in verz sub 1] zijn een kort gedingprocedure gestart. [eis in verz sub 1] met een vordering tot veroordeling van GHD c.s. tot betaling van de boete en GHD c.s. onder andere met een vordering tot veroordeling van [eis in verz sub 1] om de overeenkomst na te komen waaronder de levering van de aandelen. De zaken zijn gezamenlijk behandeld op een mondelinge behandeling van 20 augustus 2025. Ter zitting hebben partijen een schikking getroffen in beide zaken. Partijen zijn onder andere het volgende overeen gekomen:
“
1. [eis in verz sub 1] zal de aandelen in Het Vossenhol B.V. op 30 september 2025
leveren aan ParQio Leisure B.V. Voor het overige blijft de koopovereenkomst in stand
met dien verstande dat Greenhome Developments B.V. niet langer partij is bij die
overeenkomst maar wel aansprakelijk blijft voor nakoming van de twee
leningsovereenkomsten die deel uitmaken van de koopsom. En voorts wordt de boete
zoals opgenomen in artikel 2.5 van de koopovereenkomst verschuldigd indien niet
uiterlijk op 30 september 2025 de aandelen worden geleverd.
2. De verkoperslening van € 350.000,00 wordt vervroegd afgelost te weten uiterlijk op 30
november 2025.
3. Partijen zullen geen negatieve uitingen over elkaar doen op welke wijze dan ook. De lopende kort gedingprocedure tegen [eis in verz sub 2] zal worden ingetrokken.
4. [eis in verz sub 2] zal tot de levering van de aandelen welwillend het beheer blijven voeren over Het Vossenhol B.V.”
Op 1 september 2025 meldt ParQio per e-mail aan [eisers in verz] dat op 23 september 2025 een afspraak is gemaakt bij de notaris voor de overdracht van de aandelen met een voorstel om op die dag ook de overdracht van de administratie en de operationele overdracht plaats te laten vinden. Op 2 september 2025 verzoekt ParQio om een bevestiging van [eisers in verz] dat zij akkoord is met voornoemde afspraken en met de mededeling dat een huurder door [eisers in verz] is afgesloten van water en elektra met het verzoek om dit weer te herstellen. Op 5 september 2025 reageert [eisers in verz] per e-mail als volgt:
“Zouden jullie niet eerst een acte sturen, en met ons in overleg treden mbt de lening, het woonhuis en de extra zekerheden?
Stuur de acte maar vast naar [naam 3] , die moet het inhoudelijk bestuderen hij zal dan daarna
overleggen met mij. Dan zien we daarna wel of die afspraak op de 23e door kan gaan.
Ik heb geen bankpas voor jou aangevraagd, dat moet je zelf na de overdracht doen.”
Op 8 september 2025 bericht de advocaat van [eisers in verz] per e-mail het volgende aan de advocaat van GHD c.s.:
“Akkoord om een afspraak te maken voor een oplever ronde. Natuurlijk zal na de levering
de administratie en inlog gegevens bank worden overgelegd.
Zou u zo vriendelijk willen zijn om de door u genoemde versie van de eerder aan [eis in verz sub 2]
toegestuurde akte aan mij toe te sturen? Dan kan ik deze alvast controleren.
Voor wat betreft de chalets het volgende. Er worden momenteel inderdaad enkele chalets
verwijderd en verkocht. Dit is een beleid dat reeds eerder door uw cliënten (ParQio en
Greenhome) is ingezet. Het Vossenhol BV zet dit beleid gewoonweg door. De
verkoopopbrengst komt natuurlijk, op grond van het feit dat de economische eigendom
met terugwerkende kracht per 1 januari 2025 zal overgaan, ten goede aan Het Vossenhol
BV. In die zin is er dus geen sprake van enige benaderingshandeling.”
Op 14 juli 2025 en op 8 september 2025 heeft ParQio de conceptakte verstuurd naar [eisers in verz] Op 8 september 2025 vraagt de advocaat van [eisers in verz] per e-mail het volgende aan de advocaat van GHD c.s.:
“Bedankt voor de toegestuurde akte. Kan u mij aangeven wie of wat Uniq Exploitatie BV
is? Er is toch duidelijk overeengekomen dat geleverd zal gaan worden aan ParQio Leisure
BV. Het is voor [eis in verz sub 1] , mede gelet op de bepalingen in de 1e en 2e Verkopers
Lening niet akkoord dat de aandelen in Het Vossenhol worden doorverkocht aan Uniq
Exploitatie BV.”
Op 9 september 2025 reageert ParQio dat zij “onderstaande” organogram op 25 juni 2025 met [eisers in verz] heeft gedeeld en dat [eisers in verz] geen bezwaar had tegen Uniq Exploitatie B.V. (hierna: Uniq) In de bijgevoegde organogram staat onder andere het volgende:
De advocaat van [eisers in verz] vraagt ParQio om de e-mail te sturen waaruit blijkt dat [eisers in verz] geen bezwaar had tegen Uniq. De advocaat van GHD c.s. reageert daarop per e-mail van 9 september 2025 als volgt:
“De opstelling van uw cliënte wordt aan deze kant niet begrepen, want de koopovereenkomst biedt geen enkele steun aan die opstelling. Ik loop het volgende even met u af:
1.
De koopovereenkomst gaat uit van de situatie, dat mijn cliënten (eisers in kortgeding) samen de BV Forest Parq Veluwe zouden oprichten en aan die vennootschap zouden de aandelen worden geleverd. Ik De in de akte genoemde BV Uniq Exploitatie BV is een bestaande lege BV die de naam Forest Parq Veluwe zal krijgen, e.e.a. zoals blijkend uit het organogram dat [naam 4] u al toezond. Alles dus conform overeenkomst.
2.
Ik citeer verder art. 2 lid 2 uit overeenkomst:
Green Home Developments en ParQio Leisure hebben daarbij het recht om gezamenlijk hun
rechten en verplichtingen onder deze Overeenkomst over te dragen aan een gezamenlijk door hen op te richten (nieuwe) besloten vennootschap. In dat geval blijven Green Home Developments en ParQio Leisure hoofdelijk aansprakelijk voor de nakoming van de verplichtingen onder deze Overeenkomst.”
Zojuist maakte de rechtbank de datum van het kort geding bekend: donderdag 18 september a.s. om 10:30 uur. Behandelend rechter is ook nu mr Bierbooms. Ik vermeld nog, dat ik wel al uw verhinderdata heb opgegeven dat die kennelijk zijn gepasseerd omdat ze een tijdige behandeling onmogelijk maakten.”
De aandelen zijn inmiddels geleverd aan Uniq.
3. Het geschil
GHD c.s. heeft gevorderd dat de voorzieningenrechter, bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:
I.
[eis in verz sub 1] veroordeelt tot nakoming van de tussen partijen gesloten koopovereenkomst van 4 februari 2025 en de daarop doorgevoerde wijzigingen zoals blijkend uit het proces-verbaal van 20 augustus 2025, en daartoe alle noodzakelijke medewerking te verlenen, waaronder het verschijnen voor de notaris en/of het ten overstaan van deze laatste verlenen van een volmacht aan hem, en het verrichten van alle door de notaris voor het passeren van de notariële leveringsakte noodzakelijk geachte handelingen, met het oog op levering aan (primair) de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Uniq Exploitatie BV (KvK 93939751) dan wel (subsidiair) de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid ParQio Leisure BV (KvK 83895140) van de door [eis in verz sub 1] in het kapitaal van het Vossenhol B.V. gehouden aandelen;
met bepaling, voor de situatie dat [eis in verz sub 1] niet voetstoots na betekening van dit vonnis de bedoelde volledige medewerking geeft tot levering van de aandelen:
a.
het vonnis dezelfde rechtskracht toekomt als de rechtshandelingen die aan de zijde van [eis in verz sub 1] noodzakelijk zijn voor het opmaken van de notariële leveringsakte, een en ander met dien verstande dat het vonnis de handtekeningen van de zijde van [eis in verz sub 1] , althans haar bestuurder en aandeelhouder [eis in verz sub 2] , vervangt in die zin dat het de notaris, in zijn hoedanigheid van vertegenwoordiger van [eis in verz sub 1] , is toegestaan de rechtshandelingen zélf ten uitvoer te brengen;
b.
en voorts met bepaling dat - mochten (rechts)handelingen aan de zijde van [eis in verz sub 1]
noodzakelijk zijn om tot een gerede levering van de aandelen over te kunnen gaan, terwijl dit vonnis die specifieke (rechts)handelingen niet kan vervangen - [eis in verz sub 1] deze handelingen dient te verrichten binnen 24 uur nadat de notaris voor wie de leveringsakte zal worden gepasseerd per e-mail om het verrichten van die (rechts)handeling(en) heeft verzocht, met bepaling dat [eis in verz sub 1] een dwangsom van EUR 50.000,00 per dag verbeurt dat zij met voldoening aan dit onderdeel van het vonnis in gebreke blijft tot een maximum van EUR 400.000.00;
II
[eis in verz sub 1] en [eis in verz sub 2] in privé verbiedt, activa die blijkens de koopovereenkomst en de bijlagen daarbij onderdeel uitmaken van de koop te vervreemden of te verwijderen in welke zin dan ook, met bepaling dat [eis in verz sub 1] dan wel [eis in verz sub 2] in privé, een en ander afhankelijk van de vraag wie de vervreemding of verwijdering van activa heeft verricht tot betaling van een boete van € 100.000,00 per keer dat zij aldus activa verwijdert of vervreemdt, met bepaling van het maximum aan te verbeuren boetes op € 1.000.000,00;
III
[eis in verz sub 1] gebiedt, op normale, welwillende wijze mee te werken aan overdracht van de administratie van het Vossenhol BV inclusief bankpassen, wachtwoorden en inlogcodes, een en ander met bepaling dat deze medewerking dient te worden verleend vanaf de dag dat de aandelen worden geleverd, althans binnen een dag nadat het op dit punt te wijzen vonnis aan gedaagde is betekend, waarbij het laatste van die twee tijdstippen van toepassing is, met bepaling dat [eis in verz sub 1] een dwangsom van € 10.000,00 per dag verbeurt dat zij met het verlenen van de vereiste medewerking in gebreke blijft met een maximum van € 400.000,00.
met veroordeling van [eisers in verz] in de kosten van de procedure.
In het verstekvonnis zijn de vorderingen van GHD c.s. volledig toegewezen, met toewijzing van de primaire vordering, en is [eisers in verz] veroordeeld in de proceskosten.
[eisers in verz] vordert in het verzet dat het verstekvonnis wordt vernietigd en de voorzieningenrecht [eisers in verz] tot goed opposanten verklaart en/of de inleidende dagvaarding nietig verklaart en/of GHD c.s. niet-ontvankelijk verklaart en/of de vorderingen alsnog geheel of gedeeltelijk afwijst.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
4. De beoordeling
Het verzet is op tijd en op de juiste wijze ingesteld.
het beroep op nietigheid van de dagvaarding wordt verworpen
[eisers in verz] voert primair als verweer aan dat de dagvaarding nietig is omdat niet duidelijk is waar de inleidende dagvaarding is betekend. In de omschrijving wordt zowel verwezen naar het kantoor van de voormalig advocaat van [eisers in verz] als naar het kantoor- en thuisadres van [eisers in verz] heeft de dagvaarding niet ontvangen maar is pas op de hoogte geraakt van de procedure doordat de betekende dagvaarding per e-mail werd toegestuurd, aldus [eisers in verz]
De vraag in hoeverre de dagvaarding juist is betekend kan buiten beschouwing blijven. Door te verschijnen in verzet wordt eventuele nietigheid gedekt. Op grond van artikel 122 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering wordt een beroep op nietigheid van de dagvaarding door de gedaagde die in verzet is gekomen verworpen indien dat beroep naar het oordeel van de rechter de gedaagde niet onredelijk in zijn belangen heeft geschaad. [eisers in verz] heeft niet gesteld waarom zij, nu zij inmiddels is verschenen en de instantie is heropend, in haar belangen is geschaad. Het beroep op nietigheid van de dagvaarding wordt daarom verworpen.
spoedeisend belang
Gezien de samenhang tussen de vraag of sprake is van een spoedeisend belang en de inhoudelijke beoordeling van de vorderingen zullen deze gelijktijdig beoordeeld worden.
[eis in verz sub 1] was verplicht om mee te werken aan levering van de aandelen aan Uniq
[eis in verz sub 1] betwist dat zij verplicht was om de aandelen te leveren aan Uniq. De overeenkomst was gesloten met GHD c.s. en bij de schikking is afgesproken dat [eisers in verz] aan ParQio zou leveren, aldus [eisers in verz] .
Het verweer van [eisers in verz] wordt verworpen. Uit de overeenkomst (artikel 2.2.) blijkt dat [eis in verz sub 1] wist dat GHD c.s. voornemens was om de aandelen in een andere vennootschap onder te brengen en [eis in verz sub 1] is daarmee akkoord gegaan. Er wordt in de overeenkomst weliswaar gesproken over een nieuw op te richten BV, maar GHD c.s. heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de situatie inmiddels is veranderd onder andere omdat Green Home Developments geen partij meer is bij de overeenkomst. Bovendien heeft GHD c.s. al op 25 juni 2025 een organogram overgelegd aan [eisers in verz] waaruit blijkt dat GHD c.s. voornemens was om de aandelen over te dragen aan Uniq. [eisers in verz] heeft daar geen bezwaar tegen gemaakt. Verder heeft [eisers in verz] onvoldoende aannemelijk gemaakt wat haar materiële belang is bij haar standpunt dat zij alleen aan een nieuw op te richten BV wil leveren. [eisers in verz] heeft aangevoerd dat zij de aandelen alleen wil overdragen aan een ‘schone’ BV zonder schulden. Nergens blijkt echter uit dat Uniq schulden heeft. Volgens GHD c.s. gaat het om een schone BV zonder schulden en dat is door [eisers in verz] niet betwist. Het feit dat in de schikking ter zitting is opgenomen is afgesproken dat zou worden geleverd aan ParQio doet daar niet aan af. Destijds lag niet de kwestie voor of conform de overeenkomst mocht worden geleverd aan een andere BV, het ging er vooral om dat Green Home Developments geen partij meer zou zijn bij de overeenkomst. In de schikking is bepaald dat de overeenkomst verder in stand blijft en nergens blijkt uit dat partijen hebben bedoeld om af te wijken van artikel 2.2 van de overeenkomst. [eis in verz sub 1] was daarom verplicht om mee te werken aan de levering van de aandelen aan Uniq.
[eisers in verz] heeft ter zitting aangevoerd dat GHD c.s. geen belang meer heeft bij haar vordering omdat de aandelen inmiddels zijn geleverd. Het klopt dat GHD c.s. nu geen belang meer heeft bij de vorderingen. Dat belang was er echter wel ten tijde van de dagvaarding en het verstekvonnis. De aandelen waren nog niet geleverd en voldoende blijkt dat de medewerking van [eisers in verz] moeizaam ging. De voorzieningenrechter acht het feit dat [eisers in verz] nadat partijen ter zitting een schikking hadden getroffen wederom een factuur stuurde naar Green Home Developments en in haar e-mail van 5 september 2025 (2.3) terugkomt op de punten die juist ter zitting waren geschikt (de lening, het woonhuis en extra zekerheden) om af te sluiten met ‘dan zien we daarna wel of die afspraak op de 23e door kan gaan’ alleen al voldoende om een (spoedeisend) belang bij een veroordeling tot medewerking voor GHD c.s. aan te nemen ten tijde van het wijzen van het verstekvonnis. De voorzieningenrechter vernietigt de veroordeling onder 3.1 daarom alleen voor zover de uitgesproken veroordeling zich uitstrekt over de periode nadat de aandelen zijn geleverd.
de veroordeling die [eisers in verz] verbiedt om activa te verwijderen wordt bekrachtigd
[eisers in verz] stelt dat er geen enkele aanleiding of grond is voor het verbod omdat [eisers in verz] niets heeft vervreemd of verwijderd. Dit standpunt was echter anders dan [eisers in verz] in de e-mail van haar advocaat van 8 september 2025 (2.4) zegt. In die e-mail is nog het standpunt ingenomen dat het verwijderen van de chalets werd gedaan als onderdeel van de normale bedrijfsvoering. Ook ter zitting verklaart [eisers in verz] weer tegenstrijdig met het standpunt in de dagvaarding en stelt zij dat ze werkte in opdracht van GHD c.s. Dit is door GHD c.s. betwist. Het blijft daarom onduidelijk of/waarom/wanneer en waarom er activa door [eisers in verz] is verwijderd. GHD c.s. heeft daarom belang bij toewijzing van de vordering. Het belang is ook spoedeisend omdat het gaat om een actuele dreiging dat [eisers in verz] activa zou gaan/gaat verwijderen. De vordering wordt ook toegewezen ten opzichte van [eis in verz sub 2] . Het verwijderen van de genoemde activa is een feitelijke handeling en het is daarom niet duidelijk in welke hoedanigheid [eis in verz sub 2] dit zou hebben gedaan. [eis in verz sub 2] mag ook niet in privé activa verwijderen.
[eisers in verz] wordt veroordeeld tot afgifte van de administratie
[eisers in verz] voert primair aan dat GHD c.s. geen recht (meer) heeft op afgifte van de administratie omdat zij dit recht heeft overgedragen aan Uniq. GHD c.s. betwist niet dat zij rechten heeft overgedragen aan Uniq maar stelt dat zij het recht ook zelf (nog) heeft. Uit de overeenkomst blijkt dat het niet de bedoeling van partijen was om Uniq exclusief in de plaats van GHD c.s. te laten treden. Zo is destijds opgenomen dat GHD en ParQio hoofdelijk aansprakelijk blijven voor de nakoming van de verplichtingen onder de overeenkomst. Verder heeft GHD c.s. eveneens recht op en belang bij afgifte van de administratie omdat volgens de overeenkomst vanaf 1 januari 2025 het bedrijfsresultaat voor rekening en risico van GHD c.s. is en dit bedrijfsresultaat wordt verrekend met de verkopersleningen waaraan GHD c.s. is verbonden (en waarbij Uniq geen partij is). Dit bedrijfsresultaat kan alleen worden bepaald met behulp van de administratie. Ten slotte geeft ook het argument dat GHD c.s. vanaf 1 januari 2025 tot overdracht van de aandelen economisch eigenaar was een belang en recht voor GHD c.s. bij afgifte van de administratie. GHD c.s. moet kunnen controleren wat er in dat halfjaar heeft plaatsgevonden, dat recht is niet alleen voorbehouden aan Uniq omdat zij nu de aandeelhouder is. Het belang is tevens spoedeisend omdat van GHD c.s. niet verwacht kan worden dat zij de uitkomst in de bodemprocedure afwacht. De lening is inmiddels opeisbaar en GHD c.s. dient op korte termijn volledig inzicht te krijgen in de administratie.
Ten aanzien van de afgifte van de administratie heeft [eisers in verz] ook tegenstrijdige standpunten ingenomen. Zo zou ze de administratie hebben laten staan bij de receptie (ter zitting ingenomen standpunt), zou de administratie worden afgegeven na de opleverronde (productie 26 aan de zijde van GHD c.s. email 8 september 2025 van [eisers in verz] aan GHD c.s.), zou de administratie worden afgegeven als [eisers in verz] in de verzetprocedure wordt veroordeeld om mee te werken aan de levering van de aandelen aan Uniq (verzetdagvaarding) of is alles al afgegeven (ter zitting). In ieder geval heeft [eisers in verz] niet willen meewerken aan een opleverronde waarbij de administratie in persoon wordt afgegeven aan GHD c.s. Dit heeft bijgedragen aan de onduidelijkheid en discussie omtrent de administratie. GHD c.s. heeft daarom belang bij haar vordering dat [eisers in verz] wordt veroordeeld om de administratie af te geven.
Het argument dat de vordering te ruim is geformuleerd wordt niet gevolgd. [eis in verz sub 1] dient alle administratie die zij in het bezit heeft van het Vossenhol BV over te dragen aan GHD c.s. Bovendien heeft GHD c.s. gespecificeerd welke stukken zij specifiek wil (zie bijvoorbeeld productie 52 aan de zijde van GHD c.s.). Deze stukken dient [eis in verz sub 1] in ieder geval te verstrekken. In de e-mail van 10 november 2025 van GHD c.s. aan [eis in verz sub 1] (productie 55 aan de zijde van GHD c.s.) heeft GHD c.s. voldoende toegelicht waarom zij, ondanks dat [naam 1] een account heeft afgesloten bij [naam 5] , administratie van [eis in verz sub 1] nodig heeft. Kennelijk, dat is uiteindelijk ook zo duidelijk geworden ter zitting, staat op de vaste computer van [eisers in verz] bij [naam 6] thuis administratie in het programma Muis. Deze informatie heeft [eis in verz sub 1] niet ter beschikking gesteld waardoor GHD c.s. geen toegang heeft tot deze informatie. Deze administratie en alle andere administratie die GHD c.s. vraagt, dient [eisers in verz] te verstrekken op eerste verzoek van GHD c.s. op de door GHD c.s. gevraagde wijze. Ook als [eis in verz sub 1] van mening is dat GHD c.s. al toegang heeft tot deze administratie of zegt dat GHD c.s. de administratie al bezit. Zolang [eis in verz sub 1] de administratie heeft dient zij deze (nogmaals) te verstrekken aan GHD c.s. op hun verzoek. Dit omdat tot nu toe tegenstrijdig, onduidelijk of niet is gereageerd op het verzoek van GHD c.s. om de administratie af te geven, op de vraag wanneer de administratie wordt afgegeven en welke administratie [eis in verz sub 1] al heeft verstrekt. [eis in verz sub 1] hoeft alleen geen administratie af te geven die zij niet heeft. [eis in verz sub 1] dient dan wel toe te lichten waarom zij deze administratie niet heeft en wat daar mee gebeurd is.
Een belangenafweging brengt mee dat [eisers in verz] wel pas vanaf heden wordt veroordeeld om mee te werken aan afgifte van de administratie en dat de veroordeling in het verstrekvonnis niet wordt bekrachtigd. Dit omdat pas in de verzetprocedure de discussie uitgebreid is gevoerd over welke administratie wel is afgegeven, welke niet, waarom de administratie die [eisers in verz] heeft laten staan niet voldoet, welke verweren [eisers in verz] heeft tegen de vordering en wat het oordeel van de voorzieningenrechter is met inachtneming van deze verweren. Hoewel zoals al eerder opgemerkt [eisers in verz] tegenstrijdig reageert en niet heeft meegewerkt aan afgifte van de administratie in persoon bij de overdracht, weegt dit niet op tegen het feit dat het voor [eisers in verz] duidelijk moet zijn dat zij wordt veroordeeld, op straffe van een dwangsom, om alle administratie die zij heeft van het Vossenhol en af te geven waar GHD c.s. om vraagt, ook als zij zegt dat zij die al heeft afgegeven.
dwangmiddelen
[eisers in verz] stelt dat de dwangsommen te hoog zijn. De voorzieningenrechter volgt dit verweer. Uit voorgaande blijkt voldoende dat [eisers in verz] een prikkel nodig heeft om de veroordeling na te komen maar de voorzieningenrechter acht de dwangsommen te hoog. De dwangsommen worden daarom gematigd zoals vermeld in het dictum.
De dwangsomveroordeling onder 3.3. van het verstekvonnis blijft in stand (met uitzondering van de hoogte van de dwangsommen die zoals hiervoor vermeld, wordt gematigd) ondanks dat sprake was van een veroordeling op straffe van reële executie. Voor de veroordeling onder 3.3. is expliciet bepaald dat alleen dwangsommen worden verbeurd voor rechtshandelingen die door het vonnis niet kunnen worden vervangen. De voorzieningenrechter kan [eisers in verz] daarom niet volgen in haar standpunt dat de dwangsommen overbodig zijn omdat de veroordeling op straffe van reële executie wordt toegewezen. De vordering onder 3.2. die ziet op de reële executie wordt afgewezen omdat geen belang (meer) is bij reële executie nu de aandelen inmiddels zijn overgedragen.
Het verstekvonnis wordt daarom bekrachtigd met uitzondering van de vordering onder 3.1. die wordt vernietigd zover het betreft de periode na de levering van de aandelen, de veroordeling onder 3.2. en de veroordeling onder 3.5. die geheel worden vernietigd en waarbij opnieuw recht wordt gedaan.
[eisers in verz] is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van GHD c.s. c.s. worden begroot op:
- salaris advocaat
€
1.107,00
- nakosten
€
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
1.999,00
De veroordeling wordt (deels) hoofdelijk uitgesproken. Dat betekent dat iedere veroordeelde kan worden gedwongen het hele bedrag te betalen. Als de één (een deel) betaalt, hoeft de ander dat (deel van het) bedrag niet meer te betalen.
5. De beslissing
De voorzieningenrechter
bekrachtigt het verstekvonnis van 18 september 2025 met zaaknummer C/05/456504 / KZ ZA 25-148 voor zover het betreft het dictum onder 3.1. voor zover de veroordeling ziet op de periode tot en met het moment van levering van de aandelen,
bekrachtigt het verstekvonnis van 18 september 2025 met zaaknummer C/05/456504 / KZ ZA 25-148 voor zover het betreft het dictum onder 3.3. met matiging van de dwangsom naar € 10.000,00 per dag dat [eis in verz sub 1] met voldoening aan dit onderdeel in gebreke blijft tot een maximum van € 100.000,00,
bekrachtigt het verstekvonnis van 18 september 2025 met zaaknummer C/05/456504 / KZ ZA 25-148 voor zover het betreft het dictum onder 3.4. met matiging van de dwangsom naar € 100.000,00 per keer dat [eisers in verz] aldus activa verwijdert of vervreemdt, met een maximum van € 500.000,00,
bekrachtigt het verstekvonnis van 18 september 2025 met zaaknummer C/05/456504 / KZ ZA 25-148 voor zover het betreft de dicta onder 3.6. en 3.7.,
vernietigt het verstekvonnis van 18 september 2025 met zaaknummer C/05/456504 / KZ ZA 25-148 voor zover het betreft het dictum onder 3.1. voor zover het ziet op de periode na het moment van levering van de aandelen,
vernietigt het verstekvonnis van 18 september 2025 met zaaknummer C/05/456504 / KZ ZA 25-148 voor zover het betreft de dicta onder 3.3 en 3.4 voor zover de veroordeling de onder 5.2 en 5.3 genoemde gematigde dwangsommen te boven gaat,
vernietigt het verstekvonnis van 18 september 2025 met zaaknummer C/05/456504 / KZ ZA 25-148 voor zover het betreft de dicta onder 3.2. en 3.5.,
doet opnieuw recht:
gebiedt dat [eis in verz sub 1] , op normale, welwillende wijze meewerkt aan overdracht van de administratie van het Vossenhol BV inclusief bankpassen, wachtwoorden en inlogcodes, een en ander met bepaling dat deze medewerking dient te worden verleend nadat dit vonnis aan gedaagde is betekend en vervolgens binnen een dag nadat GHD c.s. de administratie opvraagt, voor zover mogelijk gespecificeerd en met opgave van de wijze waarop zij de administratie wenst te ontvangen, met bepaling dat [eis in verz sub 1] een dwangsom van € 10.000,00 per dag verbeurt dat zij met het verlenen van de vereiste medewerking in gebreke blijft met een maximum van € 100.000,00,
veroordeelt [eisers in verz] hoofdelijk in de proceskosten van de verzetprocedure van € 1.999,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als [eisers in verz] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.F.A. Bierbooms en in het openbaar uitgesproken op 12 december 2025.
LS