RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats: Arnhem
Parketnummer: 05/245302-23
Datum uitspraak : 16 oktober 2025
Tegenspraak
vonnis van de meervoudige economische kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte] ,
geboren op [geboortedatum] 1990 in [geboorteplaats],
wonende aan de [adres] ([postcode]) [woonplaats].
Raadsman: mr. J.G. Roethof, advocaat in Arnhem.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 02 oktober 2025.
1. De inhoud van de tenlastelegging
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
feit 1
hij op of omstreeks 17 augustus 2023 te Arnhem, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, al dan niet opzettelijk, op en/of om de bodem een handeling al bedoeld in artikel 6 tot en met 11 van de Wet bodembescherming heeft verricht, bestaande uit het storten en/of lozen en of neerleggen en/of vervoeren en/of overslaan en/of opslaan van (gevaarlijke) (afval)stoffen afkomstig van/voor de vervaardiging/bereiding van synthetische drugs, immers heeft/hebben hij, verdachte en/of zijn mededader(s) op of omstreeks 17 augustus 2023 nabij de kruising van de Laakoever en de Grote Molenstraat te
Arnhem, een of meer (afval)stoffen, te weten (restanten van) een chemische vloeistof en/of
(gevaarlijke) (afval) stoffen en/of een of meer jerrycan(s) en/of vat(en) afvalstoffen afkomstig van de vervaardiging van (meth)amfetamine uit BMK, gestort en/of achtergelaten en/of op/in de
bodem gebracht terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) kunnen vermoeden dat door die handeling(en) de bodem kon worden verontreinigd en/of aangetast, en al dan niet opzettelijk niet aan zijn/hun verplichting heeft/hebben voldaan alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem en/of zijn mededader(s) kon(den) worden gevergd, teneinde die verontreiniging en/of aantasting te voorkomen dan wel, terwijl die verontreiniging en/of aantasting zich voordeed, de verontreiniging of aantasting en de directe gevolgen daarvan te beperken en zoveel mogelijk ongedaan te maken;
feit 2
hij op of omstreeks 17 augustus 2023 te Arnhem, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, al dan niet opzettelijk (een) handeling(en) met afvalstoffen heeft verricht en/of heeft nagelaten, waarvan hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) redelijkerwijs had(en) kunnen weten dat daardoor nadelige gevolgen voor
het milieu ontstonden en/of konden ontstaan, terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) niet aan zijn/hun verplichting heeft/hebben voldaan alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem en/of zijn mededaders(s) konden worden gevergd, teneinde die gevolgen zo veel mogelijk te voorkomen en/of te beperken, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) op of omstreeks 17 augustus 2023 te Arnhem, een (grote) hoeveelheid vat(en) en/of jerrycan(s) met
(restanten) van (gevaarlijke) stoffen, althans afval afkomstig van de vervaardiging van (meth)amfetamine uit BMK, gestort en/of achtergelaten en/of op/in de bodem gebracht in en/of
nabij de kruising van de Laakoever en de Grote Molenstraat te Arnhem.
2. De standpunten
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen kan worden en heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden.
De verdediging heeft voor vrijspraak gepleit.
3. Vrijspraak
De zaak
Op 17 augustus 2023 heeft de politie meldingen ontvangen dat twee personen op een nader genoemde locatie in Arnhem meerdere jerrycans zouden hebben weggegooid. Ter plaatse werden jerrycans aangetroffen. De twee personen reden volgens getuigen in een witte bestelbus met het kenteken [kenteken]. Dezelfde dag werd de witte bestelbus aangetroffen en de twee inzittenden werden aangehouden. Dit bleken medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] te zijn. De politie rook in de witte bestelbus een chemische zoete geur, hen ambtshalve bekend als de geur van drugsafval. [medeverdachte 1] heeft bekend dat hij drugsafval had gedumpt en [medeverdachte 2] heeft bekend [medeverdachte 1] hierbij te hebben geholpen. In de aangetroffen jerrycans zijn de stoffen BMK (benzylmethylketon) en fosforzuur aangetoond. BMK is een grondstof voor amfetamine en metamfetamine. Fosforzuur kan worden gebruikt bij de vervaardiging en/of bewerking van diverse drugs, waaronder de vervaardiging van BMK.
Een dag later, op 18 augustus 2023, meldde verdachte zich bij het politiebureau om de in beslag genomen witte bestelbus met kenteken [kenteken] op te halen. Verdachte heeft verklaard dat hij de bus heeft verhuurd aan medeverdachte [medeverdachte 1]. Verdachte heeft hierbij naar eigen zeggen de ING-bankpas aan [medeverdachte 1] uitgeleend om te tanken.
Medeverdachte [medeverdachte 1] heeft verklaard dat hij de bus heeft opgehaald bij een kennis. In opdracht van die kennis zou hij het drugsafval moeten dumpen. Als hij dit zou doen mocht hij de bus lenen. Verder heeft hij een betaalpas voor het tanken ontvangen van degene van wie hij de bus had meegekregen. Degene van wie hij de bus had meegekregen was iemand die hij meneer [naam] noemde. [medeverdachte 1] heeft ook op de dag van de drugsdumping telefonisch en SMS-contact gehad met het, in zijn telefoon opgeslagen, contact ‘[naam]’.
p
Het telefoonnummer van het contact ‘[naam]’ wordt door de politie gekoppeld aan verdachte. Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij zich geen contact met [medeverdachte 1] op die specifieke dag kan herinneren, maar hij heeft in zijn algemeenheid wel vaker telefonisch contact met de huurder van de bus indien degene vragen heeft.
In een later verhoor heeft medeverdachte [medeverdachte 1] zijn eerdere verklaring over de betrokkenheid van ‘[naam]’ aangepast. Hij heeft verklaard dat ‘[naam]’ enkel de bus ter beschikking heeft gesteld en niet degene is die hem opdrachten heeft gegeven.
De overwegingen van de rechtbank
De rechtbank zal gelet op de samenhang tussen de ten laste gelegde feiten, de feiten gezamenlijk bespreken.
Gelet op het voorgaande en het verhandelde ter terechtzitting is gebleken dat verdachte een witte bestelbus aan [medeverdachte 1] heeft verhuurd of uitgeleend. Hij heeft hierbij een betaalpas meegegeven. De rechtbank gaat ervan uit dat er telefonisch contact is geweest tussen [medeverdachte 1] en verdachte op 17 augustus 2023 en dat verdachte degene is wiens telefoonnummer in de telefoon van medeverdachte [medeverdachte 1] is opgeslagen als ‘[naam]’.Afgezien van de later door [medeverdachte 1] herroepen verklaring dat ‘[naam]’ opdracht tot de drugsafvaldumping had gegeven komt echter uit de bewijsmiddelen onvoldoende naar voren dat verdachte betrokkenheid heeft gehad bij de strafbare feiten in de zin dat hij daartoe opdracht heeft gegeven of er anderszins bij betrokken is geweest. Weliswaar zijn er aanwijzingen voor enige rol van verdachte, zoals het – naar het oordeel van de rechtbank ongebruikelijke – meegeven van een pinpas bij het verhuren van een bus en het telefonische contact tussen verdachte en [medeverdachte 1] rondom het tijdstip van de dumping, maar het dossier bevat onvoldoende bewijs voor het ten laste gelegde. De rechtbank zal verdachte daarom vrijspreken van de tenlastegelegde feiten.
4. De beslissing
De rechtbank spreekt verdachte vrij van het tenlastegelegde.