ECLI:NL:RBGEL:2025:5438

ECLI:NL:RBGEL:2025:5438, Rechtbank Gelderland, 30-05-2025, 05.321421.24

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 30-05-2025
Datum publicatie 29-12-2025
Zaaknummer 05.321421.24
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig

Samenvatting

Veroordeling voor openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen tot een gevangenisstraf van drie dagen met aftrek en een taakstraf van 150 uur, subsidiair 75 dagen hechtenis. De vordering van de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard en de officier van justitie wordt niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tenuitvoerlegging van een voorwaardelijk opgelegde straf.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Arnhem

Parketnummer: 05/321421-24

Datum uitspraak : 30 mei 2025

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 2001 in [geboorteplaats], wonende aan de [adres], [postcode] [woonplaats].

Raadsman: mr. M.S. Rozenbeek, advocaat in Haarlem.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op openbare terechtzittingen.

1. De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 20 juli 2024 te Nijmegen, althans in Nederland, openlijk, te weten op/aan de Keizer Karelplein en/of de Molenstraat, in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen één of meerdere personen, te weten [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] door:

- één of meerdere malen tegen het lichaam van die [slachtoffer 1] te duwen, en/of

- één of meerdere malen (met kracht) in/op/tegen het gezicht en/of het lichaam van die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] te slaan en/of te stompen.

2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de ten laste gelegde openlijke geweldpleging.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft bepleit dat verdachte moet worden vrijgesproken van het ten laste gelegde geweld gericht tegen [slachtoffer 2]. De verdediging stelt zich op het standpunt dat op de camerabeelden slechts te zien is dat verdachte een slaande beweging maakt en niet dat deze beweging [slachtoffer 2] raakt. Een onbekend gebleven persoon, niet zijnde medeverdachte [medeverdachte], heeft [slachtoffer 2] geslagen. Verdachte kent deze onbekend gebleven persoon niet en er is geen sprake geweest van onderlinge betrokkenheid. Voor het overige, waaronder het geweld gericht tegen [slachtoffer 1], heeft de verdediging geen bewijsverweer gevoerd.

Beoordeling door de rechtbank

Vaststaat dat op 20 juli 2024 aan het Keizer Karelplein te Nijmegen een vechtpartij heeft plaatsgevonden tussen meerdere personen.

Het dossier bevat camerabeelden waarop de vechtpartij is te zien. Verbalisant [verbalisant 1] heeft deze camerabeelden uitgekeken en de betrokken personen omschreven als verdachte 1, 2 en 3 en aangever 1 en 2.

Verbalisant [verbalisant 1] heeft de personen en beelden als volgt beschreven:

(…)

Aangever/slachtoffer 1:

- man;

- 40-50 jaar oud;

- licht getinte huidskleur;

- korte donkere haren;

- witte blouse;

- zwarte lange broek;

- zwarte schoenen.

Aangever/slachtoffer 2:

- man;

- 25-30 jaar;

- blanke huidskleur;

- donkere broek;

- donker t-shirt;

- lichte haarkleur.

(…)

04:49:13

Verdachten 1 en 2 en persoon 1 staan tegenover aangever 1.

04:49:18

Verdachte 1 duwt met beide handen aangever 1 naar achteren. Hierdoor zet aangever 1

één stap naar achter.

04:49:19

Aangever 1 pakt de armen van verdachte 1 vast terwijl verdachte 1 aangever 1 nog duwt

op zijn borst.

04:49:23

Verdachte 2 draait zich om en voegt zich bij verdachte 1.

04:49:24

Verdachte 1 haalt zich rechterarm naar achter, en haalt zijn rechterarm vervolgens

met kracht naar voren. Verdachte 1 had zijn rechtervuist gebald en slaat hiermee

aangever 1 op zijn linkerwang/oog. Direct na de klap draaide het hoofd en de romp van

aangever 1 naar rechts.

04:49:25

Aangever 1 laat verdachte 1 los en zet een stap naar achteren.

04:49:26

Aangever 2 klemt verdachte 1 vast bij zijn nek. Ik kan niet goed zien hoed dit

gebeurd. Hierdoor buigt het lichaam van verdachte 1 iets naar beneden. Gelijktijdig

loopt verdachte 2 achter aangever 1 aan, haalt met zijn rechter arm uit naar het

gezicht van aangever 1. Aangever 1 wordt geraakt op zijn linkerwang/-oog.

04:49:27

Als gevolg van de klap deinst aangever 1 achterover maar komt niet ten val. Direct

hierna haalt verdachte 2 uit met zijn linkerarm richting het gezicht van aangever 1.

Het is niet te zien of dit met een vuist of een vlakke hand gebeurd. Gelijktijdig

haalt verdachte 1 met zijn rechtervuist, welke is gebald, uit in de richting van het

gezicht van aangever 2. Aangever 2 wordt hierbij geraakt in zijn gezicht ter hoogte

van zijn ogen.

04:49:28

Aangever 1 haalt zijn linkerarm naar achteren en brengt deze met kracht naar voren om

verdachte 2 op zijn gezicht te slaan. Verdachte 2 bukte echter toen aangever 1 hem

wilde slaan en ontweek hierdoor de klap. Gelijktijdig lijkt het alsof aangever 2 aan

beweging met zijn rechterbeen maakt on de richting van de benen van verdachte 1.

Verdachte 1 struikelt half maar komt niet ten val.

04:49:29

Verdachte 2 halt wederom uit mijn zijn rechtervuist in de richting van het gezicht

van aangever 1 maar aangever 1 kan deze klap ontwijken.

04:49:31

Aangever 2 pakt verdachte 1 vast bij zijn kraag. Verdachte 3 bemoeit zich met de

situatie tussen verdachte 1 en aangever 2. Hij haalt zijn rechterarm naar achter en

brengt deze met kracht naar voren. Hij slaat hierbij aangever 2 met gebalde vuist

tweemaal op zijn hoofd. Hierdoor komt aangever 2 al bij de eerste klap ten val over

een prullenbak. Gelijktijdig zie ik dat verdachter 2 achter aangever 1 rent. Mijn

zicht werd belemmerd door twee palen met daarop verkeersborden.

04:49:34

Aangever 1 pakt met beide handen zijn neus vast en rent weg in de richting van de

Oranjesingel. Gelijktijdig zie ik dat aangever 2 nog steeds in dezelfde houding

voorover op een prullenbak hangt.

(…)

[slachtoffer 1] heeft aangifte gedaan van openbare geweldpleging op 20 juli 2024 omstreeks 04:45 uur in de buurt van het Keizer Karelplein in Nijmegen. De politie heeft foto’s van het letsel van [slachtoffer 1] gemaakt.

[slachtoffer 2] heeft aangifte gedaan van openlijke geweldpleging, gepleegd op 20 juli 2024 toen hij met zijn vriend ([slachtoffer 1]) richting het Keizer Karelplein in Nijmegen liep. De politie heeft foto’s van het letsel van [slachtoffer 2] gemaakt.

Op grond van voornoemde bewijsmiddelen en het onderzoek ter terechtzitting stelt de rechtbank het volgende vast.

Verdachte liep samen met medeverdachte [medeverdachte] de stad uit toen er vanuit een groep mensen wat werd geschreeuwd en gescholden, waarna een vechtpartij heeft plaatsgevonden. Verdachte heeft verklaard iemand een klap te hebben gegeven. Verdachte heeft verder verklaard dat hij degene is die door verbalisant [verbalisant 1] bij de beschrijving van de camerabeelden ‘verdachte 1’ wordt genoemd en dat [medeverdachte] in het proces-verbaal van [verbalisant 1] ‘verdachte 2’ wordt genoemd.

Verbalisant [verbalisant 1] omschrijft in het proces-verbaal de signalementen van twee aangevers. Gelet op de aangiftes, de letselfoto’s en de signalementen (de leeftijd, de huidskleur, de haarkleur en de witte blouse respectievelijk het donkere T-shirt) is, gelet op de overeenkomsten, vast te stellen dat ‘aangever 1’ [slachtoffer 1] is en dat ‘aangever 2’ [slachtoffer 2] is.

Uit de beschrijving van de camerabeelden volgt dat verdachte allereerst [slachtoffer 1] meermaals duwt en hem met een vuist tegen zijn gezicht slaat. Vervolgens slaat ook [medeverdachte] [slachtoffer 1] tegen zijn gezicht. Gelijktijdig haalt verdachte dan met zijn vuist uit richting [slachtoffer 2] en raakt hem ook in zijn gezicht. Pas daarna bemoeit de onbekend gebleven ‘verdachte 3’ zich met de situatie.

Uit het voorgaande volgt dat verdachte en medeverdachte [medeverdachte] elk een bijdrage van voldoende gewicht hebben geleverd aan het gebruikte geweld tegen [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2], terwijl dit geweld plaatsvond in het openbaar. Het ten laste gelegde feit, het in vereniging plegen van openlijk geweld door het duwen tegen het lichaam van [slachtoffer 1] en het slaan en/of stompen in het gezicht van [slachtoffer 1] én [slachtoffer 2], is daarmee wettig en overtuigend bewezen.

3. De bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

hij op of omstreeks 20 juli 2024 te Nijmegen, althans in Nederland, openlijk, te weten op/aan de Keizer Karelplein en/of de Molenstraat, in elk geval op of aan de openbare weg en/of op een voor het publiek toegankelijke plaats, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen één of meerdere personen, te weten [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] door:

- één of meerdere malen tegen het lichaam van die [slachtoffer 1] te duwen, en/of

- één of meerdere malen (met kracht) in/op/tegen het gezicht en/of het lichaam van die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] te slaan en/of te stompen.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4. De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen.

5. De strafbaarheid van het feit

Het feit is strafbaar.

6. De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7. De overwegingen ten aanzien van de straf

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot 3 maanden gevangenisstraf.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft bepleit dat verdachte een taakstraf conform de LOVS-oriëntatiepunten dient te worden opgelegd.

De beoordeling door de rechtbank

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.

Verdachte heeft zich samen met medeverdachte [medeverdachte] schuldig gemaakt aan het openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen door één van de slachtoffers te duwen en één of meerdere malen tegen het gezicht van beide slachtoffers te slaan. Verdachte heeft ervoor gekozen om de confrontatie aan te gaan en daarbij als eerste betrokkene te gaan slaan in plaats van uit de situatie weg te lopen. Dit gedrag rekent de rechtbank hem aan. De slachtoffers hebben hierbij lichamelijk letsel opgelopen. Dergelijke feiten maken ernstig inbreuk op de lichamelijke integriteit van de slachtoffers en dragen bij aan gevoelens van onveiligheid in de samenleving, in het bijzonder bij hen die daarvan slachtoffer of getuige zijn.

De rechtbank heeft bij de straftoemeting in het bijzonder in aanmerking genomen dat de openlijke geweldpleging heeft plaatsgevonden in het uitgaansleven tijdens de Nijmeegse Vierdaagse, waardoor er veel mensen op straat waren die dus getuige zijn geweest van het incident.

Uit het uittreksel justitiële documentatie van verdachte van 21 maart 2025 blijkt dat verdachte in 2020 is veroordeeld tot een taakstraf van 60 uren voor twee mishandelingen.

De reclassering heeft op 3 februari 2025 een rapport uitgebracht en hieruit blijkt het volgende. Verdachte heeft zijn leven op orde. Hij heeft werk met een inkomen waarvan hij kan rondkomen en er is sprake van stabiele huisvesting. Verder zijn er geen aanwijzingen voor problematisch middelengebruik. De reclassering ziet wel een mogelijk risico met betrekking tot het sociaal netwerk van verdachte. Verdachte is namelijk samen met een medeverdachte aangehouden. Verdachte heeft geen volledige openheid gegeven in het gesprek met de reclassering en hij heeft duidelijk laten merken dat hij weinig meerwaarde ziet in reclasseringsbemoeienis. De reclassering heeft onvoldoende zicht gekregen op eventuele criminogene factoren en ziet geen aanknopingspunten voor (reclasserings)interventies. De reclassering adviseert daarom geen bijzondere voorwaarden op te leggen. Daarnaast adviseert de reclassering het volwassenenstrafrecht toe te passen, omdat op basis van het uitgebreide wegingskader adolescentenstrafrecht geen indicatie naar voren is gekomen voor het toepassen van het jeugdstrafrecht.

De rechtbank overweegt dat de oriëntatiepunten voor straftoemeting van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS) wat betreft openlijke geweldpleging met lichamelijk letsel uitgaan van een taakstraf voor de duur van 150 uren. Verdachte en zijn medeverdachte hebben een vergelijkbare bijdrage gehad aan de openlijke geweldpleging. Gezien de justitiële documentatie van verdachte, zal de rechtbank verdachte naast een taakstraf een gevangenisstraf gelijk aan het voorarrest opleggen. Alles overwegende acht de rechtbank passend en geboden een gevangenisstraf voor de duur van 3 dagen met aftrek van het voorarrest en een taakstraf voor de duur van 150 uren.

8. De beoordeling van de civiele vordering

De benadeelde partij [slachtoffer 2] heeft in verband met het tenlastegelegde een vordering tot schadevergoeding ingediend. De benadeelde partij vordert € 4.734,83 aan materiële schade en € 800,- aan smartengeld, allebei vermeerderd met de wettelijke rente. Verder is om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel verzocht.

Standpunten

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partij kan worden toegewezen, met toekenning van de wettelijke rente, en vordert oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk in de vordering moet worden verklaard, omdat verdachte dient te worden vrijgesproken van handelingen ten aanzien van de benadeelde partij.

Overweging van de rechtbank

De benadeelde partij heeft materiële schade en smartengeld gevorderd op grond van artikel 6:106 lid 1 sub b BW onder ‘lichamelijk letsel’ en niet wegens ‘aantasting in zijn persoon op andere wijze’. Uit het dossier blijkt naar het oordeel van de rechtbank dat de benadeelde partij in die bewuste nacht niet alleen door verdachte is geslagen. Een onbekend gebleven persoon heeft de benadeelde partij ook geslagen en uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting blijkt niet dat tussen verdachte, de medeverdachte en de onbekend gebleven persoon sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking. Op grond van de vordering en op grond van het voorgaande kan de rechtbank, zonder nader onderzoek, niet vaststellen dat de gevorderde schade van de benadeelde partij het rechtstreekse gevolg is van het handelen van verdachte. Voor een (nadere) onderbouwing en bewijslevering van de door de benadeelde partij gestelde schade is in het strafproces geen plaats omdat dit een onevenredige belasting van het strafgeding zou opleveren. Daarom zal de rechtbank de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in de vordering. De benadeelde partij kan de vordering nog aan de burgerlijke rechter voorleggen.

9. De vordering tot tenuitvoerlegging (parketnummer 20/001148-22)

De politierechter heeft verdachte op 12 oktober 2022 veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand.

De rechtbank is van oordeel, zoals ook door de officier van justitie is gevorderd en door de raadsman is bepleit, dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard, omdat niet is voldaan aan de formele vereisten.

10. De toegepaste wettelijke bepalingen

De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 9, 22c, 22d en 141 van het Wetboek van Strafrecht.

11. De beslissing

De rechtbank:

 verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert het strafbare feit zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) dagen;

 beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

 legt op een taakstraf van 150 (honderdvijftig) uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 75 (vijfenzeventig) dagen;

 verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 2] niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade en smartengeld;

 verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de politierechter van 12 oktober 2022 voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van één maand (parketnummer 20/001148-22).

Dit vonnis is gewezen door mr. A. van Veldhuizen (voorzitter), mr. H.C. Leemreize en mr. J.M. Breimer, rechters, in tegenwoordigheid van mr. G.C. van de Fliert, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 30 mei 2025.

mr. Van de Fliert en mr. Van Veldhuizen zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. H.C. Leemreize
  • mr. J.M. Breimer

Griffier

  • mr. G.C. van de Fliert

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?