ECLI:NL:RBGEL:2025:9925

ECLI:NL:RBGEL:2025:9925, Rechtbank Gelderland, 10-03-2025, 327016

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 10-03-2025
Datum publicatie 01-12-2025
Zaaknummer 327016
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001903

Samenvatting

toetsing isd maatregel, voortzetting

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Zutphen

Parketnummers: 05/327016-22, 05/105071-22, 05/333991-21, 05/157313-22, 08/296113-22, 08/025313-23 (tussentijdse toetsing IDS-maatregel)

Datum uitspraak: 10 maart 2025

Beslissing van de meervoudige kamer ingevolge artikel 6:6:14 van het Wetboek van Strafvordering

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[veroordeelde]

geboren op [geboortedatum] 1991 in [geboorteplaats]

op dit moment gedetineerd in P.I. [P.I. 1] .

Raadsvrouw: mr. R.M. Bissumbhar, advocaat in Barneveld.

De procedure

Bij vonnis van de rechtbank Gelderland van 26 mei 2023 is aan veroordeelde de maatregel van plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders voor de duur van twee jaar opgelegd (hierna te noemen: ISD-maatregel). Bij brief van 3 januari 2025 is namens veroordeelde verzocht om een tussentijdse beoordeling van de noodzaak van de voortzetting van tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel.

Het onderzoek ter terechtzitting

Op de openbare terechtzitting van 24 februari 2025 zijn gehoord:

- veroordeelde;

- de raadsvrouw;

- de deskundige L. Stassen (sr. casemanager ISD in de P.I. [P.I. 1] );

- de officier van justitie.

Het standpunt van veroordeelde

De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat er geen noodzaak is tot voortzetting van de ISD-maatregel. Veroordeelde heeft zijn medewerking verleend aan diverse soorten hulpverlening, waaronder psycho-educatie en verslavingstherapie en gaat in de P.I. [P.I. 1] trouw naar de gesprekken met een psycholoog. Ook heeft hij zich tijdens de onbegeleide verloven aan de afspraken gehouden en slechts eenmaal een terugval gehad in alcoholgebruik. De maatregel is dan ook niet meer van belang voor het werken aan de verslavingsproblematiek van veroordeelde. Hiermee zijn de doelen, te weten het voorkomen van recidive en het beschermen van de maatschappij, behaald. Daarnaast is de ISD-maatregel niet meer zinvol. Veroordeelde is veelvuldig overgeplaatst waardoor hij de aangeboden hulpverlening niet aaneengesloten heeft kunnen afronden en een klinisch traject niet tot stand is gekomen. Ook buiten de P.I. zal veroordeelde meewerken aan afspraken. De maatregel is dan ook niet constructief en doelmatig, en werkt eerder neerslachtigheid in de hand.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft verzocht de ISD-maatregel voort te zetten. Zij heeft aangevoerd dat er bij veroordeelde sprake is van complexe problematiek, met instabiliteit op alle leefgebieden. Het recidive-risico is nog steeds aanwezig. Veroordeelde heeft kleine stappen gezet, maar het is van belang dat hij ook in de laatste maanden van de maatregel behandelingen blijft volgen.

De beoordeling

De ISD-maatregel strekt tot beveiliging van de maatschappij en de beëindiging van de recidive. De rechter beëindigt de maatregel indien hij naar aanleiding van de inlichtingen over de noodzaak van de voortzetting van de maatregel van oordeel is dat de verdere tenuitvoerlegging niet langer is vereist.

Daarbij geldt het volgende beslissingskader. Allereerst moet worden vastgesteld of opheffing van de maatregel zal leiden tot te verwachten onveiligheid, ernstige overlast en verloedering van het publieke domein. Daarna moet worden bezien of verdere voortzetting van de maatregel niet zinvol is door een omstandigheid die buiten de macht van betrokkene ligt. Daarbij is de bescherming van de maatschappij het primaire doel van de maatregel en derhalve van doorslaggevende betekenis.

Uit de tussentijdse ISD-rapportage van 10 februari 2025 en de ter terechtzitting gegeven toelichting van de deskundige leidt de rechtbank het volgende af.

De ISD-maatregel is op 29 juni 2023 van start gegaan. Veroordeelde verbleef op dat moment in het PPC [plaats] . Veroordeelde is een aantal keren niet komen opdagen bij de behandelgroep verslaving en na meerdere herinneringen is zijn deelname stopgezet. Er zijn hem verschillende therapieën aangeboden, maar veroordeelde haakte vrij snel af en ook aan het dagprogramma heeft hij niet deelgenomen. Wel was hij gemotiveerd voor verlof en het volgen van beeldende therapie en onderwijs. Vanaf 21 mei 2024 is veroordeelde een aantal malen overgeplaatst. Eerst naar de ISD-afdeling van de P.I. [P.I. 2] , toen terug naar het PPC [plaats] en op 18 november 2024 is hij geplaats op de ISD-afdeling van de P.I. [P.I. 1] . Er resteerde toen te weinig tijd om een klinisch traject te starten. Veroordeelde komt in de P.I. [P.I. 1] zijn afspraken netjes na en praat op regelmatige basis met een psycholoog. Hij volgt echter ook hier geen behandeling die ziet op zijn verslavingsproblematiek, waardoor het recidive risico onverminderd hoog is. Op eigen verzoek wordt veroordeelde, naar verwachting zeer binnenkort, overgeplaatst naar de ISD-afdeling van de P.I. [P.I. 2] . Daar zal gedurende de laatste maanden van de ISD-maatregel worden ingezet op een praktisch traject om zo stap voor stap aan het leven buiten de P.I. te kunnen wennen. Kijkend naar het psychisch wisselend welbevinden van veroordeelde zou een stap per direct naar buiten te groot zijn en ontregelend werken. De deskundige adviseert daarom om de ISD-maatregel voort te zetten.

De rechtbank overweegt dat als de ISD-maatregel nu beëindigd zou worden, veroordeelde zonder behandeling die ziet op zijn verslavingsproblematiek terugkeert in de maatschappij. Veroordeelde heeft namelijk niet willen meewerken aan een behandeling die gericht was op zijn middelenverslaving. Het recidiverisico is daardoor onveranderd hoog. Dat betekent dat opheffing van de ISD-maatregel zal leiden tot te verwachten onveiligheid, ernstige overlast en verloedering van het publieke domein. Door het voortzetten van de ISD-maatregel wordt de maatschappij beschermd tegen het mogelijk recidiveren van veroordeelde. Daarbij verwacht de rechtbank dat veroordeelde, mede gelet op zijn psychische kwetsbaarheid, ook in de laatste maanden van de ISD-maatregel baat kan hebben bij de aangeboden hulp en het voorgenomen praktische traject om hem stap voor stap naar buiten te begeleiden.

Gelet op het vorenstaande en in het licht bezien van voornoemd beslissingskader acht de rechtbank het noodzakelijk dat de ISD-maatregel wordt voortgezet.

De beslissing

De rechtbank:

beslist tot voortzetting van de tenuitvoerlegging van de bij vonnis van 26 mei 2023 aan [veroordeelde] opgelegde maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. M.C. Korevaar

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?