ECLI:NL:RBGEL:2026:1165

ECLI:NL:RBGEL:2026:1165

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 16-02-2026
Datum publicatie 17-02-2026
Zaaknummer 073862-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig

Samenvatting

Man veroordeeld als medepleger bij de diefstal van een vrachtwagentrekker en een lading babyvoeding. De rechtbank legt op een gevangenisstraf van 6 maanden.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Arnhem

Parketnummer: 05.073862-25

Datum uitspraak : 16 februari 2026

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum] 1967 in [geboorteplaats] ,

wonende aan het [adres 1] in Bosnië en Herzegovina.

raadsvrouw: mr. P.J.M. Groenhuis-Kools.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op een openbare terechtzitting.

1. De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1

hij in of omstreeks de periode van 18 januari 2025 tot en met 20 januari 2025 te

Barneveld en/of Harderwijk en/of Breda, althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

een opleggertrekker (merk DAF met kenteken [kenteken 1] ), in elk geval enig goed,

dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 1] en/of [aangever] , in elk geval

aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft

weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl

verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf

heeft/hebben verschaft en/of dat/die weg te nemen goed/goederen onder

zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking,

inklimming en/of een valse sleutel,

door onrechtmatig gebruik te maken van een originele (vrachtwagen)sleutel;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou

kunnen leiden:

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of een of meer onbekend gebleven personen in of

omstreeks de periode van 18 januari 2025 tot en met 20 januari 2025 te Barneveld

en/of Harderwijk en/of Breda, althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

een opleggertrekker (merk DAF met kenteken [kenteken 1] ), in elk geval enig goed,

dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 1] en/of [aangever] , in elk geval

aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft

weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl

verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf

heeft/hebben verschaft en/of dat/die weg te nemen goed/goederen onder

zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking,

inklimming en/of een valse sleutel,

door onrechtmatig gebruik te maken van een originele (vrachtwagen)sleutel

bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte in of omstreeks de periode van

18 januari 2025 tot en met 20 januari 2025 te Barneveld en/of Harderwijk en/of

Breda, althans in Nederland,

opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of

inlichtingen heeft verschaft, door

- de mededaders te vergezellen naar de plaats des misdrijfs en/of

- de opleggertrekker te besturen;

2

hij in of omstreeks de periode van 18 januari 2025 tot en met 20 januari 2025 te

Harderwijk en/of Breda, althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

een oplegger (merk KRONE met kenteken [kenteken 2] ) met pallets met babyvoeding,

in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 2]

en/of [bedrijf 3] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn

mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich

wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de

toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te

nemen goederen onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel

van braak, verbreking en/of inklimming;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou

kunnen leiden:

[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of een of meer onbekend gebleven personen in of

omstreeks de periode van 18 januari 2025 tot en met 20 januari 2025 te Harderwijk

en/of Breda, althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

een oplegger (merk KRONE met kenteken [kenteken 2] ) met pallets met babyvoeding,

in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 2]

en/of [bedrijf 3] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn

mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich

wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de

toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of dat/die weg te

nemen goed/goederen onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door

middel van braak, verbreking en/of inklimming

bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte in of omstreeks de periode van

18 januari 2025 tot en met 20 januari 2025 te Harderwijk en/of Breda, althans in

Nederland,

opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of

inlichtingen heeft verschaft, door

- de mededaders te vergezellen naar de plaats des misdrijfs en/of

- een opleggertrekker te besturen en/of

- voornoemde oplegger aan te koppelen en/of

- de combinatie, te weten de trekker met oplegger, te besturen;

2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder 1 primair en onder 2 primair ten laste gelegde feiten. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte als chauffeur van de vrachtwagen opzet heeft gehad op het, tezamen en in vereniging, plegen van diefstal van de vrachtwagentrekker en van de oplegger met de lading babyvoeding. Gelet op de handelingen en gedragingen kan volgens de officier van justitie niet anders worden geconcludeerd, dan dat verdachte de wetenschap heeft gehad dat hij gedurende twee achtereenvolgende dagen betrokken is geweest bij het plegen van deze diefstallen.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft bepleit dat verdachte van de tenlastegelegde feiten dient te worden vrijgesproken. De raadsman heeft aangevoerd dat verdachte, medeverdachte [medeverdachte 2] slechts wilde helpen en te goeder trouw akkoord ging om een vrachtwagen met lading te besturen, maar dat verdachte niet wist dat de vrachtwagentrekker en de oplegger zouden worden gestolen.

Beoordeling door de rechtbank

Op 21 januari 2025 is namens het bedrijf [bedrijf 1] aangifte gedaan van diefstal van een losse vrachtwagentrekker, voorzien van een Nederlands kenteken met nummer [kenteken 1] . In de nacht van zaterdag 18 januari 2025 op zondag 19 januari 2025 is deze vrachtwagen door minstens 4 personen vanaf een afgesloten terrein gelegen aan [adres 4] te Barneveld, weggenomen. In de vrachtwagentrekker lag de sleutel waarmee het voertuig gestart kon worden en waardoor ze met de vrachtwagentrekker konden wegrijden. Het terrein was met een elektronisch hekwerk afgesloten, voorzien van radardetectie. Dit elektronisch hekwerk werd vernield doordat een onbekend voorwerp tussen de hekkolom was gestopt.

Op 20 januari 2025 wordt namens [bedrijf 2] (hierna: [bedrijf 2] ) aangifte gedaan van diefstal, in de avond tussen 19 januari 2025 en 20 januari 2025, van een oplegger (trailer), van het merk Krone en voorzien van een kenteken met nummer [kenteken 2] . Deze oplegger stond op een afgesloten terrein van het bedrijf [bedrijf 2] aan de [adres 2] te Harderwijk. Dit terrein was goed afgesloten en de toegangspoort was niet zonder “tag” te openen. De toegangspoort van het terrein bleek opengebroken en geforceerd. In de trailer van [bedrijf 2] lagen 66 pallets beladen met babyvoeding van het merk [bedrijf 3] .

Verbalisant [verbalisant 1] heeft de camerabeelden bekeken die door de politie zijn ontvangen van [bedrijf 1] . Op deze beelden is de inrit van het terrein van [bedrijf 1] te zien. Uit het proces-verbaal dat hierover is opgemaakt blijkt dat op de beelden, gemaakt op 19 januari 2025 omstreeks 00:27:14 uur te zien is hoe 2 personen zich op het terrein van [bedrijf 1] rond de vrachtwagentrekkers begeven. Vervolgens is te zien dat het bestuurdersportier van één van de trekkers wordt geopend en dat een persoon in de cabine gaat zitten. Op beelden, gemaakt van een andere toegangspoort van [bedrijf 1] , is, omstreeks 05:40 uur, te zien dat twee donker geklede personen in de richting van het toegangshek lopen en vervolgens heen en weer over dit hek klimmen. De toegangspoort wordt geopend en het licht springt van rood naar groen en later weer naar rood. De mannen rennen terug naar de weg en zijn niet meer op beeld te zien. Op beelden van omstreeks 06:30:22 uur is vervolgens te zien dat vanuit rechts boven het beeld twee donkergeklede personen aan komen lopen en hun weg vervolgen (de rechtbank begrijpt: en uit beeld verdwijnen). Vervolgens ziet de verbalisant 4 personen aan komen rennen en richting het toegangshek lopen. Nadat het toegangshek door een van deze personen is geopend rennen 3 van de 4 personen het terrein op en lopen verder naar achteren. Daarna gaat het toegangshek automatisch open, springt het verkeerslicht van rood naar groen en komt om 06:33:39 uur een vrachtwagen vanaf het terrein aanrijden, die door het geopende toegangshek het terrein afrijdt. Daarna sluit het hek weer en rennen de twee personen, die nog bij het hek staan, weg in de richting van de vrachtwagen.

Op 20 januari 2025 heeft verbalisant [verbalisant 2] de camerabeelden van [bedrijf 2] , bestaande uit 3 bestanden en gemaakt met “camera zijhek” en “cameramast voor” bekeken.

Uit het door [verbalisant 2] opgemaakte proces-verbaal blijkt dat op het eerste bestand is te zien dat om 23:04:54 uur een vrachtwagen zonder oplegger (een gele trekker) langs het toegangshek rijdt. Een, geheel in het zwartgeklede, persoon komt in beeld (NN1) rennend vanaf een trailer rechts in beeld. Later komt een tweede persoon in beeld (NN2). NN1 gaat bij een grijs kastje naast het hek zitten. Om 23:07:03 uur schuift NN1 het hek open door deze naar links te duwen. Om 23:07:56 uur verschijnt de gele trekker opnieuw vanuit rechts in beeld en rijdt zonder oplegger, via het toegangshek het terrein op. Op de voorzijde van de trekker staat [bedrijf 1] en de grill van de trekker is rood.

Op de beelden van het tweede bestand is te zien dat om 23:08:06 uur een gele trekker links in beeld verschijnt en de chauffeur de trekker met de achterzijde recht voor een van de trailers zet. Vervolgens is te zien dat 2 personen zich rond een trailer bewegen, terwijl de chauffeur de vrachtwagen achteruitrijdt en deze onder een trailer plaatst. De verbalisant ziet dat om 23:24:18 de trekker in beweging komt en de trailer meebeweegt met de trekker. Hij zag zowel de trekker als de trailer vooruit bewegen waar de combinatie een aantal minuten stil staat. Omstreeks 23:29:08 rent een persoon in de richting van het toegangshek.

Op de beelden van het derde bestand is te zien dat NN1 en NN2 richting het toegangshek rennen en het hek openen. De verbalisant ziet links in beeld de gele trekker verschijnen, die wordt herkend als de gele trekker die eerder het terrein kwam oprijden zonder trailer. Achter de trekker is nu een trailer gekoppeld, wit van kleur en met het opschrift [bedrijf 2] . Op de achterkant staat het bedrijfslogo van [bedrijf 2] . Om 23:29:54 uur rijdt de gele trekker, die eerder zonder lading het terrein op was gereden, nu met oplegger, voorzien van het opschrift [bedrijf 2] , het terrein weer af. [verbalisant 2] herkent op de achterzijde van de trailer het rode bedrijfslogo van [bedrijf 2] NN1 en NN2 sluiten samen handmatig het toegangshek en verlaten om 23:30:18 uur het terrein.

Verbalisant [verbalisant 3] , belast met acties rondom trailerdiefstallen is op 19 januari 2025 door de meldkamer geïnformeerd dat de gestolen vrachtwagen van [bedrijf 1] was gevonden. Uit de gps-uitstraling bleek dat de vrachtwagen zich op dat moment op de [adres 3] te Harderwijk bevond. [verbalisant 3] , bekend met de modus operandi bij het wegnemen van vrachtwagens en trailers geladen met waardevolle goederen, kreeg toestemming van aangever [bedrijf 1] om de vrachtwagen te laten staat teneinde de dadergroep te kunnen volgen.

[verbalisant 3] bevond zich dientengevolge de avond van 19 januari 2025 in de buurt van Harderwijk en werd door de ICT-er van [bedrijf 1] geïnformeerd dat omstreeks 23:00 uur het contact van de vrachtwagen werd ingeschakeld en dat de vrachtwagen in beweging kwam. Volgens de satellietbeelden stond de vrachtwagen van [bedrijf 1] na 10 minuten op het terrein van [bedrijf 2] gelegen aan de [adres 2] te Harderwijk.

Op 20 januari 2025 omstreeks 23:15 uur zag verbalisant [verbalisant 4] de vrachtwagen van [bedrijf 1] geparkeerd staan ter hoogte van een laadstation van [bedrijf 2] . Hij herkende de vrachtwagen aan de gele kleur met rode accenten. Een trailer was gekoppeld aan de vrachtwagen. Vervolgens zag [verbalisant 4] 2 mannen om de vrachtwagen heen lopen, terwijl één van hen met een zaklamp in de cabine van de vrachtwagen scheen. Kort daarna zag [verbalisant 4] dat de vrachtwagen met de trailer in beweging kwam en via de Newtonweg in de richting van de N302 reed. Verbalisant [verbalisant 3] werd daarop door de ICT-er van [bedrijf 1] geïnformeerd dat het GPS-signal van de vrachtwagen niet langer zichtbaar was. De vrachtwagen met de trailer werd door de politie gevolgd tot aan Breda, waar deze uiteindelijk is onderschept. Verbalisant [verbalisant 3] heeft vervolgens de laadruimte van de trailer bekeken en zag dat deze vol was geladen met pallets babyvoeding. Onder de pallets zag hij een signaaljammer staan, welke geactiveerd was. Tevens opende [verbalisant 3] de bijrijdersdeur van de vrachtwagen en zag hij daar in de cabine een grotere jammer liggen, eveneens geactiveerd en aangesloten op de 12V aansluiting. In totaal zijn die avond 5 personen aangehouden, waaronder verdachte en medeverdachte [medeverdachte 2] , die zich op het moment van aanhouding, respectievelijk als bestuurder en bijrijder, in de vrachtwagen bevonden.

Medeverdachte [medeverdachte 3] , die samen met verdachte en drie andere personen in Breda werd aangehouden, heeft bij de politie verklaard dat hij op 18 januari 2025 door een onbekende man van een Marokkaanse of Syrische afkomst (die aangaf dat hij [naam] heette) is benaderd met het verzoek om de volgende dag (de rechtbank begrijpt op 19 januari 2025) tussen 21:00 en 22:00 uur iemand in Rotterdam op te halen. Om er maar vanaf te zijn heeft [medeverdachte 3] op 19 januari 2025 omstreeks 21:15 uur met zijn auto een persoon, zijnde een Marokkaanse man, op het door [naam] doorgegeven adres in Rotterdam opgehaald. [medeverdachte 3] heeft verklaard dat deze man (de rechtbank begrijpt dat hier medeverdachte [medeverdachte 2] bedoeld wordt) dezelfde persoon is die later in de vrachtwagen zat en is aangehouden. Voorts heeft [medeverdachte 3] , in opdracht van deze Marokkaanse man, een andere man in Rotterdam opgehaald. Deze man zag er volgens [medeverdachte 3] een beetje Servisch/Joegoslavisch/Pools uit (de rechtbank begrijpt dat hier verdachte bedoeld wordt). De Marokkaanse man had tegen [medeverdachte 3] gezegd dat ze in de buurt van Amsterdam een vrachtwagen moesten ophalen om vervolgens een trailer aan de vrachtwagen te koppelen. [medeverdachte 3] heeft hen naar Harderwijk gebracht en moest wachten tot ze klaar waren. [medeverdachte 3] heeft ook verklaard dat beide mannen samen uit de auto zijn gestapt en dat de Marokkaanse man met behulp van een afstandsbediening van de sleutel de vrachtwagen heeft geopend, hetgeen hij afleidde uit het kort knipperen van de oranje lampen van de vrachtwagen. Beide mannen zijn vervolgens in de vrachtwagen gestapt en samen weggereden. [medeverdachte 3] is met zijn eigen auto meegereden tot in Breda.

Verdachte heeft ter zitting verklaard dat hij op 18 januari 2025 door medeverdachte [medeverdachte 2] , die hij kent als “ [medeverdachte 2] ”, is gebeld met de vraag of hij iemand kende die met een vrachtwagen van Barneveld naar Breda kon rijden. Verdachte ging hiermee akkoord, omdat hij niemand anders kon vinden en omdat [medeverdachte 2] zei dat het spoed had. Verdachte heeft verder verklaard dat hij diezelfde avond door 2 jongens en [medeverdachte 2] bij zijn woning met een grote, donkere auto (hij dacht een Porsche) werd opgehaald. Samen met [medeverdachte 2] is hij vervolgens naar Barneveld gebracht, waar zij de vrachtwagen bij het bedrijf van [bedrijf 1] hebben opgehaald. Buiten het terrein van dit bedrijf stonden 2 jongens die het hek hebben geopend. Volgens verdachte had [medeverdachte 2] hem verteld dat ze de oplegger met lading pas de volgende dag konden ophalen, omdat deze nog niet gereed was. Verder heeft verdachte verklaard dat hij de volgende avond (de rechtbank begrijpt op 19 januari) wederom door 2 (andere) jongens (en dit keer) in een Seat Ibiza, werd opgehaald en dat hij samen met [medeverdachte 2] naar Harderwijk, naar de daar eerder geparkeerde vrachtwagentrekker, is gebracht. Verdachte bestuurde hierna de vrachtwagen, terwijl [medeverdachte 2] als bijrijder meereed. In Harderwijk hebben zij op het terrein van [bedrijf 2] een oplegger aan de vrachtwagen gekoppeld. Opnieuw is het hek door twee jongens geopend. Verdachte heeft verklaard dat hij telkens informatie van [medeverdachte 2] kreeg over de bestemming. [medeverdachte 2] had verteld dat de trailer met babypoeder was geladen en behoorlijk zwaar was. Verdachte vond het niet vreemd dat dit allemaal in de avond en nachtelijke uren moest gebeuren.

Volgens verdachte is het in de transportwereld gebruikelijk om in de avonduren een vrachtwagen te besturen, omdat het laat in de avonduren minder druk is op de weg. Het was niet vreemd dat hij de eerste dag een trekker op haalde en de tweede dag een trailer. Ook het feit dat de sleutel in de vrachtwagen lag en dat de toegangshekken bij de bedrijven door onbekende mensen met donkere kleding werden geopend vond hij niet vreemd, aldus verdachte. Pas bij zijn aanhouding door de politie realiseerde hij zich dat hij betrokken was bij diefstal van de vrachtwagentrekker en een trailer geladen met babyvoeding.

De rechtbank stelt voorop dat de betrokkenheid aan een strafbaar feit als medeplegen kan worden bewezenverklaard wanneer is komen vast te staan dat bij het begaan daarvan sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen betrokken plegers.

Uit het dossier en het onderzoek ter terechtzitting leidt de rechtbank met betrekking tot de betrokkenheid van verdachte bij het tenlastegelegde het volgende af. Verdachte is door medeverdachte [medeverdachte 2] benaderd om een klusje te doen. Dit klusje hield in dat verdachte een vrachtwagentrekker in Barneveld moest ophalen, deze naar Harderwijk moest rijden om daar een oplegger op te halen om deze aan de vrachtwagentrekker te koppelen en naar Breda te transporteren.

De rechtbank is van oordeel dat naar de uiterlijke verschijningsvorm, zoals blijkt uit de beschrijving van de camerabeelden opgenomen bij [bedrijf 1] en [bedrijf 2] , sprake is van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte, medeverdachte [medeverdachte 2] en nog andere onbekende mensen, die in de kern bestaat uit een gezamenlijke uitvoering. Verdachte en medeverdachte [medeverdachte 2] hebben gedurende 2 dagen en met dezelfde modus operandi samen een vrachtwagentrekker en een oplegger, geladen met pallets babyvoeding, weggenomen door afgesloten bedrijventerreinen te betreden en toegangspoorten te vernielen. Verdachte en [medeverdachte 2] worden door 2 personen opgehaald en rijden samen naar Barneveld. Eenmaal bij [bedrijf 1] aangekomen rennen verdachte en [medeverdachte 2] , terwijl anderen de toegangspoort openen, samen het bedrijfsterrein op richting de vrachtwagen. Zij weten kennelijk welke vrachtwagentrekker ze moeten hebben. Vervolgens stapt verdachte in de vrachtwagentrekker als chauffeur en rijdt hij samen met [medeverdachte 2] richting Harderwijk. De volgende dag worden verdachte en [medeverdachte 2] wederom door 2 personen opgehaald en rijden ze samen naar Harderwijk waar ze de vrachtwagen ophalen en hiermee weer een bedrijfsterrein binnenrijden om de oplegger met babyvoeding aan de vrachtwagen te koppelen. Zij weten op dat moment welke trekker zij moeten hebben, aangezien [medeverdachte 2] kennelijk weet dat er babypoeder in de trailer zit en dat de trailer zwaar geladen is. Vervolgens rijden verdachte en [medeverdachte 2] samen met de vrachtwagen en de oplegger weg en worden ze samen in Breda aangehouden.

De rechtbank is van oordeel dat verdachte door als chauffeur op te treden, een wezenlijke bijdrage heeft geleverd aan het plegen van de diefstallen van de vrachtwagentrekker en de oplegger met babyvoeding. Dat verdachte slechts een klusje aannam om de vrachtwagentrekker met oplegger naar Breda te verplaatsen en niet wist dat de vrachtwagen en de oplegger zouden worden gestolen, zoals de verdediging stelt, vindt de rechtbank dan ook volstrekt onaannemelijk.

Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat de intensiteit van de samenwerking, de rol in de uitvoering en het belang van de rol van verdachte als chauffeur, zoals voornoemd, maken dat sprake is geweest van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte, medeverdachte [medeverdachte 2] en anderen gericht op de diefstallen. Daarmee acht de rechtbank het primair tenlastegelegde medeplegen in feit 1 en 2 bewezen.

3. De bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de onder 1 primair en 2 primair welke tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

1.

hij in of omstreeks de periode van 18 januari 2025 tot en met 20 januari 2025 te

Barneveld en/of Harderwijk en/of Breda, althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

een opleggertrekker (merk DAF met kenteken [kenteken 1] ), in elk geval enig goed,

die geheel of ten dele aan [bedrijf 1] en/of [aangever] , in elk geval

aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft

weggenomen met het oogmerk om die trekker zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl

verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf

heeft/hebben verschaft en/of dat/die weg te nemen trekker goed/goederen onder

zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking,

inklimming en/of een valse sleutel,

door onrechtmatig gebruik te maken van een originele (vrachtwagen)sleutel;

2.

hij in of omstreeks de periode van 18 januari 2025 tot en met 20 januari 2025 te

Harderwijk en/of Breda, althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

een oplegger (merk KRONE met kenteken [kenteken 2] ) met pallets met babyvoeding,

in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [bedrijf 2]

en/of [bedrijf 3] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn

mededader(s) toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om die oplegger het zich

wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de

toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te

nemen goederen onder zijn/haar/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel

van braak, verbreking en/of inklimming.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4. De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

feit 1:

Primair

diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak, inklimming en valse sleutels.

feit 2:

Primair

diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak en inklimming.

5. De strafbaarheid van de feiten

De feiten zijn strafbaar.

6. De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7. De overwegingen ten aanzien van straf

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft ter terechtzitting gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden, met aftrek conform het bepaalde in artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft vrijspraak van de tenlastegelegde feiten bepleit en geconcludeerd dat om die reden geen straf opgelegd dient te worden. Subsidiair heeft de raadsman aangevoerd, mocht de rechtbank tot een bewezenverklaring komen, dat verdachte in staat is om een werkstraf in Nederland uit te voeren.

De beoordeling door de rechtbank

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.

De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan de diefstal van een vrachtwagentrekker en de diefstal van een trailer met een waardevolle lading, te weten 66 pallets met babyvoeding. Verdachte heeft samen met anderen in de nachtelijke uren en gedurende 2 dagen achter elkaar twee afgesloten bedrijfsterreinen betreden door hekken en toegangspoorten te vernielen om de vrachtwagentrekker en trailer weg te kunnen nemen. Diefstal van vrachtwagens, opleggers en containers met goederen vormen voor de transportsector een ernstige bron van schade. Niet alleen in de vorm van directe schade, maar ook als gevolg van verhoogde verzekeringspremies en de noodzaak tot het nemen van steeds verdergaande maatregelen ter voorkoming van deze criminaliteit. Verder kan de diefstal van lading grote gevolgen hebben voor de eigenaren van de lading. De verdachte heeft zich om dit alles en in het bijzonder om de belangen van de benadeelden kennelijk niet bekommerd en alleen oog gehad voor zijn eigen financiële gewin. Uit het handelen van de verdachte spreekt bovendien minachting voor andermans eigendommen.

De rechtbank heeft kennis genomen van het strafblad van verdachte van 5 januari 2026. Daaruit volgt dat verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.

De rechtbank houdt, als uitgangspunt voor het bepalen van de straf en de strafmaat, rekening met de oriëntatiepunten van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS). De LOVS noemen als oriëntatiepunt zowel bij diefstal van een vrachtwagen als bij ladingdiefstal een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden. Alles overwegend is de rechtbank van oordeel dat de eis van de officier van justitie passend en geboden is. De rechtbank legt aan verdachte een gevangenisstraf op van zes maanden, met aftrek van de tijd die verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht.

8. De toegepaste wettelijke bepalingen

De oplegging van de straf is gegrond op de artikelen 47, 57 en 311 van het Wetboek van Strafrecht.

9. De beslissing

De rechtbank:

 verklaart bewezen dat verdachte de tenlastegelegde feiten, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 [zes] maanden;

 beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. R.M.H. Pennings
  • mr. H.M. Stratenus

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?