RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Arnhem
Parketnummers: 18/059383-25, 02/257094-24, 05/193132-24, 10/383637-24, 02/061918-25 en 02/096207-25 (gev. t.t.z.)
Datum uitspraak : 6 maart 2026
Tegenspraak
vonnis van de meervoudige kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte] ,
geboren op [geboortedag] 1999 in [geboorteplaats] ,
wonende aan [adres] ,
raadsman: mr. D.A. Souisa, advocaat in Breda.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 20 februari 2026.
1. De inhoud van de tenlastelegging
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
ten aanzien van parketnummer 18/059383-25:
1.
hij op of omstreeks 31 mei 2024 te Franeker, in de gemeente Waadhoeke, althans in
Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het
aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door listige
kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, een persoon, te weten
[aangever 1] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten een of meer
sieradendoosjes, met een grote hoeveelheid gouden en/of zilveren sieraden en/of
gouden horloges, door die [aangever 1] :
- ( telefonisch) te benaderen en zich daarbij voor te doen als medewerker van de
politie en/of
- ( in die hoedanigheid) die [aangever 1] voor te houden dat er inbrekers in de flat
waren geweest waar zij woonachtig is en dat de politie twee jonge mannen uit Israël
hadden onderschept, die een briefje met namen en adressen bij zich hadden met
(onder meer) de naam en adres van die [aangever 1] en dat de politie met een
buurtonderzoek bezig was en/of
- ( in die hoedanigheid) die [aangever 1] te vragen naar haar sieraden en/of te
vertellen dat een collega, genaamd [naam] met nummer [nummer] , in naam van
de politie langs zou komen om het goud te scannen zodat de politie het door kon
geven aan de verzekering en/of
- ( in die hoedanigheid) naar de woning van die [aangever 1] toe te gaan en zich voor te
doen als [naam] met nummer [nummer] en/of daarbij gekleed was in (onder
meer) een kledingstuk met politiekenmerken, althans alszijnde een medewerker
van de politie en/of die [aangever 1] te vragen naar het goud en/of
- ( in die hoedanigheid) van die [aangever 1] de kluissleutel in ontvangst te nemen en de
kluis te openen en/of uit die kluis en/of uit de slaapkamer van [aangever 1] die
sieradendoosjes met sieraden en/of horloges en/of een aantal sieraden die die
[aangever 1] aan/op haar lichaam droeg mee te nemen,
waardoor die [aangever 1] bewogen is tot bovenomschreven afgifte;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
(een) tot op heden onbekend gebleven pers(o)on(en) of omstreeks 31 mei 2024 te
Franeker, in de gemeente Waadhoeke, althans in Nederland,tezamen in vereniging
met (een) ander(en), althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen
door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door
listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[aangever 1] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten afgifte van een of
meer sieradendoosjes, met een grote hoeveelheid gouden en/of zilveren sieraden
en/of gouden horloges, door die [aangever 1]
- telefonisch te benaderen en zich daarbij voor te doen als medewerker van de
politie en/of
- ( in die hoedanigheid) die [aangever 1] voor te houden dat er inbrekers in de flat
waren geweest waar zij woonachtig is en dat de politie twee jonge mannen uit Israël
hadden onderschept, die een briefje met namen en adressen bij zich hadden met
(onder meer) de naam en adres van die [aangever 1] en dat de politie met een
buurtonderzoek bezig was en/of
- ( in die hoedanigheid) die [aangever 1] te vragen naar haar sieraden en/of te
vertellen dat een collega, genaamd [naam] met nummer [nummer] , in naam van
de politie langs zou komen om het goud te scannen zodat de politie het door kon
geven aan de verzekering,
waardoor voornoemde [aangever 1] bewogen is tot bovenomschreven afgifte,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks
31 mei 2024, in de gemeente Waadhoeke, althans in Nederland,
opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of
inlichtingen heeft verschaft, door
- naar de woning van die [aangever 1] te gaan en zich voor te doen als genaamd
[naam] met nummer [nummer] , in elk geval als iemand van de politie en/of die
[aangever 1] te vragen naar het goud en/of
- van die [aangever 1] de kluissleutel in ontvangst te nemen en de kluis te openen en/of
uit die kluis en/of uit de slaapkamer van [aangever 1] die sieradendoosjes met sieraden
en/of horloges en/of een aantal sieraden
die die [aangever 1] aan/op haar lichaam droeg mee te nemen;
2.
hij op of omstreeks 31 mei 2024 te Franeker, in de gemeente Waadhoeke,
opzettelijk een onderscheidingsteken heeft gedragen en/of een daad heeft verricht
behorende tot een ambt dat hij niet bekleedde, door het dragen van een politieshirt
en zich voor te doen als een politieagent;
ten aanzien van parketnummer 02/257094-24:
1.
hij, op of omstreeks 5 juni 2024 te Putte, althans in Nederland,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of
door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[aangever 2] heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van (in totaal) €
44.000, althans enig geldbedrag, door:
- telefonisch contact te zoeken met die [aangever 2] en zich daarbij voor te doen als
medewerker van de politie,
- die [aangever 2] te vertellen dat zijn naam in een notitieboekje stond dat is gevonden
bij een woninginbraak,
- ( vervolgens) te vragen of die [aangever 2] waardevolle spullen in de woning had,
- aan te geven dat er een collega van de politie met de naam [naam] met
dienstnummer [nummer] langs zou komen om de beveiliging te controleren,
- naar de woning van die [aangever 2] te gaan en zich voor te doen als politieagent met
de naam [naam] met dienstnummer [nummer] ,
- die [aangever 2] de kluis, waarin voornoemd geldbedrag lag, te laten openen,
- het geldbedrag uit de kluis te pakken,
- het geldbedrag mee te nemen en/of
- de woning te verlaten;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
een of meer onbekend gebleven perso(o)n(en) op of omstreeks 5 juni 2024 te Putte,
althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans
alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door
listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 2]
heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van (in totaal) € 44.000 ,
althans enig geldbedrag, door:
- telefonisch contact te zoeken met die [aangever 2] en zich daarbij voor te doen als
medewerker van de politie,
- die [aangever 2] te vertellen dat zijn adres in een notitieboekje stond dat is gevonden
bij een woninginbraak,
- ( vervolgens) te vragen of die [aangever 2] waardevolle spullen in de woning had en/of
- aan te geven dat er een collega van de politie met de naam [naam] met
dienstnummer [nummer] langs zou komen om de beveiliging te controleren,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 5 juni 2024 te
Putte, althans in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk
gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door:
- naar de woning van die [aangever 2] te gaan en zich voor te doen als politieagent met
de naam [naam] met dienstnummer [nummer] ,
- die [aangever 2] de kluis, waarin voornoemd geldbedrag lag, te laten openen,
- het geld uit de kluis te pakken,
- het geld mee te nemen en/of
- de woning te verlaten;
2.
hij, op of omstreeks 5 juni 2024 te Hoogerheide, althans in Nederland,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of
door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[aangever 3] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten een geldbedrag van
(in totaal) € 3.700, althans enig geldbedrag, door:
- telefonisch contact te zoeken met die [aangever 3] en zich daarbij voor te doen als
medewerker van de politie,
- die [aangever 3] te vertellen dat haar adres in een notitieboekje stond dat is gevonden bij
een aanhouding van een verdachte,
- die [aangever 3] een e-mail (met een link) te sturen waar die [aangever 3] op moest klikken om
haar spaargeld veilig te stellen,
- ( vervolgens) te vragen of die [aangever 3] contant geld in de woning had,
- aan te geven dat er een collega van de politie met de naam [naam] met
dienstnummer [nummer] langs zou komen om een gesprek te voeren en het geld mee te
nemen om dit te verzekeren,
- naar de woning van die [aangever 3] te gaan en zich voor te doen als politieagent met de
naam [naam] met dienstnummer [nummer] ,
- aan die [aangever 3] te vragen om het geld in een tas te doen en/of
- met die tas met daarin het geld de woning van die [aangever 3] te verlaten;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
een of meer onbekend gebleven perso(o)n(en) op of omstreeks 5 juni 2024 te
Hoogerheide, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer
anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk
te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse
hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van
verdichtsels, [aangever 3] heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van (in
totaal) € 3.700 , althans enig geldbedrag, door:
- telefonisch contact te zoeken met die [aangever 3] en zich daarbij voor te doen als
medewerker van de politie,
- die [aangever 3] te vertellen dat haar adres in een notitieboekje stond dat is gevonden bij
een aangehouden verdachte,
- die [aangever 3] een e-mail te sturen (met daarin een link) waar die [aangever 3] op moest klikken
om haar spaargeld veilig te stellen,
- ( vervolgens) te vragen of die [aangever 3] contant geld in de woning had en/of
- aan te geven dat er een collega van de politie met de naam [naam] met
dienstnummer [nummer] langs zou komen om een gesprek te voeren en het geld mee te
nemen om dit te verzekeren
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 5 juni 2024 te
Hoogerheide, althans in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of
opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door:
- naar de woning van die [aangever 3] te gaan en zich voor te doen als politieagent met de
naam [naam] met dienstnummer [nummer] ,
- aan die [aangever 3] te vragen om het geld in een tas te doen en/of
- met die tas met daarin het geld de woning van die [aangever 3] te verlaten;
3.
hij, op of omstreeks 5 juni 2024 te Hoogerheide, althans in Nederland
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s)
voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander
wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een
valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel
van verdichtsels,
[aangever 4] te bewegen tot de afgifte van enig goed te weten: sieraden en/of enig
geldbedrag,
- telefonisch contact heeft gezocht met die [aangever 4] ,
- zich (daarbij) heeft voorgedaan als medewerker van de politie,
- die [aangever 4] heeft verteld dat er in de omgeving van de woning van die [aangever 4] veel
wordt ingebroken,
- die [aangever 4] heeft gevraagd of zij waardevolle spullen had,
- die [aangever 4] heeft verteld dat een politiecollega naar de woning van die [aangever 4] zou
komen,
- zich gekleed in politiekleding in de richting van de woning van die [aangever 4] heeft
begeven en/of
- de woning van die [aangever 4] heeft betreden,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
een of meer onbekend gebleven perso(o)n(en) op of omstreeks 5 juni 2024 te
Hoogerheide, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer
anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door een of meer onbekend gebleven
personen voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander
wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een
valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel
van verdichtsels, [aangever 4] te bewegen tot de afgifte van sieraden en/of enig
geldbedrag, althans enig goed, met voren omschreven oogmerk – zakelijk
weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de
waarheid
- telefonisch contact heeft/hebben gezocht met die [aangever 4] ,
- zich (daarbij) heeft/hebben voorgedaan als medewerker van de politie,
- die [aangever 4] heeft/hebben verteld dat er in de omgeving van de woning van die
[aangever 4] veel wordt ingebroken,
- die [aangever 4] heeft/hebben gevraagd of zij waardevolle spullen had en/of
- die [aangever 4] heeft/hebben verteld dat een politiecollega naar de woning van die
[aangever 4] zou komen,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 5 juni 2024 te
Hoogerheide, althans in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of
opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door:
- zich gekleed in politiekleding bij de woning van die [aangever 4] te melden en/of
- de woning van die [aangever 4] te betreden
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
ten aanzien van parketnummer 05/193132-24:
1.
hij op of omstreeks 12 juni 2024 te Doetinchem, althans in Nederland
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s)
voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander
wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een
valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel
van verdichtsels, [aangever 5] te bewegen tot de afgifte van enig goed te weten:
sieraden en/of enig geldbedrag,
- telefonisch contact heeft gezocht met die [aangever 5] ,
- zich (daarbij) heeft voorgedaan als medewerker van de politie,
- die [aangever 5] heeft verteld dat er in de omgeving van de woning van die [aangever 5]
veel wordt ingebroken bij oudere mensen,
- die [aangever 5] heeft gevraagd om sieraden en/of geld klaar te leggen,
- die [aangever 5] heeft verteld dat een politiecollega met de naam " [naam] "
naar de woning van die [aangever 5] komt,
- zich gekleed in politiekleding in de richting van de woning van die [aangever 5] heeft
begeven,
- zich heeft voorgesteld als " [naam] ", en/of
- de woning van die [aangever 5] heeft betreden,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
2.
hij op of omstreeks 12 juni 2024 te Dinxperlo, gemeente Aalten, althans in
Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s)
voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander
wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een
valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel
van verdichtsels,
[aangever 6] te bewegen tot de afgifte van enig goed, te weten sieraden en/of enig
geldbedrag,
- telefonisch contact heeft gezocht met die [aangever 6] ,
- zich (daarbij) heeft voorgedaan als medewerker van de politie,
- die [aangever 6] heeft verteld dat haar naam en/of telefoonnummer voor komt in een
boekje van kwetsbare alleenstaande oudere mensen,
- die [aangever 6] heeft gevraagd om sieraden en/of geld klaar te leggen,
- die [aangever 6] heeft verteld dat een politiecollega met de naam " [naam] " naar
de woning van die [aangever 6] komt,
- zich gekleed in politiekleding in de richting van de woning van die [aangever 6] heeft
begeven,
- zich heeft voorgesteld als " [naam] ",
- de woning van die [aangever 6] heeft betreden, en/of
- in de woning van die [aangever 6] naar de kluis van die [aangever 6] heeft gevraagd en/of
gekeken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
ten aanzien van parketnummer 10/383637-24:
hij op of omstreeks 25 juni 2024 te Barendrecht, althans in Nederland,
tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen
door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of
door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[aangever 7] en/of [aangever 8] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het
verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, te weten afgifte
van sieraden, door:
- telefonisch contact te zoeken met voornoemde slachtoffers en zich daarbij voor te
doen als medewerker van de politie,
- die slachtoffers te vertellen dat hun namen in een notitieboekje staan die is
gevonden bij een woninginbraak,
- vervolgens te vragen naar hun sieraden en/of te vertellen dat hij, verdachte, in
naam van politie langs zou komen om foto's te maken van de sieraden en/of de
sieraden goed te bekijken,
- naar de woning van voornoemde slachtoffers te gaan en zich voor te doen als
iemand van de politie,
- voornoemde slachtoffers te verzoeken om hun sieraden af te geven en/of in een
tas te doen, waardoor voornoemde slachtoffers bewogen zijn tot bovenomschreven
afgifte;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou
kunnen leiden:
tot op heden onbekend gebleven personen op of omstreeks 25 juni 2024 te
Barendrecht, althans in Nederland met het oogmerk om zich en/of een ander
wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam
en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen
en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[aangever 7] en/of [aangever 8] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het
verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, te weten
afgifte van sieraden, door:
- telefonisch contact te zoeken met voornoemde slachtoffers en zich daarbij voor te
doen als medewerker van de politie,
- die slachtoffers te vertellen dat hun namen in een notitieboekje staan die is
gevonden bij een woninginbraak,
- vervolgens te vragen naar hun sieraden en/of te vertellen dat hij, verdachte, in
naam van politie langs zou komen om foto's te maken van de sieraden en/of de
sieraden goed te bekijken,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks
25 juni 2024 te Barendrecht, althans in Nederland,
opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of
inlichtingen heeft verschaft, door:
- naar de woning van voornoemde slachtoffers te gaan en zich voor te doen als
iemand van de politie,
- voornoemde slachtoffers te verzoeken om hun sieraden af te geven en/of in een
tas te doen, waardoor voornoemde slachtoffers bewogen zijn tot bovenomschreven
afgifte;
ten aanzien van parketnummer 02/061918-25:
hij op of omstreeks 14 augustus 2024 te Breda opzettelijk
(een) ambtena(a)r(en) van Politie Eenheid Zeeland-West-Brabant, te weten
[aangever 9] en/of [aangever 10] (beide brigadier), gedurende of ter zake van
de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening,
in zijn/haar/hun tegenwoordigheid, mondeling heeft beledigd,
door hem/haar/hen (meermalen) de/het woord(en) toe te voegen:
“kankerpipo's” en/of “stelletje kankerpipo's” en/of “Ik vind jullie kankerpipo's”
en/of “kanker idioten” en/of
door die [aangever 9] (meermalen) de/het woord(en) toe te voegen: “kankerwijf”
en/of “kankerhoer” en/of
door die [aangever 10] (meermalen) de/het woord(en) toe te voegen: “Fack jou” en/of
“kankermafkees” en/of “jij vuile kankerjood” en/of “kankerjood” en/of “vuile jood”,
althans (een) woord(en) van gelijke beledigende aard en/of strekking;
ten aanzien van parketnummer 02/096207-25:
hij op of omstreeks 30 maart 2025 te Breda
opzettelijk en wederrechtelijk een ruit, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten
dele aan woningcorporatie Breburg, in elk geval aan een ander toebehoorde(n)
heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt.
2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs
ten aanzien van parketnummer 18/059383-25
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft geen bewijsverweer gevoerd.
Beoordeling door de rechtbank
Feiten 1 en 2
Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.
Bewijsmiddelen feit 1, primair:
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 1] , p. 11-13;
- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 20 februari 2026.
Bewijsmiddelen feit 2:
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 1] , p. 12;
- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 20 februari 2026.
ten aanzien van parketnummer 02/257094-24
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft ten aanzien van feit 1 geen bewijsverweer gevoerd. Ten aanzien van feit 2 is vrijspraak bepleit, nu niet bewezen kan worden dat sprake is geweest van afgifte van 2800 euro. Voorts is de elektronische afgifte van 900 euro niet te linken aan verdachte. De raadsman heeft ten aanzien van feit 3 vrijspraak bepleit, wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.
Beoordeling door de rechtbank
Feit 1
Aangever [aangever 2] , wonende in [woonplaats] , heeft verklaard dat hij op 5 juni 2025 omstreeks 15.30 uur werd gebeld door een anoniem nummer. Hij nam op en een vrouwenstem zei dat zij van de politie was, dat er in het park was ingebroken en dat een notitieblok was gevonden waarop de gegevens van aangever waren vermeld. De wijkagent, genaamd [naam] met nummer [nummer] , zou langskomen om de beveiliging van het huis te controleren. Hij zou niet in uniform komen om geen argwaan te wekken bij de verdachten. Tijdens het telefoongesprek vroeg de vrouw ook of aangever waardevolle spullen in huis had, waarop aangever zei dat zij geen waardevolle spullen in huis hadden, maar dat zij wel een safe en een verborgen safe hadden.
Om 15.40 uur die dag belde iemand aan waarop aangever de deur opende. De persoon die zich voorstelde als wijkagent ‘ [naam] ’ met nummer [nummer] stond om 15.40 uur bij hem in Putte voor de deur. Het was een blanke man, tussen de 25 en 35 jaar oud, met een smal gezicht, die goed Nederlands sprak, ongeveer 175 centimeter lang, donker kort haar, niet brildragend, een blauw jasje waaronder hij een zwarte trui of shirt droeg met daarop een gele streep waardoor het leek alsof hij van de politie was. De man wilde foto’s maken van de safes dus aangever liet hem die zien. Hij wilde ook foto’s maken van de inhoud van de safes waarop aangever zijn vrouw vroeg de sleutels te brengen. Omdat hij echter door lichamelijk ongemak niet kon bukken, bood de man aan om de safe open te maken. In deze safe zaten twee enveloppen met geld, in totaal € 44.000,-.
“Ik zag dat de man de twee pakketjes uit de safe pakte en op de grond zette. We bleven met z'n drieën in de buurt van de safe staan en toen ik even niet oplette, zag ik dat de man er niet meer was. Ik hoorde dat mijn vrouw zei dat ze de twee pakketjes met geld niet meer zag. Hierdoor raakten wij beide flink in paniek. Ik dacht nog even dat de man onze woning verder aan het controleren was, maar toen mijn vrouw en ik gingen kijken, was hij nergens meer te bekennen.”
Verdachte heeft verklaard dat hij degene was die zich voordeed als politieagent en de safe heeft geopend en de enveloppen met geld heeft meegenomen.
In de in beslag genomen en onderzochte Iphone 11 van verdachte is een foto gevonden van enveloppen met een elastiek er omheen en het opschrift “44.000”. Aangever en zijn vrouw hebben deze enveloppen herkend als die, welke van hen zijn meegenomen door de nepagent.
Feit 2
Aangeefster [aangever 3] , wonende in [woonplaats] , heeft verklaard dat zij op 5 juni 2024 rond 13.45 uur gebeld werd door een anoniem nummer. Een vrouwelijke stem zei dat ze [naam] heette en dat zij werkzaam was bij politieteam recherche Hoogerheide. Ze vertelde dat er afgelopen nacht in de buurt was ingebroken, dat daarvoor iemand was opgepakt en dat die persoon een lijst met adressen bij zich had, waarvan het adres van aangeefster er één was. Ze vertelde dat ze iedereen wilden waarschuwen, omdat de lijst afgewerkt zou worden. Tijdens het gesprek werd gevraagd of aangeefster contanten in huis had. Zij gaf aan dat ze 800 euro aan papiergeld had en 2000 euro aan muntgeld. De vrouw vertelde dat de wijkagent langs zou komen voor een gesprek en aangeefsters geld zou meenemen om dit te verzekeren op het politiebureau. De wijkagent zou [naam] heten en zou nummer [nummer] hebben.
Tussen 14.15 en 14.30 uur werd er aangebeld. De persoon aan de deur was rond de 20 jaar oud, ongeveer 1.65m lang, zeer slank postuur, blanke huidskleur, geen bril, kort bruin haar met een scheiding, spijkerbroek lichtblauw van kleur met gaten op de knieën, donkerblauw spijkerjack met lange mouwen, waaronder hij een shirt met een gele streep met in het geel POLITIE droeg. Hij sprak Nederlands en stelde zich voor als de wijkagent. Hij vroeg of aangeefster een tas had om het geld in te doen. Aangeefster heeft hem een bigshopper gegeven. Ze had blikjes met munten voor haar kleindochter gespaard voor het halen van haar rijbewijs, ongeveer € 2.000,-. Die blikken heeft aangeefster meegegeven. Het contante geld in de keuken heeft zij ook meegegeven. Op het moment dat deze ‘ [naam] ’ de deur uitstapte, verbrak de mevrouw aan de telefoon de verbinding.
Feit 3
Aangeefster [aangever 4] , wonende in [woonplaats] , heeft verklaard dat zij op 5 juni 2024 rond 14.25 uur werd gebeld door een anoniem telefoonnummer. Deze persoon vertelde dat hij van de recherche was en dat ze met een onderzoek bezig waren naar aanleiding van vele inbraken in de omgeving. Inmiddels waren twee personen aangehouden en ze wilden een gesprek met aangeefster. Hij vroeg of aangeefster waardevolle spullen in huis had. Aangeefster zei dat ze kettingen en ringen had, maar dat zij deze zelf droeg. De man aan de telefoon zei dat er iemand bij aangeefster voor de deur stond, aangeefster opende de deur en de jongen liep naar binnen. Aangeefster vertrouwde het niet en liep direct door naar de achterdeur en riep via de tuin haar buurman. De jongen binnen riep: “wat doe je nou?”, draaide zich om, rende weg en trok de voordeur achter zich dicht.
Aangeefster geeft het volgende signalement van de jongen die bij haar in huis was:
Feiten 1, 2 en 3 nader beschouwd
Verdachte was om ongeveer 15.40 uur bij aangever [aangever 2] in [woonplaats] , waar hij aanbelde en een politiepolo droeg, zich voorstelde als de wijkagent [naam] met nummer [nummer] . Voor die tijd, namelijk om 13.45 uur en 14.25 uur zijn vergelijkbare situaties geweest in Hoogerheide. Verdachte heeft ontkend daarbij in Hoogerheide betrokken te zijn geweest.
De afstand tussen Putte en Hoogerheide is nog geen 10 kilometer. In alle gevallen was sprake van een soortgelijke modus operandi, namelijk een persoon op hoge leeftijd wordt gebeld met de mededeling dat er in de buurt inbraken zijn geweest en dat hun kostbare spullen in veiligheid moeten worden gebracht en dat daarvoor de wijkagent langs zal komen om het op te halen. Bij de feiten 1 en 2 stelde deze wijkagent zich heel specifiek voor als [naam] met nummer [nummer] . Bij feit 3 komt die naam niet terug, maar is voor het overige sprake van een soortgelijke modus operandi. Er was bij die feiten sprake van een soortgelijk signalement van de persoon die zich voordeed als wijkagent: een jongen met een smal postuur, donker kort geknipt haar en een donker jack met daaronder een politieshirt. Bij de feiten 2 en 3 wordt tevens door beide aangevers melding gemaakt van een kapotte spijkerbroek.
De rechtbank komt op basis van de tijdstippen, de modus operandi en het signalement van verdachte tot de conclusie dat verdachte ook de persoon is geweest die bij aangeefsters [aangever 3] en [aangever 4] voor de deur heeft gestaan.
Op basis van de bewijsmiddelen acht de rechtbank bewezen dat verdachte aangeefster [aangever 3] heeft bewogen tot afgifte van een geldbedrag van € 2800,00, maar acht niet bewezen dat verdachte betrokkenheid heeft gehad bij de girale oplichting van € 900,00 en zal verdachte van dat deel van de tenlastelegging vrijspreken.
De rechtbank gaat er op basis van de bewijsmiddelen van uit dat verdachte niet alleen heeft gehandeld. Het voorwerk werd gedaan door anderen, de ene keer een man, en de andere keer een vrouw. Door hen werden aangevers telefonisch ervan overtuigd dat zij iemand binnen moesten laten die hen zou helpen waardevolle goederen veilig te stellen. Vervolgens stond verdachte op de stoep en deed hij zich voor als wijkagent. Hij zou de goederen in ontvangst nemen en in veiligheid brengen. De rechtbank kwalificeert dit handelen als oplichting, gepleegd door het aannemen van een valse hoedanigheid en een samenweefsel van verdichtsels. Deze werkwijze vergt een goed geplande en doordachte samenwerking waarbij alle rollen afhankelijk zijn van elkaar en alle strafbare feiten elkaar in hoog tempo opvolgen en soms zelfs overlappen. Naar het oordeel van de rechtbank is sprake van een bewuste en nauwe samenwerking tussen verdachte en anderen en is aldus sprake van medeplegen. De rechtbank komt gelet op het voorgaande tot een bewezenverklaring van het onder 1 primair, 2 primair en 3 primair tenlastegelegde.
ten aanzien van parketnummer 05/193132-24
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft geen bewijsverweer gevoerd.
Beoordeling door de rechtbank
Feiten 1 en 2
Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.
Bewijsmiddelen feit 1:
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 5] , p. 44-45;
- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 20 februari 2026.
Bewijsmiddelen feit 2:
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 6] , p. 64-65.
- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 20 februari 2026.
ten aanzien van parketnummer 10/383637-24
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft geen bewijsverweer gevoerd.
Beoordeling door de rechtbank
Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.
Bewijsmiddelen:
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 7] , p. 7-8;
- het proces-verbaal van bevindingen, p. 32 en bijlage, p. 34-35;
- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 20 februari 2026.
ten aanzien van parketnummer 02/061918-25
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft geen bewijsverweer gevoerd.
Beoordeling door de rechtbank
Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.
Bewijsmiddelen:
- het proces-verbaal van bevindingen, p. 9-11;
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 10] , p. 13;
- het proces-verbaal van aangifte [aangever 9] , p. 6;
- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 20 februari 2026.
ten aanzien van parketnummer 02/096207-25
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het tenlastegelegde.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft geen bewijsverweer gevoerd.
Beoordeling door de rechtbank
Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.
Bewijsmiddelen:
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 11] , p. 13;
- het aanvullend ingekomen proces-verbaal van aangifte [aangever 12] namens WonenBreburg van 11 april 2025;
- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 20 februari 2026.
3. De bewezenverklaring
haar spaargeld veilig te stellen,
Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder parketnummers 18/059383-25 feit 1 primair en feit 2, 02/257094-24 feit 1 primair, feit 2 primair, feit 3 primair, 05/193132-24 feiten 1 en 2, 10/383637-24 primair, 02/061918-25
en 02/096207-25 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
ten aanzien van parketnummer 18/059383-25:
1.
hij op of omstreeks 31 mei 2024 te Franeker, in de gemeente Waadhoeke, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, een persoon, te weten [aangever 1] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten een of meer sieradendoosjes, met een grote hoeveelheid gouden en/of zilveren sieraden en/of gouden horloges, door die [aangever 1] :
- ( telefonisch) te benaderen en zich daarbij voor te doen als medewerker van de politie en/of
- ( in die hoedanigheid) die [aangever 1] voor te houden dat er inbrekers in de flat waren geweest waar zij woonachtig is en dat de politie twee jonge mannen uit Israël hadden onderschept, die een briefje met namen en adressen bij zich hadden met (onder meer) de naam en adres van die [aangever 1] en dat de politie met een buurtonderzoek bezig was en/of
- ( in die hoedanigheid) die [aangever 1] te vragen naar haar sieraden en/of te vertellen dat een collega, genaamd [naam] met nummer [nummer] , in naam van de politie langs zou komen om het goud te scannen zodat de politie het door kon geven aan de verzekering en/of
- ( in die hoedanigheid) naar de woning van die [aangever 1] toe te gaan en zich voor te doen als [naam] met nummer [nummer] en/of daarbij gekleed was in (onder meer) een kledingstuk met politiekenmerken, althans alszijnde een medewerker van de politie en/of die [aangever 1] te vragen naar het goud en/of
- ( in die hoedanigheid) van die [aangever 1] de kluissleutel in ontvangst te nemen en de kluis te openen en/of uit die kluis en/of uit de slaapkamer van [aangever 1] die sieradendoosjes met sieraden en/of horloges en/of een aantal sieraden die die [aangever 1] aan/op haar lichaam droeg mee te nemen,
waardoor die [aangever 1] bewogen is tot bovenomschreven afgifte;
2.
hij op of omstreeks 31 mei 2024 te Franeker, in de gemeente Waadhoeke, opzettelijk een onderscheidingsteken heeft gedragen en/of een daad heeft verricht behorende tot een ambt dat hij niet bekleedde, door het dragen van een politieshirt en zich voor te doen als een politieagent;
ten aanzien van parketnummer 02/257094-24:
1.
hij, op of omstreeks 5 juni 2024 te Putte, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[aangever 2] heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van (in totaal)
€ 44.000, althans enig geldbedrag, door:
- telefonisch contact te zoeken met die [aangever 2] en zich daarbij voor te doen als medewerker van de politie,
- die [aangever 2] te vertellen dat zijn naam in een notitieboekje stond dat is gevonden bij een woninginbraak,
- ( vervolgens) te vragen of die [aangever 2] waardevolle spullen in de woning had,
- aan te geven dat er een collega van de politie met de naam [naam] met dienstnummer [nummer] langs zou komen om de beveiliging te controleren,
- naar de woning van die [aangever 2] te gaan en zich voor te doen als politieagent met de naam [naam] met dienstnummer [nummer] ,
- die [aangever 2] de kluis, waarin voornoemd geldbedrag lag, te laten openen,
- het geldbedrag uit de kluis te pakken,
- het geldbedrag mee te nemen en/of
- de woning te verlaten;
2.
hij, op of omstreeks 5 juni 2024 te Hoogerheide, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 3] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, te weten een geldbedrag van (in totaal)
€ 2.800,00, althans enig geldbedrag, door:
- telefonisch contact te zoeken met die [aangever 3] en zich daarbij voor te doen als medewerker van de politie,
- die [aangever 3] te vertellen dat haar adres in een notitieboekje stond dat is gevonden bij een aanhouding van een verdachte,
- die [aangever 3] een e-mail (met een link) te sturen waar die [aangever 3] op moest klikken om
- ( vervolgens) te vragen of die [aangever 3] contant geld in de woning had,
- aan te geven dat er een collega van de politie met de naam [naam] met dienstnummer [nummer] langs zou komen om een gesprek te voeren en het geld mee te nemen om dit te verzekeren,
- naar de woning van die [aangever 3] te gaan en zich voor te doen als politieagent met de naam [naam] met dienstnummer [nummer] ,
- aan die [aangever 3] te vragen om het geld in een tas te doen en/of
- met die tas met daarin het geld de woning van die [aangever 3] te verlaten;
3.
hij, op of omstreeks 5 juni 2024 te Hoogerheide, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[aangever 4] te bewegen tot de afgifte van enig goed te weten: sieraden en/of enig
geldbedrag,
- telefonisch contact heeft gezocht met die [aangever 4] ,
- zich (daarbij) heeft voorgedaan als medewerker van de politie,
- die [aangever 4] heeft verteld dat er in de omgeving van de woning van die [aangever 4] veel wordt ingebroken,
- die [aangever 4] heeft gevraagd of zij waardevolle spullen had,
- die [aangever 4] heeft verteld dat een politiecollega naar de woning van die [aangever 4] zou komen,
- zich gekleed in politiekleding in de richting van de woning van die [aangever 4] heeft
begeven en/of
- de woning van die [aangever 4] heeft betreden,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
ten aanzien van parketnummer 05/193132-24:
1.
hij op of omstreeks 12 juni 2024 te Doetinchem, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [aangever 5] te bewegen tot de afgifte van enig goed te weten: sieraden en/of enig geldbedrag,
- telefonisch contact heeft gezocht met die [aangever 5] ,
- zich (daarbij) heeft voorgedaan als medewerker van de politie,
- die [aangever 5] heeft verteld dat er in de omgeving van de woning van die [aangever 5] veel wordt ingebroken bij oudere mensen,
- die [aangever 5] heeft gevraagd om sieraden en/of geld klaar te leggen,
- die [aangever 5] heeft verteld dat een politiecollega met de naam " [naam] " naar de woning van die [aangever 5] komt,
- zich gekleed in politiekleding in de richting van de woning van die [aangever 5] heeft begeven,
- zich heeft voorgesteld als " [naam] ", en/of
- de woning van die [aangever 5] heeft betreden,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
2.
hij op of omstreeks 12 juni 2024 te Dinxperlo, gemeente Aalten, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander
wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[aangever 6] te bewegen tot de afgifte van enig goed, te weten sieraden en/of enig geldbedrag,
- telefonisch contact heeft gezocht met die [aangever 6] ,
- zich (daarbij) heeft voorgedaan als medewerker van de politie,
- die [aangever 6] heeft verteld dat haar naam en/of telefoonnummer voor komt in een boekje van kwetsbare alleenstaande oudere mensen,
- die [aangever 6] heeft gevraagd om sieraden en/of geld klaar te leggen,
- die [aangever 6] heeft verteld dat een politiecollega met de naam " [naam] " naar de woning van die [aangever 6] komt,
- zich gekleed in politiekleding in de richting van de woning van die [aangever 6] heeft begeven,
- zich heeft voorgesteld als " [naam] ",
- de woning van die [aangever 6] heeft betreden, en/of
- in de woning van die [aangever 6] naar de kluis van die [aangever 6] heeft gevraagd en/of gekeken,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
ten aanzien van parketnummer 10/383637-24:
hij op of omstreeks 25 juni 2024 te Barendrecht, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
[aangever 7] en/of [aangever 8] heeft bewogen tot de afgifte van enig goed, het verlenen van een dienst, het ter beschikking stellen van gegevens, te weten afgifte van sieraden, door:
- telefonisch contact te zoeken met voornoemde slachtoffers en zich daarbij voor te doen als medewerker van de politie,
- die slachtoffers te vertellen dat hun namen in een notitieboekje staan die is gevonden bij een woninginbraak,
- vervolgens te vragen naar hun sieraden en/of te vertellen dat hij, verdachte, in naam van politie langs zou komen om foto's te maken van de sieraden en/of de sieraden goed te bekijken,
- naar de woning van voornoemde slachtoffers te gaan en zich voor te doen als iemand van de politie,
- voornoemde slachtoffers te verzoeken om hun sieraden af te geven en/of in een tas te doen, waardoor voornoemde slachtoffers bewogen zijn tot bovenomschreven afgifte;
ten aanzien van parketnummer 02/061918-25:
hij op of omstreeks 14 augustus 2024 te Breda opzettelijk (een) ambtena(a)r(en) van Politie Eenheid Zeeland-West-Brabant, te weten [aangever 9] en/of [aangever 10] (beiden brigadier), gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening,
in zijn/haar/hun tegenwoordigheid, mondeling heeft beledigd, door hem/haar/hen (meermalen) de/het woord(en) toe te voegen:
“kankerpipo's” en/of “stelletje kankerpipo's” en/of “Ik vind jullie kankerpipo's” en/of “kanker idioten” en/of
door die [aangever 9] (meermalen) de/het woord(en) toe te voegen: “kankerwijf” en/of “kankerhoer” en/of
door die [aangever 10] (meermalen) de/het woord(en) toe te voegen: “Fack jou” en/of kankermafkees” en/of “jij vuile kankerjood” en/of “kankerjood” en/of “vuile jood”,
althans (een) woord(en) van gelijke beledigende aard en/of strekking;
ten aanzien van parketnummer 02/096207-25:
hij op of omstreeks 30 maart 2025 te Breda opzettelijk en wederrechtelijk een ruit, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan woningcorporatie Breburg, in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt.
Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.
Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.
Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.
4. De kwalificatie van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde levert op:
ten aanzien van parketnummer 18/059383-25:
feit 1, primair:
medeplegen van oplichting;
feit 2:
opzettelijk onderscheidingstekens dragen behorende bij een ambt dat hij niet bekleedt;
ten aanzien van parketnummer 02/257094-24:
feit 1, primair:
medeplegen van oplichting;
feit 2, primair:
medeplegen van oplichting;
feit 3, primair:
medeplegen van poging tot oplichting;
ten aanzien van parketnummer 05/193132-24:
feit 1:
medeplegen van poging tot oplichting;
feit 2:
medeplegen van poging tot oplichting;
ten aanzien van parketnummer 10/383637-24:
primair:
medeplegen van oplichting;
ten aanzien van parketnummer 02/061918-25:
eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, meermalen gepleegd;
ten aanzien van parketnummer 02/096207-25:
opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort, vernielen;
5. De strafbaarheid van de feiten
De feiten zijn strafbaar.
6. De strafbaarheid van de verdachte
Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.
7. De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk, met aftrek van het voorarrest en een proeftijd van 3 jaar. Daarbij is verzocht over te gaan tot oplegging van de bijzondere voorwaarden zoals die zijn geadviseerd door de reclassering.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft gepleit voor oplegging van een cumulatie van taakstraffen, aangevuld met een forse voorwaardelijke gevangenisstraf.
De beoordeling door de rechtbank
De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.
Verdachte heeft zich in de periode van 31 mei 2024 tot 30 maart 2025 schuldig gemaakt aan tien strafbare feiten.
Allereerst heeft hij zich schuldig gemaakt aan 4 voltooide oplichtingen en 3 pogingen daartoe in de periode van 31 mei 2024 tot en met 25 juni 2024.
Het gaat hierbij om zogenoemde babbeltrucs, waarbij veelal oudere mensen worden gebeld door iemand die zich voordoet als politiemedewerker. Tegen hen wordt dan gezegd dat er veel inbraken in de buurt zijn gepleegd en dat hun naam op een lijst van criminelen is aangetroffen. Gevraagd wordt dan of er geld en/of sieraden in de woning zijn. Bij bevestigende beantwoording zal een collega agent langskomen om die goederen veilig te stellen. Dit leidt ertoe dat het slachtoffer in goed vertrouwen zijn of haar waardevolle bezittingen aan de nepagent afgeeft. In een paar gevallen in deze strafzaak kreeg aangever argwaan, en in één geval heeft een aangever tijdig de echte politie gewaarschuwd waardoor verdachte in de woning van het slachtoffer op heterdaad kon worden gearresteerd.
Uit het dossier komt naar voren dat het om meerdere verdachten gaat die ieder een eigen rol vervulden. Nu kan de rechtbank enkel oordelen over datgene wat deze verdachte wordt verweten. Hij was niet de kwade genius achter deze serie oplichtingspraktijken, maar heeft zich wel willens en wetens laten gebruiken. Hij was de zogenoemde ‘haler’. Hij ging bij de geselecteerde bewoners met een babbeltruc naar binnen om geld, waardevolle goederen en sieraden op te halen. Ondertussen hadden de bewoners een van de mededaders aan de lijn en werden zij met een babbeltruc aan het lijntje gehouden.
Aanvankelijk heeft verdachte aangevoerd dat hij onder druk werd gezet door ene ‘ [naam] ’ en dat hij niet durfde te weigeren om mee te werken. Dit is echter op geen enkele wijze uit de verf gekomen en is niet nader onderbouwd.
Ter zitting heeft verdachte verklaard dat hij verantwoordelijk is voor zijn handelen en dat hij ook de keuze had kunnen maken om het niet te doen. Hij wilde zelf op een snelle manier geld verdienen. Hij zou van deze [naam] € 500,- per keer ontvangen. Duidelijk is dat verdachte en de mededaders slechts uit waren op financieel gewin. Een van de aangevers is beroofd van het geld (€ 44.000) waarvoor hij en zijn vrouw jarenlang hebben gespaard voor hun oude dag dan wel voor hun kinderen. Een andere aangeefster is beroofd van de trouwring van haar overleden echtgenoot die zij droeg. Degene aan de telefoon vroeg haar onder andere die af te doen en op de rollator te leggen, waarop verdachte ook die ring heeft meegenomen. Daarnaast is het zakje met as van haar overleden man meegenomen.
De rechtbank vindt het hoogst verwerpelijk dat de daders hiervoor bewust slachtoffers op hoge leeftijd kozen. Zij maakten misbruik van het vertrouwen dat de slachtoffers in de politie hebben. Verdachte heeft op dat moment schaamteloos gehandeld, is keer op keer op aangeven van zijn mededaders naar een woning toegegaan en heeft vervolgens met een ongehoorde brutaliteit van deze bejaarde slachtoffers alles van waarde meegenomen. Verdachte en de mededaders hebben er kennelijk geen moment over nagedacht wat voor impact hun handelen op de slachtoffers zou kunnen hebben.
Ter zitting heeft verdachte weliswaar herhaaldelijk zijn spijt betuigd aan de slachtoffers, maar dat kan de rechtbank niet overtuigen. Hij heeft meermalen de gelegenheid gehad te stoppen met dit gedrag, maar heeft zich keer op keer weer laten verleiden om een politieshirt aan te trekken, bij onschuldige, gezagsgetrouwe mensen aan te bellen en hen hun bezittingen af te troggelen.
Daarnaast heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan een vernieling en belediging van agenten, maar die feiten vallen in het niet bij het voorgaande.
Ten aanzien van de persoon van verdachte heeft de rechtbank gelet op zijn strafblad van 23 januari 2026. Daaruit blijkt dat hij meermaals onherroepelijk veroordeeld is voor (deels soortgelijke) strafbare feiten, maar nog niet voor oplichting.
Ook heeft de rechtbank acht geslagen op het reclasseringsadvies van 3 februari 2026. Daaruit blijkt dat verdachte zich vrijwillig heeft gemeld bij Fivoor en daar nu hulp krijgt. Het recidiverisico wordt ingeschat als hoog. Geadviseerd wordt een (deels) voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden, waaronder ambulante behandeling.
Naar het oordeel van de rechtbank kan in het bijzonder gelet op de ernst van de bewezenverklaarde feiten en in verband met een juiste normhandhaving niet worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een forse deels onvoorwaardelijke gevangenisstraf.
Voor de hoogte daarvan overweegt de rechtbank het volgende. Voor de feiten waarbij gebruik is gemaakt van een babbeltruc kent het LOVS geen oriëntatiepunt. Wel is er een oriëntatiepunt voor een woninginbraak, te weten een gevangenisstraf van 3 maanden. De rechtbank overweegt in lijn met een eerdere uitspraak (Rechtbank Gelderland, 12 september 2025, ECLI:NL:RBGEL:2025:8420) dat oplichting via een babbeltruc, waarbij de slachtoffers (anders dan bij een woninginbraak) via de telefoon en/of in hun woning geconfronteerd worden met de daders, een zwaarder verwijt betreft. Anders dan bij een inbraak, waarbij geselecteerd wordt op een woning, is hier aan de hand van lijsten met namen en persoonsgegevens, die vaak worden verkregen door het illegaal hacken van gegevensbestanden van instellingen en bedrijven en daarna worden verkocht via het dark web, geselecteerd op personen met een hoge leeftijd. De slachtoffers moesten vooral oud zijn. Met de babbeltruc werd hun vertrouwen gewonnen. Het slachtoffer gaf in goed vertrouwen geld en waardevolle spullen mee. De rechtbank acht, net zoals in de eerder aangehaalde uitspraak, vanwege de grote impact die het handelen van verdachte en de mededaders had en gelet op de rol die verdachte vervulde als ophaler, per oplichting als uitgangspunt een gevangenisstraf van 5 maanden passend.
Voor verdachte betekent dat concreet dat sprake is van vier keer oplichting, dus in totaal 20 maanden gevangenisstraf. Voor de drie pogingen zal de rechtbank in totaal 9 maanden tellen. Bij elkaar opgeteld komt de rechtbank dan uit op een gevangenisstraf van 29 maanden. Daarnaast heeft verdachte zich nog schuldig gemaakt aan drie andere feiten waarvoor de rechtbank hem nog 1 maand gevangenisstraf zal opleggen. Kortom, de rechtbank komt dus tot een gevangenisstraf van in totaal 30 maanden.
De rechtbank zal daarvan een derde deel (10 maanden) in voorwaardelijke vorm opleggen als stok achter de deur en om te voorkomen dat verdachte opnieuw strafbare feiten pleegt, met een proeftijd van drie jaren. Aan de voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf worden de bijzondere voorwaarden verbonden zoals geadviseerd door de reclassering. Dat daarmee de ingezette weg van verdachte wordt doorkruist en dat dit niet wenselijk is, zoals door de verdediging is aangevoerd, laat onverlet dat een lagere straf geen recht zou doen aan de ernst van de feiten en de gevolgen daarvan voor de slachtoffers. Als het verdachte menens is om het criminele pad te verlaten, kan hij na het uitzitten van de gevangenisstraf gebruik maken van de aangeboden begeleiding.
De rechtbank volgt de officier van justitie dus in de eis en zal aan verdachte opleggen een gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan 10 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar en met oplegging van de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd door de reclassering.
8. De beoordeling van de civiele vorderingen
De volgende benadeelde partijen hebben in verband met het tenlastegelegde een vordering tot schadevergoeding ingediend, telkens vermeerderd met de wettelijke rente:
- [aangever 1] (parketnummer 18/059383-25, feit 2) vordert een bedrag van
€ 21.645,00 aan materiële schade minus de vergoede schade van €5000,- door de verzekering en € 1.250,00 aan immateriële schade;
- [aangever 2] (parketnummer 02/257094-24, feit 1) vordert een bedrag van
€ 44.000,00 aan materiële schade en € 750,00 aan immateriële schade;
Standpunten
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de benadeelde partijen kunnen worden toegewezen, met toekenning van de wettelijke rente, en vordert oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
De verdediging heeft zich ten aanzien van de vorderingen van [aangever 2] , [aangever 7] en [aangever 8] gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
Ten aanzien van de vordering van [aangever 1] is aangevoerd dat het materiële deel onvoldoende onderbouwd is en de benadeelde partij in dat deel niet-ontvankelijk moet worden verklaard. Ten aanzien van de immateriële schade is gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
De verdediging heeft verzocht [aangever 3] niet-ontvankelijk te verklaren in de vordering gelet op het vrijspraakverweer en subsidiair bij een veroordeling door onvoldoende onderbouwing.
Overweging van de rechtbank
Materiële schade
Vordering [aangever 1] parketnummer 18/059383-25, feit 2
Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk geworden dat de benadeelde materiële schade heeft geleden tot een bedrag van € 21.645,- en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het bewezenverklaarde. De vordering is ook voldoende onderbouwd. Uit de taxatie van de juwelier blijkt dat hij deze taxatie heeft uitgevoerd aan de hand van foto’s van de weggenomen goederen en artikelen uit de winkel. De rechtbank acht deze taxatie voldoende betrouwbaar. Hiervan zal de vergoede schade van € 5000,- door de verzekering worden afgetrokken en resteert een bedrag van € 16.645,-.
De vordering zal dus tot het gevorderde bedrag van € 16.645,- worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 mei 2024.
Vordering [aangever 2] parketnummer 02/257094-24, feit 1
Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk geworden dat de benadeelde [aangever 2] materiële schade heeft geleden tot een bedrag van € 44.000,- en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het bewezenverklaarde. Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk.
De vordering zal dus in het geheel (€ 44.000,-) worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 juni 2024.
Vordering [aangever 3] parketnummer 02/257094-24, feit 2
Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk geworden dat de benadeelde materiële schade heeft geleden en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het bewezenverklaarde. Aangeefster heeft een zeer gedetailleerde verklaring gegeven over het weggenomen geld en waarvoor dit bestemd was. Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk.
De vordering zal dus in het geheel (€ 2.800,00) worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 juni 2024.
Vordering [aangever 8] parketnummer 10/383637-24
Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk geworden dat de benadeelde [aangever 8] materiële schade heeft geleden tot een bedrag van € 50.540,36 en dat deze schade een rechtstreeks gevolg is van het bewezenverklaarde. Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk.
De vordering zal dus in het geheel (€ 50.540,36) worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 25 juni 2024.
Immateriële schade
Immateriële schadevergoeding is alleen mogelijk in de in artikel 6:106 BW aangewezen gevallen. Onrechtmatige handelingen waardoor iemand vooral wordt geraakt in zijn vermogen, vallen daar in beginsel niet onder (vgl. HR 15 oktober 2019, ECLI:NL:HR:2019:1465, NJ 2019/468 m.nt. Vellinga). De rechtbank realiseert zich dat in eerdere, vergelijkbare zaken, waarin immateriële schadevergoeding bij ‘babbeltrucs’ steeds is toegewezen door de feitenrechter, deze alsnog is afgewezen door de Hoge Raad, omdat er geen sprake was van aangetoond geestelijk letsel en de aantasting in de persoon anderszins ook onvoldoende was onderbouwd (vgl. HR 13 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1127; HR 9 juli 2024, ECLI:NL:HR:2024:995; HR 8 juli 2025, ECLI:NL:HR:2025:1055).
Desalniettemin vindt de rechtbank dat in situaties als de onderhavige het toekennen van smartengeld op zijn plaats kan zijn. Het gaat hier steevast om oudere mensen die zijn opgevoed als gezagsgetrouwe burgers met vertrouwen in overheidsinstanties. Zij worden geconfronteerd met iemand die zich voordoet als politieambtenaar, die hun huis betreedt en mensen vraagt om de sieraden die zij dragen, af te doen en mee te geven en daarna vertrekken, de bewoners verbijsterd achterlatend.
Benadeelde [aangever 1] parketnummer 18/059383-25, feit 2:
Zij heeft aangegeven angstig te zijn voor het openen van de voordeur, geen vertrouwen meer te hebben in de mensen en het huis niet meer uit te durven gaan. De vrouw aan de telefoon vroeg haar om de dubbele trouwring met die van haar overleden man op de rollator te leggen waarna verdachte die heeft meegenomen. Bij enkele andere juwelen bevond zich een zakje met de as van haar overleden man. De bedoeling was dat de kinderen na haar overlijden haar as en die van hun vader zouden verenigen in beide trouwringen. Dat kan niet meer omdat alles verloren is gegaan. “Het idee dat de resten van mijn man zo maar weg gegooid zijn als oud vuil doet mij veel verdriet.”
Benadeelde [aangever 2] 02/257094-24, feit 1
- Het proces-verbaal van aangifte:
“Mijn vrouw en ik waren erg blij met ons spaargeld en hadden geen zorgen voor de toekomst gezien onze leeftijd. Nu is dat anders. Toen ik er achter kwam was ik eerst niet eens direct kwaad om het geld, maar om wat dit deed met mijn vrouw. Ik zag dat ze aan het shacken was en aan het huilen. Ze was helemaal van de kaart. Ik heb me hier heel de avond en nacht zorgen over gemaakt. Ik vind het echt heel erg dat dit gebeurd is en ik hoop dat deze personen worden gevonden en flink gestraft worden.”
Het schadevergoedingsformulier:
“Op het moment dat benadeelde besefte dat de verdachte al zijn spaargeld had gestolen en dat hij was opgelicht, werd hij ontzettend boos. Hij kan zich nog steeds niet voorstellen dat het geld, waar hij jarenlang voor had gespaard, binnen enkele minuten "verdwenen" was. Het ging dag en nacht door zijn hoofd, als een film die steeds opnieuw werd afgespeeld. Dit veroorzaakte ernstige slaapproblemen; 's nachts had hij grote moeite met slapen en droomde hij voortdurend over het misdrijf. Ook de vrouw van benadeelde had er last van. Toen zij ontdekte dat ze waren opgelicht, trilde ze hevig en had ze last van huilbuien. Benadeelde vindt het vreselijk dat hij zijn vrouw zo heeft moeten zien lijden.”
Benadeelde [aangever 7] is de echtgenote van [aangever 8] en voor de onderbouwing van de claim voor smartengeld wordt verwezen naar diens schadeformulier.
Benadeelde [aangever 8] (parketnummer 10/383637-24) heeft aangevoerd:
“De psychische impact heeft ook geleid tot een verslechtering van zijn gezondheidstoestand. Waar zijn gezondheid voorheen fragiel maar stabiel was, heeft het incident ervoor gezorgd dat hij minder naar buiten gaat en slecht slaapt. Hierdoor is zijn fysieke conditie achteruitgegaan, wat ertoe heeft geleid dat hij nu minimaal vier uur per dag zuurstof nodig heeft. Dit heeft zijn mobiliteit verder beperkt en versterkt het gevoel dat hij niet meer volledig deelneemt aan het dagelijks leven. Daarnaast heeft de gebeurtenis geleid tot een diepgeworteld gevoel van angst en wantrouwen. Benadeelde voelt zich in zijn eigen huis niet meer veilig en heeft maatregelen genomen om zichzelf te beschermen.”
De rechtbank is van oordeel dat de benadeelden door de oplichting op andere wijze in de persoon zijn aangetast. Het heeft hun vertrouwen in de mensheid en ernstig aangetast en hun kwaliteit van leven aanzienlijk verminderd. Zij kunnen niet meer genieten van een welverdiende oude dag.
Dit is aan verdachte toe te rekenen. De rechtbank houdt rekening met de aard en de ernst van de feiten en de bedragen die Nederlandse rechters in vergelijkbare gevallen toewijzen. Naar maatstaven van billijkheid zal zij het smartengeld op het gevorderde bedrag van
€ 750,00 vaststellen voor [aangever 2] , [aangever 8] en [aangever 7] en voor [aangever 1] op het gevorderde bedrag van € 1.250,00.
De vorderingen zullen dus in het geheel worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 mei 2024 voor [aangever 1] , vanaf 5 juni 2024 voor [aangever 2] en vanaf 25 juni 2024 voor [aangever 8] en [aangever 7] .
Verder zal de rechtbank de door [aangever 8] gevorderde proceskosten van € 117,80 toewijzen.
Schadevergoedingsmaatregel
De rechtbank ziet aanleiding om op grond van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte op te leggen. Verdachte wordt verplicht het aan iedere benadeelde partij toegewezen bedrag aan de Staat te betalen. Eventueel toegekende proceskosten zijn daar niet bij inbegrepen. De aan de maatregel verbonden gijzeling is naar rato berekend nu het maximum is bepaald op één jaar.
Hoofdelijkheid
De rechtbank overweegt dat verdachte en zijn medeverdachte(n), als deze ooit worden opgespoord, vervolgd en veroordeeld, ieder voor het hele schadebedrag ten aanzien van ieder toegewezen vordering hoofdelijk kunnen worden aangesproken. Verdachte hoeft niet meer te betalen indien en voor zover zijn medeverdachte(n) de schade heeft/hebben vergoed.
9. De beoordeling van het beslag
De rechtbank zal de inbeslaggenomen telefoons (zwarte Apple iPhone, crèmekleurige Apple iPhone en Samsung telefoon) met behulp waarvan de bewezenverklaarde feiten zijn begaan of voorbereid verbeurd verklaren.
De rechtbank heeft hierbij rekening gehouden met de draagkracht van verdachte.
10. De toegepaste wettelijke bepalingen
De oplegging van de straf en/of maatregel is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 33, 33a, 36f, 47, 57, 63, 196, 266, 267, 326 en 350 van het Wetboek van Strafrecht.
11. De beslissing
De rechtbank:
verklaart bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;
verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;
verklaart verdachte hiervoor strafbaar;
veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden;
stelt als bijzondere voorwaarden dat:
geeft opdracht aan de reclassering om toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden.
Hierbij gelden als voorwaarden dat verdachte:
meewerkt aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een geldig identiteitsbewijs ter inzage aanbiedt om de identiteit vast te stellen;
meewerkt aan reclasseringstoezicht, waaronder het meewerken aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt;
De beslissing op de vorderingen van de benadeelde partijen
veroordeelt verdachte in verband met het bewezenverklaarde tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partijen, zoals in onderstaande tabel is vermeld, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de data die in onderstaande tabel zijn vermeld;
legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat ten behoeve van de hieronder genoemde benadeelde partijen de hier na te noemen bedragen aan materiële en immateriële schade te betalen. Deze bedragen worden vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de genoemde datum tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als het bedrag niet wordt betaald, kan gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;
bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partijen in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;
veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partijen in deze procedure hebben gemaakt en de kosten die de benadeelde partijen mogelijk nog moeten maken om het toegewezen bedrag betaald te krijgen, tot vandaag begroot op € 117,80 voor [aangever 8] en voor de rest op nul;
bepaalt dat als de medeverdachte(n) (een deel van) het schadebedrag betaalt/betalen dat bedrag op de betalingsverplichting van verdachte in mindering wordt gebracht;
De beslissing op het beslag
verklaart verbeurd de zwarte Apple iPhone, crèmekleurige Apple iPhone en Samsung telefoon.
Dit vonnis is gewezen door mr. W. Bruins (voorzitter), mr. F.J.H. Hovens en mr. J.M. Breimer, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L.L.M. van Schaik, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 6 maart 2026.
mrs. Breimer en Van Schaik zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.