RECHTBANK GELDERLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Arnhem
Zaaknummer: 11824662 \ CV EXPL 25-6092
Vonnis van 14 januari 2026
in de zaak van
B.V. ALGEMEEN NEDERLANDS PERSBUREAU ANP,
te Den Haag,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: ANP,
gemachtigde: Rosmalen Gerechtsdeurwaarders B.V.,
tegen
[gedaagde in conv] , M.H.O.D.N. [bedrijf],
te [plaats] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [gedaagde in conv] ,
gemachtigde: ir. M. Bakx.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verwijzingsvonnis van 16 juli 2025;
- de conclusie van repliek in conventie en antwoord in reconventie met producties 6 tot en met 9;- de conclusie van dupliek in conventie en repliek in reconventie met producties 5 tot en met 8;- de conclusie van dupliek in reconventie.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De feiten
ANP heeft auteursrecht op diverse foto’s.
Een rechtsvoorganger van) ANP sluit met fotograaf [naam 1] (hierna: [naam 1] ) licentieovereenkomst. In de op 3 april 2012 gesloten overeenkomst is onder meer het volgende opgenomen:
“ artikel 7 – Bronvermelding
ANP zal telkens op (dragers van) Fotografische Werken van de licentiegever die zij aan derden toezend meedelen:
“Bron: ANP / (naam fotograaf/fotobureau) copyright: (naam fotograaf/fotobureau)”, zulks conform de door de licentie verschafte informatie. (...)
Artikel 8 -Ongeautoriseerd gebruik door derden/aansprakelijkheid
(...)
De licentiegever geeft ANP hierbij volmacht om in rechte op te treden tegen ongeautoriseerd gebruik door derden van de Fotografische Werken. Bovendien zal ANP het recht hebben om zelfstandig schadevergoeding en/of winstafdracht te vorderen. ANP is niet gehouden om in voorkomende gevallen ook daadwerkelijk tegen het ongeautoriseerd gebruik op te treden.”
Visual Rights Group B.V. (hierna: VRG) is gemachtigd om namens ANP de inbreuken op de auteursrechten op te sporen en diens rechten te handhaven.
[gedaagde in conv] plaatst op 21 december 2022 een foto op haar website, waarop de val van [naam 2] te zien is (hierna: de foto).
3. Het geschil
in conventie
ANP heeft gevorderd bij vonnis, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde in conv] te veroordelen om aan ANP te voldoen een bedrag van € 500,00 te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 16 juni 2025 tot aan de dag der algehele voldoening, met de veroordeling van [gedaagde in conv] in de proceskosten.
ANP heeft aan haar vordering ten grondslag gelegd dat [gedaagde in conv] inbreuk heeft gemaakt op het auteursrecht door op 21 december 2022 een foto te openbaren zonder daarbij de naam van de fotograaf en/of de rechthebbende te vermelden. [gedaagde in conv] heeft door deze handelwijze inbreuk gemaakt op de auteursrechten van ANP en zij heeft daardoor schade geleden. Visual Rights Group heeft [gedaagde in conv] meerdere malen aangeschreven en haar in de gelegenheid gesteld om alsnog een licentie af te nemen. Van deze mogelijkheid heeft [gedaagde in conv] geen gebruik maakt. Volgens ANP lijdt zij schade door gederfde licentie inkomsten, door het bijsnijden en bewerken van de foto en opsporing van de inbreuken en de vastlegging daarvan. ANP heeft vordering uit handen moeten geven, reden waarom zij ook aanspraak maakt op de buitengerechtelijke kosten en de wettelijk rente.
[gedaagde in conv] heeft de vorderingen gemotiveerd weersproken. Op dit verweer wordt hierna, voor zover van belang, ingegaan.
in reconventie
[gedaagde in conv] heeft gevorderd bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
1. voor recht te verklaren dat zij geen inbreuk gemaakt heeft op het auteursrecht van ANP;
2. voor recht te verklaren dat ANP met het auteursrecht van fotograaf [naam 1] wappert;
3. ANP te veroordelen tot betaling van in goede justitie te bepalen schadevergoeding aan [gedaagde in conv] ;
4. ANP te veroordelen in de kosten van dit geding ex artikel 1019h Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv);
5. ANP te veroordelen tot vergoeding van de wettelijk rente over de schadevergoeding en de proceskosten vanaf de datum van de betekening van het vonnis tot aan de dag der algehele voldoening;
6. ANP te veroordelen in de nakosten.
[gedaagde in conv] heeft aan haar vordering ten grondslag gelegd, kort en zakelijk weergegeven en zover hier van belang, dat zij al meer dan tweeënhalf jaar bezig is met deze zaak. Zij en haar gemachtigde hebben veel uur in deze procedure moeten steken.
ANP heeft de vorderingen gemotiveerd weersproken. Op dit verweer wordt hierna, voor zover van belang, ingegaan.
4. De beoordeling
In conventie
Bevoegdheid
De kantonrechter is bevoegd kennis te nemen van de onderhavige vorderingen, omdat het gevorderde onder de € 25.000,00 blijft. Omdat de gestelde auteursrechtinbreuk heeft plaatsgevonden door gebruik op de website van [gedaagde in conv] , die toegankelijk is in heel het land, is de kantonrechter te Arnhem (mede) bevoegd kennis te nemen van het geschil.
Is ANP bevoegd?
Vervolgens dient de kantonrechter, nu [gedaagde in conv] dit gemotiveerd heeft betwist, te beoordelen of ANP auteursrechthebbende is op de foto en of zij enige bevoegdheid heeft om (zelfstandig) in deze procedure op te treden.
ANP heeft als bijlage bij de dagvaarding een licentieovereenkomst gevoegd tussen (een rechtsvoorganger van) ANP en [naam 1] . In artikel 8 van deze overeenkomst zijn ANP en [naam 1] , in tegenstelling tot wat [gedaagde in conv] betoogd heeft, overeengekomen dat ANP bevoegd is om in deze procedure zelfstandig op te treden. Krachtens het bepaalde in artikel 8 lid 3 van deze overeenkomst heeft ANP namelijk het recht om zelfstandig een schadevergoeding en/of winstafdracht te vorderen. ANP is derhalve bevoegd.
Auteursrechtelijk beschermd werk
Wil een foto Auteursrechtelijk beschermd zijn dan moet deze als “werk” in de zin van de Auteurswet zijn aan te merken. Volgens vaste jurisprudentie is vereist dat een werk een eigen, oorspronkelijk karakter heeft en het persoonlijk stempel van de maker draagt, om te kunnen worden beschouwd als een werk van letterkunde, wetenschap of kunst als bedoeld in artikel 1 en artikel 10 van de Auteurswet (hierna: Aw.) Dat het werk een eigen, oorspronkelijk karakter moet bezitten, houdt in dat de vorm niet ontleend mag zijn aan die van een ander werk. Dat het werk het persoonlijk stempel van de maker moet dragen betekent dat sprake moet zijn van een vorm die het resultaat is van scheppende menselijke arbeid en dus van creatieve keuzes, en dat het werk aldus een voortbrengsel is van de menselijke geest. Niet het technische kunnen van de fotograaf is beslissend maar de creativiteit die zich in het resultaat van het hanteren van de techniek uit. Een foto kan het eigen persoonlijk karakter ontlenen aan onder meer de keuzes met betrekking tot het te fotograferen object, de keuze van de toegepaste technieken, de belichting daaronder begrepen en de wijze waarop die technieken worden toegepast (arrest van de HR van 30 mei 2008 ECLI:NL:PHR:2008:BC2153 en het vonnis van 19 september 2012 van de rechtbank Breda ECLI:NL:RBBRE:2012:BX7928).
De kantonrechter is van oordeel dat ANP haar stelling, dat de foto Auteursrechtelijk beschermd is, onvoldoende heeft geconcretiseerd. Zij heeft volstaan met het in het geding brengen van onder meer de foto, de correspondentie en de licentieovereenkomst. Voor de kantonrechter staat het, mede gelet op de overgelegde producties, en dan met name de overgelegde foto’s, niet vast dat [gedaagde in conv] een bedrag van € 500,00 verschuldigd is. Daarbij neemt de kantonrechter in overweging dat ANP wel gesteld heeft dat de foto auteursrechtelijk beschermd is, maar zij heeft nagelaten om (nader) te onderbouwen hoe de foto eruitziet, hoe de fotograaf tot die foto is gekomen en heeft verzuimd de hiervoor onder r.ov. 4.4 weergegeven criteria toe te passen op de hier in het geding zijnde foto. Dat had, mede gelet op het gemotiveerde verweer van [gedaagde in conv] , wel van haar verwacht mogen worden. Dit klemt te meer daar door [gedaagde in conv] andere soortgelijke foto’s van de val van [naam 2] zijn overlegd. Daarnaast gaat ANP ook niet (gemotiveerd) in op het verweer van [gedaagde in conv] dat voormelde foto al op het internet heeft gestaan zonder dat daarbij een naams- en/of copyrightvermelding stond. De kantonrechter acht dit van belang, nu ANP niet alleen een beroep doet op de inbreuk op haar auteursrechten door herplaatsing van de oorspronkelijke foto, maar ook dat [gedaagde in conv] de foto heeft geopenbaard en deze heeft bijgesneden zonder de naam te vermelden van de fotograaf en/of de rechthebbende. Blijkens de stelling van ANP zou dit tot een verhoging van de schadevergoeding moeten leiden. Ook dit is op geen enkele wijze (nader) onderbouwd. Daarbij komt dat ANP ook niets gesteld heeft omtrent de gevolgen van het (eventueel) ontbreken van een naamsvermelding bij de openbaarmaking en de daarop volgende openbaarmaking door [gedaagde in conv] . Het enkel stellen dat [gedaagde in conv] inbreuk heeft gemaakt op de auteursrechten is, mede gelet op het voorgaande en het gemotiveerde verweer van [gedaagde in conv] , onvoldoende.
Bezien in het licht van het verweer van [gedaagde in conv] heeft ANP haar stelling, ter zake van een inbreuk op de auteursrechten, naar het oordeel van de kantonrechter te weinig onderbouwd om tot (nadere) bewijslevering toegelaten te worden. De kantonrechter wijst de vordering van ANP, gelet op al het voorgaande, dan ook af. Datzelfde lot treft de nevenvorderingen, nu die daarmee samenhangen.
De door partijen verder aangevoerde argumenten die in het voorgaande niet aan de orde zijn gekomen, behoeven geen bespreking, nu deze, in het licht van hetgeen is overwogen, niet tot een ander oordeel kunnen leiden.
ANP is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) in conventie betalen. [gedaagde in conv] heeft in conventie geen aanspraak gemaakt op begroting van de proceskosten overeenkomstig artikel 1019h Rv, zodat de kosten zullen worden begroot aan de hand van het toepasselijke liquidatietarief. De proceskosten van [gedaagde in conv] worden, gelet op het voorgaande, begroot op:
- salaris gemachtigde
€
160,00
(2 punten × € 80,00)
- nakosten
€
41,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
201,00
In reconventie
Vervolgens komt de kantonrechter toe aan de vordering in reconventie. De kantonrechter zal deze achtereenvolgens beoordelen.
Verklaring voor recht
De kantonrechter ziet, gelet op hetgeen hiervoor in conventie reeds is overwogen, aanleiding om de door [gedaagde in conv] gevorderde verklaring voor recht toe te wijzen. Voor wat betreft het onder sub 2 in reconventie gevorderde is de kantonrechter van oordeel dat dit deel van de reconventionele vordering moet worden afgewezen: een verklaring voor recht dat ANP ‘wappert’ met auteursrecht is te onbepaald om te kunnen worden toegewezen.
(Immateriële) schade
Vervolgens komt de kantonrechter toe aan de vordering van [gedaagde in conv] om een bedrag aan (immateriële) schadevergoeding toe te wijzen.
In geschil is het antwoord op de vraag of ANP jegens [gedaagde in conv] onrechtmatig heeft gehandeld, bestaande uit de dreiging van een rechtszaak die al 2,5 jaar boven het hoofd van [gedaagde in conv] hangt. Door ANP wordt dit betwist. ANP heeft daarbij aangevoerd dat zij gerechtigd is om auteursrechtelijke inbreuken tegen te gaan.
De kantonrechter is van oordeel dat, mede gelet op het verweer van ANP op dit punt, niet is komen vast te staan dat [gedaagde in conv] schade heeft geleden. Er is niet (onderbouwd) gesteld dat ANP zich, behoudens de communicatie tussen partijen, onrechtmatig heeft uitgelaten. [gedaagde in conv] heeft dit op geen enkele wijze (nader) onderbouwd. Dit had, mede gelet op de tussen partijen gevoerde correspondentie en het verweer van ANP op dit punt, wel van haar verwacht mogen worden. Bezien in het licht van het verweer van ANP heeft [gedaagde in conv] haar stelling, ter zake van de verschuldigdheid van de (immateriële) schadevergoeding te weinig onderbouwd om tot (nadere) bewijslevering toegelaten te worden. De kantonrechter wijst dit deel van de vordering van [gedaagde in conv] , gelet op het voorgaande, dan ook af.
Proceskosten
[gedaagde in conv] heeft in reconventie de veroordeling van ANP in de redelijke en evenredige proceskosten overeenkomstig artikel 1019h Rv gevorderd. ANP heeft verweer gevoerd. Volgens haar gaat het om een zeer eenvoudige, niet bewerkelijke zaak, zodat het liquidatietarief dient te gelden.
De kantonrechter is van oordeel dat, gelet op het bepaalde in artikel 1019 Rv en nu het om een auteursrechtelijke zaak gaat, artikel 1019h Rv van toepassing is. Dit betekent dat, nu de urenverantwoording van de gemachtigde van [gedaagde in conv] niet (gemotiveerd) door ANP is betwist, de opgevoerde kosten in beginsel voor toewijzing in aanmerking komen. De kantonrechter dient echter te beoordelen of de kosten die de in het gelijk gestelde partij heeft gemaakt redelijk en evenredig zijn. Naar het oordeel van de kantonrechter komen, gelet op de tijdverantwoording van de gemachtigde van [gedaagde in conv] , de kosten voor het nakijken van de conclusie van antwoord en de conclusie van dupliek niet voor vergoeding in aanmerking. Deze kosten zijn op geen enkele wijze (nader) onderbouwd. Dit geldt eveneens voor de kosten betreffende de telefoongesprekken en de e-mailberichten naar de rechtbank. De kantonrechter wijst, gelet op al het voorgaande, een bedrag van € 2.161,25 toe. Ook dient ANP de nakosten van € 135,00 te voldoen.
In conventie in reconventie
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten in conventie en in reconventie wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
5. De beslissing
De kantonrechter
in conventie
wijst de vorderingen van ANP af,
veroordeelt ANP in de proceskosten van € 201,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe,
in reconventie
verklaart voor recht dat [gedaagde in conv] geen inbreuk heeft gemaakt op het auteursrecht van ANP,
veroordeelt ANP in de proceskosten van € 2.296,25, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe,
in conventie en in reconventie
veroordeelt ANP tot betaling van de kosten van betekening als ANP niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
veroordeelt ANP tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. W. van der Boon en in het openbaar uitgesproken op 14 januari 2026.
53854\415