RECHTBANK GELDERLAND
Team strafrecht
Zittingsplaats Zutphen
Parketnummer: 05.045544.25
Datum uitspraak : 20 maart 2026
Tegenspraak
vonnis van de meervoudige kamer
in de zaak van
de officier van justitie
tegen
[verdachte] ,
geboren op [geboortedag] 1983 in [geboorteplaats] ,
wonende aan [adres] .
Raadsman: mr. W.L.M. Fleuren, advocaat in Apeldoorn.
Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op openbare terechtzittingen.
1. De inhoud van de tenlastelegging
Aan verdachte is ten laste gelegd dat:
1.
hij op of omstreeks 20 februari 2023 te Eefde, in de gemeente Lochem, en/of Tilburg, althans in Nederland, met [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2016, die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten
via Snapchat
- die [minderjarige] heeft opgedragen, althans verzocht, ontuchtige handeling(en) bij zichzelf te verrichten en/of (hiervan) foto’s en/of filmpjes te maken, bestaande uit het geheel en/of gedeeltelijk ontkleden van haar onderlichaam en/of het tonen van haar (ontblote) geslachtsdeel en/of billen en/of (daarbij) het spreiden van haar benen en/of
- een of meer foto’s van zijn, verdachtes, (ontblote) geslachtsdeel te sturen;
2.
hij op of omstreeks 20 februari 2023 te Eefde, in de gemeente Lochem, en/of Tilburg, althans in Nederland, door giften en/of beloften van geld en/of goed, misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht en/of misleiding, te weten door het beloven van 10, althans een of meer virtuele (huis)dieren/pets (in het spel Roblox), [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2016, die toen de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, opzettelijk heeft bewogen ontuchtige handelingen te plegen of van hem, verdachte, te dulden, door via Snapchat
- die [minderjarige] op te dragen, althans te verzoeken, ontuchtige handeling(en) bij zichzelf te verrichten en/of (hiervan) foto’s en/of filmpjes te maken, bestaande uit het geheel en/of gedeeltelijk ontkleden van haar onderlichaam en/of het tonen van haar (ontblote) geslachtsdeel en/of billen en/of (daarbij) het spreiden van haar benen en/of
- een of meer foto’s van zijn, verdachtes, (ontblote) geslachtsdeel te sturen;
3.
hij op of omstreeks 20 februari 2023 te Eefde, in de gemeente Lochem, en/of Tilburg, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal telkens een of meer afbeeldingen – en/of gegevensdragers, bevattende afbeeldingen – van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, te weten [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2016, heeft vervaardigd, verworven, in bezit gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft
welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven – bestonden uit:
het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of poseert in een erotisch getinte houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) (op verzoek van verdachte) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar kleding, althans haar broek en/of onderbroek ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of (daarbij) het (op verzoek van verdachte) spreiden van haar benen en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/film(s) nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of billen in beeld gebracht worden
(waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling.
2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de feiten 1, 2 en 3.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft vrijspraak bepleit. Hij heeft betoogd dat verdachte de feiten ontkent. In zijn telefoon en op zijn tablet zijn geen aanwijzingen aangetroffen dat hij met een minderjarige zou hebben gecommuniceerd. Een aanwijzing voor zijn betrokkenheid kan alleen worden gevonden in de screenshots die zijn afgeleid van de telefoon van de minderjarige. Dat is te weinig voor een bewezenverklaring. Verdachte kan bovendien niet over zijn bankrekening beschikken en kon dus geen pets kopen. Niet kan worden uitgesloten dat zijn account is gehackt.
Beoordeling door de rechtbank
[getuige] , moeder van [minderjarige] (geboren op [geboortedag] 2016) heeft verklaard dat ze op 20 februari 2023 omstreeks 19.30 uur haar dochter ophaalde bij opa en oma in [plaats] . Moeder ging naar de slaapkamer van opa en oma waar ze haar dochter in bed aantrof. Ze zag dat haar dochter haar telefoon direct met het scherm naar beneden draaide. Moeder merkte aan het gedrag dat er iets met haar dochter aan de hand was. De telefoon van haar dochter bleef trillen. Hierop pakte moeder de telefoon en keek hierin. Ze zag dat er Snapchatmeldingen bleven binnen komen van iemand. Moeder keek in deze meldingen en zag teksten als ‘onderbroek uit doen’ en ze zag ook dat er filmpjes waren verstuurd. Haar dochter vertelde de volgende dag dat ze via een computergame met iemand in contact was gekomen. Er werd toen door diegene aan hun dochtertje beloofd dat ze diertjes zou krijgen in deze game. Vervolgens is het contact verder gegaan via Snapchat en werd haar gevraagd een foto te maken van haar kleding en vervolgens van haar onderbroekje. Ook werd zij gevraagd haar onderbroekje uit te doen en daar filmpjes van te maken, ook van haar vagina. Haar dochtertje vertelde dat ze dit ook daadwerkelijk had gedaan. Hij vroeg ook aan haar of zij dan ‘het van hem wilde zien’. Ze heeft daar ‘ja’ op gezegd. Haar dochtertje werd gevraagd verder te gaan in de foto’s en filmpjes door haar benen wijder te doen.
[getuige] heeft via haar Snapchat-account naar de betreffende persoon gezocht en hem ook gevonden. Volgens haar heeft hij bij zijn profielfoto een filter met groene bloemetjes en daarbij zou de naam ‘ [naam] staan.
De ouders van [minderjarige] hadden screenshots van het account van de dader. Het gaat daarbij om:
Snapchat: [account naam 1]
TikTok: [account naam 2]
Roblox: [account naam 3] .
De gegevens van Snapchat zijn gevorderd. Het account [account naam 1] was aangemaakt met de gegevens [e-mail address] @gmail.com en het telefoonnummer + [telefoonnummer] .
Telefoonnummer + [telefoonnummer] is gelinkt aan [verdachte] , [adres] . Deze naam komt overeen met het e-mailadres dat van Snapchat werd verkregen.
Er is aanvullend onderzoek gedaan met betrekking tot het Snapchat-account met de
gebruikersnaam [account naam 1] . Het account is aangemaakt op 5 november 2021. Het vermelde telefoonnummer [telefoonnummer] staat als geverifieerd geregistreerd.
Verdachte heeft verklaard dat het e-mailadres [e-mail address] @gmail.com en het telefoonnummer + [telefoonnummer] van hem zijn.
De telefoon van [minderjarige] is onderzocht. Daarbij werd gezien dat Roblox op 20 februari 2023 was gebruikt. Ook kwam uit de telefoon een Snapchatgesprek met [account naam 1] naar voren. In dit chatgesprek wordt vanuit de account [account naam 1] onder andere gevraagd hoe oud [minderjarige] is, of zij haar onderbroekje uit wil doen en of zij haar beentjes verder uit elkaar kan doen.
In de telefoon van [minderjarige] is verder gezocht op de accountnaam [account naam 1] . Dat leverde 20 hits op. Elke bestand bevatte een screenshot van een Snapchat-gesprek tussen [account naam 1] en ‘IK’, de rechtbank begrijpt: [minderjarige] . Uit de screenshots van de berichten komt naar voren dat [account naam 1] een gesprek in het Engels begint, waarop [minderjarige] zegt dat ze Nederlandse is. Het gesprek gaat dan in het Nederlands verder. [account naam 1] doet een voorstel aan [minderjarige] dat zij ‘Pets’ krijgt als zij live video’s en foto’s naar hem toestuurt. Hij vraagt hoe oud zij is, waarop zij aangeeft dat ze zes is. [account naam 1] vraagt [minderjarige] om een filmpje van haarzelf te maken. Hij geeft aan dat ze een mooie trui aan heeft en vraag of ze er iets onder aan heeft. [account naam 1] vraagt of [minderjarige] een onderbroek draagt en of zij haar onderbroek wil laten zien voor tien ‘Pets’. Hierna wordt er een filmpje/foto gestuurd welke ook wordt geopend. [account naam 1] vraagt of zij haar onderbroek naar beneden durft te doen. Als zij aangeeft dit niet te durven, zegt hij haar naar de wc te gaan. Ook benoemt hij dat zij het niet tegen haar ouders moet vertellen. [account naam 1] vraagt of zij haar benen verder open wil doen. Hij zegt dat zij haar onderbroekje verder moet laten zakken zodat haar benen verder open kunnen . Hij vraagt ook nog “Maak betere van voorkant” omdat hij het niet goed ziet. [account naam 1] vraagt op een gegeven moment, wil je de mijne ook zien. Hierop zegt [minderjarige] , ja.
Tijdens het gehele gesprek worden geluidsfragmenten, filmpjes en afbeeldingen geplaatst in de chat. Uit de reactie van [account naam 1] maakt verbalisant op dat [minderjarige] aan zijn vragen voldoet. Ook ziet hij dat deze afbeeldingen/filmpjes geopend en afgespeeld worden door [account naam 1] .
De rechtbank stelt op grond van voornoemde bewijsmiddelen vast dat verdachte onder de accountnaam [account naam 1] via Snapchat heeft gecommuniceerd met [minderjarige] die op dat moment zes jaar oud was. Hij beloofde haar ‘pets’ in Roblox als zij foto’s en filmpjes stuurde. Hij liet [minderjarige] haar onderbroek naar beneden doen en op de wc foto’s en of video’s van haar onderlichaam maken. Hij vroeg haar haar onderbroek verder te laten zakken, zodat zij haar beentjes verder kon spreiden. Ook gaf hij aan betere afbeeldingen te willen van haar voorkant omdat hij het niet goed kon zien.
De rechtbank acht bewezen dat [minderjarige] foto’s en video’s van haar billen en vagina naar verdachte heeft gestuurd en dat verdachte die heeft geopend en bekeken. Ook stuurde verdachte een foto van zijn eigen geslachtsdeel naar [minderjarige] .
Dat verdachte hier niets mee te maken zou hebben, zoals hij ter terechtzitting van 10 maart 2026 herhaaldelijk heeft verklaard, acht de rechtbank niet geloofwaardig. Verdachte heeft verklaard dat het e-mailadres en het telefoonnummer die aan het Snapchataccount waren gekoppeld van hem waren. De rechtbank overweegt verder dat verdachte niet consistent is in zijn verklaringen. Zo heeft hij bij zijn verhoor verklaard dat hij op Tiktok zat, wat hij ter terechtzitting van 10 maart 2026 verschillende keren heeft ontkend. Dat hij niet op Snapchat zat en evenmin in Roblox gelooft de rechtbank dan ook niet.
Voor zover de raadsman naar voren heeft gebracht dat in verdachtes telefoon en tablet geen aanwijzingen voor de communicatie met [minderjarige] zijn aangetroffen, overweegt de rechtbank dat dit niet betekent dat die communicatie niet kan hebben plaatsgevonden. De telefoon en tablet van verdachte zijn pas op 24 december 2024, dus 22 maanden na het incident, in beslag genomen en onderzocht. In de tussentijd kunnen berichten en/of apps zijn gewist en/of kunnen de apparaten zijn teruggezet naar fabrieksinstellingen. Dat het e-mailadres en/of het telefoonnummer van verdachte mogelijk zouden zijn gehackt, zoals de raadsman heeft gesuggereerd, is niet nader onderbouwd. Niet is gebleken dat een ander contact heeft gehad met [minderjarige] . Dat verdachte niet in de gelegenheid was om pets te kopen, zoals de raadsman heeft aangevoerd, doet voorts niet ter zake, omdat geen pets zijn gekocht; deze werden immers slechts beloofd.
De rechtbank acht gelet op het voorgaande bewezen dat verdachte ontuchtige handelingen heeft gepleegd door [minderjarige] via Snapchat te vragen dan wel op te dragen om foto’s en video’s te maken, eerst van haar geklede lichaam en daarna van haar ontblote onderlichaam (feit 1). Hij heeft haar daarbij aanwijzingen gegeven hoe zij dat moest doen. Zij moest op de wc gaan zitten en dan opnames maken. Ook gaf hij aan dat ze haar onderbroek verder omlaag moest doen, zodat ze haar beentjes verder kon spreiden. En hij wilde betere foto’s van haar voorkant omdat hij die niet goed kon zien. Daarnaast heeft verdachte een foto van zijn ontblote geslachtsdeel aan [minderjarige] gestuurd.
De rechtbank acht ook bewezen dat verdachte [minderjarige] heeft bewogen om foto’s en video’s te sturen door haar zogenaamde pets in Roblox te beloven als zij foto’s en video’s stuurde (feit 2). Ook moest zij dulden dat hij haar een foto van zijn geslachtsdeel stuurde. Ten slotte acht de rechtbank ook bewezen dat verdachte door zijn handelen foto’s en video’s op zijn telefoon heeft gekregen en in bezit gehad die zijn aan te merken als kinderpornografisch van aard (feit 3).
Ten aanzien van voornoemde feiten is sprake van eendaadse samenloop.
3. De bewezenverklaring
Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het 1, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:
1.
hij op of omstreeks 20 februari 2023 te Eefde, in de gemeente Lochem, en/of Tilburg, althans in Nederland, met [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2016, die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten
via Snapchat
- die [minderjarige] heeft opgedragen, althans verzocht, ontuchtige handeling(en) bij zichzelf te verrichten en/of (hiervan) foto’s en/of filmpjes te maken, bestaande uit het geheel en/of gedeeltelijk ontkleden van haar onderlichaam en/of het tonen van haar (ontblote) geslachtsdeel en/of billen en/of (daarbij) het spreiden van haar benen en/of
- een of meer foto’s van zijn, verdachtes, (ontblote) geslachtsdeel te sturen;
2.
hij op of omstreeks 20 februari 2023 te Eefde, in de gemeente Lochem, en/of Tilburg, althans in Nederland, door giften en/of beloften van geld en/of goed, misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht en/of misleiding, te weten door het beloven van 10, althans een of meer virtuele (huis)dieren/pets (in het spel Roblox), [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2016, die toen de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, opzettelijk heeft bewogen ontuchtige handelingen te plegen of van hem, verdachte, te dulden, door via Snapchat
- die [minderjarige] op te dragen, althans te verzoeken, ontuchtige handeling(en) bij zichzelf te verrichten en/of (hiervan) foto’s en/of filmpjes te maken, bestaande uit het geheel en/of gedeeltelijk ontkleden van haar onderlichaam en/of het tonen van haar (ontblote) geslachtsdeel en/of billen en/of (daarbij) het spreiden van haar benen en/of
- een of meer foto’s van zijn, verdachtes, (ontblote) geslachtsdeel te sturen;
3.
hij op of omstreeks 20 februari 2023 te Eefde, in de gemeente Lochem, en/of Tilburg, althans in Nederland, meermalen, althans eenmaal telkens een of meer afbeeldingen – en/of gegevensdragers, bevattende afbeeldingen – van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, te weten [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2016, heeft vervaardigd, verworven, in bezit gehad en/of zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft
welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven – bestonden uit:
het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon gekleed is en/of poseert in een erotisch getinte houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) (op verzoek van verdachte) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van haar kleding, althans haar broek en/of onderbroek ontdoet en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of (daarbij) het (op verzoek van verdachte) spreiden van haar benen en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van deze persoon en/of de uitsnede van de foto's/film(s) nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel en/of billen in beeld gebracht worden
(waarbij) de afbeelding (aldus) (telkens) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling.
Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.
Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.
Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.
4. De kwalificatie van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde levert op:
Eendaadse samenloop van:
feit 1:
Met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen;
feit 2:
Door beloften van geld of goed een persoon waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, opzettelijk bewegen ontuchtige handelingen te plegen en van hem te dulden;
feit 3:
een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, verwerven en in bezit hebben en zich door middel van een geautomatiseerd werk of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang daartoe verschaffen.
5. De strafbaarheid van de feiten
De feiten zijn strafbaar.
6. De strafbaarheid van de verdachte
Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.
7. De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 24 maanden waarvan 23 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van vier jaren. Daarbij moeten de bijzondere voorwaarden worden opgelegd zoals geadviseerd door de reclassering met de bepaling dat deze dadelijk uitvoerbaar zijn. De officier van justitie heeft daarnaast een taakstraf gevorderd van 240 uur. Ook heeft de officier van justitie gevorderd dat een gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht (Sr) wordt opgelegd.
Het standpunt van de verdediging
Voor zover de rechtbank tot een bewezenverklaring komt, heeft de raadsman bepleit dat rekening wordt gehouden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Verdachte beschikt over woonruimte en heeft een zinvolle dagbesteding. De raadsman heeft er verder op gewezen dat er maar heel kort contact is geweest met één persoon en dat het om een oud feit gaat. Een gevangenisstraf acht de raadsman niet passend en zal leiden tot verlies van verdachtes woonruimte. De raadsman vindt een taakstraf met bijzondere voorwaarden wel passend. Volgens de raadsman is een gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel overbodig en disproportioneel.
De beoordeling door de rechtbank
Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan drie zedendelicten. Hij heeft een meisje via Snapchat benaderd en haar ‘pets’ in het spel Roblox beloofd als ze foto’s en video’s van haar ontblote onderlichaam aan hem zou sturen. Verdachte heeft het meisje, dat tijdens het gesprek zei dat ze zes jaar was, ook een foto van zijn geslachtsdeel gestuurd. Verdachte heeft door te handelen zoals hij heeft gedaan de persoonlijke integriteit van het meisje ernstig geschonden, alleen om in zijn eigen behoeften te voorzien. De rechtbank vindt het handelen van verdachte niet alleen bijzonder kwalijk, maar ook heel zorgelijk. Verdachte neemt in het geheel geen verantwoordelijkheid voor zijn handelen. Integendeel. Hij doet alsof hij geen betrokkenheid heeft gehad bij de feiten en alsof hij geen Snapchataccount heeft gehad, terwijl duidelijk blijkt van het tegendeel. Verdachte lijkt daarbij alleen zichzelf en met name zijn huidige woonsituatie van belang te vinden.
Uit de justitiële documentatie van verdachte komt naar voren dat verdachte op 7 augustus 2012 door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden is veroordeeld ter zake van twee ontuchtzaken met minderjarigen. Verdachte heeft overigens ook ten aanzien van deze ontuchtzaken ter terechtzitting van 10 maart 2026 zijn betrokkenheid ontkend.
Verdachte is onderzocht door een psycholoog die op 26 november 2025 daarover een rapportage heeft uitgebracht. Uit het rapport komt naar voren dat verdachte globaal op zwakbegaafd cognitief niveau functioneert. In 2004 is de diagnose pervasieve ontwikkelingsstoornis NAO (PDD-NOS) gesteld. Deze autismespectrumstoornis (licht tot matig van ernst) wordt ook in het onderhavige onderzoek bevestigd. Inmiddels is er een patroon ontstaan van antisociaal gedrag, wat vanaf het veertiende jaar aanwezig is en tot uiting komt in het zich niet kunnen conformeren aan de maatschappelijke norm dat men zich aan de wet moet houden. Daarnaast is sprake van oneerlijkheid, impulsiviteit en een bagatelliserende houding ten opzichte van veroordelingen. Er is tevens sprake van een antisociale attitude ten opzichte van de man-vrouw verhouding en seksualiteit. Daarnaast is in de persoonlijkheid van verdachte te zien dat hij een zeer vermijdende copingstijl lijkt te hanteren. Deze vermijdende houding lijkt onderliggend aan zijn delictgedrag en lijkt dat gedrag in stand te houden. Hij bagatelliseert zijn problematiek in forse mate en overschat zichzelf, waarbij hij voorbij gaat aan de gevolgen van zijn delictgedrag voor de slachtoffers en voor zijn omgeving. Gesproken kan worden van een ander gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis, met antisociale en vermijdende trekken.
Volgens de deskundige is er al jarenlang sprake van seksueel afwijkend gedrag. Verdachte ontkent alles hieromtrent en geeft geen openheid, waardoor een specifieke parafilie niet vastgesteld kan worden. Er kan gesproken worden van een ander gespecificeerde parafiele stoornis (voyeurisme, pedofilie en exhibitionisme). De deskundige meent dat het in de rede ligt dat verdachte in een verminderde mate in staat kan worden geacht de draagwijdte van zijn gedrag en handelingen te overzien. Het risico op (herhaling van) van feiten als de onderhavige bij ongewijzigde omstandigheden zonder externe controle wordt als hoog beoordeeld. Er is onvoldoende zicht op zijn belevingswereld, waardoor enkel externe factoren het risico kunnen beperken. Verdachte lijkt hiertoe zelf onvoldoende mogelijkheden te hebben.
De rechtbank neemt de conclusies van de deskundige over en gaat ervan uit dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar moet worden geacht voor de door hem gepleegde delicten.
Op 23 februari 2026 is een reclasseringsrapport over verdachte uitgebracht. Uit dat rapport blijkt dat verdachte volgens Trajectum goed binnen zijn mogelijkheden functioneert en gebruik maakt van de hem aangeboden hulp. Er ontstaat echter weinig zicht op verdachtes ‘binnenwereld’, wat een bevestiging is van wat eerder werd gezien, onder andere tijdens een klinische behandeling bij [kliniek] . Van een behandeling gericht op het verkrijgen van meer zelfcontrole moet daarom niet veel worden verwacht. De huidige woon- en leefsituatie is voor verdachte erg belangrijk. Hij voelt zich daar gezien en op zijn plek. Hij is erg bang zijn plek te verliezen, zoals eerder is gebeurd naar aanleiding van een verdenking. De huidige situatie kan daarom als ‘beschermend’ worden beoordeeld. In geval van een detentie zal zijn kamer één maand gereserveerd blijven. Daarna zal hij opnieuw op de wachtlijst komen.
De reclassering schat de risico’s op recidive en op letsel in als hoog, het risico op onttrekken aan voorwaarden als gemiddeld.
De rechtbank overweegt dat verdachte na 20 februari 2023 niet meer bij politie of justitie in beeld is geweest. Uit de stukken blijkt dat verdachte ten tijde van een eerdere verdenking van een zedendelict zijn begeleide woonplek is kwijtgeraakt, waarna het vier jaar heeft geduurd voor hij opnieuw kon worden geplaatst. Verdachte functioneert goed op zijn huidige plek en zijn woonsituatie wordt als beschermend gezien.
Feiten zoals door verdachte gepleegd worden doorgaans afgestraft met een forse onvoorwaardelijke gevangenisstraf. De rechtbank heeft echter oog voor de woonsituatie van verdachte die als beschermend wordt gezien. De rechtbank overweegt dat uit het reclasseringsrapport blijkt dat zijn plek bij Trajectum een maand voor hem gereserveerd blijft in het geval van een gevangenisstraf. Zij acht de door de officier van justitie gevorderde gevangenisstraf van 24 maanden, waarvan 23 maanden voorwaardelijk daarom passend en geboden. De rechtbank zal de officier van justitie ook volgen in de proeftijd van vier jaar. Deze lange proeftijd geldt als een stok achter de deur en om te voorkomen dat verdachte opnieuw strafbare feiten, in het bijzonder zedendelicten, pleegt. De rechtbank zal de voorwaarden opleggen zoals geadviseerd door de reclassering en de dadelijke uitvoerbaarheid daarvan bevelen. De rechtbank zal ook de maximale taakstraf van 240 uur opleggen. Ten slotte zal de rechtbank de gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38z Sr opleggen. Anders dan de raadsman is de rechtbank van oordeel dat dit niet disproportioneel is. Voorkomen moet worden dat verdachte opnieuw soortgelijke delicten als de onderhavige pleegt. De destijds door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden opgelegde tbs-maatregel met voorwaarden, die in november 2019 is beëindigd, heeft niet kunnen voorkomen dat verdachte opnieuw zedendelicten heeft gepleegd. Een fors en langdurig juridisch kader is daarom noodzakelijk.
8. De toegepaste wettelijke bepalingen
De oplegging van de straf en/of maatregel is gegrond op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 38z, 55, 57, 240b (oud), 247 (oud) en 248a (oud) van het Wetboek van Strafrecht.
9. De beslissing
De rechtbank:
verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;
verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;
verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;
verklaart verdachte hiervoor strafbaar;
veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden;
stelt als bijzondere voorwaarden dat:
Het toezicht op de naleving van de onderdelen 1. tot en met 3. beperkt zich tot geautomatiseerde controles van digitale apparaten (zoals computers, smart devices, USB-sticks, SD-kaarten, externe harde schijven) waarop bestanden kunnen worden opgeslagen en/of waarmee internet kan worden benaderd en die verdachte in gebruik heeft.
Verdachte werkt mee aan deze controles tijdens (on)aangekondigde huisbezoeken en verschaft toegang tot alle aanwezige digitale apparaten die verdachte in gebruik heeft. Hieronder wordt begrepen het verstrekken van wachtwoorden, codes of andere wijzen van ontgrendeling of ontsluiting zoals vingerafdrukken, die nodig zijn voor toegang. Op verzoek past verdachte de instellingen zodanig aan dat controle mogelijk is. De wijzigingen mogen niet leiden tot definitieve wijzigingen aan het apparaat en worden aan het einde van de controle weer teruggezet.
De controles worden uitgevoerd door de reclassering of Trajectum. Indien en voor zover noodzakelijk mag de reclassering voor ondersteuning op technisch en digitaal gebied een specialist, niet zijnde een opsporingsambtenaar meenemen;
- verdachte gedurende de proeftijd niet in een functie werkt waarbij hij nadrukkelijk in contact komt met minderjarigen (dit kan ook vrijwilligerswerk zijn). Verdachte zal niet actief zijn binnen een vereniging waarbij hij nadrukkelijk in contact komt met minderjarigen. Dit is ter beoordeling van de reclassering, in afstemming met het Openbaar Ministerie;
geeft opdracht aan de reclassering om toezicht te houden op de naleving van de voornoemde voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden. Dit geldt niet ten aanzien van het contactverbod;
hierbij gelden als voorwaarden dat verdachte:- meewerkt aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een geldig identiteitsbewijs
ter inzage aanbiedt om de identiteit vast te stellen; - meewerkt aan reclasseringstoezicht, waaronder het meewerken aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt;
beveelt dat de gestelde voorwaarden en het uit te oefenen toezicht dadelijk uitvoerbaar zijn;
legt op een taakstraf van 240 uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 120 dagen;
legt een gedragsbeïnvloedende - en vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38z van het Wetboek van Strafrecht op.