ECLI:NL:RBGEL:2026:2356

ECLI:NL:RBGEL:2026:2356

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 25-03-2026
Datum publicatie 25-03-2026
Zaaknummer 05/400898-24
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Arnhem

Samenvatting

Veroordeling voor 7 feiten waaronder belaging, bedreiging, doxing en vernieling, gepleegd terwijl sprake was van een ernstig manische episode met psychotische kenmerken. Verminderd toerekeningsvatbaar. Gevangenisstraf van 12 maanden, met aftrek voorarrest, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. Ook 38v-Sr maatregel inhoudende contact- en locatieverboden met de slachtoffers. Civiele vorderingen deels toegewezen.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Team strafrecht

Zittingsplaats Arnhem

Parketnummer: 05/400898-24

Datum uitspraak : 25 maart 2026

Tegenspraak

vonnis van de meervoudige kamer

in de zaak van

de officier van justitie

tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 1979 in [geboorteplaats] ,

wonende aan de [adres] .

Raadsvrouw: mr. C.E. Hok-A-Hin, advocaat in Utrecht.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op openbare terechtzittingen.

1. De inhoud van de tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 16 december 2024 te [woonplaats] en/of te Tiel, in elk geval in

Nederland,

persoonsgegevens van een ander, te weten

van [aangever 1] ,

heeft verspreid en ter beschikking heeft gesteld,

met het oogmerk om die [aangever 1] voornoemd

- vrees aan te (laten) jagen en

- ernstige overlast aan te (laten) doen;

2

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 11 t/m 12 december

2024 te Geldermalsen, gemeente West Betuwe en/of te Tiel, in elk geval in

Nederland,

[aangever 2] heeft bedreigd

met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling,

door die [aangever 2] voornoemd dreigend de woorden toe te voegen "ik maak je kapot"

en/of "ik steek je kop in de fik" en/of door op zijn facebookpagina te posten dat die

[aangever 2] voornoemd moet branden", althans woorden van gelijke dreigende aard of

strekking;

3

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 8 t/m 18 oktober 2024

te [woonplaats] , gemeente West Betuwe opzettelijk,

de eer en/of de goede naam van [aangever 3] heeft aangerand,

door tenlastelegging van een bepaald feit,

met het kennelijke doel om daaraan ruchtbaarheid te geven,

door middel van geschriften en/of afbeeldingen verspreid, openlijk tentoongesteld

of aangeslagen en/of door geschriften waarvan de inhoud openlijk ten gehore werd

gebracht,

door op (zijn) facebook berichten te verspreiden met als inhoud (ondermeer):

"Geldwolf, zielig dame, uw heeft u eigen mishandeld en de politie en rechercheur

misleid en slachtofferhulp ingeschakeld" en/of

"Afgelopen maandag was de zitting bij de politierechter in Arnhem. Volgens de

(valse) verklaring van uw dochter ben ik veroordeeld op artikel 300 van het Wetboek

van Strafrecht" en/of

"Liegt uw dochter, heeft ze last van flashbacks? Is uw dochter geestelijk beschadigd

door de erfzonde van uw familie? Is zij zo bang voor mij dat zij hallucineert?"en/of

"U heeft samen met uw dochter een valse verklaring tegen mij afgelegd" en/of

"Als uw dochter u heeft gemanipuleerd en u gebruikt heeft om een valse verklaring

af te leggen? Is dat niet aanneembaar dat zij zichzelf heeft verwond? Haar zelf heeft

mishandeld? Zij er alles aan doet om mij ten schande te zetten voor het gehele volk

der Nederlanden?" en/of

"Daag vriendjes, Jullie hadden kunnen getuigen tegen: [aangever 3] ,

Stalker Dief Smaad en laster (schrijft belastende berichten). Valse verklaringen.-!"

en/of

"Goedemorgen, Wil iemand even vragen of [aangever 3] even wilt stoppen

met het sturen van berichten via marktplaats. Kost mij veel tijd en en onnodige

energie.

Beste [aangever 3] ,

Ik beloof u dat als ik in hoger beroep niet vrijgesproken word.„.dat ik persoonlijk

naar u toe kom. Dan doe wat ik niet gedaan heb....

Ik laat niets van u heel, ik zal u vernederen en vergeven.

Stop met stalken, vuile SNOL....! Grtz,

Ps. Dit moest ik even kwijt—.! Fijne dag" en/of

"Goedemorgen,

Deze is voor Justtitie.

Deze is voor Kairos.

Deze is voor de Reclassering Nederland,

Deze is voor alle NSB-ers,

Deze is voor alle leugenaars.

Deze is voor [aangever 3] .

Deze is voor het school bestuur van het Nimeto..!

Deze is voor iedereen die mij zonder respect behandelt-!

Ik heb de dagvaarding binnen, voor mijn hoger beroep..! Ais ik in hoger beroep nog

steeds dezelfde straf krijg voor dingen die ik NIET gedaan heb dan. gaat de grootste

show allee tijden beginnen...’

Dan verklaar ik de oorlog aan de Nederlandse staat.

Inhoudelijk betekend dit dat niemand in Nederland S meer veilig is. Zelfs mijn

familie NIET-.!;

4

hij in of omstreeks de periode van 18 t/m 19 november 2024 en/of op of omstreeks

17 december 2024 te Nijmegen

opzettelijk en wederrechtelijk een aantal politiecellen van het politieburo Nijmegen,

in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan de nationale politie, in elk

geval aan een ander toebehoorde(n) heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar

gemaakt en/of weggemaakt;

5

hij in of omstreeks de periode van 14 november 2024 t/m 14 december 2024 te Tiel

en/of te Geldermalsen, althans in Nederland,

wederrechtelijk

stelselmatig

opzettelijk

inbreuk heeft gemaakt

op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever 2] ,

door

-een briefje onder de ruitenwisser van de auto van die [aangever 2] voornoemd te

stoppen

met daarop de tekst "goedemorgen ik weet niet hoe laat ik thuis ben, werk ze

lieverd" en/of

- een video te sturen waarin hij zegt dat hij 's avonds misschien wel eens tijd over

heeft voor die [aangever 2] voornoemd en/of

- aan die [aangever 2] voornoemd veelvuldig spraakbereichten te sturen en/of

- die [aangever 2] voornoemd veelvuldig op te bellen en/of

- die [aangever 2] voornoemd veelvuldig whatsappberichten te sturen en/of

- een foto met daarop een afbeelding van snoephartjes te sturen aan die Heijenen

voornoemd en/of

- een you-tube filmpje te sturen aan die [aangever 2] voornoemd en/of

- zich voor te doen als de echtgenoot van die [aangever 2] voornoemd en/of

- veelvuldig te verschijnen op de werkplek van die [aangever 2] voornoemd en daarbij

intimiderend gedrag te vertonen en/of

- filmpjes te maken op de werkplek van die [aangever 2] voornoemd en/of

- het toilet van het tankstation waar die [aangever 2] voornoemd werkt te vervuilen

en/of

- te melden op de schoonmaaklijst van het tankstation waar die [aangever 2] werkzaam

is, dat hij verliefd is en/of

- te uiten aan die [aangever 2] voornoemd, in het bijzijn van haar collega's, dat iedereen

mag weten dat hij en die [aangever 2] voornoemd met elkaar het bed delen en/of

- die [aangever 2] voornoemd op te bellen waarbij hij, verdachte, die [aangever 2] zijn vrouw

noemt en/of

- het online plaatsen van meerdere negatieve you-Tube filmpjes over die [aangever 2]

voornoemd en/of over het tankstation waar die [aangever 2] voornoemd werkzaam is,

op zijn you tube kanaal "streetwise 365" waarbij het kenteken van de auto van die

voornoemd in beeld komt en/of

- het plaatsen van denigrerende uitspraken over die [aangever 2] voornoemd op zijn

facebook en/of

- het plaatsen van negatieve berichten over het tankstation waar die [aangever 2]

werkzaam is, op linkedin,

met het oogmerk die [aangever 2] voornoemd, te dwingen iets te doen, niet te doen, te

dulden en/of vrees aan te jagen;

6

hij op of omstreeks 16 december 2024 te Tiel, in elk geval in Nederland,

een of meer persoonsgegevens van een ander/of een derde,

te weten van [aangever 4] (medewerker Kairos Tiel)

zich heeft verschaft, heeft verspreid en/of anderszins ter beschikking heeft gesteld,

met het oogmerk om

- vrees aan te (laten)jagen

- ernstige overlast aan te (laten) doen en/of

- in de uitoefening van zijn ambt of beroep ernstig te (laten) hinderen;

7

hij in of omstreeks de periode van 12 t/m 14 december 2024 te Tiel, in elk geval in

Nederland,

wederrechtelijk

stelselmatig

opzettelijk

inbreuk heeft gemaakt

op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever 5]

door

-die [aangever 5] voornoemd een groot aantal (ruim 200) whatsapp-berichten te sturen

en/of

-die [aangever 5] voornoemd een aantal you tube linkjes te sturen en/of

-die [aangever 5] voornoemd een aantal foto's, afkomstig van haar eigen tinder-account

te sturen en/of

-die [aangever 5] voornoemd een aantal email-berichten te sturen via haar zakelijke

account en/of

-een filmpje op You Tube te plaatsen met persoonlijke gegevens van die [aangever 5]

voornoemd en/of

-die [aangever 5] voornoemd een aantal malen op te bellen en/of

-een bericht te plaatsen op het facebook-account van die [aangever 5] voornoemd,

met het oogmerk die [aangever 5] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te

dulden en/of vrees aan te jagen.

2. Overwegingen ten aanzien van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder 1 tot en met 7 tenlastegelegde feiten.

Het standpunt van de verdediging

Ten aanzien van feit 1 is gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Ten aanzien van feit 2 heeft de raadsvrouw aangevoerd dat voor de eerste twee uitlatingen geen steunbewijs voorhanden is, zodat verdachte hiervan partieel moet worden vrijgesproken. Ten aanzien van het derde gedachtestreepje is gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Ten aanzien van feit 3 is vrijspraak bepleit, nu volgens verdachte van smaadschrift ten opzichte van aangeefster geen sprake is. Zijn uitlatingen moeten worden gezien in de context van de op dat moment nog lopende strafzaak. Bovendien had verdachte niet het opzet op het aanranden van de goede naam en eer van het slachtoffer, maar op het zuiveren van zijn eigen naam. Meer subsidiair geldt dat een groot aantal uitingen zijn gericht aan de heer [aangever 3] en dat de naam van aangeefster daarbij niet wordt genoemd. Voor het algemene publiek zal niet zonder meer duidelijk zijn dat deze berichten op aangeefster zien, zodat van smaadschrift in die gevallen geen sprake is. In de berichten waarin wel de naam van het slachtoffer wordt genoemd, ontbreekt een tenlastelegging met een bepaald feit, zodat ook om die reden vrijspraak moet volgen.

Ten aanzien van feit 4 is gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Ten aanzien van feit 5 is aangevoerd dat de vraag kan worden gesteld of sprake is geweest van een opzettelijke inbreuk op de persoonlijke levenssfeer. Zo is door aangeefster niet kenbaar gemaakt dat zij geen contact met verdachte wilde en ook is er geen stopgesprek door de politie met verdachte gevoerd.

Ten aanzien van feit 6 is opgemerkt dat het plaatsen van het filmpje door verdachte niet wordt betwist.

Ten aanzien van feit 7 is vrijspraak bepleit, nu de door verdachte verstuurde berichten weliswaar ongepast waren, maar het opzet op stalking ontbreekt. Ook kan vanwege de korte duurt (3 dagen) niet worden gesproken van een structureel karakter.

Beoordeling door de rechtbank

Feit 1 (doxing)

Aangeefster [aangever 1] heeft aangifte gedaan van doxing en heeft hierover het volgende verklaard. Op 16 december 2024 kreeg ze een bericht van haar partner dat ze een filmpje moest kijken op het YouTube kanaal (‘ [account] ’) van haar ex-partner (verdachte). Het filmpje ‘Tiel, getuige XXL stalker uit [woonplaats] ’ was die dag geplaatst. Ze bekeek de video en herkende daarop de stem van verdachte. Op het filmpje wordt de locatie van haar werk gefilmd waarbij het bord [naam] is te zien. Ook wordt haar volledige naam en woonplaats ( [woonplaats] ) genoemd en roept verdachte op om eieren tegen haar voordeur te gooien. Ondanks dat verdachte geen huisnummer noemt, is ze bang dat er iemand tussen zit die dit (of erger) uitvoert. [woonplaats] is niet groot en als men de straat weet, kunnen ze er zo achter komen waar ze woont. Ze woont op dit adres met hun twee kinderen en ze leven al lange tijd in angst door alle uitlatingen die verdachte over haar en hun dochter doet.

De video is door de politie veiliggesteld vanaf het YouTube account van verdachte. Het filmpje is door verbalisant [verbalisant] bekeken. [verbalisant] verbaliseert hierover het volgende: “Bij start van het filmpje zag ik dat er een soort van Reclame bord van een instantie in beeld werd gebracht waarop staat: [naam] met daaronder het mailadres van [naam] . Het gehele filmpje blijft dit bord in beeld en is er verder niets te zien. Ik verbalisant herkende de stem in dit filmpje als zijnde de stem van de mij ambtshalve bekende [verdachte] . Ik heb vanuit mijn functie als rechercheur zowel telefonisch als in persoon meerdere keren met hem gesproken waardoor ik zijn stem herken. Ik hoorde [verdachte] het volgende zeggen; " Dit is [naam] TV. Echt heb je ooit wel 'ns iemand gehad die mensen op moet leiden bij [naam] dan moet je [aangever 1] hebben. Echt die is zo oneerlijk jonguh hee, echt dat is echt een misselijke een misselijk galbaksel en die woont in [woonplaats] op [adres] , adde niks te doen heb gooi kilo eieren tegen die voordeur aan. Want ze is altijd hartstikke druk. Zo druk dat ze nergens geen tijd heb. En dat ze mijn lieve moeder alleen maar laat werken voor die vieze vuile kleine kutkindjes, die ondankbare kutkinderen. En die hebben gewoon ook een beetje goede opvoeding nodig want da ga nie..”

Verdachte heeft ter zitting met zoveel woorden verklaard dat hij het filmpje heeft gemaakt en geplaatst.

Op basis van bovengenoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte een filmpje met persoonsgegevens van [aangever 1] heeft geplaatst op een openbaar toegankelijk online platform. Daarmee heeft verdachte deze persoonsgegevens verspreid. Gezien de voorgeschiedenis en de uitlatingen die verdachte in dit filmpjedoet, kan niet anders worden geconcludeerd dan dat verdachte dit heeft gedaan met het oogmerk om [aangever 1] vrees aan te jagen en haar ernstige overlast te bezorgen. Daarmee is voldaan aan het oogmerkvereiste.

De rechtbank acht daarmee het onder 1 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen.

Feit 2 (bedreiging)

Op 11 december 2024 heeft verdachte een bericht op zijn Facebookpagina geplaatst waarin hij aangeeft dat ‘ [aangever 2] lekker moet branden (vuur emoticon)’. [aangever 2] voelde zich hierdoor bedreigd.

De rechtbank acht daarmee de hiervoor genoemde onder 2 ten laste gelegde schriftelijke bedreiging wettig en overtuigend bewezen. Voor de overige ten laste gelegde uitlatingen, te weten “ik maak je kapot” en “ik steek je kop in de fik”, wordt verdachte vrijgesproken, nu steunbewijs daarvoor ontbreekt.

Feit 3 (smaad)

In de periode van 8 tot en met 18 oktober 2024 zijn door het Facebookaccount van verdachte, dat openbaar is, de volgende berichten online geplaatst gericht aan/over [aangever 3] en onder dit bericht de nodige hashtags geplaatst:

 " "Geldwolf, zielig dame, uw heeft u eigen mishandeld en de politie en rechercheur misleid en slachtofferhulp ingeschakeld"

 " "Afgelopen maandag was de zitting bij de politierechter in Arnhem. Volgens de (valse) verklaring van uw dochter ben ik veroordeeld op artikel 300 van het Wetboek van Strafrecht"

 " "Liegt uw dochter, heeft ze last van flashbacks? Is uw dochter geestelijk beschadigd door de erfzonde van uw familie? Is zij zo bang voor mij dat zij hallucineert?"

 " "U heeft samen met uw dochter een valse verklaring tegen mij afgelegd"

 " "Als uw dochter u heeft gemanipuleerd en u gebruikt heeft om een valse verklaring af te leggen? Is dat niet aanneembaar dat zij zichzelf heeft verwond? Haar zelf heeft mishandeld? Zij er alles aan doet om mij ten schande te zetten voor het gehele volk der Nederlanden?"

 " "Daag vriendjes, Jullie hadden kunnen getuigen tegen: [aangever 3] , Stalker Dief Smaad en laster (schrijft belastende berichten). Valse verklaringen.-!"

 " "Goedemorgen, Wil iemand even vragen of [aangever 3] even wilt stoppen met het sturen van berichten via marktplaats. Kost mij veel tijd en en onnodige energie.

Beste [aangever 3] ,

Ik beloof u dat als ik in hoger beroep niet vrijgesproken word.„.dat ik persoonlijk

naar u toe kom. Dan doe wat ik niet gedaan heb....

Ik laat niets van u heel, ik zal u vernederen en vergeven.

Stop met stalken, vuile SNOL....! Grtz,

Ps. Dit moest ik even kwijt—.! Fijne dag"

[aangever 3] heeft kennisgenomen van deze berichten en voelde zich hierdoor in haar goede naam en eer aangetast. Door het plaatsen van meerdere hashtags onder het bericht, weet aangeefster dat het bericht daardoor door mensen, bedrijven en groepen gezien kan worden. Zij zag dat dit de volgende hashtags waren: #justitie, #uitspraak #OM #onschuldig #stalking #racune # [woonplaats]

#dominospizza #politie #recherche #advocaat #betuwe #tiel #Peugot #hart #slachtoffer

#slachtofferhulp #veroordeel #facebook #facebookreel #facebookreelsviral

#facebookviral #instagram #tiktok #tiktokviral #Youtube en #kravmaga.

Op basis van bovengenoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte op Facebook berichten heeft geplaatst waarin hij aangeefster publiekelijk beschuldigt van onder meer het afleggen van valse verklaringen, het misleiden van politie en recherche, stalking, diefstal en het in scène zetten van mishandeling. Deze uitlatingen bevatten concrete feitelijke beschuldigingen die de eer en goede naam van aangeefster aantasten. Door het plaatsen van deze berichten via Facebook op een openbaar account met daaronder een groot aantal hashtags, heeft verdachte geschriften in de zin van artikel 261, tweede lid, Sr gebruikt, die voor derden toegankelijk waren en aldus openbaar zijn gemaakt. Ook volgt daaruit het kennelijke doel van verdachte om ruchtbaarheid aan deze berichten te geven. Daarmee zijn de bestanddelen van smaadschrift vervuld.

De verdediging heeft aangevoerd dat de berichten zijn geplaatst naar aanleiding van een door verdachte als onterecht ervaren veroordeling en dat het opzet ontbreekt omdat verdachte slechts zijn eigen naam wilde zuiveren. De rechtbank verwerpt dit verweer. Reeds uit het grootste gedeelte van de hiervoor weergegeven door verdachte gebruikte bewoordingen volgt het opzet de naam en goede eer van aangeefster aan te tasten (bijvoorbeeld ‘Stop met stalken, vuile SNOL....!’). Voor de gedeelten waarvoor dit niet zonder meer kan worden gezegd, geldt dat het feit dat verdachte handelde naar aanleiding van een veroordeling hooguit de aanleiding voor zijn handelen verklaart, maar niet rechtvaardigt dat hij concrete en ernstige beschuldigingen openbaar maakt. Voor zover er al een motief zou zijn om zijn eigen naam te zuiveren, sluit dit het opzet op smaadschrift niet uit.

Uit de aard van de beschuldigingen, de gekozen bewoordingen en de openbare plaatsing leidt de rechtbank af dat verdachte opzet heeft gehad op het aantasten van de eer en goede naam van aangeefster en dat hij kennelijk beoogde daaraan ruchtbaarheid te geven.

De rechtbank acht daarmee het onder 3 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen. De inhoud van het laatste bericht zoals opgenomen in de tenlastelegging levert geen smaad op omdat in dat bericht geen ‘bepaald feit’ door verdachte is tenlastegelegd, zodat verdachte van dit onderdeel wordt vrijgesproken.

Feit 4 (vernieling)

Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359, derde lid, laatste zin, van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen.

Bewijsmiddelen:

- het proces-verbaal van aangifte van [aangever 6] namens de Nationale Politie, p. 30-32 (incl. fotobijlagen, p. 34-39);

- het proces-verbaal van aangifte [aangever 7] namens de Politie, p. 158-159 (incl. fotobijlagen, p. 161-162).

- de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 11 maart 2026.

Feit 5 (belaging)

Aangeefster [aangever 2] heeft op 14 december 2024 aangifte gedaan van belaging en hierover het volgende verklaard. Ze kent verdachte al zo’n 17 jaar. Sinds 14 november 2024 voelt ze zich belaagd door verdachte. Ze werkt als manager bij de [bedrijf] in [vestigingsplaats] . Die dag kwam verdachte weer langs op haar werk en lag er later een briefje onder de ruitenwisser van haar auto met de tekst ‘goedemorgen ik weet niet hoe laat ik thuis ben, werk ze lieverd’. Ook stuurde verdachte haar een videobericht met diezelfde strekking. Later die dag kwam verdachte tanken, maar kon hij niet betalen. Ze hield zijn rijbewijs achter, waarna verdachte spraakberichten ging sturen dat hij het nog wel goed met haar ging maken en stuurde een foto van snoephartjes. Ze reageerde er niet op. Een dag later ontving ze een YouTube video genaamd ‘Intro communiceren voor het management van [bedrijf] ’. Deze video gaat er over dat als iemand zo attent is een briefje onder je ruitenwisser te doen, dat je dan wel mag reageren. Ze reageerde nergens op, waarna verdachte haar die dag berichten en foto’s bleef sturen. Op 15 november 2024 belde verdachte haar en stuurde haar een video. In de video gaf verdachte aan in Zeeland te zijn en of ze hem geen tikkie kon sturen voor het tanken. Dat heeft ze gedaan, waarna verdachte direct heeft betaald. Hierop stuurde verdachte nog meer berichten. Op 16 november 2024 deed verdachte zich voor als haar man bij het tankstation. Sinds 14 november 2024 komt verdachte gemiddeld 15 keer per week langs op haar werk. Hij maakt dan filmpjes of hij gaat naar het toilet en poept dan naast het toilet. Verdachte heeft op de schoonmaaklijst van het toilet geschreven ‘Ik ben verliefd, [verdachte] ’. Ook doet verdachte uitlatingen tegenover collega’s van haar alsof zij een stel zijn en met elkaar slapen, maar dat is niet zo. Ze had pas in de gaten wat de belaging met haar deed toen verdachte een week vastzat. Wel heeft verdachte haar in die week nog vier keer gebeld vanuit de PI. Op 11, 12 en 13 december 2024 heeft verdachte haar weer meerdere keren per dag bezocht op haar werk. Ze wordt door verdachte belaagd door middel van berichten, (anonieme) telefoontjes, bezoekjes op haar werk en het sturen van video’s. Ook tagt en noemt verdachte haar in berichten op Facebook.

De politie heeft de door [aangever 2] aangeleverde communicatie/media bestanden bekeken van de periode 14 november tot en met 12 december 2024 en beschrijft onder meer het volgende:

Op 14-11-2024 11:09 uur worden door [verdachte] een tweetal foto's gestuurd van een pakje dat onder de ruitenwisser zit van [aangever 2] haar auto. Ik weet dat dit haar auto is omdat zij dit aan mij heeft verteld. Ik zie dat deze foto's zijn gemaakt bij [bedrijf] te [vestigingsplaats] omdat ik de locatie aldaar ambtshalve ken.

Ik zie dat [verdachte] in totaal 67 berichten verstuurd binnen aangegeven periode hiervan is

een deel foto bestanden, gemiste spraakoproepen en gemiste video-oproep, video's en

een aantal youtube linkjes.

Ik zie dat er in deze periode in totaal door [aangever 2] 8 keer een bericht is uitgegaan naar [verdachte] . Ik zie dat 1 van deze berichten een betaallink is en ik weet ambtshalve dat dit gaat om een betaallink voor getankte brandstof die [verdachte] niet direct betaalde bij [bedrijf] . Tevens gaan 2 van de berichten; een spraakoproep welke niet beantwoord werd en hierna een bericht; over het feit dat er iemand bij [bedrijf] is die op [verdachte] wacht.

(…)

[15-11-2024, 09:19:06] [verdachte] :

Ik zie op deze video welke 1:24 min duurt dat [verdachte] aan het rijden is. Hij neemt zichzelf op vanaf het dashboard. [verdachte] verteld samengevat: Dat hij in Zeeland is en vraagt of ze een tikkie kan sturen zodat hij vanuit Zeeland niet heen en weer hoeft te rijden voor die 41 euro. Verder benoemt hij nog dat hij ook al geen relatie met haar mocht krijgen omdat het niet lukt om met haar te communiceren.

(…)

[12-12-2024, 07:41:39] [verdachte] : https ://youtu,be/T8hI254A4-Q?si=SkqpnzVbAgjar6A6

Dit betreft een link naar YouTube; ik heb deze link ingevoerd op youtube en kom dan op de mij ambtshalve bekende Youtube pagina van [verdachte] genaamd: " [account] ". Ik zie op de video dat deze is opgenomen bij [bedrijf] te [vestigingsplaats] . De video is genaamd: " [bedrijf] is de manager er, NEE". Ik hoor [verdachte] praten in deze video. Ik hoor hem vertellen dat hij met de manager wil praten maar dat het personeel zegt dat ze er niet is. Vervolgens komt de auto van [aangever 2] volledig in beeld. Ik hoor [verdachte] verder praten over een factuur en als hij niet betaald voor 12 uur dan komt er een boete. Hij wil hierover spreken met de manager maar die is er niet.”

Getuige [getuige] (medewerker bij [bedrijf] in [vestigingsplaats] ) heeft verklaard dat verdachte heel vaak bij het tankstation langs kwam. Sinds hij daar werkt, is verdachte al zo’n dertig keer langs geweest. De laatste maand heeft verdachte een vast riedeltje gekregen. Hij komt tanken voor een paar cent en komt dan de winkel binnen. Hij vraagt altijd op de een of andere manier naar hun manager, [aangever 2] . De ene keer vraagt hij naar de overbuurvrouw, de andere keer naar [aangever 2] zelf of hij vraagt naar zijn vrouw. Verdachte kwam de laatste weken vier à vijf keer per week langs, zowel overdag als ’s avonds.

Verdachte heeft ter zitting verklaard dat hij veel foto’s en video’s naar [aangever 2] heeft verstuurd. Ook verklaarde hij vaker bij de [bedrijf] in [vestigingsplaats] te komen en erkende hij met zoveel woorden een keer een briefje onder de ruitenwisser van de auto van [aangever 2] te hebben gelegd en haar daarvan een foto te hebben gestuurd.

Op basis van bovengenoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte in de periode 14 november tot 14 december 2024 herhaaldelijk contact heeft gezocht met [aangever 2] , onder meer door het achterlaten van briefjes, het sturen van berichten en video’s, het herhaaldelijk bellen, intimiderend verschijnen op haar werkplek, het vervuilen van het toilet van het tankstation waar zij werkt en het plaatsen van negatieve en denigrerende berichten en filmpjes online.

Door de verdediging is gesteld dat het de vraag is of sprake is van een opzettelijke inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van aangeefster, onder meer omdat aangeefster niet uitdrukkelijk aan verdachte kenbaar heeft gemaakt dat zij geen contact met hem wilde en er ook geen stopgesprek met de politie is geweest. De rechtbank stelt voorop dat volgens vaste jurisprudentie van de Hoge Raad de opvatting dat een gedraging alleen dan als inbreukmakend op de persoonlijke levenssfeer van een ander kan worden aangemerkt als die ander voorafgaand aan die gedraging aan verdachte kenbaar heeft gemaakt geen contact met hem te willen, onjuist is.

Bij de beoordeling of sprake is van belaging zijn de aard, duur, frequentie en intensiteit van de gedragingen, de omstandigheden waaronder deze hebben plaatsgevonden en de invloed daarvan op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van aangeefster van belang. Tegen die achtergrond kunnen de gedragingen van verdachte, zoals hiervoor vastgesteld, gelet op hun stelselmatige en indringende karakter, worden aangemerkt als een wederrechtelijke inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van aangeefster. Zij wordt door deze handelingen geen keuze gelaten in het al dan niet aanvaarden van contact met verdachte en door zijn handelen dwingt hij aangeefster daarmee feitelijk te dulden dat stelselmatig contact met haar wordt gezocht. Bovendien heeft verdachte online een hoeveelheid berichten geplaatst, waarin hij denigrerende uitspraken over aangeefster heeft gedaan en negatieve uitlatingen doet over het tankstation waar zij werkt. Uit het voorgaande volgt dat verdachte het oogmerk heeft gehad aangeefster te dwingen iets te dulden en haar vrees aan te jagen.

De rechtbank acht daarmee het onder 5 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen.

Feit 6 (doxing)

Aangever [aangever 4] heeft aangifte gedaan van doxing en hierover het volgende verklaard. Op 16 december 2024 werd hij geconfronteerd met een YouTube filmpje genaamd “Tiel, "de waarheid, oprecht en eerlijk" (ik heb ook fouten gemaakt, ik heb er iets van geleerd)" afkomstig van het account ‘ [account] ’. Het betreft een openbaar YouTube kanaal. Op het filmpje is te zien dat een persoon het gebouw van Kairos filmt waar [aangever 4] werkt als [functie] . Hij hoort de persoon, waarvan hij de stem herkent als die van zijn patiënt [verdachte] (verdachte), verschillende keren zijn naam noemen en aangeven dat [aangever 4] daar werkt als psycholoog en dat hij niet deugt en liegt. [aangever 4] is een schandalige hulpverlener, daar komt het op neer. Verdachte zegt dat hij ervoor gaat zorgen dat iedereen in Nederland te weten gaat komen dat hij ( [aangever 4] ) niet deugt als zorgverlener, zodat hij nergens meer over straat kan gaan. [aangever 4] was op dat moment aan het werk. Dat verdachte dit deelt op het openbare internet geeft hem een onveilig gevoel. Hij weet niet wie dit allemaal bekijkt en men weet in ieder geval hierdoor waar hij werkt. Sindsdien gaat [aangever 4] niet meer alleen van Kairos naar zijn auto of de straat op in Tiel.

Door de politie is een audioverslag gemaakt van het bestand “Tiel, "de waarheid, oprecht en eerlijk" (ik heb ook fouten gemaakt, ik heb er iets van geleerd)". Hierin is onder meer het volgende opgenomen: “[aangever 4] , de grootste leugenaar, die hebt het helemaal uit de hand laten lopen. Die wil een appeltje met me schillen. Hebt ie ook al geprobeerd in de relatie met [naam] . Hebt ie gewoon gezegd dat ik coke zat te roken. Dat ken helemaal niet sukkel. Dat wist zij nie, want ik brand mijn kaarsje afhankelijk van welk merk coke; ruik je het sterker, moetje iets anders laten branden in huis. Dat hoef je een junk niette leren jonge, dat was gewoon allemaal rancune en dan zegt [aangever 4] tegen mijn vrienden; ik houw van um, vindt um een leuke patiënt. Dat is helemaal niet waar jö, je hebt me af zitten zeiken achter [naam] en tegen [naam] en je hebt ook tegen mijn nicht achter mijn rug om, vreselijk af zitten zeiken. Echt gewoon schandalig als een hulpverlener. En vervolgens [zet] je daar die spullen, op ga halen, bij m’n stalker. Doe je in juni niet, juli niet, druk. Dan schuif je het door naar de reclassering. [naam] , die doe het ook nie en dan komt het vervolgens weer op jouw bord, doe het niet, druk, onderbezetting, d’r moet personeel zijn, dan doe je het. Je hebt je zaken zover uit de hand gelopen en vervolgens trek ik mij terug omdat ik geen vertrouwen meer jullie in hebben. En wat doe je, je schrijft een dossier, reclassering, Nederland en Kairos forensische zorg, naar de rechtbank dat het allemaal aan mij ligt. Jullie hebben het helemaal uit de hand laten lopen. Jullie hulpverleners. Stel altijd de vraag 'waar kunt u mee helpen’. Haal m’n spullen op bij [...], die hebben mijn sleutels gestolen, mijn huissleutel meegenomen zonder mijn toestemming. Jij weet dat gewoon [aangever 4] , jij weet da. Echt je bent een kneus jonge, en vandaag is de dag daar ga ik alles rechtzetten, want ik heb hier straks een gesprek bij de politie en dan moet [naam] gaan bepalen of ik opgenomen word want dat verzoek is ingediend door de officier van justitie door de rechter van de rechtbank. Waar halen ze het gore lef vandaan. Wie denken jullie dat jullie zijn stelletje clowns. (...) Nu ben ik gestopt met drank en drugs en dat help al maar ik slaap slecht omdat ik last van die stalker heb en wie heeft dat veroorzaakt; [aangever 4] , Kairos zelf. (...)".

Het filmpje is door een verbalisant bekeken. Zij herkende daarop het gebouw van Kairos aan de Beatrixlaan 25 in Tiel en de stem van de filmende persoon als die van verdachte [verdachte] .

Op basis van bovengenoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat verdachte een filmpje met persoonsgegevens van [aangever 4] heeft geplaatst op een openbaar toegankelijk online platform. Daarmee heeft verdachte deze persoonsgegevens verspreid. Gezien de uitlatingen die verdachte doet, kan niet anders worden geconcludeerd dan dat verdachte dit heeft gedaan met het oogmerk om [aangever 4] vrees aan te jagen, overlast te bezorgen en hem in de uitoefening van zijn beroep te hinderen.

De rechtbank acht daarmee het onder 6 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen.

Feit 7 (belaging)

Aangeefster [aangever 5] heeft aangifte gedaan van belaging en hierover het volgende verklaard. Op 12 december 2024 zag ze dat ze meer dan 60 berichten op WhatsApp had ontvangen afkomstig van het telefoonnummer [telefoonnummer] . De verzender gaf onder andere aan dat hij gelooft in God, die hem een kans had gegeven om haar ( [aangever 5] ) te ontmoeten. De verzender wilde een relatie met haar en met haar op date. De verzender had ook foto’s van haar Tinder profiel gestuurd. Ook waren er meerdere linkjes gestuurd van liedjes en van het tv-programma ‘Wie is de [verdachte] ’. Verder had de verzender een foto van Google Maps waarop de locatie van haar eigen schoonheidssalon is gevestigd, gestuurd. Ze zag dat hij haar vijf sterren had gegeven en aangaf dat hij binnen 37 minuten bij haar kon zijn. Ook zag ze een foto van haar Instagram profiel. Het laatste bericht was om 06:49 uur. Om 07:00 uur kreeg ze een e-mail op haar zakelijke e-mailadres van ‘ [e-mail address] @gmail.com’ dat hij met haar op date wilde. Er werd een link meegestuurd naar een YouTube-video. Ook ontving ze een e-mail van een ander account, die haar waarschuwde voor [verdachte] . Hij zou vrouwen lastigvallen en stalken. Ze opende de YouTube link en zag een video van 90 minuten waarin deze persoon liet zien hoe hij achter veel (persoonlijke) gegevens kwam van vrouwen, waaronder die van haar salon. Dit kwam dreigend over. Om 08:08 uur zag ze een Google review bij haar salon afkomstig van [verdachte] : ‘Beste [aangever 5] , ik zag u op Thinder, u bent echt knap een mooie lach, u echte dame u bent schoon en proper. Wilt inzet mij op date? U staat ook op YouTube bij [account] de video komt deze week online "BananasplitXL".’ Diezelfde dag rond 16:00 uur ontving ze meerdere telefonische oproepen. Ze luisterde de voicemailberichten af en hoorde dat deze persoon dezelfde persoon als van de review was en [verdachte] heette. Hij gaf aan bij de salon te zijn geweest en zou binnenkort terug komen. Op 13 december 2024 had ze op haar zakelijke Facebook account een bericht gekregen van het account ‘ [account] ’ met daarbij een foto van haar reclamebord. Dit gaf haar een onveilig gevoel. Via haar buurman vernam ze dat een man gelijkend op [verdachte] bij hem had aangebeld en informatie over haar wilde. Diezelfde dag kreeg ze nog vijf berichten van [verdachte] via WhatsApp en de dag erna (14 december 2024) drie berichten. Ook ontving ze een link van LinkedIn.

Uit CIOT-gegevens volgt dat het telefoonnummer [telefoonnummer] in gebruik is bij verdachte [verdachte] .

Door de politie is de YouTube-video bekeken die door [aangever 5] was ontvangen. De video staat op de pagina ‘ [account] ’, waarvan de politie ambtshalve bekend is dat deze pagina van verdachte is. De video duurde 1 uur, 24 minuten en 43 seconden. In relatie tot de aangifte van [aangever 5] wordt het volgende gerelateerd:

Ik zag dat op 1:00:57 in een webbrowser wordt getypt: " [bedrijf] ". Vervolgens zie ik de weergegeven Google resultaten: 'Bijzonder Mooi', ' [bedrijf] ' en ' [aangever 5] , [bedrijf] , [adres] '. Daarnaast zie ik dat de volgende acties kunnen worden uitgevoerd: 'bellen', 'route', 'delen' en 'opslaan'. Ik zie om 1:01:08 dat er op de actieknop 'bellen' wordt gedrukt omdat er een pop-up in beeld komt: 'Bel [telefoonnummer] '. Ik zie om 1:01:13 dat er wordt gebeld naar het nummer. Vervolgens zie ik 'gesprek beëindigd'.

Ik zie dat om 1:01:20 de contacten applicatie wordt geopend. Ik zie dat er om 04:31 is gebeld naar het nummer [telefoonnummer] en dat de oproep is geannuleerd. Vervolgens zie ik dat er een nieuw contact wordt gemaakt onder het telefoonnummer met de naam ' [aangever 5] Schoonheidssalon'.

Ik zie dat om 1:01:44 Tinder wordt geopend en er een profiel verschijnt met een foto en de naam ' [aangever 5] '. Ambtshalve is mij bekend dat dit [aangever 5] betreft. Ik zie dat er screenshots worden gemaakt en opgeslagen van zowel de foto's als de informatie op het Tinder profiel.

Ik zie om 1:02:41 dat de webbrowser met de eerdere zoekresultaten wordt geopend. Vervolgens zie ik dat ook van deze informatie een screenshot wordt gemaakt.

Om 1:02:56 zie ik dat er via de actieknop 'route' in de webbrowser wordt genavigeerd naar het adres van [bedrijf] . In het beeld is te zien dat de route begint vanaf het adres ' [adres] ', 48 kilometer bedraagt met een ritetijd van 36 minuten en een aankomsttijd van 05:09. Vervolgens zie ik dat er wordt ingezoomd op het adres van [bedrijf] . Bij het afsluiten van de navigatie zie ik dat de naam van [bedrijf] is aangepast naar [aangever 5] .

Ik zie om 1:03:31 dat er een pop-up in het scherm komt met 'beoordelen en review plaatsen: Beoordelen en review plaatsen; Foto's en video's toevoegen' onder de contactgegevens op Google van [aangever 5] . Ik zie dat er een review wordt getypt waarin staat: "Beste [aangever 5] , ik zag u op Thinder, u bent echt knap een mooie lach, u echte dame u bent schoon en proper. Wilt inzet mij op date? U staat ook op youtube bij [account] de video komt deze week online "Bananasplit XL".". Ik zie dat de 6 screenshots van Tinder profiel foto's worden toegevoegd.

Ik zie om 1:06:26 dat er in aparte tesktvlakken 'Aangevraagde stijl', 'Specialiteiten', 'haartype' en 'stilist' van de review wordt getypt: "Super leuke originele aanvraag voor een date!" en "ik ben bijzonder, gezonde dosis humor en best een beetje gek. Beetje vreemd maar wel lekker." "zacht blond en bruin." " [aangever 5] zij is fantastisch ik ben geraakt door haar schoonheid en Brabantse tongval, echt een professioneel wanner zie ik u weer?"

Vervolgens zie ik om 1:08:00 een melding in beeld waarop staat 'Het kan enkele minuten duren voordat je review wordt gepost.'

Ik zie om 1:09:25 dat de Google 'Tijdlijn' functie wordt aangezet waardoor routes en bezoeken automatisch worden opgeslagen op de apparaten waarop ingelogd is met het Google-account. Ik zie dat er tot 1:12:15 een instructievideo wordt gekeken over de Google Tijdlijn functie. Vervolgens zie ik dat er meerdere reviews worden geplaatst bij onder andere een leverancier van bouwmaterialen en een café in Nijmegen.

Om 1:16:34 zie ik dat de route naar ' [bedrijf] ' wordt geopend via de contactgegevens op Google. Daarna zie ik dat er gebruik wordt gemaakt van Google Streetview en zie ik een rijtjeswoning met de locatie ' [aangever 5] '. Ik zie dat het beeld naar links wordt gedraaid, richting een rood Mercedes busje, en wordt ingezoomd op het kenteken. Het kenteken is wazig en niet leesbaar. Rechts naast het rode Mercedes busje zie ik 2 containers staan met het nummer '86'. Het beeld verschuift vervolgens langzaam van links naar rechts, langs de ramen op de eerste verdieping.

Ik zie om 1:17:16 dat de locatie die in beeld is vanaf Google Streetview wordt gedeeld in een bericht aan [telefoonnummer] . Het contact dat bij het invoeren van het nummer verschijnt is van ' [verdachte] '. Om 1:17:38 zie ik dat onder de contactgegevens op Google van [bedrijf] de eerder genoemde review, inclusief foto's, is gepubliceerd. Om 1:20:11 zie ik dat Tinder wordt geopend en het profiel van [aangever 5] in beeld komt. Ik zie dat er een bericht wordt verstuurd naar het profiel: "Goedemorgen [emoticon van een wijsvinger richting het beeld] [emoticon van een zoen]".

De politie heeft de door aangeefster aangeleverde WhatsApp-conversatie bekeken en daarover het volgende gerelateerd. De conversatie start op 12-12-2024 om 04:59:45 uur met berichten vanaf de afzender ‘ [verdachte] ’. Er zijn 199 berichten door deze afzender verstuurd tussen 04:59:45 en 06:49 uur. Op 13-12-2024 zijn er in totaal 4 berichten door deze afzender verstuurd. Op 14-12-2024 zijn er in totaal 4 berichten door deze afzender verstuurd. In de gehele conversatie is te zien dat aangeefster maar twee keer reageert. Op 21-12-2024 om 13:43 uur blokkeert aangeefster het contact ‘ [verdachte] ’.

Op basis van bovengenoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat het verdachte is die herhaaldelijk contact heeft gezocht met [aangever 5] , onder meer door het sturen van bijna 200 WhatsApp-berichten op één dag, meerdere e-mails via haar zakelijke account, YouTube-links, foto’s van haar Tinder-account, herhaaldelijk bellen, en het plaatsen van een bericht op haar Facebookaccount. Dit terwijl verdachte en [aangever 5] onbekenden zijn van elkaar en er tussen hen geen enkele persoonlijke of zakelijke relatie bestond die dit contact zou kunnen rechtvaardigen.

Hoewel de gedragingen zich hebben voorgedaan in een korte periode van enkele dagen (12 tot en met 14 december 2024), is de rechtbank van oordeel dat, gelet op de aard, frequentie, intensiteit en impact van deze gedragingen op het persoonlijke leven en de vrijheid van [aangever 5] , sprake is geweest van een stelselmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van [aangever 5] . Verdachte heeft in een zeer kort tijdsbestek op een buitengewoon indringende en opdringerige wijze contact met haar gezocht, waarbij hij niet heeft volstaan met één of enkele pogingen, maar haar via uiteenlopende kanalen en met grote frequentie is blijven benaderen. De omvang en intensiteit van die contactpogingen, alsmede het feit dat verdachte daarbij ook gebruik heeft gemaakt van informatie uit haar sociale media en haar zakelijke contactgegevens, maken dat sprake is van een patroon van gedragingen dat naar zijn aard en impact als stelselmatig moet worden aangemerkt.

De rechtbank acht daarmee het onder 7 ten laste gelegde wettig en overtuigend bewezen.

3. De bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder de feiten 1 tot en met 7 ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat:

1.

hij op of omstreeks 16 december 2024 te [woonplaats] en/of te Tiel, in elk geval in

Nederland,

persoonsgegevens van een ander, te weten

van [aangever 1] ,

heeft verspreid en ter beschikking heeft gesteld,

met het oogmerk om die [aangever 1] voornoemd

- vrees aan te (laten) jagen en

- ernstige overlast aan te (laten) doen.

2.

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 11 t/m 12 december

2024 te Geldermalsen, gemeente West Betuwe en/of te Tiel, in elk geval in

Nederland,

[aangever 2] heeft bedreigd

met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling,

door die [aangever 2] voornoemd dreigend de woorden toe te voegen "ik maak je kapot"

en/of "ik steek je kop in de fik" en/of door op zijn facebookpagina te posten dat die

[aangever 2] voornoemd moet branden", althans woorden van gelijke dreigende aard of

strekking.

3.

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 8 t/m 18 oktober 2024

te [woonplaats] , gemeente West Betuwe opzettelijk,

de eer en/of de goede naam van [aangever 3] heeft aangerand,

door tenlastelegging van een bepaald feit,

met het kennelijke doel om daaraan ruchtbaarheid te geven,

door middel van geschriften en/of afbeeldingen verspreid, openlijk tentoongesteld

of aangeslagen en/of door geschriften waarvan de inhoud openlijk ten gehore werd

gebracht,

door op (zijn) facebook berichten te verspreiden met als inhoud (onder meer):

"Geldwolf, zielig dame, uw heeft u eigen mishandeld en de politie en rechercheur

misleid en slachtofferhulp ingeschakeld" en/of

"Afgelopen maandag was de zitting bij de politierechter in Arnhem. Volgens de

(valse) verklaring van uw dochter ben ik veroordeeld op artikel 300 van het Wetboek

van Strafrecht" en/of

"Liegt uw dochter, heeft ze last van flashbacks? Is uw dochter geestelijk beschadigd

door de erfzonde van uw familie? Is zij zo bang voor mij dat zij hallucineert?"en/of

"U heeft samen met uw dochter een valse verklaring tegen mij afgelegd" en/of

"Als uw dochter u heeft gemanipuleerd en u gebruikt heeft om een valse verklaring

af te leggen? Is dat niet aanneembaar dat zij zichzelf heeft verwond? Haar zelf heeft

mishandeld? Zij er alles aan doet om mij ten schande te zetten voor het gehele volk

der Nederlanden?" en/of

"Daag vriendjes, Jullie hadden kunnen getuigen tegen: [aangever 3] ,

Stalker Dief Smaad en laster (schrijft belastende berichten). Valse verklaringen.-!"

en/of

"Goedemorgen, Wil iemand even vragen of [aangever 3] even wilt stoppen

met het sturen van berichten via marktplaats. Kost mij veel tijd en en onnodige

energie.

Beste [aangever 3] ,

Ik beloof u dat als ik in hoger beroep niet vrijgesproken word.„.dat ik persoonlijk

naar u toe kom. Dan doe wat ik niet gedaan heb....

Ik laat niets van u heel, ik zal u vernederen en vergeven.

Stop met stalken, vuile SNOL....! Grtz,

Ps. Dit moest ik even kwijt—.! Fijne dag" en/of

"Goedemorgen,

Deze is voor Justtitie.

Deze is voor Kairos.

Deze is voor de Reclassering Nederland,

Deze is voor alle NSB-ers,

Deze is voor alle leugenaars.

Deze is voor [aangever 3] .

Deze is voor het school bestuur van het Nimeto..!

Deze is voor iedereen die mij zonder respect behandelt-!

Ik heb de dagvaarding binnen, voor mijn hoger beroep..! Ais ik in hoger beroep nog

steeds dezelfde straf krijg voor dingen die ik NIET gedaan heb dan. gaat de grootste

show allee tijden beginnen...’

Dan verklaar ik de oorlog aan de Nederlandse staat.

Inhoudelijk betekend dit dat niemand in Nederland S meer veilig is. Zelfs mijn

familie NIET-.!”.

4.

hij in of omstreeks de periode van 18 t/m 19 november 2024 en/of op of omstreeks

17 december 2024 te Nijmegen

opzettelijk en wederrechtelijk een aantal politiecellen van het politieburo Nijmegen,

in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan de nationale politie, in elk

geval aan een ander toebehoorde(n) heeft vernield, beschadigd, en onbruikbaar

gemaakt en/of weggemaakt.

5.

hij in of omstreeks de periode van 14 november 2024 t/m 14 december 2024 te Tiel

en/of te Geldermalsen, althans in Nederland,

wederrechtelijk

stelselmatig

opzettelijk

inbreuk heeft gemaakt

op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever 2] ,

door

-een briefje onder de ruitenwisser van de auto van die [aangever 2] voornoemd te

stoppen

met daarop de tekst "goedemorgen ik weet niet hoe laat ik thuis ben, werk ze

lieverd" en/of

- een video te sturen waarin hij zegt dat hij 's avonds misschien wel eens tijd over

heeft voor die [aangever 2] voornoemd en/of

- aan die [aangever 2] voornoemd veelvuldig spraakberichten te sturen en/of

- die [aangever 2] voornoemd veelvuldig op te bellen en/of

- die [aangever 2] voornoemd veelvuldig whatsappberichten te sturen en/of

- een foto met daarop een afbeelding van snoephartjes te sturen aan die [aangever 2] voornoemd en/of

- een you-tube filmpje te sturen aan die [aangever 2] voornoemd en/of

- zich voor te doen als de echtgenoot van die [aangever 2] voornoemd en/of

- veelvuldig te verschijnen op de werkplek van die [aangever 2] voornoemd en daarbij

intimiderend gedrag te vertonen en/of

- filmpjes te maken op de werkplek van die [aangever 2] voornoemd en/of

- het toilet van het tankstation waar die [aangever 2] voornoemd werkt te vervuilen

en/of

- te melden op de schoonmaaklijst van het tankstation waar die [aangever 2] werkzaam

is, dat hij verliefd is en/of

- te uiten aan die [aangever 2] voornoemd, in het bijzijn van haar collega's, dat iedereen

mag weten dat hij en die [aangever 2] voornoemd met elkaar het bed delen en/of

- die [aangever 2] voornoemd op te bellen waarbij hij, verdachte, die [aangever 2] zijn vrouw

noemt en/of

- het online plaatsen van meerdere negatieve you-Tube filmpjes over die [aangever 2]

voornoemd en/of over het tankstation waar die [aangever 2] voornoemd werkzaam is,

op zijn you tube kanaal "streetwise 365" waarbij het kenteken van de auto van die

voornoemd in beeld komt en/of

- het plaatsen van denigrerende uitspraken over die [aangever 2] voornoemd op zijn

facebook en/of

- het plaatsen van negatieve berichten over het tankstation waar die [aangever 2]

werkzaam is, op linkedin,

met het oogmerk die [aangever 2] voornoemd, te dwingen iets te doen, niet te doen, te

dulden en/of vrees aan te jagen.

6.

hij op of omstreeks 16 december 2024 te Tiel, in elk geval in Nederland,

een of meer persoonsgegevens van een ander/of een derde,

te weten van [aangever 4] (medewerker Kairos Tiel)

zich heeft verschaft en heeft verspreid en/of anderszins ter beschikking heeft gesteld,

met het oogmerk om

- vrees aan te (laten)jagen

- ernstige overlast aan te (laten) doen en/of

- in de uitoefening van zijn ambt of beroep ernstig te (laten) hinderen.

7.

hij in of omstreeks de periode van 12 t/m 14 december 2024 te Tiel, in elk geval in

Nederland,

wederrechtelijk

stelselmatig

opzettelijk

inbreuk heeft gemaakt

op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangever 5]

door

-die [aangever 5] voornoemd een groot aantal (ruim 200) whatsapp-berichten te sturen

en/of

-die [aangever 5] voornoemd een aantal you tube linkjes te sturen en/of

-die [aangever 5] voornoemd een aantal foto's, afkomstig van haar eigen tinder-account

te sturen en/of

-die [aangever 5] voornoemd een aantal email-berichten te sturen via haar zakelijke

account en/of

-een filmpje op You Tube te plaatsen met persoonlijke gegevens van die [aangever 5]

voornoemd en/of

-die [aangever 5] voornoemd een aantal malen op te bellen en/of

-een bericht te plaatsen op het facebook-account van die [aangever 5] voornoemd,

met het oogmerk die [aangever 5] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te

dulden en/of vrees aan te jagen.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in de verdediging geschaad.

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is niet bewezen.

Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4. De kwalificatie van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert op:

feit 1 en feit 6, telkens:

het verschaffen, verspreiden of anderszins ter beschikking stellen van persoonsgegevens van een ander of een derde met het oogmerk om die ander vrees aan te jagen dan wel aan te laten jagen, ernstige overlast aan te doen dan wel aan te laten doen of hem in de uitoefening van zijn ambt of beroep ernstig te hinderen dan wel ernstig te laten hinderen;

feit 2:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht;

feit 3:

smaadschrift, meermalen gepleegd;

feit 4:

opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort vernielen of onbruikbaar maken, meermalen gepleegd;

feit 5 en feit 7, telkens:

belaging.

5. De strafbaarheid van de feiten

De feiten zijn strafbaar.

6. De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk is geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

7. De overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte – uitgaande van verminderde toerekeningsvatbaarheid bij verdachte – zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden met aftrek van het voorarrest, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 5 jaar en met als bijzondere voorwaarden:

 een alcohol- en drugsverbod,

 ten aanzien van [aangever 3] een contactverbod en een locatieverbod voor het dorp [woonplaats] en

 ten aanzien van [aangever 1] een locatieverbod.

Daarnaast vordert de officier van justitie oplegging van een maatregel ex artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht (hierna: Sr) in de vorm van een contact- en locatieverbod ten aanzien van [aangever 2] en [aangever 5] voor de duur van 5 jaar. De officier van justitie vordert daarbij 14 dagen hechtenis per overtreding met een maximum van 6 maanden.

Tot slot vordert de officier van justitie de dadelijke uitvoerbaarheid van zowel de bijzondere voorwaarden als de maatregel.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft verzocht te volstaan met een schuldigverklaring zonder oplegging van straf of maatregel, of een voorwaardelijke taakstraf van beperkte duur. Hiertoe is gewezen op de verminderde toerekeningsvatbaarheid van verdachte en het tijdsverloop in deze zaak. Verdachte heeft sinds de tenlastegelegde feiten niet meer voor overlast gezorgd. Verder is verweer gevoerd op het contact- en locatieverbod in de vorm van een maatregel 38v Sr ten aanzien van [aangever 2] en [aangever 5] .

De beoordeling door de rechtbank

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf rekening gehouden met de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard en de omstandigheden waaronder dit is begaan. De rechtbank heeft verder rekening gehouden met de persoon en de omstandigheden van verdachte.

Verdachte heeft zich gedurende een periode van drie maanden schuldig gemaakt aan een zevental feiten. Verdachte heeft twee personen belaagd. De belaging van [aangever 2] , een goede bekende van hem, bestond onder meer uit het veelvuldig bellen en het versturen van (spraak)berichten, haar persoonlijk opzoeken op haar werk en het plaatsen van berichten op social media, waaronder een bedreigend bericht dat zij zal branden met daarbij een vuur emoticon. De belaging van [aangever 5] , een wildvreemde voor verdachte, bestond uit het binnen een zeer kort tijdsbestek versturen van honderden berichten, het herhaaldelijk bellen, delen van foto’s van haar Tinderaccount en het plaatsen van een filmpje op YouTube waarin persoonlijke gegevens van haar werden gedeeld. De slachtoffers zijn door deze feiten ernstig geïntimideerd, waarbij hun gevoel van veiligheid op grove wijze is aangetast.

Daarnaast heeft verdachte persoonsgegevens van zijn ex-partner en zijn behandelaar openbaar gemaakt en verspreid via een video op YouTube, waarin hij zich bovendien negatief over deze personen uitliet. Met het openbaar maken van persoonlijke gegevens is de privacy en persoonlijke veiligheid van de slachtoffers op grove wijze geschonden en het risico op verdere intimidatie of schade vergroot. Verder heeft verdachte op zijn Facebookaccount berichten geplaatst waarin hij [aangever 3] , een andere ex-partner, beschuldigde en in een kwaad daglicht stelde. Dit heeft de eer en goede naam van het slachtoffer geschaad. Tot slot heeft verdachte toen hij in het kader van de hierboven beschreven feiten werd aangehouden, tot twee keer toe een politiecel vernield, wat voor materiële schade heeft gezorgd.

Deze feiten laten een herhaaldelijk patroon van normoverschrijdend en overlastgevend gedrag zien.

Uit het uittreksel justitiële documentatie van verdachte van 2 februari 2026 blijkt dat verdachte eerder (in 2024 en 2022) is veroordeeld voor geweldsmisdrijven. Deze eerdere veroordelingen hebben verdachte er kennelijk niet van weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen.

Verdachte is door een psychiater onderzocht. Uit de NIFP-rapportage van 2 februari 2026, waarin C.J.F. Kemperman heeft geadviseerd, is naar voren gekomen dat er bij verdachte in de tenlastegelegde periode sprake was van een ernstige manische episode met psychotische kenmerken, in samenhang met een bipolaire-I-stoornis en middelenproblematiek. Verdachte was op momenten de controle over zijn eigen gedrag gedeeltelijk kwijt door de (ernstige) ontremming bij de manie. Stemmingsfluctuaties, zoals (onredelijke) boosheid, en een sterk verminderde controle over woede en agressieve impulsen deden zich voor. Deze mechanismen onttrokken zich deels aan de bewuste beïnvloeding. Ook bestonden soms waanachtige ideeën over het bestaan van een relatie, benadeling door derden en ging hij over grenzen van anderen heen. De manie lijkt (wederom) te zijn geluxeerd door drugs/drankmisbruik, medicatiestaking en een (mogelijk ook door zijn eigen gedrag opgewekte) stressvolle context (veroordeling wegens partnermishandeling), waarbij samenhang bestond met de persoonlijkheidsproblematiek. Om die reden is het advies van de psychiater om de feiten in verminderde mate aan verdachte toe te rekenen. De rechtbank zal dit advies van de psychiater overnemen.

Uit het reclasseringsadvies van 29 januari 2026 volgt dat verdachte eerder is veroordeeld voor soortgelijke delicten tijdens periodes van psychische ontregeling. De reclassering kan echter gezien zijn ziektebeeld geen zinvol toezicht houden. Eerdere toezichten, zowel tijdens manische als depressieve periodes, hebben niet geleid tot gedragsverandering of vermindering van delictgedrag. Het opleggen van bijzondere voorwaarden is hierdoor niet uitvoerbaar en kan zelfs extra belasting voor de verdachte zijn, hetgeen ter zitting door de reclassering nogmaals is benadrukt.

Straf

De rechtbank is van oordeel dat verdachte moet worden bestraft voor zijn gedrag. Een schuldigverklaring zonder oplegging van straf of maatregel acht de rechtbank gelet op de feiten en de persoon van verdachte niet aan de orde. Gezien de ernst en de hoeveelheid bewezenverklaarde feiten acht de rechtbank, kijkend naar soortgelijke zaken, uitsluitend een gevangenisstraf passend.

Naast deze noodzaak tot bestraffing hecht de rechtbank groot belang aan het voorkomen van herhaling van de door verdachte gepleegde feiten. Duidelijk is dat verdachte de feiten heeft gepleegd gedurende een ernstige manische periode. Het is dan ook belangrijk dat een dergelijke psychische ontregeling in de toekomst wordt voorkomen.

Vanwege het verhoogde risico op recidive bij een nieuwe manische episode in combinatie met middelenmisbruik, acht de rechtbank het uiterst belangrijk dat verdachte zich actief inzet en blijft inzetten in het traject van de zorgmachtiging waarin hij momenteel participeert. Binnen het kader van deze zorgmachtiging zijn er op dit moment voldoende waarborgen en omdat de reclassering heeft aangegeven dat, gelet op het ziektebeeld van verdachte, de reclassering geen zinvol toezicht kan houden, zal de rechtbank geen bijzondere voorwaarden opleggen. Uit eerdere ervaringen blijkt immers dat reclasseringstoezicht en bijzondere voorwaarden geen effect hebben gehad op gedragsverandering of vermindering van delictgedrag. Door een aanzienlijk deel van de gevangenisstraf voorwaardelijk aan verdachte op te leggen, wil de rechtbank wel benadrukken dat keuzes van verdachte, zoals het wellicht in de toekomst niet innemen van medicatie en het gebruik van middelen, grote consequenties kunnen hebben en dat hij verantwoordelijkheid moet nemen voor zijn eigen handelen.

Uitgaande van de verminderde toerekeningsvatbaarheid legt de rechtbank aan verdachte een gevangenisstraf op van 12 maanden met aftrek van het voorarrest, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar.

Gelet op het voorgaande zal het (geschorste) bevel tot voorlopige hechtenis worden opgeheven.

Maatregel ex artikel 38v Sr

De rechtbank zal daarnaast ter beveiliging van de maatschappij en ter voorkoming van strafbare feiten de maatregel als bedoeld in artikel 38v Sr opleggen. Die maatregel zal inhouden een contactverbod met [aangever 2] en [aangever 3] en een locatieverbod voor de gemeente Heukelen en het adres [adres] (huisadres [aangever 1] ), [adres] (huisadres [aangever 2] , conform de plattegrond zoals weergegeven in bijlage I) en [adres] (werkadres [aangever 2] ).

De maatregel geldt voor de duur van drie jaar. Daarbij wordt voor elke overtreding de vervangende hechtenis bepaald op één (1) week, met een maximum van zes maanden, en heft deze de verplichtingen op grond van de maatregel niet op. Omdat de rechtbank van oordeel is dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte opnieuw een strafbaar feit pleegt of zich belastend gedraagt jegens aangeefsters, zal de rechtbank bevelen dat de maatregel dadelijk uitvoerbaar is.

Voor een contactverbod met [aangever 5] en een locatieverbod voor haar huisadres ziet de rechtbank onvoldoende aanleiding, nu daar door aangeefster zelf niet om wordt verzocht en er verder geen connectie is tussen verdachte en aangeefster.

8. De beoordeling van de civiele vorderingen

De volgende benadeelde partijen hebben een vordering tot schadevergoeding ingediend:

Verder verzoeken de benadeelde partijen om de geleden schade te vermeerderen met de wettelijke rente en om oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Standpunten

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vorderingen van [aangever 2] , [aangever 3] en de Politie Oost-Nederland kunnen worden toegewezen en de vordering van [aangever 5] tot een (voorschot)bedrag van € 150,00, met toekenning van de wettelijke rente, en vordert oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

De verdediging heeft zich ten aanzien van de vordering van [aangever 2] op het standpunt gesteld dat zij in haar vordering niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in verband met de bepleitte vrijspraak. Subsidiair is aangevoerd dat onvoldoende is gesteld en onderbouwd dat sprake is van ‘een aantasting in de persoon op andere wijze’, zodat [aangever 2] om deze reden voor wat betreft de immateriële schade niet-ontvankelijk in haar vordering dient te worden verklaard. Meer subsidiair is verzocht de immateriële schade aanzienlijk te matigen.

Met betrekking tot de vordering van [aangever 3] is het causaal verband tussen de gevorderde immateriële schade en het strafbare feit betwist, waarbij is aangevoerd dat de overgelegde stukken mede verwijzen naar eerdere gebeurtenissen. Gelet daarop dient [aangever 3] niet-ontvankelijk in de vordering te worden verklaard.

Ten aanzien van de vordering van de Politie Oost-Nederland is het standpunt ingenomen dat deze benadeelde partij (eveneens) niet-ontvankelijk in de vordering dient te worden verklaard. In dat kader is aangevoerd dat de gevorderde 15 uur aan herstelwerkzaamheden onvoldoende zijn onderbouwd en nader onderzoek vereisen.

Ten slotte is verzocht de benadeelde partij [aangever 5] niet-ontvankelijk in de vordering te verklaren, waarbij is betoogd dat er geen bewijsstukken ter onderbouwing van de vordering zijn bijgevoegd.

Overweging van de rechtbank

[aangever 2]

De benadeelde partij heeft € 540,00 gevorderd aan materiële schade, bestaande uit behandelkosten. Uit het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezenverklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank overweegt dat de schadeposten niet inhoudelijk zijn betwist. De schadeposten zijn (verder) voldoende onderbouwd en komen redelijk voor. Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk.

Daarom is de rechtbank van oordeel dat de vordering tot een hoogte van € 540,00 kan worden toegewezen.

De benadeelde partij heeft daarnaast een bedrag van € 5.000,00 aan immateriële schade gevorderd. Op grond van artikel 6:106, eerste lid, aanhef en onder b, van het Burgerlijk Wetboek heeft de benadeelde partij recht op een naar billijkheid vast te stellen vergoeding (onder andere) indien zij op andere wijze in de persoon is aangetast.

Gelet op de aard en ernst van de bewezenverklaarde belaging en de gevolgen daarvan voor de benadeelde partij, is naar het oordeel van de rechtbank sprake van een aantasting in de persoon op andere wijze als bedoeld in voornoemd artikel. De rechtbank acht, mede gelet op de onderbouwing door de benadeelde partij, voldoende aannemelijk dat de benadeelde partij hierdoor rechtstreeks immateriële schade heeft geleden en dat deze schade aan verdachte kan worden toegerekend.

Voor de begroting van de immateriële schade zoekt de rechtbank aansluiting bij de Rotterdamse Schaal. Gelet op de aard en ernst van de bewezenverklaarde belaging acht de rechtbank de in die schaal genoemde categorie ‘(b) ernstig’ passend. Nu de bewezenverklaarde periode relatief beperkt is, ziet de rechtbank aanleiding de immateriële schade vast te stellen op € 2.000,00, zijnde de ondergrens van deze categorie. De vordering zal daarom naar billijkheid tot dat bedrag worden toegewezen. De benadeelde partij zal in het meerdere van de vordering van immateriële schade niet-ontvankelijk worden verklaard.

[aangever 3]

De benadeelde partij heeft een bedrag van € 1.000,00 aan immateriële schade gevorderd. Op grond van artikel 6:106, eerste lid, aanhef en onder b, van het Burgerlijk Wetboek heeft de benadeelde partij recht op een naar billijkheid vast te stellen vergoeding indien zij in haar eer of goede naam is geschaad of op andere wijze in haar persoon is aangetast.

Voor zover de vordering is gegrond op de stelling dat de benadeelde partij door het bewezenverklaarde op andere wijze in haar persoon is aangetast, is de rechtbank van oordeel dat het rechtstreeks verband tussen het bewezen verklaarde handelen van verdachte en de door de benadeelde partij gestelde immateriële schade, mede gelet op de gemotiveerde betwisting, onvoldoende is onderbouwd..

De rechtbank is wel van oordeel dat voldoende aannemelijk is geworden dat de benadeelde partij door het bewezenverklaarde in haar eer en goede naam is geschaad. In zoverre is sprake van immateriële schade die als rechtstreeks gevolg van het bewezenverklaarde voor vergoeding in aanmerking komt.

Voor de begroting van de immateriële schade zoekt de rechtbank aansluiting bij de Rotterdamse Schaal. Gelet op de verspreiding via sociale media acht de rechtbank de in die schaal genoemde categorie ‘(b) ernstig’ als uitgangspunt passend. Nu echter onvoldoende is gebleken van concreet ingetreden nadelige gevolgen voor de benadeelde partij anders dan de aantasting van haar eer en goede naam, ziet de rechtbank aanleiding de schade aan de ondergrens van deze categorie vast te stellen. De rechtbank begroot de immateriële schade daarom naar billijkheid op € 500,00. De vordering zal tot dat bedrag worden toegewezen. De benadeelde partij zal in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk worden verklaard.

Politie Oost-Nederland

De benadeelde partij heeft in totaal € 2.129,61 gevorderd aan materiële schade bestaande uit de kosten voor herstelwerkzaamheden, schoonmaakkosten en vervangingskosten voor de telefoon. Uit het onderzoek ter terechtzitting is voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezenverklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden. De rechtbank overweegt dat de schadeposten tegenover de onderbouwde stelling van de benadeelde partij onvoldoende gemotiveerd zijn betwist, nu enkel is opgemerkt dat de 15 gewerkte uren onvoldoende zijn onderbouwd, terwijl deze uren zijn onderbouwd met een factuur van het onderhoudsbedrijf. De schadeposten zijn ook verder voldoende onderbouwd en komen redelijk voor. Voor deze schade is verdachte naar burgerlijk recht aansprakelijk.

Daarom is de rechtbank van oordeel dat de volledige vordering van € 2.129,61 kan worden toegewezen.

[aangever 5]

De benadeelde partij heeft € 328,99 gevorderd aan materiële schade bestaande uit de aanschaf van een videodeurbel en bijbehorende accessoires. De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in de vordering tot schadevergoeding, omdat de vordering is betwist en de vordering niet (door middel van stukken) is onderbouwd. De benadeelde partij kan de vordering nog aan de burgerlijke rechter voorleggen.

Wettelijke rente

Verdachte is wettelijke rente over de toegewezen bedragen verschuldigd. Daarbij worden de volgende ingangsdata bepaald:

 [aangever 2] : 16 december 2024;

 [aangever 3] : 8 oktober 2024; en

 Politie Oost-Nederland: 18 november 2024.

Schadevergoedingsmaatregel

De rechtbank ziet aanleiding om op grond van artikel 36f Sr de schadevergoedingsmaatregel aan verdachte op te leggen. Verdachte wordt verplicht de aan de benadeelde partijen toegewezen bedragen aan de Staat te betalen.

9. De toegepaste wettelijke bepalingen

De oplegging van de straf en de maatregelen is gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36f, 38v, 57, 261, 285, 285b, 285d en 350 van het Wetboek van Strafrecht.

10. De beslissing

De rechtbank:

 verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde, zoals vermeld onder ‘De bewezenverklaring’, heeft begaan;

 verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven bewezen is verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

 verstaat dat het aldus bewezenverklaarde oplevert de strafbare feiten zoals vermeld onder ‘De kwalificatie van het bewezenverklaarde’;

 verklaart verdachte hiervoor strafbaar;

 veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden;

 beveelt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

 bepaalt dat een gedeelte van deze gevangenisstraf, te weten 8 maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd van drie jaren schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit;

Heft op het (geschorste) bevel tot voorlopige hechtenis;

 legt een vrijheidsbeperkende maatregel op grond van artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht op, inhoudende een contact- en locatieverbod. Het contactverbod houdt in dat verdachte gedurende 3 jaren zich onthoudt van – direct en indirect – contact met:

o [aangever 2] , geboren op [geboortedag] 1979;

o [aangever 3] , geboren op [geboortedag] 1978;

Het locatieverbod houdt in dat verdachte zich gedurende 3 jaren niet bevindt op de volgende locaties:

o [adres] (huisadres [aangever 1] );

o [adres] (huisadres [aangever 2] , zie plattegrond voor toelichting op het verboden gebied opgenomen als bijlage 1);

o [adres] ( [bedrijf] [vestigingsplaats] , te weten het werkadres [aangever 2] ); en

o gemeente [woonplaats] (woonplaats [aangever 3] );

 beveelt dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor het geval niet aan de maatregel wordt voldaan. De duur van deze vervangende hechtenis bedraagt ten hoogste één week voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan, met een maximum van zes maanden in totaal. Toepassing van de vervangende hechtenis heft de verplichtingen op grond van de opgelegde maatregel niet op; en

 beveelt dat de maatregel dadelijk uitvoerbaar is.

Beslissing op de civiele vorderingen van [aangever 2] , [aangever 3] en Politie Oost-Nederland

 veroordeelt verdachte tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partijen

[aangever 2] (feit 1), [aangever 3] (feit 3) en de Politie Oost-Nederland (feit 4) van de volgende bedragen aan materiële schade/smartengeld, telkens vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de genoemde datum tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald;

Benadeelde partij Bedrag Wettelijke rente

1. [aangever 2] € 2.540,00 16 december 2024

2. [aangever 3] € 500,00 8 oktober 2024

3. Politie Oost-Nederland € 2.129,61 18 november 2024

 verklaart de benadeelde partij [aangever 2] en [aangever 3] voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering tot smartengeld;

 legt aan verdachte de verplichting op om aan de Staat ten behoeve van de volgende benadeelde partijen de hier na te noemen bedragen aan materiële schade/smartengeld te betalen. Dit wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf genoemde datum tot aan de dag dat het hele bedrag is betaald. Als het bedrag niet wordt betaald, kan gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt;

Benadeelde partij Bedrag Gijzeling

1. [aangever 2] € 2.540,00 25 dagen;

2. [aangever 3] € 500,00 5 dagen;

3. Politie Oost-Nederland € 2.129,61 21 dagen

 bepaalt daarbij dat met betaling aan de benadeelde partijen in zoverre de betaling aan de Staat vervalt en omgekeerd;

 veroordeelt verdachte in de kosten die de benadeelde partijen hebben gemaakt en de kosten die de benadeelde partijen mogelijk nog moeten maken om de te noemen bedragen betaald te krijgen, tot vandaag begroot op nul.

Beslissing op de civiele vordering van [aangever 5]

 verklaart de benadeelde partij [aangever 5] (feit 7) niet-ontvankelijk in de vordering tot materiële schade.

Dit vonnis is gewezen door mr. S. Jansen (voorzitter), mr. M.A. van Leeuwen en mr. P.J. Verbeek, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L.H.M. van Keulen en N. Kovács, griffiers, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank op 25 maart 2026.

Bijlage 1:

[Bijlage geanonimiseerd]

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. P.J. Verbeek

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?