ECLI:NL:RBGEL:2026:2611

ECLI:NL:RBGEL:2026:2611

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 30-03-2026
Datum publicatie 07-04-2026
Zaaknummer 460500 KG RK 25-890
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Wraking

Samenvatting

Het verzoek tot wraking is afgewezen. Geen concrete feiten of omstandigheden die betrekking hebben op de persoon van de rechter.

Uitspraak

RECHTBANK Gelderland, locatie Zutphen

Wrakingskamer

Zaaknummer: C/05/460500 / KG RK 25/890

Beslissing van

van de meervoudige wrakingskamer van de rechtbank op het verzoek van

[eiser] ,

wonende te [woonplaats] ,

hierna te noemen: verzoeker,

strekkende tot de wraking van

mr. S.E. Sijsma, kantonrechter van deze rechtbank,

hierna te noemen: de rechter.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het proces-verbaal van 3 december 2025 van de rolzitting;

- het e-mailbericht van 7 januari 2026 van verzoeker;

- de schriftelijke reactie op het wrakingsverzoek van 21 januari 2026 van de rechter;

- het e-mailbericht van 15 januari 2026 van verzoeker;

- het e-mailbericht van 3 februari 2026 van verzoeker;

- het proces-verbaal en de aantekeningen van de mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek van 10 februari 2026.

Bij de mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek is verzoeker verschenen.

2. Het wrakingsverzoek

Het verzoek strekt tot wraking van de rechter in de zaak met zaaknummer 11842128 CV EXPL 25-2274 met verzoeker als gedaagde partij.

Verzoeker heeft op de rolzitting van 3 december 2025 een wrakingsverzoek ingediend en daaraan ten grondslag gelegd dat het systeem niet eerlijk is. Verzoeker geeft aan dat alles met audio en/of video moet worden opgenomen, omdat er manipulatie en bedrog plaatsvindt in de rechtspraak. Er zijn in zijn conclusie van antwoord en dupliek dingen weggelaten en er is sprake van manipulatie en volksverraad.

De rechter heeft op het wrakingsverzoek gereageerd en heeft verklaard niet in de wraking te berusten. Er zijn op de rolzitting van 3 december 2025 geen feiten of omstandigheden aan de orde gekomen waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade kan lijden. De rechter geeft daarbij aan dat zij als rolrechter aan verzoeker de gelegenheid heeft geboden om mondeling zijn conclusie van dupliek aan te vullen. Vervolgens is zij gewraakt. De grond voor de wraking is onduidelijk.

3. De beoordeling

Een rechter kan alleen gewraakt worden als zich omstandigheden voordoen waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarvan is sprake als de rechter jegens een procesdeelnemer vooringenomen is of als de vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is. Daarbij is het uitgangspunt dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, omdat zij als rechter is aangesteld. Voor het oordeel dat de rechterlijke onpartijdigheid toch schade lijdt, bestaat alleen grond in geval van bijzondere omstandigheden die een zwaarwegende aanwijzing opleveren voor het aannemen van (de objectief gerechtvaardigde schijn van) partijdigheid. Uit de wet volgt dat verzoeker die concrete omstandigheden moet aanvoeren en wel zodra deze aan hem bekend zijn geworden.

Tijdens de mondelinge behandeling van 10 februari 2026, zoals blijkt uit het proces-verbaal van die zitting, is opgemerkt:

“Voorzitter: er zijn dingen weggelaten. Welke zitting was dat?

[eiser] : er waren drie zittingen. Ik spreek over het geheel. De belastingen worden misbruikt.

Waar is jullie verantwoordelijkheid? Met een titel of een diploma is er nog geen

bevoegdheid. Ik houd u een spiegel voor en alles wat je ziet in de spiegel zie je terug.

Voorzitter: op de zitting van 3 december 2025 vroeg u naar de rechter en toen is de rechter

gekomen.

[eiser] : ja, dat was op 3 december 2025.

Voorzitter: moet ik het verzoek zo begrijpen dat het niet ziet op deze specifieke

kantonrechter, maar op de rechtspraak in het geheel?

[eiser] : juist.”

De wrakingskamer begrijpt dat het wrakingsverzoek van verzoeker zich niet richt op de persoon van de rechter, maar op de rechtspraak in het algemeen. Een wrakingsverzoek dient te zijn gelegen in feiten of omstandigheden die betrekking hebben op de (persoon van de) rechter van wie wraking is verzocht. Verzoeker heeft geen concrete feiten of omstandigheden aangevoerd die specifiek betrekking hebben op de persoon van de rechter waaruit volgt dat zij vooringenomen was of dat de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor bestond. Het wrakingsverzoek wordt daarom afgewezen.

4. De beslissing

De wrakingskamer van de rechtbank:

wijst het verzoek tot wraking af.

Deze beslissing is gewezen door mr. S.C.A.M. Janssen, voorzitter, mr. M.J. Wasmann en mr. F.M.C. Boesberg, leden, in tegenwoordigheid van de griffier en in het openbaar uitgesproken op 30 maart 2026.

de griffier de voorzitter

Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. S.C.A.M. Janssen
  • mr. M.J. Wasmann
  • mr. F.M.C. Boesberg

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?