ECLI:NL:RBGEL:2026:412

ECLI:NL:RBGEL:2026:412, Rechtbank Gelderland, 16-01-2026, 11952321

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 16-01-2026
Datum publicatie 23-01-2026
Zaaknummer 11952321
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Nijmegen

Samenvatting

Vernietiging ontslag op staande voet. Incident met lichamelijke agressie. Ook geen ontbinding van de arbeidsovereenkomst op de e-grond of g-grond.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Nijmegen

Zaaknummer / rekestnummer: 11952321 \ HA VERZ 25-78

Beschikking van 16 januari 2026

in de zaak van

[eiser] ,

te [woonplaats] ,

verzoekende partij,

verwerende partij in het voorwaardelijk tegenverzoek,

hierna te noemen: [eiser] ,

gemachtigde: mr. C.M.C. Hendriks,

tegen

DAR N.V.,

te Nijmegen,

verwerende partij,

verzoekende partij in het voorwaardelijk tegenverzoek,

hierna te noemen: DAR,

gemachtigde: mr. E. van den Bosch.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift van 27 oktober 2025 met 15 producties

- het verweerschrift, met een tegenverzoek, met 14 producties

- een akte intrekking verklaring en voorwaardelijk verzoek getuigenverhoor van [eiser]

- de mondelinge behandeling van 6 januari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.

Tijdens de mondelinge behandeling heeft mr. Hendriks een pleitnotitie overgelegd. Door mr. Bosch is een door uitzendbureau Olympia ondertekende verklaring, die zonder ondertekening bij het verweerschrift was gevoegd, overgelegd. Mr. Bosch heeft ook aangeboden een e-mail aan [eiser] met het voorstel voor indiensttreding te overleggen. Als bijlage bij die e-mail zat het protocol ‘omgaan met ongewenste omgangsvormen.’ Dat stuk is (nog) niet aan het dossier toegevoegd.

De beschikking was bepaald op 4 februari 2026, maar wordt vandaag bij vervroeging uitgesproken.

2. De feiten

[eiser] , geboren [geboortedatum] , is sinds 1 maart 2024 in dienst bij DAR. De functie van [eiser] is Chauffeur / Belader met een loon van € 3.303,00 bruto per maand en 8% vakantietoeslag.

DAR hanteert een gedragscode en een protocol ‘omgaan met ongewenste omgangsvormen’. In de gedragscode staat onder het kopje “Ongewenst gedrag” het volgende:

“Zero tolerance

Bij Dar geldt een zero tolerance voor een aantal zaken zoals het gebruik van alcohol en drugs maar ook met betrekking tot de omgang met ingezamelde afvalstromen. Dat betekent dat we heel streng zijn op zaken die ingezamelde stromen aangaan:

Alle afvalstromen die Dar aangeboden en ingenomen worden via haar milieustraten of in de uitvoering van haar werkzaamheden, worden eigendom van Dar.

Het is absoluut verboden om geld en goederen aan de te nemen van burgers en bedrijven. (…)

Het is absoluut verboden om bedrijfseigendommen (…) mee te nemen voor eigen gebruik (…)

Het is absoluut verboden om anderen de gelegenheid te bieden de aangeboden goederen of afval al dan niet tegen betaling mee te nemen.

Het is absoluut verboden om extra dienstverlening voor anderen tegen betaling te verrichten zonder dat daar opdracht voor is gegeven door Dar.

In het protocol staat, voor zover hier van belang:

(…) Bij Dar zijn wij van mening dat ongewenste omgangsvormen onder geen beding toelaatbaar zijn. (…)

Wat zijn ongewenste omgangsvormen?

Enkele voorbeelden:

(…)

Agressie en geweld

Het psychisch of fysiek lastigvallen, bedreigen of aanvallen van een collega onder alle omstandigheden.

(…)

Op 27 november 2024 heeft een functioneringsgesprek met [eiser] plaatsgevonden. In het verslag daarvan staat:

(…)

Vakmanschap

Wat kan er verbeterd worden?

(…) We krijgen met enige regelmaat klachten over achtergelaten restvuil na de inzameling van het huisvuil, ook het terugzetten van bakken voor op- en afritten of verderop zorgt voor terugkerende klachten. Dit zegt iets over de kwaliteit die wij als DAR leveren, het kost weinig moeite om dit te verbeteren.

(…)

Werknemerschap

(…)

Wat spreken we daarover concreet af?

Er zijn een aantal incidenten geweest binnen en buiten je werkzaamheden waar jouw naam naar voren komt. Één is toeval vaker is een patroon, aan jou de taak om dit te voorkomen in de toekomst anders kan dit gevolgen hebben voor je toekomst bij DAR en dat is niet wat ik wil want ik kan goed met je samenwerken.

(…)

[eiser] is op 31 maart 2025 schriftelijk gewaarschuwd dat hij werkinstructies op moet volgen. Verder zijn er in juli 2025 drie klachten geweest van bewoners van straten waar [eiser] met een vuilniswagen doorheen reed. Deze gingen over agressief verbaal gedrag van de bestuurder van de vuilniswagen en agressief rijgedrag.

Op 29 augustus 2025 is [eiser] op staande voet ontslagen. In de brief van 1 september 2025, die op dat ontslag ziet, staat:

(…) Op 29 augustus 2025 hebben wij een melding ontvangen over een incident tussen jou en je collega’s waarmee jij de route (…) reed. (…) De situatie was dat collega’s waar jij de dienst mee draaide, naar jouw inzicht de bakken niet op de juiste plaats terugzetten, waardoor deze omvielen. Jij hebt naar eigen zeggen meerdere keren aangegeven dat de collega’s de bakken op de juiste manier terug moesten zetten. Toen zij dit naar jouw inzicht steeds niet deden, ben je de auto uitgestapt om hen aan te spreken. Het gesprek liep hoog op en daarbij heb je de collega beetgepakt en een klap in het gezicht gegeven.

In het gesprek heb je erkend dat je de collega fysiek hebt aangevallen en verwond hebt. Dat is voor Dar volstrekt onacceptabel.

In onze gedragscode en ons protocol (…) staat heel duidelijk dat wij agressie en geweld in onze organisatie niet tolereren.

Vaststaat dat je agressie en geweld gebruikt hebt, waarmee je je schuldig hebt gemaakt aan een ernstige schending van onze gedragscode en ons protocol (…)

Door het vertonen van agressie en geweld, heb je in strijd gehandeld met het integriteitsprotocol, en tast je de integriteit van onze organisatie direct aan. Dit vormt een dringende reden in de zin van artikel 7:678 van het Burgerlijk Wetboek. (…)

Wij hanteren in een geval als dit een strikt zerotolerance beleid, waarbij overtreding in beginsel leidt tot ontslag op staande voet. In het gesprek op 29 augustus 2025, heeft Dar jouw arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang opgezegd op grond van artikel 7:677 BW.

(…)

[eiser] heeft aangegeven het niet eens te zijn met het gegeven ontslag op staande voet en zijn collega, een uitzendkracht, geen klap, maar een duw gegeven te hebben. DAR heeft hierop gereageerd door erop te wijzen dat de uitzendkracht een rode en dikke wang had en een gescheurd shirt, wat erop duidt dat er van meer dan een duw sprake was.

3. Het verzoek, het verweer en het tegenverzoek

[eiser] verzoekt de kantonrechter bij beschikking, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

primair

I. het ontslag op staande voet te vernietigen;

II. DAR te verplichten om hem, binnen 24 uur na betekening van de te wijzen beschikking, toe te laten tot de bedongen arbeid tot het moment dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig is geëindigd, onder verbeurte van een dwangsom van € 500,00 per dag dat DAR in gebreke blijft;

III. bij wijze van voorlopige voorziening voor de duur van het geding DAR te veroordelen tot betaling aan [eiser] , van het salaris van € 3.303,00 bruto per maand, te vermeerderen met de vakantiebijslag en overige emolumenten vanaf 29 augustus 2025 tot het moment waarop de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig is geëindigd en [eiser] in staat te stellen om de bedongen werkzaamheden te verrichten, onder verbeurte van een dwangsom van € 100,00 per dag dat DAR in gebreke blijft;

IV. DAR te veroordelen om aan [eiser] een schriftelijke en deugdelijke bruto/netto specificatie te verstekken, waarin de bedragen en betalingen van sub III, is verwerkt, op straffe van verbeurte van een dwangsom ter hoogte van € 100,00 per dag, althans een door de kantonrechter in goede justitie te betalen dwangsom per dag, met een maximum van € 5.000,00 voor elke dag na twee dagen na de datum van de beschikking dat DAR niet

voldoet aan de beschikking;

V. DAR te veroordelen om aan [eiser] de wettelijke verhoging van 50% wegens vertraging over het aan haar toekomende loon te betalen ex artikel 7:625 BW;

subsidiair

VI. DAR te veroordelen om aan [eiser] een transitievergoeding toe te kennen van € 1.779,00 bruto;

VII. DAR te veroordelen tot betaling van een billijke vergoeding aan [eiser] ter

hoogte van € 22.496,10 bruto, dan wel een door de kantonrechter te bepalen billijke vergoeding;

VIII. DAR te veroordelen tot betaling aan [eiser] van een vergoeding wegens onregelmatige opzegging ex artikel 7:672 lid 10 BW van € 3.567,24 bruto;

IX. DAR te veroordelen om aan [eiser] een schriftelijke en deugdelijke bruto/netto specificatie te verstekken, waarin de bedragen en betalingen van sub VI tot en met VIII

zijn verwerkt, op straffe van verbeurte van een dwangsom ter hoogte van € 100,00 per dag, althans een door de kantonrechter in goede justitie te betalen dwangsom per dag, met een maximum van € 5.000,00 voor elke dag na twee dagen na de datum van de beschikking dat DAR niet voldoet aan de beschikking;

meer subsidiar

X. voor het geval de arbeidsovereenkomst wel is geëindigd door het ontslag op staande

voet aan [eiser] een transitievergoeding toe te kennen ex artikel 7:673 BW ad € 1.779,00 bruto;

XI. DAR te veroordelen om aan [eiser] een schriftelijke en deugdelijke bruto/netto specificatie te verstekken, waarin de bedragen en betalingen van sub X, zijn verwerkt, op straffe van verbeurte van een dwangsom ter hoogte van € 100,00 per dag, althans een door de kantonrechter in goede justitie te betalen dwangsom per dag, met een maximum van € 5.000,00 voor elke dag na twee dagen na de datum van de beschikking dat DAR niet

voldoet aan de beschikking;

primair, subsidiair en meer subsidiair

XII. DAR te veroordelen tot betaling aan [eiser] van de wettelijke rente vanaf het

tijdstip van opeisbaarheid van de hiervoor genoemde bedragen tot aan de dag der algehele voldoening;

XIII. DAR te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten conform

de staffel WIK;

XIV. DAR te veroordelen in de proceskosten.

Volgens [eiser] is het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig. Er was geen sprake van een dringende reden. [eiser] heeft de uitzendkracht (enkel) van zich afgeduwd en deed dat omdat de uitzendkracht aan het schelden was op [eiser] en een dreigende fysieke beweging maakte. Verder zat [eiser] niet lekker in zijn vel, vanwege een incident dat met een andere collega had plaatsgevonden. Die collega had [eiser] verbaal bedreigd en daar is DAR niet goed mee omgegaan. DAR heeft geen rekening gehouden met de persoonlijke omstandigheden van [eiser] , de context waarin het incident heeft plaatsgevonden en het gegeven ontslag op staande voet was niet proportioneel. Een officiële waarschuwing was eerder op zijn plaats geweest. Tot slot betwist [eiser] dat uit de gedragscode een zero tolerance beleid volgt. Niet alle situaties zijn eenduidig; er kunnen verzachtende omstandigheden bestaan en dat erkent DAR ook, aldus [eiser] .

DAR voert verweer en stelt dat het verzoek moet worden afgewezen, met veroordeling van [eiser] in de proceskosten en nakosten, te vermeerderen met wettelijke rente. Zij heeft ook een tegenverzoek gedaan. Ze verzoekt, bij beschikking:

de arbeidsovereenkomst met [eiser] , voor zover vereist, te ontbinden met ingang van 1 juli 2025 althans met ingang van een zo spoedig mogelijk nadien gelegen datum, wegens een redelijke grond, bestaande uit verwijtbaar handelen en/of nalaten van de [eiser] , dan wel vanwege een verstoorde arbeidsverhouding (artikel 7:669 lid 3 sub e of g BW);

indien aan [eiser] enige vergoeding mocht worden toegekend, daarbij te bepalen dat deze pas opeisbaar wordt indien en zodra bij onherroepelijk geworden rechterlijke bodemuitspraak mocht zijn geoordeeld dat het aan [eiser] gegeven ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is geweest;

met veroordeling van [eiser] in de proceskosten en nakosten, te vermeerderen met wettelijke rente.

Aan haar voorwaardelijk tegenverzoek legt DAR primair ten grondslag dat de feiten en omstandigheden die door haar genoemd zijn, ter onderbouwing van het ontslag op staande voet, als zodanig (ernstig) verwijtbaar handelen en/of nalaten van [eiser] kwalificeren dat van DAR in redelijkheid niet kan worden gevergd om de arbeidsovereenkomst te laten voorduren en dat herplaatsing niet in de rede ligt. Subsidiair stelt DAR dat sprake is van een zodanige verstoorde arbeidsverhouding dat van DAR in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. De manier waarop [eiser] omgegaan is met het incident, zijn onwil om verantwoordelijkheid te nemen voor zijn houding en gedrag en de omstandigheid dat [eiser] collega’s heeft gemobiliseerd om verklaringen tegen DAR af te leggen om zijn onschuld te bewijzen en DAR in een slecht daglicht te zetten, maken dat sprake is van die verstoorde arbeidsverhouding.

[eiser] voert verweer. Hij stelt dat het voorwaardelijk tegenverzoek moet worden afgewezen, omdat geen sprake is van een voldragen e-grond of g-grond.

4. De beoordeling van het verzoek

Het gaat in deze zaak om de vraag of het ontslag op staande voet moet worden vernietigd en of DAR moet worden veroordeeld tot onder meer betaling van loon.

Ontslag niet terecht

De kantonrechter oordeelt dat het ontslag op staande voet niet rechtsgeldig is. Het gedrag van [eiser] tijdens het incident op 29 augustus 2025 (hierna: het incident), levert, gelet op de omstandigheden van het geval, in onderling verband en samenhang, geen dringende reden op.

Van belang is dat er van alles gebeurd was, voorafgaand aan het incident. Op 27 november 2024 heeft [eiser] in zijn functioneringsgesprek te horen gekregen dat het terugzetten van bakken voor op- en afritten of verderop, zorgt voor terugkerende klachten. Op 31 maart 2025 is [eiser] schriftelijk gewaarschuwd dat hij werkinstructies op moet volgen. Tegen deze achtergrond is het logisch dat [eiser] , toen de uitzendkracht bakken herhaaldelijk niet op de juiste plaats terugzette, hem daarop aansprak. [eiser] was op dat moment de chauffeur en daarmee ook verantwoordelijk (ploegleider). Dat [eiser] de uitzendkracht aan heeft gesproken is ook goed volgens DAR. Echter, de manier waarop de twee mannen daarna op elkaar hebben gereageerd is onprofessioneel. Volgens [eiser] heeft hij uit zelfverdediging een duw gegeven. Volgens DAR heeft [eiser] de eerste klap uitgedeeld. Wat hier ook van zij: vast staat wel dat de uitzendkracht (ook) verbaal geweld en fysieke dreigementen heeft geuit richting [eiser] en dat [eiser] , vanwege eerdere dreigementen die een andere collega via Whatsapp tegen hem had geuit, extra op zijn hoede was. De situatie was dus gespannen. DAR was op de hoogte van eerder tegen [eiser] geuite dreigementen. Dat [eiser] de uitzendkracht tenminste een duw gegeven heeft en mogelijk een klap, moet gezien worden in die context. [eiser] heeft niet in een opwelling gereageerd, maar het is wel, mede door toedoen van de uitzendkracht, tot lichamelijke agressie gekomen. De reactie van [eiser] op zijn collega was, naar het oordeel van de kantonrechter, echter niet zodanig dat ontslag op staande voet moest volgen. Door [eiser] direct te ontslaan, heeft DAR geen rekening gehouden met de aanloop tot het incident.

Het voorgaande betekent niet dat het gedrag van [eiser] goed is te praten, in de zin van “het gebruiken van fysiek geweld mag”. Een stevige aanpak van een werkgever wanneer medewerkers elkaar agressief benaderen is nodig. Echter, het geven van ontslag op staande voet is een uiterst middel, dat niet (te) snel door een werkgever mag worden ingezet. In dit geval is dat wel gebeurd. Dat art. 7:678 lid 2 aanhef en onder e BW mishandeling van medewerkers noemt mag zo zijn, maar het betekent niet dat elke mishandeling (als daar al sprake van was) tot onmiddellijk ontslag moet leiden. Er staat in dit wetsartikel dat een dringende reden aanwezig geacht kan worden bij mishandeling van medewerkers, niet dat de dringende reden dan per definitie aanwezig is.

Bij het voorgaande komt nog dat DAR, anders dan ze zelf aangeeft, geen eenduidig zero tolerance beleid hanteert wanneer sprake is van geweld in meer of mindere mate. In haar gedragscode staat een kopje “Zero tolerance”, maar daarbij staat niet dat bij agressie of geweld onmiddellijk ontslag volgt. In het protocol staat wel dat agressie en geweld gelden als ongewenste omgangsvormen, maar niet dat ze leiden tot onmiddellijk ontslag. Dat maakt dat het voor medewerkers niet duidelijk is waar ze aan toe zijn. Ook heeft [eiser] diverse incidenten genoemd die plaatsvonden tussen collega’s en/of met buurtbewoners, waarbij door DAR niet altijd overgegaan werd tot opzegging van de arbeidsovereenkomst om een dringende reden.

Het verzoek van [eiser] tot vernietiging van het ontslag wordt toegewezen, omdat hiervoor is geoordeeld dat het ontslag niet rechtsgeldig is. DAR heeft nog verzocht om haar een redelijke termijn te gunnen om praktische en administratieve voorbereidingen te treffen en daarom DAR niet te veroordelen om [eiser] binnen 24 uur toe te laten tot het werk. Nu [eiser] verzocht heeft de 24 uur te laten ingaan na betekening van de beschikking (en niet na het uitspreken van de beschikking) gaat de kantonrechter ervan uit dat DAR daarmee voldoende tijd heeft om haar voorbereidingen te treffen. Voor toewijzing van de door [eiser] verzochte dwangsom is geen plaats omdat er geen reden is om er aan te twijfelen dat DAR deze beschikking zal naleven.

Verzoek om loon, salarisspecificatie, voorlopige voorziening en incassokosten

[eiser] heeft recht op loon, omdat het ontslag op staande voet wordt vernietigd en de arbeidsovereenkomst dus voortduurt. Het verzoek van [eiser] tot loonbetaling zal daarom eveneens worden toegewezen en ook zijn verzoek om een salarisspecificatie. De gevorderde wettelijke verhoging en de wettelijke rente zullen ook worden toegewezen, omdat DAR te laat heeft betaald. DAR heeft verzocht de wettelijke verhoging te matigen. De kantonrechter ziet daar enige aanleiding toe en matigt naar 40%. [eiser] heeft zijn gedrag niet goedgepraat, maar erkend dat hij tijdens het incident anders had moeten reageren. Daarbij komt dat [eiser] ook, noodgedwongen, in de afgelopen periode tijdelijk ander werk heeft aanvaard. Dat geeft aanleiding tot de matiging.

Het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden afgewezen. Een voorlopige voorziening kan alleen worden getroffen voor de duur van de procedure. Deze procedure is echter al geëindigd doordat een beslissing wordt genomen op het verzoek van [eiser] .

[eiser] heeft verzocht om de buitengerechtelijke incassokosten conform de staffel WIK. Aan de wettelijke eisen voor een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten is voldaan. De hoogte van de vergoeding zal worden bepaald aan de hand van het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). Omdat sinds het ontslag op staande voet ruim vier maanden zijn verstreken, zal als hoofdsom voor de berekening van de buitengerechtelijke incassokosten (4 x € 3.303,00 =) € 13.212,00 worden aangehouden. Gelet op deze hoofdsom wordt, conform de tarieven die zijn weergegeven in het Besluit en die geacht worden redelijk te zijn, een bedrag van € 1.097,62 inclusief btw aan buitengerechtelijke incassokosten toegewezen.

Proceskosten

De proceskosten komen voor rekening van DAR, omdat DAR overwegend ongelijk krijgt. De proceskosten aan de zijde van [eiser] worden begroot op € 1.039,00 (€ 90,00 aan griffierecht, € 814,00 aan salaris gemachtigde en € 135,00 aan nakosten), plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing.

5. De beoordeling van het tegenverzoek

Op het verzoek van DAR om de arbeidsovereenkomst te ontbinden, moet worden beslist. De voorwaarde waaronder DAR dat verzoek heeft gedaan, is namelijk vervuld, omdat het ontslag op staande voet wordt vernietigd.

Een arbeidsovereenkomst kan alleen worden ontbonden als daar een redelijke grond voor is. In de wet is bepaald wat een redelijke grond is. Ook is voor ontbinding vereist dat herplaatsing van de werknemer binnen een redelijke termijn niet mogelijk is of niet in de rede ligt.

De kantonrechter oordeelt dat er geen redelijke grond is voor ontbinding. Dat wordt als volgt toegelicht.

De door DAR gestelde feiten en omstandigheden leveren geen ontbinding van de arbeidsovereenkomst op de e-grond op. Zoals hierboven bij de beoordeling van het gegeven ontslag op staande voet al aan de orde kwam, heeft [eiser] zich onprofessioneel gedragen. Echter, naar het oordeel van de kantonrechter, was zijn handelen niet zodanig verwijtbaar dat van DAR in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Voor [eiser] moet duidelijk zijn geweest dat DAR het gebruik van (fysiek) geweld als ontoelaatbaar gedrag ziet. Dat betekent echter niet dat zijn arbeidsovereenkomst, zonder waarschuwing, vanwege één incident ontbonden wordt. Tijdens het functioneringsgesprek in 2024 is [eiser] weliswaar aangesproken op “incidenten”, maar DAR heeft niet gesteld dat het hierbij om geweldsincidenten ging of dat DAR [eiser] in 2025 gewaarschuwd heeft zich te onthouden van fysiek geweld. [eiser] heeft wel een waarschuwing gehad in 2025, maar die ging over het niet opvolgen van werkinstructies. De drie klachten van bewoners in 2025 over [eiser] , waar DAR op heeft gewezen, zien ook niet op door [eiser] gebruikt fysiek geweld, maar op verbale agressie en agressief rijgedrag. Al met al heeft DAR onvoldoende onderbouwd dat het handelen van [eiser] zodanig verwijtbaar was dat van DAR in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren.

Het door DAR gestelde levert geen ernstige en duurzame verstoring op (g-grond). Hoewel DAR heeft gesteld dat [eiser] geen verantwoordelijkeid wilde nemen voor zijn houding en gedrag, is de kantonrechter daarvan niet gebleken. [eiser] heeft ter zitting erkend dat er een gesprek moet plaatsvinden tussen hem en DAR voor hij weer aan het werk kan en heeft ook erkend dat zijn gedrag ten tijde van het incident niet correct was. Ook ziet de kantonrechter niet dat [eiser] DAR in een kwaad daglicht wil stellen. Dat [eiser] collega’s gevraagd heeft om ten gunste van hem verklaringen af te leggen, kwalificeert in ieder geval niet als zodanig. Tot slot geldt dat DAR ter zitting heeft erkend dat er geen mensen zijn op de werkvloer die niet met [eiser] samen willen werken. Ook zijn leidinggevenden staan daar niet onwelwillend tegenover.

De conclusie is dat de arbeidsovereenkomst niet zal worden ontbonden.

De proceskosten komen voor rekening van DAR, omdat DAR overwegend ongelijk krijgt. De proceskosten aan de zijde van [eiser] worden begroot op € 814,00 aan salaris gemachtigde.

6. De beslissing

De kantonrechter

op het verzoek

vernietigt het ontslag op staande voet,

veroordeelt DAR om [eiser] , binnen 24 uur na betekening van deze beschikking, toe te laten tot de bedongen arbeid tot het moment dat de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig is geëindigd,

veroordeelt DAR tot betaling aan [eiser] van het salaris van € 3.303,00 bruto per maand, te vermeerderen met de vakantiebijslag en overige emolumenten vanaf 29 augustus 2025, tevens te vermeerderen met de wettelijke verhoging (40%) en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het tijdstip van opeisbaarheid tot aan de dag van de gehele betaling,

veroordeelt DAR om aan [eiser] een schriftelijke en deugdelijke bruto/netto specificatie te verstekken, waarin de bedragen en betalingen genoemd onder 6.3 zijn verwerkt,

veroordeelt DAR tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten van € 1.097,62,

veroordeelt DAR in de proceskosten van € 1.039,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe,

op het tegenverzoek

wijst het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst af,

veroordeelt DAR in de proceskosten van € 814,00,

op het verzoek en op het tegenverzoek

veroordeelt DAR tot betaling van de kosten van betekening als zij niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en de beschikking daarna wordt betekend,

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad,

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.J.C. van Leeuwen en in het openbaar uitgesproken op 16 januari 2026.

40141 / 560

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?