ECLI:NL:RBGEL:2026:6425

ECLI:NL:RBGEL:2026:6425

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 05-08-2026
Datum publicatie 13-08-2026
Zaaknummer C/05/457188
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Zutphen

Samenvatting

Eigenaar geworden van een stuk perceel op grond van verjaring. In reconventie is onrechtmatige hinder door muurankers van een balkon onvoldoende onderbouwd.

Uitspraak

RECHTBANK Gelderland

Civiel recht

Zittingsplaats Zutphen

Zaaknummer: C/05/457188 / HZ ZA 25-268

Vonnis van 5 augustus 2026

in de zaak van

1. [eiser 1] ,

te [woonplaats] ,2. [eiser 2],

te [woonplaats] ,

eisende partijen in conventie,

verwerende partijen in reconventie,

hierna samen te noemen: [de eiser] ,

advocaat: mr. J. Woudman,

tegen

1. [gedaagde 1] ,

te [woonplaats] ,2. [gedaagde 2],

te [woonplaats] ,

gedaagde partijen in conventie,

eisende partijen in reconventie,

hierna samen te noemen: [de gedaagde] ,

advocaat: mr. S.A. van Snippenburg.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 21 januari 2026,

- de mondelinge behandeling van 25 maart 2026,

- de akte van [de gedaagde] van 18 juni 2026.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

Partijen zijn buren van elkaar. [de eiser] woont aan de [adres 2] in [woonplaats] , [de gedaagde] woont aan de [adres 1] in [plaatsnaam] .

[de eiser] heeft een dakkapel op zijn woning geplaatst. Deze komt niet overeen met de door de gemeente vergunde dakkapel.

[de gedaagde] heeft zonnepanelen op zijn dak geplaatst. [de eiser] heeft [de gedaagde] tweemaal gesommeerd om de zonnepanelen te verwijderen. [de gedaagde] heeft dit niet gedaan.

Op 4 juni 2023 heeft [de eiser] zijn balkon laten vervangen door VKE Apeldoorn . De muurankers van het balkon zijn bevestigd in de zijmuur van de woning van [de gedaagde] heeft [de eiser] bij brief van zijn rechtsbijstandsverzekeraar DAS gesommeerd tot verwijdering van de muurankers en herstel van de schade. [de eiser] heeft hieraan geen gehoor gegeven.

3. Het geschil

in conventie

[de eiser] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

[de gedaagde] te veroordelen tot opheffing van de onrechtmatige toestand te weten: de bovenste twee zonnepanelen van [de gedaagde] te verwijderen van het perceel van [de eiser] staande en gelegen aan de [adres 2] te [woonplaats] , althans [de gedaagde] te veroordelen voornoemde zonnepanelen zodanig te verplaatsen dat deze volledig op het perceel van [de gedaagde] zijn gelegen en wel binnen een termijn van zeven dagen na het in deze zaak te wijzen vonnis, onder verbeurte van een dwangsom van € 500,00 per dag met een maximum van € 100.000,00,

[de gedaagde] te veroordelen in de kosten van dit geding, te voldoen binnen veertien dagen na dagtekening van het in dezen te wijzen vonnis en (voor het geval voldoening niet binnen veertien dagen na dagtekening van het vonnis plaatsvindt) te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf veertien dagen na dagtekening van het vonnis tot aan de dag der algehele voldoening, alsmede met veroordeling van [de gedaagde] in de nakosten van € 131,00 dan wel, indien betekening van het in dezen te wijzen vonnis plaatsvindt van € 199,00.

[de gedaagde] voert verweer. [de gedaagde] concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [de eiser] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [de eiser] in de kosten van deze procedure en – voor het geval de voldoening van de (na)kosten niet binnen veertien dagen plaatsvindt – te vermeerderen met de wettelijke rente.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

in voorwaardelijke reconventie

[de gedaagde] vordert in geval van toewijzing van de vordering(en) in conventie:

I. [de eiser] te veroordelen tot betaling aan [de gedaagde] van een bedrag van

€ 12.500,00 inclusief BTW, althans een lager door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag, ten titel van compensatie van de kosten voor verwijdering en herplaatsing van de zonnepanelen die [de gedaagde] zal maken, alsmede ter compensatie van de derving door [de gedaagde] van (stroom)inkomsten door de verwijderde zonnepanelen,

II. [de eiser] te veroordelen in de kosten van het geding in reconventie, inclusief de nakosten, een en ander te voldoen binnen veertien na betekening van het in deze te wijzen vonnis, dan wel binnen een door de rechtbank te bepalen termijn, en – voor het geval voldoening van de (na)kosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt – te vermeerderen met de wettelijke rente over de (na)kosten te rekenen vanaf bedoelde termijn voor voldoening en de wettelijke rente daarover vanaf veertien dagen na betekening van het vonnis.

in onvoorwaardelijke reconventie

I. voor recht te verklaren dat [de gedaagde] door verkrijgende dan wel door extinctieve verjaring eigenaar is geworden van de strook grond ter breedte van circa

30 centimeter langsop de gevel van de woning aan de [adres 1] te [woonplaats] , een en ander zoals nader omschreven in randnummer 46 van de conclusie van antwoord, althans zoals door de rechter in de goede justitie nader te omschrijven,

II. [de eiser] te bevelen om uiterlijk binnen twee maanden na betekening van het in deze te wijzen vonnis zijn volledige en onvoorwaardelijke medewerking te verlenen aan een door het Kadaster uit te voeren grenscorrectie, alsmede aan de inschrijving van de gecorrigeerde grens in het Kadaster,

III. [de eiser] te bevelen om uiterlijk binnen twee maanden na betekening van het in deze te wijzen vonnis de door hem geplaatste muurankers uit de zijmuur van de woning van [de gedaagde] volledig en deugdelijk te verwijderen, zonder verdere schade aan de woning van [de gedaagde] te veroorzaken,

IV. [de eiser] te bevelen om uiterlijk binnen twee maanden na betekening van het in deze te wijzen vonnis alle door of vanwege hem veroorzaakte beschadigingen aan de buitenmuur van de woning van [de gedaagde] volledig en deugdelijk te herstellen conform de geldende bouwvoorschriften,

V. te bepalen dat [de eiser] bij niet-nakoming van elk van de onder II, III en IV genoemde bevelen een dwangsom verbeurt van € 500,00 per dag, of gedeelte van een dag, per afzonderlijk bevel, met een maximum van € 15.000,00 per bevel,

VI. [de eiser] te veroordelen in de kosten van het geding in reconventie, inclusief de nakosten, een en ander te voldoen binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen vonnis, dan wel binnen een door de rechtbank te bepalen termijn, en – voor het geval voldoening van de (na)kosten niet binnen de gestelde termijn plaatsvindt – te vermeerderen met de wettelijke rente over de (na)kosten te rekenen vanaf bedoelde termijn voor voldoening en de wettelijke rente daarover vanaf veertien dagen na betekening van het vonnis.

[de eiser] voert verweer. [de eiser] concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [de gedaagde] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van

[de gedaagde] in de kosten van deze procedure, met bepaling dat daarover wettelijke rente is verschuldigd vanaf het verstrijken van veertien dagen na het in deze te wijzen vonnis, tot de dag der algehele voldoening.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4. De beoordeling

in conventie

[de gedaagde] stelt dat [de eiser] in strijd met artikel 21 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) heeft gehandeld omdat het aantal geschilpunten tussen partijen omvangrijker is dan in de dagvaarding is beschreven. De rechtbank gaat hieraan voorbij. Alle overige geschilpunten tussen partijen zijn namelijk geen voor de vorderingen van [de eiser] relevante feiten, zodat [de eiser] niet de plicht had om op grond van artikel 21 Rv alle geschilpunten in de dagvaarding te vermelden.

[de eiser] vordert verwijdering dan wel verplaatsing van de bovenste twee zonnepanelen van [de gedaagde] [de eiser] stelt dat [de gedaagde] jegens hem een onrechtmatige daad pleegt omdat de zonnepanelen over de erfgrens zijn geplaatst. Verder moet

[de eiser] , op last van een dwangsom, van de gemeente zijn dakkapel verplaatsen en wordt dit door de zonnepanelen van [de gedaagde] onmogelijk gemaakt. Nog daargelaten dat de gemeente heeft medegedeeld dat het plaatsen van de dakkapel tegen de zonnepanelen volstaat zodat verwijdering of verplaatsing van de zonnepanelen in dat kader niet nodig is, heeft [de eiser] tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat de dakkapel is weggehaald en dat de gemeente afziet van de invordering van dwangsommen. De noodzaak van verwijdering of verplaatsing van de zonnepanelen vanwege de bestuursrechtelijke handhaving doet zich dus niet meer voor, zodat de rechtbank hieraan voorbij gaat.

[de gedaagde] is eigenaar van de strook grond geworden op grond van verjaring

[de gedaagde] verweert zich verder door te stellen dat hij eigenaar is geworden van het stuk perceel dat de erfgrens met (ongeveer) dertig centimeter overschrijdt, primair op grond van verkrijgende verjaring (artikel 3:99 van het Burgerlijk Wetboek (BW)), subsidiair op grond van extinctieve verjaring (artikel 3:105 BW). Het gevolg hiervan is dat de zonnepanelen niet op het perceel van [de eiser] liggen. Er is daarom geen sprake van een onrechtmatige situatie, aldus [de gedaagde]

Op grond van artikel 3:99 BW verkrijgt degene die als bezitter te goeder trouw gedurende tien jaren onafgebroken het bezit heeft van een goed, de eigendom van dat goed. Artikel 3:105 lid 1 BW bepaalt dat degene die een goed bezit op het tijdstip waarop de verjaring van de rechtsvordering strekkende tot beëindiging van het bezit wordt voltooid, dat goed verkrijgt, ook als het bezit niet te goeder trouw was. Artikel 3:107 lid 1 BW omschrijft bezit als het houden van een goed voor zichzelf. Hieronder wordt verstaan het direct of indirect uitoefenen van de feitelijke macht over het goed. [de gedaagde] stelt in het kader van bezit dat de buitenmuur van hun woning al sinds de bouw van de woningen, ruim vijfenveertig jaar, erfgrens met het perceel van [de eiser] overschrijdt. Partijen hebben allebei een kadastrale kaart overgelegd waarop te zien is dat de woning van [de gedaagde] voor een deel is gebouwd op het perceel van [de eiser] Ter verduidelijking van de betreffende strook grond wordt een bijgesneden en geroteerd deel van de als productie 3 bij conclusie van antwoord in conventie overgelegde kadastrale kaart ingevoegd. Het betreft de strook grond (van circa 30 centimeter), kadastraal gelegen op perceel [perceelkenmerk] , waar de woning van [de gedaagde] (nummer [huisnummer] ) op is gebouwd (hierna te noemen “de strook grond”):

[ Kadasteroverzicht verwijderd ter anonimisatie.]

[de gedaagde] heeft onweersproken aangevoerd dat de woningen in 1980 zijn opgeleverd en dat de feitelijke situatie sindsdien onafgebroken bestaat. Daarmee heeft hij (althans zijn rechtsvoorganger) al meer dan vijfenveertig jaar het bezit als bedoeld in

artikel 3:107 lid 1 BW van de strook grond. [de gedaagde] (althans zijn rechtsvoorganger) is daarom als gevolg van verjaring eigenaar geworden van de strook grond. [de eiser] heeft nog aangevoerd dat bezit van het dak niet gelijkgesteld kan worden met bezit van de muur van de woonkamer. Volgens [de eiser] heeft [de gedaagde] het dak niet in bezit genomen. Anders dan [de eiser] meent, hoeft niet afzonderlijke sprake te zijn van bezit van het dak door [de gedaagde] Het dak vormt immers één geheel met de woning (artikel 3:4 BW).

Op grond van het voorgaande, liggen de zonnepanelen niet op het perceel dat in eigendom toebehoort aan [de eiser] [de gedaagde] pleegt daarom geen onrechtmatige daad jegens [de eiser] Dit betekent dat de vordering tot verwijdering dan wel verplaatsing van de bovenste twee zonnepanelen zal worden afgewezen.

[de eiser] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [de gedaagde] worden begroot op:

- griffierecht

€

331,00

- salaris advocaat

€

1.306,00

(2 punten × € 653,00)

- nakosten

€

189,00

(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

€

1.826,00

De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

in reconventie

Nu de vorderingen van [de eiser] in conventie worden afgewezen, komt de rechtbank niet toe aan de beoordeling van de voorwaardelijke vorderingen in reconventie.

Gelet op hetgeen in rechtsoverwegingen 4.5 tot en met 4.7 is overwogen, is de in reconventie gevorderde verklaring voor recht, inhoudende dat de strook grond onder de woning van [de gedaagde] waar deze over de erfgrens is gebouwd (een stuk van circa 30 centimeter), eigendom is van [de gedaagde] , toewijsbaar. [de eiser] verweert zich verder niet tegen de vordering van [de gedaagde] tot het bevelen van [de eiser] om zijn medewerking te verlenen aan een door het kadaster uit te voeren grenscorrectie en aan de inschrijving van de gecorrigeerde grens in het kadaster. Deze vordering zal daarom worden toegewezen. Nu [de eiser] heeft toegezegd hieraan zijn medewerking te verlenen, zal de gevorderde dwangsom worden afgewezen.

De muurankers

Verder vordert [de gedaagde] in reconventie dat [de eiser] wordt bevolen om door hem geplaatste muurankers uit de zijmuur van [de gedaagde] te verwijderen en de beschadiging aan de buitenmuur van [de gedaagde] te herstellen omdat sprake is van onrechtmatige hinder. De stelplicht en bewijslast van de onrechtmatige hinder rust op grond van artikel 150 Rv op [de gedaagde] stelt dat het aanbrengen van de muurankers onrechtmatig is omdat hierdoor vochtproblemen zijn ontstaan, maar de vochtproblemen zijn niet onderbouwd. [de gedaagde] heeft zelf tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat de vochtproblematiek komt omdat het balkon op afschot ligt en er nu water naar binnenloopt. Deze blote stelling van [de gedaagde] als partij tijdens de mondelinge behandeling is – gelet op de betwisting door [de eiser] dat sprake is van vochtproblemen – onvoldoende. De rechtbank is daarom van oordeel dat

[de gedaagde] niet heeft voldaan aan zijn stelplicht ten aanzien van de onrechtmatige hinder of inbreuk, zodat niet aan nadere bewijslevering wordt toegekomen. De vorderingen van

[de gedaagde] strekkende tot verwijdering van de muurankers en het herstellen van de veroorzaakte schade, zullen worden afgewezen.

Nu de toewijsbare vorderingen in reconventie samenhangen met het afwijzen van de vordering in conventie en de overige vorderingen in reconventie worden afgewezen, is

[de gedaagde] in reconventie grotendeels in het ongelijk gesteld en daarom moet hij de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [de eiser] worden begroot op:

- salaris advocaat

€

1.306,00

(2 punten × € 653,00)

- nakosten

€

189,00

(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

€

1.495,00

5. De beslissing

De rechtbank

in conventie

wijst de vorderingen van [de eiser] af,

veroordeelt [de eiser] in de proceskosten van € 1.826,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als [de eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

veroordeelt [de eiser] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,

in reconventie

verklaart voor recht dat [de gedaagde] door verkrijgende dan wel door extinctieve verjaring eigenaar is geworden van de strook grond ter breedte van circa dertig centimeter langsop de gevel van de woning aan de [adres 1] te [woonplaats] ,

beveelt [de eiser] om uiterlijk binnen twee maanden na betekening van dit vonnis zijn volledige en onvoorwaardelijke medewerking te verlenen aan een door het kadaster uit te voeren grenscorrectie, alsmede aan de inschrijving van de gecorrigeerde grens in het kadaster,

veroordeelt [de gedaagde] in de proceskosten van € 1.495,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als [de eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

verklaart dit vonnis wat betreft de onder 5.2, 5.3, 5.5 en 5.6 genoemde beslissingen uitvoerbaar bij voorraad,

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.J.J.M. Weijnen en in het openbaar uitgesproken op 5 augustus 2026.

JV/AW

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand