ECLI:NL:RBGEL:2026:6719

ECLI:NL:RBGEL:2026:6719

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 27-08-2026
Datum publicatie 27-08-2026
Zaaknummer ARN 23/1298
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Zutphen

Samenvatting

Het UWV heeft een aanvraag om een Indicatie Banenafspraak toegewezen, omdat eiseres niet het minimumloon kan verdienen. Het UWV heeft daarbij bepaald dat eiseres wordt opgenomen in het doelgroepregister. Door enkel te beoordelen of eiseres benutbare mogelijkheden heeft, heeft het UWV een onjuist beoordelingskader gehanteerd. Het UWV moet nog beoordelen of sprake is van (het duurzaam ontbreken van) arbeidsvermogen.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

tussenuitspraak van de enkelvoudige kamer

[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres

Zittingsplaats Zutphen

Bestuursrecht

zaaknummer: ARN 23/1298 T

in de zaak tussen

(gemachtigde: mr. R.M. Noorlander),

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, het UWV

(gemachtigde: mr. Y.A. van Veelen).

Procesverloop

1. Met het besluit van 8 september 2017 heeft het UWV de aanvraag om een Indicatie Banenafspraak toegewezen, omdat eiseres niet het minimumloon kan verdienen. Het UWV heeft daarbij bepaald dat eiseres wordt opgenomen in het doelgroepregister.

Met het bestreden besluit van 31 januari 2018 op het bezwaar van eiseres is het UWV bij dat besluit gebleven.

De rechtbank heeft het beroep tegen het bestreden besluit bij uitspraak van 12 februari 2020 niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.

De Centrale Raad van Beroep (CRvB) heeft bij uitspraak van 23 november 2022 geoordeeld dat eiseres procesbelang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van het bestreden besluit, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen naar de rechtbank.

Eiseres heeft een beroepschrift ingediend bij de rechtbank. Het UWV heeft op dat beroepschrift gereageerd met een verweerschrift.

In de brief van 28 januari 2026 heeft de rechtbank nadere vragen gesteld aan het UWV. Het UWV heeft met de brief van 19 februari 2026 gereageerd op deze vragen. Eiseres heeft ook gereageerd.

De rechtbank heeft het beroep op 13 juli 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van het UWV.

Overwegingen

Totstandkoming van het bestreden besluit

2. Eiseres ontvangt bijstand op grond van de Participatiewet van de gemeente [woonplaats] . De gemeente heeft op 5 april 2017 bij het UWV een Indicatie

Banenafspraak voor eiseres aangevraagd.

In verband met deze aanvraag heeft een verzekeringsarts appellante op 1 augustus 2017 op een spreekuur gezien. Volgens de verzekeringsarts is geen sprake van een situatie van geen benutbare mogelijkheden tot het verrichten van arbeid. De verzekeringsarts heeft vastgesteld dat bij eiseres sprake is van een stoornis in de pijngewaarwording en het spieruithoudingsvermogen, waardoor zij beperkt is voor het langdurig handhaven van een eenzijdige lichaamshouding of extreme standen. Zij is beperkt voor zware fysieke activiteiten zoals zwaar tillen/dragen en zwaar trekken/duwen en moet de mogelijkheid hebben om voldoende van lichaamshouding te kunnen wisselen. Ook is het gebruik van de rechterarm beperkt, er kunnen niet langdurig met kracht schroefbewegingen worden gemaakt. Verder is eiseres op mentaal gebied beperkt. De pijngewaarwording is voor een deel stressgerelateerd, waardoor eiseres beperkt is voor het omgaan met stress en voor het omgaan met conflicten. Een arbeidsdeskundige heeft vervolgens geconcludeerd dat eiseres niet een (voorbeeld)drempelfunctie kan uitvoeren en daardoor niet in staat is het wettelijk minimumloon te verdienen.

Met het besluit van 8 september 2017 heeft het UWV de aanvraag om een Indicatie Banenafspraak toegewezen, omdat eiseres niet het minimumloon kan verdienen. Het UWV heeft daarbij bepaald dat eiseres wordt opgenomen in het doelgroepregister. Met het bestreden besluit is het UWV bij dat besluit gebleven. Aan het bestreden besluit liggen rapporten van een verzekeringsarts bezwaar en beroep en een arbeidsdeskundige bezwaar en beroep ten grondslag.

De procedure in beroep

3. De rechtbank heeft het beroep van eiseres tegen het bestreden besluit niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.

De procedure in hoger beroep

4. In hoger beroep heeft eiseres aangevoerd dat zij wel procesbelang heeft. Eiseres

meent dat zij volledig arbeidsongeschikt is en daarom niet opgenomen dient te worden in het doelgroepregister van de Indicatie banenafspraak. Eiseres wil niet in het doelgroepregister worden opgenomen, omdat zij in dat geval van de gemeente moet meewerken aan re-integratie en mogelijk wordt geconfronteerd met nadelige gevolgen indien zij niet meewerkt.

Het UWV heeft zich in hoger beroep op het standpunt gesteld dat eiseres procesbelang heeft. Zij kan namelijk met de procedure bereiken dat ze niet wordt opgenomen in het doelgroepregister, wanneer wordt vastgesteld dat zij duurzaam geen arheidsvermogen heeft. In dit verband heeft het UWV verwezen naar de uitspraak van de CRvB van 17 juni 2021 en de toepasselijke wet- en regelgeving, waaruit blijkt dat personen die duurzaam geen arbeidsvermogen hebben niet in het doelgroepregister worden opgenomen. Volgens het UWV heeft eiseres wel arbeidsvermogen, maar kan zij niet het wettelijk minimumloon verdienen.

De CRvB heeft geoordeeld dat eiseres een procesbelang heeft bij een

inhoudelijke beoordeling van het bestreden besluit. De overwegingen van het UWV

hierover worden door de CRvB gevolgd. De CRvB heeft de zaak terugverwezen naar de rechtbank.

Beoordeling door de rechtbank

5. De rechtbank beoordeelt de toekenning van een Indicatie Banenafspraak. Naar het oordeel van de rechtbank heeft het UWV niet op de juiste wijze beoordeeld of eiseres arbeidsvermogen heeft. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt.

Toetsingskader

6. Per 1 mei 2015 is de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten in werking getreden, waarbij de Wet financiering sociale verzekeringen (Wfsv) is gewijzigd.

In 38b, eerste lid, van de Wfsv, voor zover hier relevant, is bepaald dat onder een arbeidsbeperkte wordt verstaan de persoon:

a. die met ondersteuning bij de arbeidsinschakeling van het college van burgemeester en wethouders op grond van artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Participatiewet naar een dienstbetrekking is of wordt toegeleid, en van wie uitsluitend op verzoek van het college van burgemeester en wethouders door het UWV is vastgesteld dat hij niet in staat is tot het verdienen van het wettelijk minimumloon, bedoeld in artikel 2, onderdeel c, van de Participatiewet.

In artikel 38d, negende lid, aanhef en onder c, van de Wfsv, voor zover hier relevant, is bepaald dat bij of krachtens algemene maatregel van bestuur nadere regels worden gesteld, in ieder geval met betrekking tot de vaststelling, bedoeld in artikel 38b, eerste lid, onderdeel a, ten behoeve van de opname van personen in de registratie, bedoeld in het eerste lid.

Deze nadere regels zijn vastgesteld in het Besluit SUWI.

Op grond van artikel 3.5, eerste lid, van het Besluit SUWI, voor zover hier relevant, verricht het UWV op verzoek van het college van burgemeester en wethouders een beoordeling of een persoon, bedoeld in artikel 38b, eerste lid, onderdeel a, van de Wfsv in staat is het wettelijk minimumloon, bedoeld in artikel 2, onderdeel c, van de Participatiewet te verdienen.

Op grond van het derde lid wordt in het kader van de beoordeling, bedoeld in het eerste lid, door het UWV het arbeidsvermogen van de betrokken persoon beoordeeld.

Op grond van het vierde lid wordt het arbeidsvermogen, bedoeld in het derde lid, getoetst aan de methodiek van drempelfuncties die het UWV hanteert bij de beoordeling van arbeidsongeschiktheid.

Op grond van het vijfde lid wordt onder een drempelfunctie als bedoeld in het vierde lid verstaan een bestaande functie op de Nederlandse arbeidsmarkt die de ondergrens van de verdiencapaciteit markeert, met een minimale belasting waardoor deze geschikt is voor mensen met beperkingen.

Op grond van het zesde lid wordt, indien uit de analyse, bedoeld in het derde en vierde lid, blijkt dat een persoon geen drempelfunctie of voor een deel één drempelfunctie kan uitvoeren, de persoon niet geacht in staat te zijn het minimumloon te verdienen met dien verstande dat de beperkingen of belemmeringen die een persoon ondervindt naar verwachting nog ten minste voor 6 maanden na de beoordeling zullen bestaan.

Op grond van het zevende lid wordt, indien uit de analyse, bedoeld in het derde en vierde lid, blijkt dat een persoon één drempelfunctie kan uitvoeren of één drempelfunctie kan uitvoeren met behulp van aanpassingen, de persoon geacht in staat te zijn het minimumloon te verdienen.

Arbeidsvermogen

7. Eiseres heeft aangevoerd dat zij ten onrechte is opgenomen in het doelgroepregister. Volgens eiseres heeft het UWV een onvolledig rechtskader gebruikt om te beoordelen of eiseres in het doelgroepregister had moeten worden opgenomen. Uit de uitspraak van de CRvB van 17 juni 2021 blijkt namelijk dat het UWV op grond van artikel 1a:1, eerste lid, aanhef, en onder a van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) in samenhang met artikel 1a, eerste lid, van het Schattingsbesluit had moeten beoordelen of eiseres arbeidsvermogen heeft.

Het UWV heeft zich op het standpunt gesteld dat de vraag of sprake is van duurzaam geen arbeidsvermogen, pas hoeft te worden beantwoord als er geen sprake is van arbeidsvermogen. De verzekeringsartsen hebben vastgesteld dat de beperkingen van eiseres niet zodanig zijn dat zij in het geheel geen benutbare mogelijkheden heeft. Eiseres heeft daarom op medische gronden arbeidsvermogen. Een toets als bedoeld in artikel 1a:1, eerste lid, aanhef, en onder a van de Wajong is daarom niet aan de orde volgens het UWV.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft het UWV niet op de juiste wijze beoordeeld of eiseres op de datum in geding arbeidsvermogen had. Uit de memorie van toelichting bij de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten volgt dat het UWV alleen mensen in het doelgroepregister opneemt die tot de doelgroep behoren en van wie duidelijk is dat zij geen arbeidsvermogen hebben. Het heeft, aldus de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, geen zin om mensen in het doelgroepregister op te nemen van wie vaststaat dat zij volledig en duurzaam arbeidsongeschikt zijn. Uit de rechtspraak van de CRvB blijkt dat opname in het doelgroepregister niet gebeurt als moet worden aangenomen dat een betrokkene duurzaam geen arbeidsvermogen heeft als bedoeld in artikel 1a:1 van de Wajong. Voor de beoordeling van de vraag of er sprake is van arbeidsvermogen moet dus worden aangesloten bij de beoordeling van artikel 1a:1, eerste lid, aanhef, en onder a van de Wajong in samenhang met artikel 1a, eerste lid, van het Schattingsbesluit. Dat betekent dat volgens de hiervoor vermelde systematiek eerst moet worden beoordeeld of er sprake is van arbeidsvermogen en zo nee, of dit duurzaam is. Uit de rapporten van de verzekeringsartsen blijkt, zoals het UWV tijdens de zitting ook heeft bevestigd, dat deze alleen hebben beoordeeld of eiseres op de datum in geding benutbare mogelijkheden had. Het UWV moet dus nog beoordelen of sprake is van (het duurzaam ontbreken van) arbeidsvermogen. Door enkel te beoordelen of eiseres benutbare mogelijkheden heeft, heeft het UWV een onjuist beoordelingskader gehanteerd.

Op grond van artikel 8:51a, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de rechtbank het bestuursorgaan in de gelegenheid stellen een gebrek in het bestreden besluit te herstellen of te laten herstellen. Op grond van artikel 8:80a van de Awb doet de rechtbank dan een tussenuitspraak. De rechtbank ziet aanleiding om het UWV in de gelegenheid te stellen het gebrek te herstellen door een verzekeringsarts bezwaar en beroep en arbeidsdeskundige bezwaar en beroep onderzoek te laten doen naar het (duurzaam ontbreken van) arbeidsvermogen. Dat herstellen kan hetzij met een aanvullende motivering, hetzij, voor zover nodig, met een nieuwe beslissing op bezwaar, na of tegelijkertijd met intrekking van het nu bestreden besluit. De rechtbank bepaalt de termijn waarbinnen het UWV het gebrek kan herstellen op zes weken na verzending van deze tussenuitspraak.

Het UWV moet op grond van artikel 8:51b, eerste lid, van de Awb én om nodeloze vertraging te voorkomen zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen twee weken, meedelen aan de rechtbank of gebruik wordt gemaakt van de gelegenheid het gebrek te herstellen. Als het UWV gebruik maakt van die gelegenheid, zal de rechtbank eiseres in de gelegenheid stellen binnen vier weken te reageren op de herstelpoging van het UWV. In beginsel, ook in de situatie dat het UWV de hersteltermijn ongebruikt laat verstrijken, zal de rechtbank zonder tweede zitting uitspraak doen op het beroep.

De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan tot de einduitspraak op het beroep. Dat laatste betekent ook dat zij over de proceskosten en het griffierecht nu nog geen beslissing neemt.

Beslissing

De rechtbank:

- draagt het UWV op binnen twee weken de rechtbank mee te delen of gebruik wordt gemaakt van de gelegenheid het gebrek te herstellen;

- stelt het UWV in de gelegenheid om binnen zes weken na verzending van deze tussenuitspraak het gebrek te herstellen met inachtneming van de overwegingen en aanwijzingen in deze tussenuitspraak;

- houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze uitspraak is gedaan door mr. H.J. Klein Egelink, rechter, in aanwezigheid van mr. E.G. Cornelisse, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Tegen deze tussenuitspraak staat nog geen hoger beroep open. Tegen deze tussenuitspraak kan hoger beroep worden ingesteld tegelijkertijd met hoger beroep tegen de (eventuele) einduitspraak in deze zaak.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. H.J. Klein Egelink

Griffier

  • mr. E.G. Cornelisse

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand