ECLI:NL:RBGEL:2026:763

ECLI:NL:RBGEL:2026:763

Instantie Rechtbank Gelderland
Datum uitspraak 12-01-2026
Datum publicatie 02-02-2026
Zaaknummer 11992398 \ HA VERZ 25-186
Rechtsgebied Civiel recht; Arbeidsrecht
Procedure Beschikking
Zittingsplaats Arnhem

Samenvatting

De kantonrechter oordeelt dat de tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is geeïndigd en niet geacht moet worden te zijn voortgezet voor onbepaalde tijd. De verzoeken van werkneemster worden afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK GELDERLAND

Civiel recht

Kantonrechter

Zittingsplaats Arnhem

Zaaknummer / rekestnummer: 11992398 \ HA VERZ 25-186

Beschikking van 12 januari 2026

in de zaak van

[verzoeker] ,

wonende te [woonplaats] ,

verzoekende partij,

hierna te noemen: werkneemster,

gemachtigde: mr. W. Kok,

tegen

ALBERTO'S ITALIAN BARNEVELD B.V.,

gevestigd te Barneveld,

verwerende partij,

hierna te noemen: werkgeefster,

gemachtigde: mr. R.R. Surquin.

De zaak in het kort

In deze zaak gaat het om de vraag of de tussen partijen gesloten arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is geeïndigd of dat de arbeidsovereenkomst geacht moet worden te zijn voortgezet voor onbepaalde tijd. De kantonrechter oordeelt dat de overeenkomst is geeïndigd en wijst de verzoeken van werkneemster af.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift;

- het verweerschrift.

De zaak is mondeling behandeld op 5 januari 2026. Werkneemster is verschenen, bijgestaan door mr. Kok. Namens werkgeefster is mr. Surquin verschenen. Mr. Kok heeft het woord gevoerd aan de hand van spreekaantekeningen die zijn overgelegd en de griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat verder is besproken.

De beschikking is bepaald op vandaag.

2. De feiten

Werkneemster is op 6 november 2023 voor bepaalde tijd (tot 30 juni 2024) in dienst getreden bij werkgeefster als locatiebeheerder, met een arbeidsomvang van 12 uur per week. De arbeidsovereenkomst is daarna tweemaal stilzwijgend verlengd, eerst tot 23 februari 2025 en daarna tot 19 oktober 2025. Het salaris van werkneemster bedroeg € 905,84 bruto per maand inclusief vakantiegeld.

Werkneemster heeft zich op 1 december 2024 ziekgemeld en heeft vanaf dat moment geen werkzaamheden meer verricht.

Op 8 oktober 2025 heeft [naam 1] (hierna: [naam 1] ), werkzaam bij werkgeefster op de administratie, het volgende bericht aan werkneemster gestuurd via WhatsApp:

Goedemorgen [naam 2] ,

Ik heb je telefoonnummer van [naam 3] gekregen, vorige week heb ik je een aangetekende brief verzonden maar die heb je nog niet aangenomen/afgehaald. Via je e-mail adres krijg ik alles terug dan het niet aankomt, dus even via deze weg.

Als bijlage bij het bericht heeft [naam 1] een brief van werkgeefster meegestuurd, die dateerde van 23 september 2025. In die brief heeft werkgeefster onder meer geschreven:

Hierbij delen wij u mee dat wij besloten hebben uw arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die afloopt op 05/11/2025 niet te verlengen.

U ontvangt nog een eindafrekening ter zake van uw nog openstaande tegoeden aan salaris, en eventuele uren tegoeden.

Deze zal binnen een maand na het einde van uw arbeidsovereenkomst aan u worden uitbetaald.(…)

Werkneemster heeft via WhatsApp als volgt gereageerd:

Dag [naam 4] , heb geen enkele melding ontvangen in de mail of in de PostNL app dat er aangetekende post op komst is. Echter ga ik hier niet mee akkoord. Onderhand heb ik zelf al actie ondernomen en hiervan zal binnenkort meer documentatie komen. U kunt aan [naam 3] doorgeven dat ik deze gang van zaken zéér betreur. Had haar hoger zitten dan dit. Groet, [naam 2] .

En als deze brief pas vorige week verzonden is, dan is dit te laat ongeacht de datum op de brief.

Werkgeefster heeft op 10 november 2025 een bedrag van € 296,07 netto uitbetaald aan werkneemster.

De gemachtigde van werkneemster heeft op 27 oktober 2025 een brief aan werkgeefster gestuurd, waarin hij stelt dat de arbeidsovereenkomst inmiddels van onbepaalde tijd is en hij doorbetaling vordert van het loon en nakoming door werkgeefster van haar re-integratieverplichtingen.

Hierna volgt correspondentie tussen (de gemachtigden van) partijen.

Werkgeefster heeft op 29 december 2025 nog twee bedragen aan werkneemster overgemaakt: € 637,53 netto met de omschrijving ‘transitievergoeding’ en € 555,19 netto met de omschrijving ‘Loon tot 19-10-2025’.

3. De verzoeken en het verweer in de voorlopige voorziening en de hoofdzaak

Werkneemster verzoekt, samengevat en na wijziging van haar verzoeken tijdens de mondelinge behandeling, dat de kantonrechter:

in de hoofdzaak

het aan haar gegeven ontslag per 5 november 2025 vernietigt en

zowel bij wijze van voorlopige voorziening als in de hoofdzaak

werkgeefster veroordeelt om aan werkneemster te voldoen:

het verschuldigde salaris van € 905,84 (bruto) per maand vanaf 19 oktober 2025 tot aan de dag dat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig geëindigd zal zijn, te vermeerderen met de wettelijke verhoging van 50% ex artikel 7:625 BW

de buitengerechtelijke incassokosten en

de wettelijke rente over de hiervoor genoemde bedragen,

onder verstrekking door werkgeefster aan werkneemster van de salarisspecificaties vanaf oktober 2025 en met veroordeling van werkgeefster in de proceskosten.

Ter onderbouwing van haar verzoeken stelt werkneemster - samengevat - dat na 19 oktober 2025 een vierde arbeidsovereenkomst is ingegaan die op basis van de wettelijke ketenregeling van rechtswege is overgegaan in een overeenkomst voor onbepaalde tijd. Werkgeefster heeft die arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig opgezegd. Werkneemster heeft immers niet ingestemd met de opzegging, er is geen toestemming van het UWV en bovendien geldt het opzegverbod bij ziekte. Daarom verzoekt zij om vernietiging van het ontslag c.q. de opzegging en doorbetaling van haar salaris.

Werkgeefster voert verweer en stelt zich op het standpunt dat alle vorderingen en verzoeken moeten worden afgewezen, met veroordeling van werkneemster in de proceskosten.

Werkgeefster voert ‑ samengevat ‑ aan dat de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege is geëindigd op 19 oktober 2025. Zij heeft expliciet tegenspraak gedaan tegen een stilzwijgende verlenging. Werkneemster mocht aan de in de aanzeggingsbrief genoemde einddatum van 5 november 2025 - volgens werkgeefster een administratieve fout - niet het gerechtvaardigd vertrouwen ontlenen dat werkgeefster de intentie had om alsnog een vierde arbeidsovereenkomst aan te gaan. Verder wijst werkgeefster erop dat sprake is van een aanzegging en geen opzegging, waardoor het opzegverbod bij ziekte niet van toepassing is en de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is geëindigd.

4. De beoordeling

Een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd eindigt van rechtswege. Dit is alleen anders indien de arbeidsovereenkomst na het verstrijken van de tijd wordt voortgezet en de werkgever de aanzegverplichting niet is nagekomen of indien de arbeidsovereenkomst door partijen zonder tegenspraak wordt voortgezet. De tegenspraak kan uitdrukkelijk geschieden, maar kan ook worden afgeleid uit gedragingen vlak voor of na de einddatum.

“Stilzwijgende voortzetting” impliceert dat tussen partijen wilsovereenstemming moet hebben bestaan, gericht op voortzetting van het dienstverband. Of die wilsovereenstemming heeft bestaan moet worden beoordeeld aan de hand van de wils-/vertrouwensleer. Daaruit volgt dat voor stilzwijgende voortzetting tenminste is vereist dat werkneemster uit verklaringen en/of gedragingen van werkgeefster redelijkerwijs heeft mogen afleiden dat de wil van werkgeefster was gericht op voortzetting van het dienstverband.

Werkgeefster heeft werkneemster per brief laten weten dat de arbeidsovereenkomst zal eindigen. Werkneemster heeft dit bericht ook ontvangen, via de post en e-mail in eerste instantie niet, maar daarna (op 8 oktober 2025) wel via WhatsApp. Aangezien de werkgever de werknemer schriftelijk uiterlijk een maand voordat een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege eindigt moet informeren over het al dan niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst was dit weliswaar te laat, maar wel vóór de einddatum van de arbeidsovereenkomst van 19 oktober 2025. Dat betekent dat de arbeidsovereenkomst per die datum is geëindigd. Werkgeefster heeft in de brief uitdrukkelijk te kennen gegeven dat zij heeft besloten “de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die afloopt op 05/11/2025 niet te verlengen.” Hoewel een onterechte aanzegging onder omstandigheden als een opzegging kan worden beschouwd, is daar naar het oordeel van de kantonrechter in dit geval geen sprake van. De door werkgeefster gebruikte bewoordingen passen onmiskenbaar bij een aanzegging en niet bij een opzegging.

Dat werkgeefster in de aanzeggingsbrief per ongeluk een verkeerde einddatum heeft genoemd, rechtvaardigt, gelet op de ondubbelzinnige mededeling van werkgeefster dat zij de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd niet zal verlengen, niet de conclusie dat van stilzwijgende voortzetting sprake is. De enkele omstandigheid dat werkneemster op 30 oktober 2025 nog een consult bij de bedrijfsarts heeft gehad maakt zulks niet anders. Volgens werkgeefster heeft zij dit consult onverplicht, alleen voor de zekerheid, laten doorgaan. Gelet op de op dat moment lopende discussie tussen partijen over de vraag of de arbeidsovereenkomst was geëindigd is dat niet onbegrijpelijk.

Samengevat is de kantonrechter van oordeel dat de arbeidsovereenkomst per 19 oktober 2025 is geëindigd. Daarom zullen alle verzoeken van werkneemster in de hoofdzaak worden afgewezen.

Wellicht ten overvloede overweegt de kantonrechter nog het volgende. Zoals tijdens de mondelinge behandeling met partijen is besproken, heeft de aanzegging werkneemster te laat bereikt en is werkgeefster daarom de aanzegvergoeding aan haar verschuldigd. Aangezien werkneemster hiertoe geen verzoek heeft ingediend, kan de kantonrechter deze vergoeding niet opnemen in het dictum van deze beschikking. De kantonrechter vertrouwt erop dat werkgeefster deze vergoeding alsnog aan werkneemster zal betalen, omdat zij daartoe wettelijk verplicht is. De gemachtigde van werkgeefster heeft ter zitting laten weten zich dat te realiseren.

Het verzoek om voorlopige voorzieningen te treffen zal worden afgewezen. Een voorlopige voorziening kan alleen worden getroffen voor de duur van de procedure. Deze procedure is echter al geëindigd doordat een beslissing wordt genomen op de verzoeken van werkneemster in de hoofdzaak. De kosten in de voorlopige voorziening worden gecompenseerd.

De proceskosten in de hoofdzaak komen voor rekening van werkneemster, omdat zij ongelijk krijgt. De proceskosten aan de zijde van werkgeefster worden begroot op € 678,00 (€ 543,00 aan salaris gemachtigde en € 135,00 aan nakosten), plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing. De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5. De beslissing

De kantonrechter

in de voorlopige voorziening

wijst de vorderingen af,

compenseert de proceskosten in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,

in de hoofdzaak

wijst de verzoeken af,

veroordeelt werkneemster in de proceskosten van € 678,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als werkneemster niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en de beschikking daarna wordt betekend,

veroordeelt werkneemster tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,

verklaart de veroordelingen in 5.4. en 5.5. uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. E.W. de Groot en in het openbaar uitgesproken op

12 januari 2026.

41245 \ 498

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?