25. Het beroep tegen de omgevingsvergunning is ongegrond.
26. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank:
- verklaart het beroep met nummer AWB/ROE 17/1513 gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit van 14 april 2017;
- draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 333,- aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 1002,-;
- verklaart het beroep met nummer AWB/ROE 17/1821 ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. T.M. Schelfhout (voorzitter), en mr. L.M.J.A. barones van Hövell tot Westerflier-Dassen en mr. J. Bijveld, leden, in aanwezigheid van
mr. P.M. van den Brekel, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
25 mei 2018.
griffier voorzitter
Afschrift verzonden aan partijen op: 25 mei 2018
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening of om het opheffen of wijzigen van een bij deze uitspraak getroffen voorlopige voorziening.