ECLI:NL:RBLIM:2025:12773

ECLI:NL:RBLIM:2025:12773, Rechtbank Limburg, 03-09-2025, C/03/343333 / HA ZA 25-297

Instantie Rechtbank Limburg
Datum uitspraak 03-09-2025
Datum publicatie 14-01-2026
Zaaknummer C/03/343333 / HA ZA 25-297
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Maastricht

Samenvatting

Civiel recht. Vonnis in incident. Incidentele vordering tot voeging ex artikel 222 Rv. toegewezen.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

vonnis

Burgerlijk recht

Zittingsplaats Maastricht

zaaknummer / rolnummer: C/03/343333 / HA ZA 25-297

Vonnis in incident van 3 september 2025

in de zaak van

[eiser in het incident, eiser in de hoofdzaak] ,

wonende te [woonplaats 1] ,

eiser in het incident,

eiser in de hoofdzaak,

advocaat mr. I.K. Decupere,

tegen

[gedaagde in het incident, gedaagde in de hoofdzaak] ,

wonende te [woonplaats 2] ,

gedaagde in het incident,

gedaagde in de hoofdzaak,

advocaat mr. K.G.A.C. Scheper.

Partijen worden hierna [eiser in het incident, eiser in de hoofdzaak] en [gedaagde in het incident, gedaagde in de hoofdzaak] genoemd.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

de dagvaarding tevens houdende de incidentele vordering tot voeging ex artikel 222 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv), met producties 1 t/m 65,

de conclusie van antwoord in het incident.

Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2. Het geschil in het incident

[eiser in het incident, eiser in de hoofdzaak] vordert in het incident dat de hoofdzaak wordt gevoegd met de bij deze rechtbank aanhangige zaak met het zaak-/rolnummer 341694 HA ZA 25-205. [eiser in het incident, eiser in de hoofdzaak] legt aan zijn incidentele vordering – kort gezegd – ten grondslag dat beide zaken met elkaar verknocht zijn. Verder vordert [eiser in het incident, eiser in de hoofdzaak] dat zaak 341694 wordt verwezen naar de parkeerrol in afwachting van de behandeling van deze procedure. Het oordeel van de rechtbank in deze procedure heeft immers directe consequenties voor de beoordeling van de vorderingen van [gedaagde in het incident, gedaagde in de hoofdzaak] in zaak 341694, aldus [eiser in het incident, eiser in de hoofdzaak] , reden waarom zaak 343333 volgens [eiser in het incident, eiser in de hoofdzaak] eerst behandeld en beoordeeld dient te worden.

[gedaagde in het incident, gedaagde in de hoofdzaak] heeft geen verweer gevoerd tegen de door [eiser in het incident, eiser in de hoofdzaak] ingestelde incidentele vordering tot voeging. Zij voert wel verweer tegen de vordering van [gedaagde in het incident, gedaagde in de hoofdzaak] om zaak 341694 naar de parkeerrol te verwijzen.

3. De beoordeling

in het incident

De rechtbank constateert dat beide zaken advocaatzaken zijn en aanhangig zijn bij hetzelfde gerecht. Verder vertonen de feitelijke en/of juridische geschilpunten in de procedure met zaaknummer 341694 een zodanige samenhang met die in de onderhavige zaak dat consistentie van de uitspraken wenselijk is.

Nu de aangevoerde en niet weersproken gronden de incidentele vordering kunnen dragen, is de rechtbank van oordeel dat de deze kan worden toegewezen

Naar het oordeel van de rechtbank kan in het incident geen van partijen als de in het ongelijk gestelde partij worden beschouwd. Daarom zullen de proceskosten worden gecompenseerd in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

in de hoofdzaak

Als gevolg van de voeging plegen de gevoegde zaken te worden beslecht in één vonnis. Gelijktijdige afdoening verdient de voorkeur. De rechtbank acht op dit moment geen, althans onvoldoende termen aanwezig om de onderhavige zaak naar de parkeerrol te verwijzen. Op de vorderingen in beide procedures kan gelijktijdig worden beslist.

De rechtbank is er ambtshalve mee bekend dat deze zaak is verwezen naar de rol van woensdag 17 september 2025 voor conclusie van antwoord aan de zijde van [gedaagde in het incident, gedaagde in de hoofdzaak] , op welk roldatum ook de verhinderdata van partijen kunnen worden opgegeven. In afwachting daarvan zal iedere verdere beslissing worden aangehouden.

4. De beslissing

De rechtbank

in het incident

voegt de hoofdzaak met de bij deze rechtbank aanhangige zaak met zaaknummer / rolnummer 341694 HA ZA 25-205,

compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,

in de hoofdzaak

verstaat dat de zaak is verwezen naar de rol van 17 september 2025 voor conclusie van antwoord aan de zijde van [gedaagde in het incident, gedaagde in de hoofdzaak]

verwijst de zaak naar de rol van eveneens 17 september 2025 voor opgave van verhinderdata aan de zijde van beide partijen over de periode december 2025 tot en met juni 2026,

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. B.R.M. de Bruijn en in het openbaar uitgesproken op

3 september 2025.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?