RECHTBANK Limburg
Civiel recht
Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: C/03/338355 / HA ZA 25-48
Vonnis van 8 oktober 2025
in de zaak van
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] ,
te [woonplaats 1] ,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] ,
advocaat: mr. R.L.G.J. Eikelboom,
tegen
[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] ,
te [woonplaats 2] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] ,
advocaat: mr. J.W.J. Schoonbrood.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding met producties 1 tot en met 11,- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie met producties 1 tot en met 19,
- de conclusie van antwoord in reconventie met producties 12 tot en met 25,- de brief waarin is meegedeeld dat een mondelinge behandeling is bepaald,
- het bericht van 3 juni 2025 met producties 20 tot en met 32 van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] ,- de akte houdende nadere producties met producties 26 tot en met 30 van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] ,
- de mondelinge behandeling van 7 juli 2025,
- de bij gelegenheid van de mondelinge behandeling door mr. Eikelboom voorgedragen spreekaantekeningen,- de brief namens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] van 15 juli 2025, waarop is geantwoord door de griffier bij brief van 15 juli 2025,- de brief namens [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] van 18 juli 2025, waarop is geantwoord door de griffier bij brief van 18 augustus 2025.
Na afloop van de mondelinge behandeling is vonnis bepaald.
2. De feiten
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] zijn zussen. Samen met hun broer [naam broer] zijn zij de kinderen van [erflater] (hierna: vader) en [erflaatster] (hierna: moeder). Vader is overleden op [overlijdensdatum 1] 2013 en moeder is overleden op [overlijdensdatum 2] 2021.
Vader en moeder hebben op 28 juni 2007 testamenten opgemaakt waarin onder meer is opgenomen dat zij elkaar als enig erfgenaam benoemen. Na overlijden van vader of moeder, zijn de kinderen voor gelijke delen als erfgenamen van de langstlevende benoemd. Verder is in de testamenten een zogenoemde tweetrapsmaking opgenomen, inhoudende dat de verkrijging door de langstlevende voorwaardelijk is, in die zin dat wat door de langstlevende als erfgenaam van de ander is verkregen maar onverteerd is gebleven bij diens overlijden voor gelijke delen ten deel zal vallen aan de kinderen.
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] en [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] hebben de nalatenschap van moeder zuiver aanvaard. [naam broer] heeft de nalatenschap van moeder verworpen.
Partijen zijn in overleg getreden over de afwikkeling van de nalatenschap van moeder, maar hebben daarover geen overeenstemming bereikt.
3. Het geschil
in conventie
Samengevat vordert [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] dat de rechtbank:
I. bepaalt dat de verdeling van de nalatenschap zal geschieden conform het voorstel van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] zoals opgenomen in het door haar als productie 11 overgelegde overzicht en in dat kader een overbedelingsvordering van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] op [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] vaststelt van € 76.401,55 en te bepalen dat [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] dit bedrag, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf de sterfdag van moeder, moet voldoen binnen veertien dagen na het wijzen van het vonnis,
II. bepaalt dat de woningen die tot de nalatenschap behoren worden verkocht door een door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] aan te wijzen makelaar en dat de netto verkoopopbrengst, na betaling door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] van het bedrag van € 76.401,55, gelijkelijk tussen partijen wordt verdeeld.
III. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] op straffe van een dwangsom veroordeelt om haar medewerking te verlenen aan de verkoop van de tot de nalatenschap behorende woningen, waarbij een minimumprijs ter hoogte van de laatst bekende WOZ-waarde moet worden aangehouden,
alsmede te bepalen dat, als [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] deze medewerking niet verleent, [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] wordt aangewezen om als vertegenwoordiger van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] de rechtshandelingen te verrichten waartoe [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] verplicht is en die gericht zijn op de verkoop en levering van de woningen,
alsmede te bepalen dat het vonnis in de plaats treedt van de medewerking van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] als zij die medewerking onthoudt,
IV. een notaris benoemt ten overstaan van wie de notariële werkzaamheden ten aanzien van de verdeling zullen plaatsvinden,
V. bepaalt dat de notaris zijn kosten ten laste kan brengen van de gemeenschap.
[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] voert verweer. Zij concludeert tot afwijzing van vorderingen I, II en III en tot toewijzing van vorderingen IV en V, met veroordeling van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] in de kosten van deze procedure.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
in reconventie
[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] vordert - samengevat – dat de rechtbank:
1. een taxateur benoemt die de marktwaarde van de woningen tussen partijen bindend vaststelt en bepaalt dat het deel van de taxatiekosten van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] door de Staat wordt betaald omdat [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] met een toevoeging gefinancierde rechtsbijstand procedeert,
2. een makelaar benoemt aan wie de opdracht wordt verstrekt tot verkoop van de woningen,
3. bepaalt dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] op straffe van een dwangsom wordt veroordeeld om mee te werken aan de verdeling van de nalatenschap,
4. de verdeling van de nalatenschap zelf vaststelt althans de wijze van verdeling gelast,
5. een onzijdig persoon benoemt om [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] , voor zover zij onwillig is, te vertegenwoordigen bij de werkzaamheden tot verdeling van de nalatenschap,
6. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] op straffe van een dwangsom veroordeelt om mee te werken aan de onderhandse, althans openbare, verkoop van de woningen,
7. bepaalt dat de akte van scheiding en deling zal worden opgemaakt en verleden door resp. ten overstaan van de te benoemen notaris, met inachtneming van het vonnis,
8. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] op straffe van een dwangsom veroordeelt om mee te werken aan het passeren van voormelde akte,
9. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] veroordeelt in de proceskosten, waaronder de nakosten, de deskundigenkosten, de kosten van de notaris, de kosten van de onzijdige persoon en de kosten van de makelaar.
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] voert verweer. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] , dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] in de kosten van deze procedure.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
4. De beoordeling in conventie en in reconventie
Vanwege de verwevenheid van de vorderingen in conventie en reconventie zullen deze gezamenlijk worden besproken.
De positie van [naam broer]
Onderwerp van deze procedure is de verdeling van de nalatenschap van moeder. [naam broer] is geen erfgenaam van moeder, omdat hij haar nalatenschap heeft verworpen. Partijen zijn in hun processtukken voor wat betreft de omvang van de nalatenschap van moeder uitgegaan van het vermogen dat aanwezig was bij haar overlijden. Voor zover dat vermogen was opgebouwd met wat moeder heeft verkregen uit de nalatenschap van vader en (dus) onverteerd was gebleven, had [naam broer] als erfgenaam van vader nog een aanspraak (zie 2.2.). Tussen partijen staat vast dat [naam broer] na het overlijden van moeder uit een effectenrekening bij Saxobank op naam van moeder een uitkering heeft ontvangen van in totaal € 83.993,64. Partijen hebben tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat deze betaling heeft gestrekt tot voldoening van de rechten van [naam broer] op grond van de nalatenschap van vader. Dit betekent dat er in deze procedure van uit wordt gegaan dat het na de betaling aan [naam broer] resterende vermogen aanwezig ten tijde van het overlijden van moeder behoort tot alleen haar nalatenschap en geen rekening meer hoeft te worden gehouden met een aanspraak van [naam broer] .
Onroerend goed
Tot de nalatenschap behoren de woningen met ondergrond en verdere aanhorigheden, gelegen aan de:
- [adres 1] te [plaats] , en
- [adres 2] te [plaats] .
De woning aan de [adres 2] wordt verhuurd. Na het overlijden van moeder int [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] de huur, die € 675,00 per maand bedraagt.
Beide partijen wensen dat het onroerend goed wordt verdeeld doordat het wordt verkocht aan een derde, waarna de netto opbrengst in beginsel aan ieder van partijen voor de helft toekomt. Partijen verwijten elkaar dat zij voorafgaand aan de procedure daaraan geen medewerking hebben verleend. Daarom hebben zij over en weer vorderingen ingesteld die ertoe strekken dat deze medewerking alsnog plaatsvindt of niet meer nodig is.
Tijdens de mondelinge behandeling zijn partijen overeengekomen dat het onroerend goed wordt verkocht met behulp van verkoopmakelaar ‘ [naam makelaars] ’ te [vestigingsplaats] . Deze afspraak zal in de beslissing van de rechtbank worden verwerkt. Vorderingen die zien op het door een van partijen of de rechtbank aanwijzen van een makelaar, zijn daarmee in beginsel achterhaald. Voor het geval de door partijen gekozen makelaar geen overeenkomst met partijen (meer) wil aangaan, zal een voorziening worden getroffen. Er is geen aanleiding om alsdan een van partijen daarover alleen te laten beslissen en de rechtbank vindt het ook niet passend om dit voor partijen te bepalen (zoals [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] kennelijk voorstaat). Er zal een andere voorziening worden getroffen (in de hoop dat deze niet nodig blijkt).
[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft gevorderd dat de rechtbank een taxateur benoemt voor het vaststellen van de marktwaarde van het onroerend goed. Nu de verdeling middels verkoop plaatsvindt is dat niet nodig. De marktwaarde wordt vastgesteld doordat het onroerend goed daadwerkelijk in de markt wordt gezet. Daar voegt een taxatie niets aan toe. Deze vordering van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] wordt dus afgewezen. Wel zal de rechtbank bepalen dat partijen zich moeten voegen naar de adviezen van de verkopend makelaar over onder andere de vraag- en laatprijs.
Omdat de kwestie van de verkopend makelaar is opgelost, ziet de rechtbank geen redenen om aan te nemen dat verdere uitvoering van de door beide partijen gewenste verdeling middels verkoop gezekerd zou moeten worden door dwangsommen op te leggen of een van partijen de ander te laten vertegenwoordigen of dit vonnis in de plaats te laten treden van wilsverklaringen.
Niet in geschil is dat de netto verkoopopbrengst van het onroerend goed aan ieder van partijen voor een gelijk deel toekomt, zodat ook dat in de beslissing zal worden verwerkt. Partijen wensen dat in de beslissing over de verdeling van de verkoopopbrengst wordt meegenomen dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] vanaf december 2021 de huur van de woning aan de [adres 2] int. Hoewel het daarbij niet gaat om een te verdelen goed maar om de vruchten van zo’n goed, zal dit, conform de wens van partijen, in de beslissing worden verwerkt. In het verlengde daarvan heeft [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] gesteld dat daarbij ook rekening moet worden gehouden met de door haar ten behoeve van het onroerend goed betaalde eigenaarslasten die zij – tot aan de dagvaarding – stelt op € 12.109,44. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] verzet zich niet tegen een verrekening als zodanig, maar betwist de omvang van het door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] gestelde bedrag, stellende dat het door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] in dat kader gepresenteerde overzicht niet of onvoldoende aantoont dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] een dergelijk bedrag ten behoeve van het onroerend goed heeft voldaan. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] stelt op haar beurt ook lasten te hebben betaald, die zij kennelijk ook in een verrekening wil betrekken. Daar heeft [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] zich niet tegen verzet.
Aan de hand van de door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] overgelegde stukken kan worden vastgesteld dat de door haar bedoelde kosten zien op:
- verzekeringen,
- kosten energie,
- kosten water,
- BsGW,
- werkzaamheden ter zake van het riool/de beerput van de woning aan de [adres 2] .
[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft niet betwist dat zij dergelijke kosten mede moet dragen. Ten aanzien van de beerput heeft zij weliswaar gesteld dat de kosten voor rekening moet komen [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] omdat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] de huur int, maar omdat [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] haar deel van de huur via de verrekening zal ontvangen, is dat argument – wat door ook van zij – komen te vervallen. De rechtbank zal op hierna te melden wijze in de beslissing verwerken dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] de door haar betaalde kosten mag verrekenen. Gezien het verweer van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] staat niet vast wat de precieze omvang daarvan is. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] zal de bewijstukken van alle lasten en de betaling daarvan moeten aanleveren. Daaronder vallen de afrekennota’s van de energie en het water. De beslissing zal alleen zien op de hiervoor vermelde kosten, omdat in deze procedure van geen andere kosten is gebleken. Mochten er tot aan levering van de woningen toch nog andere gezamenlijk te dragen kosten opkomen, zullen partijen daarover nader in overleg moeten treden. Omdat de draagplicht voor kosten geen kwestie van verdeling is, raakt dat niet aan de beslissing over de verdeling en doet het dus niet af aan het feit dat met dit vonnis de (wijze van) verdeling van de gehele nalatenschap wordt bepaald.
De kosten die [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] in de verrekening wenst te betrekken zien op:
- de in haar opdracht uitgevoerde taxaties van het onroerend goed,
- kosten water,
- BsGW.
Zonder verdere toelichting, die ontbreekt, valt niet in te zien waarom de kosten van de taxaties voor rekening van beide partijen zouden moeten komen. Niet is gesteld dat partijen gezamenlijk besloten hebben tot het doen uitvoeren van de taxaties en evenmin is toegelicht waarom die taxaties nodig waren ten behoeve van het gewoon onderhoud of tot behoud van de woningen. Deze kosten zullen dus niet in de verrekening worden betrokken. Ten aanzien van de overige kosten geldt wat onder 4.8.1. is overwogen.
Banksaldi
Bij overlijden van moeder stond op een op haar naam staande effectenrekening met nummer 15482565 bij Saxobank een bedrag van € 271.252,12. Dit saldo is na het overlijden van moeder op een rekening ten name van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] gestort. Partijen stellen van elkaar dat de ander daarvoor zorg heeft gedragen, maar voor de beoordeling is het niet relevant wie dat deed. Vanuit het saldo is € 83.993,64 aan [naam broer] betaald (zie 4.2.), wat betekent dat tussen partijen nog € 187.258,48 te verdelen was, oftewel € 93.629,24 per persoon. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] keerde aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] € 53.129,14 uit, zodat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] nog € 40.500,10 dient te ontvangen. Omdat vaststaat dat [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] het saldo in beheer heeft gekregen, zal dit saldo aan haar worden toegedeeld, onder de verplichting om aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] € 40.500,10 te betalen in verband met overbedeling. [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] is in haar vordering uitgegaan van een ander bedrag, maar daarbij is onder meer geen rekening gehouden met de betalingen aan [naam broer] terwijl inmiddels vaststaat dat deze ten laste komen van de nalatenschap, althans dat deze gelden van de nalatenschap n geen deel uitmaakten. De door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] gevorderde wettelijke rente vanaf de sterfdatum van moeder wordt afgewezen. Het verzuim is immers niet ingetreden met het overlijden van moeder. Bovendien maakt [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] blijkens haar vordering II eerst aanspraak op betaling van de overbedelingsvordering bij gelegenheid van de verdeling van verkoopopbrengst van de woning. Er zal daarom over de periode ervoor geen rente kunnen worden toegewezen. Omdat [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] zich niet heeft verzet tegen de betaling van de overbedelingsschuld via de verdeling van de opbrengst van de woningen, zal dat in de beslissing worden opgenomen. Mocht deze opbrengst niet voldoende zijn om de vordering te voldoen, zal over het niet aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] uitbetaalde deel de wettelijke rente verschuldigd zijn vanaf de vijftiende dag na de dag van de ontvangst van de koopprijs van de laatst overgedragen woning, zijnde de dag van levering van de laatst overgedragen woning aan een derde.
Bij overlijden van moeder stond op een op haar naam staande betaalrekening bij Regiobank met nummer [rekeningnummer 1] een bedrag van € 12.603,98. Op een spaarrekening bij Regiobank met nummer [rekeningnummer 2] stond een bedrag van
€ 6.051,46. Na overlijden van moeder is € 6.050,00 overgeboekt van de spaarrekening naar de betaalrekening. Eveneens na het overlijden van moeder zijn bedragen van € 19.368,00 en
€ 1.400,00 overgemaakt van de betaalrekening naar een rekening van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] , waarover hieronder meer. Namens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] is tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat er nog meer afboekingen hebben plaatsgevonden van de Regiobank-rekeningen, maar dat niet duidelijk is wie daarvoor verantwoordelijk was. De omvang van die boekingen is niet geduid. Al met al kan niet worden vastgesteld wat er nog resteert van het saldo op de beide Regiobank-bankrekeningen. Omdat alleen verdeeld kan worden wat er nog is, zal daarom in de beslissing geen concreet bedrag genoemd kunnen worden. Partijen verschillen van mening over de vraag wie het beheer over de rekeningen heeft, overigens zonder dat zij beiden enig bewijs hebben bijgebracht van het beheer door de ander. Wat daar ook van zij, in ieder geval staat vast dat zij gezamenlijk gerechtigd zijn tot de saldi, zodat zij gezamenlijk de restant saldi gelijkelijk kunnen verdelen. Dat zal in de beslissing worden verwerkt.
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] stelt dat de aan haar overgeboekte bedragen van € 19.368,00 en € 1.400,00 conform afspraak tussen partijen zijn aangewend voor de betaling van de begrafeniskosten en andere schulden van de nalatenschap. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft zich niet concreet uitgelaten over de door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] gestelde afspraak, zodat de rechtbank het bestaan daarvan aanneemt. Wel betwist [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] dat de overgeboekte bedragen volledig zijn aangewend voor de schulden van de nalatenschap. Op zich terecht heeft [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] in dat kader gesteld dat van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] mag worden verwacht dat zij de aanwending van die bedragen deugdelijk verantwoordt. Volgens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] deed zij dat nog niet. Hoe dan ook; het betreft hier geen onderdeel van de verdeling van de nalatenschap maar (eventueel) een aanspraak van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] op [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] op grond van de aanwending van gezamenlijke gelden. Een vordering op dat punt is door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] niet ingesteld, zodat de rechtbank er verder niet op ingaat.
Bij overlijden van moeder stond op een op haar naam staande betaalrekening bij Deutsche Postbank met nummer [rekeningnummer 3] een bedrag van € 2.246,79. Vervolgens is in totaal € 2.230,00 via geldautomaten van deze rekening opgenomen. Volgens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] dat gedaan, wat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] betwist. Tijdens de mondelinge behandeling is ook ten aanzien van deze rekening gesteld dat daarvan na overlijden van moeder afboekingen hebben plaatsgevonden, maar dat niet duidelijk is wie daarvoor verantwoordelijk was. Net als ten aanzien van de Regiobank-rekeningen geldt dus ten aanzien van de Deutsche Postbank-rekening dat onduidelijk is wat er nog te verdelen is, zodat de beslissing ten aanzien van deze rekening gelijk zal luiden aan die ten aanzien van de Regiobank-rekeningen.
Nog afgezien van het feit dat namens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] tijdens de mondelinge behandeling is verklaard dat zij de gestelde contante opnames door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] vanaf de Deutsche Postbank-rekening niet zal kunnen aantonen, heeft te gelden dat een eventuele aanspraak ter zake van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] op [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] geen deel uitmaakt van het geschil in deze procedure. Het betreft immers geen verdelingskwestie.
Overboekingen van bankrekeningen moeder vóór overlijden
[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] stelt dat aan [naam broer] voorafgaand aan het overlijden van moeder € 29.000,00 is uitgekeerd en dat dit heeft geleid tot een aanspraak van de nalatenschap. Dat is echter niet verder uitgewerkt terwijl het niet vanzelf spreekt. Aan het standpunt van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] wordt dus voorbij gegaan.
Verder wijst [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] op overboekingen vanaf de bankrekening van moeder naar de rekening van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] . Het betreft allereerst een aantal boekingen uit 2015 met betalingsomschrijvingen die wijzen op schenkingen aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] of (een van) haar kinderen en een uitbetaling in verband met de nalatenschap vader. Daarnaast gaat het om een overboeking van € 1.500,00 op 29 oktober 2021, dus kort voor het overlijden van moeder. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] stelt dat deze betalingen ‘moeten worden ingebracht in de nalatenschap’ en ‘in de verdeling moeten worden betrokken’ omdat ‘deze hebben te gelden als voorschot op het moedersdeel’. Ook is gesteld dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] door (een deel van) de overboekingen is verrijkt zonder grondslag.
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] heeft gesteld dat de overboekingen in 2015 schenkingen aan haar en haar kinderen betroffen. De overboeking van € 1.500,00 had er volgens [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] mee te maken dat zij in Amerika was toen het niet goed ging met moeder. Moeder zou het bedrag aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] hebben overgemaakt ten behoeve van de terugvlucht
De rechtbank stelt voorop dat moeder bij leven vanzelfsprekend volledig vrij was om haar geld aan te wenden zoals zij dat wilde. Als tegenover de betalingen geen prestatie van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] (of de desbetreffende familieleden) heeft gestaan of daartoe een andere voordien bestaande rechtsplicht bestond, betrof het schenkingen (zoals deels ook expliciet vermeld bij de overboekingen). Daarmee waren het geen betalingen die zonder rechtsgrond zijn verricht. Was er wel een voordien bestaande verplichting tot betaling, geldt natuurlijk hetzelfde. Het enkele feit dat moeder uitkeringen aan (familieleden van) [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] heeft gedaan, leidt dus op zichzelf niet tot een verplichting tot terugbetaling aan moeder en dus ook niet aan de nalatenschap. Waarom dat hier anders zou zijn, heeft [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] niet toegelicht. Voor zover [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] bedoeld heeft te stellen dat giften zouden moeten worden ingebracht, merkt de rechtbank op dat uit wet noch testament volgt dat er een inbrengplicht bestaat. De overboekingen spelen dus geen rol in de afwikkeling van de nalatenschap van moeder.
[gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft gesteld dat [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] kort voor het overlijden van moeder – in de periode van 2 tot en met 6 november 2021 – ten laste van de betaalrekening bij Regiobank met de bankpas van moeder in totaal € 4.000,00 heeft opgenomen bij geldautomaten. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] heeft dit in de dagvaarding gesteld maar daar geen rechtsgevolg aan gekoppeld. De rechtbank neemt aan dat zij heeft bedoeld te stellen dat deze opnames zonder instemming van moeder hebben plaatsgevonden, om die reden aan de nalatenschap moeten worden terugbetaald en dat tot de nalatenschap dus een vordering op [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] daartoe behoort.
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] heeft betwist dat zij de opnames heeft gedaan. Zij stelt niet over de bankpas van moeder te hebben beschikt. Volgens [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] beschikte [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] over de bankpas. Tijdens de mondelinge behandeling is namens [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] verklaard dat zij de betrokkenheid van [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] bij de bankopnames niet kan bewijzen en dat deze dus niet in de verdeling hoeven te worden betrokken. Gelet daarop zal de aanvankelijke stelling van [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] niet verder worden beoordeeld, wat er ook van zij.
Tot slot
[eiseres in conventie, verweerster in reconventie] heeft gevorderd dat de rechtbank de notaris aanwijst ten overstaan van wie de notariële werkzaamheden ten aanzien van de verdeling zullen plaatsvinden en dat diens kosten voor rekening komen van de nalatenschap. [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] is het daar mee eens. Partijen hebben echter niet toegelicht welke rol er in dit kader is neergelegd voor een notaris, terwijl dat ook niet vanzelf spreekt. Omdat de rechtbank de wijze van verdeling uitspreekt, is de regeling van artikel 677 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering niet van toepassing. Bij de overdracht van het onroerend goed aan een derde is weliswaar een notaris nodig, maar welke dat wordt, kan uiteraard niet in dit vonnis worden beslist. Dat zal in samenspraak met de koper moeten worden geregeld. De vordering wordt dus afgewezen, wat onverlet laat dat partijen ieder voor een gelijk deel moeten opkomen voor eventuele kosten die wel ten behoeve van de afwikkeling van de verdeling van de nalatenschap moeten worden gemaakt. Dat zal in het dictum worden opgenomen.
Er zijn nog verschillende andere onderwerpen door partijen besproken, maar die houden alle geen verband met de ingestelde vorderingen. Daarom worden deze onderwerpen in dit vonnis niet besproken.
Gelet op de relatie tussen partijen zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
5. De beslissing
De rechtbank
in conventie en in reconventie
Stelt de wijze van verdeling van de hierna te vermelden woningen alsmede de verrekening van de aan de na te melden woningen verbonden opbrengsten en kosten vast als volgt:
Woningen, opbrengsten en kosten
I. De woningen met ondergrond en verdere toebehoren aan de [adres 1] te [plaats] en de [adres 2] te [plaats] (verder: ‘de woningen) worden verkocht aan (een) derde(n),2. uit de verkoopopbrengst worden allereerst de kosten voor verkoop en overdracht voldaan, waaronder in ieder geval de kosten van de in te schakelen verkoopmakelaar,3a. van wat na voldoening van de kosten voor verkoop en overdracht van de verkoopsom resteert, komt aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] toe:
- de helft,
- vermeerderd met de helft van de door haar ten behoeve van de woningen betaalde kosten tot aan levering (zie 4.8.1.) en met € 40.500,10 (zie 4.9.), en
- verminderd met de helft van de door [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] ten behoeve van de woningen betaalde kosten tot aan levering (zie 4.8.2.) en met de helft van de door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] vanaf december 2021 tot aan levering geïnde huur van het pand aan de [adres 2] te Vaals (zie 4.8.),
3b. van wat na voldoening van de kosten voor verkoop en overdracht van de verkoopsom resteert, komt aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] toe:
- de helft,
- vermeerderd met de helft van de door haar ten behoeve van de woningen betaalde kosten tot aan levering (zie 4.8.2.) en met de helft van de door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] vanaf december 2021 tot aan levering geïnde huur van het pand aan de [adres 2] te Vaals (zie 4.8.), en
- verminderd met de helft van de door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] behoeve van de woningen betaalde kosten tot aan levering (zie 4.8.1.) en met € 40.500,10 (zie 4.9.),
II. 1. partijen dienen binnen twee weken na heden aan makelaar ‘ [naam makelaars] ’ te [vestigingsplaats] opdracht te geven voor bemiddeling bij de verkoop van de woningen,
2. indien de onder II.1 vermelde makelaar niet bereid is met partijen een bemiddelingsovereenkomst te sluiten, dient:
- [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] ten minste drie verkoopmakelaars aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] voor te stellen, alle aangesloten bij NVM, VastgoedPRO of VBO en met een vestiging binnen een straal van twintig km van de woningen,
- van de door [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] voorgestelde makelaars kiest [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] er binnen een week daarna een; als [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] binnen deze termijn niet kiest, kiest [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] ,
- aan de op deze manier gekozen makelaar moeten partijen vervolgens binnen een week na de keuze gezamenlijk opdracht te geven voor bemiddeling bij de verkoop van de woningen;
3. partijen dienen alle benodigde medewerking te verlenen aan de uitvoering van de bemiddelingsovereenkomst door de makelaar, onder andere door mee te werken aan bezichtigingen van de woningen door potentiële kopers, het meewerken aan redelijke verzoeken van de makelaar en het opvolgen van redelijke adviezen van de makelaar,4. ten aanzien van de minimaal te behalen verkoopprijs en realistische vraagprijs sluiten partijen zich aan bij het advies van de makelaar; ook ten aanzien van de bijstelling daarvan als dat door de makelaar nodig wordt geacht,III.partijen zijn gehouden medewerking te verlenen aan verkoop en levering van de woning indien een potentiële koper bereid is een naar de mening van de makelaar acceptabele koopprijs te betalen en een koopovereenkomst te sluiten onder overigens gebruikelijke condities;
Stelt de verdeling van de nalatenschap van moeder voor het overige vast als volgt:
Effectenrekening
I.
deelt het saldo van de effectenrekening bij Saxobank toe aan [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] ,
II.
veroordeelt [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] wegens overbedeling tot betaling aan [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] van € 40.500,10 en verstaat dat deze vordering in beginsel wordt voldaan middels de verdeling van de verkoopopbrengst van de woningen als bedoeld in 5.1. onder I en bepaalt dat indien de vordering niet (volledig) aldus wordt voldaan, [gedaagde in conventie, eiseres in reconventie] over het niet betaalde deel de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW verschuldigd is met ingang van de vijftiende dag na de dag van levering van de laatst overgedragen woning aan een derde,
Banksaldi Regiobank en Deutsche Postbank
deelt aan ieder van partijen toe de helft van de thans nog aanwezige saldi op de betaalrekening bij Regiobank met nummer [rekeningnummer 1] en de spaarrekening bij Regiobank met nummer [rekeningnummer 2] en de betaalrekening bij Deutsche Postbank met nummer [rekeningnummer 3] ,
bepaalt dat partijen elk gehouden zijn om de helft van de kosten, verbonden aan de uitvoering van voormelde (wijze van) verdeling, te dragen,
compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
verklaart dit vonnis wat betreft de onder 5.1. en 5.2. genoemde beslissingen uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. B.R.M. de Bruijn en in het openbaar uitgesproken op 8 oktober 2025.