ECLI:NL:RBLIM:2026:1350

ECLI:NL:RBLIM:2026:1350

Instantie Rechtbank Limburg
Datum uitspraak 09-02-2026
Datum publicatie 09-02-2026
Zaaknummer 03.194579.23
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Roermond

Samenvatting

Een voorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden voor het medeplegen van het opzettelijk aanwezig hebben van MDMA en amfetamine. Vrijspraak voor medeplegen van voorbereidingshandelingen verrichten voor het opzettelijk vervaardigen van amfetamine en MDMA en het medeplegen van opzettelijk aanwezig hebben van hasj en hennep.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Roermond

Strafrecht

Parketnummer : 03.194579.23

Tegenspraak

Vonnis van de meervoudige kamer van 9 februari 2026

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboortegegevens] 1986,

wonende te [adres 1] .

De verdachte wordt bijgestaan door mr. L.M.E. Kleczewski, advocaat kantoorhoudende te Venlo.

1. Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 26 januari 2026. De verdachte en haar raadsvrouw zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.

Deze zaak is gelijktijdig, maar niet gevoegd behandeld met de strafzaak tegen medeverdachte [medeverdachte] met het parketnummer 03.194560.23.

2. De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte op 3 augustus 2023 tezamen en in verenging:

Feit 1: voorbereidingshandelingen heeft gepleegd voor het opzettelijk vervaardigen van amfetamine en MDMA;

Feit 2: 984,35 gram MDMA, 1.235,13 gram amfetamine, 112,45 gram LSD en een hoeveelheid 4-CMC opzettelijk aanwezig heeft gehad;

Feit 3: 99,6 gram hasj en 12 gram hennep opzettelijk aanwezig heeft gehad.

3. De beoordeling van het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte ten aanzien van feit 1 vrijgesproken dient te worden. Het dossier bevat onvoldoende bewijs dat sprake is van een nauwe en bewuste samenwerking met de medeverdachte [medeverdachte] .

De officier van justitie acht het samen met [medeverdachte] opzettelijk aanwezig hebben van MDMA en amfetamine wettig en overtuigend bewezen. De medeverdachte heeft erkend dat de drugs van hem waren en uit de berichten van de telefoon van de verdachte volgt dat zij wist dat er verdovende middelen in de woning lagen. Voorts is het de woning van de verdachte waar de verdovende middelen zijn aangetroffen. Voor het aanwezig hebben van LSD en 4-CMC bevat het dossier onvoldoende bewijs. Daarvan dient de verdachte vrijgesproken te worden.

De verdachte dient eveneens vrijgesproken te worden voor feit 3. De aangetroffen middelen zijn niet indicatief getest waardoor niet vastgesteld kan worden dat de verdachte hasj en hennep aanwezig heeft gehad.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte van alle feiten vrijgesproken dient te worden. Ten aanzien van feit 1 en feit 2 heeft de verdediging aangevoerd dat als uitgangspunt dient te gelden dat de verklaring van verdachte betrouwbaar is en dat zij geen wetenschap had van de verdovende middelen. Het was ook het huis van de medeverdachte wat betekent dat de verantwoordelijkheid niet alleen bij de verdachte ligt. Zij had wetenschap noch opzet. Zij was alleen op de hoogte van designerdrugs. Uit het dossier blijkt onvoldoende van betrokkenheid van de verdachte bij de ten laste gelegde feiten. Daarnaast lagen de goederen niet open en bloot op plekken waar de verdachte ze wel had moeten zien.

Ten aanzien van feit 3 heeft de verdediging zich primair op het standpunt gesteld dat de aangetroffen middelen niet getest of herkend zijn. Subsidiair heeft de verdediging zich op het standpunt gesteld dat de verdachte geen wetenschap had van de aanwezigheid van de aangetroffen middelen waardoor de verdachte daarvan dient te worden vrijgesproken.

Het oordeel van de rechtbank

De bewijsmiddelen ten aanzien van feit 2

In het proces-verbaal van bevindingen (doorzoeking), het proces-verbaal van bevindingen (hervatting doorzoeking), het proces-verbaal van onderzoek verdovende middelen en de rapporten van het NFI staat zakelijk weergegeven het volgende gerelateerd:

Doorzoeking woning, [adres 2] (de rechtbank begrijpt nummer [huisnummer] ) te [woonplaats 1] .

Op donderdag 3 augustus 2023 om 20.54 uur voerden wij, verbalisanten, een doorzoeking uit in de woning, gelegen aan de [adres 2] .

Deze doorzoeking werd uitgevoerd naar aanleiding van het aantreffen van een

productielocatie, van vermoedelijk verdovende middelen, gelegen in de schuur van de woning. [adres 2] .

Eerste verdieping laag 2:

Deze laag betreft de woonlaag van de woning. Op deze laag is de keuken, woonkamer en toilet gelegen.

Goed 1:

Goednummer: 1628031

Zak met pillen. Paars van kleur.

Deze zak met pillen werd aangetroffen in de buffetkast.

SIN AAQX2930NL

Gewicht netto: 228,21 gram

Monster E > SIN AAQR7619NL > Positief voor MDMA

Goed 6:

Goednummer: 1628039

Zak met pillen, vermoedelijk XTC, kleur paars.

Op de kast, buffetkast, werd een plastic zak van het merk JD aangetroffen.

SIN AAQX2928NL

Gewicht netto: 231,20 gram

Monster C > SIN AAQR7617NL > Positief voor MDMA

Goed 9:

Goednummer: 1628047

Zak met pillen, paarse pillen, bruto gewicht van 75 gram, vermoedelijk xtc tabletten.

Op de kast, buffetkast, werd een plastic tas aangetroffen van de supermarkt. Action.

SIN AAQX2929NL

Gewicht netto: 67,09 gram

Monster D > SIN AAQR7618NL > Positief voor MDMA

Goed 10:

Goednummer: 1628049

Kristalachtige brok, crème kleurig, vermoedelijk amfetamine.

Op de kast, buffetkast, werd een plastic tas aangetroffen van de supermarkt. Action.

SIN AAQX2927NL

Gewicht netto: 355,55 gram

Monster B > SIN AAQR7616NL > Positief voor MDMA

Kelder laag 4:

Goed 4:

Goednummer 1628065

Opslagdoos voorzien van roze pasta. Vermoedelijk verdovende middelen

SIN AAQX2916NL

Gewicht bruto: 1235,13 gram

Monster A > SIN AAQR7615NL > Positief voor amfetamine en/of metamfetamine

Goednummer: 1628246

Circa 30 XTC tabletten.

Liggend op een rek in een geelkleurige Jumbotas.

SIN AAQX2931NL

Gewicht netto: 102,30 gram

Monster F > SIN AAQR7622NL > Positief voor MDMA

In het proces-verbaal van bevindingen staat zakelijk weergegeven het volgende gerelateerd:

Ik ontving van collega [naam 1] , werkzaam binnen de Districtsrecherche Noord- en Midden-Limburg, het verzoek om de inhoud van een in beslag genomen telefoon te bekijken. Ik hoorde collega [naam 1] zeggen dat dit een Samsung Galaxy S22 Ultra betrof welke het bezit was van verdachte [verdachte] .

Ik las een chat met een contact genaamd ' [naam 2] '. Dit gesprek was in de Engelse taal. Ik ben de Engelse taal goed machtig. Ik las daarin, onder andere, het volgende:

- ' [naam 2] ' zegt op 24 juni 2021, om 09.11 uur: "One more thing.... Make

sure that everything that has to do with drugs is out of sight. Do it in the basement

or something. When the baby is born you can't have stuff like that in the house. Not

saying it is you. But you definitely need to make him aware of the dangers";

- [verdachte] zegt daarop op 24 juni 2021, om 09.12 uur en 09.13 uur: "There's to

be no drugs in the house after the baby is born", "That was the deal we had", "His

mum will check the house while we are in hospital", "Can't take any risks especially

when the nurse is here" en "I said he can do what he wants till then. But the basement isn't an option either because the washing machine and fridge is down

there".

Ik las een chat met een contact genaamd ' [naam 3] '. Dit gesprek was in de Engelse taal. Ik zag daarin, onder andere, dat [verdachte] een nieuwsbericht deelt op de website

https://www.dailyrecord.co.uk/news/scottish-news/two-dutchmen-caught-producing-55m-8685669 en dat [verdachte] zegt "Yeah he is banned from the UK for life.."

De medeverdachte [medeverdachte] heeft bij de politie zakelijk weergegeven het volgende verklaard:

Ik ben woonachtig op de [adres 2] en woon daar samen met mijn vriendin en de kleine. Mijn vriendin komt af en toe in de kelder om de was te doen. Alle aangetroffen goederen in de woonkamer en in de kelder zijn van mij.

[verdachte] wist inderdaad dat er het een en ander stond in de kelder.

De verdachte heeft ter terechtzitting zakelijk weergegeven het volgende verklaard:

Het klopt dat ik in de woning op de [adres 2] woonde samen met [medeverdachte] en ons zoontje. Ik had toegang tot alle ruimtes.

Ik wist dat er iets in de kast in de woonkamer lag. Dat heb ik ook aan de politie verteld. Ik wist dat daar cocaïne lag. Ik heb er verder niet naar gevraagd, omdat ik het niet wilde weten.

Ik ging alleen maar naar de kelder om de was te doen.

Het klopt dat ik wist dat [medeverdachte] een verleden heeft in verdovende middelen.

De bewijsoverweging t.a.v. feit 2

Aan de hand van bovenstaande bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat de verdachte samen met de medeverdachte [medeverdachte] 984,35 gram MDMA en 1.235,13 gram amfetamine opzettelijk aanwezig had in hun woning. Zij woonden samen in de woning waar de drugs zijn aangetroffen. De drugs lagen onder andere in tassen, in de buffetkast, in de woonkamer en in de kelder waar beide verdachten toegang tot hadden en ook beide verdachten deze ruimtes betraden. De verdachte wist dat de medeverdachte een verleden had met Opiumwetfeiten en ook dat hij zich bezighield met, al dan niet legale, chemicaliën. Ook wist zij dat er verdovende middelen in huis aanwezig waren. De rechtbank is van oordeel dat de verdachte daarmee voorwaardelijk opzet heeft gehad op het aanwezig hebben van de MDMA en amfetamine. Daarmee acht de rechtbank wettelijk en overtuigend bewezen dat de verdachte samen met de medeverdachte [medeverdachte] de MDMA en amfetamine opzettelijk aanwezig heeft gehad in hun woning.

Wegens onvoldoende bewijs spreekt de rechtbank de verdachte partieel vrij van het opzettelijk aanwezig hebben van LSD en 4-CMC.

Vrijspraak van feit 1 en feit 3

De rechtbank is met de officier van justitie en de verdediging van oordeel dat het dossier onvoldoende bewijs bevat om vast te stellen dat de verdachte, al dan niet tezamen en in vereniging, voorbereidingshandelingen heeft verricht voor de productie van amfetamine en hasj en hennep opzettelijk aanwezig heeft gehad. De rechtbank acht derhalve niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de ten laste gelegde feiten 1 en 3 heeft gepleegd, zodat zij daarvan zal worden vrijgesproken.

De bewezenverklaring

De rechtbank acht bewezen dat de verdachte

Feit 2:

op 3 augustus 2023 te Tegelen tezamen en in vereniging met een ander opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer:

- 984,35 gram MDMA, en

- 1.235,13 gram amfetamine,

zijnde MDMA en amfetamine, telkens een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

4. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezenverklaarde levert het volgende strafbare feit op:

Feit 2: medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod, meermalen gepleegd

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

5. De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die haar strafbaarheid uitsluiten.

6. De straf

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd aan de verdachte een voorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden en een geldboete van 1.000,00 euro op te leggen.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft de rechtbank verzocht te volstaan met een voorwaardelijke gevangenisstraf. De financiële situatie van de verdachte is niet goed en een geldboete zou de verdachte alleen maar meer in de problemen brengen.

Het oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.

Samen met haar toenmalig partner, tevens medeverdachte, heeft de verdachte meer dan twee kilogram harddrugs aanwezig gehad in hun woning. Dat verdachte hier liever niet vanaf wilde weten maakt haar niet minder verantwoordelijk. De verdachte woonde in het huis samen met haar vriend en hun 2-jarig zoontje. Door deze drugs in de woning aanwezig te hebben, heeft de verdachte een gevaarlijke situatie voor haar nog jonge minderjarige kind in stand gehouden. De verdachte heeft de situatie voor lief genomen terwijl zij al geruime tijd daarvoor was gewaarschuwd en om haar moverende redenen toegestaan dat er verdovende middelen in de woning aanwezig waren.

Uit het strafblad van de verdachte d.d. 24 december 2025 volgt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten.

De rechtbank houdt in de strafoplegging rekening met het gegeven dat het feit al wat langere tijd geleden gepleegd is en dat de redelijke termijn is overschreden met ongeveer 6 maanden. Hoewel het een ernstig feit is en de verdachte al een lange tijd wist dat de medeverdachte zich bezighield met verdovende middelen, houdt de rechtbank ook rekening met het feit dat zij niet de initiator was en de gevolgen voor de verdachte. De verdachte heeft als gevolg van het tenlastegelegde haar woning verloren en heeft Nederland achter zich gelaten. De verdachte woont momenteel met hun zoontje bij haar vader in [woonplaats 2] . De verdachte werkt momenteel niet, zorgt voor haar vader en zoon en heeft het financieel niet breed.

Alles overwegende zal de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf van vijf maanden met een proeftijd van twee jaren aan de verdachte opleggen. De rechtbank ziet gezien de overschrijding van de redelijke termijn en de persoonlijke omstandigheden geen aanleiding om naast de voorwaardelijke gevangenisstraf aan de verdachte een geldboete op te leggen.

7. Het beslag

Tijdens het politieonderzoek is het navolgende goed in beslag genomen:

- 270,00 euro (G1628028).

De rechtbank gelast hiervan de teruggave aan de verdachte.

8. De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 47 en 57 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

9. De beslissing

Voorlopige hechtenis

De rechtbank:

Vrijspraak

- spreekt de verdachte vrij van de onder feit 1 en feit 3 ten laste gelegde;

Bewezenverklaring

Strafbaarheid

Straf

Beslag

- gelast de teruggave van het volgende in beslag genomen voorwerp aan de verdachte:

270,00 euro (G1628028);

- heft op het -geschorste- bevel tot voorlopige hechtenis.

Dit vonnis is gewezen door mr. I.T.H.L. van de Bergh, voorzitter, mr. M.J.H. van den Hombergh en mr. dr. W. Kieboom, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F.A.M. Tubée, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 9 februari 2026.

Buiten staat

Mr. dr. Kieboom is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.

BIJLAGE I: De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat

Feit 1:

zij op of omstreeks 3 augustus 2023 te Tegelen, gemeente Venlo tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden en/of te bevorderen,

te weten

- het opzettelijk binnen en/of buiten het grondgebied van Nederland brengen,

- het opzettelijk telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken en/of vervoeren, en/of

- het opzettelijk vervaardigen

van (een) hoeveelheid/hoeveelheden van een materiaal bevattende amfetamine en/of MDMA, zijnde amfetamine en/of MDMA, in elk geval een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I,

- een ander heeft getracht te bewegen om dat feit te plegen, te doen plegen, mede te

plegen en/of uit te lokken, om daarbij behulpzaam te zijn en/of om daartoe gelegenheid, middelen en/of inlichtingen te verschaffen,

- zich en/of een ander gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat feit heeft getracht te verschaffen,

- voorwerpen, vervoermiddelen, stoffen, gelden en/of andere betaalmiddelen voorhanden heeft gehad, waarvan zij, verdachte en/of haar mededader(s), wist(en) of ernstige reden had(den) om te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit,

door:

- een ruimte te laten gebruiken voor de productie van synthetische drugs en/of

- chemicaliën en/of grondstoffen, onder andere hypochloriet en/of 500 gram MAPA en/of 300 ml BMK en/of mierzuur en/of zoutzuur en/of zwavelzuur en/of hardware, onder andere ketel(s) en/of (druk)vaten en/of een gasstel en/of een destilleerglas voorhanden heeft gehad, waarvan verdachte en/of verdachtes mededader(s) wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden, dat dat/die bestemd was/waren tot het plegen van dat/die feit(en);

Feit 2:

zij op of omstreeks 3 augustus 2023 te Tegelen, gemeente Venlo tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer:

- 984,35 gram MDMA, in elk geval een hoeveelheid MDMA en/of

- 1.235,13 gram amfetamine, in elk geval een hoeveelheid amfetamine en/of

- 112,45 gram LSD, in elk geval een hoeveelheid LSD (Lysergide) en/of

- een hoeveelheid 4-CMC, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 4-CMC, zijnde MDMA en/of amfetamine en/of LSD (Lysergide) en/of 4-CMC, (telkens) een

middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen

krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;

Feit 3:

zij op of omstreeks 3 augustus 2023 te Tegelen, gemeente Venlo tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer:

- 99,6 gram hasj, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende hasjiesj

(een gebruikelijk vast mengsel van de afgescheiden hars verkregen van planten van

het geslacht Cannabis (hennep), met plantaardige elementen van deze planten) en/of

- 12 gram hennep, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende

hennep (elk deel van de plant van het geslacht Cannabis (hennep), waaraan de hars

niet is onttrokken, met uitzondering van de zaden), zijnde hennep en/of hasjiesj (een) middel(en) als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II.

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Roermond

Strafrecht

Parketnummer : 03.194579.23

Proces-verbaal van de openbare zitting van 9 februari 2026 in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboortegegevens] 1986,

wonende te [adres 1] .

Raadsvrouw is mr. L.M.E. Kleczewski, advocaat, kantoorhoudende te Venlo.

Tegenwoordig:

mr. , rechter,

mr. , officier van justitie,

, griffier.

De rechter doet de zaak uitroepen.

De verdachte is wel/niet in de zittingzaal aanwezig.

De rechter spreekt het vonnis uit en geeft kennis dat de verdachte daartegen binnen veertien dagen hoger beroep kan instellen.

Dit proces-verbaal is vastgesteld en ondertekend door de rechter en de griffier.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?