RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Maastricht
Strafrecht
Parketnummer : 03/083042-23
Tegenspraak
Vonnis van de meervoudige kamer van 10 februari 2026
in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] (Polen) op [geboortedag] 2002,
wonende te [adres 1] .
De verdachte wordt bijgestaan door mr. J.M. McKernan, advocaat kantoorhoudende te Sittard.
1. Onderzoek van de zaak
De zaak is inhoudelijk behandeld op de terechtzitting van 27 januari 2026. De verdachte en zijn raadsvrouw zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.
[benadeelde 1] , [benadeelde 2] , [benadeelde 3] en [benadeelde 4] hebben zich als benadeelde partij gevoegd in het strafproces. Zij zijn niet op zitting verschenen. De rechtbank heeft de vorderingen tot schadevergoeding behandeld.
Deze zaak is gelijktijdig, maar niet gevoegd, behandeld met de strafzaken tegen [medeverdachte 1] (parketnummer 03/088976-23) en [medeverdachte 2] (parketnummer 03/142819-23).
2. De tenlastelegging
De tenlastelegging – na wijziging – is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte, al dan niet met een of meer anderen:
Feit 1: op 8 maart 2023 van [naam 1] een portemonnee en een juwelendoos heeft gestolen;
Feit 2: op 20 februari 2023 heeft geprobeerd om [naam 2] op te lichten door zich voor te doen als bankmedewerker om zo de pinpas en pincode van [naam 2] te verkrijgen;
Feit 3: op 20 februari 2023 van [naam 3] een juwelenkistje heeft gestolen;
Feit 4: op 28 februari 2023 van [naam 4] sieraden heeft gestolen. Subsidiair is de poging daartoe ten laste gelegd;
Feit 5: op 3 maart 2023 [benadeelde 1] en [benadeelde 2] heeft opgelicht door zich voor te doen als bankmedewerker om zo pinpassen en een kastje voor internetbankieren te verkrijgen;
Feit 6: op 6 maart 2023 van [benadeelde 3] een kistje heeft gestolen;
Feit 7: op 7 maart 2023 van [benadeelde 4] een geldkistje heeft gestolen;
Feit 8: op 7 maart 2023 van [naam 5] een bankpas heeft gestolen;
Feit 9: in de periode van 8 tot en met 10 maart 2023 heeft geprobeerd om van [naam 6] goederen en geld te stelen;
Feit 10: in de periode van 3 tot en met 7 maart 2023 van [naam 5] en [benadeelde 1] en [benadeelde 2] geld heeft gestolen, door te pinnen met hun gestolen pinpassen.
3. De beoordeling van het bewijs
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van alle ten laste gelegde feiten. De feiten 1 tot en met 3 en 5 tot en met 7 heeft de verdachte bekend. Ten aanzien van feit 4 kan het primair ten laste gelegde worden bewezen, omdat er geen redenen zijn om te twijfelen aan de aangifte van [naam 4] . Feit 8 kan worden bewezen op basis van de aangifte en de herkenningen van de verdachte op de camerabeelden. Tevens heeft medeverdachte [medeverdachte 1] verklaard dat hij de verdachte op 8 maart 2023 naar Zundert heeft gereden. Ten aanzien van feit 9 kan enkel worden bewezen dat de verdachte op 8 maart 2023 heeft geprobeerd om een bankpas te stelen, aangezien hij op 10 maart 2023 in Duitsland gedetineerd zat. Ten aanzien van feit 10 heeft de verdachte bekend dat hij geld heeft gepind met de pinpassen van [benadeelde 1] en [benadeelde 2] op 3 maart 2023, maar ook de pintransactie met de pas van [naam 5] op 7 maart 2023 kan worden bewezen gelet op de herkenning van de verdachte aan de hand van de jas op de camerabeelden. De verklaring van de verdachte dat [medeverdachte 1] op 7 maart 2023 heeft gepind is ongeloofwaardig.
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft zich ten aanzien van de feiten 1 tot en met 3 en 5 tot en met 7 gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank, aangezien de verdachte deze feiten heeft bekend. Ook ten aanzien van feit 8 heeft de raadsvrouw zich aan het oordeel van de rechtbank gerefereerd. Ten aanzien van feit 4 dient de verdachte van het primair ten laste gelegde te worden vrijgesproken, omdat op basis van het dossier niet bewezen kan worden verklaard dat op 28 februari 2023 sieraden van [naam 4] zijn weggenomen. Op 28 februari 2023 verklaarde [naam 4] immers dat geen sieraden waren weggenomen. Ten aanzien van de subsidiair ten laste gelegde poging refereert de raadsvrouw zich aan het oordeel van de rechtbank, aangezien de verdachte heeft verklaard dat hij in de woning van [naam 4] is geweest. Van feit 9 moet de verdachte worden vrijgesproken, aangezien hij niet in de woning van [naam 6] kan zijn geweest omdat hij toen gedetineerd was. Ten aanzien van feit 10 heeft de raadsvrouw zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank, maar de verdachte moet partieel worden vrijgesproken van de diefstal van het geld van [naam 5] . De persoon op de camerabeelden draagt een jas die ook door medeverdachte [medeverdachte 1] is gedragen en de verdachte heeft verklaard dat [medeverdachte 1] de persoon is geweest die het geld heeft gepind.
Het oordeel van de rechtbank
Modus operandi
Verschillende personen hebben aangifte gedaan van diefstal c.q. oplichting door bank-helpdeskfraude, gepleegd in de periode van 20 februari tot en met 8 maart 2023, waarbij steeds sprake was van eenzelfde modus operandi met specifieke kenmerken. Deze modus operandi was als volgt.
De slachtoffers, (vrijwel) allen mensen op leeftijd, werden gebeld door iemand die zich voordeed als bankmedewerker en hun meedeelde dat er problemen waren met hun bankrekening of computer. Telefonisch werd vervolgens hulp aangeboden in de vorm van een medewerker die naar hun woning zou komen om te helpen met het oplossen van die problemen en om waardevolle spullen (geld en sieraden) te inventariseren en veilig te stellen.
En nog tijdens het telefoongesprek verscheen die ‘medewerker’ aan de deur van de slachtoffers. Deze medewerker ging vervolgens aan de slag met de computer en/of maakte foto’s van sieraden en ging er op een onbewaakt moment met het geld, de pinpassen en/of sieraden vandoor.
Op grond van deze modus operandi stelt de rechtbank vast dat de bankhelpdeskfraude steeds door ten minste twee daders werd gepleegd. Er was in elk geval sprake van een nep-bankmedewerker die belde (de beller) en iemand die de pinpas of sieraden meenam. Het signalement van laatstbedoelde dader past telkens bij dat van de verdachte.
Bewijsmiddelen
De verdachte heeft de onder feit 1 tot en met 3 en 5 tot en met 7 ten laste gelegde feiten bekend en door of namens hem is geen vrijspraak bepleit. Hierdoor kan worden volstaan met een opgave van bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering, te weten:
- het proces-verbaal van aangifte van [naam 1] van 8 maart 2023;
- het proces-verbaal van aangifte van [naam 2] van 24 februari 2023;
- het proces-verbaal van aangifte van [naam 3] van 20 februari 2023;
- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 1] van 6 maart 2023
- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 3] van 6 maart 2023;
- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 4] van 7 maart 2023;
- de verklaring van de verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 27 januari 2026.
De hieronder weergegeven bewijsmiddelen worden steeds gebruikt tot het bewijs van het feit of de feiten, waarop zij blijkens hun inhoud uitdrukkelijk betrekking hebben. Sommige onderdelen van de bewijsmiddelen hebben niet betrekking op alle feiten, maar op één of meer feiten.
[naam 4] verklaarde in zijn aangifte, voor zover hier van belang – zakelijk weergegeven – het volgende:
Op 28 februari 2023 om 15:45 uur was ik in mijn woning in Heesch (de rechtbank begrijpt: Heesch in de gemeente Bernheze). Ik werd gebeld en hoorde een man zeggen dat hij een medewerker van de Rabobank was. Ik hoorde deze man vervolgens zeggen dat er iets verkeerd was met mijn computer. Ik hoorde de man vervolgens zeggen dat hij een medewerker naar mij toe zou sturen om dit op te lossen. Ik moest ondertussen van deze man aan de telefoon blijven. Korte tijd later stond er een jonge man bij mij voor de deur. Ik kreeg via de telefoon opdrachten door welke ik tegen de man die in mijn huis was door
moest geven. Deze man heeft vervolgens in mijn laptop gekeken. De man aan de telefoon heeft mij gevraagd of ik contant geld of sieraden in huis had. Ik hoorde de man aan de telefoon zeggen dat ik de sieraden aan de medewerker van de bank, welke nog bij mij in de woning was, moest laten zien. Deze medewerker zou dan een foto van de sieraden maken en de bank zou mij vervolgens een kluis aan kunnen bieden zodat ik de sieraden veilig zou kunnen bewaren. Ik heb het sieradenkistje omgekieperd op bed, en ben de slaapkamer uitgelopen. De medewerker van de bank was op dat moment op mijn slaapkamer om een foto te maken van de sieraden. De man aan de telefoon zei tegen mij dat de medewerker die in mijn woning was donderdag 2 maart 2023 omstreeks 14:00 uur bij mij terug zou komen om mijn bankpas op te komen halen. De medewerker van de bank heeft mijn woning vervolgens verlaten. Toen ik het sieradenkistje op wilde gaan ruimen zag ik dat bijna de gehele inhoud weg was. De volgende sieraden zijn
weggenomen: gouden ketting, gouden herenhorloge, antieke zilveren zakhorloge, gouden halsketting, gouden halsketting en een gouden ring.
[naam 5] verklaarde in zijn aangifte, voor zover hier van belang, – zakelijk weergegeven – het volgende:
Op 7 maart 2023 omstreeks 15:30 uur werd ik gebeld. Toen ik deze oproep aannam, sprak ik met een persoon welke zich voordeed als een medewerker van de Rabobank. Deze persoon vertelde mij dat er vanuit mijn bankrekeningnummer geld werd afgeschreven door een onbekend persoon. Hij vertelde mij dat er vanuit de Rabobankvestiging ín Zundert een medewerker van de IT-afdeling onderweg was om de beveiliging van mijn PC te onderzoeken. Ondertussen hield deze persoon mij aan de praat en vroeg hij onder andere naar waardevolle goederen in mijn woning. Omstreeks 16:00 uur hoorde ik de deurbel van mijn woning (de rechtbank begrijpt: [adres 2] Zundert). Ik opende de voordeur van mijn woning en zag een persoon. Deze persoon deed zich voor als de medewerker van de IT-afdeling van de Rabobank in Zundert en ik verschafte hem de toegang tot mijn woning. Hij vroeg of ik mijn PC wilde inschakelen en alvast mijn bankpas en random reader erbij wilde pakken. Nadat ik dit had gedaan, heeft hij enkele handelingen verricht op mijn PC. Deze man vertelde dat mijn PC daadwerkelijk onvoldoende was beveiligd. Hij vertelde dat hij dit in orde zou maken en vroeg mij of ik met mijn bankpas de random reader wilde openen. Ik pakte mijn bankpas uit mijn portefeuille, welke ik in mijn kleding droeg. Ik stak mijn bankpas in de random reader en toetste mijn pincode in. Deze man vertelde kort daarop volgend dat alles in orde was en hij vertrok uit mijn woning. Kort na dat moment constateerde ik dat mijn bankpas niet meer in de random reader aanwezig was en deze was ontvreemd. Op dat moment belde ik de fraudehelpdesk van de Rabobank en na een half uur sprak ik pas met een medewerker die mij vertelde dat er met mijn bankpas twee pintransacties waren uitgevoerd bij een geldautomaat. Hieronder volgen de nadere gegevens van deze pintransacties:
Pintransactie 1: 16:54:56 uur - 400 euro, Geldmaat 911329 PLUS Supermarkt,
Raadhuisplein te Rucphen,
Pintransactie 2: 16:55:41 uur - 400 euro, Geldmaat 911329 PLUS Supermarkt,
Raadhuisplein te Rucphen.
Verbalisanten [naam 7] en [naam 8] relateren, voor zover hier van belang, het volgende:
De verdachte [medeverdachte 1] werd tijdens zijn verhoor op 5 april 2023 geconfronteerd
met het feit dat tijdens het onderzoek van zijn telefoongegevens was vastgesteld dat op 7
maart 2023 om 15:15 uur een bericht was verstuurd naar de telefoon in gebruik bij
verdachte [verdachte] en dat in dit bericht een locatie was genoemd, zijnde “ [adres 3]
Zundert Netherlands”. Gevraagd naar de betekenis hiervan verklaarde [medeverdachte 1] dat hij [verdachte] op 7 maart 2023 naar Zundert heeft gereden en daar ergens heeft moeten afzetten. (…) bleek dat op 7 maart 2023 door de bewoner van het adres [adres 2] Zundert aangifte was gedaan ter zake oplichting. Dit had diezelfde dag op dit adres plaatsgevonden en daarbij was men op listige wijze in het bezit van de betaalpas van de bewoner geraakt. Met deze betaalpas hadden diezelfde dag geldopnamen plaatsvonden. Volgens Google Maps bedraagt de afstand tussen [adres 2] in Zundert en de [adres 3] in Zundert, 230 meter.
Verbalisant [naam 7] relateert, voor zover hier van belang, het volgende:
Op 7 maart 2023 werd door [naam 5] aangifte gedaan van oplichting c.q. diefstal waarbij een betaalpas werd weggenomen. (…) diezelfde dag werden er met de betaalpas onrechtmatige geldopnamen verricht in de plaats Rucphen. Van de betreffende geld-opnamen waren beelden van een beveiligingscamera voorhanden. Het beeldmateriaal werd uitgelezen. De man die de geldopnamen doet, draagt een donkere jas met capuchon. De jas heeft onderaan de rugzijde een horizontaal, kort en smal wit strookje. De man draagt verder een blauwkleurige jeansbroek en donkere schoenen. Op 7 maart 2023 omstreeks 18.00 uur vindt op de [adres 4] Galder een soortgelijke oplichting plaats als hierboven voormeld. Volgens Google Maps bedraagt de afstand tussen deze adressen 11 kilometer. Bij gelegenheid van deze oplichting werd door een man die voorwendde een bankmedewerker te zijn een geldkistje uit de woning weggenomen. Deze man werd op beeld door een beveiligingscamera vastgelegd en werd later herkend als [verdachte] . Op de beelden is te zien dat [verdachte] een donkere jas met capuchon draagt en dat deze jas onderaan de rugzijde een horizontaal, kort en smal wit strookje vertoont. Verder draagt [verdachte] een blauwkleurige jeansbroek en donkere schoenen. De beide hierboven bedoelde jassen komen overeen. Verder wordt opgemerkt dat [verdachte] op 8 maart 2023 samen met de verdachte [medeverdachte 1] werd aangehouden in Duitsland. daarbij werd onder andere in dit voertuig een zwarte jas met capuchon aangetroffen. Deze jas had van fabriekswege onderaan de rugzijde een horizontaal kort en smal wit strookje. Deze jas komt overeen met de hierboven bedoelde jassen.
[naam 6] verklaarde in haar aangifte, voor zover hier van belang – zakelijk weergegeven – het volgende:
Op 8 maart 2023 omstreeks 15:00 uur ging bij mij de telefoon. Ik nam op en hoorde een mannenstem. Hij stelde zich voor als [naam 9] werkzaam bij de ING-bank. Ik hoorde dat deze man zei dat er verschillende pogingen waren geweest om 400,00 euro van mijn rekening af te halen. Hij wilde mij helpen om dit zo snel mogelijk op te lossen. Ik hoorde dat deze man allerlei vragen stelde zoals of wij een brandkast of een safe in huis hadden en of deze verankerd was. Ik hoorde dat hij zei dat er een externe medewerker van de ING bank naar onze woning zou komen. Ineens hoorde ik dat deze man zei dat ik de voordeur open moest maken omdat deze externe medewerker bij ons voor de woning (de rechtbank begrijpt: [adres 5] te Vaals) stond. Ik maakte de voordeur open en ik zag inderdaad een jongeman bij mijn voordeur staan. Op dat moment had ik nog steeds de man aan de telefoon. De jongeman ging achter mijn computer zitten en zei niet veel. Ik hoorde hem op enig moment zeggen dat ik virussen op de computer had, hij zou iets uit zijn auto halen en dan meteen terugkomen. Ik zag hem een foto maken van het computer-scherm. De man aan de telefoon bleef ook steeds vragen stellen over de brandkast of de safe. Ik moest gaan kijken of er niets was uitgehaald. Ik bleef zeggen dat wij geen brand-kast of een safe hadden in de woning. De jongeman die bij mij in de woning was, was ondertussen naar zijn auto gelopen. Ik heb hem niet meer gezien, hij is niet meer teruggekomen.
Ik kan deze jongeman als volgt omschrijven:
- lengte ongeveer 170/173 centimeter;
- kort zwart haar;
- normaal postuur;
- hij was in het donker gekleed;
- hij zag er keurig uit;
- blank uiterlijk.
Verbalisant [naam 10] relateert, voor zover hier van belang, het volgende:
Op 8 maart 2023 werd vlak over de grens, bij Vaals, aangehouden [medeverdachte 1] geboren op [geboortedatum] en [verdachte] geboren op [geboortedag] /2002. Op 24 maart 2023 werd door ons de telefoon van [verdachte] inbeslaggenomen voor onderzoek. Uit de gegevens blijkt dat de volgende adressen via de telefoon op Google Maps werden bekeken. [adres 5] te Vaals, [adres 6] te Vaals, [adres 7] te Vaals.
[medeverdachte 1] verklaarde bij de politie op 31 maart 2023, voor zover hier van belang, het volgende:
O = opmerking verbalisant
V = vraag verbalisanten
A = antwoord verdachte.
V: Hoe zijn jij en [verdachte] op 8 maart 2023 in Vaals terecht gekomen?
A: [verdachte] vroeg of ik hem wilde rondrijden. Hij zat naast mij. Hij zei mij hoe ik moest rijden.
V: Hoe wist jij hoe je naar Vaals moest rijden?
A: [verdachte] had een telefoon. Dat ging met GPS. In Vaals moest ik ergens stoppen van hem en hij is toen uitgestapt.
O: Voor zover wij nu weten is [verdachte] nog op een andere plek geweest in Vaals. Daar is hij een woning binnen geweest. Dat was een woning aan de [adres 5] . Wij hebben namelijk de telefoon van [verdachte] onderzocht en daarin stonden meerdere adressen in Vaals waarop gezocht was. Dat waren het adres [adres 6] in Vaals, zijnde een straat in de buurt waar jij door de politie werd gecontroleerd en het adres [adres 5] in Vaals. Daarnaast treffen wij ook een snapchat bericht aan tussen jou en die [verdachte] . Daarin lezen wij dat jij op zeker moment tegen hem zegt: "Blauw, niet naar de auto komen".
A: Ja, dat klopt. Hij had mij gezegd dat ik hem moest waarschuwen als er iets aan de hand was. Toen de politie mij controleerde heb ik hem gewaarschuwd.
[medeverdachte 1] verklaarde bij de politie op 5 april 2023 voor zover hier van belang, het volgende:
O = opmerking verbalisant
V = vraag verbalisanten
A = antwoord verdachte.
O: Wij hebben het met jou in het eerste verhoor gehad over het voorval in Vaals op 8
maart 2023.
V: Hoe vaak heb jij die [verdachte] die dag in Vaals ergens moeten afzetten?
A: Twee keer.
De verdachte verklaarde ter terechtzitting van 27 januari 2023 – zakelijk weergegeven – het volgende:
Ik kreeg de adressen van andere mensen. Dat waren ook de mensen waarmee ik telkens belde als ik in de woning was en die mij opdrachten gaven. Het waren drie verschillende mensen. Ik hoorde vaak meerdere stemmen op de achtergrond. Het klopt dat ik op 28 februari 2023 in de woning in Heesch ben geweest. Ik ben ook op 3 maart 2023 in de woning geweest op de [adres 8] in Asten. Met een pinpas die ik daar heb gestolen heb ik inderdaad op diezelfde dag € 1.000,- gepind. Het klopt dat [medeverdachte 1] mij meerdere keren naar die de woningen van slachtoffers heeft gebracht.
Bewijsoverweging
T.a.v. feit 4 primair – slachtoffer [naam 4] – [adres 9] te Heesch
De rechtbank acht het onder 4 ten laste gelegde feit bewezen. Door de verdediging is ter terechtzitting aangevoerd dat op basis van het dossier onvoldoende kan worden vastgesteld dat op 28 februari 2023 sieraden zijn weggenomen, omdat aangever [naam 4] pas op 22 maart 2023 aangifte heeft gedaan, terwijl hij vlak na de diefstal aangaf dat geen goederen waren weggenomen. De rechtbank verwerpt dit verweer, omdat zij geen redenen heeft om te twijfelen aan de aangifte van [naam 4] . De verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij in de woning is geweest, zodat op basis van de aangifte, de verklaring van de verdachte en de hiervoor beschreven modus operandi bewezen kan worden dat de verdachte de diefstal heeft gepleegd.
T.a.v. feit 8 – slachtoffer [naam 5] – [adres 2] te Zundert
De rechtbank acht het onder 8 ten laste gelegde feit bewezen op basis van de aangifte van [naam 5] , de hiervoor beschreven modus operandi en het proces-verbaal van bevindingen van verbalisanten [naam 7] en [naam 8] , waarin is gerelateerd dat [medeverdachte 1] verklaarde dat hij de verdachte op 7 maart 2023 naar Zundert heeft gereden. Ook heeft [medeverdachte 1] bij de politie verklaard dat hij de verdachte op 7 maart 2023 naar een pinautomaat heeft gereden. De rechtbank heeft geen redenen om te twijfelen aan die verklaringen. Daarbij is de verdachte op diezelfde dag herkend op de camerabeelden die betrekking hebben op feit 7, welk adres zich 11 kilometer van het adres van [naam 5] bevindt en welk feit ongeveer twee uur later is gepleegd en door de verdachte is bekend, én waar op eenzelfde wijze van het slachtoffer goederen zijn gestolen. Wanneer de rechtbank dit alles in samenhang en onderling verband beschouwt, leidt dat tot de conclusie dat de verdachte diegene is geweest die op 7 maart 2023 de bankpas van [naam 5] heeft weggenomen.
T.a.v. feit 9 – slachtoffer [naam 6] – [adres 5] te Vaals
Ook de onder feit 9 ten laste gelegde poging tot diefstal acht de rechtbank bewezen. De verdachte heeft ter terechtzitting het onder feit 1 ten laste gelegde bekend, waardoor vast staat dat de verdachte op 8 maart 2023 in Vaals is geweest. [medeverdachte 1] heeft bij de politie verklaard dat hij de verdachte op twee plekken heeft afgezet in Vaals en het adres van aangeefster is aangetroffen in de telefoon van de verdachte. Ook voldoet de verdachte aan het signalement dat aangeefster heeft gegeven. Gelet op de hiervoor beschreven modus operandi, waaronder die van feit 1 –welk feit door de verdachte is bekend–, en het hiervoor overwogene, komt de rechtbank tot een bewezenverklaring van het tenlastegelegde. De verdachte wordt partieel worden vrijgesproken van de poging op 10 maart 2023. Hij is op 8 maart 2023 aangehouden en gedetineerd geraakt, waardoor hij niet de persoon kan zijn geweest die op 10 maart 2023 bij de woning van aangeefster is geweest.
T.a.v. feit 10
De verdachte heeft ter terechtzitting bekend dat hij met de gestolen pinpas van de slachtoffers [benadeelde 1] en [benadeelde 2] € 1.000,- heeft gepind. Anders dan de raadsvrouw heeft bepleit, acht de rechtbank ook de pintransactie op 7 maart 2023 met de pinpas van [naam 5] bewezen. Verbalisant [naam 7] heeft de camerabeelden bij de pinautomaat bekeken en daarop wordt gezien dat de dader een jas draagt met specifieke kenmerken zoals een horizontaal, kort en smal wit strookje onderaan de rugzijde. Deze jas wordt ook gedragen door de verdachte, zoals te zien op de camerabeelden die zijn opgenomen bij de diefstal op 7 maart 2023, op de [adres 4] te Galder (feit 7), welk feit door de verdachte is bekend. Dit in samenhang met het gegeven dat de verdachte eerder op de dag de pinpas van [naam 5] heeft gestolen (feit 8), maakt dat de rechtbank ook tot een bewezenverklaring komt van de diefstal van de twee geldbedragen van € 400,- van [naam 5] . De verklaring van de verdachte dat niet hij, maar [medeverdachte 1] het bedrag heeft gepind, acht de rechtbank ongeloofwaardig en wordt niet ondersteund door overige bewijsmiddelen in het dossier.
Medeplegen
De rechtbank acht ten aanzien van alle feiten bewezen dat de verdachte de feiten met anderen heeft gepleegd. De rechtbank verwijst hiertoe naar de hiervoor beschreven modus operandi en de verklaring van de verdachte ter zitting dat hij van verschillende personen de adressen kreeg om te bezoeken. Diverse personen zijn aldus betrokken geweest bij de feiten, waardoor er sprake was van een gezamenlijke uitvoering, hetgeen kwalificeert als medeplegen.
De bewezenverklaring
De rechtbank acht bewezen dat de verdachte
T.a.v. feit 1:
op 8 maart 2023 in Vaals tezamen en in vereniging met anderen een portemonnee (met inhoud) en een juwelendoos (met inhoud), die aan [naam 1] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om deze zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en die weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels, door:
- [naam 1] op te bellen en zich tijdens dat gesprek voor te doen als een medewerker van de bank,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 1] te zeggen dat er geld van haar rekening was gehaald,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 1] te zeggen dat haar zoon onderweg was naar de bank en door zich tegenover [naam 1] (telefonisch) voor te doen als haar zoon,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 1] te zeggen dat er iemand (te weten: een collega van de bank) voor de deur stond en dat zij de deur moest openen en dat zij een kluis had en die aan zijn collega moest laten zien,
- zich (vervolgens) naar de woning van [naam 1] te begeven en/of voornoemde woning (nadat [naam 1] de deur had geopend) binnen te gaan,
- [naam 1] te volgen naar haar slaapkamer,
- voornoemde goederen (welke door [naam 1] uit de kluis waren gehaald) mee te nemen naar de keuken en/of te fotograferen, en
- voornoemde goederen van tafel te pakken en te vertrekken;
T.a.v. feit 2:
op 20 februari 2023 in Maastricht, tezamen en in vereniging met een ander, ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededader voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels [naam 2] te bewegen tot de afgifte van enig(e) goed(eren) en het ter beschikking stellen van gegevens, te weten haar pinpas en pincode,
- [naam 2] heeft opgebeld en zich heeft voorgesteld als een medewerker van de Rabobank,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 2] heeft gezegd dat er iets mis was met haar internetbankieren en dat er een virus op de computer zou zijn,
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan [naam 2] heeft gevraagd of er kinderen aanwezig waren die haar konden helpen en of zij met de iPad langs kon komen,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 2] heeft gezegd dat hij iemand langs zou sturen die [naam 11] zou heten en die de code 610955 zou opnemen,
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan [naam 2] heeft gevraagd of zij nog andere kostbaarheden in huis had of dat er contant geld in huis was en [naam 2] een gratis verzekering heeft aangeboden,
- zich (vervolgens) naar de woning van [naam 2] heeft begeven en die woning is binnengaan,
- zich aan [naam 2] heeft voorgesteld als [naam 11] en de code heeft genoemd, en
- handelingen op de iPad van [naam 2] heeft verricht,
- [naam 2] naar waardevolle spullen heeft gevraagd,
- de vaas van die [naam 2] heeft gefotografeerd, en
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan [naam 2] naar haar pincode heeft gevraagd en (daarbij) heeft gezegd dat zij dan nieuwe pasjes zou krijgen maar haar pincode kon behouden en dat zij haar pincode aan de telefoon na drie piepjes kon inspreken zodat hij niet kon meeluisteren,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
T.a.v. feit 3:
op 20 februari 2023 in Maastricht, tezamen en in vereniging met anderen, een juwelenkistje (met inhoud), dat aan [naam 3] toebehoorde, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en dat weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels, door:
- [naam 3] op te bellen en zich voor te stellen als een medewerker van de SNS Bank,
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan [naam 3] te vragen of er iets verkeerd was gegaan en of zij nog tevreden was over de bank,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 3] te zeggen dat er een collega naar haar woning onderweg was en dat zij antwoord moest geven op de vragen die zijn collega haar zou stellen,
- zich (vervolgens) naar de woning van [naam 3] te begeven en (nadat [naam 3] de deur had geopend) die woning binnen te gaan,
- tegen [naam 3] te zeggen dat de bank haar zojuist had gebeld en dat hij de medewerker was die op bezoek zou komen,
- aan [naam 3] te vragen hoeveel geld zij in de woning had liggen en waar dat geld lag,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 3] te zeggen dat het noodzakelijk was voor de verzekering dat iemand naar boven naar de kluis zou gaan,
- tegen [naam 3] te zeggen dat ze samen naar boven zouden gaan en dat zij alle waardevolle spullen uit de kluis moest halen en uit elkaar op het bed moest leggen,
- [naam 3] te volgen naar de slaapkamer en (aldaar) de spullen (uit de kluis) te fotograferen,
- tegen [naam 3] te zeggen dat hij het juwelenkistje nodig had en dat hij dit kistje zou meenemen naar zijn auto om er foto's van te maken, en
- dat juwelenkistje te pakken en in een plastic tas te stoppen en (daarmee) de woning te verlaten;
T.a.v. feit 4 primair:
op 28 februari 2023 in de gemeente Bernheze, tezamen en in vereniging met anderen, sieraden die aan [naam 4] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om die zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en die weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels, door:
- [naam 4] op te bellen en zich voor te stellen als een medewerker van de Rabobank,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 4] te zeggen dat er iets verkeerd was met zijn computer en dat hij een medewerker naar hem toe zou sturen om dit op te lossen en dat [naam 4] aan de telefoon moest blijven,
- zich (vervolgens) naar de woning van [naam 4] te begeven en (nadat [naam 4] de deur had geopend) die woning binnen te gaan,
- in de laptop van [naam 4] te kijken,
- ( tijdens voornoemd telefoongesprek) aan [naam 4] te vragen of hij contant geld of sieraden in huis had en tegen [naam 4] te zeggen dat hij die sieraden aan de medewerker van de bank die in zijn woning was moest laten zien zodat die medewerker die sieraden kon fotograferen en de bank [naam 4] vervolgens een kluis zou kunnen aanbieden zodat hij de sieraden veilig kon bewaren,
- zich naar de slaapkamer van [naam 4] te begeven en (aldaar) die sieraden te fotograferen,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 4] te zeggen dat er op donderdag 2 maart 2023 omstreeks 14.00 uur iemand aan de deur zou komen om zijn bankpas op te halen, en
- met die sieraden de woning van [naam 4] te verlaten;
T.a.v. feit 5:
op 3 maart 2023 in Asten, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels [benadeelde 1] en [benadeelde 2] heeft bewogen tot de afgifte van goederen, te weten zeven bankpassen en een kastje om mee te kunnen internetbankieren ("E.dentifier"), door
- [benadeelde 1] en [benadeelde 2] (namens de ABN Amro bank) een SMS bericht te sturen met daarin de tekst: “Geachte klant, we nemen contact op i.v.m. een bedrag van 3400 euro wat is geprobeerd op te nemen in Ameland, voor nu hebben wij dit geannuleerd. We raden aan zo snel mogelijk contact opnemen met de alarmcentrale van de Abn Amro, we zijn bereikbaar op nummer + [nummer] ”,
- [benadeelde 1] en [benadeelde 2] op te bellen,
- ( tijdens dat telefoongesprek met [benadeelde 1] en [benadeelde 2] ) zich voor te stellen als iemand van de fraude afdeling van de ABN Amro bank met de naam [naam 12] ,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [benadeelde 1] en [benadeelde 2] te zeggen dat het hen was gelukt om de transactie op Ameland te stoppen en dat zij niet op de computer mochten omdat er een virus op hun computer zat welke zich zou verspreiden als zij de computer zouden openen en dat vanwege de veiligheid de bankpassen geblokkeerd werden en dat daarbij de pincodes doorgegeven moest worden en dat de gouden chip in de bankpassen zou worden hergebruikt en dat er nieuwe bankpassen zouden worden aangemaakt en dat zij daarvoor een nieuwe pincode moesten opgeven,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [benadeelde 1] en [benadeelde 2] te zeggen dat zij niet weg mochten van de telefoon,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [benadeelde 1] en [benadeelde 2] te zeggen dat er iemand van de bank langs zou komen om de bankpassen op te halen en dat diegene zich kenbaar zou maken als [naam 13] en de code JJ77 zou doorgeven,
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan [benadeelde 1] en [benadeelde 2] te vragen of zij contant geld, sieraden of andere waardevolle spullen in huis hadden en tegen hen te zeggen dat zij die spullen in een envelop moesten doen en klaar moesten leggen,
- zich (vervolgens) naar de woning van [benadeelde 1] en [benadeelde 2] te begeven en voornoemde woning (nadat [benadeelde 1] en [benadeelde 2] de deur had(den) geopend) binnen te gaan en zich kenbaar te maken als [naam 13] en de code JJ77 te noemen, en
- een enveloppe (met daarin die bankpassen en dat kastje om mee te kunnen internet-bankieren ("E.dentifier")) van [benadeelde 1] en [benadeelde 2] aan te nemen;
T.a.v. feit 6:
op 6 maart 2023 in de gemeente Echt-Susteren tezamen en in vereniging met anderen, een kistje (met inhoud), dat aan [benadeelde 3] toebehoorde, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en dat weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels, door:
- [benadeelde 3] op te bellen en zich tijdens dat gesprek voor te doen als een medewerker van de Rabobank genaamd [naam 14] ,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [benadeelde 3] te zeggen dat er iets aan de hand was met haar bankrekening en dat er iemand van de Rabobank onderweg was om het probleem te verhelpen en hiervoor op de computer van [benadeelde 3] moest,
- zich (vervolgens) naar de woning van [benadeelde 3] te begeven en voornoemde woning (nadat [benadeelde 3] de deur had geopend) binnen te gaan,
- handelingen op de computer van [benadeelde 3] te verrichten,
- aan [benadeelde 3] te vragen of er geld of waardevolle spullen in de woning aanwezig waren om een inventaris te maken, en
- voornoemd kistje (met inhoud) te pakken en hiermee de woning te verlaten;
T.a.v. feit 7:
op 7 maart 2023 in de gemeente Alphen-Chaam tezamen en in vereniging met anderen een (geld)kistje (met inhoud), dat aan [benadeelde 4] toebehoorde, heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en dat weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels, door:
- [benadeelde 4] op te bellen en zich tijdens dat gesprek voor te doen als een medewerker van de Rabobank genaamd [naam 15] , en
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [benadeelde 4] te zeggen dat er een actie was waarbij een gratis kluis werd geplaatst en dat er iemand langs zou komen om te bekijken hoe de kluis kon worden geplaatst, en
- zich (vervolgens) naar de woning van [benadeelde 4] te begeven en voornoemde woning (nadat [benadeelde 4] de deur had geopend) binnen te gaan en zich voor te stellen als iemand van de Rabobank,
- zich naar de slaapkamer van [benadeelde 4] te begeven, en
- een (geld)kistje uit de kast te pakken en te zeggen dat hij daarvan foto’s zou maken voor de afmetingen en (daarmee) de woning te verlaten;
T.a.v. feit 8:
hij op 7 maart 2023 in Zundert tezamen en in vereniging met een anderen een bankpas, die aan [naam 5] toebehoorde, heeft weggenomen met het oogmerk om die zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en dat weg te nemen goed onder hun bereik hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels, door:
- [naam 5] op te bellen en zich tijdens dat gesprek voor te doen als een medewerker van de Rabobank,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 5] te zeggen dat er geld van zijn rekening was afgeschreven in Roermond en dat de beveiliging van zijn PC niet in orde zou zijn en een IT medewerker van de vestiging in Zundert onderweg zou zijn om de beveiliging te onderzoeken,
- zich (vervolgens) naar de woning van [naam 5] te begeven en voornoemde woning (nadat [naam 5] de deur had geopend) binnen te gaan en zich voor te stellen als een IT medewerker,
- aan [naam 5] te vragen om de PC in te schakelen en de random reader te pakken en een (of meer) handeling(en) met de bankpas en op die random reader uit te voeren,
- een (of meer) handeling(en) op die PC uit te voeren, en
- die bankpas te pakken en (vervolgens) de woning te verlaten;
T.a.v. feit 9:
hij op 8 maart 2023 in Vaals, tezamen en in vereniging met een anderen, ter uitvoering van het door verdachte en zijn mededaders voorgenomen misdrijf om een hoeveelheid goederen en/of geld die/dat aan [naam 6] toebehoorde(n), weg te nemen met het oogmerk om die/het zich wederrechtelijk toe te eigenen en zich de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en die weg te nemen goederen onder hun bereik te brengen door middel van het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels,
- [naam 6] heeft opgebeld en zich tijdens dat telefoongesprek heeft voorgedaan als een medewerker van de ING bank genaamd [naam 9] ,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 6] heeft gezegd dat er verschillende pogingen waren gedaan om EUR 400 van de rekening van [naam 6] af te halen en dat hij [naam 6] wilde helpen om dit op te lossen,
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan [naam 6] heeft gevraagd of zij een brandkast of een safe in huis hadden en/of die safe verankerd was,
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen [naam 6] heeft gezegd dat er een externe medewerker van de ING bank naar de woning van [naam 6] zou komen en dat [naam 6] de voordeur voor die medewerker moest openen en dat [naam 6] moest kijken of er niets uit de brandkast of safe was gehaald,
- zich (vervolgens) naar de woning van [naam 6] heeft begeven en voornoemde woning (nadat [naam 6] de deur had geopend) binnen is gegaan,
- handelingen op de computer van [naam 6] heeft verricht en een foto van het computer-scherm heeft gemaakt, en
- tegen [naam 6] heeft gezegd dat zij virussen op de computer had en dat hij iets uit de auto zou halen en dan meteen zou terugkomen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
T.a.v. feit 10:
hij in de periode van 3 maart 2023 tot en met 7 maart 2023 in Asten en Rucphen, tezamen en in vereniging met anderen, geldbedragen van EUR 1.000 en (tweemaal) EUR 400 die aan [benadeelde 1] , [benadeelde 2] en [naam 5] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om die zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en zijn mededaders zich dat weg te nemen geldbedrag onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel, te weten een niet aan hen in eigendom toebehorende pinpas.
De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.
Kennelijke taal- en schrijffouten in de tenlastelegging zijn in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is hierdoor niet in zijn verdediging geschaad.
4. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:
T.a.v. feit 1, feit 3, feit 4, feit 6, feit 7 en feit 8, telkens:
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels;
T.a.v. feit 2:
medeplegen van poging tot oplichting;
T.a.v. feit 5:
medeplegen van oplichting;
T.a.v. feit 9:
poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door het aannemen van een valse hoedanigheid en door een samenweefsel van verdichtsels;
T.a.v. feit 10:
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel, meermalen gepleegd;
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.
5. De strafbaarheid van de verdachte
De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.
6. De straf
De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft op grond van hetgeen hij bewezen acht gevorderd aan de verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden met aftrek van het voorarrest. Bij de bepaling van de strafeis heeft de officier van justitie rekening gehouden met de overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM).
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat bij de strafbepaling rekening moet worden gehouden met de jeugdige leeftijd van de verdachte ten tijde van de ten laste gelegde feiten, alsmede met de overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 EVRM. De raadsvrouw heeft verzocht om te volstaan met een onvoorwaardelijke gevangenisstraf die gelijk is aan de duur van het voorarrest en daarnaast een taakstraf. De raadsvrouw heeft expliciet verzocht om de verdachte niet terug te sturen naar de gevangenis, omdat hij sinds de schorsing van de voorlopige hechtenis zijn leven heeft gebeterd.
Het oordeel van de rechtbank
Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezen verklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.
De verdachte heeft zich in een korte periode schuldig gemaakt aan een reeks van misdrijven die alle onder de noemer “bankhelpdeskfraude” zijn te scharen. Argeloze, op leeftijd zijnde slachtoffers werden gebeld door iemand die zich voordeed als bankmedewerker en die te kennen gaf dat er problemen waren met hun bankrekening of computer. De persoon bood vervolgens hulp aan: iemand zou naar de woning van het slachtoffer komen om de problemen op te lossen, waarbij het slachtoffer aan de collega ook bankpassen en/of waardevolle goederen moest tonen om deze te inventariseren of in veiligheid te brengen. En dat gebeurde. De verdachte kwam naar de woning, waarna de slachtoffers werden bestolen. Bestolen, niet alleen van hun bankpas en (vervolgens) van geld, maar ook in een aantal gevallen van sieraden. Sieraden die voor de slachtoffers soms een emotionele waarde hadden en daarmee onvervangbaar zijn. De verdachte en zijn mededaders hebben zich hieraan echter niets gelegen laten liggen. De slachtoffers werden kennelijk doelbewust uitgekozen en vervolgens een rad voor ogen gedraaid. Op doortrapte wijze werd zo misbruik gemaakt van hun vertrouwen en werd toegang verkregen tot hun woning en slaapkamers. Het is een feit van algemene bekendheid dat dit leidt tot gevoelens van schaamte en onveiligheid. Slachtoffers durven ook vaak niet meer anderen te vertrouwen, terwijl zij het, gelet op hun leeftijd, vaak juist moeten hebben van hun omgeving en de helpende medemens.
De schade die de verdachte en zijn mededaders aanrichtten, is echter meeromvattend dan alleen het bovenstaande. Bankhelpdeskfraude is een misdrijf dat het vertrouwen ondermijnt dat rekeninghouders in het algemeen in het betalingsverkeer en het bankwezen mogen hebben. Dit vertrouwen is van groot belang voor het maatschappelijk en economisch verkeer. Ook leidt bankhelpdeskfraude tot hoge kosten voor de banken, omdat zij vaak uit coulance hun rekeninghouders schadeloos stellen en opgescheept worden met hoge schadeposten.
Aan dit alles hebben de verdachte en zijn mededaders zich niets gelegen laten liggen. Alleen hun eigen financiële gewin stond voorop. De rechtbank houdt er ernstig rekening mee dat als de verdachte niet was aangehouden, er geen einde was gekomen aan zijn misdadig handelen.
Gelet op de ernst van de feiten is de rechtbank van oordeel dat alleen een forse onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend is. De rechtbank heeft bij de vaststelling van de duur daarvan onder meer gelet op straffen die doorgaans worden opgelegd in vergelijkbare gevallen. Hieruit komen flinke onvoorwaardelijke gevangenisstraffen naar voren. Een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van om en nabij de 30 maanden is geen uitzondering en neemt de rechtbank dan ook als uitgangspunt van de op te leggen straf.
Bij de bepaling van de straf houdt de rechtbank ook rekening met de proceshouding van de verdachte. Pas op de terechtzitting, en nadat hij het dossier heeft kunnen lezen, komt hij met een verklaring voor alle feiten en lijkt hij alleen die feiten te bekennen waar hij niet omheen kan. Ter terechtzitting heeft hij wel berouw getoond voor de slachtoffers, maar drie jaar na het plegen van de delicten is het daar te laat voor. Voor de verdachte was in een vroeg stadium bekend wie de slachtoffers waren en in de tussengelegen periode heeft hij zijn excuses niet aangeboden of de slachtoffers schadeloos gesteld. Ook de wijze waarop de verdachte tijdens het onderzoek ter terechtzitting de rechtbank bejegende, toont dat hij de ernst van zijn handelen niet inziet.
De raadsvrouw heeft om strafvermindering verzocht, omdat de redelijke termijn voor berechting is overschreden. De rechtbank overweegt dat in artikel 6 EVRM het recht van iedere verdachte is gewaarborgd om binnen een redelijke termijn te worden berecht. Deze waarborg strekt er onder meer toe te voorkomen dat een verdachte langer dan redelijk is onder de dreiging van een strafvervolging zou moeten leven. Als uitgangspunt heeft in deze zaak te gelden dat de behandeling op zitting moest zijn afgerond met een eindvonnis binnen vierentwintig maanden nadat de redelijke termijn is aangevangen. De rechtbank stelt vast dat in deze zaak in beginsel een eindvonnis gereed had moeten zijn op 8 maart 2025. De redelijke termijn is dus overschreden met meer dan tien maanden. Deze overschrijding is niet aan de verdediging te wijten. De rechtbank zal deze termijnoverschrijding verdisconteren in de op te leggen straf, maar dit betekent niet dat thans geen onvoorwaardelijke gevangenis-straf meer aan de orde is. Waar de rechtbank zonder overschrijding een onvoorwaardelijke gevangenisstraf zou hebben opgelegd van 30 maanden, zal vanwege de termijnoverschrijding met een lagere straf worden volstaan. De door de raadsvrouw voorgestelde straf doet echter volstrekt geen recht aan de ernst van de feiten en het leed dat de slachtoffers is aangedaan. Aan de verdachte, maar ook aan de maatschappij, moet duidelijk worden gemaakt dat deze vorm van ernstige criminaliteit niet wordt geaccepteerd en zwaar wordt bestraft. Dat de verdachte sinds de schorsing van de voorlopige hechtenis zijn leven heeft gebeterd en niet meer terug wil naar de gevangenis, maakt dit oordeel niet anders. Het feit dat de verdachte thans de negatieve gevolgen van een detentie vreest, is een omstandigheid die hij volledig aan zichzelf te wijten heeft.
Alles afwegende is de rechtbank van oordeel dat de eis van de officier van justitie passend en geboden is. Aan de verdachte wordt dan ook opgelegd een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, waarbij de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de gevangenisstraf in mindering wordt gebracht.
Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet of tot het moment dat de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling aan de orde is, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering.
7. De benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
De vordering van de benadeelde partij [benadeelde 3] en de schade-vergoedingsmaatregel (feit 6)
De benadeelde partij vordert een bedrag van € 10.000,- aan materiële schadevergoeding, bestaande uit het weggenomen geldbedrag uit het gestolen geldkistje. De verzekering van de benadeelde heeft een bedrag van € 1.250,- vergoed, zodat de vordering thans € 8.750,- bedraagt. De benadeelde vordert tevens vermeerdering van de vergoeding met de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering geheel kan worden toegewezen met vermeerdering van de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw heeft zich op het standpunt gesteld dat de vordering moet worden afgewezen, omdat deze onvoldoende is onderbouwd. De bijlagen van het voegingsformulier bestaan uit geldopnames die maanden vóór het ten laste gelegde feit hebben plaatsgevonden, maar daarmee kan niet worden aangetoond dat er daadwerkelijk € 10.000,- in het geldkistje heeft gezeten. Het is goed denkbaar dat er tussen de geldopnames en het ten laste gelegde feit door de benadeelde geld uit het kistje is gepakt. Tevens ontkent de verdachte het geldbedrag uit het kistje te hebben gehaald.
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank is van oordeel dat de vordering geheel kan worden toegewezen met vermeerdering van de wettelijke rente en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. Anders dan de raadsvrouw heeft bepleit, is de rechtbank van oordeel dat de vordering voldoende is onderbouwd. De benadeelde partij heeft bij de aangifte te kennen gegeven dat € 10.000,- is weggenomen en aan de hand van de bijlagen in het voegingsformulier heeft de benadeelde voldoende aangetoond waaruit dat geldbedrag bestond. Voor zover de raadsvrouw heeft aangevoerd dat het kan dat tussen de geldopnames en het ten laste gelegde feit door benadeelde geld uit het kistje is gehaald, is de rechtbank van oordeel dat dit onvoldoende is onderbouwd. Het verweer van de raadsvrouw dat de verdachte het geldbedrag niet uit het kistje heeft gehaald, maakt voornoemd oordeel niet anders, aangezien sprake is van diefstal in vereniging en de verdachte om die reden samen met de mededaders hoofdelijk aansprakelijk is voor de schade.
De vorderingen van de benadeelde partijen [benadeelde 2] en [benadeelde 3] (feit 5)
De benadeelde partijen hebben allebei een vordering ingediend. In de voegingsformulieren zijn geen bedragen ingevuld, maar er is wel een akte van cessie waaruit blijkt dat de vordering van € 1.000,- gecedeerd is aan de [naam bank] .
Het standpunt van de officier van justitie en de verdediging
De officier van justitie en de raadsvrouw hebben zich op het standpunt gesteld dat de benadeeld partijen niet-ontvankelijk moeten worden verklaard, omdat zij schadeloos zijn gesteld en de vorderingen zijn gecedeerd aan de [naam bank] .
Het oordeel van de rechtbank
Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat de benadeelde partijen niet-ontvankelijk moeten worden verklaard in hun vordering. De [naam bank] heeft de benadeelden schadeloos gesteld en de schade die is ontstaan door het onder feit 5 tenlastegelegde kan door de akte van cessie alleen worden teruggevorderd door die bank.
De vordering van de benadeelde partij [benadeelde 4] (feit 7)
De benadeelde partij heeft een vordering ingediend, maar op het voegingsformulier zijn geen bedragen ingevuld. In de beschrijving van het voegingsformulier staat weergegeven dat een nieuw geldkistje € 22,- kost.
Het standpunt van de officier van justitie en de verdediging
De officier van justitie en de verdediging hebben zich op het standpunt gesteld dat de vordering niet-ontvankelijk moet worden verklaard, omdat deze onvoldoende is onderbouwd.
Het oordeel van de rechtbank
Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk moet worden verklaard, omdat de vordering onvoldoende is onderbouwd. Deze onderbouwing is noodzakelijk en nader onderzoek hiernaar zou een onevenredige belasting van het strafgeding opleveren.
8. De wettelijke voorschriften
De beslissing berust op de artikelen 36f, 45, 47, 57, 311 en 326 van het Wetboek van Strafrecht.
9. De beslissing
Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 2] (feit 5):
Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 1] (feit 5):
Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 4] (feit 7):
De rechtbank:
Bewezenverklaring
Strafbaarheid
Straf
Beslissing op de vordering van de benadeelde partij [benadeelde 3] (feit 6):
Dit vonnis is gewezen door mr. M. el Jerrari, voorzitter, mr. H.M.J. Quaedvlieg en mr. M.B. Bax, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.W.P. Huntjens, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 10 februari 2026.
Buiten staat:
Mr. Bax is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.
BIJLAGE I: De tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd dat
T.a.v. feit 1:
hij, op of omstreeks 8 maart 2023 in de gemeente Vaals tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, een portemonnee (met inhoud) en/of een juwelendoos (met inhoud), in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [naam 1] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (namelijk) door:
- die [naam 1] op te bellen en zich tijdens dat gesprek voor te doen als een medewerker van de bank, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 1] te zeggen dat er geld van haar rekening was gehaald, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 1] te zeggen dat haar zoon onderweg was naar de bank en/of door zich tegenover die [naam 1] (telefonisch) voor te doen als haar zoon, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 1] te zeggen dat er iemand (te weten: een collega van de bank) voor de deur stond en dat zij de deur moest openen en/of dat zij, die [naam 1] , een kluis had en dit aan zijn collega moest laten zien, en/of
- zich (vervolgens) naar de woning van die [naam 1] te begeven en/of voornoemde woning (nadat die [naam 1] de deur had geopend) binnen te gaan, en/of
- die [naam 1] te volgen naar haar slaapkamer, en/of
- voornoemde goederen (welke door die [naam 1] uit de kluis waren gehaald) mee te nemen naar de keuken en/of te fotograferen, en/of
- voornoemde goederen van tafel te pakken en te vertrekken;
T.a.v. feit 2:
hij, op of omstreeks 20 februari 2023 in de gemeente Maastricht, althans in Nederland tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [naam 2] te bewegen tot de afgifte van enig(e) goed(eren) en/of het ter beschikking stellen van gegevens, te weten diens pinpas en/of pincode,
- die [naam 2] heeft opgebeld en zich heeft voorgesteld als een medewerker van de Rabobank, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 2] heeft gezegd dat er iets mis was met haar internetbankieren en/of dat er een virus op de computer zou zijn, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan die [naam 2] heeft gevraagd of er kinderen aanwezig waren die haar konden helpen en/of of hij met de iPad langs kon komen, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 2] heeft gezegd dat hij iemand langs zou sturen die [naam 11] zou heten en die de code 610955 zou opnemen, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan die [naam 2] heeft gevraagd of zij nog andere kostbaarheden in huis had of dat er contant geld in huis was en/of die [naam 2] een graits verzekering heeft aangeboden, en/of
- zich (vervolgens) naar de woning van die [naam 2] heeft begeven en/of die woning is binnengaan, en/of
- zich aan die [naam 2] heeft voorgesteld als [naam 11] en de code heeft genoemd, en/of
- een (of meer) handeling(en) op de iPad van die [naam 2] heeft verricht, en/of
- die [naam 2] naar waardevolle spullen heeft gevraagd, en/of
- de vaas van die [naam 2] heeft gefotografeerd, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan die [naam 2] naar haar pincode heeft gevraagd en/of (daarbij) heeft gezegd dat zij dan nieuwe pasjes zou krijgen maar haar pincode kon behouden en/of dat zij haar pincode aan de telefoon na drie piepjes kon inspreken zodat hij niet kon meeluisteren,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
T.a.v. feit 3:
hij, op of omstreeks 20 februari 2023 in de gemeente Maastricht tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, een juwelenkistje (met inhoud), in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [naam 3] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (namelijk) door:
- die [naam 3] op te bellen en zich voor te stellen als een medewerker van de SNS Bank, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan die [naam 3] te vragen of er iets verkeerd was gegaan en of zij nog tevreden was over de bank, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 3] te zeggen dat er een collega naar haar woning onderweg was en/of dat zij antwoord moest geven op de vragen die zijn collega haar zou stellen, en/of
- zich (vervolgens) naar de woning van die [naam 3] te begeven en/of (nadat die [naam 3] de deur had geopend) die woning binnen te gaan, en/of
- tegen die [naam 3] te zeggen dat de bank haar zojuist had gebeld en dat hij de mederwerker was die op bezoek zou komen, en/of
- aan die [naam 3] te vragen hoeveel geld zij in de woning had liggen en/of waar dat geld lag, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 3] te zeggen dat het noodzakelijk was voor de verzekering dat iemand naar boven naar de kluis zou gaan, en/of
- tegen die [naam 3] te zeggen dat ze samen naar boven zouden gaan en/of dat zij alle waardevolle spullen uit de kluis moest halen en uit elkaar op het bed moest leggen, en/of
- die [naam 3] te volgen naar de slaapkamer en/of (aldaar) de spullen (uit de kluis) te fotograferen, en/of
- tegen die [naam 3] te zeggen dat hij het juwelenkistje nodig had en/of dat hij dit kistje zou meenemen naar zijn auto om er foto's van te maken, en/of
- dat juwelenkistje te pakken en in een plastic tas te stoppen en/of (daarmee) de woning te verlaten;
T.a.v. feit 4:
hij, op of omstreeks 28 februari 2023 in de gemeente Bernheze tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, een hoeveelheid sieraden, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [naam 4] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (namelijk) door:
- die [naam 4] op te bellen en zich voor te stellen als een medewerker van de Rabobank, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 4] te zeggen dat er iets verkeerd was met zijn computer en/of dat hij een medewerker naar hem toe zou sturen om dit op te lossen en/of dat die [naam 4] aan de telefoon moest blijven, en/of
- zich (vervolgens) naar de woning van die [naam 4] te begeven en/of (nadat die [naam 4] de deur had geopend) die woning binnen te gaan, en/of
- in de laptop van die [naam 4] te kijken, en/of
- ( tijdens voornoemd telefoongesprek) aan die [naam 4] te vragen of hij contant geld of sieraden in huis had en/of tegen die [naam 4] te zeggen dat hij die sieraden aan de medewerker van de bank die in zijn woning was moest laten zien zodat die medewerker die sieraden kon fotograferen en de bank die [naam 4] vervolgens een kluis zou kunnen aanbieden zodat hij de sieraden veilig kon bewaren, en/of
- zich naar de slaapkamer van die [naam 4] te begeven en/of (aldaar) die sieraden te fotograferen, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 4] te zeggen dat er op donderdag 2 maart 2023 omstreeks 14.00 uur iemand aan de deur zou komen om zijn bankpas op te halen, en/of
- met die sieraden de woning van die [naam 4] te verlaten;
subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op 28 februari 2023 in de gemeente Bernheze, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn/haar mededader(s) voorgenomen misdrijf om een hoeveelheid sieraden, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [naam 4] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn/haar mededader(s), toebehoorde(n) weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (namelijk) door:
- die [naam 4] heeft opgebeld en zich voor te stellen als een medewerker van de Rabobank, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 4] heeft gezegd dat er iets verkeerd was met zijn computer en/of dat hij een medewerker naar hem toe zou sturen om dit op te lossen en/of dat die [naam 4] aan de telefoon moest blijven, en/of
- zich (vervolgens) naar de woning van die [naam 4] heeft begeven en/of (nadat die [naam 4] de deur had geopend) die woning binnen is gaan, en/of
- in de laptop van die [naam 4] heeft gekeken, en/of
- ( tijdens voornoemd telefoongesprek) aan die [naam 4] heeft gevraagd of hij contant geld of sieraden in huis had en/of tegen die [naam 4] te zeggen dat hij die sieraden aan de medewerker van de bank die in zijn woning was moest laten zien zodat die medewerker die sieraden kon fotograferen en de bank die [naam 4] vervolgens een kluis zou kunnen aanbieden zodat hij de sieraden veilig kon bewaren, en/of
- zich naar de slaapkamer van die [naam 4] heeft begeven en/of (aldaar) die sieraden te heeft gefotografeerd, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 4] heeft gezegd dat er op donderdag 2 maart 2023 omstreeks 14.00 uur iemand aan de deur zou komen om zijn bankpas op te halen, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
T.a.v. feit 5:
hij, op of omstreeks 3 maart 2023 in de gemeente Asten, tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] , heeft bewogen tot de afgifte van enig(e) goed(eren), te weten zeven bankpassen en/of een kastje om mee te kunnen internetbankieren ("E.dentifier"), (namelijk) door
- die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] (namens de ABN Amro bank) een SMS bericht te sturen met daarin de tekst: “Geachte klant, we nemen contact op i.v.m. een bedrag van 3400 euro wat is geprobeerd op te nemen in Ameland, voor nu hebben wij dit geannuleerd. We raden aan zo snel mogelijk contact opnemen met de alarmcentrale van de Abn Amro, we zijn bereikbaar op nummer + [nummer] ”, en/of
- die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] (vervolgens) op te bellen, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek met die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] ) zich voor te stellen als iemand van de fraude afdeling van de ABN Amro bank met de naam [naam 12] , en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] te zeggen dat het hen was gelukt om de transactie op Ameland te stoppen en/of dat zij niet op de computer mochten omdat er een virus op hun computer zat welke zich zou verspreiden als zij de computer zouden openen en/of dat vanwege de veiligheid de bankpassen geblokkeerd werden en dat daarbij de pincodes doorgegeven moest worden en/of dat de gouden chip in de bankpassen zou worden hergebruikt en/of dat er nieuwe bankpassen zouden worden aangemaakt en/of dat zij daarvoor een nieuwe pincode moesten opgeven, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] te zeggen dat zij niet weg mochten van de telefoon, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] te zeggen dat er iemand van de bank langs zou komen om de bankpassen op te halen en/of dat diegene zich kenbaar zou maken als [naam 13] en de code JJ77 zou doorgeven, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] te vragen of zij contant geld, sieraden of andere waardevolle spullen in huis hadden en/of tegen hen te zeggen dat zij die spullen in een envelop moesten doen en klaar moesten leggen, en/of
- zich (vervolgens) naar de woning van die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] te begeven en/of voornoemde woning (nadat die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] de deur had(den) geopend) binnen te gaan en/of zich (daarbij) kenbaar te maken als [naam 13] en de code JJ77 te noemen, en/of
- een enveloppe (met daarin die bankpassen en/of dat kastje om mee te kunnen internetbankieren ("E.dentifier")) van die [benadeelde 1] en/of [benadeelde 2] aan te nemen;
T.a.v. feit 6:
hij, op of omstreeks 6 maart 2023 in de gemeente Echt-Susteren tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, een kistje (met inhoud), in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde 3] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (namelijk) door:
- die [benadeelde 3] op te bellen en zich tijdens dat gesprek voor te doen als een medewerker van de Rabobank genaamd [naam 14] , en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [benadeelde 3] te zeggen dat er iets aan de hand was met haar bankrekening en/of dat er iemand van de Rabobank onderweg was om het probleem te verhelpen en/of hiervoor op de computer van [benadeelde 3] moest, en/of
- zich (vervolgens) naar de woning van die [benadeelde 3] te begeven en/of voornoemde woning (nadat die [benadeelde 3] de deur had geopend) binnen te gaan, en/of
- een (of meer) handeling(en) op de computer van die [benadeelde 3] te verrichten, en/of
- aan die [benadeelde 3] te vragen of er geld of waardevolle spullen in de woning aanwezig waren om een inventaris te maken, en/of
- voornoemd kistje (met inhoud) te pakken en hiermee de woning te verlaten;
T.a.v. feit 7:
hij, op of omstreeks 7 maart 2023 in de gemeente Alphen-Chaam tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, een (geld)kistje (met inhoud), in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde 4] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (namelijk) door:
- die [benadeelde 4] op te bellen en zich tijdens dat gesprek voor te doen als een medewerker van de Rabobank genaamd [naam 15] , en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [benadeelde 4] te zeggen dat er een actie was waarbij een gratis kluis werd geplaatst en/of dat er iemand langs zou komen om te bekijken hoe de kluis kon worden geplaatst, en/of
- zich (vervolgens) naar de woning van die [benadeelde 4] te begeven en/of voornoemde woning (nadat die [benadeelde 4] de deur had geopend) binnen te gaan en/of zich (daarbij) (nogmaals) voor te stellen als iemand van de Rabobank, en/of
- zich naar de slaapkamer van die [benadeelde 4] te begeven en te zeggen dat de kluis mogelijk in de kledingkast kon worden geplaatst, en/of
- een (geld)kistje uit de kast te pakken en te zeggen dat hij daarvan foto’s zou maken voor de afmetingen en/of (daarmee) de woning te verlaten;
T.a.v. feit 8:
hij, op of omstreeks 7 maart 2023 in de gemeente Zundert tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, een bankpas, in elk geval enig(e) goed(eren), dat/die geheel of ten dele aan [naam 5] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, (namelijk) door:
- die [benadeelde 4] op te bellen en zich tijdens dat gesprek voor te doen als een medewerker van de Rabobank, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 5] te zeggen dat er geld van zijn rekening was afgeschreven in Roermond en/of dat de beveiliging van zijn PC niet in orde zou zijn en/of een IT medewerker van de vestiging in Zundert onderweg zou zijn om de beveiliging te onderzoeken, en/of
- zich (vervolgens) naar de woning van die [naam 5] te begeven en/of voornoemde woning (nadat die [naam 5] de deur had geopend) binnen te gaan en/of zich (daarbij) voor te stellen als een IT medewerker, en/of
- aan die [naam 5] te vragen om de PC in te schakelen en/of de random reader te pakken en/of een (of meer) handeling(en) met de bankpas en/of op die random reader uit te voeren, en/of
- een (of meer) handeling(en) op die PC uit te voeren, en/of
- die bankpas te pakken en/of (vervolgens) de woning te verlaten;
T.a.v. feit 9:
hij, in of omstreeks de periode van 8 maart 2023 tot en met 10 maart 2023 in de gemeente Vaals tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte en/of zijn mededader(s) voorgenomen misdrijf om een hoeveelheid goederen en/of geld dat/die geheel of ten dele aan [naam 6] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) weg te nemen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen en zich de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of dat/die weg te nemen goed/goederen onder zijn/haar/hun bereik te brengen door middel van het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,
- die [naam 6] (op 8 maart 2023) heeft opgebeld en zich tijdens dat telefoongesprek heeft voorgedaan als een medewerker van de ING bank genaamd [naam 9] , en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 6] heeft gezegd dat er verschillende pogingen waren gedaan om EUR 400 van de rekening van die [naam 6] af te halen en/of dat hij die [naam 6] wilde helpen om dit op te lossen, en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) aan die [naam 6] heeft gevraagd of zij een brandkast of een safe in huis hadden en/of die safe verankerd was en/of
- ( tijdens dat telefoongesprek) tegen die [naam 6] heeft gezegd dat er een externe medewerker van de ING bank naar de woning van die [naam 6] zou komen en/of dat die [naam 6] de voordeur voor die medewerker moest openen en/of dat die [naam 6] moest kijken of er niets uit de brandkast of safe was gehaald, en/of
- zich (vervolgens) naar de woning van die [naam 6] heeft begeven en/of voornoemde woning (nadat die [naam 6] de deur had geopend) binnen is gegaan, en/of
- een (of meer) handelingen op de computer van die [naam 6] heeft verricht en/of een foto van het computerscherm heeft gemaakt, en/of
- ( daarbij) tegen die [naam 6] heeft gezegd dat zij virussen op de computer had en/of dat hij iets uit de auto zou halen en dan meteen zou terugkomen en/of
- zich (op 10 maart 2023) (nogmaals) met een karretje met daarop een doos naar de woning van die [naam 6] heeft begeven, en/of
- tegen die [naam 6] heeft gezegd dat hij een bestelling kwam brengen en een safe kwam installeren, en/of
- ( vervolgens) die [naam 6] heeft opgebeld en (tijdens dat telefoongesprek) heeft gezegd dat zij de voordeur moest openmaken voor die man die daar stond en/of dat deze man een safe kwam brengen om deze te installeren en te verankeren en/of dat de zoon van die [naam 6] deze safe had besteld en/of dat dit met de zoon van die [naam 6] was afgesproken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
T.a.v. feit 10:
hij, op een (of meer) tijdstip(pen), in of omstreeks de periode van 3 maart 2023 tot en met 7 maart 2023 in de gemeente(n) Asten, en/of Rucphen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een (of meer) ander(en), althans alleen, (telkens) een (of meer) geldbedrag(en) (van EUR 1.000 en/of (tweemaal) EUR 400), in elk geval enig(e) geldbedrag(en) dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde 1] , [benadeelde 2] en/of [naam 5] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), toebehoorde heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen,
terwijl verdachte en/of zijn mededader(s) zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft/hebben verschaft en/of dat weg te nemen geldbedrag onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van een valse sleutel, te weten een niet aan hem/hen, verdachte(n), in eigendom toebehorende pinpas.