ECLI:NL:RBLIM:2026:48

ECLI:NL:RBLIM:2026:48, Rechtbank Limburg, 14-01-2026, C/03/347165 / HA ZA 25-490

Instantie Rechtbank Limburg
Datum uitspraak 14-01-2026
Datum publicatie 21-01-2026
Zaaknummer C/03/347165 / HA ZA 25-490
Rechtsgebied Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Maastricht

Samenvatting

Civiel recht. Vonnis in incident. De zaak is aangebracht bij de kamer voor andere zaken dan kantonzaken. Vordering is minder dan € 25.000. De kamer voor andere zaken dan kantonzaken van deze rechtbank verwijst de zaak, na partijen te hebben gehoord, op grond van artikel 93 aanhef en onder a Rv en artikel 71 lid 2 Rv naar de kantonrechter. Dat een eventuele reconventionele vordering meer dan € 25.000 bedraagt, doet daar niet aan af, gelet op de inhoud van artikel 97 Rv. In deze zaak is immers sprake van voldoende samenhang.

Uitspraak

RECHTBANK Limburg

Civiel recht

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: C/03/347165 / HA ZA 25-490

Vonnis van 14 januari 2026

in de zaak van

[eiseres] , in haar hoedanigheid van executeur in de nalatenschap van [erflater],

te [plaats 1] ,

eisende partij,

hierna te noemen: [eiseres] ,

advocaat: mr. I.K. Decupere,

tegen

[gedaagde] ,

te [plaats 2] ,

gedaagde partij,

hierna te noemen: [gedaagde] ,

advocaat mr. J.J.M. Goltstein.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de rolbeslissing van 3 december 2025

- de akte uitlating namens beide partijen.

Vervolgens is de zaak naar de rol verwezen voor rolbeslissing, welke beslissing de rechtbank heeft gewijzigd in vonnis waarvan de uitspraak is bepaald op heden.

2. De beoordeling

De rechtbank heeft partijen in staat gesteld zich uit te laten over de vraag of de kamer voor andere zaken dan kantonzaken bevoegd is om van het gevorderde kennis te nemen.

[eiseres] is van mening dat de legitieme vordering van [gedaagde] niet meer dan

€ 25.000,00 beloopt, zodat zij instemt met verwijzing naar de kamer voor kantonzaken.

[gedaagde] stelt zich op het standpunt dat het saldo van de nalatenschap, althans de legitimaire massa – en daarmee zijn legaat en legitieme portie – hoger is dan hetgeen volgt uit de berekening van de erven van zijn vader. In reconventie zal hij onder meer vaststelling van het saldo van de nalatenschap, respectievelijk de hoogte van de legitimaire massa, respectievelijk zijn legitieme portie vorderen. Volgens [gedaagde] is de zaak terecht bij de rechtbank aangebracht.

Naar het oordeel van de rechtbank is de kantonrechter ex artikel 93 aanhef en onder a RV bevoegd om te oordelen over de vordering van [eiseres] , omdat de waarde van die vordering onder € 25.000,00 ligt. Dat [gedaagde] voornemens is een reconventionele vordering in te stellen met een waarde boven de € 25.000,00 doet daaraan niet af.

In artikel 97 Rv is bepaald dat een zaak in reconventie in afwijking van de artikelen 93 tot en met 96 wordt behandeld en beslist door de rechter die de zaak in conventie behandelt en beslist, voor zover de samenhang tussen de vorderingen zich tegen afzonderlijke behandeling verzet. Naar het oordeel van de rechtbank is in deze zaak sprake van voldoende samenhang, nu de vorderingen voortvloeien uit dezelfde nalatenschap. Gelet hierop kan de kantonrechter ook de (toekomstige) vordering in reconventie behandelen.

De rechtbank blijft derhalve bij haar oordeel dat de zaak moet worden verwezen naar de kantonrechter van deze rechtbank. Omdat [eiseres] haar vordering niet heeft ingediend bij de kantonrechter, zal de rechtbank de zaak op de voet van artikel 71 lid 2 Rv ambtshalve naar de kantonrechter verwijzen.

3. De beslissing

De rechtbank

verwijst de zaak in de stand waarin deze zich bevindt naar de rolzitting van de kantonrechter van deze rechtbank, locatie Maastricht, op woensdag 28 januari 2026 om 10:00 uur voor beraad kantonrechter,

wijst partijen erop dat zij in het vervolg van de procedure niet meer vertegenwoordigd hoeven te worden door een advocaat, maar ook persoonlijk of bij gemachtigde kunnen verschijnen,

wijst partijen erop dat het in deze procedure geheven griffierecht ingevolge artikel 8 lid 4 WGBZ zal worden verlaagd en dat het eventueel teveel betaalde griffierecht door de griffier zal worden teruggestort.

Dit vonnis is gewezen door mr. Etman en in het openbaar uitgesproken.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?