ECLI:NL:RBLIM:2026:6926

ECLI:NL:RBLIM:2026:6926

Instantie Rechtbank Limburg
Datum uitspraak 06-07-2026
Datum publicatie 14-07-2026
Zaaknummer C/03/353318 / BZ RK 26-1226
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Roermond

Samenvatting

Zorgmachtiging aansluitend op crisismaatregel, in het kader van de Wvggz. Inhoudelijk verweer door advocaat op ernstig nadeel en medische verklaring.

Uitspraak

RECHTBANK LIMBURG

Familie- en Jeugdrecht

Locatie Roermond

Zaaknummer: C/03/353318 / BZ RK 26-1226

Datum uitspraak: 6 juli 2026

Beschikking zorgmachtiging aansluitend op crisismaatregel

op het verzoek van de officier van justitie voor

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum] 1989 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen: betrokkene,

wonend in [woonplaats] ,

advocaat: mr. A.J.T.M. Oudenhoven uit Venlo.

1. Het verloop van de procedure

De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 16 juni 2026.

De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 6 juli 2026. Daarbij zijn gehoord:

betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;

[naam 1] , psychiater;

[naam 2] , verpleegkundig specialist.

2. Wat vaststaat

De rechtbank heeft een machtiging verleend tot en met 17 juni 2026.

3. Het verzoek en het verweer

De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van zes maanden.

De behandelend arts heeft toegelicht dat betrokkene een uitgebreide voorgeschiedenis heeft. Nadat betrokkene bij [locatie 1] kwam en de zorgmachtiging niet is verlengd, is betrokkene gestopt met medicatie. Hierna ontstonden er steeds meer gedragsproblemen, waardoor betrokkene ook moest stoppen met dagbesteding. Er is een patroon te zien van veel problemen met medebewoners en begeleiding. Het gaat dan om grensoverschrijdend gedrag waar betrokkene ook officiële waarschuwingen voor heeft gekregen en waarvan aangifte is gedaan. Dit heeft er ook toe geleid dat betrokkene is overgeplaatst naar de gesloten afdeling [nummer] . Inmiddels heeft betrokkene vrijheden opgebouwd en verblijft hij sinds enkele weken op een flexkamer, van waaruit hij naar buiten kan. Hij kan echter niet meer terug naar de vorige afdeling. Betrokkene wenst geen behandeling of begeleiding. Mogelijk kan betrokkene in het najaar terecht bij zelfstandig begeleid wonen van [locatie 2] . Daar wordt nu op ingezet. Tot die tijd blijft het noodzakelijk om bepaalde kaders te kunnen stellen voor betrokkene, omdat hij nergens mee instemt, niet op anderen kan afstemmen en zichzelf boven anderen plaatst. Het stellen van kaders is nodig om escalaties, ook in de maatschappij, te voorkomen. In het verleden is gezien dat medicatie leidt tot minder impulsiviteit en minder chaotisch gedrag bij betrokkene. Hierdoor wordt de kans op conflicten en grensoverschrijdend gedrag kleiner en dit zou de kans van slagen van zelfstandig wonen vergroten.

De advocaat van betrokkene heeft namens betrokkene aangevoerd dat betrokkene geen zorgmachtiging wenst. Hij benadrukt dat de diagnoses waar in de medische verklaring van wordt uitgegaan oud zijn en dat, als een zorgmachtiging wordt overwogen, eerst een actueel expertiseonderzoek moet plaatsvinden. De advocaat heeft verzocht om de zaak aan te houden totdat dit is gebeurd, omdat een zorgmachtiging een ingrijpende maatregel is. Daarbij geeft de medische verklaring een gekleurd beeld. Sinds betrokkene in de flexkamer verblijft, gaat het beter met hem. Er zijn de laatste weken geen incidenten meer geweest. Eerdere problemen betroffen vooral irritatie richting personeel. Het in de medische verklaring genoemde ernstig nadeel, zoals manipulatie en wantrouwen, vindt de advocaat onvoldoende concreet en niet voldoende onderbouwd. De advocaat benadrukt dat bewoning met een verzameling van persoonlijke spullen geen verwaarlozing van de woning is en dat het ernstig nadeel niet duidelijk is aangetoond. De advocaat heeft dan ook verzocht om de vorm van verplichte zorg ‘onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen’ af te wijzen. Ten slotte merkt hij op dat medicatie niet in de stukken is besproken en dat eerst bekeken moet worden wat medisch nodig is, zonder direct over te gaan tot een zorgmachtiging. Betrokkene wil blijven meewerken en streeft naar zelfstandig wonen.

Betrokkene zegt de benodigde zorg vrijwillig te zullen aangaan. Volgens betrokkene klopt het van hem geschetste beeld niet. Het personeel wil betrokkene wegwerken. Er worden zaken uit het verleden aangehaald om een zorgmachtiging te krijgen.

4. De beoordeling

De rechtbank zal de gevraagde machtiging verlenen voor de duur van zes maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.

Op grond van artikel 5:17 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz) in samenhang gelezen met het bepaalde in artikel 6:4 Wvggz verleent de rechtbank een zorgmachtiging indien naar haar oordeel is voldaan aan de criteria voor verplichte zorg, bedoeld in artikel 3:3 Wvggz en het doel van verplichte zorg, bedoeld in artikel 3:4 Wvggz, onderdelen b tot en met e. De rechtbank neemt hierbij de algemene uitgangspunten van artikel 2:1 Wvggz in acht.

De rechtbank is, op basis van het verzoekschrift en de medische verklaring, van oordeel dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten neurocognitieve ontwikkelingsstoornissen in de vorm van een autismespectrumstoornis, persoonlijkheidsstoornis, en exhibitionisme- en impulscontrolestoornis.

De rechtbank is van oordeel dat de diagnoses die staan vermeld in de medische verklaring bruikbaar zijn. Alhoewel niet is vermeld wanneer de diagnoses zijn gesteld, is wel beschreven dat uitgebreide diagnostiek heeft plaatsgevonden. Daarbij heeft de psychiater tijdens de zitting verklaard dat de diagnoses op elke afdeling waar betrokkene heeft verbleven zijn gesteld. Het betreft een klinische diagnose en de ontwikkelingsstoornis van betrokkene is al vanaf zijn jeugd vastgesteld. De rechtbank ziet dan ook geen reden om het verzoek om een zorgmachtiging aan te houden in afwachting van een actueel expertiseonderzoek en gaat er vanuit dat bij betrokkene sprake is van de in r.o. 4.3. genoemde psychische stoornis.

Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:

- levensgevaar;

- ernstig lichamelijk letsel;

- ernstige psychische schade;

- ernstige verwaarlozing;

- maatschappelijke teloorgang;

- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.

In tegenstelling tot de advocaat is de rechtbank van oordeel dat het ernstig nadeel dat wordt veroorzaakt door de psychische stoornis voldoende is beschreven. Betrokkene verblijft op [nummer] bij [locatie 1] . Hij is naar deze afdeling overgeplaatst na ernstige conflicten en grensoverschrijdend gedrag richting personeel en in de maatschappij. Betrokkene vertoont manipulatief, intimiderend en bedreigend gedrag, gecombineerd met achterdocht. Daarnaast externaliseert hij zijn probleemgedrag en is hij wantrouwend naar het personeel, van wie hij veronderstelt dat zij samenspannen om van hem af te komen. Betrokkene lijkt zichzelf te overschatten en hij etaleert hoe goed hij is. Vanuit zijn ASS en persoonlijkheidsstoornis ontstaan er conflicten die snel escaleren, waarbij betrokkene intimiderend, bedreigend en agressief kan zijn. Dit vormt een reëel risico op onveiligheid voor betrokkene zelf en anderen. Ook tijdens de zitting is deze houding bij betrokkene waargenomen. Door de behandelend arts genoemde recente gebeurtenissen die zien op conflicten op de afdeling worden door betrokkene niet ontkend, maar wel geminimaliseerd. De rechtbank heeft geen reden om aan te nemen dat deze incidenten niet hebben plaatsgevonden. Daarbij komt dat de psychiater heeft aangegeven dat er meerdere officiële waarschuwingen zijn gegeven aan betrokkene en dat aangiftes tegen hem zijn gedaan. De rechtbank heeft ook geen reden om aan te nemen dat dit niet zo is. In de medische verklaring wordt het ernstig nadeel dat wordt veroorzaakt door de psychische stoornis van betrokkene concreet omschreven en vervolgens in algemene termen toegelicht (aangevinkt).

Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.

Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis, omdat betrokkene zich verzet tegen de zorg. Daarom is verplichte zorg nodig. Hoewel betrokkene mogelijk op korte termijn zelfstandig kan wonen bij [locatie 2] , is het nog onduidelijk vanaf welke datum dit zal plaatsvinden. Tot die tijd zijn duidelijke kaders noodzakelijk om een goed verblijf op de afdeling te kunnen waarborgen en escalaties zoveel mogelijk te voorkomen.

De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:

- het toedienen van medicatie;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- het opnemen in een accommodatie.

Ter zitting is gebleken dat de vorm van verplichte zorg ‘onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen’ niet noodzakelijk is. De rechtbank zal daarom deze vorm van verplichte zorg afwijzen.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn naar haar oordeel evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

5. De beslissing

De rechtbank:

verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedatum] 1989 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 4.8. staan, kunnen worden toegepast;

bepaalt dat deze machtiging geldt voor de duur van zes maanden, dus tot en met uiterlijk 6 januari 2027;

wijst af het anders of meer gevorderde.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 6 juli 2026 door mr. E.C.M. Minkenberg, rechter, in aanwezigheid van D.S.M. Lange, griffier, en op schrift gesteld op 8 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. E.C.M. Minkenberg

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand