RECHTBANK LIMBURG
vonnis
Burgerlijk recht
Zittingsplaats Maastricht
zaaknummer: C/03/333914 / HA ZA 24-372
Vonnis van 28 januari 2026
in de zaak van
TITAN GROEP B.V.,
te Beek (L.),
eiseres in conventie, verweerster in reconventie,
hierna te noemen: Titan Groep,
advocaat voorheen mr. [persoon] , thans geen advocaat;
tegen:
VDL CASTINGS HEERLEN B.V.,
te Hoensbroek, gemeente Heerlen,
gedaagde in conventie, eiseres in reconventie,
hierna te noemen: VDL,
advocaat mr. E. Jansberg.
1. Het verdere verloop van de procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 24 september 2025 (hierna: het tussenvonnis);- de onttrekking van mr. [persoon] als advocaat van Titan Groep op 8 oktober 2025;
de akte uitlating na tussenvonnis met productie 24, tevens eisvermindering, van VDL;
het B16-formulier van VDL van 30 oktober 2025 waarbij vonnis gevraagd wordt.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De verdere beoordeling
In conventie
In het tussenvonnis is bepaald dat het eindvonnis in conventie aangehouden wordt in afwachting van het eindvonnis in reconventie. Uit de beoordeling in reconventie hierna zal blijken dat in reconventie eindvonnis gewezen zal worden. Daarom zal de rechtbank nu ook in conventie eindvonnis wijzen.
Het dictum in conventie zal aansluiten bij hetgeen de rechtbank in het tussenvonnis onder 4.44. tot en met 4.48. heeft overwogen.
In reconventie
In het tussenvonnis heeft de rechtbank VDL toegelaten te bewijzen dat de schade aan het dak enkel is te wijten aan de werkzaamheden van Titan Groep. Verder is VDL in de gelegenheid gesteld bij akte stukken in het geding te brengen waaruit de betaling blijkt van de facturen ter zake het schoonmaken van 108 auto’s.
De vordering van € 8.075,00 ter zake de reparatie van het dak
In haar akte stelt VDL geen gebruik te willen maken van de haar geboden gelegenheid om te bewijzen dat de schade aan het dak uitsluitend het gevolg is van de werkzaamheden van Titan Groep. In verband daarmee vermindert zij haar vordering met € 8.075,00.
Vanwege deze vermindering van de eis van VDL hoeft de rechtbank niet meer in te gaan op het onderwerp ‘kosten reparatie van het dak’.
De vordering van € 32.105,00 ter zake betaalde schoonmaakkosten van 108 auto’s
VDL heeft bij akte als productie 24 een viertal bankafschriften in het geding gebracht. Uit die bankafschriften blijkt dat VDL in totaal € 29.076,30 aan [bedrijf] heeft betaald. Dat bedrag is volgens VDL inclusief btw. VDL vordert de gemaakte kosten exclusief btw (€ 24.030,00) omdat zij de btw kan verrekenen, die over de schoonmaakkosten verschuldigd is.
Omdat Titan Groep, ondanks daartoe bij tussenvonnis in de gelegenheid te zijn gesteld, die vordering niet heeft betwist, ligt de vordering van € 24.030,00 voor toewijzing gereed.
Eindconclusie in reconventie
Met inachtneming van hetgeen de rechtbank heeft overwogen in het tussenvonnis in rov. 4.26. tot en met 4.43. en in 4.49. en in dit eindvonnis in rov. 2.7., ligt voor toewijzing gereed: € 18.150,00 + € 18.233,47 + € 24.030,00 + € 17.288,50 - € 2.625,70 = € 75.076,27.
De gevorderde veroordeling tot betaling van verschenen wettelijke handelsrente moet worden afgewezen in zoverre deze ziet op de vergoeding van de schade in verband met het schoonmaakkosten van de auto’s. De wettelijke handelsrente kan immers enkel worden toegewezen indien het betreft de vertraging in de voldoening van een geldsom in geval van een handelsovereenkomst. De vordering ter zake de schoonmaakkosten vloeit echter vordert uit een tekortkoming in de nakoming ter zake die handelsovereenkomst.
De rechtbank spreekt in reconventie geen afzonderlijke proceskostenvergoeding uit omdat die kosten al onderdeel zijn van het in reconventie toegewezen bedrag van € 75.076,27.
3. De beslissing
De rechtbank:
In conventie
wijst het gevorderde af;
veroordeelt Titan Groep in de proceskosten van VDL tot heden begroot op € 5.137,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na dagtekening van dit vonnis tot aan de dag der algehele voldoening, en te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als Titan Groep niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
verklaart dit vonnis wat betreft de veroordeling onder 3.2. uitvoerbaar bij voorraad;
In reconventie
veroordeelt Titan Groep om aan VDL te betalen een bedrag van € 75.076,27, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 24 oktober 2024 over € 51.046,27, en de wettelijke rente vanaf 24 oktober 2024 over € 24.030,00, telkens tot aan de dag der algehele voldoening;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af het meer of anders gevorderde.
Dit vonnis is gewezen door mr. Etman, rechter, en in het openbaar uitgesproken.