RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Roermond
Strafrecht
Parketnummer : 03.148952.24
Tegenspraak
Vonnis van de meervoudige kamer van 26 augustus 2026
in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboortegegevens] 1973,
wonende te [adres 1] .
De verdachte wordt bijgestaan door mr. B.G. Janssen, advocaat kantoorhoudende te Maastricht.
1. Onderzoek van de zaak
De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 12 augustus 2026. De verdachte en zijn raadsman zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.
Deze zaak is gelijktijdig, maar niet gevoegd, behandeld met de strafzaak tegen de medeverdachte [medeverdachte 1] met het parketnummer 03.142421.24.
2. De tenlastelegging
De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte op 13 augustus 2023 te Landgraaf samen met een of meer anderen:
Feit 1: opzettelijk 2.011,95 gram Xtc-pillen aanwezig heeft gehad;
Feit 2: voorbereidingshandelingen heeft verricht voor de productie van harddrugs door daartoe bestemde voorwerpen en stoffen voorhanden te hebben.
3. De beoordeling van het bewijs
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van de tenlastegelegde feiten. Daartoe heeft hij aangevoerd dat de spullen uit garagebox 18 horen bij de spullen uit box 23, nu in beide boxen soortgelijke spullen liggen en beide boxen door medeverdachte [medeverdachte 2] worden gehuurd. Daar komt bij dat DNA van de verdachte is aangetroffen op een fles zwavelzuur bij garagebox 23. De verklaring die de verdachte heeft gegeven over deze belastende bewijsmiddelen, namelijk dat de fles afkomstig is uit een garagebox die hij voorheen huurde, is ongeloofwaardig en dient terzijde te worden geschoven. Een fles zwavelzuur kost immers maar enkele euro’s. Het is dus niet aannemelijk dat iemand een jarenoude fles uit zijn garagebox in de [adres 2] meeneemt om vervolgens in een andere garagebox te leggen, zeker niet in het drugsmilieu, waarin tonnen zo niet miljoenen omgaan. Uit de berichten in een groeps-chat in de telefoon van de verdachte blijkt bovendien dat hij nog steeds actief is, althans contacten onderhoud met “het wereldje”.
Het standpunt van de verdediging
De raadsman heeft integrale vrijspraak bepleit voor beide feiten. Volgens hem is er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs dat de verdachte wetenschap en beschikkingsmacht had over de aangetroffen verdovende middelen en de voorwerpen die kennelijk bestemd waren voor de productie van harddrugs, ook niet in de zin van medeplegen. Het DNA-spoor van de verdachte op een fles zwavelzuur is de enige link met de plaats delict en met hetgeen hem wordt verweten. De bewijswaarde die is berekend van dit DNA-spoor is echter niet bruikbaar, omdat er geen rekening mee is gehouden dat zijn zoon deze fles mogelijk ook vast heeft gehad. Bovendien heeft de verdachte een plausibele verklaring gegeven voor dit DNA-spoor, die op basis van het dossier niet als ongeloofwaardig ter zijde kan worden geschoven. Het is ook niet duidelijk uit welke box de fles zwavelzuur komt. Er is ook onvoldoende bewijs is dat het werd bewaard als voorbereidingshandeling voor de productie van drugs. Medeverdachte [medeverdachte 2] probeert de schuld van zich af te schuiven, maar de verhuurder van de boxen herkent hem juist als zijnde de huurder, diegene die het huurcontract heeft getekend en de huur ook heeft betaald, wat het verhaal van [medeverdachte 2] ongeloofwaardig maakt. De groeps-chat uit maart 2021 waarin [medeverdachte 2] een foto met pillen heeft gestuurd zegt helemaal niets over de verdachte, want die verbleef op dat moment in detentie.
Het oordeel van de rechtbank
Op grond van het dossier stelt de rechtbank het volgende vast.
In de nacht van 13 augustus 2023 is er in 20 garageboxen achter het perceel [adres 3] in Landgraaf ingebroken. Dit heeft ertoe geleid dat deze garageboxen door de politie zijn onderzocht. Hierbij heeft de politie in garagebox 18 vier plastic zakken met Xtc-pillen gevonden. Deze zakken met Xtc-pillen zijn inbeslaggenomen. In garagebox 18 heeft de politie verder nog drie jerrycans met elk 5 liter methanol, vier flessen met elk 1 liter zoutzuur, een jerrycan met 1 liter zwavelzuur, een zak met 23 kilogram cellulose, een zak met 5 kilo cafeïne, een persframe, vier persmallen en twee potkrikken aangetroffen en inbeslaggenomen. Vóór garagebox 23 trof de politie twee kruiwagens met daarop een papieren zak en drie boodschappentassen aan. In die papieren zak bleek 25 kilo BMK-glycidezuur te zitten. In de boodschappentassen zaten vijftien jerrycans met daarin methanol, een fles met 1 liter zoutzuur en een fles met 1 liter zwavelzuur. In een boodschappentas zat ook een Ikea gripzakje met daarin XTC. Verder lag er in garagebox 23 nog een gasmasker. De goederen die zijn aangetroffen voor en in garagebox 23 zijn eveneens inbeslaggenomen. Op een door de verhuurder toegestuurd huurcontract werd [medeverdachte 2] als huurder vermeld van de garageboxen 18 en 23. Dit bleek een bekende van de verdachte te zijn. De politie heeft de zakken waarin de Xtc-pillen zaten en een deel van de andere inbeslaggenomen goederen op DNA-sporen en vingerafdrukken onderzocht.
Op de fles zwavelzuur die vóór garagebox 23 stond, is een onvolledig DNA-hoofdprofiel van de verdachte aangetroffen. In het rapport hierover is opgenomen dat het extreem veel waarschijnlijker is dat dit DNA-spoor van de verdachte is dan een willekeurig ander persoon. Er zijn geen andere sporen van de verdachte aangetroffen. Uit het dossier blijkt verder de verdachte aan een Whatsapp groep deelnam waarin ook de medeverdachten [medeverdachte 1] (de zoon van de verdachte) en [medeverdachte 2] zaten. In deze Whatsapp groep heeft [medeverdachte 2] op 10 maart 2021 een foto met daarop gekleurde pillen verstuurd.
Vrijspraakoverweging
De rechtbank gaat er net als de officier van justitie van uit dat de inhoud van de garageboxen 18 en 23 bij elkaar horen en in samenhang moeten worden bezien. Deze garageboxen worden allebei door [medeverdachte 2] gehuurd en hierin stonden soortgelijke goederen.
Op de zakken met Xtc-pillen en de spullen die zich in de garageboxen bevonden is geen DNA van de verdachte aangetroffen. Hierop zijn evenmin vingerafdrukken van hem aangetroffen. De verdachte kan daarom niet op grond van forensisch bewijs aan de Xtc-pillen of overige goederen die in de garageboxen werden aangetroffen worden gekoppeld.
Op de fles zwavelzuur die vóór garagebox 23 stond, is wel DNA van de verdachte aangetroffen. Door de verdediging is aangevoerd dat de bewijswaarde die hieraan is gegeven niet bruikbaar is. De rechtbank gaat, mede vanwege de eigen verklaring van de verdachte, wel van deze bewijswaarde uit. De verdachte heeft over de fles zwavelzuur verklaard dat hij een paar jaar geleden ergens anders garageboxen heeft gehad die op enig moment moesten worden leeggehaald. De verdachte heeft toen aan zijn zoon gevraagd om deze garageboxen op te ruimen, omdat de verdachte in de gevangenis zat. Volgens de verdachte moet die fles dus daar vandaan zijn gekomen. De rechtbank plaatst net als de officier van justitie vraagtekens bij deze verklaring, maar dit alternatieve scenario voor de aanwezigheid van zijn DNA op de fles wordt niet door de bewijsmiddelen in het dossier weerlegd. Naar het oordeel van de rechtbank is enkel de aanwezigheid van het DNA van de verdachte op deze fles onvoldoende om te kunnen vaststellen dat de verdachte betrokken is bij de aangetroffen Xtc-pillen en de goederen die aanwezig waren ter voorbereiding van het vervaardigen van harddrugs. Bij dit oordeel betrekt de rechtbank dat er in 20 garageboxen was ingebroken en dat de fles zwavelzuur in een kruiwagen voor garagebox 23 stond. Het is daarom niet met zekerheid vast te uit welke garagebox die fles zwavelzuur vandaan komt. Daar komt bij dat uit het strafblad van volgt dat de verdachte van 30 mei 2023 tot en met 24 februari 2024 een gevangenisstraf heeft uitgezeten. Hij zat dus al zo’n 2,5 maand vast toen de spullen in en bij de garageboxen zijn aangetroffen. Tenslotte overweegt de rechtbank dat de deelname van de verdachte aan een Whatsapp groep met 52 deelnemers, waarin in 2021 een foto van gekleurde pillen is gestuurd, evenmin leidt tot wettig en overtuigend bewijs. Gelet hierop spreekt de rechtbank de verdachte integraal vrij.
4. Het beslag
De officier van justitie heeft gevorderd dat de onder de verdachte in beslag genomen mobiele telefoon verbeurd wordt verklaard, omdat daar drugsgerelateerde gesprekken op zijn aangetroffen. Aangezien de rechtbank tot het oordeel is gekomen dat de verdachte dient te worden vrijgesproken van het tenlastegelegde, zal zij de teruggave aan de rechthebbende gelasten van het hierna in de beslissing genoemde (reeds teruggegeven) in beslag genomen voorwerp.
5. De beslissing
De rechtbank:
Vrijspraak
- spreekt de verdachte vrij van het tenlastegelegde;
Beslag
- gelast de teruggave van het volgende (reeds teruggegeven) in beslag genomen voorwerp aan de beslagene:
1 STK GSM (Omschrijving: PL2300-2023126789-G1635097, doorzichtig oranje hoesje, zwart, merk: Samsung).
Dit vonnis is gewezen door mr. M.J.H. van den Hombergh, voorzitter, mr. J.M.E. Kessels en mr. S.S. Vijn, rechters, in tegenwoordigheid van mr. F.M.A. Curfs, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 26 augustus 2026.
BIJLAGE: De tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd dat
T.a.v. feit 1:
hij op of omstreeks 13 augustus 2023 te Landgraaf, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 2.011,95 gram (XTC-)pillen, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA, zijnde MDMA een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
T.a.v. feit 2:
hij op of omstreeks 13 augustus 2023 te Landgraaf tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, om een feit, bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden en/of te bevorderen,
te weten:
- het opzettelijk telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken en/of vervoeren; en/of
- het opzettelijk vervaardigen
van (met)amfetamine, heroïne, cocaïne en/of MDMA, in elk geval een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens artikel 3a, vijfde lid van de Opiumwet
- een ander heeft getracht te bewegen om dat feit te plegen, te doen plegen, mede te plegen en/of uit te lokken, om daarbij behulpzaam te zijn en/of om daartoe gelegenheid, middelen en/of inlichtingen tot het plegen van dat feit heeft getracht te verschaffen,
- voorwerpen, vervoermiddelen en/of stoffen voorhanden heeft gehad, waarvan zij, verdachte en/of haar mededader(s), wist(en) of ernstige reden had(den) om te vermoeden dat zij bestemd waren tot het plegen van dat feit,
door
- 25 kilogram, althans een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende BMK-glycidezuur, en/of
- 90 liter, althans een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende methanol, en/of
- 5 liter, althans een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende zoutzuur, en/of
- 2 liter, althans een (grote) hoeveelheid zwavelzuur, en/of
- 23 kilogram, althans een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende cellulose, en/of
- 5 kilogram, althans een (grote) hoeveelheid van een materiaal bevattende coffeïne,
zijnde een voorwerp en/of stof, waarvan hij, verdachte en/of zijn mededader(s), wist(en) of ernstige reden had(den) om te vermoeden dat die stof(fen) bestemd was/waren tot het plegen van dat feit, voorhanden heeft gehad.