ECLI:NL:RBLIM:2026:9311

ECLI:NL:RBLIM:2026:9311

Instantie Rechtbank Limburg
Datum uitspraak 16-09-2026
Datum publicatie 01-09-2026
Zaaknummer C/03/353165 HA ZA 26-262
Rechtsgebied Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Maastricht

Samenvatting

Bevoegdheidsincident afgewezen rechtsmacht Nederlandse rechter op grond van artikel 2 Rv.

Uitspraak

RECHTBANK Limburg

Civiel recht

Zittingsplaats Maastricht

Zaaknummer: C/03/353165 / HA ZA 26-262

Vonnis in incident van 16 september 2026

in de zaak van

[de vrouw] ,

wonend te [plaats 1] (Duitsland),

eisende partij in de hoofdzaak,

verwerende partij in het incident,

hierna te noemen: [de vrouw] ,

advocaat: mr. R.F. Cohen,

tegen

[de man] ,

wonend te [plaats 2] , gemeente Sittard-Geleen,

gedaagde partij in de hoofdzaak,

eisende partij in het incident,

hierna te noemen: [de man] ,

advocaat: mr. G.A.M.F. Spera.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties 1 t/m 4,

- de incidentele conclusie houdend exceptie van onbevoegdheid met 1 productie,

- de incidentele conclusie van antwoord met productie 5.

Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2. De feiten

Partijen zijn met elkaar gehuwd op [datum] 1974 te [plaats 3] (Duitsland).

Bij beschikking van deze rechtbank van 30 oktober 2025 is tussen partijen de echtscheiding uitgesproken. De echtscheidingsbeschikking is op 5 maart 2026 ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand te ’s-Gravenhage.

Bij beschikking van deze rechtbank van 2 februari 2026 heeft de rechtbank overwogen dat het Duitse recht van toepassing is op het huwelijksvermogensregime.

3. Het geschil

in de hoofdzaak

[de vrouw] stelt dat [de man] gedurende het huwelijk (ouderdoms-)pensioenrechten heeft opgebouwd. [de vrouw] vordert, kort gezegd, verdeling tussen partijen van de tijdens het huwelijk opgebouwde pensioenrechten.

in het incident

[de man] vordert dat de rechtbank zich bij incidenteel vonnis – vatbaar voor tussentijds beroep en zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad – onbevoegd zal verklaren. [de man] stelt dat de verdeling van de opgebouwde pensioenrechten wordt beheerst door het Duitse recht, zodat het Familiengericht bevoegd is van het verzoek tot verevening kennis te nemen. Nu [de vrouw] woonachtig is in Duitsland en Burgerlijke Rechtsvordering geen bevoegdheid toekent aan de Nederlandse rechter, is de Duitse rechter dwingend bevoegd, aldus [de man] .

[de vrouw] voert verweer. Zij stelt dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft op grond van artikel 2 Rv, nu [de man] woonachtig is in [plaats 2] .

4. De beoordeling in het incident

Als niet alle partijen in Nederland woonachtig zijn of gevestigd zijn, zoals in deze zaak, moet beoordeeld worden of de Nederlandse rechter bevoegd is om over het geschil te oordelen.

Allereerst rijst de vraag aan de hand van welke internationaal privaatrechtelijke bron de rechtsmacht van de Nederlandse rechter in dit geval moet worden beoordeeld. Pensioenverevening wordt niet bestreken door de verordening Brussel I-bis (nr. 1215/2012) en de verordening Brussel II-ter (nr. 2019/1111). De verordening huwelijksvermogensstelsels (nr. 2016/1103) is in dit geval evenmin van toepassing, gelet op artikel 1, tweede lid, onder f. Aangezien er geen andere verdragen of EU-verordeningen zijn die het onderwerp van de pensioenverevening tussen voormalige echtgenoten bestrijken, zal op grond van artikel 1 Rv de rechtsmacht van de Nederlandse rechter beoordeeld moeten worden volgens de regels van het Nederlandse commune internationaal bevoegdheidsrecht, zoals neergelegd in de artikelen 2 tot en met 14 Rv.Artikel 2 Rv bepaalt dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft, nu de gedaagde ( [de man] ) in Nederland zijn woonplaats of gewone verblijfplaats heeft.

De incidentele vordering tot onbevoegdverklaring zal derhalve worden afgewezen.

De rechtbank zal tussentijds hoger beroep niet openstellen, nu dit verzoek niet door [de man] is gemotiveerd en het openstellen van hoger beroep zal leiden tot onredelijke vertraging van de procedure.

Gelet op de relatie tussen partijen (voormalig echtgenoten) zullen de proceskosten tussen hen worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

5. De beslissing

De rechtbank

in het incident

wijst de vorderingen af,

compenseert de kosten van het incident tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,

in de hoofdzaak

verwijst de zaak naar de rol van 28 oktober 2026 voor conclusie van antwoord aan de zijde van [de man] alsmede opgave verhinderdata aan de zijde van beide partijen voor een mondelinge behandeling in de periode december 2026 tot en met april 2027,

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. De Bruijn en in het openbaar uitgesproken.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand