ECLI:NL:RBMNE:2019:5484

ECLI:NL:RBMNE:2019:5484, Rechtbank Midden-Nederland, 30-08-2019, AWB - 18 _ 954

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 30-08-2019
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer AWB - 18 _ 954
Rechtsgebied Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:GHARL:2021:1533
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 2 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0007119

Samenvatting

WOZ. Beroep op 8:42 Awb slaagt niet. Vergelijkingsmethode. Correctie toegepast in de matrix. Volgens eiser is deze correctie niet groot genoeg. Hiervan zijn geen bewijzen, eiser weigert een inpandige opname en ook eisers taxateur is niet inpandig geweest. Deze uitspraak is gepubliceerd in verband met een onderzoek van de Universiteit Utrecht.

Uitspraak

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van

30 augustus 2019 in de zaak tussen

[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres

(gemachtigde: A. van den Dool),

en

de heffingsambtenaar van de gemeente [gemeente] , verweerder

(gemachtigde: B.A. Schras).

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. Het beroep richt zich tegen verweerders uitspraak op bezwaar van 23 januari 2018, waarin het bezwaar van eiseres tegen de beschikking van 31 januari 2017 ongegrond is verklaard. Bij die beschikking heeft verweerder op grond van de Wet waardering onroerende zaken de waarde van de woning [adres] in [woonplaats] voor het belastingjaar 2017 vastgesteld op € 657.000,-, naar de waardepeildatum 1 januari 2016. Eiseres bepleit een lagere waarde.

2. De zaak is behandeld op de zitting van 30 augustus 2019, waar de gemachtigde van eiseres, de gemachtigde van verweerder en verweerders taxateur [taxateur] aanwezig waren. Na afloop van de zitting heeft de rechtbank direct uitspraak gedaan en is erop gewezen dat hiertegen hoger beroep kan worden ingesteld.

3. Namens eiseres is er aan het einde van de zitting op gewezen dat het verslag van de hoorzitting en de grondstaffel door verweerder ten onrechte niet zijn overgelegd. Dit zijn op de zaak betrekking hebbende stukken die verweerder op grond van artikel 8:42, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) aan de rechtbank had moeten sturen. Het gevolg is dat de rechtbank daaruit, gelet op artikel 8:31 van de Awb, de gevolgtrekkingen kan maken die haar geraden voorkomen. De rechtbank zal volstaan met de vaststelling dat verweerder artikel 8:42 van de Awb heeft geschonden. De rechtbank ziet geen aanleiding om andere gevolgtrekkingen te maken, omdat de beroepsgronden verder niet zien op de inhoud van deze stukken. De rechtbank kan de zaak afdoen zonder deze stukken en eiseres heeft zelf kennelijk ook geen behoefte gehad aan inzage in deze stukken.

4. Verweerder heeft een taxatiematrix overgelegd, waarin de woning wordt vergeleken met zes referentiewoningen en waarin de waarde van de woning is getaxeerd op € 678.000,-. De rechtbank is van oordeel dat verweerder hiermee aannemelijk heeft gemaakt dat hij de waarde van de woning niet te hoog heeft vastgesteld. Uit de taxatiematrix blijkt dat de woning is vergeleken met de verkoopcijfers van referentiewoningen die rondom de waardepeildatum zijn gerealiseerd voor woningen die wat betreft bouwjaar, type, uitstraling, ligging en gebruiks- en perceeloppervlakte goed vergelijkbaar zijn met de woning. Met de verschillen tussen de woning en de referentiewoningen heeft verweerder rekening gehouden door verschillende waarden voor de deelobjecten en de gebruiks- en perceeloppervlakte te hanteren. Partijen zijn het erover eens dat de staat van onderhoud van de woning slechter is dan gemiddeld en verweerder heeft hiervoor kenbaar en inzichtelijk een correctie aangebracht in de matrix. Volgens eiseres is deze correctie niet groot genoeg, maar het had op haar weg gelegen om met bewijzen van bijvoorbeeld de gestelde verzakking en de gebrekkige riolering te komen. Die bewijzen zijn er niet. Eiseres weigert om verweerder een inpandige opname te laten verrichten en op de zitting is toegelicht dat de taxateur van eiseres’ gemachtigde het ook niet nodig heeft gevonden om inpandig te gaan kijken. Zonder deze informatie heeft verweerder mogen uitgaan van de nu in de matrix toegepaste correctie.

5. Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Deze uitspraak is gedaan door mr. K. de Meulder, rechter, in aanwezigheid van

mr. M. Knoop, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 30 augustus 2019.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending van het proces-verbaal daarvan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. K. de Meulder

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?