RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 21/3706
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 december 2021 in de zaak tussen
(gemachtigde: mr. N. Velthorst),
en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amersfoort, verweerder
(gemachtigde: E. Perçin).
Procesverloop
In het besluit van 24 februari 2021 (primair besluit) heeft verweerder eiser een bijstandsuitkering toegekend naar de kostendelersnorm voor een driepersoonshuishouden met ingang 16 december 2020.
In het besluit van 19 juli 2021 (bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser tegen het primaire besluit ongegrond verklaard.
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
De rechtbank heeft het beroep op 2 december 2021 met behulp van een beeldverbinding op zitting behandeld. Eiser en zijn gemachtigde zijn, met bericht van verhindering, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk ter zitting uitspraak gedaan.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Overwegingen
6. Het is aan eiser om deze bijzondere situatie aannemelijk te maken. De rechtbank oordeelt dat eiser hier niet in is geslaagd. Eiser heeft geen bijzondere omstandigheden aangevoerd of aannemelijk gemaakt. De enkele stelling dat er bijzondere omstandigheden zijn is hiertoe onvoldoende.
7. Het beroep is ongegrond. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
8. Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid om tegen de mondelinge uitspraak in hoger beroep te gaan op de hieronder omschreven wijze.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 2 december 2021 door mr. S.G.M. van Veen, rechter, in aanwezigheid van mr. R.G.A. Beijen, griffier.
De rechter is verhinderd
om deze uitspraak te ondertekenen
Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden. U ziet deze datum hierboven.