ECLI:NL:RBMNE:2025:6405

ECLI:NL:RBMNE:2025:6405, Rechtbank Midden-Nederland, 29-08-2025, 25/2779

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 29-08-2025
Datum publicatie 02-01-2026
Zaaknummer 25/2779
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Beroep tegen de hoogte van de uitkering van eiseres die zij op grond van de Wet WIA ontvangt. Eiseres stelt zich op het standpunt dat voor de berekening van de hoogte van het dagloon enkel moet worden gekeken naar het SV-loon op de werkelijk gewerkte dagen in de referteperiode en dienen de overige dagen die loonloze periodes betreffen niet te worden meegenomen. De rechtbank volgt de uitleg die het Uwv geeft over het wettelijk systeem zoals vastgelegd in de Wet WIA en in het Dagloonbesluit en ziet geen aanleiding om in deze zaak van het wettelijk kader af te wijken. Uit de uitleg van het Uwv volgt dat wordt gerekend met het aantal dagloondagen in de referteperiode, dan wel met het aantal dagloondagen in de aangiftetijdvakken. Het systeem van de wet staat niet toe dat wordt gerekend met enkel daadwerkelijk gewerkte dagen. De rechtbank volgt het Uwv in zijn standpunt dat dit laatste in zou gaan tegen het doel en de achtergrond van het Dagloonbesluit. De rechtbank is van oordeel dat het dagloon van eiseres op de juiste wijze is berekend. Het beroep is ongegrond.

Uitspraak

[eiseres] , uit [plaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. P.A.M. Staal),

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (het Uwv), verweerder

(gemachtigde: J.A. Voorn).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de hoogte van de uitkering die zij op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) ontvangt.

2. Per besluit van 7 augustus 2024 heeft het Uwv beslist dat eiseres een WIA-uitkering (loongerelateerde WGA-uitkering) krijgt, omdat zij met ingang van die datum 80 tot 100% arbeidsongeschikt is. De hoogte van de uitkering heeft het Uwv berekend naar een (geïndexeerd) dagloon van € 36,12 en het WIA-maandloon is vastgesteld op € 589,21. Daarbij is uitgegaan van een referteperiode van 1 september 2021 tot en met 31 augustus 2022. Eiseres heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt.

3. Op 25 maart 2025 heeft het Uwv beslist op het bezwaar van eiseres. Met het besluit op bezwaar is het bezwaar van eiseres gegrond verklaard en is het WIA-maandloon vastgesteld op € 861,74.

4. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Het Uwv heeft daarop gereageerd met een verweerschrift. Het beroep is behandeld op de zitting van 23 juli 2025. Daaraan hebben eiseres, vergezeld door haar partner, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van het Uwv deelgenomen.

5. Op de zitting heeft de rechtbank het onderzoek geschorst en het Uwv de mogelijkheid geboden om zijn reactie op het door eiseres nieuw ingenomen standpunt ten aanzien van de berekening van het dagloon binnen twee weken schriftelijk toe te zenden. Na ontvangst van het schriftelijke standpunt van het Uwv is op 12 augustus 2025 het onderzoek gesloten.

Het geschil

6. Tussen partijen is niet in geschil dat eiseres volledig arbeidsongeschikt is. Wat partijen verdeeld houdt is de wijze van berekening en de hoogte van het dagloon van haar loongerelateerde WIA-uitkering.

7. De bespreking tijdens de zitting heeft er toe geleid dat eiseres op de zitting alle voorafgaand aan de zitting op schrift gestelde beroepsgronden heeft ingetrokken. Het gaat om de beroepsgrond dat er bij de berekening van het dagloon moet worden aangesloten bij de berekening van het dagloon van de Ziektewet-uitkering, de beroepsgrond dat het loon dat in de referteperiode is verdiend tevens een stageplek betrof en daarom niet mag worden meegenomen en de beroepsgrond dat de wijze waarop de berekening van het Wia-dagloon wettelijk is vastgelegd discriminerend is ten opzichte van de Ziektewet en de Werkloosheidwet. De rechtbank zal deze beroepsgronden van eiseres dus niet inhoudelijk beoordelen.

8. Eiseres stelt zich op het standpunt dat voor de berekening van de hoogte van het dagloon enkel moet worden gekeken naar het SV-loon op de werkelijk gewerkte dagen in de referteperiode, te weten 68 loondagen in de periode van januari 2022 tot september 2022. Volgens eiseres betreffen de overige dagen loonloze periodes die niet dienen te worden meegenomen. Ter onderbouwing van haar standpunt heeft eiseres een kopie van haar loonstroken voor de periode van november 2021 tot en met december 2022 en een kopie van haar jaaropgave 2021 en jaaropgave 2022 overgelegd.

Het aanvullend verweerschrift van het Uwv

9. Op 6 augustus 2025 heeft de rechtbank het aanvullend verweerschrift van het Uwv ontvangen, waarin het zijn standpunt ten aanzien van de berekening van het dagloon uiteenzet. Het Uwv verwijst daarbij naar het wettelijk kader zoals vastgelegd in de Wet WIA en het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen:

Wij menen dat voor de beantwoording van de vraag wat een loonloze periode is, moet worden gekeken naar het Dagloonbesluit werknemersverzekeringen (hierna: Dagloonbesluit). In het Dagloonbesluit wordt altijd gerekend met het aantal dagloondagen in de referteperiode, dan wel met het aantal dagloondagen in de aangiftetijdvakken die worden meegenomen in de berekening. Er is naar onze mening dus pas sprake van een loonloze periode als er in de referteperiode of ineen aangiftetijdvak geen inkomen is genoten. Nergens in het Dagloonbesluit worden dagen waarop niet is gewerkt, dan wel geen inkomen is genoten, aangemerkt als een loonloze periode. Eiseres heeft ook niet aangegeven waar zij haar standpunt dat loonloze dagen niet meegenomen dienen te worden op baseert. Dit volgt niet uit regelgeving of jurisprudentie.

Wij merken verder op dat als dagen waarop niet is gewerkt / geen inkomen is genoten, worden aangemerkt als een loonloze periode, dat in de praktijk betekent dat de berekening van het dagloon of het WIA-maandloon alleen zou worden gebaseerd op de daadwerkelijk gewerkte dagen met inkomen. Deze berekeningswijze gaat naar onze mening in tegen het systeem van het Dagloonbesluit in samenhang met de WIA.

De uitkomst van de berekening van het dagloon en het WIA-maandloon is dan namelijk niet meer in verhouding met en representatief voor de daadwerkelijke inkomsten en het welvaartsniveau van eiseres in de referteperiode. De uitkering zou ook niet meer in verhouding zijn met de tijdens de referteperiode afgedragen premie voor de WIA-uitkering. Eiseres zou dan namelijk een uitkering krijgen alsof zij fulltime zou hebben gewerkt in de referteperiode. Dit komt doordat het WIA-maandloon wordt vastgesteld op basis van vijf dagloondagen per week, ongeacht hoeveel dagen per week er daadwerkelijk door eiseres werd gewerkt. Wij wijzen er hierbij op dat eiseres zelf eerder al heeft aangegeven dat zij in een groot deel van de referteperiode slechts een gering aantal uren heeft gewerkt.

Voorts menen wij dat de door eiseres voorgestelde wijze van vaststelling van een loonloze periode in gaat tegen de belangen welke met het Dagloonbesluit worden gediend. Eén van de doelen van het Dagloonbesluit was immers een vereenvoudigde en automatische vaststelling van het dagloon op basis van de polisadministratie. Daarom is het ook belangrijk om zo min mogelijk uitzonderingen op de hoofdregels toe te laten. Het is in de praktijk ondoenlijk om voor iedere berekening eerst vast te stellen op hoeveel loondagen er daadwerkelijk is gewerkt. Dit blijkt namelijk niet uit de systemen. Gelet op het voorgaande handhaven wij ons standpunt dat alleen december 2021 kan worden aangemerkt als een loonloze periode, omdat dit het enige aangiftetijdvak in de referteperiode is waarin eiseres geen inkomsten had.

Beoordeling door de rechtbank

10. De rechtbank volgt de uitleg die het Uwv geeft over het wettelijk systeem zoals vastgelegd in de Wet WIA en in het Dagloonbesluit en ziet geen aanleiding om in deze zaak van het wettelijk kader af te wijken. Uit de uitleg van het Uwv volgt dat wordt gerekend met het aantal dagloondagen in de referteperiode, dan wel met het aantal dagloondagen in de aangiftetijdvakken. Het systeem van de wet staat niet toe dat wordt gerekend met enkel daadwerkelijk gewerkte dagen. De rechtbank volgt het Uwv in zijn standpunt dat dit laatste in zou gaan tegen het doel en de achtergrond van het Dagloonbesluit.

11. De beroepsgrond van eiseres slaagt niet. De rechtbank is van oordeel dat het dagloon van eiseres op de juiste wijze is berekend.

Conclusie en gevolgen

12. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. Het dagloon van eiseres blijft € 39,62. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. ing. A. Rademaker, rechter, in aanwezigheid van mr.T. Mennen, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 29 augustus 2025.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.

Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. ing. A. Rademaker

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?