ECLI:NL:RBMNE:2025:6443

ECLI:NL:RBMNE:2025:6443, Rechtbank Midden-Nederland, 15-07-2025, UTR 25/1935

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 15-07-2025
Datum publicatie 16-12-2025
Zaaknummer UTR 25/1935
Rechtsgebied Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

De rechtbank beoordeelt of verweerder de aanvraag om studiefinanciering terecht heeft afgewezen op grond van artikel 2.3, derde lid, van de Wsf 2000, ondanks toepassing van het overgangsbeleid 30+ op basis van de hardheidsclausule. Daarbij wordt beoordeeld of verweerder gehouden was om buiten dit beleid om, op grond van artikel 11, vijfde lid, van de Wsf 2000, alsnog een uitzondering te maken gelet op de persoonlijke omstandigheden van eiser. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiser.

Uitspraak

[eiser] , uit [plaats] , eiser

en

de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, Dienst Uitvoering Onderwijs, verweerder

(gemachtigde: mr. M. Santing).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 (Wsf 2000).

Verweerder heeft deze aanvraag met het besluit van 9 december 2024 afgewezen. Met het bestreden besluit van 30 januari 2025 op het bezwaar van eiser is verweerder bij de afwijzing van de aanvraag gebleven.

De rechtbank heeft het beroep van eiser tegen het bestreden besluit op 15 juli 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser en de gemachtigde van verweerder.

Na afloop van zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank beoordeelt of verweerder de aanvraag om studiefinanciering terecht heeft afgewezen op grond van artikel 2.3, derde lid, van de Wsf 2000, ondanks toepassing van het overgangsbeleid 30+ op basis van de hardheidsclausule. Daarbij wordt beoordeeld of verweerder gehouden was om buiten dit beleid om, op grond van artikel 11, vijfde lid, van de Wsf 2000, alsnog een uitzondering te maken gelet op de persoonlijke omstandigheden van eiser. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiser.

3. De rechtbank oordeelt dat het beroep ongegrond is. Verweerder heeft de aanvraag van eiser om studiefinanciering op goede gronden afgewezen op basis van artikel 2.3, derde lid, van de Wsf 2000. Eiser is op het moment van de aanvraag de leeftijd ouder dan 30 jaar komt daarmee in beginsel niet meer in aanmerking voor studiefinanciering. De rechtbank oordeelt verder dat verweerder eiser ook op grond van de hardheidsclausule geen studiefinanciering hoeft toe te kennen. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

4. Op grond van artikel 2.3, derde lid, van de Wsf 2000 kan een studerende slechts in aanmerking komen voor studiefinanciering tot en met de maand waarin hij 30 jaar is geworden. Dit is ook de bedoeling van de wetgever. Dit betekent dat eiser, die ten tijde van de aanvraag ouder was dan 30 jaar, niet in aanmerking komt voor studiefinanciering. De toepassing van de wet kan soms tot onredelijke resultaten kan leiden. In die situaties kan met toepassing van de hardheidsclausule van artikel 11, vijfde lid, van de Wsf van de wet worden afgeweken. Het resultaat kan onredelijk zijn als dit in strijd is met de bedoeling van de wet.

5. In het overgangsbeleid 30+ identificeert de verweerder één geval waarin de wettelijke eis van de leeftijdsgrens van 30 jaar onredelijk kan zijn. Het overgangsrecht 30+ is op dat punt een uitzondering op de leeftijdsvoorwaarden voor studiefinanciering. Dit overgangsrecht 30+ geldt wanneer een student een opleiding tijdelijk onderbreekt door ziekte, terwijl de student ondertussen 30 jaar of ouder is geworden. Voorwaarde voor de toepassing van het overgangsrecht 30+ is dat de student direct na de onderbreking de studie hervat of een nieuwe opleiding begint. De aanvraag studiefinanciering moet in het studiejaar waarin de opleiding opnieuw start worden gedaan en ingaan.

6. Eiser voert aan dat zijn situatie moet worden gelijkgesteld met de tijdelijke onderbreking door ziekte omdat hij als gevolg van zijn ziekte schulden heeft gemaakt en in de schuldsanering terecht is gekomen. Eiser voert aan dat hij wel direct wilde gaan studeren en dat ook heeft geprobeerd, maar zijn verzoek tot inschrijving werd geweigerd omdat hij achterstallig collegegeld niet had betaald. De schuldenproblematiek hield verband met zijn ziekte.

7. De rechtbank oordeelt dat verweerder zich terecht op het standpunt gesteld dat eiser niet onder het overgangsbeleid 30+ valt, omdat hij niet direct na zijn herstel in 2022 zijn studie heeft hervat. Verweerder heeft terecht geconcludeerd dat er geen aanleiding is om de situatie van eiser na september 2022, toen hij nog in de schuldsanering zat, aan te merken als een voortzetting van de onderbreking van zijn studie wegens ziekte. Verweerder heeft in de financiële situatie van eiser terecht geen aanleiding gezien om de hardheidsclausule toe te passen. De leeftijdsgrens van 30 jaar is door de wetgever bewust gekozen om studiefinanciering te richten op jonge studerenden die hun initiële opleiding willen afronden. Na die leeftijd berust de verantwoordelijkheid voor de bekostiging van een opleiding in beginsel bij de studerende zelf. Het feit dat eiser financiële problemen heeft gehad, maakt het niet onredelijk dat hem geen studiefinanciering is toegekend. Dat eiser zijn schulden op verantwoorde wijze heeft aangepakt, doet aan die conclusie niet af.

8. Eiser voert aan dat het besluit voor hem onevenredige gevolgen heeft, omdat hij door het uitblijven van studiefinanciering zijn opleiding niet kan afronden en daardoor zijn financiële zelfstandigheid niet kan bereiken.

9. De rechtbank onderkent dat het voor eiser van groot belang is om zijn studie af te ronden en daarmee zijn toekomstperspectief te verbeteren. De weigering om hem studiefinanciering toe te kennen is echter niet onevenredig, gelet op de bedoeling van de wetgever. De situatie van eiser wijkt in wezen niet af van die van andere personen die na hun dertigste nog een opleiding willen volgen om hun persoonlijke omstandigheden te verbeteren. De rechtbank acht de afwijzing van de aanvraag dan ook niet onevenredig.

10. Deze beroepsgronden slagen niet.

Conclusie en gevolgen

11. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiser geen gelijk krijgt. Hij komt niet in aanmerking voort studiefinanciering en daarom heeft verweerder zijn aanvraag terecht afgewezen. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.

12. Partijen zijn gewezen op de mogelijkheid om tegen de mondelinge uitspraak in hoger beroep te gaan op de hieronder omschreven wijze.

Beslissing

De rechtbank verklaart beroep ongegrond.

Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 15 juli 2025 door mr. J.J. Catsburg, rechter, in aanwezigheid van mr. N.A. Gomes de Jorge, griffier.

Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden.

Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.

Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. J.J. Catsburg

Griffier

  • mr. N.A. Gomes de Jorge

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?