ECLI:NL:RBMNE:2025:6528

ECLI:NL:RBMNE:2025:6528, Rechtbank Midden-Nederland, 08-12-2025, 16/376031-24

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 08-12-2025
Datum publicatie 08-12-2025
Zaaknummer 16/376031-24
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Utrecht
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
3 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001854 BWBR0001903 BWBR0001941

Samenvatting

Onderzoek LIJM. Veroordeling voor het medeplegen van het vervaardigen van MDMB-4en-Pinaca en het aanwezig hebben van ongeveer 101,94 kilo van deze drugs. Oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 2 jaren. Oplegging van de maatregel kostenverhaal. Daarmee worden (kortgezegd) de kosten die ten laste kwamen van de staat voor de vernietiging van deze drugs op de verdachte verhaald.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats: Utrecht

Parketnummer 16/376031-24

Tegenspraak

Vonnis van de meervoudige kamer van 8 december 2025 in de strafzaak van:

[verdachte]

geboren op [2000] in [geboorteplaats] (Turkije),

zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande,

op dit moment gedetineerd in de [verblijfplaats] ,

hierna: de verdachte.

1. Zitting

De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van 17 november 2025. Met instemming van partijen is het onderzoek (enkelvoudig) gesloten op 8 december 2025.

Op de zitting waren aanwezig:

De strafzaak tegen verdachte is gelijktijdig, maar niet gevoegd, behandeld met de strafzaken tegen [medeverdachte 1] (parketnummer 16/376102-24). [medeverdachte 2] (parketnummer 16/375806-24), [medeverdachte 3] (parketnummer 16/375738-24) en [medeverdachte 4] (parketnummer 16/375646-24).

2. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt, na een wijziging tenlastelegging, de verdachte ervan dat hij, samengevat:

feit 1

in de periode van 22 oktober 2024 tot en met 23 november 2024 in Soesterberg, samen met anderen, opzettelijk een hoeveelheid MDMB-4-en-Pinaca heeft vervaardigd;

feit 2

op 23 november 2024 in Soesterberg, samen met anderen, opzettelijk ongeveer 101,94 kilogram MDMB-4-en-Pinaca aanwezig heeft gehad.

De volledige tekst van de beschuldiging staat in bijlage I bij dit vonnis.

3. Bewijs

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat kan worden bewezen dat de verdachte de ten laste gelegde feiten heeft gepleegd. De standpunten van de officier van justitie worden – voor zover van belang voor de beoordeling – besproken in paragraaf 3.3.

Standpunt van de verdediging

De verdediging is van mening dat de verdachte moet worden vrij gesproken van het onder feit 1 ten laste gelegde, omdat de verdachte niet wist dat hij met anderen drugs aan het produceren was. Ook ten aanzien van het onder feit 2 ten laste gelegde wordt vrijspraak bepleit. Betwist wordt dat de verdachte wetenschap had.

Oordeel van de rechtbank

Bewijsmiddelen feit 1 en feit 2

De rechtbank oordeelt dat feit 1 en feit 2 wettig en overtuigend zijn bewezen.

De rechtbank baseert dit oordeel op de bewijsmiddelen die in bijlage 2 van dit vonnis staan.

Er zijn meerdere feiten bewezen verklaard. De bewijsmiddelen worden alleen gebruikt voor het feit of de feiten waarover deze gaan.

Bewijsoverwegingen

Aantreffen drugslab

Op 23 november 2024 om 16.42 uur komen verbalisanten ter plaatse bij de [adres] in [plaats] . De brandweer heeft een melding gedaan van een penetrante lucht, afkomstig uit Unit [nummer] . Op aankloppen door de brandweer werd niet open gedaan. Uiteindelijk besluit de politie het pand binnen te gaan. De Landelijke Faciliteit Ontmantelen (hierna: het LFO) doet onderzoek naar het pand en treft hier een grote hoeveelheid goederen aan, waaronder speciekuipen, vervuilde maatbekers, verwarmingsplaten, roerders, dozen poeders met valse etiketten en een groot aantal zakken met ijsblokken. In het merendeel van de speciekuipen zaten ijsblokken, deels met een crèmekleurige substantie. Op de eerste verdieping in de Unit worden 27 aluminium bakken met beige brokken aangetroffen. Bij nader onderzoek bleek dat het ging om de stof MDMB-4en-Pinaca. Op de begane grond worden ook een aantal van dit soort gevulde aluminium bakken aangetroffen, waarvan er één getest is en die de stof MDMB-4en-Pinaca bevatte.

Uiteindelijk worden vier personen aangehouden, die uit Unit [nummer] kwamen gelopen toen de politie naar binnenging, te weten verdachte en medeverdachten [medeverdachte 3] , [verdachte] en [medeverdachte 1] . Deze vier verdachten zijn in de ochtend van 23 november 2024 naar het pand gebracht door de huurder van het pand, de vijfde medeverdachte [medeverdachte 4] , die later is aangehouden.

Uit onderzoek van het Nederlands Forensisch Instituut (hierna: het NFI), zoals onder de bewijsmiddelen is opgenomen, volgt dat de goederen en de middelen die aanwezig waren in de Unit overeen komen met de benodigdheden voor het produceren van de drugs MDMB-4en-Pinaca. Zo zijn (onder andere) de stof 5-broompenteen aangetroffen en hardware als een bekerglas, emmer, verwarmingsplaat en mixers om mee te roeren. Ook zijn ijsblokjes aangetroffen, wat ook benodigd is bij de productie van de drugs om een stof af te kunnen koelen. De rechtbank merkt daarbij op dat deze ijsblokjes zijn aangetroffen in speciekuipen en nog niet waren gesmolten. De rechtbank leidt hieruit af dat het niet anders kan dan dat op 23 november 2024 de productie van de drugs bezig was. Bovendien is het duidelijk dat werd gewerkt met chemicaliën, omdat twee verdachten hebben verklaard dat zij ziek werden en dat er daarom met gasmaskers werd gewerkt, Eén van de verdachten heeft verklaard dat zijn armen vervelden door de substantie waarmee zij werkten. Gelet op hetgeen ter plaatse is aangetroffen en het onderzoek van het NFI is de rechtbank van oordeel dat op 23 november 2024 een drugslab in werking is aangetroffen.

De wetenschap van het vervaardigen van MDMB-4-en-Prinaca (feit 1)

De verdachte kwam op 23 november 2024 om 16:42 uur uit het pand kwam gelopen, waar het drugslab is aangetroffen. Bij de politie heeft hij verklaard dat hem is verteld dat hij daar zou werken met verf. Op de zitting heeft hij verklaard dat hij ijs uit emmers moest halen. Op een gegeven moment kwamen er gasmaskers en een rare geur en had hij zijn bedenkingen. Hij dacht dat er iets geks was, maar wist niet 100 procent zeker dat het om drugs ging. Ook begon hij op zijn armen te vervellen en geel over te geven.

De rechtbank stelt vast dat de verdachte met zijn handelen bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard (voorwaardelijk opzet) dat hij verdovende middelen aan het produceren was. Het dossier biedt geen aanknopingspunt voor de stelling dat er iets geproduceerd werd wat met verf te maken had. Het eindproduct, een brokkelige substantie in aluminium schalen, doet daar ook in het geheel niet aan denken. Ook heeft de verdachte niet kunnen uitleggen dat de gebruikte grondstoffen en de verschillende productiestappen (mengen, uitwringen, koelen met ijsblokken, afscheppen) iets met de productie van verf te maken kunnen hebben gehad. Daarbij komt dat de verdachte gezondheidsklachten door zijn werkzaamheden kreeg, er een rare geur hing en er behoorlijk provisorisch met behulp van gasmaskers van de bouwmarkt gewerkt moest worden. Daaruit had hij naar het oordeel van de rechtbank moeten afleiden dat er iets niet goed zat. Uit zijn verklaring op zitting blijkt ook wel dat de verdachte zijn bedenkingen had. Door onder al deze omstandigheden toch door te gaan met zijn werkzaamheden heeft de verdachte bewust aanvaard dat hij, samen met anderen, bezig was met de productie van synthetische drugs.

Nu op de telefoon van de medeverdachte (IPhone 13 Pro Max) een video, op de betreffende locatie opgenomen op 31 oktober 2024, is aangetroffen waarop het drugslab in werking is, hanteert de rechtbank als startperiode van de bewezenverklaring 31 oktober 2024.

Het aanwezig hebben van ongeveer 101,94 kilogram MDMB-4-en-Prinaca (feit 2)

De verdachte heeft verklaard dat hijde aluminium schalen die boven zijn aangetroffen, niet heeft gezien. Hij kwam naar zijn zeggen niet boven waar de grootste hoeveelheid drugs op aluminium schalen is aangetroffen. De rechtbank stelt op basis van het dossier vast dat de Unit feitelijk één ruimte met een vide is, waarbij de faciliteiten zijn verdeeld over twee verdiepingen. Zo zijn het keukentje (koffie- en theefaciliteiten) tafel en stoelen boven en is het toilet beneden. Omdat de verdachte en zijn medeverdachten vaak uren in het pand aanwezig waren en daar ook aten vindt de rechtbank het niet aannemelijk dat de verdachte slechts op de begane grond is verbleven. Bovendien is de drugs in precies dezelfde aluminium schalen ook op de begane grond aangetroffen. Naar het oordeel van de rechtbank kan het daarom niet anders dan dat de verdachte heeft geweten dat deze schalen met naar later is gebleken, drugs ook op de vide van de Unit aanwezig was. De verdachte heeft met zijn medeverdachten ook de beschikkingsmacht gehad over deze drugs.

Tot slot merkt de rechtbank op dat de precieze hoeveelheid van 101,94 kilogram niet kan worden bewezen. De rechtbank veroordeelt de verdachte daarom voor het aanwezig hebben van ongeveer die hoeveelheid.

Bewezenverklaring

De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte:

feit 1

in de periode van 31 oktober 2024 tot en met 23 november 2024 te Soesterberg, gemeente Soest tezamen en in vereniging met anderen opzettelijk heeft vervaardigd

een hoeveelheid MDMB-4en-Pinaca, in elk geval een hoeveelheid van

een materiaal bevattende MDMB-4en-Pinaca, zijnde MDMB-4en-Pinaca, een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst 1, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;

feit 2

op 23 november 2024 te Soesterberg, gemeente Soest tezamen en in vereniging met anderen

opzettelijk aanwezig heeft gehad ongeveer 101,94 kilogram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMB-4en-Pinaca, zijnde MDMB-4en-Pinaca,

een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel

aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.

De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.

4. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:

Voortgezette handeling van:

Feit 1

medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder D van de Opiumwet gegeven verbod

en

Feit 2

medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder C van de Opiumwet gegeven verbod

Strafbaarheid feiten verdachte De feiten en de verdachte zijn strafbaar.

5. Straf en maatregel

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie eist dat de verdachte wordt veroordeeld tot:

- een gevangenisstraf van 6 jaar, met aftrek van het voorarrest en

- een kostenmaatregel voor een bedrag van € 2.878,88.

Standpunt van de verdediging

De advocaat van de verdachte voert aan dat bij een veroordeling kan worden volstaan met de oplegging van een gevangenisstraf gelijk aan het voorarrest. De verdachte heeft vanaf het begin openheid van zaken gegeven over hoe hij alles heeft ervaren. Ook merkt de advocaat van de verdachte op dat een (langdurige) bescherming van de Nederlandse maatschappij niet tot doel kan dienen, omdat de verdachte, die illegaal in Nederland verblijft, na het uitzitten van de gevangenisstraf het land zal worden uitgezet. In het geval van oplegging van een gevangenisstraf zal verdachte langer in de gevangenisstraf moeten blijven dan een afgestrafte die wel legaal verblijf heeft in Nederland omdat zij recht hebben op de VI regeling, hetgeen ertoe leidt dat verdachte onevenredig zwaar zal worden gestraft. De rechtbank wordt verzocht hiermee rekening te houden.

De advocaat van de verdachte refereert zich aan het oordeel van de rechtbank over de kostenmaatregel.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank legt aan de verdachte een gevangenisstraf voor de duur van twee jaar op. Daarnaast oordeelt de rechtbank dat de verdachte moet worden veroordeeld voor de kosten die de staat heeft gemaakt om de drugs op te ruimen (de kostenmaatregel).

Bij het bepalen van deze straf en maatregel houdt de rechtbank rekening met de ernst de gepleegde feiten en de omstandigheden waaronder de verdachte deze feiten heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee. Dit licht de rechtbank hieronder toe.

Ernst en omstandigheden van de feiten

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het samen met anderen grootschalig vervaardigen van ongeveer 101 kilo synthetische drugs en het aanwezig hebben van een zeer grote hoeveelheid synthetische drugs. Algemeen bekend is dat de productie van (en vervolgens ook handel in) synthetische drugs zeer schadelijk is voor de gezondheid van mensen, maar ook voor de samenleving vanwege de veiligheidsrisico’s en de risico’s op verontreiniging die daarmee gemoeid kunnen zijn. De verdachte heeft zich kennelijk niet bekommerd om de risico’s en de gevolgen van zijn handelen. De rechtbank rekent dit de verdachte aan.

Persoonlijke omstandigheden van de verdachte

Bij haar beslissing heeft de rechtbank gekeken naar de uittreksel justitiële documentatie (‘strafblad’) van verdachte van 3 februari 2025. Hieruit volgt dat de verdachte niet eerder in Nederland is veroordeeld voor het plegen van strafbare feiten.

Strafkader

Om in vergelijkbare zaken zoveel mogelijk gelijk te straffen, werken strafrechters met landelijke oriëntatiepunten (LOVS). Deze oriëntatiepunten vermelden voor het vervaardigen en voorhanden hebben van de hoeveelheden harddrugs waar het in deze zaak om gaat forse gevangenisstraffen. De rechtbank heeft ook gekeken naar straffen die worden opgelegd in zaken over synthetische drugs. De rechtbank weegt in strafverhogende zin mee dat het gaat om een enorme hoeveelheid synthetische drugs. Daarbij merkt zij op dat een deel van de drugs zich ook nog in restanten in zogenaamde speciekuipen bevond, die niet zijn meegerekend in de totale hoeveelheid, waardoor de hoeveelheid waar de verdachte voor wordt veroordeeld lager is dan daadwerkelijk lijkt te zijn aangetroffen. In strafverminderende zin weegt de rechtbank mee dat het erop lijkt dat de verdachte, die verder een blanco strafblad had, nog niet lang betrokken was bij het drugslab. In het strafdossier zitten aanwijzingen dat ook anderen dan de verdachte en zijn medeverdachten in het lab gewerkt hebben Ook weegt de rechtbank in strafverminderende zin mee dat de rol van de verdachte, ten opzichte van de medeverdachten, kleiner was. Zo was hij bijvoorbeeld niet betrokken bij het doen van aankopen voor de productie van de verdovende middelen. Ook was de verdachte aanzienlijk jonger dan zijn medeverdachten. Dat maakt dat hij ten opzichte van de medeverdachten, beïnvloedbaar was. De rechtbank twijfelt ook niet aan de verklaring van de verdachte dat hij met zijn handen in de chemicaliën zat (bij het uitwringen) en hij – kennelijk als enige – te maken kreeg met huidbeschadigingen en braken als gevolg daarvan. Ook dat onderstreept zijn kleinere rol.

Alles overwegende, is de rechtbank van oordeel dat, anders dan de officier van justitie heeft gevorderd, een gevangenisstraf voor de duur van twee jaar passend en geboden is. Een straf die gelijk is aan het voorarrest, zoals de verdediging heeft verzocht, doet geen recht aan de ernst van de feiten. Ook ziet de rechtbank in wat de verdediging heeft aangevoerd over de VI-regeling geen reden om een lagere straf op te leggen.

Tenuitvoerlegging van de straf

Omdat de rechtbank een gevangenisstraf voor meer dan één jaar oplegt, merkt zij het volgende op. De gevangenisstraf zal volledig worden tenuitvoergelegd binnen de penitentiaire inrichting.

Maatregel Kostenverhaal

Op 1 juli 2022 is de Maatregel Kostenverhaal in werking getreden. De maatregel is van toepassing op strafbare feiten die na de inwerkingtredingsdatum worden opgespoord en vervolgd. De maatregel, opgenomen in artikel 13d van de Opiumwet, maakt het mogelijk dat de kosten die ten laste van de Staat komen in verband met de vernietiging van voorwerpen die ernstig gevaar opleveren voor de leefomgeving of volksgezondheid, op vordering van het Openbaar Ministerie worden verhaald op degene die wordt veroordeeld ter zake van een in artikel 13d, lid 1, Opiumwet genoemd strafbaar feit dat in verband staat met het voorwerp.

De rechtbank stelt vast dat aan de vereisten voor oplegging van de maatregel is voldaan. In het drugslab op het bedrijventerrein waren stoffen aanwezig die een ernstig gevaar opleveren voor de leefomgeving en/of voor de volksgezondheid en daarnaast heeft de Staat kosten gemaakt voor vernietiging daarvan.

Bij de stukken bevindt zich een Rapport Kostenmaatregel met een kostenoverzicht van [bedrijf] BV, die in opdracht van de politie kosten heeft gemaakt voor het ontmantelen van het drugslab, inclusief de afvoer van chemicaliën en restafval en het vernietigen van hardware. De rechtbank is van oordeel dat de kosten voldoende zijn onderbouwd en zijn aan te merken als kosten in de zin van artikel 13d van de Opiumwet. Uit het dossier blijkt tevens dat de factuur van [bedrijf] BV door de Staat is betaald. In totaal gaat het om een bedrag van € 14.394,44. De rechtbank veroordeelt in totaal vijf medeverdachten voor de vervaardiging van de synthetische drugs. Daarom zal het totaalbedrag onder deze vijf medeverdachten worden verdeeld. Dit betekent dat de verdachte wordt veroordeeld tot de betaling van een bedrag van € 2.878,88 De rechtbank ziet geen aanleiding om de kosten te matigen.

De rechtbank legt aan verdachte dus de verplichting op € 2.878,88 te betalen aan de Staat ter vergoeding van de kosten als bedoeld in artikel 13d van de Opiumwet. Indien dit bedrag niet wordt voldaan, kunnen 57 dagen gijzeling worden toegepast zonder dat de betalingsverplichting vervalt.

6. Toegepaste wetsartikelen

7. De beslissing

De opgelegde straf en maatregel en beslissing op het beslag zijn gebaseerd op de volgende wetsartikelen:

De rechtbank:

bewezenverklaring

strafbaarheid feit

- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4.1 is vermeld;

strafbaarheid verdachte

- verklaart de verdachte strafbaar voor het onder feit 1 en feit 2 bewezenverklaarde;

straf

Maatregel kostenverhaal

kan worden gevorderd op 57 dagen.

Dit vonnis is gewezen door mr. N.M.H. van Ek, voorzitter, mr. J.P. Verboom en mr. J.H.C. van Ginhoven, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E.M. Caruso, griffier, en is in het openbaar uitgesproken op 8 december 2025.

De jongste rechter en de griffier zijn niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.

Bijlage 1: De tenlastelegging

Aan de verdachte is na wijziging van de tenlastelegging ten laste gelegd dat:

feit 1

hij in of omstreeks de periode van 22 oktober 2024 tot en met 23

november 2024 te Soesterberg, gemeente Soest

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

opzettelijk

heeft vervaardigd

een hoeveelheid MDMB-4en-Pinaca, in elk geval een hoeveelheid van

een materiaal

bevattende MDMB-4en-Pinaca, zijnde MDMB-4en-Pinaca, een middel

als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst 1, dan wel aangewezen

krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;

feit 2

hij op of omstreeks 23 november 2024 te Soesterberg, gemeente Soest

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

opzettelijk

aanwezig heeft gehad

ongeveer 101,94 kilogram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal

bevattende MDMB-4en-Pinaca, zijnde MDMB-4en-Pinaca

een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel

aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet.

Bijlage 2: Bewijsmiddelen

De verklaring van de verdachte ter terechtzitting van 17 november 2025, voor zover inhoudende:

Op 23 november 2024 was ik aan het eind van de middag aanwezig in Unit [nummer] , gelegen aan de [adres] in [plaats] , toen de politie ter plaatse kwam. Ik ben daar 3 keer geweest. De eerste keer kan in oktober 2024 zijn geweest. Ik werkte dan zes uren per keer. Ik verbleef daar dan gedurende 6 of 8 uur. Ik heb in de ruimte van Unit [nummer] werkzaamheden verricht. Zo heb ik ijs uit emmers gehaald.

Een proces-verbaal van bevindingen van verbalisant [verbalisant] , voor zover inhoudende:

Op 23 november 2024 omstreeks 16:42 uur kreeg ik, verbalisant, van het operationeel centrum politie Eenheid Midden Nederland de opdracht om te gaan naar de [adres] te [plaats] . Aldaar was de brandweer ter plaatse naar aanleiding van een melding van een

penetrante lucht in het genoemde gebouw. De brandweer vertrouwde het niet en wilde er

graag een eenheid van de politie bij hebben. Ik ben hierop direct ter plaatse gegaan.

De brandweer had vastgesteld dat in unitnummer [nummer] de geur zeer sterk was en dat zij vermoedden dat deze geur vanaf naastgelegen unit [nummer] kwam. De brandweer had echter geen toegang tot dat pand.

Inmiddels had de brandweer van de verhuurder van het pand een sleutel gekregen, zodat zij de toegang tot het pand konden krijgen. Direct nadat de brandweer de deur had geopend en had geroepen, kwamen er driepersonen uit het pand, waarvan er één een gasmasker droeg. Hierop zag ik meteen dat er een vierde persoon vanuit het pand naar buiten kwam

lopen.

Ik heb vervolgens de betrokkenen gevraagd om hun namen en geboortedata op te

schrijven. Dat deden zij. Zij gaven op deze wijze op te zijn genaamd:

Een proces-verbaal van verhoor van verdachte [medeverdachte 2] , voor zover inhoudende:

A: Twee vloeibare producten moesten wij met elkaar vermengen. Daarna moest deze vloeistof vermengt worden met een poederachtige stof, samen met twee andere stoffen. Dat werd gekookt. Afgekoeld, zodat het verhardde en vervolgens gedroogd. Als we op de locatie waren, waren [naam] en nog een andere persoon bezig om de stoffen met elkaar te vermengen.

Als de stof vloeibaar is gaan er ijsklontjes bij. Na enige tijd wordt het hard. Een soort gipsachtige substantie. Het wordt dan gedroogd in de bakken. Tot het uitgedroogd is.

Wij deden dus zelf ook alle voorkomende werkzaamheden in dit proces, zoals hierboven

beschreven.

V: Droegen jullie beschermingsmiddelen?

A: Wij droegen handschoenen en maskers.

V: Wie werkten daar nog meer?

A: Vier personen, ik, [medeverdachte 3] (de rechtbank begrijpt [medeverdachte 3] ) en [medeverdachte 1] .

Een proces-verbaal van bevindingen, voor zover inhoudende.

Op 24 november 2024 waren wij bij de [adres] te [plaats] in verband met een doorzoeking aldaar. In de buurt van het pand werden wij aangesproken door [A] . Hij vertelde dat hij de eigenaar van het pand [adres] te [plaats] was. Hij vertelde ons dat hij het pand al 3 jaar verhuurde aan [medeverdachte 4] .

Een proces-verbaal van de bevindingen van het LFO, voor zover inhoudende:

Op 23 november 2024, hebben wij een verkenning uitgevoerd in bedrijfsruimte [nummer] , onderdeel van een bedrijfsverzamelgebouw gelegen aan de [adres] te [plaats] . Dit in verband met een mogelijke overtreding van de Opiumwet.

Omschrijving perceel

De [adres] ligt op een met hekwerk omsloten bedrijfsterrein en is bereikbaar vanaf de openbare weg het Zeisterspoor. Aan het begin van de [straat] is een schuifhek geplaatst dat slechts met een code geopend kan worden.

Eerste bevindingen

Wij zagen dat unit [nummer] bereikbaar is via een sectionaal deur en een aparte loopdeur. Wij zagen dat voor de sectionaal deur op de grond twee halfgelaatstmaskers lagen. Wij betraden het pand via de loopdeur, wij roken direct een sterke chemische geur die wij niet herkenden. Wij zagen dat de gehele binnenzijde van de loopdeur en het bovenlicht afgeplakt waren met karton dat door middel van brede zwarte tape was bevestigd.

Wij zagen dat er twee aanhangwagens naast elkaar stonden. Wij zagen dat er divers afval met

kartonnen verpakkingen en jerrycans voor de aanhangers lagen. Wij zagen dat er rechts een meterkast was waarvoor een zwarte gereedschap kast stond. Wij zagen dat hierachter een stalen trap naar de vide liep. Wij zagen dat de vloer voor de trap en de doorgang langs een van de aanhangers naar achteren voorzien was van een laag doorzichtige folie die met brede zwarte tape was geplakt. Wij zagen dat rechts naast de doorgang een deur was die toegang gaf tot een wc-ruimte. Wij zagen dat de WC verstopt zat met een crèmekleurige substantie die ook over de gehele vloer lag waarop een zwarte speciekuip stond met ijsblokken en een crèmekleurige substantie. Wij zagen achter de twee aanhangwagen een groot aantal speciekuipen, 2 vriezers en diverse schalen met poeders-brokken staan op de vloer die bedekt was met een sterk vervuilde doorzichtige folie. Wij zagen dat een van de twee vriezers gevuld was met een groot aantal zakken met ijsblokken van de MAKRO. Wij zagen dat deze vriezer een temperatuur had van circa -30 graden. Wij zagen dat het merendeel van de speciekuipen ijsblokken en deels een crèmekleurige substantie bevatten. Wij zagen dat er hierbij kennelijk met een filterdoek en twee schuimspanen een crèmekleurige substantie verzameld werd op aluminiumschalen.

Wij zagen dat de rechter aanhanger voorzien was van het kenteken [kenteken] en dat hierin diverse gebruikte materialen en vermoedelijk grond- en hulpstoffen lagen.

Wij begaven ons vervolgens via de voornoemde trap naar de vide. Wij zagen dat hier de vloer op een soortgelijke wijze een doorzichtige folie was aangebracht. Wij zagen op de folie 27 aluminiumbakken met beige brokken liggen. Bij nader onderzoek met een Raman infrarood apparaat bleek dat het ging om de stofMDMB-4en-Pinaca genoemd op lijst 1 van de Opiumwet. Bij nader onderzoek bleek het te gaan om netto 98,22 kg voornamelijk crèmekleurige brokken van voornoemde stof.

Nader onderzoek en monsterneming

Ruimte A – begane grond

SIN AARY0859NL

Omschrijving Metalen bak op de vriezer inhoudende poeder. LFO-code A3 en A3-A. FD = MDMB-4en-Pinaca. Gewicht 3,820 kg netto. Deze bemonsterd

SIN AARY0864NL

Omschrijving 4x zwarte 65 literspeciekuip. LFO-code A9 en A9-A. Allen voor 1/3 gevuld met vloeistoffen beige brokken. Een speciekuip bemonsterd. Totaal circa 65 liter

SIN AARY0867NL

Omschrijving 2x kartonnen doos met elk 4 glazen 10 liter maatbekers. LFO-code A22 en A22-A. Allen bevuild met beige restanten. Een maatbeker bemonsterd

Ruimte B – 1ste etage

SIN AAQL0091NL

Omschrijving Op de vloer van de 1ste etage lagen 28 aluminium schalen, met daarop bruine brokken. Totaal nettogewicht 98,22 kg. Hiervan 4 monsters genomen. FD = MDMB-4en-Pinaca. Een monster ingezonden.

Interpretatie LFO

De bedrijfsruimte en de vide waren op het moment van ontdekking grotendeels in gebruik voor de zeer grootschalige vervaardiging van MDMB-4en-Pinaca. Hierbij was op de begane grond op een aluminiumschaal(A3) al 3,82 kg MDMB-4en-Pinaca aanwezig en lag op de vide al 98,22 kg MDMB-4en-Pinaca te drogen. Het verder aantreffen van: vervuilde maatbekers, verwamingsplaten, roerders, Dimethylformamide, Broom-butaan en dozen poeders met valse etiketten is de aangetroffen MDMB-4en-Pinaca ter plaatse vervaardigd vanuit de uitgangsstof MDMB-INACA.

Een geschrift, te weten een onderzoek van het NFI van de aangetroffen materialen op de [adres] , Unit [nummer] , in [plaats] , voor zover inhoudende:

Resultaten

Kenmerk AARY0859NL /A3-A

Omschrijving vochtige crèmekleurige brokjes, volgens opgave afkomstig uit

"Metalen bak op de vriezer inhoudende poeder. FD = MDMB-4en-Pinaca. Gewicht 3,820 kg netto. Deze bemonsterd."

Resultaat bevat MDMB-4en-PINACA

Kenmerk AARY0864NL / A9, A9-A

Omschrijving vochtige crèmekleurige brokjes, volgens opgave afkomstig uit

"4x zwarte 65 literspeciekuip. Allen voor 1/3 gevuld met vloeistoffen beige brokken. Een speciekuip bemonsterd. Totaal circa 65 liter."

Resultaat bevat MDMB-4en-PINACA

Kenmerk AARY0867NL / A22, A22-A

Omschrijving vochtige crèmekleurige brokjes, volgens opgave afkomstig uit

“2x kartonnen doos met elk 4 glazen 10 liter maatbekers. Allen bevuild met beige restanten. Een maatbeker bemonsterd."

Resultaat bevat MDMB-4en-PINACA

Kenmerk AAQL0091NL / I

Omschrijving crèmekleurige substantie, volgens opgave afkomstig uit

"Op de vloer van de 1ste etage lagen 28 aluminium schalen, met daarop bruine brokken. Totaal nettogewicht 98,22 kg. Hiervan 4 monsters genomen. FD = MDMB-4en-Pinaca. Een monster ingezonden."

Resultaat bevat MDMB-4en-PINACA

Beantwoording aanvullende vragen

"Kan het NFI iets zeggen over de duur van het vervaardigingsproces van MDMB- 4en-PINACA uit MDMB-INACA"

De synthese van MDMB-4en-PINACA vanuit de aangetroffen grondstoffen MDMB-4en- PINACA en 5-broom-1-penteen is een éénstapsreactie. In wetenschappelijke publicaties wordt deze alkyleringsreactie veelvuldig beschreven, waarbij er gevarieerd wordt met het te gebruiken oplosmiddel, de base, de temperatuur en de reactietijd. In dit onderzoek is DMF het oplosmiddel, kaliumcarbonaat de base en lijkt het erop dat de reactie waarschijnlijk bij kamertemperatuur werd uitgevoerd. De reactietijd is niet bekend. Op internet is een beschrijving van de synthese van MDMB-4en-PINACA terug te vinden die grotendeels past bij hetgeen op locatie in [plaats] is aangetroffen. In het beschreven proces wordt gebruik gemaakt van de chemicaliën MDMB-INACA, DMF, kaliumcarbonaat en 5-broompenteen en hardware als een bekerglas, emmer, verwarmingsplaat en iets om mee te roeren. De duur van de beschreven synthesestap zou vijf uur zijn, waarbij een kilo grondstof MDMB-INACA bij een temperatuur van 80 ° C volledig wordt omgezet. De reactieduur komt overeen met een andere gepubliceerde beschrijving van een vergelijkbare reactie waarbij de reactie uitgevoerd werd bij kamertemperatuur. Het grote verschil tussen hetgeen op locatie is aangetroffen en de beschrijving van het online recept is het verwarmen van het reactiemengsel. Het zou kunnen zijn dat het verwarmen achterwege is gelaten omdat ook beschreven staat dat de reactie die plaatsvindt na toevoegen van de 5-broom-1-penteen exothermisch is, d.w.z. de temperatuur van het reactiemengsel zal vanzelf stijgen. Een andere optie is dat de reactie wel met verwarmen is uitgevoerd maar dat de benodigde hardware hiervoor niet op beeld vastgelegd is.

Na afloop van de reactie moet het reactiemengsel afkoelen. Na enige tijd wordt dit vervolgens bij een mengsel van ijs en water in een emmer gegoten. Hierbij zou een vaste stof gevormd worden. Volgens het internet-recept zou vervolgens meer ijs moeten worden toegevoegd en de emmer met het mengsel zou in een koelkast moeten worden geplaatst bij 2 à 3 ° C voor een periode van vier uur. Hierna kan het verkregen product, de MDMB-4en-PINACA, door filtratie verzameld worden. De totale duur van het beschreven proces om een kilo MDMB-INACA om te zetten in MDMB-4en-PINACA wordt geschat op 11 uur.

Een proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte 3] , voor zover inhoudende:

O: Er zijn drie telefoons in beslag genomen, ik laat je wat afbeeldingen zien.

V: Welke is van jou?

A: Die op foto 3 en 4, ik herken hem aan de breuk op de achterkant en ik sta op de foto op de voorkant. (De rechtbank begrijpt: de iPhone 13 Pro Max.) In de telefoon staan foto’s van mijn paspoort, rijbewijs en Schengenvisum.

V: Wie is de gebruiker van deze telefoon?

A: Ik, als enige. Af en toe heeft mijn vriend er een videofilm op bekeken, maar meer niet.

Een proces-verbaal van onderzoek telefoons, voor zover inhoudende:

Omschrijving goed: Iphone 13 Pro Max (de rechtbank begrijpt: de telefoon van de medeverdachte [medeverdachte 3] )

Bestandnaam: [bestandsnaam] .JPG

De foto is genomen op 31-10-2024 19:50:12(UTC+1)

Ik zie twee aluminium bakken. Ik zie in één bak zandkleurige brokjes. Ik zie in de andere bak een zak met dezelfde substantie. Ik zie dat de bak met de zak erin op een witte weegschaal staat.

Een proces-verbaal van onderzoek telefoons, voor zover inhoudende:

De collega heeft in zijn proces-verbaal een afbeelding gezet met de naam [bestandsnaam] .jpg. Dat zijn thumbnails / previews. Ik zocht weer naar gelijknamige video.

Ik, verbalisant, vond een video met de naam: [bestandsnaam]

Created: 31 oktober 2024

Gemaakt met: Apple iPhone 13 Pro Max (de rechtbank begrijpt: de telefoon van medeverdachte [medeverdachte 3] )

GPS info bij video: ( [GPS coördinaten] ) [plaats] (de rechtbank begrijpt gelet op het weergegeven kaartje [adres] in [plaats] )

Deze video is zeer waarschijnlijk middels deze telefoon gemaakt.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?