RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Familie- en Jeugdrecht
Locatie Almere
Zaaknummer: C/16/601517 / JL RK 25-759
Datum uitspraak: 27 november 2025
Beschikking van de kinderrechter over een verlenging ondertoezichtstelling en verlenging machtiging tot uithuisplaatsing
in de zaak van
LEGER DES HEILS JEUGDBESCHERMING EN RECLASSERING,
gevestigd te [.] ,
hierna te noemen: de gecertificeerde instelling (de GI),
over
[minderjarige] ,
geboren op [2010] in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen: [minderjarige (voornaam)] .
De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:
[belanghebbende] ,
hierna te noemen: de moeder,
wonende in [woonplaats] .
De kinderrechter merkt als informant aan:
[A] ,
hierna te noemen: de vader,
wonende in [woonplaats] .
1. Het verloop van de procedure
De kinderrechter neemt het verzoekschrift met bijlagen, ontvangen op 24 oktober 2025, mee in de beoordeling.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 27 november 2025. Daarbij was [B] namens de GI aanwezig.
De moeder en de vader zijn niet verschenen. De kinderrechter stelt vast dat de moeder en de vader wel juist zijn opgeroepen.
De kinderrechter heeft [minderjarige (voornaam)] naar zijn mening gevraagd. [minderjarige (voornaam)] heeft hierover telefonisch een gesprek gevoerd met de kinderrechter. De GI heeft daarop tijdens de zitting op kunnen reageren.
2. De feiten
De moeder is bij beschikking van 1 augustus 2025 belast met het eenhoofdig ouderlijk gezag over [minderjarige (voornaam)] .
[minderjarige (voornaam)] verblijft in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder.
De kinderrechter heeft bij beschikking van 5 december 2024 de ondertoezichtstelling van [minderjarige (voornaam)] verlengd tot 7 december 2025.
De kinderrechter heeft bij beschikking van 5 december 2024 de machtiging verlengd om [minderjarige (voornaam)] gedurende dag en nacht uit huis te plaatsen in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 7 december 2025.
3. Het verzoek
De GI verzoekt de ondertoezichtstelling van [minderjarige (voornaam)] te verlengen voor de duur van een jaar. Ook verzoekt de GI de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige (voornaam)] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder te verlenen voor de duur van een jaar.
De GI verzoekt de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
De kinderrechter vat het verzoek van de GI op als een verzoek om de machtiging tot uithuisplaatsing te verlengen in plaats van te verlenen. Op dit moment is [minderjarige (voornaam)] namelijk al uit huis geplaatst met een machtiging tot uithuisplaatsing.
4. De beoordeling
De kinderrechter is van oordeel dat aan de voorwaarden voor een verlenging van de ondertoezichtstelling is voldaan. De kinderrechter verlengt daarom de ondertoezichtstelling voor de duur van een jaar. Ook vindt de kinderrechter de verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige (voornaam)] noodzakelijk in het belang van zijn verzorging en opvoeding. De kinderrechter verlengt daarom deze machtiging voor de duur van een jaar. De kinderrechter legt hieronder uit waarom.
[minderjarige (voornaam)] woont inmiddels een jaar bij [organisatie 1] . Echter, de zorgen over [minderjarige (voornaam)] zijn nog steeds aanwezig. [minderjarige (voornaam)] gaat op dit moment niet naar school. Hij gaat twee keer in de week naar [organisatie 2] en vanuit de psychomotorische therapie wordt er enige vorm van dagbesteding geregeld via een lascursus. Op deze manier is er de hoop om laagdrempelig het vertrouwen van [minderjarige (voornaam)] te winnen en met hem in gesprek te kunnen gaan. De resterende tijd heeft [minderjarige (voornaam)] geen dagbesteding, waardoor hij in situaties belandt waarbij sprake is van geweld, ruzie, middelengebruik en vechtpartijen. Het aandeel van [minderjarige (voornaam)] daarin is niet duidelijk. De jeugdreclassering is betrokken, maar [minderjarige (voornaam)] houdt zich niet aan de gemaakte afspraken. De kinderrechter vindt het belangrijk dat [minderjarige (voornaam)] , bij voorkeur door school, weer een dagbesteding krijgt en hoopt dat er snel een plek is waar hij naartoe kan, bijvoorbeeld bij [school] .
Verder is systeemtherapie onvoldoende van de grond gekomen. De GI heeft gezegd dat de moeder niet open staat voor deze therapie, waardoor er geen herstelgesprekken en afspraken zijn gemaakt tussen [minderjarige (voornaam)] en zijn moeder. Ondanks dat loopt [minderjarige (voornaam)] weg van [organisatie 1] en zoekt hij zijn moeder op. Na een incident met een mes tussen [minderjarige (voornaam)] en zijn broer heeft de moeder bij de GI aangegeven geen contact meer te willen met [minderjarige (voornaam)] totdat hij op een plek zit waar er strengere regels en duidelijkere kaders voor hem gelden. De GI hoopt het contact met de moeder weer te herstellen.
Inmiddels heeft de GI het Regionaal Expert Team (hierna: RET) betrokken. Hoewel een eventuele gesloten plaatsing is besproken, adviseert het RET om [minderjarige (voornaam)] nu bij [organisatie 1] te laten verblijven. Hij begint zich daar meer open te stellen en de groepsleiding blijft zich, ondanks incidenten, voor hem inzetten. De kinderrechter vindt het daarom zorgelijk dat [organisatie 3] , de hoofdaannemer, de samenwerking met [organisatie 1] beëindigt en hoopt dat het de GI lukt om met een maatwerkvoorziening van de gemeente ervoor te zorgen dat [minderjarige (voornaam)] op de groep kan blijven wonen. [organisatie 1] heeft veel geduld met [minderjarige (voornaam)] , ook bij een terugval. Er is een lange adem nodig om met [minderjarige (voornaam)] stappen te kunnen zetten en [organisatie 1] lijkt die te hebben.
Tijdens de komende periode zal er nog steeds gewerkt moeten worden aan de volgende doelen:
[minderjarige (voornaam)] heeft inzicht in zijn eigen handelen en de gevolgen hiervan;
[minderjarige (voornaam)] werkt aan zijn mentale en fysieke gezondheid;
[minderjarige (voornaam)] heeft contact met gezinsleden op een manier die voor hem passend is;
[minderjarige (voornaam)] heeft een moeder die inzicht heeft in het gedrag en de problematiek van [minderjarige (voornaam)] en die adequaat op hem kan aansluiten.
De beslissing tot het verlengen van de ondertoezichtstelling wordt van rechtswege aangetekend in het gezagsregister.
De kinderrechter verklaart de beslissing uitvoerbaar bij voorraad, zoals is verzocht. Dat wil zeggen dat de beslissing direct geldt, ook als iemand in hoger beroep gaat.
5. De beslissing
De kinderrechter:
verlengt de ondertoezichtstelling van [minderjarige (voornaam)] tot 7 december 2026;
verlengt de machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige (voornaam)] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 7 december 2026;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beslissing is gegeven en in het openbaar uitgesproken op 27 november 2025 door mr. M.M. Janssen - Witteveen, kinderrechter, in aanwezigheid van J. Mather als griffier, en op schrift gesteld op 12 december 2025.
Tegen eindbeslissingen in deze beschikking is hoger beroep mogelijk bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Hiervoor is een advocaat nodig. Wie kunnen hoger beroep instellen:
degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.