RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
[eiser] , uit [plaats] , eiser
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 23/6328
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 18 juni 2025 in de zaak tussen
en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten & hoogheemraadschap [gemeente], verweerder
(gemachtigde: mr. D.J. Koopmans).
Procesverloop
1. In de beschikking van 28 februari 2023 heeft de heffingsambtenaar op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) ten aanzien van het adres [adres] in [plaats] (de woning) de waarde van de woning voor belastingjaar 2023 naar de waardepeildatum 1 januari 2022 vastgesteld op € 994.000,-. De WOZ beschikking is opgenomen in het aanslagbiljet van dezelfde datum. De heffingsambtenaar heeft aan eiser als eigenaar van de woning ook een aanslag onroerendezaakbelasting opgelegd.
In de uitspraak op bezwaar van 6 november 2023 heeft de heffingsambtenaar het bezwaar gegrond verklaard en de WOZ-waarde van de woning verlaagd naar € 950.000,-.
Eiser heeft tegen de uitspraak op bezwaar beroep ingesteld. De heffingsambtenaar heeft een verweerschrift en een taxatiematrix ingediend.
Het beroep is behandeld op de zitting van 18 juni 2025. De heffingsambtenaar heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde, vergezeld door [taxateur] (taxateur van heffingsambtenaar). Eiser is niet op de zitting verschenen.
Na afloop van de zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beslissing
2. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond
Overwegingen
3. De WOZ-waarde is de waarde in het economische verkeer. Dat is de prijs die op de waardepeildatum zou zijn betaald door de meest biedende koper, als de onroerende zaak op de meest geschikte wijze en na de beste voorbereiding te koop is aangeboden.
Eiser heeft zijn woning op 31 maart 2021 gekocht voor € 922.000,-. De prijs die hij heeft betaald, is de beste indicatie voor de marktwaarde van het huis op dat moment. Er hoeft dan immers niet te worden vergeleken met andere woningen. De prijs die eiser heeft betaald, is ook het beste aanknopingspunt voor de WOZ-waarde op de waardepeildatum die slechts acht maanden later ligt. Dit zou alleen anders zijn als er iets bijzonders aan de hand zou zijn rondom de aankoop, waaruit blijkt dat eiser niet de marktwaarde heeft betaald. Dat heeft eiser niet aangetoond, dus dat is hier niet het geval. Eiser geeft aan dat het bedrag dat hij voor de woning betaald heeft niet marktconform is, omdat het te hoog is. Hij heeft het bedrag betaald omdat hij de woning zelf erg graag wilde hebben en al geruime tijd aan het zoeken was. Zoals onder punt 3 is besproken, is de WOZ-waarde de prijs die de meest biedende koper betaald. Dat eiser zelf de meest biedende koper was, maakt dat niet anders. De heffingsambtenaar heeft ook enkele referentiewoningen aangedragen. Daaruit blijkt dat de prijs die eiser heeft betaald in overeenstemming is met de woningmarkt. De rechtbank gaat er dus van uit dat eisers aankoop de marktwaarde van de woning weergeeft.
Door naar de eigen aankoop te verwijzen en te indexeren naar de waardepeildatum maakt de heffingsambtenaar aannemelijk dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat de WOZ-waarde € 950.000,- blijft. De heffingsambtenaar hoeft geen griffierecht te vergoeden.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 18 juni 2025 door mr. J.W. Veenendaal, rechter, in aanwezigheid van mr. S. Vermeer, griffier.
griffier
rechter
Een afschrift van dit proces-verbaal is verzonden aan partijen op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop dit proces-verbaal is verzonden.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (belastingkamer), Locatie Arnhem, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.
Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.