RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 april 2025 in de zaak tussen
[eiser] , te [plaats] , eiser
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 25/2415
en
de heffingsambtenaar van de Belastingsamenwerking gemeenten en hoogheemraadschap Utrecht, verweerder.
Procesverloop
Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingesteld, omdat verweerder volgens hem de aan hem toegekende dwangsom niet op tijd aan hem heeft uitbetaald.
Overwegingen
1. Eiser vraagt de rechtbank om te bepalen dat verweerder de aan hem verbeurde dwangsom uitbetaalt, omdat dat nog steeds niet is gebeurd. De rechtbank overweegt hierover dat zij deze bevoegdheid niet heeft. Het uitbetalen van een toegekende dwangsom is namelijk een feitelijke handeling en niet een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Als verweerder de dwangsom niet betaalt, zal eiser zich moeten wenden tot de civiele rechter.
2. De rechtbank is onbevoegd om van het beroep kennis te nemen.
Beslissing
De rechtbank verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het beroep.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.C. Stijnen, rechter, in aanwezigheid van S. Ayyildiz, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 23 april 2025.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum op de stempel die hierboven staat. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.