ECLI:NL:RBMNE:2026:1004

ECLI:NL:RBMNE:2026:1004

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 17-03-2026
Datum publicatie 16-03-2026
Zaaknummer 16/191893-25 en 16/064606-21 (vordering tenuitvoerlegging)
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

De verdachte wordt veroordeeld voor het in vereniging plegen van een gewapende overval op een juwelier. Daarnaast wordt hij in een aparte zaak veroordeeld voor kentekendiefstal en gevaarlijk rijgedrag. De verdachte liep nog in een proeftijd voor 127 dagen jeugddetentie, die voor een eerdere winkeloverval voorwaardelijk was opgelegd. Deze recidive weegt strafverzwarend mee. Strafmatiging vanwege de jonge leeftijd van de verdachte. Straf: gevangenisstraf van 33 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, proeftijd 2 jaar, met als bijzondere voorwaarden o.a. een locatieverbod en locatiegebod met enkelband. Tenuitvoerlegging van de 127 dagen jeugddetentie, die voor de eerdere winkeloverval voorwaardelijk was opgelegd.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummers: 16/191893-25 en 16/064606-21 (vordering tenuitvoerlegging)

Vonnis van de meervoudige kamer van 17 maart 2026

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [2006] in [geboorteplaats] ,

ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres:

[adres] in [woonplaats] , nu gedetineerd in de [verblijfplaats] ,

hierna: de verdachte.

1. De zitting

De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van 19 februari 2026. Het onderzoek is gesloten op 17 maart 2026.

Op de pro-formazitting van 3 oktober 2025 is de strafzaak tegen de verdachte met parketnummer 16/170109-25 (verder: zaak B) gevoegd bij de strafzaak tegen verdachte met parketnummer 16/191893-25 (verder: zaak A).

Op de zitting op 19 februari 2026 waren aanwezig:

2. De tenlastelegging

De beschuldiging in zaak A

In zaak A beschuldigt de officier van justitie de verdachte ervan dat hij:

primair

op 24 juni 2025, samen met anderen, een gewapende overval heeft gepleegd op [winkel] in Utrecht, waarbij gouden sieraden zijn buitgemaakt;

subsidiair

op 24 juni 2025 medeplichtig is geweest aan een gewapende overval op [winkel] in Utrecht, waarbij gouden sieraden zijn buitgemaakt.

De beschuldiging in zaak B

In zaak B beschuldigt de officier van justitie de verdachte ervan dat hij:

feit 1

op 2 juni 2025 in Utrecht kentekenplaten heeft gestolen van [benadeelde] ;

feit 2

op 2 juni 2025 in Utrecht valse kentekenplaten op zijn auto heeft aangebracht of laten aanbrengen;

feit 3

op 2 juni 2025 in Utrecht als automobilist gevaar op de weg heeft veroorzaakt, door met te hoge snelheid te rijden, zonder snelheid te minderen drukke kruispunten te passeren en tegen een lantaarnpaal te botsen.

De volledige tekst van de beschuldigingen staat in bijlage I bij dit vonnis.

3. Het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

Ten aanzien van zaak A

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat kan worden bewezen dat de verdachte samen met anderen de gewapende overval heeft gepleegd.

Ten aanzien van zaak B

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat kan worden bewezen dat de verdachte zowel de kentekendiefstal als het aanbrengen van valse kentekenplaten en het gevaarlijke rijgedrag heeft begaan.

Het standpunt van de verdediging

Ten aanzien van zaak A

De raadsman heeft vrijspraak bepleit voor het onder feit 1 primair ten laste gelegde medeplegen van de overval. De bijdrage van de verdachte aan de overval is niet groot genoeg om van medeplegen te kunnen spreken, aldus de raadsman.

Ten aanzien van de onder feit 1 subsidiair ten laste gelegde medeplichtigheid aan de overval heeft de raadsman bepleit de verdachte vrij te spreken van een aantal ten laste gelegde medeplichtigheidshandelingen. Voor het overige heeft hij zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Ten aanzien van zaak B

De raadsman heeft vrijspraak bepleit voor zowel de onder feit 1 ten laste gelegde kentekendiefstal als het onder feit 2 ten laste gelegde aanbrengen van gestolen kentekenplaten op zijn auto, vanwege gebrek aan bewijs.

Ten aanzien van het onder feit 3 ten laste gelegde gevaarlijke rijgedrag heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank stelt, op grond van de in bijlage II opgenomen bewijsmiddelen, het volgende vast.

Ten aanzien van zaak A

De gang van zaken

Op 24 juni 2025, rond 11.15 uur, zijn de verdachte en de medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , en [medeverdachte 3] in verschillende auto’s bijeengekomen op een parkeerterrein bij het Rachmaninoffplantsoen in Utrecht.

Vanaf dit parkeerterrein heeft de verdachte omstreeks 12.15 uur, in een gestolen Peugeot met valse kentekenplaten, medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] naar een plek gebracht in de omgeving van de te overvallen juwelier, [winkel] , gevestigd op de [straat] in Utrecht. [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] waren hierbij vermomd als gesluierde vrouwen, en hadden een trolley met tot boeien geluste tiewraps, ducttape en blinddoeken en een niet van echt te onderscheiden imitatie-Uzi-machinepistool bij zich. Op een van de tot boeien geluste tiewraps wordt later DNA van de verdachte aangetroffen.

De vermomde [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] zijn de veiligheidssluis van de juwelier gepasseerd. Vervolgens heeft [medeverdachte 3] met de imitatie-Uzi, die zelfs kon worden “doorgeladen”, het winkelpersoneel bedreigd, waarna [medeverdachte 2] over de balie is gesprongen, een van de medewerkers van de juwelier een vuistslag in het gezicht heeft gegeven, en vervolgens gouden sieraden heeft meegegrist.

Daarna zijn [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] met de buit de juwelier uitgerend naar de verdachte, die volgens afspraak in de gestolen Peugeot was blijven wachten op de plek waar hij ze had afgezet. De verdachte is vervolgens met [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] en de buit teruggereden naar het parkeerterrein bij het Rachmaninoffplantsoen. Daar hebben [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] zich omgekleed in de daartoe gereedstaande Renault van medeverdachte [medeverdachte 1] .

Ontdaan van hun vermommingen zijn [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] met de buit overgestapt en weggereden in de bestelbus van [medeverdachte 2] , die daartoe weer naast de Renault van [medeverdachte 1] was geparkeerd. Hun bestemming was Antwerpen, om daar te proberen de buitgemaakte sieraden te verkopen. Omstreeks 13.10 uur zijn [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] bij de bestelbus in een tankstation aangehouden door de politie.

De verdachte heeft, nadat hij [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] op het parkeerterrein bij het Rachmaninoffplantsoen had afgezet, de gestolen Peugeot met valse kentekenplaten in de buurt gedumpt, en is vervolgens met een door hem, met geld van meerdere verdachten, gehuurde Peugeot naar een carpoolplaats in Breukelen gereden.

[medeverdachte 1] is in zijn Renault, waar [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] de door hen gebruikte vermommingen en imitatie-Uzi hadden achtergelaten, ook naar deze carpoolplaats gereden.

Op de carpoolplaats hebben de verdachte en [medeverdachte 1] de vermommingen en de imitatie-Uzi naar de gehuurde Peugeot overgebracht, met als doel ze daarmee onvindbaar te maken voor justitie. Vervolgens zijn de verdachte en [medeverdachte 1] beiden in de Renault van [medeverdachte 1] gestapt, en ook op weg gegaan naar Antwerpen. Omstreeks 13.15 uur zijn de verdachte en [medeverdachte 1] bij de Renault in een tankstation aangehouden door de politie.

Het juridische kader

Voor de kwalificatie medeplegen is vereist dat sprake is van nauwe en bewuste samenwerking. Die kwalificatie is alleen gerechtvaardigd als de bewezenverklaarde – intellectuele en/of materiële – bijdrage van de verdachte aan het delict van voldoende gewicht is. Een en ander brengt mee dat wanneer het tenlastegelegde medeplegen in de kern niet bestaat uit een gezamenlijke uitvoering, maar uit gedragingen die met medeplichtigheid in verband plegen te worden gebracht, op de rechter de taak rust om in het geval dat hij toch tot een bewezenverklaring van het medeplegen komt, in de bewijsvoering – dus in de bewijsmiddelen en zo nodig in een afzonderlijke bewijsoverweging – dat medeplegen nauwkeurig te motiveren. Bij de vorming van zijn oordeel dat sprake is van de voor medeplegen vereiste nauwe en bewuste samenwerking, kan de rechter rekening houden met onder meer de intensiteit van de samenwerking, de onderlinge taakverdeling, de rol in de voorbereiding, de uitvoering of de afhandeling van het delict en het belang van de rol van de verdachte, diens aanwezigheid op belangrijke momenten en het zich niet terugtrekken op een daartoe geëigend tijdstip. Dit beoordelingskader volgt uit vaste rechtspraak.

Deze zaak

De rechtbank is van oordeel dat de bijdrage van de verdachte aan de overval aanzienlijk geweest. De verdachte heeft zijn medeverdachten in een gestolen auto met valse kentekenplaten naar de te overvallen juwelier gebracht en is daar blijven wachten om ze te kunnen helpen bij hun vlucht. Na hun terugkeer is de verdachte naar een vooraf afgesproken plek gereden waar zij zich konden ontdoen van hun vermommingen en het wapen. Daarna heeft de verdachte de gestolen auto met valse kentekenplaten gedumpt. Vervolgens heeft hij geprobeerd het wapen en de vermommingen volgens een vooraf opgesteld plan onvindbaar voor de politie te maken, door ze samen met een medeverdachte op een afgelegen plek over te hevelen in een kennelijk voor dit doel door hem, met geld van meerdere verdachten, gehuurde andere auto. Ten slotte is DNA van de verdachte aangetroffen op een tot handboei geprepareerde tiewrap in de trolley die is meegenomen naar de juwelier, wat een aanwijzing is voor een verdergaande betrokkenheid bij de overval dan de verdachte heeft toegegeven.

De overval had niet plaats kunnen vinden zonder de bijdrage van de verdachte. Uit het dossier blijkt ook niet dat de verdachte bij de uitvoering van de overval ondergeschikt was aan of instructies kreeg van zijn medeverdachten, en hij zou, als de overval was geslaagd, een deel van de buit krijgen.

Ten slotte was de bijdrage van de verdachte aan de overval onderdeel van de uitvoering van een gezamenlijk plan, dat zorgvuldig en in nauwe samenwerking tussen alle verdachten moet zijn voorbereid. Het plan vereiste immers dat de handelingen van de verschillende

verdachten voorafgaand, ten tijde en na afloop van de geplande overval goed op elkaar werden afgestemd. Aanwijzingen voor het sterk planmatige karakter van de overval zijn verder dat:

- medeverdachte [medeverdachte 1] in een afgeluisterd telefoongesprek heeft gezegd dat de overval “twee drie maanden op de planning” stond;

- medeverdachte [medeverdachte 2] heeft verklaard, dat ze “met zijn allen” een plan hadden gemaakt;

- de verdachte en medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] in de maanden vóór de overval door de politie regelmatig samen worden aangetroffen, waarbij zij, een paar weken voor de overval, gezamenlijk worden verdacht van diefstal van kentekenplaten, terwijl bij de overval ook gestolen kentekenplaten zijn gebruikt;

- meerdere verdachten geld hebben betaald voor de huur van de Peugeot waarin de gebruikte vermommingen en het wapen door de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] werden verborgen;

- de verdachte en zijn medeverdachten zich de dag vóór de overval hebben verzameld nabij de woning van de verdachte, waarbij [medeverdachte 2] de te gebruiken vermomming heeft uitgeprobeerd;

- de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 3] de dag vóór de overval hebben meebetaald aan de verzekering van de bestelbus van medeverdachte [medeverdachte 2] , die bij de overval als vluchtauto is gebruikt;

- de moeder van de verdachte heeft verklaard dat medeverdachte [medeverdachte 3] de nacht vóór de overval in de woning van medeverdachte [verdachte] is blijven slapen;

- de verdachte en zijn medeverdachten op de dag van de overval, nog voordat de verdachten samenkomen bij het Rachmaninoffplantsoen, zich hebben verzameld bij de woning van de verdachte;

- medeverdachte [medeverdachte 1] om 11.20 uur op de dag van de overval in een chatbericht schrijft dat hij samen is met de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 3] ;

- medeverdachte [medeverdachte 2] op de dag van de overval zowel kort vóór als vlak na de overval regelmatig telefonisch contact heeft en zoekt met de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] ;

- de verdachte en zijn medeverdachten elkaar na afloop van de overval willen ontmoeten in Antwerpen, terwijl medeverdachte [medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij daar de buitgemaakte sieraden wilde verkopen.

Conclusie

De rechtbank is op grond van het voorgaande van oordeel dat sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en de medeverdachten bij het beramen en uitvoeren van de overval. De hiervoor vastgestelde handelingen van de verdachte kunnen worden gekwalificeerd als het medeplegen van een gewapende overval.

Ten aanzien van zaak B

Uit het dossier blijkt dat op 2 juni 2025 omstreeks 20.10 uur bij de politie een melding binnenkomt van een heterdaad diefstal van kentekenplaten met kenteken [kenteken] . Omstreeks 20.17 ziet verbalisant [verbalisant] de Ford Fiësta van de verdachte rijden met drie mensen erin. Deze Ford Fiësta voert als kentekenplaten de kort daarvoor gestolen kentekenplaten [kenteken] . Getuige “ [getuige 1] ” heeft verklaard dat de bestuurder van de Ford Fiësta de betreffende kentekenplaten heeft gestolen. De verdachte heeft verklaard dat hij de bestuurder was. De twee passagiers worden door de politie aangehouden en blijken de (destijds) als medeverdachten aangemerkte [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] te zijn.

De verdachte heeft op de zitting verklaard dat niet hij, maar een vierde persoon die in zijn Ford Fiësta zat de kentekenplaten zou hebben gestolen. De rechtbank zal deze verklaring als ongeloofwaardig terzijde schuiven om de volgende redenen.

Ten eerste is de verklaring pas op het laatste daarvoor mogelijke moment, tijdens de inhoudelijke terechtzitting, afgelegd. Dit doet afbreuk aan de geloofwaardigheid van de verklaring. Het ligt bij onschuld immers niet voor de hand om pas op het allerlaatste moment met een dergelijke ontlastende verklaring te komen.

Ten tweede is de verklaring intrinsiek onwaarschijnlijk. De verdachte heeft geen reden gegeven waarom een vierde persoon die in zijn auto zat kentekenplaten zou stelen en op de auto van de verdachte zou aanbrengen, om vervolgens deze auto te verlaten. De rechtbank kan ook zelf geen plausibele reden daarvoor bedenken.

Ten slotte vindt de verklaring geen enkele ondersteuning in de overige inhoud van het dossier, ook niet in de verklaringen van de medeverdachten. Nergens uit het dossier blijkt dat er sprake zou zijn van een vierde, onbekende verdachte. Integendeel, (destijds) medeverdachte [medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij vóór de aanhouding met twee anderen in de Ford Fiësta zat.

De rechtbank zal de verdachte daarom veroordelen voor de diefstal van de kentekenplaten.

Verder acht de rechtbank het niet mogelijk dat de gestolen kentekenplaten, in de korte tijd tussen de melding van de kentekendiefstal en de staandehouding van de verdachte, op de Ford Fiësta zijn aangebracht zonder de wetenschap en toestemming van de verdachte, die immers de bestuurder en de eigenaar was van deze Ford Fiësta.

De rechtbank zal de verdachte daarom ook veroordelen voor het aanbrengen of doen aanbrengen van de gestolen kentekenplaten op zijn auto.

Uit de bewijsmiddelen volgt verder dat de verdachte gevaar op de weg heeft veroorzaakt tijdens de achtervolging door de politie, nadat hij het stopteken negeerde. De rechtbank zal de verdachte ook daarvoor veroordelen.

De bewezenverklaring

De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte:

zaak A

1

op 24 juni 2025 te Utrecht, tezamen en in vereniging met anderen, gouden sieraden, die aan

[winkel] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om deze zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen medewerkers [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , gepleegd met het

oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en andere deelnemers aan het misdrijf de vlucht mogelijk te maken en het bezit van het gestolene te verzekeren, door

- zich, verkleed in djelleba en hoofddoek, als klant van de juwelierszaak voor te doen, bij de juwelierszaak aan te bellen en de juwelierszaak in te gaan, en

- voor de toonbank te gaan staan en te blijven staan met een op een vuurwapen gelijkend voorwerp in de hand, en

- een op een vuurwapen gelijkend voorwerp in de richting van die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] te richten en daarbij dit op een vuurwapen gelijkend voorwerp door te laden en

- over de toonbank te springen en naar die [slachtoffer 2] toe te rennen en

- die [slachtoffer 2] tegen het hoofd te slaan, en

- die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] de woorden toe te voegen: “doe het raam dicht” en “doe de deur open”.

zaak B

1

op 2 juni 2025 te Utrecht kentekenplaten, die aan [benadeelde] toebehoorden, heeft weggenomen, met het oogmerk om deze zich wederrechtelijk toe te eigenen;

2

op 2 juni 2025 te Utrecht op een motorrijtuig, voorzien van het kenteken [kenteken] , een teken, te weten een kentekenplaat met kenteken [kenteken] , heeft aangebracht of heeft doen

aanbrengen met het oogmerk de herkenning, daaronder begrepen de herkenning met behulp van technische voorzieningen, van het ingevolge artikel 40 van de Wegenverkeerswet 1994 gevoerde kenteken, te bemoeilijken;

3

op 2 juni 2025 te Utrecht als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee rijdende op wegen (rondom) de Olympus, de Stromboli, de Merelbrug, de Balearen, de Simplonbaan, de Pyreneeën, de Sint Gotthard en/of de Dolomieten,

- met een hogere snelheid dan ter plaatse was toegestaan heeft gereden en

- tegen een lantaarnpaal is gereden en

- zonder snelheid te minderen kruispunten heeft gepasseerd,

door welke gedragingen van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, en het verkeer op die weg werd gehinderd.

De rest van de tekst van de beschuldigingen kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.

De taal- en/of schrijffouten die in de tekst van de beschuldigingen voorkomen zijn in de bewezenverklaring verbeterd. Dit benadeelt de verdachte niet.

4. De kwalificatie en strafbaarheid

De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:

zaak A

primair

diefstal, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en andere deelnemers van het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl dit feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen.

zaak B

feit 1

diefstal;

feit 2

overtreding van artikel 41 lid 1, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994;

feit 3

overtreding van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994.

De verdachte is strafbaar.

5. De straf

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geëist dat de verdachte wordt veroordeeld tot:

een gevangenisstraf van 5 jaar, met aftrek van het voorarrest;

een gedragsbeïnvloedende of vrijheidsbeperkende maatregel, op grond van artikel 38z van het Wetboek van strafrecht (verder: GVM).

De officier van justitie eist een GVM, omdat haar eis van 5 jaar gevangenisstraf het niet mogelijk maakt daarnaast een voorwaardelijk strafdeel met bijzondere voorwaarden te eisen.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft bepleit om bij een bewezenverklaring een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen die gelijk is aan de periode dat de verdachte al in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, eventueel aangevuld met een voorwaardelijk strafdeel. Ter onderbouwing daarvan heeft de raadsman het volgende naar voren gebracht.

Bij de strafoplegging moet het jeugdstrafrecht worden toegepast. De verdachte is nog jong, hij woont nog bij zijn ouders en is deels van hen afhankelijk. Uit het dossier en het reclasseringsrapport blijkt dat de verdachte nog zoekende is naar zijn identiteit, makkelijk te beïnvloeden is en de gevolgen van zijn handelen moeilijk kan inschatten. In detentie is de kans op verharding aanwezig. De eerdere aan de verdachte opgelegde pedagogische aanpak en begeleiding door SAVE verliep goed en zou moeten worden gecontinueerd. Wanneer geen jeugdstrafrecht wordt toegepast, zou in ieder geval rekening moeten worden gehouden met de jeugdige leeftijd en het karakter van de verdachte, aldus de raadsman.

Het oordeel van de rechtbank

Inleiding

Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank rekening met de ernst van de gepleegde feiten en de omstandigheden waaronder de verdachte deze feiten heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee.

De ernst en omstandigheden van de gepleegde feiten

De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan een gewapende overval op een juwelier, waarbij de medewerkers van de juwelier doodsangst is aangejaagd door hen te bedreigen met een voor hen niet van echt te onderscheiden imitatie-Uzi en waarbij een van hen een vuistslag in het gezicht heeft gekregen.

Een dergelijke overval is voor de directe slachtoffers daarvan een traumatische ervaring. Uit de in het dossier opgenomen en op de zitting vertoonde videobeelden van de overval en de slachtofferverklaring van een van de juweliermedewerkers blijkt duidelijk hoe heftig de overval was en dat deze een enorme impact op hen heeft gehad.

Daarnaast zorgt een dergelijke overval voor angstgevoelens in de samenleving. Doordat de overval midden op de dag in een drukke winkelstraat plaatsvond, zijn ook veel omstanders er getuige van geweest.

Uit het dossier blijkt niet dat de verdachte stil heeft gestaan bij deze gevolgen van zijn daden. De verdachte heeft zich lange tijd beroepen op zijn zwijgrecht en heeft pas na completering van het dossier een minimale verklaring afgelegd. De rechtbank is van oordeel dat hij daarmee onvoldoende verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn daden.

Daarnaast heeft de verdachte zich eerder, een paar weken vóór de overval op de juwelier, schuldig gemaakt aan diefstal van kentekenplaten en het aanbrengen van deze gestolen kentekenplaten op zijn auto. Naast de materiële schade en overlast die dit voor de eigenaar van de kentekenplaten heeft meegebracht, neemt de rechtbank in overweging dat het stelen van kentekenplaten en het hiermee maskeren van het eigen kenteken doorgaans de voorbode is van het plegen van ernstige strafbare feiten. Verder is de verdachte, toen de politie hem vlak na de diefstal wilde aanhouden, op de vlucht geslagen en heeft daarbij bijzonder gevaarlijk rijgedrag vertoond, door veel te hard te rijden in een wijk met woonerven en over een fietsbrug, waarbij hij de macht over het stuur verloor en in botsing kwam met een lantaarnpaal.

De rechtbank rekent dit alles de verdachte ernstig aan.

De persoonlijke omstandigheden van de verdachte

Uit het strafblad van de verdachte blijkt dat hij in 2023 voor een gewapende winkeloverval is veroordeeld, waarbij onder andere een voorwaardelijk strafdeel is opgelegd. De verdachte liep ten tijde van de overval in deze zaak nog in de proeftijd hiervoor.

Door de reclassering is op 12 februari 2026 een rapport over de verdachte opgemaakt.

Hieruit blijkt dat de reclassering het risico op recidive als hoog inschat. Dit hangt samen met een beperkt vermogen om problemen op te lossen, het ontbreken van een dagbesteding en de mogelijk pro-criminele houding van de verdachte. Verder neemt de reclassering hierbij in aanmerking dat de verdachte in het kader van de proeftijd van de eerder opgelegde straf intensief is begeleid door de jeugdreclassering, en desondanks is gerecidiveerd. De reclassering adviseert daarom dit keer het volwassenstrafrecht toe te passen.

De reclassering ziet geen contra-indicaties voor een onvoorwaardelijke celstraf, maar acht bij een lange gevangenisstraf, gelet op de jonge leeftijd van de verdachte, wel het risico op detentieschade en verharding aanwezig.

De reclassering adviseert om bij een voorwaardelijk strafdeel bijzondere voorwaarden op te leggen die de risicofactoren adresseren, om zo het recidiverisico te verkleinen.

De op te leggen straf

De rechtbank ziet geen reden om bij de bestraffing van de verdachte het jeugdstrafrecht toe te passen. De verdachte is meerderjarig en niet bijzonder kwetsbaar, en de reclassering adviseert de toepassing van het volwassenenstrafrecht. Verder speelt mee dat verdachte tijdens zijn minderjarigheid gedurende langere tijd onder intensief toezicht heeft gestaan van de Jeugdreclassering, maar desondanks, nog tijdens dit toezicht, weer een ernstig strafbaar feit heeft gepleegd.

De rechtbank zal bij het bepalen van de straf wel rekening houden met de jongvolwassenheid van de verdachte en de conclusie van de reclassering dat de verdachte een impulsief karakter heeft en wellicht nog zoekende is naar zijn identiteit. Ook zal de rechtbank er rekening mee houden dat de reclassering nog voldoende aanknopingspunten ziet om de verdachte na zijn vrijlating wederom te ondersteunen bij het voorkomen van recidive.

Om in vergelijkbare zaken zoveel mogelijk gelijk te straffen, werken strafrechters met landelijke oriëntatiepunten (de LOVS-oriëntatiepunten). Deze zijn gebaseerd op opgelegde straffen in andere, vergelijkbare zaken.

Zaak A

Het oriëntatiepunt voor een gewapende overval op een winkel is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 2 jaar bij “licht geweld”, waarbij samenwerking en planning met anderen geldt als strafverzwarend. De rechtbank acht het dreigen met een levensechte imitatie-Uzi en het geven van een vuistslag ernstiger dan “licht geweld”. Bovendien is de overval in nauwe samenwerking met anderen gepland en gepleegd. Als uitgangspunt voor de op te leggen straf hanteert de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 2,5 jaar (30 maanden).

De rechtbank zal bij de verdachte afwijken van dit uitgangspunt, om de volgende redenen.

De rechtbank weegt als strafvermeerderend mee dat de verdachte tijdens de proeftijd van een voorwaardelijke straf die voor een eerdere gewapende winkeloverval was opgelegd, wederom een gewapende winkeloverval heeft gepleegd.

De rechtbank weegt de jonge leeftijd van de verdachte als strafverminderend mee. De verdachte was ten tijde van de overval 19 jaar oud. Om eventuele detentieschade en

verharding te voorkomen, zal de rechtbank een substantieel deel van de gevangenisstraf voorwaardelijk opleggen, onder de voorwaarden die door de reclassering zijn geadviseerd. Bij deze strafvermindering speelt mee dat deze voorwaarden, met name het locatieverbod en het locatiegebod met elektronische controle, ook een forse inbreuk op de bewegingsvrijheid van de verdachte zullen betekenen.

Gelet op de ernst van het misdrijf legt de rechtbank vanwege deze strafvermindering aanvullend een forse taakstraf op.

Voor diefstal van kentekenplaten, het aanbrengen van gestolen kentekenplaten op een auto en het vertonen van gevaarlijk rijgedrag, zijn er geen landelijke oriëntatiepunten.

Gelet op de straffen die in vergelijkbare zaken worden opgelegd, acht de rechtbank voor de diefstal en het aanbrengen van de gestolen kentekenplaten een taakstraf van 20 uur op zijn plaats. Voor het gevaarlijke rijgedrag acht de rechtbank eveneens een taakstraf van 20 uur op zijn plaats.

Alles overwegend acht de rechtbank voor de gewapende overval en voor de diefstal en het aanbrengen van de kentekenplaten een gevangenisstraf van 33 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, op zijn plaats, in combinatie met een taakstraf van 260 uur.

De tijd die de verdachte in voorarrest heeft gezeten wordt op de gevangenisstraf in mindering gebracht.

Omdat het gevaarlijke rijgedrag een overtreding en geen misdrijf betreft, legt de rechtbank daarvoor separaat 20 uur taakstraf op.

Verdachte is in 2023 al eens veroordeeld voor een gewapende winkeldiefstal. Nu heeft hij zich hier weer schuldig aan gemaakt, naast andere strafbare feiten. De reclassering ziet een aantal risicofactoren waardoor de kans op herhaling als hoog wordt ingeschat. De rechtbank houdt er gelet hierop ernstig rekening mee dat de verdachte bij vrijlating weer een misdrijf zal begaan dat gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De rechtbank zal de bijzondere voorwaarden daarom dadelijk uitvoerbaar verklaren.

De rechtbank zal aan de verdachte geen GVM opleggen, omdat naar het oordeel van de rechtbank het recidiverisico na vrijlating voldoende kan worden ondervangen door de op te leggen bijzondere voorwaarden.

Zaak B

6. In beslag genomen voorwerpen

De in deze paragraaf vermelde voorwerpen zijn genummerd en omschreven volgens de beslaglijst in het dossier van 20 februari 2026.

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd de volgende in beslag genomen voorwerpen verbeurd te verklaren, omdat met behulp van deze voorwerpen de in zaak B ten laste gelegde kentekendiefstal is gepleegd:

1) 1 STK schroevendraaier (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536962);

2) 1 STK tang (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536967);

3) 1 STK plakband (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536970);

4) 2 STK handschoen (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536972, oranje);

5) 1 STK handschoen (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536977, zwart).

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft geen standpunt ingenomen ten aanzien van deze in beslag genomen voorwerpen.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de volgende in beslag genomen voorwerpen verbeurd verklaren, omdat

met behulp van deze voorwerpen de in zaak B ten laste gelegde kentekendiefstal is gepleegd:

1) 1 STK schroevendraaier (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536962);

2) 1 STK tang (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536967);

3) 1 STK plakband (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536970);

4) 2 STK handschoen (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536972, oranje);

5) 1 STK handschoen (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536977, zwart).

7. De vorderingen door benadeelde partijen

8. De vordering tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke straf

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]

Benadeelde partij [slachtoffer 1] heeft een verzoek tot schadevergoeding ingediend, waarin zij van verdachte een bedrag van € 4.621,37 vordert, als vergoeding voor de schade die zij stelt te hebben geleden als gevolg van het feit waarvan de verdachte in zaak A is beschuldigd.

Het gevorderde bedrag is als volgt opgebouwd:

- € 2.121,37 € 2.121,37 als vergoeding voor materiële schade, bestaande uit:

 € 2.038,08 als vergoeding voor gederfd salaris;

 € 83,29 als vergoeding voor kosten slaapmedicatie;

- € 2.500,- € 2.500,- als vergoeding voor immateriële schade.

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]

Benadeelde partij [slachtoffer 2] heeft een verzoek tot schadevergoeding ingediend, waarin hij van verdachte een bedrag van € 2.800,- vordert, als vergoeding voor de immateriële schade die hij stelt te hebben geleden als gevolg van het feit waarvan de verdachte in zaak A is beschuldigd.

Beide benadeelde partijen vorderen hierbij een verhoging van de gevorderde bedragen met de verschuldigde wettelijke rente, en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft verzocht de vorderingen van beide benadeelde partijen in zijn geheel toe te wijzen.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich, als de verdachte in zaak A zou worden veroordeeld voor het medeplegen van de overval, gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de vorderingen van beide benadeelde partijen.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] toewijzen. Deze vorderingen zijn voldoende onderbouwd en namens de verdachte niet betwist.

De verdachte is voor de schade met zijn mededaders hoofdelijk aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partijen voor het hele bedrag aansprakelijk is.

Deze rechtbank heeft aan de verdachte in de zaak met parketnummer 16/064606-23 op 19 september 2023 onder meer een voorwaardelijke jeugddetentie van 127 dagen opgelegd, met een proeftijd van twee jaar.

Het Openbaar Ministerie heeft op 25 augustus 2025 de rechtbank gevorderd deze voorwaardelijke jeugddetentie ten uitvoer te leggen.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geëist dat de rechtbank de vordering tot tenuitvoerlegging toewijst. De verdachte heeft zich immers niet gehouden aan de voorwaarde dat hij zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig mag maken aan een strafbaar feit, aldus de officier van justitie.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft de rechtbank verzocht de vordering tot tenuitvoerlegging af te wijzen en eventueel de proeftijd te verlengen, omdat de reclassering in een e-mail van 18 februari 2026 heeft aangegeven dat een langdurige gevangenisstraf voor de verdachte niet gewenst is.

Het oordeel van de rechtbank

Aan de verdachte is op 19 september 2023 voor een gewapende winkeloverval een voorwaardelijke straf van 127 dagen jeugddetentie opgelegd met een proeftijd van twee jaar. De verdachte wordt bij dit vonnis veroordeeld voor een vergelijkbare gewapende winkeloverval, die hij tijdens deze proeftijd heeft gepleegd.

De rechtbank zal de vordering van de officier van justitie daarom toewijzen.

9. De toegepaste wetsartikelen

De beslissing van de rechtbank berust op:

zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

10. De beslissing

De rechtbank:

bewezenverklaring

- verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in paragraaf 3.4 is vermeld;

- verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

strafbaarheid

- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4 is vermeld;

- verklaart verdachte strafbaar;

oplegging straf

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 33 maanden;

- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

- bepaalt dat van de gevangenisstraf een gedeelte van 12 maanden niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;

- stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaren vast;

- als voorwaarden gelden dat verdachte:

* zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

* ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

* medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;

- stelt als bijzondere voorwaarden dat:

* de verdachte zich binnen één dag nadat de proeftijd is ingegaan zal melden bij Reclassering Nederland op het adres Zwarte Woud 2, 3524 SJ te Utrecht, en zal meewerken aan het toezicht en de begeleiding door de reclassering, zolang de reclassering dit nodig vindt;

* de verdachte meewerkt aan (test)diagnostiek en, mits geïndiceerd, zich zal laten behandelen door Forensische polikliniek De Waag of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op het in kaart brengen van de aard van het delictgedrag (onder andere: aanwezigheid van psychische stoornissen, beïnvloedbaarheid, probleemoplossende vaardigheden);

* de verdachte op geen enkele wijze, direct of indirect, contact zoekt of heeft met de medeverdachten [medeverdachte 1] , geboortedatum [2006] , [medeverdachte 2] , geboortedatum [2006] en [medeverdachte 3] , geboortedatum [2005] , tenzij dit contact plaatsvindt met uitdrukkelijke toestemming van de reclassering en daarbij de aanwijzingen van de reclassering worden opgevolgd;

* de verdachte op geen enkele wijze, direct of indirect, contact zoekt of heeft met de benadeelde partijen [slachtoffer 1] , geboortedatum [2003] , en [slachtoffer 2] , geboortedatum [1990] , tenzij dit contact plaatsvindt met uitdrukkelijke toestemming van de reclassering en daarbij de aanwijzingen van de reclassering worden opgevolgd;

* de verdachte zich niet zal bevinden in het deel van de wijk Lombok in Utrecht dat wordt begrensd door de Leidsekade, de Billitonkade, de Vleutenseweg en het Westplein, zoals hieronder weergegeven, zolang de reclassering dat nodig vindt. De Vleutenseweg en het Westplein vallen zelf niet binnen de begrenzing van het locatieverbod.

De verdachte werkt mee aan elektronisch toezicht op de naleving van het locatieverbod, zolang de reclassering dat nodig vindt.

Voor een goede werking van het elektronisch toezicht mag de verdachte gedurende de duur van het elektronisch toezicht Nederland niet verlaten zonder toestemming van de reclassering.

Het Openbaar Ministerie kan op verzoek van de reclassering dit locatieverbod (deels) laten vervallen;

*Afbeelding verwijderd i.v.m. mogelijke herleidbaarheid naar personen.

* de verdachte op vooraf vastgestelde tijdstippen aanwezig is op zijn verblijfadres, zolang de reclassering dit nodig vindt.

Bij de start dient de verdachte op doordeweekse dagen met dagbesteding 12 uur op het verblijfadres te zijn. Op doordeweekse dagen zonder opleiding, (vrijwilligers)werk of behandeling is dat 22 uur en op dagen in het weekend 20 uur. De reclassering kan de dagen en tijden waarop het locatiegebod geldt, al dan niet tijdelijk, verminderen.

Het huidige verblijfadres is [adres] in [woonplaats] . Een ander adres voor het locatiegebod is alleen mogelijk als de reclassering daarvoor toestemming geeft.

De verdachte werkt mee aan elektronisch toezicht op de naleving van het locatiegebod zolang de reclassering dat nodig vindt.

Voor een goede werking van het elektronisch toezicht mag de verdachte gedurende de duur van het elektronisch toezicht Nederland niet verlaten zonder toestemming van de reclassering;

* de verdachte zich zal inspannen voor het vinden en behouden van betaald werk met een vaste structuur;

* de verdachte bij de reclassering inzicht zal geven in zijn financiën, bijvoorbeeld door het overleggen van loonstroken en rekeningafschriften;

- waarbij de reclassering opdracht wordt gegeven als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht om toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;

- beveelt dat de bijzondere voorwaarden en het toezicht door de reclassering dadelijk uitvoerbaar zijn;

- veroordeelt verdachte tot een taakstraf van 260 (tweehonderdzestig) uren;- beveelt dat voor het geval verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 130 dagen hechtenis;

oplegging straf zaak B, feit 3

- veroordeelt verdachte tot een taakstraf van 20 (twintig) uren;

- beveelt dat voor het geval verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 10 dagen hechtenis;

beslag (zaak B)

- verklaard de volgende voorwerpen verbeurd (genummerd en omschreven volgens de beslaglijst in het dossier van 20 februari 2026):

• 1) 1 STK schroevendraaier (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536962);

• 2) 1 STK tang (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536967);

• 3) 1 STK plakband (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536970);

• 4) 2 STK handschoen (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536972, oranje);

• 5) 1 STK handschoen (omschrijving: PL0900-2025181964-G3536977, zwart);

benadeelde partij [slachtoffer 1] (zaak A)

- wijst de vordering van benadeelde partij [slachtoffer 1] geheel toe tot een bedrag van

€ 4.621,37 (vierduizendzeshonderdeenentwintig euro en zevenendertig eurocent);

- veroordeelt de verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 24 juni 2025 tot de dag van volledige betaling, met dien verstande dat indien en voor zover door een van zijn mededaders (een deel van) dit bedrag aan de benadeelde partij is betaald, de verdachte in zoverre van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- legt aan de verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 4.621,37 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 24 juni 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 46 dagen gijzeling, met dien verstande dat indien en voor zover door een van zijn mededaders (een deel van) dit bedrag aan de Staat is betaald, de verdachte in zoverre van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;

benadeelde partij [slachtoffer 2] (zaak A)

- wijst de vordering van benadeelde partij [slachtoffer 2] geheel toe tot een bedrag van

€ 2.800,- (achtentwintighonderd euro);

- veroordeelt de verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 24 juni 2025 tot de dag van volledige betaling, met dien verstande dat indien en voor zover door een van zijn mededaders (een deel van) dit bedrag aan de benadeelde partij is betaald, de verdachte in zoverre van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- legt aan de verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 2.800,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 24 juni 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 28 dagen gijzeling, met dien verstande dat indien en voor zover door een van zijn mededaders (een deel van) dit bedrag aan de Staat is betaald, de verdachte in zoverre van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;

vordering tenuitvoerlegging met parketnummer 16/064606-23

- wijst de vordering toe;

- gelast de tenuitvoerlegging van de door de meervoudige strafkamer van de rechtbank Midden-Nederland bij vonnis van 19 september 2023 opgelegde voorwaardelijke jeugddetentie voor de duur van 127 dagen.

Dit vonnis is gewezen door mr. L.C. Michon, voorzitter, mr. J.F. Haeck en

mr. K. de Meulder, rechters, in tegenwoordigheid van A. van der Zwan, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 17 maart 2026.

Bijlage: de tenlastelegging

Aan verdachte wordt in zaak A ten laste gelegd dat:

1

hij op of omstreeks 24 juni 2025 te Utrecht, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (gouden) sieraden, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [winkel] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn

mededader(s) toebehoórde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen medewerkers [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door

- zich, verkleed in djelleba en/of hoofddoek, als klant van de juwelierszaak voor te doen, althans bij de juwelierszaak aan te bellen en/of de juwelierszaak in te gaan, en/of

- voor de toonbank te gaan staan en/of te blijven staan met een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de hand, en/of

- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de richting van die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] te richten en/of (daarbij) dit vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, door te laden en/of

- over de toonbank te springen/klimmen en/of naar die [slachtoffer 2] toe te rennen en/of

- die [slachtoffer 2] meermalen, althans eenmaal, tegen het hoofd, althans het lichaam, te slaan, en/of

- die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] de woorden toe te voegen: “doe het raam dicht” en/of “doe de deur open”, althans woorden van soortgelijke (dreigende) aard en/of strekking;

2

hij in of omstreeks de periode van 12 juni 2025 tot en met 24 juni 2025 te Utrecht, althans in Nederland, een wapen van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk een voorwerp dat voor wat betreft vorm en afmeting een sprekende gelijkenis vertoont met echt bestaande vuurwapens, namelijk een pistool, merk IMI (IWI), model Mini Uzi heeft vervaardigd/getransformeerd/voor derden hersteld/overgedragen/voorhanden gehad/gedragen/vervoerd/doen binnenkomen/doen uitgaan.

Aan verdachte wordt in zaak B ten laste gelegd dat:

1

hij op of omstreeks 2 juni 2025 te Utrecht een of meerdere kentekenplaten, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [benadeelde] , in elk geval aan een ander toebehoorde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen;

2

hij op of omstreeks 2 juni 2025 te Utrecht, in elk geval in Nederland, op een motorrijtuig, voorzien van het kenteken [kenteken] , (een) teken(s) en/of middel(en), te weten een kentekenplaat met kenteken [kenteken] , heeft aangebracht of heeft doen aanbrengen met het oogmerk de herkenning, daaronder begrepen de herkenning met behulp van technische voorzieningen, van het ingevolge artikel 40 van de Wegenverkeerswet 1994 gevoerde kenteken, te bemoeilijken;

3

hij op of omstreeks 2 juni 2025 te Utrecht als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee rijdende op een of meerdere wegen (rondom) de Olympus, de Stromboli, de Merelbrug, de Balearen, de Simplonbaan, de Pyreneeën, de Sint Gotthard en/of de Dolomieten,

- met een zeer hoge snelheid, in ieder geval met een veel hogere snelheid dan ter

plaatse was toegestaan heeft gereden en/of

- tegen een lantaarnpaal is gereden en/of

- zonder snelheid te minderen drukke kruispunten heeft gepasseerd, door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd.

Bijlage II: De bewijsmiddelen

1. De bewijsmiddelen ten aanzien van zaak A

De overval

Aangever [slachtoffer 1] heeft verklaard:

Op dinsdag 24 juni om 12:24 uur was ik aan het werk bij [winkel] op de [straat] in Utrecht.

Ik zag dat er twee personen binnenkwamen die allebei geheel gesluierd waren, waardoor alleen hun ogen zichtbaar waren en de rest van hun gezicht niet. Ik zag dat ze daaronder een zogenaamde jellaba, een soort jurk droegen. Ik zag dat de een volledig in het zwart was en dat de ander een beige dan wel lichtbruine sluier droeg.Ik zag dat de man met de beige sluier een vuurwapen op mij richtte dat hij onder de sluier vandaan haalde.

Ik hoorde dat de man met het geweer tegen mij zei dat ik het raam moest sluiten. Ik zag dat alle huid rond zijn ogen wit gemaakt was met make-up. Ik zag dat hij donkere ogen had, misschien bruin of zwart.Ik zag dat de in het zwart geklede man over de vitrine klom en dat hij vocht met mijn collega. Ik zag dat de in het zwart geklede man naar mijn collega sloeg en vervolgens langs hem heen naar mij toe kwam.Ik zag dat de in het zwart geklede man meerdere sets met armbanden en kettingen los trok van de standaarden waarop deze in de vitrine stonden. Ik hoorde dat de in het zwart geklede man tegen mij zei: “doe gewoon de deur open, doe gewoon de deur open”.De man met het vuurwapen heeft vrijwel onafgebroken op mij gericht, hij stond vlak bij mij. Ik was op dat moment heel bang dat hij mij dood zou schieten.Ik zag dat de man met het vuurwapen op mij richtte en ik hoorde dat hij nog een keer zei dat ik de deur open moest maken. Ik heb vervolgens de deur opengedaan.Ik zag dat de man in het zwart gekleed vervolgens terug klom over de vitrine. Ik zag dat hij meerdere sets van armbanden en kettingen, ik denk 6 tot 8 stuks, meenam.

Aangever [slachtoffer 2] heeft verklaard:

De eerste persoon in een zwarte djellaba (NN1) had zwarte handschoenen aan en een zwart karretje bij zich.De tweede persoon in een lichtere kleur djellaba (NN2) had zwarte handschoenen aan, en trok gelijk een wapen onder zijn djellaba vandaan.Ik zag en hoorde dat NN2 tegen [slachtoffer 1] begon te schreeuwen. Ik zag dat hij het wapen op [slachtoffer 1] richtte. Ik zag dat NN2 een lange haalbeweging maakte over de loop van het wapen. Het maakte een klikkend geluid. Ik dacht dat hij het wapen aan het laden was.Tegelijkertijd zag ik dat NN1 over de toombank naar mij toe sprong. Ik zag dat hij zijn arm naar achter bewoog en vervolgens naar voren. Ik zag dat hij mij een vuistslag in het gezicht gaf. Ik voelde direct een stekende pijn in het gezicht en viel op de grond.

Ik ben vervolgens opgestaan en ben naar achter gelopen om de alarmknop in te drukken.Ik zag dat NN1 naar [slachtoffer 1] liep en achter haar sieraden uit de vitrine pakte. Toen ik de knop had ingedrukt zag ik dat zij snel de winkel verlieten.

Toen zij de winkel verlieten zag ik dat NN2 zijn wapen op mij richtte tijdens het rennen naar buiten.Ik ben achter hun aan gerend de winkel uit. De mensen op straat vertelden mij dat zij de [straat] in waren gerend. Ik ben direct die kant op gegaan. Aan het einde van de straat op de kruising bij de [straat] zag ik dat zij in een voertuig stapten.De auto zag er als volgt uit:

- zwart van kleur;- kenteken met [kenteken] er in;Ik zag dat zij vervolgens de [straat] in reden mijn gezichtsveld uit.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Door de daders van de overval op juwelier [winkel] aan de [adres] op dinsdag 24 juni 2025 wordt bij binnenkomst een boodschappen trolley meegenomen. Deze trolley blijft achter als de daders vluchten.De inhoud van deze trolley bestaat uit:- twee gezichtsmaskers- rol plakband- tiewraps

- spuitflacon.De tiewraps waren reeds ingelust en per twee aan elkaar verbonden waardoor er een “8” ontstond. Dit maakt het in theorie mogelijk om er een persoon mee te boeien.De combinatie van gezichtsmasker, “boeien” en plakband zou gebruikt kunnen worden om een persoon mee te immobiliseren.

Getuige [getuige 2] heeft verklaard:

Ik was een lunchwandeling aan het maken met mijn collega’s over de [straat] ín Utrecht. Enkele collega’s liepen een eindje voor mij uit en ik zag dat zij ineens bleven staan voor de juwelierszaak op de [straat] nummer [nummer] . Ik zag dat er ook een vrouw met een fiets bij hen stond. Ik hoorde dat zij zei dat er iets aan de hand zou zijn in de winkel.

Mijn collega’s belden aan en probeerden de deur te openen, maar die was afgesloten.

Vervolgens zag ik dat de deur van binnenuit open werd gegooid en dat er twee geheel

gemaskerde mensen naar buiten kwamen, die een soort jurken droegen. Ik zag dat zij

allebei een slank postuur hadden. Ik zag dat een van hen een trainingsbroek droeg met een streep aan de zijkant. Ik kon dat zien omdat zijn gewaad omhoog waaide.

De vluchtroute tot en met de aanhouding

Getuige [getuige 3] heeft verklaard:

Op dinsdag 24 juni 2025 omstreeks 12:20 uur, bevond ik mij aan de [straat] te Utrecht ter hoogte van huisnummer [nummer] . Ik hoorde vervolgens een hard gegil uit een winkel komen.Ik zag dat vervolgens de deur open ging en zag ik dat er twee jongens de straat op renden.Ik zag dat de jongens wegrenden over de [straat] in de richting van de [straat] . Ik zag dat de jongens direct linksaf sloegen de [straat] in.Ik rende erachteraan. Ik zag de deuren open van een auto. Ik zag dat de auto van mij weg reed met de linker achterdeur nog een stukje open.Ik zag dat de auto weg reed over de van [straat] in de richting van de [straat] .

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Op dinsdag 24 juni 2025, omstreeks 12.29 uur hoorde ik dat er twee personen een juwelier hadden overvallen.Ik nam hierop positie met de kruising [straat] . Ik werd hierop direct door een manspersoon aangesproken, dat hij zojuist een donkerkleurige personenauto, met linksachter een deur beschadigd en half open, met hoge snelheid over de [straat] zag rijden in de richting van de [straat] . Hij zag dat het voertuig hierna rechtsaf reed de Leidseweg op in de richting van de stedelijke Munt.

Op dinsdag 24 juni 2025, omstreeks 12.50 uur, reden wij op de [straat] te Utrecht.

Ter hoogte van perceelnummer [nummer] zagen wij een man die ons wenkte. Ik zag dat de man wees naar een zwarte Peugeot 208. Ik zag dat er een witte kentekenplaat op de auto zat. Ik zag dat het een Oekraïense plaat betrof. Ik zag dat het ging om de [kenteken] . Ik zag dat er een flinke deuk zat aan de linkerportier aan de achterzijde. Ik zag dat het linker achterportier open stond.Wij werden aangesproken door een vrouw genaamd [getuige 4] . Ik hoorde [getuige 4] het volgende verklaren:Omstreeks 12.25 uur zag ik een zwarte auto met een hoge snelheid aan komen rijden op de parkeerplaats. Ik zag dat er een jongen uit het voertuig stapte en direct hard wegrende. Ik zag dat de jongen in de richting van het Rachmaninoffplantsoen rende.

Getuige nummer [getuige 5] heeft verklaard:

V: U heeft gisteren, dinsdag 24 juni 2025, een incident gezien. Kunt u vertellen wat u heeft gezien?

A: Het speelde zich af op het parkeerterrein van het Rachmaninoffplantsoen.Mijn partner zei tegen mij, dat er een auto met een buitenlands kenteken heel hard aan kwam rijden. Er stappen twee mensen met boerka’s uit en die auto rijdt door, terwijl de achterdeur nog open staat.Vanaf dat moment keek ik die kant op en zag ik dat er een zwarte auto met een wit kenteken wegreed. De auto deed mij denken aan een Peugeot.

Daarna zag ik dat twee personen de achterportieren van een zwarte Renault Clio dichtdeden. Ik zag dat een arm het rechterachterportier van de auto dichttrok.V: Kunt u iets vertellen over de huidskleur van de arm die u heeft gezien?A: Ja. Het was een bruine huidskleur.V: Kunt u een nadere omschrijving geven?A: Het was echt donkerbruin.

V: Zaten er nog meer inzittenden in de zwarte Renault Clio?

A: Ik zag ook beweging op de bestuurdersplaats in de auto. Hieruit maakte ik op dat er een persoon op de bestuurdersplaats zat.V: Heeft u het kenteken nog kunnen lezen?A: Ik zag dat het kenteken [kenteken] was.

Later zag ik dat er twee personen uit dezelfde zwarte Renault Clio stapten via de achterportieren. Ik zag dat zij naar een wit busje renden die twee parkeerplaatsen van de Renault Clio verwijderd stond.Ik zag dat de zwarte Renault Clio wegreed.Ik zag dat de twee personen, die net daarvoor achteruit de Renault Clio waren gestapt, in het witte busje stapten.V: Kunt u de twee personen die u zag omschrijven?A: De eerste persoon is de persoon die achter de bestuurderszijde uit de auto stapte. Deze was licht getint in het gezicht. Hij had lichte gezichtsbeharing. Hij had een dunne snor en een dunne baard, zwart van kleur. Hij had kort zwart haar. Ik denk dat deze persoon ongeveer tussen de 1,80 en 1,85 meter lang was. Hij was slank van postuur.

V: Wat kunt u vertellen van de tweede persoon?A: Deze stapte dus uit de rechterachterzijde van de auto, dus achter de bijrijdersplaats. Hij had een donkere huidskleur. Hij had heel kort gemillimeterd zwart haar. Hij was niet lang en slank postuur. Deze persoon was korter dan persoon 1.

V: Kunt u nog iets zeggen over de huidskleur van beide personen?A: Persoon 1 had een lichtere huidskleur dan persoon 2. Ik zou zeggen persoon 1 is had meer een Noord-Afrikaans uiterlijk en persoon 2 een meer donkere vent.V: Wat heeft u verder gezien?A: Ik zag dat persoon 1 naar de bestuurderszijde van het witte busje rende en het portier opentrok en op de bestuurdersplaats ging zitten. Ik zag dat persoon 2 naar de bijrijderszijde van het witte busje rende, het portier opentrok en op de bijrijdersplaats in het busje ging zitten.

Hierna gingen de portieren van het busje dicht, ging de motor aan en reed het witte busje weg vanaf de parkeerplaats.Ik zag ook aan de voorzijde van het busje het kenteken. Ik zag dat het kenteken [kenteken] was.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Uit het buurtonderzoek rondom het [straat] te [woonplaats] , werden camera's aangetroffen in het portiek van het appartementencomplex nummers [nummer] te [woonplaats] .

Beschrijving camerabeelden:

Screenshot nummer: 1

Tijd atoomklok: 11.14 uur

Omschrijving: Een witte bestelbus van het merk Peugeot komt het parkeerterrein oprijden en parkeert met de achterzijde richting bosschages in een parkeervak. Deze auto wordt verder genoemd: de witte bestelbus.

Screenshot nummer: 2

Tijd atoomklok: 11.14 uur.

Omschrijving: Een zwarte Peugeot komt direct, na het inparkeren van de witte bestelbus, ook het parkeerterrein oprijden. De Peugeot parkeert direct naast de witte bestelbus. De kentekenplaat is geel van kleur.

Screenshot nummer: 3

Tijd atoomklok: 11:38 uur

Omschrijving: Een zwarte Renault komt het parkeerterrein oprijden en parkeert twee vakken naast de Peugeot, met de voorzijde het parkeervak in.

Screenshot nummer: 4

Tijd atoomklok: 11.39 uur

Omschrijving: Nadat de Renault ingeparkeerd is, stapt de bestuurder direct uit het voertuig en maakt vermoedelijk contact met inzittenden van de Peugeot. Dit bleek een man te zijn met het volgende signalement: zwart haar, blauwe broek en zwarte jas met capuchon. Deze bestuurder zal verder VE1 genoemd worden. VE1 blijft een beetje “hangen” tussen de geparkeerde Peugeot en Renault.

Screenshot nummer: 6

Tijd atoomklok: 12.01 uur.

Omschrijving: VE1 staat met zijn rug tegen de Renault. Het lijkt erop alsof hij een gsm tegen zijn oor houdt. Vervolgens rijdt de Peugeot weg uit het parkeervak en verlaat het parkeerterrein.

Screenshot nummer: 7

Tijd atoomklok: 12.06 uur

Omschrijving: Een zwarte Peugeot met een witte kentekenplaat komt het parkeerterrein oprijden en parkeert met de achterzijde in het parkeervak direct naast de witte bestelbus.

Screenshot nummer: 8

Tijd atoomklok: 12.09 uur

Omschrijving: VE1 komt vanaf de linkerzijde van de witte bestelbus en heeft iets lichtkleurigs in zijn linkerhand. Dit geeft hij vervolgens aan de bestuurder van de Peugeot met witte kentekenplaat.

Screenshot nummer: 9

Tijd atoomklok: 12.13 uur

Omschrijving: Inmiddels was VE1 als bestuurder in de geparkeerde Renault gestapt en blijft daar zitten. Op genoemd tijdstip verlaat de Peugeot met witte kentekenplaat het parkeerterrein. De Renault met VE1 en de witte bestelbus blijven achter op het parkeerterrein.

Screenshot nummer: 10

Tijd atoomklok: 12.28 uur.

Omschrijving: De Peugeot met witte platen komt het parkeerterrein oprijden en stopt precies haaks achter de geparkeerde zwarte Renault. Het rechterachterportier van de Peugeot gaat open. Een persoon gekleed in een donkere boerka stapt uit de auto en rent achter de auto langs richting de geparkeerde Renault.

Screenshot nummer: 11

Tijd atoomklok: 12.28 uur

Omschrijving: Voordat de persoon in de donkere boerka bij de Renault is, komt er een persoon in een lichtere boerka uit de richting van de Peugeot rennen.

Screenshot nummer: 14

Tijd atoomklok: 12.28 uur.

Omschrijving: Persoon in lichte boerka (rode cirkel) stapt rechts voorin de geparkeerde Renault. Persoon in donkere boerka komt bij ook aan bij de geparkeerde Renault (gele cirkel).

Screenshot nummer: 15

Tijd atoomklok: 12.28 uur

Omschrijving: De persoon in de donkere boerka stapt vervolgens rechts achterin de Renault. Beide personen sluiten vervolgens de portieren en de Peugeot met witte platen rijdt weg.

Screenshot nummer: 18

Tijd atoomklok: 12.29 uur.

Omschrijving: Rechts achter uit de Renault stapt een persoon gekleed in een lichtblauw shirt, een donkere broek en lichtkleurige schoenen. Het signalement van deze persoon komt overeen met het signalement van verdachte [medeverdachte 2] , toen deze werd aangehouden.

Deze persoon rent voorlangs de geparkeerde witte bestelbus.

Screenshot nummer: 19

Tijd atoomklok:12.29 uur

Omschrijving: Rechts voor uit de Renault stapt een persoon gekleed in een donkere broek met aan de buitenzijde van de benen een lichte “streep” (zowel links als rechts). Ook draagt de persoon een lichtkleurig shirt met daarover een jas/jack, waarvan de mouwen lichter van kleur zijn. De persoon, die uit de Renault stapt, heeft veel overeenkomsten met het signalement van verdachte [medeverdachte 3] . De persoon loopt naar de rechterzijde van de geparkeerde witte bestelbus.

Screenshot nummer: 20

Tijd atoomklok:12.29 uur.

Omschrijving: Nadat de twee personen uit de Renault zijn gestapt, vertrekt de Renault en rijdt weg het parkeerterrein af.

Screenshot nummer: 21

Tijd atoomklok:12.31 uur

Omschrijving: De witte bestelbus rijdt weg uit het parkeervak en verlaat het parkeerterrein aan het Rachmaninoffplantsoen. Tussen het vertrek van de Renault en het vertrek van de witte bestelbus kwamen er geen verdachten in beeld.

Vervolgens reden beide voertuigen door meerdere ANPR-camera's, te weten:12:42 uur: [kenteken] A2 Breukelen Li 49,512:45 uur: [kenteken] A2 Vianen Re 72,412:48 uur: [kenteken] A2 Breukelen Re 49,112:51 uur: [kenteken] A2 Maarssen Re 53,812:51 uur: [kenteken] A27 Meerkerk Li 47,0De betreffende ANPR-hits werden doorgegeven aan de collega's van politie die op zoek waren naar de genoemde voertuigen. Vervolgens werd op basis van de ANPR-hits door de politiehelikopter zicht gepakt op beide voertuigen.Hierop zijn de inzittenden van de Clio en de Expert aangehouden, respectievelijk bij het Shell tankstation Hellevliet langs de A12 en bij het OK tankstation Scheiwijk langs de A27.

Aangehouden als bestuurder Renault Clio: [medeverdachte 1] , geboren op [2006] .Aangehouden als bijrijder in de Renault Clio: [verdachte] , geboren op [2006] .

Bij de Renault Expert werd aangehouden: [medeverdachte 3] , geboren op [2005] .Bij de Renault Expert werd ook aangehouden: [medeverdachte 2] , geboren op [2006] .

De witte bestelbus (Peugeot Expert met kenteken [kenteken] )

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Ik zag dat [medeverdachte 2] op 23 juni 2025 omstreeks 19:31 uur vanaf zijn rekening met IBAN [rekeningnummer] € 751,00 overmaakte naar de Nationale-Nederlanden. Ik zag dat de transactie voorzien was van de volgende omschrijving: “Verzekering [medeverdachte 2] , [medeverdachte 2] services, kenteken: [kenteken] ”.Ik zag dat [medeverdachte 2] voorafgaand aan deze transactie, op 23 juni 2025 om 16.30 uur en 18.33 uur, in twee transacties € 500,- ontving van [verdachte] .

Ik zag dat [medeverdachte 2] op 23-06-2025 omstreeks 19:27 uur een Tikkie ontving ter waarde van

€ 250,00. De Tikkie was afkomstig van de rekening met IBAN [rekeningnummer] op naam van [medeverdachte 3] . De transactie was voorzien van de omschrijving:. “Verzkr”.[medeverdachte 2] , [verdachte] en [medeverdachte 3] hebben dus gezamenlijk, op de dag voor de overval, betaald voor de verzekering van het voertuig met kenteken [kenteken] .

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Ik deed onderzoek naar de wit gekleurde Peugeot Expert, voorzien van het kenteken [kenteken] . Ik zag dat er een groenkleurige jas tussen de stoelen lag.

Hierop pakte ik de groenkleurige jas. Ik voelde dat er een zwaarder rond bollig voorwerp in de rechterjaszak zat. Toen ik de rits had geopend, zag ik dat er een wit gekleurde prop in de zak zat.Ik zag bij het openen van het papier, dat er diverse goudkleurige sieraden in het papier zat gewikkeld.

In de laadruimte werden de volgende binnen het onderzoek relevante goederen aangetroffen.Ammoniak en spuitfles.Wij voelden dat de ammoniakfles half leeg was en bij het openen van de spuitfles roken wij de kenmerkende scherpe geur. Dit is relevant voor het onderzoek omdat verdachte [medeverdachte 2] verklaart een spuitfles ammoniak bij zich gehad te hebben in de meegebrachte trolley.Foundation en make-up sponsIn een papieren tas werden een flesje foundation en make-up spons aangetroffen. Dit is relevant omdat er sprake van is dat de verdachte met het vuurwapen bij zijn vermomming de huid rond zijn ogen had geschminkt.Silicone BH vulling, make-up spons en haarclip,In een rode tas werden twee haarclips, twee silicone bh vullingen en nog een make-upspons aangetroffen. Dit is relevant omdat een van de overvallers bij zijn vlucht dergelijke silicone vullingen verloor. Tevens werd in de voornoemde trolley ook een soortgelijke haarclip aangetroffen.Haarstukken.Er werden enkele haarstukken en lege verpakkingen van haarstukken aangetroffen. Dit is relevant omdat een van de verdachten, [medeverdachte 2] , verklaarde zich hier mee vermomd te hebben.

De gehuurde Peugeot 208 met kenteken [kenteken]

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Ik heb onderzoek gedaan naar het rekeninggebruik van [verdachte] .Ik zag dat [verdachte] in de drie maanden voor het strafbare feit meerdere overboekingen deed vanaf zijn bankrekening [rekeningnummer] naar [bedrijf] BV.

Verdachte [verdachte] had een Peugeot 208, voorzien van kenteken [kenteken] gehuurd voor de periode 21-06-2025 om 10:00 uur tot 24-06-2025 om 09:30 uur.

Verdachte [verdachte] heeft bij de politie verklaard:

V: Wat heb jij gedaan op de ochtend van de overval?A: Ik ben langs [bedrijf] gegaan. Daar ben ik een auto gaan verlengen.

Verdachte [verdachte] heeft op de terechtzitting verklaard:

Het klopt dat ik de ochtend van de overval aan medeverdachte [medeverdachte 2] vraag om geld mee te brengen, daarmee wilde ik de huur van de Peugeot verlengen. Een deel van dat geld heb ik toen die ochtend inderdaad gekregen.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Vanuit het onderzoek was gebleken dat de bij het Rachmaninoffplantsoen weggereden Renault Clio met kenteken [kenteken] om 12:42 uur door de ANPR was gereden op de A2 links 49,5 bij Breukelen. Deze ANPR staat op de afrit van de A2.Vervolgens was deze Clio om 12:48 uur door de ANPR gereden op de A2 rechts 49,1 bij Breukelen. Deze ANPR staat op de oprit van de A2.Ik zag op de beelden dat om 12:43:40 uur een zwarte Renault Clio de carpoolplaats oprijden en parkeren aan de linkerzijde van het beeld, gelegen aan de zijde van de N401.

Ik zag vervolgens om 12:43:47 uur een zwarte Peugeot 208 de parkeerplaats oprijden, achter de Renault Clio aan.

Ik zag vervolgens dat een persoon (persoon 1) tussen de Clio en de 208 vandaan kwam en naar de achterzijde van de Clio liep en een persoon (persoon 2) vanaf de bestuurderszijde van de 208 kwam gelopen naar de achterzijde van de voertuigen. Ik zag dat het signalement van deze personen als volgt was:Persoon 1:Lichte huidskleurDonker haarRood shirt met korte mouwenDonkere broekDonkere schoenenPersoon 2:Donker getinte huidskleurDonkere jas/vestLicht shirtDonkere broek met iets lichtere voorzijdeDonkere schoenen met lichte zij-rand van zool

Ik zag dat persoon 1 terug liep naar de bestuurderszijde van de Clio en dat persoon 2 naar de bijrijderszijde van de 208 liep en beide personen om 12:44:20 uur uit beeld verdwenen.Vervolgens kwam persoon 1 in beeld waarbij hij iets zwarts vast had in zijn handen en liep in de richting van de kofferbak. Hij liep terug naar de bijrijderszijde van de Clio, opende het rechter achterportier en bukte voorover het voertuig in. Vervolgens kwam persoon 1 uit de rechter achterzijde van de Clio en liep met een zwart/wit voorwerp in zijn handen naar de 208. Ik zag dat persoon 1 tussen de Clio en 208 stapte en vervolgens naar de kofferbak van de 208 liep. Ik zag dat hij de kofferbak opende. Ik zag dat hij voorover bukte de kofferbak in en vervolgens zonder voorwerp in zijn handen wegliep bij de 208.Ik zag dat persoon 2 vervolgens vanaf de bestuurderszijde van de Clio kwam met een rode tas in zijn handen. Ik zag dat op de rode tas een witte opdruk/wit opschrift zat. Ik zag dat hij met de tas naar de kofferbak van de 208 liep, voorover bukte en weer rechtop kwam zonder de rode tas. Ik zag dat hij vervolgens de kofferbak van de 208 dicht deed. Ik zag dat beide personen vervolgens nog keken bij de kofferbak van de 208.Ik zag dat persoon 2 vervolgens naar de bestuurderszijde van de 208 liep en persoon 1 naar de bestuurderszijde van de Clio. Ik zag dat persoon 2 vervolgens vanaf de bestuurderszijde van de 208 kwam gelopen naar de bestuurderszijde van de Clio. Ik zag dat de achterlichten van de Clio gingen branden en de Clio vervolgens achteruit het parkeervak verliet.Ik zag dat de bestuurder van het voertuig korte mouwen aan had en lichte onderarmen had. Ik zag vervolgens bij het verlaten van de carpoolplaats dat naast de bestuurder met de lichte armen een bijrijder zat. Op basis hiervan maakte ik op dat persoon 1 als bestuurder van de Clio was ingestapt en persoon 2 als bijrijder.

Op dinsdag 24 juni 2025 is er onder verdachte [verdachte] een autosleutel van het merk Peugeot in beslag genomen.Op de carpoolplaats gelegen aan de N401 6.0 te Breukelen troffen wij een zwarte Peugeot met het kenteken [kenteken] aan.

De sleutel bleek bij het bovengenoemde voertuig te passen.

DNA-onderzoek

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

In de onderzoeksruimte B0.19 zagen wij een zwarte personenauto van het merk en type

Peugeot 208 voorzien van het kenteken [kenteken] .

In de kofferbak zagen wij links een rode Kruidvat tas.Wij zagen dat de rode tas was gevuld met meerdere kledingstukken en achter de rode tas in de kofferbak meerdere kledingstukken lagen.Wij hebben de volgende goederen veiliggesteld en gewaarmerkt met betreffende SIN:- zwarte bivakmuts (SIN AARM3852NL)- lange zwarte stoffen handschoen (SIN AARM3861NL)Wij zagen na het veiligstellen van voornoemde goederen uit de kofferbak en rode tas in de rode tas:- een op een vuurwapen lijkend voorwerp. Wij zagen op de linkerzijde van het vuurwapen de tekst “mini uzi”" en op de rechterzijde de tekst “Cal 4.5mm (.177)”. Wij zagen in het vuurwapen een patroonmagazijn. Wij zagen dat in de greep van het vuurwapen een lucht/gaspatroon zat. Wij zagen dat de kamer van het vuurwapen leeg was doordat ik twee maal de slede naar achter trok. Wij hebben het vuurwapen en patroonmagazijn gezamenlijk gewaarmerkt met SIN AARM3774NL.- een zwarte hoofddoek lijkend op niqab (SIN AARM3853NL, foto 30)- een zwarte bivakmuts (SIN AARM3864NL, foto 38)- een paar zwarte stoffen handschoenen (SIN AARM3868NL, foto 41)- een zwarte stoffen handschoen (SIN AARM3867NL, foto 42)- een zwart hoofddoek lijkend op niqab (SIN AARM3863NL, foto 43)

Ik zag in de winkel voor de toonbank een trolley.

In de trolley zag ik een zwart en geel gekleurde rugtas met daarin vijf witte tiewraps en vier maal twee aan elkaar gelusde witte tiewraps lijkend op geprepareerde boeien.

In een deskundigenrapport van het NFI wordt het volgende gerapporteerd:

Voor onderstaande bemonsteringen is de bewijskracht berekend:

AARL2402NL#01, gehele buitenzijde geprepareerde tiewrap-boeien.

DNA-mengprofiel AARL2402NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [verdachte] en een willekeurige onbekende persoon, dan wanneer het DNA afkomstig is van twee willekeurige onbekende personen.

AAST7308NL#01, vuurwapen AARM3774NL: vo.z en bi.z loop.

DNA-mengprofiel AAST7308NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 1] en drie willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van vier willekeurige onbekende personen.

AAST7310NL#01, vuurwapen AARM3774NL: huls/bo.z bp/aanbrenger/lippen.

DNA-mengprofiel AAST7310NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 1] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

AAST7385NL#01, balaclava AARM3852NL: bloedspoor binnenzijde voorzijde.

DNA-mengprofiel AAST7385NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 2] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7385NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 3] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7385NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [verdachte] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

AAST7386NL#01, balaclava AARM3864NL: binnenzijde thv mond/neus.

DNA-profiel AAST7386NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 3] , dan wanneer het DNA afkomstig is van een willekeurige onbekende persoon.

AAST7387NL#01. lap AARM3863NL: beide uiteinden, knoop en strook.

DNA-mengprofiel AAST7387NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [verdachte] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7387NL#01 is ongeveer 1 miljoen keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 2] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

AAST7382NL#01, lap AARM3853NL: beide uiteinden knoop.

DNA-mengprofiel AAST7382NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte [medeverdachte 2] wel DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen, dan wanneer hij geen DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen.

DNA-mengprofiel AAST7382NL#01 is ongeveer 12 miljoen keer waarschijnlijker wanneer verdachte [verdachte] wel DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen, dan wanneer hij geen DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen.

DNA-mengprofiel AAST7382NL#01 is ongeveer 8 miljoen keer waarschijnlijker wanneer verdachte [medeverdachte 1] wel DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen, dan wanneer hij geen DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen.

AAST7384NL#01, balaclava AARM3852NL: binnenz. voorzijde, schoonste delen.

DNA-mengprofiel AAST7384NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [verdachte] en drie willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van vier willekeurige onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7384NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 2] en drie willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van vier willekeurige onbekende personen.

Ten aanzien van verdachte [medeverdachte 3]

DNA-mengprofiel AAST7384NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 3] en drie willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van vier willekeurige onbekende personen.

AAST7388NL#01, handschoen AARM3861NL: oorsp. binnenzijde;

Hypothese 1: de bemonstering bevat DNA van verdachte [medeverdachte 3] , verdachte [medeverdachte 1] en twee onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7388NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer hypothese 1 waar is, dan wanneer één van de andere hypothesen waar is.

Tevens volgt hieruit dat de bewijskracht van de overeenkomst met elk van de DNA-profielen van verdachte R.M. Mwongell en verdachte [medeverdachte 1] afzonderlijk ook meer dan 1 miljard is.

AAST7389NL#01, handschoen AARM3868NL: oorsp. bin.z. hpz hs1.

DNA-mengprofiel AAST7389NL#01 is ongeveer 2 miljoen keer waarschijnlijker wanneer verdachte [medeverdachte 3] één van de personen is van wie een relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering aanwezig is, dan wanneer verdachte [medeverdachte 3] niet één van deze personen is en de relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering dus afkomstig is

van willekeurige onbekende personen.

AAST7390NL#01, handschoen AARM3868NL: oorsp. bin.z. hpz hs2.

DNA-mengprofiel AAST7390NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte [medeverdachte 2] één van de personen is van wie een relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering aanwezig is, dan wanneer verdachte [medeverdachte 2] niet één van deze personen is en de relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering dus afkomstig is van willekeurige

onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7390NL#01 is ongeveer 1 miljoen keer waarschijnlijker wanneer verdachte [medeverdachte 1] één van de personen is van wie een relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering aanwezig is, dan wanneer verdachte [medeverdachte 1] niet één van deze personen is en de relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering dus afkomstig is van willekeurige onbekende personen.

AAST7391NL#01, handschoen AARM3867NL: oorspronkelijke binnenzijde.

DNA-mengprofiel AAST7391NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte [medeverdachte 1] één van de personen is van wie een relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering aanwezig is, dan wanneer verdachte [medeverdachte 1] niet één van deze personen is en de relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering dus afkomstig is van

willekeurige onbekende personen.

De imitiatie-Uzi

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Omschrijving voorwerp.SIN: AARM3774NLHet hierboven vermeld voorwerp betreft een voorwerp in de vorm van een pistool, merk IWI, model MINI UZI, kaliber 4.5mm (.177), voorzien van het wapennummer [wapennummer] .Dit voorwerp is bestemd om projectielen door een loop af te schieten. De werking van dit voorwerp berust op een natuurkundig proces, in dit geval gasdruk.

Het vorenomschreven gasdrukpistool is een voorwerp dat voor wat betreft vorm en afmeting een sprekende gelijkenis vertoont met een echt bestaand vuurwapen, namelijk een pistool, merk IMI (IWI), model Mini Uzi en is derhalve voor bedreiging of afdreiging geschikt.Derhalve is dit voorwerp een wapen in de zin van artikel 2, lid 1, categorie I, onder 7 van de Wet wapens en munitie gelet op artikel 3 onder a van de Regeling wapens en munitie.

Afgeluisterde telefoongesprekken

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Over de periode tussen 3 juli 2025 00:00 uur en 20 juli 2025 23:59 uur zijn de door verdachten in de PI gevoerde telefonische gesprekken opgenomen en beluisterd.In een telefoongesprek wordt [medeverdachte 3] “ [bijnaam medeverdachte 3] ” genoemd.

In meerdere gesprekken wordt [verdachte] “ [bijnaam verdachte] ” (fonetisch) genoemd. Tevens geeft [verdachte] zelf aan dat zijn gebruikersnaam van snapchat “ [gebruikersnaam verdachte] ” is.

[verdachte] heeft meermaals contact met “ [B] ” het broertje van [medeverdachte 3] .In verschillende gesprekken wordt “ [bijnaam medeverdachte 3] ” (fonetisch) genoemd, zo ook in een gesprek met [B] . Hieruit is op te maken dat [medeverdachte 3] “ [bijnaam medeverdachte 3] ” is. [B] zegt namelijk in een gesprek over de doorzoeking bij hem thuis dat ze alleen vier “leppies” en een iphone 8 van “ [bijnaam medeverdachte 3] ” en de notities van “ [bijnaam medeverdachte 3] ”’ hebben gevonden.

Op 8 juli 2025 heeft [medeverdachte 1] een telefoongesprek met [telefoonnummer 1] .

[medeverdachte 1] spreekt in dit gesprek over de zaak. Hij zegt hierover dat zij richting Antje zouden gaan. Hij de snelweg opreed en die kleren, boerka’s en die nakkou in een huurauto ging stoppen in Breukelen. En dat zij onderweg drie keer van waggie zijn veranderd. Ook benoemd [medeverdachte 1] in dat gesprek dat hij samen met “ [bijnaam verdachte] ” in de auto zat. Vervolgens zegt hij dat hij en [bijnaam verdachte] er van alles uit hebben kunnen zieken. Mogelijk wordt met “er van alles uitzieken” bedoeld dat zij goederen uit de auto hebben gegooid.

De persoon waarmee hij belt vraagt op een gegeven moment of ze met zijn allen in de Clio zaten. Waarop [medeverdachte 1] verteld dat ze met zijn tweeën in de Clio zaten. En dat de anderen, [bijnaam medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] , al “geveegd” waren.

[medeverdachte 1] verteld ook dat het al twee, drie maanden op de planning stond maar dat zij een perfect moment zochten.

[medeverdachte 1] Ik zeg tegen [bijnaam verdachte] (…) ik zeg (ntv) alles uit deze auto. We zieken alles eruit. Ewah, hij had, van die gestolen auto heeft hij de sleutel geziekt, we hebben van alles eruit kunnen zieken, je weet toch, toen ik stopte bij tankie.

[medeverdachte 1] Hun waren al geveegd (…) ik had hun drie donnie gestuurd voor tank, ik had geld gestuurd voor tank. Ewah, toen hij ging tanken, hij zegt tegen mij, weten jullie nog waar die plek is in Antje waar we heen gaan. Ik zeg hem nee, stuur loca.

[medeverdachte 1] Kijk in die winkel, lag een millie aan goud, een millie snap je. (…) Maar je snapt wat ik bedoel, ik kon daar drie Teetjes (fon) voor mijzelf pakken, twee Teetjes snap je.

[medeverdachte 1] ik zeg jou eerlijk he niffo, wat er binnen lag , ik ga jou neuken als ik lieg, er lag een millie, millie, je weet toch3152 ja kankerveel1260 stel je voor het ging hou wij wouden dat het ging, dan was ik nu in de buurt met die twee/drie (ntv)

[medeverdachte 1] zegt dat hij met [bijnaam verdachte] geveegd is en met [bijnaam medeverdachte 3] en met [medeverdachte 2]

[medeverdachte 1] zegt dat als hij voor 2027 buiten komt blij is en weet je waarom

[medeverdachte 1] ik kon daar voor mijn eigen za twee T verdienen, dus

[telefoonnummer 2] wacht even […]

[medeverdachte 1] twee Ttjes man, dat kon ik vangen dus als ik voor 2027 buiten ben boeit mij niet echt, je weet toch. Als het begin 2026 is ben ik blij.

Telecomgegevens

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

De iPhone met SIN AAQT7510NL werd op dinsdag 24 juni 2025 in beslaggenomen tijdens de aanhouding van verdachte [medeverdachte 1] . De telefoon had de verdachte ten tijde van de aanhouding in zijn bezit.

Tijdens het onderzoek in de telefoon SIN AAQT751 ONL trof ik een screenshot aan van GoogIe Maps. Te zien is dat op 24-06-2025 te 11.02 uur een screenshot is gemaakt door de gebruiker van de telefoon met SIN AAQT7510NL van een route op Google Maps.

Op dit screenshot is te zien dat de bestemmingslocatie het Rachmaninoffplantsoen zal zijn en dat de route 11 min duurt overeen afstand van 4 km. Op de screenshot is te zien dat de bestuurder nu rijdt op de Reestraat in de richting van de Gazellestraat. De afstand tussen het [adres] en de locatie van de telefoon met SIN AAQT7510NL is 27 meter. Op het [adres] te [woonplaats] is de eveneens aangehouden [verdachte] woonachtig.

Verdachte [medeverdachte 1] heeft bij de politie verklaard:

V: Op je telefoon werd een screenshot aangetroffen van Google Maps. Hierop is een deel van de route vanaf de omgeving [straat] naar het Rachmanihoffplantsoen te zien. Je medeverdachte [verdachte] woont aan het [straat] en aan het Rachmanihoffplantsoen hebben de daders van de overval zich omgekleed en van auto gewisseld. Waarom heb je deze route ingevoerd?

A: Omdat ik naar het Rachmanihoffplantsoen moest. Ik zou wegrijden met het wapen.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Op 24-06-2025 omstreeks 11.20 uur, stuurt een contact genaamd [C] een bericht naar de gebruiker van de telefoon met SIN AAQT7510NL naar het snapchat account [accountnaam 1] . In dat bericht vraagt zij met wie hij is. Hierop geeft de gebruiker van de telefoon met SIN AAQT7510NL aan dat hij samen is met [bijnaam verdachte] en [bijnaam medeverdachte 3] .

In de call log van de telefoon met SIN AAQT7510NL is te zien dat op 23 en 24 juni 2025 veelvuldig contact is via snapchat met het contact [accountnaam 2] . In totaal is er vanaf 23-06-2025 te 07.40 uur (UTC+0) 17 maal gebeld middels snapchat.

Uit de call log valt op te maken dat er in de uren voor de overval met elkaar gebeld is en vrij kort na de overval dit ook het geval is.

Naast het feit dat er gebeld is hebben [accountnaam 2] en de gebruiker van de telefoon met SIN AAQT7510NL nog berichten verstuurd, 1 x voor de overval en 14 x na het tijdstip van de overval, waarbij voor het tijdstip overal 2 uur moeten worden opgeteld in verband met de tijdsaanduiding van het onderzochte device.

Aan de onderstaande chat is het nummer [bestandsnaam] gekoppeld.

Navraag in de politiesystemen leverde op dat het chat nummer [bestandsnaam] in een eveneens in beslag genomen telefoon in onder 31 Force25 naar voren kwam als contact onder de naam [accountnaam 2] . De telefoon waarin dit chatnummer is gekoppeld betrof de telefoon met SIN AAQT7509, welke in beslag is genomen onder [medeverdachte 2] , geboren op [2006] te Spanje.

Systeem.s. [accountnaam 2] :

24-6-2025 09:03:12: 2 x emoticon duim omhoog

24-6-2025 11:02:19: Kidwsh die feds

24-6-2025 11:02:22: Toevallig

24-6-2025 11:02:24: Of volgen ze

[accountnaam 1] :

24-6-2025 11:04:14: Volg

24-6-2025 11:04:14: Half

24-6-2025 11:04:15: Of toevallig

24-6-2025 11:04:16: Man

24-6-2025 11:04:19: Een van de twee man

Systeem.s. [accountnaam 2] :

24-6-2025 11:05:10: Rijden ze nog steeds

24-6-2025 11:05:11: Achter

24-6-2025 11:05:13: Doe live aan

24-6-2025 11:05:24: Loca

[accountnaam 1] :

24-6-2025 11:06:06: Heb aangezet

System message:

24-6-2025 11:06:11: [accountnaam 1] changed chats to delete immediately

[accountnaam 1] :

24-6-2025 11:12:31: We staan stil

Uit de berichten valt op te maken dat de gebruiker van de telefoon met SIN AAQT7510NL ( [accountnaam 1] ) aangeeft dat hij gevolgd wordt door de politie. Dit bleek inderdaad het geval te zijn.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

In de telefoon met SIN AAQT7510NL trof ik een 2-tal foto’s aan van een man die een vuurwapen in zijn handen houdt en in de camera kijkt. De man op de foto’s herken ik als de mij ambtshalve bekende [medeverdachte 1] , geboren [2006] .

Datum foto 1: 16 juni 2025. Datum foto 2: 14 juni 2025.

Bij de gepleegde overval werd door één van de overvallers een gelijkend vuurwapen, zijnde een UZI gericht op de slachtoffers.

De iPhone met SIN AAQT7509NL werd op dinsdag 24 juni 2025 in beslaggenomen tijdens de aanhouding van verdachte [medeverdachte 2] . De telefoon had de verdachte ten tijde van de aanhouding in zijn bezit.

In de call log van de telefoon met SIN AAQT7509NL is te zien dat op 23 en 24 juni 2025 veelvuldig contact is via snapchat met het contact [accountnaam 1] .

Waaronder:

23-6-2025

[accountnaam 1] :

17:54:41: Yoo bro

17:54:46: Morge gawwi hele dag van mij

Systeem.s [accountnaam 2] :

20:12:48: emoticons vinkjes en duim omhoog

[accountnaam 1] :

20:17:18: Check

24-6-2025

Systeem.s [accountnaam 2] :

12:54:58: Please could you pay me € 30,- for “ […] ” at https://tikkie.me

[accountnaam 1] :

12:59:38: Er wordt een filmpje gedeeld waarop er vanaf de telefoon van [accountnaam 1] in een zijspiegel gefilmd wordt en dat in de spiegel een rijdende politie auto is te zien. Hiervan is een screenshot gemaakt:

13:00:31: S gelukt.

In de ochtend van 24 juni 2025 registreerde de telefoon locaties bij:- het [straat] te Utrecht (11:05-11:10 uur).

Met "." (ID [Snapchat ID nummer] ) was meermaals snapchat-contact.In de ochtend stuurde ".": “Khaal [bijnaam medeverdachte 3] zo op” en “Ee vergeet die doekoe niet”, “Moet gawwi zo verlengen”. Om 09:27 uur stuurde de gebruiker van deze telefoon ( [medeverdachte 2] ) vervolgens: “On my way!”.Om 13:03 uur stuurde de gebruiker van de telefoon ( [medeverdachte 2] ) “Faka de feds”, “Volgen ze”, “Of toevallig”. Dit deed mij vermoeden dat de gebruiker van deze telefoon communiceerde over de andere auto met "." en dat "." daarmee mogelijk betrokken was.

Verdachte [verdachte] heeft ter zitting verklaard:

[Snapchat ID nummer] was inderdaad mijn snap-ID.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Op het toestel werd een foto aangetroffen van een persoon gekleed in een T-shirt met daaroverheen een BH.

De persoon op de foto is naar alle waarschijnlijkheid [medeverdachte 2] die de kleding past die hij de volgende dag bij de overval gebruikt. Zijn postuur en lengte vertonen grote overeenkomsten en ook de volledige zwarte kleding komt overeen met de kleding die hij draagt op de beelden van de overval.

Een volgende foto sterkt dit vermoeden. Daarop is een volledig gesluierd persoon te zien die in de laadruimte zit van een witte bestelbus. Deze bus vertoont grote overeenkomsten met de Peugeot Expert van [medeverdachte 2] . De vloerbedekking, de aftimmering, de Action boodschappentas, en het dekbed werden bij een latere doorzoeking van de Expert ook aangetroffen.

Uit de bij de foto aangetroffen data kan worden opgemaakt dat de foto's de dag voor de overval op het toestel zijn vastgelegd.

Een andere in het toestel aangetroffen foto laat een slapende man in een auto zien. Het onderzoeksteam vermoedt dat deze man medeverdachte [verdachte] betreft.

De straatstenen in het wegdek vertonen een grote gelijkenis op beide foto’s en in de reflectie in de deur van de auto lijkt of er een witte bus te zien is.

Uit onderzoek blijkt dat de foto’s genomen zijn aan de Rendierstraat, niet ver van het [adres] te [woonplaats] , het woonadres van [verdachte] . Zo komen de omcirkelde kenmerken en het wegdek op onderstaande foto van de Rendierstraat overeen met kenmerken op de foto's van de persoon in nikaab achterin de bus.

Tevens maakt [medeverdachte 1] op dezelfde dag en rond dezelfde tijd een “selfie” waarop in de achtergrond de Zuidvleugel van het pand aan de Rendierstraat is te zien.

Uit de overeenkomsten in de foto’s, en het aantreffen ervan in de telefoon van [medeverdachte 1] , maakt het onderzoeksteam op dat alle drie de verdachten; [medeverdachte 2] , [verdachte] en [medeverdachte 1] , aanwezig waren aan de Rendierstraat te Utrecht en dat alle drie weet hadden van de voorbereiding die [medeverdachte 2] trof voor de overval.

Overige connecties met medeverdachten

Op dinsdag 24 juni 2025 bevond ik mij in de woning aan het [adres] te [woonplaats] . Aldaar vond een doorzoeking ter inbeslagneming plaats. Verdachte [verdachte] verblijft in deze woning.Tijdens de doorzoeking werd op de slaapkamer van verdachte [verdachte] een scootersleutel aangetroffen. Deze sleutel bleek niet van de scooter te zijn die voor de deur stond.

Aan de moeder van verdachte werd gevraagd van wie die scootersleutel was. Zij vertelde dat zij dacht dat deze van een vriend van haar zoon was, deze vriend was afgelopen nacht blijven slapen. Dit betrof dat de nacht van 23 op 24 juni 2025. Desgevraagd vertelde zij ook dat deze vriend [medeverdachte 3] heette en dat hij een donkere huidskleur en kort haar had.

Uit de politiesystemen blijkt dat de verdachten vaker in afwisselende samenstelling zijn gecontroleerd.[medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] en [verdachte] zijn alle drie gekoppeld aan de volgende BVH registraties:28-05-2025: Mobiele controle in voertuig van [verdachte] omdat hij een signalering open had staan ivm contactverbod. [verdachte] was bestuurder, [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] bijrijder.02-06-2025 Diefstal kentekenplaten - Op Fivelingo in Utrecht hebben [verdachte] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] kentekenplaten gestolen van een Kia en reden weg met de auto van [verdachte] . Na achtervolging stopt de auto, [verdachte] ging er vandoor en [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] worden meteen aangehouden. [verdachte] is later bij zijn woning aangehouden.Hieruit blijkt dat [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] en [verdachte] voor de overval al in contact waren met elkaar.

Notities

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Op 24 juni 2025 is er een doorzoeking geweest bij het huis van [medeverdachte 3] op de [adres] te [woonplaats] . Bij deze doorzoeking zijn de volgende notities in beslag genomen:

Notitieboekje met het logo “ [logo] ”.

Ik zie dat op het notitieblokje de volgende tekst met blauwe pen is geschreven:

Day 1 - spotten hoe druk het word.

Day 2 - Alles wat nodig is klaar zetten.

Day 3 - Have a tactical play.

Day 4 - Check all the possible routes.

Day 5 - Create a distraction minutes after

Day 6 - Everything on it’s place

Day 7 - Rest and prepare

Day 8 or 9 Jump into the beginning of an end.

Klein blauw notitieboekje.

Te zien is dat er een soort vinklijst in het notitieboekje geschreven is. Daarop zijn de volgende woorden te lezen:

- trekker

- ijzer

- BRK-2

- kentie

- tank

- kelder

- baggas (niet goed leesbaar)

- rips

- tape

- ammo

- Z-WV+1

- buyer

- toure

- foundy

- hanchoe

- BH

- haraso.

Ik zie in het notitieboekje een soort lijstje. Te zien zijn de volgende woorden:

Spot 1- (niet te lezen)

Spot 2 - (niet te lezen)

Spot 3 - ambu

Stap 4 - controle

Stap 5 - voorijding

Stap 6 - doen

7 - schoonmaken

Daaronder lees ik het volgende:

What to evoluate

- tempo op (niet te lezen)

- oek kenti

- hanchou

- foundation.

Ik zie dat in het boekje een soort vinklijstje is geschreven waarbij de volgende woorden genoemd worden:

- BRK

- trekker

- machines

- ataps

- sheisty

- underpack

- rips

- duck

- ammo

- hammer

- bagga.

In de loop van het onderzoek werd duidelijk dat de daders van de overval een BH droegen om hun vermomming compleet te maken. Tevens hadden zij een trolley bij zich met daarin onder andere tape en tie wraps.De term “foundation” is mogelijk te herleiden naar een flesje foundation dat is aangetroffen in de Peugeot Expert van [medeverdachte 2] . Aangeefster [slachtoffer 1] verklaart over de man met het vuurwapen: “Ik zag dat alle huid rond zijn ogen wit gemaakt was met make-up. Ik zag dat hij donkere ogen had, misschien bruin of zwart”.

Verklaringen verdachten

Verdachte [medeverdachte 1] heeft bij de politie het volgende verklaard:

O: Deze foto van een persoon in een nikaab, achterin een witte bus, werd aangetroffen in je telefoon. Heb jij die foto gemaakt?

A: Ja.

V: Deze foto is gemaakt met jouw telefoon een dag voor de overval.

Op een andere foto is zeer vermoedelijk dezelfde persoon te zien, nu met een BH aan. Heb jij deze foto gemaakt?

A: Ja.

V: Wij treffen ook een foto aan van een slapende [verdachte] in een auto. Deze foto is gemaakt op dezelfde locatie. Waarom was [verdachte] daar en waarom maak je daar een foto van?

A: Weet ik niet, gewoon met ons. Vond het grappig uitzien.

V: Op je telefoon is te zien dat jij en medeverdachte [medeverdachte 2] op de ochtend van de overval met elkaar hebben gebeld. Waarom?

A: Klopt, kijken waar wij elkaar zouden zien.

Ik ging naar de [straat] . Ik ben een keer langs de juwelier gelopen. Toen ben ik haar weg gegaan.

V: Wat bedoel je daar mee?

A: Terug naar het Smaragdplein.

Vanaf het Smaragdplein ben ik naar het Rachmanihoffplantsoen gereden.

V: Wat heb je gedaan nadat je bij het Rachmanihoffplantsoen bent weggereden?

A: Ik reed richting snelweg gewoon. Breukelen. Daar heb ik het wapen weggelegd.

V: Waar was dat precies?

A: In een auto.

V: Op camerabeelden zien wij jouw auto aan komen rijden samen met een andere auto.

Wij zien dat jij een voorwerp uit jouw auto haalt en achterin die andere auto legt. Wat is dat voorwerp?

A: Dat was een tas eigenlijk.

V: En in die tas zat dus het wapen?

A: Ja.

V: Heb je dat wapen wel eens eerder gezien?

A: Ja

V: Hoe kom je aan dat wapen dan?

A: Een keer gekregen.

V: Wanneer heb je dat gekregen dan?

A: Misschien een paar maanden geleden.

V: Die andere auto is een Peugeot 208 die door [verdachte] is gehuurd. Waarom leg jij die spullen daar achterin?

A: Zodat ik er niet mee hoef te rijden.

V: Wist Jezrell dat jij dat achterin zijn auto gooide?

A: Ja.

V: In je telefoon werden meerdere foto’s aangetroffen van jou met een op een Uzi gelijkend voorwerp in je handen. Hoe kom je aan de Uzi?A: Gekregen.V: De Uzi die door de overvallers is gebruikt vertoont grote uiterlijke overeenkomsten met de Uzi waar jij mee op de foto staat. Dat is dus dezelfde?A: Ja.

Medeverdachte [medeverdachte 2] heeft bij de politie verklaard:

Ik heb mij aangekleed in een boerka en toen ben ik naar de juwelier gelopen. Toen er werd opengedaan ben ik over de toonbank gesprongen met als doel zoveel mogelijk sieraden te pakken en zo snel mogelijk weg te gaan.

Toen ik over de toonbank sprong schrok die meneer zo dat hij mij meteen een klap op mijn oog gaf. Die meneer lag op de grond en ik zag mijn kans om sieraden te pakken.Ik heb geroepen dat de deur open moest. Ik ben de juwelier uit gelopen linksaf de straat in naar de auto. We zijn gaan rijden naar een plek, daar ben ik uitgestapt. Toen ben ik in mijn eigen auto gestapt. Dat was het werkbusje. Ik heb mijn navigatie op Antwerpen gezet omdat ik dacht dat daar veel juweliers waren waar ik gestolen goud kon verkopen.

V: De overval is gepleegd met meer mensen. Wie hadden nog meer dat idee.A: Je gaat wel eens met elkaar fantaseren over wat er kan gebeuren. Het groeit, als een plantje, uiteindelijk ga je met zijn allen een plan maken.

Mijn deel was daadwerkelijk de overval plegen. Voor mijn aandeel heb ik gezocht naar wat ik nodig had.Iedereen had dus een aandeel in het plan.

Verdachte [verdachte] heeft bij de politie verklaard:

V: Hoe ben jij naar het Rachmaninoffplantsoen gegaan?A: In mijn eigen auto, de Peugeot 208 die ik had gehuurd.V: Wat heb je daar gedaan?A: Toen ben ik ingestapt in die andere auto.V; Welke auto bedoel je dan?A: Die andere Peugeot 208.V: Wij denken dat jij in een gestolen Peugeot 208 met valse, Oekraïense, kentekenplaten, de overvallers van het Rachmaninoffplantsoen naar de [straat] hebt gereden waar zij zijn uitgestapt, dat jij daar hebt staan wachten en dat jij ze na de overval vanaf de [straat] weer naar het Rachmaninoffplantsoen hebt gereden. Wat heb je daar op te zeggen?A: Dat klopt.V: Wat heb je met deze vluchtauto gedaan nadat je weer terug bent gereden naar het Rachmaninoffplantsoen?A: Die heb ik ergens achter gelaten in de buurt van de Rachmaninoffplantsoen. Daarna ben ik in mijn eigen auto gestapt.V: Hoe ben je van het Rachmaninoffplantsoen weggegaan?A: In mijn eigen auto gestapt.V; Bedoel je dan de jou gehuurde 208?A: Ja.V: En toen, wat gebeurde er daarna?A: Ik ben naar carpoolplaats Breukelen gereden, ik heb een tas in mijn kofferbak gestopt. Ik ben ingestapt in de Clio.

Verdachte [verdachte] heeft ter zitting verklaard:

Ik heb samen met [medeverdachte 1] de kleding die als vermomming bij de overval was gebruikt en het bij de overval gebruikte wapen in een Peugeot 208 gelegd. Die had ik die ochtend nog gehuurd. Ik heb de kleding bij de gehuurde Peugeot in de achterbak gestopt, in een tas. Ik wist dat die kleren bij de overval gebruikt waren. Waarom ik dit deed? Ik wilde gewoon spullen wegzetten, omdat [medeverdachte 1] en ik niet moesten worden staande gehouden met die spullen in onze auto. Die spullen zouden we later ophalen.

[medeverdachte 1] en ik hebben inderdaad spullen uit de Renault gegooid, toen we vermoedden dat we achtervolgd werden. Het zou kunnen dat ik de sleutel van de gestolen Peugeot ook uit de auto heb gegooid.

Ik ging er van uit dat ik een deel van de buit zou krijgen.

2. De bewijsmiddelen ten aanzien van zaak B

Aangever [benadeelde] heeft verklaard:

Ik doe aangifte van diefstal van de kentekenplaten van mijn voertuig.Ik kan mijn voertuig als volgt omschrijven:- Kia Picanto;- met kentekenplaten: [kenteken] .

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Ik kreeg op 2 juni 2025 20:10 uur, het verzoek om te gaan naar de omgeving Fivelingo. Aldaar was een heterdaad diefstal kentekenplaten gaande. Vermoedelijk was er een zwarte Ford Fiësta weggereden voorzien van het kenteken: [kenteken] . Het kenteken van de gestolen kentekenplaten betrof: [kenteken] .Omstreeks 20:17 uur, zag ik vanuit de richting Stelviobaan een zwarte Ford Fiësta rijden. Ik zag, na oogcontact met de bestuurder te hebben gehad, dat het voertuig de Olympus op reed met verhoogde snelheid. Ik zag dat het voertuig aan de achterzijde voorzien was van het kenteken: [kenteken] .Ik heb het stopbord aan de voorzijde van mijn dienstmotorfiets aangezet. Ik zag dat het voertuig versnelde.

Vanaf de Olympus ging het voertuig met hoge snelheid over de Stromboli. Vervolgens reed hij met een snelheid van ongeveer 50 kilometer per uur over de Merelbrug waar op dat moment ook fietsers stonden die opzij moesten gaan. Ergens op de Balearen raakte het voertuig met de rechterachterzijde een lantaarnpaal.

Via de Simplonbaan gingen we vervolgens de Pyreneeën op. Alles met een snelheid van minimaal 50-70 kilometer per uur waarbij de bestuurder zonder snelheid te minderen drukke kruisingen passeerde of opreed. Dit is daarnaast ook voor de weginrichting te snel om eventuele fouten nog te corrigeren.Met mijn dienstmotor reed ik het voertuig klem.Ik zag dat de bestuurdersdeur opende en de bestuurder vluchtte.

Ik keek hierop in het voertuig. Ik zag hier diverse kleding in liggen op de achterbank. Ik keek in een grijze jas en ik zag dat hier een rijbewijs in zat. Deze stond op naam van: [verdachte] geboren op [2006] .De Ford Fiësta stond ook op naam van deze [verdachte] .

Op politiebureau Marco Pololaan doorzocht ik het voertuig.

In het dashboardkastje vonden wij een punttang.

In de deur aan de bestuurderszijde vonden wij een zwart latex handschoentje met schroevendraaier. Op de grond aan de bestuurderszijde lagen twee (2) oranje werkhandschoenen.

In de deur van de bijrijder lag een rol plakband.

Op de vaste kentekenplaten, die horen bij de Ford, zaten de weggenomen kentekenplaten met doorzichtige tape vastgeplakt.

Op maandag 2 juni 2025, omstreeks 20:45 uur, kregen wij de opdracht om te gaan naar de [adres] te [plaats] . Daar zou de melder staan die een melding had gemaakt van heterdaad diefstal van een kentekenplaat.Ter plaatse stapten wij het voertuig uit en zagen dat er een man naar ons toe kwam, hij stelde zich voor als [getuige 1] . Ik vroeg aan de man of hij de melder en ook de getuige was. Ik hoorde dat hij ja zei.

Ik hoorde dat hij zei:- ik zag een auto het hofje inrijden alsof hij wist waar hij moest zijn;- ik zag dat het een zwarte Ford Fiësta was met het kenteken [kenteken] ;- ik zag dat hij het voertuig vooruit parkeerde naast een grijze Ford;- ik zag dat de bestuurder uitstapte en tussen zijn voertuig en de grijze Ford ging staan;- ik zag dat hij op de grond tufte en terug in het voertuig stapte;- ik zag toen dat hij weer uitstapte en naar de achterzijde van een zwarte Kia Picanto liep.- ik zag toen dat hij het achterste kenteken van de zwarte Kia Picanto aftrok;- ik zag toen dat hij met het kentekenplaat terug naar zijn voertuig liep;- ik zag dat hij het kentekenplaat in auto legde;- ik zag dat hij in het voertuig ging zitten en wegreed.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?