ECLI:NL:RBMNE:2026:1018

ECLI:NL:RBMNE:2026:1018

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 17-03-2026
Datum publicatie 17-03-2026
Zaaknummer 16/191637-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

De verdachte wordt veroordeeld voor het in vereniging plegen van een gewapende overval op een juwelier. Daarnaast wordt hij in een aparte zaak veroordeeld voor het medeplegen van voorbereidingshandelingen voor een diefstal in een woning in vereniging. Strafmatiging vanwege de jonge leeftijd van de verdachte. Straf: gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, proeftijd 2 jaar, met als bijzondere voorwaarden o.a. een locatieverbod en locatiegebod met enkelband.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummer: 16/191637-25

Vonnis van de meervoudige kamer van 17 maart 2026

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [2006] in [geboorteplaats] ,

ingeschreven in de Basisregistratie personen op het adres:

[adres 1] , [postcode 1] in [plaats 1] , nu gedetineerd in de [verblijfplaats] ,

hierna: de verdachte.

1. De zitting

De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van 19 februari 2026. Het onderzoek is gesloten op 17 maart 2026.

Op de pro-formazitting van 3 oktober 2025 is de strafzaak tegen de verdachte met parketnummer 16/060993-25 (verder: zaak B) gevoegd bij de strafzaak tegen verdachte met parketnummer 16/191637-25 (verder: zaak A).

Op de zitting op 19 februari 2026 waren aanwezig:

2. De tenlastelegging

De beschuldiging in zaak A

In zaak A beschuldigt de officier van justitie de verdachte ervan dat hij:

feit 1

primair

op 24 juni 2025, samen met anderen, een gewapende overval heeft gepleegd op [winkel] in Utrecht , waarbij gouden sieraden zijn buitgemaakt;

subsidiair

op 24 juni 2025 medeplichtig is geweest aan een gewapende overval op [winkel] in Utrecht , waarbij gouden sieraden zijn buitgemaakt.

feit 2

in de periode van 12 juni 2025 tot en met 24 juni 2025 een verboden wapen, te weten een imitatie-Uzi, voorhanden heeft gehad.

De beschuldiging in zaak B

In zaak B beschuldigt de officier van justitie de verdachte ervan dat hij, samengevat:

primair

in de periode van 24 januari 2025 tot en met 5 februari 2025, samen met anderen, voorbereidingshandelingen heeft gepleegd voor een gewapende woningoverval in vereniging in [plaats 3] ;

subsidiair

in de periode van 24 januari 2025 tot en met 5 februari 2025 medeplichtig is geweest aan voorbereidingshandelingen voor een gewapende woningoverval in vereniging in [plaats 3] .

De volledige tekst van de beschuldigingen staat in bijlage I bij dit vonnis.

3. Het bewijs

Het standpunt van de officier van justitie

Ten aanzien van zaak A

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat kan worden bewezen dat de verdachte samen met anderen de gewapende winkeloverval heeft gepleegd.

Ten aanzien van zaak B

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat kan worden bewezen dat de verdachte samen met anderen de voorbereidingshandelingen voor een gewapende woningoverval heeft gepleegd.

Het standpunt van de verdediging

Ten aanzien van zaak A

De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit voor het onder feit 1 primair ten laste gelegde medeplegen van de winkeloverval. De bijdrage van de verdachte aan de overval is niet groot genoeg om van medeplegen te kunnen spreken, aldus de raadsvrouw.

Ten aanzien van de onder feit 1 subsidiair ten laste gelegde medeplichtigheid aan de overval en het onder feit 2 ten laste gelegde verboden wapenbezit heeft de raadsvrouw zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Ten aanzien van zaak B

De raadsvrouw heeft vrijspraak bepleit voor zowel het primair ten laste gelegde medeplegen van voorbereidingshandelingen voor een woningoverval, als de subsidiair ten laste gelegde medeplichtigheid daaraan, vanwege gebrek aan bewijs. De verdachte had geen opzet op de woningoverval. Zijn bijdrage in de chatgroep met de medeverdachten was slechts stoer meepraten met de anderen, aldus de raadsvrouw.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank stelt, op grond van de in bijlage II opgenomen bewijsmiddelen, het volgende vast.

Ten aanzien van zaak A

De gang van zaken

Op 24 juni 2025, rond 11.15 uur, zijn de verdachte en zijn medeverdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , en [medeverdachte 3] in verschillende auto’s bijeengekomen op een parkeerterrein bij het Rachmaninoffplantsoen in Utrecht .

Vanaf dit parkeerterrein heeft medeverdachte [medeverdachte 1] omstreeks 12.15 uur, in een gestolen Peugeot met valse kentekenplaten, medeverdachten [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] naar een plek gebracht in de omgeving van de te overvallen juwelier, [winkel] , gevestigd op de [straat 1] in Utrecht . [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] waren hierbij vermomd als gesluierde vrouwen, en hadden een trolley met tot boeien geluste tiewraps, ducttape en blinddoeken en een niet van echt te onderscheiden imitatie-Uzi-machinepistool bij zich. Dit wapen was aan hen geleverd door de verdachte, met als doel dit tijdens de overval ter afdreiging te kunnen gebruiken.

De vermomde [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] zijnde veiligheidssluis van de juwelier gepasseerd. Vervolgens heeft [medeverdachte 3] met de imitatie-Uzi, die zelfs kon worden “doorgeladen”, het winkelpersoneel bedreigd, waarna [medeverdachte 2] over de balie is gesprongen, een van de medewerkers van de juwelier een vuistslag in het gezicht heeft gegeven, en vervolgens gouden sieraden heeft meegegrist.

Daarna zijn [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] met de buit de juwelier uitgerend naar [medeverdachte 1] , die volgens afspraak in de gestolen Peugeot was blijven wachten op de plek waar hij ze had afgezet. [medeverdachte 1] is vervolgens met [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] en de buit teruggereden naar het parkeerterrein bij het Rachmaninoffplantsoen. Daar hebben [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] zich omgekleed in de daartoe gereedstaande Renault van de verdachte, in het bijzijn van de verdachte.

Ontdaan van hun vermommingen zijn [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] met de buit overgestapt en weggereden in de bestelbus van [medeverdachte 2] , die daartoe weer naast de Renault van de verdachte was geparkeerd. Hun bestemming was Antwerpen, om daar te proberen de buitgemaakte sieraden te verkopen. Omstreeks 13.10 uur zijn [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] bij de bestelbus in een tankstation aangehouden door de politie.

[medeverdachte 1] heeft, nadat hij [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] op het parkeerterrein bij het Rachmaninoffplantsoen had afgezet, de gestolen Peugeot met valse kentekenplaten in de buurt gedumpt, en is vervolgens met een door hem, met geld van meerdere verdachten, gehuurde Peugeot naar een carpoolplaats in Breukelen gereden.

De verdachte is in zijn Renault, waar [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] de door hen gebruikte vermommingen en imitatie-Uzi hadden achtergelaten, ook naar deze carpoolplaats gereden.

Op de carpoolplaats hebben de verdachte en [medeverdachte 1] de vermommingen en de imitatie-Uzi naar de gehuurde Peugeot overgebracht, met als doel ze daarmee onvindbaar te maken voor justitie. Vervolgens zijn de verdachte en [medeverdachte 1] beiden in de Renault van de verdachte gestapt en ook op weg gegaan naar Antwerpen. Omstreeks 13.15 uur zijn de verdachte en [medeverdachte 1] bij de Renault in een tankstation aangehouden door de politie.

Het juridische kader

Voor de kwalificatie medeplegen is vereist dat sprake is van nauwe en bewuste samenwerking. Die kwalificatie is alleen gerechtvaardigd als de bewezenverklaarde – intellectuele en/of materiële – bijdrage van de verdachte aan het delict van voldoende gewicht is. Een en ander brengt mee dat wanneer het tenlastegelegde medeplegen in de kern niet bestaat uit een gezamenlijke uitvoering, maar uit gedragingen die met medeplichtigheid in verband plegen te worden gebracht, op de rechter de taak rust om in het geval dat hij toch tot een bewezenverklaring van het medeplegen komt, in de bewijsvoering – dus in de bewijsmiddelen en zo nodig in een afzonderlijke bewijsoverweging – dat medeplegen nauwkeurig te motiveren. Bij de vorming van zijn oordeel dat sprake is van de voor medeplegen vereiste nauwe en bewuste samenwerking, kan de rechter rekening houden met onder meer de intensiteit van de samenwerking, de onderlinge taakverdeling, de rol in de voorbereiding, de uitvoering of de afhandeling van het delict en het belang van de rol van de verdachte, diens aanwezigheid op belangrijke momenten en het zich niet terugtrekken op een daartoe geëigend tijdstip. Dit beoordelingskader volgt uit vaste rechtspraak.

Deze zaak

De rechtbank is van oordeel dat de bijdrage van de verdachte aan de overval aanzienlijk is geweest. Het wapen dat in de juwelier ter afdreiging is gebruikt, is door de verdachte daartoe aan zijn medeverdachten geleverd. De overval had niet plaats kunnen vinden zonder dit wapen. Verder heeft de verdachte zijn medeverdachten geholpen bij hun vlucht, door zijn auto op een vooraf afgesproken tijd en plaats aan hen ter beschikking te stellen, om hen zo in staat te stellen zich te ontdoen van hun vermommingen en het wapen. Vervolgens heeft de verdachte geprobeerd dit wapen en de vermommingen, volgens een vooraf opgesteld plan, onvindbaar voor de politie te maken, door ze samen met een medeverdachte op een afgelegen plek over te hevelen in een voor dit doel gehuurde andere auto.

Verder blijkt niet uit het dossier dat de verdachte bij de uitvoering van de overval ondergeschikt was aan zijn medeverdachten. Uit afgeluisterde telefoongesprekken van de verdachte blijkt dat hij er van uitging dat hij, als de overval was geslaagd, een aanzienlijk deel van de buit zou hebben gekregen.

Ten slotte was de bijdrage van de verdachte aan de overval onderdeel van de uitvoering van een gezamenlijk plan, dat zorgvuldig en in nauwe samenwerking tussen alle verdachten moet zijn voorbereid. Het plan vereiste immers dat de handelingen van de verschillende verdachten voorafgaand, ten tijde en na afloop van de geplande overval goed op elkaar werden afgestemd. Aanwijzingen voor het sterk planmatige karakter van de overval zijn verder dat:

- de verdachte in een afgeluisterd telefoongesprek heeft gezegd dat de overval “twee drie maanden op de planning” stond;

- medeverdachte [medeverdachte 2] heeft verklaard, dat ze “met zijn allen” een plan hadden gemaakt;

- de verdachte heeft verklaard dat hij de imitatie-Uzi die hij aan zijn medeverdachte had gegeven, “misschien al een paar maanden” in zijn bezit had;

- meerdere verdachten geld hebben betaald voor de huur van de Peugeot, waarin de gebruikte vermommingen en het vuurwapen door de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 1] werden verborgen;

- de verdachte en zijn medeverdachten zich de dag vóór de overval hebben verzameld nabij de woning van [medeverdachte 1] , waarbij [medeverdachte 2] de te gebruiken vermomming heeft uitgeprobeerd;

- de verdachte op de dag vóór de overval aan [medeverdachte 2] heeft ge-appt dat hij op de dag van de overval de beschikking zal hebben over een auto;

- de verdachte en zijn medeverdachten op de dag van de overval, nog voordat de verdachten samenkomen bij het Rachmaninoffplantsoen, zich hebben verzameld bij de woning van medeverdachte [medeverdachte 1] ;

- de verdachte om 11.20 uur op de dag van de overval in een chatbericht schrijft dat hij samen is met medeverdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] ;

- de verdachte op de dag van de overval zowel kort vóór als vlak na de overval regelmatig telefonisch contact heeft en zoekt met medeverdachte [medeverdachte 2] ;

- de verdachte en zijn medeverdachten elkaar na afloop van de overval willen ontmoeten in Antwerpen, terwijl medeverdachte [medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij daar de buitgemaakte sieraden wilde verkopen.

Conclusie

De rechtbank is op grond van het voorgaande van oordeel dat sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en de medeverdachten bij het beramen en uitvoeren van de overval. De hiervoor vastgestelde handelingen van de verdachte kunnen worden gekwalificeerd als het medeplegen van een gewapende overval.

Ten aanzien van zaak B

Uit het dossier blijkt dat medeverdachten [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] op 5 februari 2025 zijn aangehouden nadat zij zich aan een verkeerscontrole probeerden te onttrekken. Na die aanhouding bleek dat zij samen van plan waren een diefstal te plegen bij een woning in [plaats 3] , en dat zij ter voorbereiding hiervan de volgende voorwerpen en informatiedragers voorhanden hadden die bestemd waren voor deze diefstal:

- een doorgeladen vuurwapen;

- een groot keukenmes;

- een vermomming (een DHL-vest en nep DHL-pakket);

- een gestolen motorscooter;

- een schroevendraaier, een rol ducttape, een breekijzer en een paar handschoenen;

- kraaienpoten;

- een routebeschrijving naar de woning in [plaats 3] ;

- een video-opname van de woning in [plaats 3] .

De rechtbank moet de vraag beantwoorden of de verdachte, die er niet bij aanwezig was toen de medeverdachten werden aangehouden, medepleger is geweest van deze voorbereidingshandelingen, door samen met zijn medeverdachten deze goederen voorhanden te hebben gehad.

Voor een bewezenverklaring van het samen met anderen voorhanden hebben van goederen als voorbereidingshandeling, is het nodig dat de verdachte:

i. i) zich bewust was van de (waarschijnlijke) aanwezigheid van deze goederen bij de medeverdachten en hun bestemming voor het strafbare feit;

ii) samen met zijn medeverdachten feitelijke macht over deze goederen kon uitoefenen.

De rechtbank verwijst naar vaste rechtspraak hierover.

Uit het in het dossier opgenomen chatgesprek tussen de verdachte en zijn medeverdachten [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] , blijkt dat verdachte zich bewust was van de (waarschijnlijke) aanwezigheid en de bestemming van:

de vermomming van de verdachten (het DHL-vest en het nep DHL-pakket);

de gestolen motorscooter;

de routebeschrijving naar de woning in [plaats 3] ;

de video-opname van de woning in [plaats 3] .

Verder blijkt uit het chatgesprek dat de verdachte, samen met zijn medeverdachten, beschikkingsmacht had over deze goederen.

Zo geeft de verdachte in het chatgesprek concrete instructies over het gebruik van de vermomming. Hij noemt het tijdstip waarop de medeverdachten zich moeten voordoen als DHL-bezorgers, geeft concrete instructies over de manier waarop het nep DHL-pakket moet worden getapet en schrijft dat dit pakket mee terug moet worden genomen na afloop van de overval. Dat de medeverdachten hierbij naar hem luisteren en een zekere verantwoording tegenover hem afleggen, blijkt uit het feit dat medeverdachte [medeverdachte 4] hem, naar aanleiding van hun chatgesprek hierover, foto’s van het ingetapete pakket verstuurt.

De verdachte geeft in het chatgesprek ook instructies over de gestolen motorscooter. Zo geeft hij aan dat de medeverdachten deze eerst vijf minuten moeten laten warmdraaien voordat ze er mee wegrijden.

De verdachte heeft zelf via zijn telefoon de routebeschrijving naar de woning in [plaats 3] verstuurd naar zijn medeverdachten [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] , met de tekst: “Pak die bovenste route”.

Ten slotte heeft de verdachte op zijn telefoon de door medeverdachte [medeverdachte 5] naar hem verstuurde video-opname van de woning in [plaats 3] bekeken, waarna hij in het chatgesprek reageert met: “Die fietspad perfect. Is dode buurt. Zie nu al. Wonen of ouderen. Die lekker thuis zitten. Of rijke mensen. Die. Of uitslapen. Of op werk zijn.”

De raadsvrouw heeft bepleit dat niet kan worden bewezen dat de verdachte opzet heeft gehad op diefstal met geweld. De rechtbank is van oordeel dat uit de inhoud van het dossier blijkt dat de verdachte wist dat zijn medeverdachten bij de betreffende woning in [plaats 3] samen een diefstal wilden gaan plegen, waarbij zij zich de toegang tot de woning zouden verschaffen of het weg te nemen goed onder hun bereik zouden brengen door middel van braak, verbreking of inklimming, of door het aannemen van een valse hoedanigheid (DHL-pakketbezorger). Uit de bewijsmiddelen blijkt ook dat het opzet van verdachte bij de voorbereidingshandelingen was gericht op het welslagen van deze diefstal.

Hoewel niet blijkt dat het opzet van verdachte was gericht op het plegen van een diefstal met geweld, kan wel worden bewezen dat verdachte zich als mededader schuldig heeft gemaakt aan de voorbereiding van een diefstal in vereniging, strafbaar gesteld in artikel 311 Sr. Dat is een misdrijf waarop een maximale gevangenisstraf staat van 8 jaar of meer.

De bewezenverklaring

De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte:

Zaak A

1 primair

op 24 juni 2025 te Utrecht , tezamen en in vereniging met anderen, gouden sieraden, die aan

[winkel] toebehoorden, heeft weggenomen met het oogmerk om deze zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen medewerkers [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , gepleegd met het

oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en andere deelnemers aan het misdrijf de vlucht mogelijk te maken en het bezit van het gestolene te verzekeren, door

- zich, verkleed in djelleba en hoofddoek, als klant van de juwelierszaak voor te doen, bij de juwelierszaak aan te bellen en de juwelierszaak in te gaan, en

- voor de toonbank te gaan staan en te blijven staan met een op een vuurwapen gelijkend voorwerp in de hand, en

- een op een vuurwapen gelijkend voorwerp in de richting van die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] te richten en daarbij dit op een vuurwapen gelijkend voorwerp door te laden en

- over de toonbank te springen en naar die [slachtoffer 2] toe te rennen en

- die [slachtoffer 2] tegen het hoofd te slaan, en

- die [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] de woorden toe te voegen: “doe het raam dicht” en “doe de deur open”;

2

in de periode van 12 juni 2025 tot en met 24 juni 2025 te Utrecht een wapen van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk een voorwerp dat voor wat betreft vorm en afmeting een sprekende gelijkenis vertoont met een echt bestaand vuurwapen, namelijk een pistool, merk IMI (IWI), model Mini Uzi, voorhanden heeft gehad, heeft vervoerd en heeft overgedragen.

Zaak B

primair

op tijdstippen in de periode van 4 februari 2025 tot en met 5 februari 2025 in Nederland,

tezamen en in vereniging met anderen, ter voorbereiding van het misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld,

te weten het plegen van een diefstal in vereniging, opzettelijk voorwerpen, informatiedragers en een vervoermiddel, te weten:

- een DHL vest;

- een leeg DHL-pakketje,

- een gestolen motorscooter,

- inbrekerswerktuigen,

- een routebeschrijving van de straat waarin medeverdachte [medeverdachte 5] woont naar de vermoedelijke woning waar de diefstal zou gaan plaatsvinden ( [adres 2] te [plaats 3] ), en

- een video/schermopname van de vermoedelijke woning waar de diefstal zou gaan

plaatsvinden ( [adres 2] te [plaats 3] ),

bestemd tot het begaan van dat misdrijf, heeft vervaardigd of voorhanden heeft gehad.

De rest van de tekst van de beschuldigingen kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.

De taal- en/of schrijffouten die in de tekst van de beschuldigingen voorkomen zijn in de bewezenverklaring verbeterd. Dit benadeelt de verdachte niet.

4. De kwalificatie en strafbaarheid

De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:

zaak A

feit 1, primair

diefstal, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en andere deelnemers van het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, terwijl dit feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;

feit 2

handelen in strijd met artikel 13 lid 1 van de Wet wapens en munitie, strafbaar gesteld bij artikel 55 lid 1 van de WWM;

zaak B

primair

medeplegen van het voorbereiden van het plegen van een misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaar of meer is gesteld, te weten diefstal in een woning terwijl dit feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, strafbaar gesteld in artikel 311 van het Wetboek van strafrecht.

De verdachte is strafbaar.

5. De straf

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft geëist dat de verdachte wordt veroordeeld tot:

- een gevangenisstraf van 4 jaar, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar, met als bijzondere voorwaarden, kort gezegd:

 een meldplicht bij de reclassering;

 verplichte deelname aan diagnostisch (test)onderzoek en ambulante behandeling, gericht op cognitieve en emotie-regulerende vaardigheden en sociale en andere problematiek;

 een verbod op het gebruik van verdovende middelen en verplichte meewerking aan controle op de naleving van dit verbod;

 een contactverbod met de medeverdachten [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] en met de slachtoffers [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] ;

 een locatieverbod voor de wijk Lombok met elektronisch toezicht;

 een locatiegebod voor het verblijfadres van de verdachte, met elektronisch toezicht;

 verplichte inspanning voor het vinden van dagbesteding met een vaste structuur;

 verplichte openheid over het sociale netwerk van de verdachte.

De officier van justitie heeft hierbij geëist dat deze bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar zijn.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft bepleit om bij een bewezenverklaring een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen die gelijk is aan de periode die de verdachte al in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht. Ter onderbouwing daarvan heeft zij het volgende naar voren gebracht.

De verdachte heeft geen strafblad en was ten tijde van het tenlastegelegde pas achttien jaar oud, zoekend en beïnvloedbaar. Als jongvolwassene waren zijn hersens nog niet uitontwikkeld en kon hij de consequenties van zijn daden nog niet goed overzien. Hij woont bij zijn ouders, wordt nog door hen begeleid en is afhankelijk van hen. Detentie valt de verdachte zwaar, omdat hij uit een hecht gezin komt. Hij heeft inmiddels verantwoordelijkheid genomen voor een deel van de beschuldiging.

Als alternatief voor onvoorwaardelijke gevangenisstraf heeft de reclassering een zwaar toezichtkader voor de verdachte opgezet, dat een forse inperking van zijn bewegingsvrijheid zou betekenen. Dit toezichtkader is ter voorkoming van recidive verre te prefereren boven een onvoorwaardelijke gevangenisstraf, dat het toekomstperspectief van de verdachte zou aantasten. Het ligt bij dergelijke ingrijpende voorwaarden wel voor de hand om het voorwaardelijk deel van de straf groter te laten zijn dan zes maanden, om de verdachte te stimuleren zich aan deze strenge voorwaarden te houden.

De raadsvrouw verzoekt het door de reclassering geadviseerde locatieverbod voor Lombok niet op te leggen, omdat de slachtoffers daar niet om hebben gevraagd en dit verbod een disproportionele vrijheidsbeperking voor de verdachte met zich mee zou brengen.

Het oordeel van de rechtbank

Inleiding

Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank rekening met de ernst van de gepleegde feiten en de omstandigheden waaronder de verdachte deze feiten heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee.

De ernst en omstandigheden van de gepleegde feiten

De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan een gewapende overval op een juwelier, waarbij de medewerkers van de juwelier doodsangst is aangejaagd door hen te bedreigen met een voor hen niet van echt te onderscheiden imitatie-Uzi en waarbij een van hen een vuistslag in het gezicht heeft gekregen.

Een dergelijke overval is voor de directe slachtoffers daarvan een traumatische ervaring. Uit de in het dossier opgenomen en op de zitting vertoonde videobeelden van de overval en de slachtofferverklaring van een van de juweliermedewerkers blijkt duidelijk hoe heftig de overval is geweest en dat de overval een enorme impact op hen heeft gehad.

Daarnaast zorgt een dergelijke overval voor angstgevoelens in de samenleving. Doordat de overval midden op de dag in een drukke winkelstraat plaatsvond, zijn ook veel omstanders er getuige van geweest.

Een paar maanden vóór de overval op de juwelier heeft de verdachte zich samen met anderen schuldig gemaakt aan het voorbereiden van een diefstal in vereniging in een woning. Hierbij zou gebruik worden gemaakt van een vermomming als DHL-bezorger. Slechts door een combinatie van toeval en adequaat ingrijpen door de politie heeft dit uiteindelijk niet plaatsgevonden.

Uit het dossier blijkt niet dat de verdachte stil heeft gestaan bij de gevolgen van zijn daden voor de mogelijke slachtoffers van beide misdrijven. De verdachte heeft zich lange tijd beroepen op zijn zwijgrecht en heeft pas na completering van het dossier een minimale verklaring afgelegd. De rechtbank is van oordeel dat hij daarmee onvoldoende verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn daden.

De persoonlijke omstandigheden van de verdachte

Uit het strafblad van de verdachte blijkt dat hij voorafgaand aan de bewezen verklaarde feiten niet eerder voor een misdrijf is veroordeeld.

Door de reclassering is op 1 februari 2026 een rapport over de verdachte opgemaakt.

Hieruit blijkt dat de reclassering het risico op recidive als gemiddeld tot hoog inschat. Dit hangt samen met het ontbreken van een dagbesteding, het psychosociaal functioneren, een mogelijk pro-criminele houding en het negatieve sociale netwerk van de verdachte.

De reclassering adviseert bij een voorwaardelijk strafdeel bijzondere voorwaarden op te leggen die deze risicofactoren adresseren, om zo het recidiverisico te verkleinen. De reclassering adviseert, onder andere gelet op haar inschatting van de geestelijke vermogens van de verdachte, het volwassenenstrafrecht toe te passen.

De op te leggen straf

De uitgangspunten

Om in vergelijkbare zaken zoveel mogelijk gelijk te straffen, werken strafrechters met landelijke oriëntatiepunten (de LOVS-oriëntatiepunten). Deze zijn gebaseerd op opgelegde straffen in andere, vergelijkbare zaken.

Zaak A

Het oriëntatiepunt voor een gewapende overval op een winkel is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 2 jaar bij “licht geweld”, waarbij samenwerking en planning met anderen geldt als strafverzwarend. De rechtbank acht het dreigen met een levensechte imitatie-Uzi en het geven van een vuistslag ernstiger dan “licht geweld”. Bovendien is de overval in nauwe samenwerking met anderen gepland en gepleegd. Als uitgangspunt voor de op te leggen straf hanteert de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 2,5 jaar (30 maanden).

Zaak B

Het oriëntatiepunt voor het voorbereiden van een gekwalificeerde diefstal is een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van anderhalve maand. De rechtbank houdt er rekening mee dat niet is gebleken dat verdachte wetenschap had van het aangetroffen vuurwapen en het mes, maar ook dat de voorbereiding al geheel was afgerond en dat is gebleken dat verdachte hierbij de medeverdachten instructies gaf. De rechtbank zal daarom een gevangenisstraf van 2 maanden nemen als uitgangspunt voor de hiervoor op te leggen straf.

De straf

De rechtbank zal in het voordeel van de verdachte afwijken van deze uitgangspunten, om de volgende redenen.

De verdachte was ten tijde van beide feiten 18 jaar oud en heeft nog geen relevant strafblad. Hoewel de verdachte weinig inzicht geeft in zijn persoonlijke beleving, acht de rechtbank het met de raadsvrouw aannemelijk dat een onvolgroeid beoordelingsvermogen een rol heeft gespeeld bij de bewezenverklaarde feiten. Hierom, en om eventuele detentieschade en verharding te voorkomen, zal de rechtbank een substantieel deel van de gevangenisstraf voorwaardelijk opleggen, onder de voorwaarden die door de reclassering zijn geadviseerd. Hierbij weegt mee dat deze voorwaarden, met name het locatieverbod en het locatiegebod met elektronische controle, ook een forse inbreuk op de bewegingsvrijheid van de verdachte zullen betekenen.

Gelet op de ernst van de misdrijven legt de rechtbank vanwege deze strafvermindering aanvullend een forse taakstraf op.

Alles overwegend acht de rechtbank een gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, op zijn plaats, in combinatie met een taakstraf van 240 uur.

De tijd die de verdachte in voorarrest heeft gezeten wordt op de gevangenisstraf in mindering gebracht.

Verdachte lijkt uit het niets, zonder justitiële voorgeschiedenis, betrokken bij twee ernstige strafbare feiten. Gelet hierop en gelet op de onderbouwde inschatting door de reclassering van het gevaar op herhaling, houdt de rechtbank er ernstig rekening mee dat de verdachte bij vrijlating weer een misdrijf zal begaan dat gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De rechtbank zal daarom de bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar verklaren.

De voorlopige hechtenis

Een van de gronden die heeft geleid tot de voorlopige hechtenis in zaak A, te weten het recidivegevaar, geldt naar het oordeel van de rechtbank ook voor het feit dat is bewezenverklaard in zaak B. De rechtbank zal daarom voor het in zaak B bewezenverklaarde de gevangenneming bevelen.

6. In beslag genomen voorwerpen

De in deze paragraaf vermelde voorwerpen zijn genummerd en omschreven volgens de beslaglijst in het dossier van 12 februari 2026.

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd het volgende in zaak A in beslag genomen voorwerp te onttrekken aan het verkeer:

9) 1 STK Wapen (omschrijving: PL0900-2025209896-3548954, zwart, merk: Iwi Mini Uzi).

De officier van justitie heeft gevorderd het volgende in zaak B in beslag genomen voorwerp verbeurd te verklaren, omdat met behulp van dit voorwerp en het onder zaak B ten laste gelegde misdrijf is gepleegd:

1) 1 STK Telefoontoestel, PL09002025037676-3487855.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft geen standpunt ingenomen ten aanzien van deze in beslag genomen voorwerpen.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal het volgende in zaak A in beslag genomen voorwerp onttrekken aan het verkeer, omdat met behulp van dit voorwerp de in zaak A bewezen verklaarde overval is gepleegd, en het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet:

9) 1 STK Wapen (omschrijving: PL0900-2025209896-3548954, zwart, merk: Iwi Mini Uzi).

De rechtbank zal het volgende in zaak B in beslag genomen voorwerp verbeurd verklaren, omdat met behulp van dit voorwerp de in zaak B bewezen verklaarde voorbereidingshandelingen zijn gepleegd:

1) 1 STK Telefoontoestel, PL09002025037676-3487855.

7. De vorderingen door benadeelde partijen

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1]

Benadeelde partij [slachtoffer 1] heeft een verzoek tot schadevergoeding ingediend, waarin zij van verdachte een bedrag van € 4.621,37 vordert, als vergoeding voor de schade die zij stelt te hebben geleden als gevolg van het feit waarvan de verdachte in zaak A is beschuldigd.

Het gevorderde bedrag is als volgt opgebouwd:

- € 2.121,37 € 2.121,37 als vergoeding voor materiële schade, bestaande uit:

 € 2.038,08 als vergoeding voor gederfd salaris;

 € 83,29 als vergoeding voor kosten slaapmedicatie;

- € 2.500,- € 2.500,- als vergoeding voor immateriële schade.

De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2]

Benadeelde partij [slachtoffer 2] heeft een verzoek tot schadevergoeding ingediend, waarin hij van verdachte een bedrag van € 2.800,- vordert, als vergoeding voor de immateriële schade die hij stelt te hebben geleden als gevolg van het feit waarvan de verdachte in zaak A is beschuldigd.

Beide benadeelde partijen vorderen hierbij een verhoging van de gevorderde bedragen met de verschuldigde wettelijke rente, en oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft verzocht de vorderingen van beide benadeelde partijen in zijn geheel toe te wijzen.

Het standpunt van de verdediging

De raadsvrouw heeft zich ten aanzien van de vorderingen van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] tot vergoeding van immateriële schade, gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

Ten aanzien van de vordering van [slachtoffer 1] tot vergoeding van materiële schade, heeft zij verzocht de vordering met betrekking tot het gestelde gederfde salaris niet-ontvankelijk te verklaren. Hiertoe heeft zij aangevoerd dat uit de vordering niet blijkt of de benadeelde partij recht had op doorbetaling door haar werkgever.

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank zal de vorderingen tot vergoeding van immateriële schade van de benadeelde partijen [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] toewijzen. Deze vorderingen zijn voldoende onderbouwd en namens de verdachte niet betwist.

De rechtbank zal ook de door [slachtoffer 1] gevorderde vergoeding voor materiële schade toewijzen, en overweegt daartoe als volgt.

Uit de onderbouwing van de vordering blijkt dat de benadeelde partij ten tijde van de overval werkte bij [winkel] op grond van een 0-urencontract, en dat zij, als gevolg van de overval, daarna niet meer heeft gewerkt. Op de zitting is namens haar aangegeven dat de werkgever de benadeelde partij niets heeft betaald voor de periode na de overval. Naar het oordeel van de rechtbank staat daarom vast dat de benadeelde partij door de overval inkomensschade heeft geleden. Dat de benadeelde partij haar werkgever mogelijk om doorbetaling had kunnen vragen, doet daar niet aan af.

De verdachte is voor de schade met zijn mededaders hoofdelijk aansprakelijk. Dit betekent dat verdachte tegenover de benadeelde partijen voor het hele bedrag aansprakelijk is.

8. De toegepaste wetsartikelen

De beslissing van de rechtbank berust op:

zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

9. De beslissing

De rechtbank:

bewezenverklaring

- verklaart het ten laste gelegde bewezen zoals hiervoor in paragraaf 3.4 is vermeld;

- verklaart het meer of anders ten laste gelegde niet bewezen en spreekt verdachte daarvan vrij;

strafbaarheid

- verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4 is vermeld;

- verklaart verdachte strafbaar;

oplegging straf

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 30 maanden;

- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

- bepaalt dat van de gevangenisstraf een gedeelte van 12 maanden niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders gelast op grond van het feit dat verdachte de hierna te melden algemene en bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd;

- stelt daarbij een proeftijd van 2 (twee) jaren vast;

- als voorwaarden gelden dat verdachte:

* zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

* ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

* medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;

- stelt als bijzondere voorwaarden dat:

* de verdachte zich binnen drie dagen nadat de proeftijd is ingegaan zal melden bij Reclassering Nederland op het adres [adres 3] , [postcode 2] te [plaats 4] en zal meewerken aan het toezicht en de begeleiding door de reclassering, zolang de reclassering dit nodig vindt;

* de verdachte zich zal laten behandelen door Forensische polikliniek [instelling] of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op cognitieve en emotie-regulerende vaardigheden en sociale en andere problematiek;

* de verdachte geen verdovende middelen gebruikt, zoals genoemd in lijst I (harddrugs) en lijst II (softdrugs) van de Opiumwet. De verdachte moet meewerken aan controles, zoals urine- en ademonderzoek en speekseltesten;

* de verdachte op geen enkele wijze, direct of indirect, contact zoekt of heeft met de medeverdachten [medeverdachte 2] , geboortedatum [2006] , [medeverdachte 1] , geboortedatum [2006] en [medeverdachte 3] , geboortedatum [2005] , tenzij dit contact plaatsvindt met uitdrukkelijke toestemming van de reclassering en daarbij de aanwijzingen van de reclassering worden opgevolgd;

* de verdachte op geen enkele wijze, direct of indirect, contact zoekt of heeft met de benadeelde partijen [slachtoffer 1] , geboortedatum [2003] , en [slachtoffer 2] , geboortedatum [1990] , tenzij dit contact plaatsvindt met uitdrukkelijke toestemming van de reclassering en daarbij de aanwijzingen van de reclassering worden opgevolgd;

* de verdachte zich niet zal bevinden in het deel van de wijk Lombok in Utrecht dat wordt begrensd door de Leidsekade, de Billitonkade, de Vleutenseweg en het Westplein, zoals hieronder weergegeven, zolang de reclassering dat nodig vindt. De Vleutenseweg, en het Westplein vallen zelf niet binnen de begrenzing van het locatieverbod.

De verdachte werkt mee aan elektronisch toezicht op de naleving van het locatieverbod, zolang de reclassering dat nodig vindt.

Voor een goede werking van het elektronisch toezicht mag de verdachte gedurende de duur van het elektronisch toezicht Nederland niet verlaten zonder toestemming van de reclassering.

Het Openbaar Ministerie kan op verzoek van de reclassering dit locatieverbod (deels) laten vervallen;

*Afbeelding is verwijderd i.v.m. mogelijke herleidbaarheid naar personen.

* de verdachte op vooraf vastgestelde tijdstippen aanwezig is op zijn verblijfadres, zolang de reclassering dit nodig vindt.

Bij de start moet de verdachte op doordeweekse dagen met dagbesteding 12 uur op het verblijfadres te zijn. Op doordeweekse dagen zonder opleiding, (vrijwilligers)werk of behandeling is dat 22 uur en op dagen in het weekend 20 uur. De reclassering kan de dagen en tijden waarop het locatiegebod geldt, al dan niet tijdelijk, verminderen.

Het huidige verblijfadres is [adres 1] , [postcode 1] in [plaats 1] . Een ander adres voor het locatiegebod is alleen mogelijk als de reclassering daarvoor toestemming geeft.

De verdachte werkt mee aan elektronisch toezicht op de naleving van het locatiegebod zolang de reclassering dat nodig vindt.

Voor een goede werking van het elektronisch toezicht mag de verdachte gedurende de duur van het elektronisch toezicht Nederland niet verlaten zonder toestemming van de reclassering;

* de verdachte zich zal inspannen voor het vinden en behouden van betaald werk en/of een passende opleiding, met een vaste structuur;

* de verdachte bij de reclassering inzicht zal geven in zijn sociale netwerk;

- waarbij de reclassering opdracht wordt gegeven als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht om toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;

- beveelt dat de bijzondere voorwaarden en het toezicht door de reclassering dadelijk uitvoerbaar zijn;

- veroordeelt verdachte tot een taakstraf van 240 (tweehonderdveertig) uren;

- beveelt dat voor het geval verdachte de taakstraf niet of niet naar behoren verricht de taakstraf wordt vervangen door 120 dagen hechtenis;

beslag (zaak A)

- onttrekt het volgende voorwerp aan het verkeer (genummerd en omschreven volgens de beslaglijst in het dossier van 12 februari 2026):

9) 1 STK Wapen (Omschrijving: PL0900-2025209896-3548954, zwart, merk: Iwi Mini Uzi.

beslag (zaak B)

- verklaard het volgende voorwerp verbeurd (genummerd en omschreven volgens de beslaglijst in het dossier van 12 februari 2026):

1) 1 STK Telefoontoestel, PL0900-2025037676-3487855;

benadeelde partij [slachtoffer 1] (zaak A, feit 1)

- wijst de vordering van benadeelde partij [slachtoffer 1] geheel toe tot een bedrag van

€ 4.621,37 (vierduizendzeshonderdeenentwintig euro en zevenendertig eurocent);

- veroordeelt de verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 24 juni 2025 tot de dag van volledige betaling, met dien verstande dat indien en voor zover door een van zijn mededaders (een deel van) dit bedrag aan de benadeelde partij is betaald, de verdachte in zoverre van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- legt aan de verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 1] aan de Staat € 4.621,37 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 24 juni 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 46 dagen gijzeling, met dien verstande dat indien en voor zover door een van zijn mededaders (een deel van) dit bedrag aan de Staat is betaald, de verdachte in zoverre van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;

benadeelde partij [slachtoffer 2] (zaak A, feit 1)

- wijst de vordering van benadeelde partij [slachtoffer 2] geheel toe tot een bedrag van

€ 2.800,- (achtentwintighonderd euro);

- veroordeelt de verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 24 juni 2025 tot de dag van volledige betaling, met dien verstande dat indien en voor zover door een van zijn mededaders (een deel van) dit bedrag aan de benadeelde partij is betaald, de verdachte in zoverre van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- veroordeelt de verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- legt aan de verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat € 2.800,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 24 juni 2025 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 28 dagen gijzeling, met dien verstande dat indien en voor zover door een van zijn mededaders (een deel van) dit bedrag aan de Staat is betaald, de verdachte in zoverre van deze verplichting zal zijn bevrijd;

- bepaalt dat de verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;

voorlopige hechtenis

- beveelt de gevangenneming van de verdachte ten aanzien van het bewezen verklaarde in zaak B.

Dit vonnis is gewezen door mr. L.C. Michon, voorzitter, mr. J.F. Haeck en

mr. K. de Meulder, rechters, in tegenwoordigheid van A. van der Zwan, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 17 maart 2026.

Bijlage: de tenlastelegging

Aan verdachte wordt in zaak A ten laste gelegd dat:

1

hij op of omstreeks 24 juni 2025 te Utrecht , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, (gouden) sieraden, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [winkel] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn

mededader(s) toebehoórde(n) heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, terwijl deze diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen medewerkers [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken, of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf of andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, door

- zich, verkleed in djelleba en/of hoofddoek, als klant van de juwelierszaak voor te doen, althans bij de juwelierszaak aan te bellen en/of de juwelierszaak in te gaan, en/of

- voor de toonbank te gaan staan en/of te blijven staan met een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de hand, en/of

- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, in de richting van die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] te richten en/of (daarbij) dit vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, door te laden en/of

- over de toonbank te springen/klimmen en/of naar die [slachtoffer 2] toe te rennen en/of

- die [slachtoffer 2] meermalen, althans eenmaal, tegen het hoofd, althans het lichaam, te slaan, en/of

- die [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] de woorden toe te voegen: “doe het raam dicht” en/of “doe de deur open”, althans woorden van soortgelijke (dreigende) aard en/of strekking;

2

hij in of omstreeks de periode van 12 juni 2025 tot en met 24 juni 2025 te Utrecht , althans in Nederland, een wapen van categorie I, onder 7° van de Wet wapens en munitie, te weten een door de Minister van Justitie en Veiligheid aangewezen voorwerp dat een ernstige bedreiging van personen kon vormen en/of dat zodanig op een wapen geleek dat deze voor bedreiging of afdreiging geschikt was, namelijk een voorwerp dat voor wat betreft vorm en afmeting een sprekende gelijkenis vertoont met echt bestaande vuurwapens, namelijk een pistool, merk IMI (IWI), model Mini Uzi heeft vervaardigd/getransformeerd/voor derden hersteld/overgedragen/voorhanden gehad/gedragen/vervoerd/doen binnenkomen/doen uitgaan.

Aan verdachte wordt in zaak B ten laste gelegd dat:

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 24 januari 2025 tot en met 5 februari 2025 te Kortenhoef en/of Nieuwersluis en/of Woerden , althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter voorbereiding van het misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, te weten het plegen van een diefstal met geweld en/of afpersing in vereniging

(strafbaar gesteld in artikel 312 en/of 317 van het Wetboek van Strafrecht) opzettelijk

voorwerpen, stoffen, informatiedragers, ruimten en/of vervoermiddelen, te weten

- een vuurwapen en munitie,

- een mes,

- een DHL vest en/of zwarte/donkere kleding,

- een (leeg) (DHL) pakketje,

- een gestolen motorscooter,

- één of meer inbrekerswerktuigen,

- ducttape,

- kraaienpoten,

- een routebeschrijving van de straat waarin medeverdachte [medeverdachte 5] woont naar de vermoedelijke woning waar de overval zou gaan plaatsvinden ( [adres 2] te [plaats 3] ), en/of

- een video/schermopname van de vermoedelijke woning waar de overval zou gaan plaatsvinden ( [adres 2] te [plaats 3] ),

bestemd tot het begaan van dat misdrijf,

heeft verworven, vervaardigd, ingevoerd, doorgevoerd, uitgevoerd en/of voorhanden heeft gehad;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

[medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 4] op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 24 januari 2025 tot en met 5 februari 2025 te Kortenhoef en/of Nieuwersluis en/of Woerden , althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter voorbereiding van het misdrijf waarop naar de wettelijke omschrijving

een gevangenisstraf van acht jaren of meer is gesteld, te weten het plegen van een diefstal met geweld en/of afpersing in vereniging (strafbaar gesteld in artikel 312 en/of 317 van het Wetboek van Strafrecht) opzettelijk voorwerpen, stoffen, informatiedragers, ruimten en/of vervoermiddelen, te weten

- een vuurwapen en munitie,

- een mes,

- een DHL vest en/of zwarte/donkere kleding,

- een (leeg) (DHL) pakketje,

- een gestolen motorscooter,

- één of meer inbrekerswerktuigen,

- ducttape,

- kraaienpoten,

- één of meer jerrycans,

- een routebeschrijving van de straat waarin die [medeverdachte 5] woont naar de vermoedelijke woning waar de overval zou gaan plaatsvinden ( [adres 2] te [plaats 3] ), en/of

- een video/schermopname van de vermoedelijke woning waar de overval zou gaan

plaatsvinden ( [adres 2] te [plaats 3] ),

bestemd tot het begaan van dat misdrijf, heeft/hebben verworven, vervaardigd, ingevoerd, doorgevoerd, uitgevoerd en/of voorhanden gehad

bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 24 januari 2025 tot en met 5 februari 2025 te [plaats 1] ,

althans in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door in een groepschat (op Snapchat) met die [medeverdachte 5] en/of [medeverdachte 4] :

- informatie over een buurt te sturen en/of aan te sturen om het feit in een bepaalde buurt te plegen,

- advies te geven om het feit vroeg te plegen,

- opdracht te geven om informatie op de telefoons te verwijderen,

- een screenshot met verschillende routes van de straat waarin die [medeverdachte 5] woont

naar de vermoedelijke woning waar de overval zou gaan plaatsvinden ( [adres 2]

te [plaats 3] )te delen en daarbij aan te geven welke route die [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] moeten pakken/rijden,

- aanwijzingen te geven over het pakketje en de motorscooter, en/of

- navraag te doen over de jerrycans.

Bijlage II: De bewijsmiddelen

1. De bewijsmiddelen ten aanzien van zaak A

De overval

Aangever [slachtoffer 1] heeft verklaard:

Op dinsdag 24 juni om 12:24 uur was ik aan het werk bij [winkel] op de [straat 1] in Utrecht .

Ik zag dat er twee personen binnenkwamen die allebei geheel gesluierd waren, waardoor alleen hun ogen zichtbaar waren en de rest van hun gezicht niet. Ik zag dat ze daaronder een zogenaamde jellaba, een soort jurk droegen. Ik zag dat de een volledig in het zwart was en dat de ander een beige dan wel lichtbruine sluier droeg.Ik zag dat de man met de beige sluier een vuurwapen op mij richtte dat hij onder de sluier vandaan haalde.

Ik hoorde dat de man met het geweer tegen mij zei dat ik het raam moest sluiten. Ik zag dat alle huid rond zijn ogen wit gemaakt was met make-up. Ik zag dat hij donkere ogen had, misschien bruin of zwart.Ik zag dat de in het zwart geklede man over de vitrine klom en dat hij vocht met mijn collega. Ik zag dat de in het zwart geklede man naar mijn collega sloeg en vervolgens langs hem heen naar mij toe kwam.Ik zag dat de in het zwart geklede man meerdere sets met armbanden en kettingen los trok van de standaarden waarop deze in de vitrine stonden. Ik hoorde dat de in het zwart geklede man tegen mij zei: “doe gewoon de deur open, doe gewoon de deur open”.De man met het vuurwapen heeft vrijwel onafgebroken op mij gericht, hij stond vlak bij mij. Ik was op dat moment heel bang dat hij mij dood zou schieten.Ik zag dat de man met het vuurwapen op mij richtte en ik hoorde dat hij nog een keer zei dat ik de deur open moest maken. Ik heb vervolgens de deur opengedaan.Ik zag dat de man in het zwart gekleed vervolgens terug klom over de vitrine. Ik zag dat hij meerdere sets van armbanden en kettingen, ik denk 6 tot 8 stuks, meenam.

Aangever [slachtoffer 2] heeft verklaard:

De eerste persoon in een zwarte djellaba (NN1) had zwarte handschoenen aan en een zwart karretje bij zich.De tweede persoon in een lichtere kleur djellaba (NN2) had zwarte handschoenen aan, en trok gelijk een wapen onder zijn djellaba vandaan.Ik zag en hoorde dat NN2 tegen [slachtoffer 1] begon te schreeuwen. Ik zag dat hij het wapen op [slachtoffer 1] richtte. Ik zag dat NN2 een lange haalbeweging maakte over de loop van het wapen. Het maakte een klikkend geluid. Ik dacht dat hij het wapen aan het laden was.Tegelijkertijd zag ik dat NN1 over de toombank naar mij toe sprong. Ik zag dat hij zijn arm naar achter bewoog en vervolgens naar voren. Ik zag dat hij mij een vuistslag in het gezicht gaf. Ik voelde direct een stekende pijn in het gezicht en viel op de grond.

Ik ben vervolgens opgestaan en ben naar achter gelopen om de alarmknop in te drukken.Ik zag dat NN1 naar [slachtoffer 1] liep en achter haar sieraden uit de vitrine pakte. Toen ik de knop had ingedrukt zag ik dat zij snel de winkel verlieten.

Toen zij de winkel verlieten zag ik dat NN2 zijn wapen op mij richtte tijdens het rennen naar buiten.Ik ben achter hun aan gerend de winkel uit. De mensen op straat vertelden mij dat zij de [straat 6] in waren gerend. Ik ben direct die kant op gegaan. Aan het einde van de straat op de kruising bij de [straat 7] zag ik dat zij in een voertuig stapten.De auto zag er als volgt uit:

- zwart van kleur;- kenteken met [kenteken 1] er in;Ik zag dat zij vervolgens de [straat 8] in reden mijn gezichtsveld uit.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Door de daders van de overval op juwelier [winkel] aan de [adres 4] op dinsdag 24 juni 2025 wordt bij binnenkomst een boodschappen trolley meegenomen. Deze trolley blijft achter als de daders vluchten.De inhoud van deze trolley bestaat uit:- twee gezichtsmaskers- rol plakband- tiewraps

- spuitflacon.De tiewraps waren reeds ingelust en per twee aan elkaar verbonden waardoor er een “8” ontstond. Dit maakt het in theorie mogelijk om er een persoon mee te boeien.De combinatie van gezichtsmasker, “boeien” en plakband zou gebruikt kunnen worden om een persoon mee te immobiliseren.

Getuige [naam 4] heeft verklaard:

Ik was een lunchwandeling aan het maken met mijn collega’s over de [straat 1] ín Utrecht . Enkele collega’s liepen een eindje voor mij uit en ik zag dat zij ineens bleven staan voor de juwelierszaak op de [straat 1] nummer [nummeraanduiding 1] . Ik zag dat er ook een vrouw met een fiets bij hen stond. Ik hoorde dat zij zei dat er iets aan de hand zou zijn in de winkel.

Mijn collega’s belden aan en probeerden de deur te openen, maar die was afgesloten.

Vervolgens zag ik dat de deur van binnenuit open werd gegooid en dat er twee geheel

gemaskerde mensen naar buiten kwamen, die een soort jurken droegen. Ik zag dat zij

allebei een slank postuur hadden. Ik zag dat een van hen een trainingsbroek droeg met een streep aan de zijkant. Ik kon dat zien omdat zijn gewaad omhoog waaide.

De vluchtroute tot en met de aanhouding

Getuige [naam 5] heeft verklaard:

Op dinsdag 24 juni 2025 omstreeks 12:20 uur, bevond ik mij aan de [straat 1] te [plaats 2] ter hoogte van huisnummer [nummeraanduiding 1] . Ik hoorde vervolgens een hard gegil uit een winkel komen.Ik zag dat vervolgens de deur open ging en zag ik dat er twee jongens de straat op renden.Ik zag dat de jongens wegrenden over de [straat 1] in de richting van de [straat 9] . Ik zag dat de jongens direct linksaf sloegen de [straat 6] in.Ik rende erachteraan. Ik zag de deuren open van een auto. Ik zag dat de auto van mij weg reed met de linker achterdeur nog een stukje open.Ik zag dat de auto weg reed over de [straat 8] in de richting van de [straat 9] .

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Op dinsdag 24 juni 2025, omstreeks 12.29 uur hoorde ik dat er twee personen een juwelier hadden overvallen.Ik nam hierop positie met de kruising [straat 9] . Ik werd hierop direct door een manspersoon aangesproken, dat hij zojuist een donkerkleurige personenauto, met linksachter een deur beschadigd en half open, met hoge snelheid over de [straat 9] zag rijden in de richting van de [straat 9] . Hij zag dat het voertuig hierna rechtsaf reed de Leidseweg op in de richting van de stedelijke Munt.

Op dinsdag 24 juni 2025, omstreeks 12.50 uur, reden wij op de [straat 2] te [plaats 2] .

Ter hoogte van perceelnummer [nummeraanduiding 2] zagen wij een man die ons wenkte. Ik zag dat de man wees naar een zwarte Peugeot 208. Ik zag dat er een witte kentekenplaat op de auto zat. Ik zag dat het een Oekraïense plaat betrof. Ik zag dat het ging om de [kenteken 1] . Ik zag dat er een flinke deuk zat aan de linkerportier aan de achterzijde. Ik zag dat het linker achterportier open stond.Wij werden aangesproken door een vrouw genaamd [naam 6] . Ik hoorde [naam 6] het volgende verklaren:Omstreeks 12.25 uur zag ik een zwarte auto met een hoge snelheid aan komen rijden op de parkeerplaats. Ik zag dat er een jongen uit het voertuig stapte en direct hard wegrende. Ik zag dat de jongen in de richting van het Rachmaninoffplantsoen rende.

Getuige nummer [nummeraanduiding 8] heeft verklaard:

V: U heeft gisteren, dinsdag 24 juni 2025, een incident gezien. Kunt u vertellen wat u heeft gezien?

A: Het speelde zich af op het parkeerterrein van het Rachmaninoffplantsoen.Mijn partner zei tegen mij, dat er een auto met een buitenlands kenteken heel hard aan kwam rijden. Er stappen twee mensen met boerka’s uit en die auto rijdt door, terwijl de achterdeur nog open staat.Vanaf dat moment keek ik die kant op en zag ik dat er een zwarte auto met een wit kenteken wegreed. De auto deed mij denken aan een Peugeot.

Daarna zag ik dat twee personen de achterportieren van een zwarte Renault Clio dichtdeden. Ik zag dat een arm het rechterachterportier van de auto dichttrok.V: Kunt u iets vertellen over de huidskleur van de arm die u heeft gezien?A: Ja. Het was een bruine huidskleur.V: Kunt u een nadere omschrijving geven?A: Het was echt donkerbruin.

V: Zaten er nog meer inzittenden in de zwarte Renault Clio?

A: Ik zag ook beweging op de bestuurdersplaats in de auto. Hieruit maakte ik op dat er een persoon op de bestuurdersplaats zat.V: Heeft u het kenteken nog kunnen lezen?A: Ik zag dat het kenteken [kenteken 3] was.

Later zag ik dat er twee personen uit dezelfde zwarte Renault Clio stapten via de achterportieren. Ik zag dat zij naar een wit busje renden die twee parkeerplaatsen van de Renault Clio verwijderd stond.Ik zag dat de zwarte Renault Clio wegreed.Ik zag dat de twee personen, die net daarvoor achteruit de Renault Clio waren gestapt, in het witte busje stapten.V: Kunt u de twee personen die u zag omschrijven?A: De eerste persoon is de persoon die achter de bestuurderszijde uit de auto stapte. Deze was licht getint in het gezicht. Hij had lichte gezichtsbeharing. Hij had een dunne snor en een dunne baard, zwart van kleur. Hij had kort zwart haar. Ik denk dat deze persoon ongeveer tussen de 1,80 en 1,85 meter lang was. Hij was slank van postuur.

V: Wat kunt u vertellen van de tweede persoon?A: Deze stapte dus uit de rechterachterzijde van de auto, dus achter de bijrijdersplaats. Hij had een donkere huidskleur. Hij had heel kort gemillimeterd zwart haar. Hij was niet lang en slank postuur. Deze persoon was korter dan persoon 1.

V: Kunt u nog iets zeggen over de huidskleur van beide personen?A: Persoon 1 had een lichtere huidskleur dan persoon 2. Ik zou zeggen persoon 1 is had meer een Noord-Afrikaans uiterlijk en persoon 2 een meer donkere vent.V: Wat heeft u verder gezien?A: Ik zag dat persoon 1 naar de bestuurderszijde van het witte busje rende en het portier opentrok en op de bestuurdersplaats ging zitten. Ik zag dat persoon 2 naar de bijrijderszijde van het witte busje rende, het portier opentrok en op de bijrijdersplaats in het busje ging zitten.

Hierna gingen de portieren van het busje dicht, ging de motor aan en reed het witte busje weg vanaf de parkeerplaats.Ik zag ook aan de voorzijde van het busje het kenteken. Ik zag dat het kenteken [kenteken 2] was.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Uit het buurtonderzoek rondom het [straat 3] te [plaats 2] , werden camera's aangetroffen in het portiek van het appartementencomplex nummers [nummeraanduiding 3] t/m [nummeraanduiding 4] te [plaats 2] .

Beschrijving camerabeelden:

Screenshot nummer: 1

Tijd atoomklok: 11.14 uur

Omschrijving: Een witte bestelbus van het merk Peugeot komt het parkeerterrein oprijden en parkeert met de achterzijde richting bosschages in een parkeervak. Deze auto wordt verder genoemd: de witte bestelbus.

Screenshot nummer: 2

Tijd atoomklok: 11.14 uur.

Omschrijving: Een zwarte Peugeot komt direct, na het inparkeren van de witte bestelbus, ook het parkeerterrein oprijden. De Peugeot parkeert direct naast de witte bestelbus. De kentekenplaat is geel van kleur.

Screenshot nummer: 3

Tijd atoomklok: 11:38 uur

Omschrijving: Een zwarte Renault komt het parkeerterrein oprijden en parkeert twee vakken naast de Peugeot, met de voorzijde het parkeervak in.

Screenshot nummer: 4

Tijd atoomklok: 11.39 uur

Omschrijving: Nadat de Renault ingeparkeerd is, stapt de bestuurder direct uit het voertuig en maakt vermoedelijk contact met inzittenden van de Peugeot. Dit bleek een man te zijn met het volgende signalement: zwart haar, blauwe broek en zwarte jas met capuchon. Deze bestuurder zal verder VE1 genoemd worden. VE1 blijft een beetje “hangen” tussen de geparkeerde Peugeot en Renault.

Screenshot nummer: 6

Tijd atoomklok: 12.01 uur.

Omschrijving: VE1 staat met zijn rug tegen de Renault. Het lijkt erop alsof hij een gsm tegen zijn oor houdt. Vervolgens rijdt de Peugeot weg uit het parkeervak en verlaat het parkeerterrein.

Screenshot nummer: 7

Tijd atoomklok: 12.06 uur

Omschrijving: Een zwarte Peugeot met een witte kentekenplaat komt het parkeerterrein oprijden en parkeert met de achterzijde in het parkeervak direct naast de witte bestelbus.

Screenshot nummer: 8

Tijd atoomklok: 12.09 uur

Omschrijving: VE1 komt vanaf de linkerzijde van de witte bestelbus en heeft iets lichtkleurigs in zijn linkerhand. Dit geeft hij vervolgens aan de bestuurder van de Peugeot met witte kentekenplaat.

Screenshot nummer: 9

Tijd atoomklok: 12.13 uur

Omschrijving: Inmiddels was VE1 als bestuurder in de geparkeerde Renault gestapt en blijft daar zitten. Op genoemd tijdstip verlaat de Peugeot met witte kentekenplaat het parkeerterrein. De Renault met VE1 en de witte bestelbus blijven achter op het parkeerterrein.

Screenshot nummer: 10

Tijd atoomklok: 12.28 uur.

Omschrijving: De Peugeot met witte platen komt het parkeerterrein oprijden en stopt precies haaks achter de geparkeerde zwarte Renault. Het rechterachterportier van de Peugeot gaat open. Een persoon gekleed in een donkere boerka stapt uit de auto en rent achter de auto langs richting de geparkeerde Renault.

Screenshot nummer: 11

Tijd atoomklok: 12.28 uur

Omschrijving: Voordat de persoon in de donkere boerka bij de Renault is, komt er een persoon in een lichtere boerka uit de richting van de Peugeot rennen.

Screenshot nummer: 14

Tijd atoomklok: 12.28 uur.

Omschrijving: Persoon in lichte boerka (rode cirkel) stapt rechts voorin de geparkeerde Renault. Persoon in donkere boerka komt bij ook aan bij de geparkeerde Renault (gele cirkel).

Screenshot nummer: 15

Tijd atoomklok: 12.28 uur

Omschrijving: De persoon in de donkere boerka stapt vervolgens rechts achterin de Renault. Beide personen sluiten vervolgens de portieren en de Peugeot met witte platen rijdt weg.

Screenshot nummer: 18

Tijd atoomklok: 12.29 uur.

Omschrijving: Rechts achter uit de Renault stapt een persoon gekleed in een lichtblauw shirt, een donkere broek en lichtkleurige schoenen. Het signalement van deze persoon komt overeen met het signalement van verdachte [medeverdachte 2] , toen deze werd aangehouden.

Deze persoon rent voorlangs de geparkeerde witte bestelbus.

Screenshot nummer: 19

Tijd atoomklok:12.29 uur

Omschrijving: Rechts voor uit de Renault stapt een persoon gekleed in een donkere broek met aan de buitenzijde van de benen een lichte “streep” (zowel links als rechts). Ook draagt de persoon een lichtkleurig shirt met daarover een jas/jack, waarvan de mouwen lichter van kleur zijn. De persoon, die uit de Renault stapt, heeft veel overeenkomsten met het signalement van verdachte [medeverdachte 3] . De persoon loopt naar de rechterzijde van de geparkeerde witte bestelbus.

Screenshot nummer: 20

Tijd atoomklok:12.29 uur.

Omschrijving: Nadat de twee personen uit de Renault zijn gestapt, vertrekt de Renault en rijdt weg het parkeerterrein af.

Screenshot nummer: 21

Tijd atoomklok:12.31 uur

Omschrijving: De witte bestelbus rijdt weg uit het parkeervak en verlaat het parkeerterrein aan het Rachmaninoffplantsoen. Tussen het vertrek van de Renault en het vertrek van de witte bestelbus kwamen er geen verdachten in beeld.

Vervolgens reden beide voertuigen door meerdere ANPR-camera's, te weten:12:42 uur: [kenteken 3] A2 Breukelen Li 49,512:45 uur: [kenteken 2] A2 Vianen Re 72,412:48 uur: [kenteken 3] A2 Breukelen Re 49,112:51 uur: [kenteken 3] A2 Maarssen Re 53,812:51 uur: [kenteken 2] A27 Meerkerk Li 47,0De betreffende ANPR-hits werden doorgegeven aan de collega's van politie die op zoek waren naar de genoemde voertuigen. Vervolgens werd op basis van de ANPR-hits door de politiehelikopter zicht gepakt op beide voertuigen.Hierop zijn de inzittenden van de Clio en de Expert aangehouden, respectievelijk bij het [tankstation 1] langs de A12 en bij het [tankstation 2] langs de A27.

Aangehouden als bestuurder Renault Clio: [verdachte] , geboren op [2006] .Aangehouden als bijrijder in de Renault Clio: [medeverdachte 1] , geboren op [2006] .

Bij de Renault Expert werd aangehouden: [medeverdachte 3] , geboren op [2005] .Bij de Renault Expert werd ook aangehouden: [medeverdachte 2] , geboren op [2006] .

De witte bestelbus (Peugeot Expert met kenteken [kenteken 2] )

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Ik zag dat [medeverdachte 2] op 23 juni 2025 omstreeks 19:31 uur vanaf zijn rekening met IBAN [rekeningnummer 1] € 751,00 overmaakte naar de Nationale-Nederlanden. Ik zag dat de transactie voorzien was van de volgende omschrijving: “Verzekering [medeverdachte 2] , [medeverdachte 2] services, kenteken: [kenteken 2] ”.Ik zag dat [medeverdachte 2] voorafgaand aan deze transactie, op 23 juni 2025 om 16.30 uur en 18.33 uur, in twee transacties € 500,- ontving van [medeverdachte 1] .

Ik zag dat [medeverdachte 2] op 23-06-2025 omstreeks 19:27 uur een Tikkie ontving ter waarde van

€ 250,00. De Tikkie was afkomstig van de rekening met IBAN [rekeningnummer 2] op naam van [medeverdachte 3] . De transactie was voorzien van de omschrijving:. “Verzkr”.[medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 3] hebben dus gezamenlijk, op de dag voor de overval, betaald voor de verzekering van het voertuig met kenteken [kenteken 2] .

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Ik deed onderzoek naar de wit gekleurde Peugeot Expert, voorzien van het kenteken [kenteken 2] . Ik zag dat er een groenkleurige jas tussen de stoelen lag.

Hierop pakte ik de groenkleurige jas. Ik voelde dat er een zwaarder rond bollig voorwerp in de rechterjaszak zat. Toen ik de rits had geopend, zag ik dat er een wit gekleurde prop in de zak zat.Ik zag bij het openen van het papier, dat er diverse goudkleurige sieraden in het papier zat gewikkeld.

In de laadruimte werden de volgende binnen het onderzoek relevante goederen aangetroffen.Ammoniak en spuitfles.Wij voelden dat de ammoniakfles half leeg was en bij het openen van de spuitfles roken wij de kenmerkende scherpe geur. Dit is relevant voor het onderzoek omdat verdachte [medeverdachte 2] verklaart een spuitfles ammoniak bij zich gehad te hebben in de meegebrachte trolley.Foundation en make-up sponsIn een papieren tas werden een flesje foundation en make-up spons aangetroffen. Dit is relevant omdat er sprake van is dat de verdachte met het vuurwapen bij zijn vermomming de huid rond zijn ogen had geschminkt.Silicone BH vulling, make-up spons en haarclip,In een rode tas werden twee haarclips, twee silicone bh vullingen en nog een make-upspons aangetroffen. Dit is relevant omdat een van de overvallers bij zijn vlucht dergelijke silicone vullingen verloor. Tevens werd in de voornoemde trolley ook een soortgelijke haarclip aangetroffen.Haarstukken.Er werden enkele haarstukken en lege verpakkingen van haarstukken aangetroffen. Dit is relevant omdat een van de verdachten, [medeverdachte 2] , verklaarde zich hier mee vermomd te hebben.

De gehuurde Peugeot 208 met kenteken [kenteken 4]

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Ik heb onderzoek gedaan naar het rekeninggebruik van [medeverdachte 1] .Ik zag dat [medeverdachte 1] in de drie maanden voor het strafbare feit meerdere overboekingen deed vanaf zijn bankrekening [rekeningnummer 3] naar [onderneming 1] BV.

Verdachte [medeverdachte 1] had een Peugeot 208, voorzien van kenteken [kenteken 4] gehuurd voor de periode 21-06-2025 om 10:00 uur tot 24-06-2025 om 09:30 uur.

Verdachte [medeverdachte 1] heeft bij de politie verklaard:

V: Wat heb jij gedaan op de ochtend van de overval?A: Ik ben langs [onderneming 1] gegaan. Daar ben ik een auto gaan verlengen.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Vanuit het onderzoek was gebleken dat de bij het Rachmaninoffplantsoen weggereden Renault Clio met kenteken [kenteken 3] om 12:42 uur door de ANPR was gereden op de A2 links 49,5 bij Breukelen. Deze ANPR staat op de afrit van de A2.Vervolgens was deze Clio om 12:48 uur door de ANPR gereden op de A2 rechts 49,1 bij Breukelen. Deze ANPR staat op de oprit van de A2.Ik zag op de beelden dat om 12:43:40 uur een zwarte Renault Clio de carpoolplaats oprijden en parkeren aan de linkerzijde van het beeld, gelegen aan de zijde van de N401.

Ik zag vervolgens om 12:43:47 uur een zwarte Peugeot 208 de parkeerplaats oprijden, achter de Renault Clio aan.

Ik zag vervolgens dat een persoon (persoon 1) tussen de Clio en de 208 vandaan kwam en naar de achterzijde van de Clio liep en een persoon (persoon 2) vanaf de bestuurderszijde van de 208 kwam gelopen naar de achterzijde van de voertuigen. Ik zag dat het signalement van deze personen als volgt was:Persoon 1:Lichte huidskleurDonker haarRood shirt met korte mouwenDonkere broekDonkere schoenenPersoon 2:Donker getinte huidskleurDonkere jas/vestLicht shirtDonkere broek met iets lichtere voorzijdeDonkere schoenen met lichte zij-rand van zool

Ik zag dat persoon 1 terug liep naar de bestuurderszijde van de Clio en dat persoon 2 naar de bijrijderszijde van de 208 liep en beide personen om 12:44:20 uur uit beeld verdwenen.Vervolgens kwam persoon 1 in beeld waarbij hij iets zwarts vast had in zijn handen en liep in de richting van de kofferbak. Hij liep terug naar de bijrijderszijde van de Clio, opende het rechter achterportier en bukte voorover het voertuig in. Vervolgens kwam persoon 1 uit de rechter achterzijde van de Clio en liep met een zwart/wit voorwerp in zijn handen naar de 208. Ik zag dat persoon 1 tussen de Clio en 208 stapte en vervolgens naar de kofferbak van de 208 liep. Ik zag dat hij de kofferbak opende. Ik zag dat hij voorover bukte de kofferbak in en vervolgens zonder voorwerp in zijn handen wegliep bij de 208.Ik zag dat persoon 2 vervolgens vanaf de bestuurderszijde van de Clio kwam met een rode tas in zijn handen. Ik zag dat op de rode tas een witte opdruk/wit opschrift zat. Ik zag dat hij met de tas naar de kofferbak van de 208 liep, voorover bukte en weer rechtop kwam zonder de rode tas. Ik zag dat hij vervolgens de kofferbak van de 208 dicht deed. Ik zag dat beide personen vervolgens nog keken bij de kofferbak van de 208.Ik zag dat persoon 2 vervolgens naar de bestuurderszijde van de 208 liep en persoon 1 naar de bestuurderszijde van de Clio. Ik zag dat persoon 2 vervolgens vanaf de bestuurderszijde van de 208 kwam gelopen naar de bestuurderszijde van de Clio. Ik zag dat de achterlichten van de Clio gingen branden en de Clio vervolgens achteruit het parkeervak verliet.Ik zag dat de bestuurder van het voertuig korte mouwen aan had en lichte onderarmen had. Ik zag vervolgens bij het verlaten van de carpoolplaats dat naast de bestuurder met de lichte armen een bijrijder zat. Op basis hiervan maakte ik op dat persoon 1 als bestuurder van de Clio was ingestapt en persoon 2 als bijrijder.

Op dinsdag 24 juni 2025 is er onder verdachte [medeverdachte 1] een autosleutel van het merk Peugeot in beslag genomen.Op de carpoolplaats gelegen aan de N401 6.0 te Breukelen troffen wij een zwarte Peugeot met het kenteken [kenteken 4] aan.

De sleutel bleek bij het bovengenoemde voertuig te passen.

DNA-onderzoek

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

In de onderzoeksruimte B0.19 zagen wij een zwarte personenauto van het merk en type

Peugeot 208 voorzien van het kenteken [kenteken 4] .

In de kofferbak zagen wij links een rode Kruidvat tas.Wij zagen dat de rode tas was gevuld met meerdere kledingstukken en achter de rode tas in de kofferbak meerdere kledingstukken lagen.Wij hebben de volgende goederen veiliggesteld en gewaarmerkt met betreffende SIN:- zwarte bivakmuts (SIN AARM3852NL)- lange zwarte stoffen handschoen (SIN AARM3861NL)Wij zagen na het veiligstellen van voornoemde goederen uit de kofferbak en rode tas in de rode tas:- een op een vuurwapen lijkend voorwerp. Wij zagen op de linkerzijde van het vuurwapen de tekst “mini uzi”" en op de rechterzijde de tekst “Cal 4.5mm (.177)”. Wij zagen in het vuurwapen een patroonmagazijn. Wij zagen dat in de greep van het vuurwapen een lucht/gaspatroon zat. Wij zagen dat de kamer van het vuurwapen leeg was doordat ik twee maal de slede naar achter trok. Wij hebben het vuurwapen en patroonmagazijn gezamenlijk gewaarmerkt met SIN AARM3774NL.- een zwarte hoofddoek lijkend op niqab (SIN AARM3853NL, foto 30)- een zwarte bivakmuts (SIN AARM3864NL, foto 38)- een paar zwarte stoffen handschoenen (SIN AARM3868NL, foto 41)- een zwarte stoffen handschoen (SIN AARM3867NL, foto 42)- een zwart hoofddoek lijkend op niqab (SIN AARM3863NL, foto 43)

Ik zag in de winkel voor de toonbank een trolley.

In de trolley zag ik een zwart en geel gekleurde rugtas met daarin vijf witte tiewraps en vier maal twee aan elkaar gelusde witte tiewraps lijkend op geprepareerde boeien.

In een deskundigenrapport van het NFI wordt het volgende gerapporteerd:

Voor onderstaande bemonsteringen is de bewijskracht berekend.

AARL2402NL#01, gehele buitenzijde geprepareerde tiewrap-boeien.

DNA-mengprofiel AARL2402NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 1] en een willekeurige onbekende persoon, dan wanneer het DNA afkomstig is van twee willekeurige onbekende personen.

AAST7308NL#01, vuurwapen AARM3774NL: vo.z en bi.z loop.

DNA-mengprofiel AAST7308NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [verdachte] en drie willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van vier willekeurige onbekende personen.

AAST7310NL#01, vuurwapen AARM3774NL: huls/bo.z bp/aanbrenger/lippen.

DNA-mengprofiel AAST7310NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [verdachte] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

AAST7385NL#01, balaclava AARM3852NL: bloedspoor binnenzijde voorzijde.

DNA-mengprofiel AAST7385NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 2] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7385NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 3] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7385NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 1] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

AAST7386NL#01, balaclava AARM3864NL: binnenzijde thv mond/neus.

DNA-profiel AAST7386NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 3] , dan wanneer het DNA afkomstig is van een willekeurige onbekende persoon.

AAST7387NL#01. lap AARM3863NL: beide uiteinden, knoop en strook.

DNA-mengprofiel AAST7387NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 1] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7387NL#01 is ongeveer 1 miljoen keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 2] en twee willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van drie willekeurige onbekende personen.

AAST7382NL#01, lap AARM3853NL: beide uiteinden knoop.

DNA-mengprofiel AAST7382NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte [medeverdachte 2] wel DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen, dan wanneer hij geen DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen.

DNA-mengprofiel AAST7382NL#01 is ongeveer 12 miljoen keer waarschijnlijker wanneer verdachte [medeverdachte 1] wel DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen, dan wanneer hij geen DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen.

DNA-mengprofiel AAST7382NL#01 is ongeveer 8 miljoen keer waarschijnlijker wanneer verdachte [verdachte] wel DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen, dan wanneer hij geen DNA aan de bemonstering heeft bijgedragen.

AAST7384NL#01, balaclava AARM3852NL: binnenz. voorzijde, schoonste delen.

DNA-mengprofiel AAST7384NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 1] en drie willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van vier willekeurige onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7384NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 2] en drie willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van vier willekeurige onbekende personen.

Ten aanzien van verdachte [medeverdachte 3]

DNA-mengprofiel AAST7384NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van verdachte [medeverdachte 3] en drie willekeurige onbekende personen, dan wanneer het DNA afkomstig is van vier willekeurige onbekende personen.

AAST7388NL#01, handschoen AARM3861NL: oorsp. binnenzijde;

Hypothese 1: de bemonstering bevat DNA van verdachte [medeverdachte 3] , verdachte [verdachte] en twee onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7388NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer hypothese 1 waar is, dan wanneer één van de andere hypothesen waar is.

Tevens volgt hieruit dat de bewijskracht van de overeenkomst met elk van de DNA-profielen van verdachte [medeverdachte 3] en verdachte [verdachte] afzonderlijk ook meer dan 1 miljard is.

AAST7389NL#01, handschoen AARM3868NL: oorsp. bin.z. hpz hs1.

DNA-mengprofiel AAST7389NL#01 is ongeveer 2 miljoen keer waarschijnlijker wanneer verdachte [medeverdachte 3] één van de personen is van wie een relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering aanwezig is, dan wanneer verdachte [medeverdachte 3] niet één van deze personen is en de relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering dus afkomstig is

van willekeurige onbekende personen.

AAST7390NL#01, handschoen AARM3868NL: oorsp. bin.z. hpz hs2.

DNA-mengprofiel AAST7390NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte [medeverdachte 2] één van de personen is van wie een relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering aanwezig is, dan wanneer verdachte [medeverdachte 2] niet één van deze personen is en de relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering dus afkomstig is van willekeurige

onbekende personen.

DNA-mengprofiel AAST7390NL#01 is ongeveer 1 miljoen keer waarschijnlijker wanneer verdachte [verdachte] één van de personen is van wie een relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering aanwezig is, dan wanneer verdachte [verdachte] niet één van deze personen is en de relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering dus afkomstig is van willekeurige onbekende personen.

AAST7391NL#01, handschoen AARM3867NL: oorspronkelijke binnenzijde.

DNA-mengprofiel AAST7391NL#01 is meer dan 1 miljard keer waarschijnlijker wanneer verdachte [verdachte] één van de personen is van wie een relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering aanwezig is, dan wanneer verdachte [verdachte] niet één van deze personen is en de relatief grote hoeveelheid DNA in de bemonstering dus afkomstig is van

willekeurige onbekende personen.

De imitiatie-Uzi

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Omschrijving voorwerp.SIN: AARM3774NLHet hierboven vermeld voorwerp betreft een voorwerp in de vorm van een pistool, merk IWI, model MINI UZI, kaliber 4.5mm (.177), voorzien van het wapennummer [wapennummer] .Dit voorwerp is bestemd om projectielen door een loop af te schieten. De werking van dit voorwerp berust op een natuurkundig proces, in dit geval gasdruk.

Het vorenomschreven gasdrukpistool is een voorwerp dat voor wat betreft vorm en afmeting een sprekende gelijkenis vertoont met een echt bestaand vuurwapen, namelijk een pistool, merk IMI (IWI), model Mini Uzi en is derhalve voor bedreiging of afdreiging geschikt.Derhalve is dit voorwerp een wapen in de zin van artikel 2, lid 1, categorie I, onder 7 van de Wet wapens en munitie gelet op artikel 3 onder a van de Regeling wapens en munitie.

Afgeluisterde telefoongesprekken

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Over de periode tussen 3 juli 2025 00:00 uur en 20 juli 2025 23:59 uur zijn de door verdachten in de PI gevoerde telefonische gesprekken opgenomen en beluisterd.In een telefoongesprek wordt [medeverdachte 3] “ [naam 7] ” genoemd.

In meerdere gesprekken wordt [medeverdachte 1] “ [naam 8] ” (fonetisch) genoemd. Tevens geeft [medeverdachte 1] zelf aan dat zijn gebruikersnaam van snapchat “ [gebruikersnaam] ” is.

[medeverdachte 1] heeft meermaals contact met “ [naam 9] ” het broertje van [medeverdachte 3] .In verschillende gesprekken wordt “ [naam 7] ” (fonetisch) genoemd, zo ook in een gesprek met [.] . Hieruit is op te maken dat [medeverdachte 3] “ [naam 7] ” is. [.] zegt namelijk in een gesprek over de doorzoeking bij hem thuis dat ze alleen vier “leppies” en een iphone 8 van “ [naam 7] ” en de notities van “ [naam 7] ”’ hebben gevonden.

Op 8 juli 2025 heeft [medeverdachte 1] een gesprek met [telefoonnummer 2] .

[..] ( [medeverdachte 1] ): Luister log eens in mijn snapchat.

[telefoonnummer 2] : Wacht ff wat is jouw dinges.

Vervolgens worden er meerdere wachtwoorden en accountnamen ( [.] en [.] ) geprobeerd.

Op 8 juli 2025 heeft [verdachte] een telefoongesprek met [telefoonnummer 1] .

[verdachte] spreekt in dit gesprek over de zaak. Hij zegt hierover dat zij richting Antje zouden gaan. Hij de snelweg opreed en die kleren, boerka’s en die [.] in een huurauto ging stoppen in Breukelen. En dat zij onderweg drie keer van waggie zijn veranderd. Ook benoemd [verdachte] in dat gesprek dat hij samen met “ [naam 8] ” in de auto zat. Vervolgens zegt hij dat hij en [naam 8] er van alles uit hebben kunnen zieken. Mogelijk wordt met “er van alles uitzieken” bedoeld dat zij goederen uit de auto hebben gegooid.

De persoon waarmee hij belt vraagt op een gegeven moment of ze met zijn allen in de Clio zaten. Waarop [verdachte] verteld dat ze met zijn tweeën in de Clio zaten. En dat de anderen, [naam 7] en [medeverdachte 2] , al “geveegd” waren.

[verdachte] verteld ook dat het al twee, drie maanden op de planning stond maar dat zij een perfect moment zochten.

[....] ( [verdachte] ) Ik zeg tegen [naam 8] (…) ik zeg (ntv) alles uit deze auto. We zieken alles eruit. Ewah, hij had, van die gestolen auto heeft hij de sleutel geziekt, we hebben van alles eruit kunnen zieken, je weet toch, toen ik stopte bij tankie.

[....] ( [verdachte] ) Hun waren al geveegd (…) ik had hun drie donnie gestuurd voor tank, ik had geld gestuurd voor tank. Ewah, toen hij ging tanken, hij zegt tegen mij, weten jullie nog waar die plek is in Antje waar we heen gaan. Ik zeg hem nee, stuur [.] .

[....] ( [verdachte] ) Kijk in die winkel, lag een millie aan goud, een millie snap je. (…) Maar je snapt wat ik bedoel, ik kon daar drie [.] (fon) voor mijzelf pakken, twee [.] snap je.

[....] ( [verdachte] ) ik zeg jou eerlijk he niffo, wat er binnen lag , ik ga jou neuken als ik lieg, er lag een millie, millie, je weet [.] ja [.] stel je voor het ging hou wij wouden dat het ging, dan was ik nu in de buurt met die twee/drie (ntv)

[....] zegt dat hij met [naam 8] geveegd is en met [naam 7] en met [medeverdachte 2]

[....] zegt dat als hij voor 2027 buiten komt blij is en weet je waarom

[....] ik kon daar voor mijn eigen za twee T verdienen, dus

[.....] wacht even […]

[....] twee [.] man, dat kon ik vangen dus als ik voor 2027 buiten ben boeit mij niet echt, je weet toch. Als het begin 2026 is ben ik blij.

Verdachte [verdachte] heeft ter zitting verklaard:

Met “Antje” bedoelde ik inderdaad Antwerpen.

Telecomgegevens

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

De iPhone met SIN AAQT7510NL werd op dinsdag 24 juni 2025 in beslaggenomen tijdens de aanhouding van verdachte [verdachte] . De telefoon had de verdachte ten tijde van de aanhouding in zijn bezit.

Tijdens het onderzoek in de telefoon SIN AAQT751 ONL trof ik een screenshot aan van GoogIe Maps. Te zien is dat op 24-06-2025 te 11.02 uur een screenshot is gemaakt door de gebruiker van de telefoon met SIN AAQT7510NL van een route op Google Maps.

Op dit screenshot is te zien dat de bestemmingslocatie het Rachmaninoffplantsoen zal zijn en dat de route 11 min duurt overeen afstand van 4 km. Op de screenshot is te zien dat de bestuurder nu rijdt op de Reestraat in de richting van de Gazellestraat. De afstand tussen het [adres 5] en de locatie van de telefoon met SIN AAQT7510NL is 27 meter. Op het [adres 5] te [plaats 2] is de eveneens aangehouden [medeverdachte 1] woonachtig.

Verdachte [verdachte] heeft bij de politie verklaard:

V: Op je telefoon werd een screenshot aangetroffen van Google Maps. Hierop is een deel van de route vanaf de omgeving [straat 10] naar het Rachmanihoffplantsoen te zien. Je medeverdachte [medeverdachte 1] woont aan het [straat 10] en aan het Rachmanihoffplantsoen hebben de daders van de overval zich omgekleed en van auto gewisseld. Waarom heb je deze route ingevoerd?

A: Omdat ik naar het Rachmanihoffplantsoen moest. Ik zou wegrijden met het wapen.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Op 24-06-2025 omstreeks 11.20 uur, stuurt een contact genaamd [naam 2] een bericht naar de gebruiker van de telefoon met SIN AAQT7510NL naar het snapchat account [snapchataccount 1] . In dat bericht vraagt zij met wie hij is. Hierop geeft de gebruiker van de telefoon met SIN AAQT7510NL aan dat hij samen is met [naam 8] en [naam 7] .

In de call log van de telefoon met SIN AAQT7510NL is te zien dat op 23 en 24 juni 2025 veelvuldig contact is via snapchat met het contact [naam 10] . In totaal is er vanaf 23-06-2025 te 07.40 uur (UTC+0) 17 maal gebeld middels snapchat.

Uit de call log valt op te maken dat er in de uren voor de overval met elkaar gebeld is en vrij kort na de overval dit ook het geval is.

Naast het feit dat er gebeld is hebben [naam 10] en de gebruiker van de telefoon met SIN AAQT7510NL nog berichten verstuurd, 1 x voor de overval en 14 x na het tijdstip van de overval, waarbij voor het tijdstip overal 2 uur moeten worden opgeteld in verband met de tijdsaanduiding van het onderzochte device.

Aan de onderstaande chat is het nummer [chat nummer] gekoppeld.

Navraag in de politiesystemen leverde op dat het chat nummer [chat nummer] in een eveneens in beslag genomen telefoon in onder [.] naar voren kwam als contact onder de naam [naam 10] . De telefoon waarin dit chatnummer is gekoppeld betrof de telefoon met SIN AAQT7509, welke in beslag is genomen onder [medeverdachte 2] , geboren op [2006] te Spanje.

Systeem. [naam 10] :

24-6-2025 09:03:12: 2 x emoticon duim omhoog

24-6-2025 11:02:19: [.]

24-6-2025 11:02:22: Toevallig

24-6-2025 11:02:24: Of volgen ze

[snapchataccount 1] :

24-6-2025 11:04:14: Volg

24-6-2025 11:04:14: Half

24-6-2025 11:04:15: Of toevallig

24-6-2025 11:04:16: Man

24-6-2025 11:04:19: Een van de twee man

Systeem. [naam 10] :

24-6-2025 11:05:10: Rijden ze nog steeds

24-6-2025 11:05:11: Achter

24-6-2025 11:05:13: Doe live aan

24-6-2025 11:05:24: [.]

[snapchataccount 1] :

24-6-2025 11:06:06: Heb aangezet

System message:

24-6-2025 11:06:11: [.] changed chats to delete immediately

[snapchataccount 1] :

24-6-2025 11:12:31: We staan stil

Uit de berichten valt op te maken dat de gebruiker van de telefoon met SIN AAQT7510NL ( [snapchataccount 1] ) aangeeft dat hij gevolgd wordt door de politie. Dit bleek inderdaad het geval te zijn.

Verdachte [verdachte] heeft ter zitting verklaard:

[snapchataccount 1] was inderdaad mijn chatnaam.

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

In de telefoon met SIN AAQT7510NL trof ik een 2-tal foto’s aan van een man die een vuurwapen in zijn handen houdt en in de camera kijkt. De man op de foto’s herken ik als de mij ambtshalve bekende [verdachte] , geboren [2006] .

Datum foto 1: 16 juni 2025. Datum foto 2: 14 juni 2025.

Bij de gepleegde overval werd door één van de overvallers een gelijkend vuurwapen, zijnde een UZI gericht op de slachtoffers.

De iPhone met SIN AAQT7509NL werd op dinsdag 24 juni 2025 in beslaggenomen tijdens de aanhouding van verdachte [medeverdachte 2] . De telefoon had de verdachte ten tijde van de aanhouding in zijn bezit.

In de call log van de telefoon met SIN AAQT7509NL is te zien dat op 23 en 24 juni 2025 veelvuldig contact is via snapchat met het contact [snapchataccount 1] .

Waaronder:

23-6-2025

[snapchataccount 1] :

17:54:41: Yoo bro

17:54:46: Morge gawwi hele dag van mij

Systeem. [naam 10] :

20:12:48: emoticons vinkjes en duim omhoog

[snapchataccount 1] :

20:17:18: Check

24-6-2025

Systeem. [naam 10] :

12:54:58: Please could you pay me € 30,- for “ [.]

[snapchataccount 1] :

12:59:38: Er wordt een filmpje gedeeld waarop er vanaf de telefoon van [snapchataccount 1] in een zijspiegel gefilmd wordt en dat in de spiegel een rijdende politie auto is te zien. Hiervan is een screenshot gemaakt:

13:00:31: [.] gelukt.

In de ochtend van 24 juni 2025 registreerde de telefoon locaties bij:- het [straat 10] te Utrecht (11:05-11:10 uur).

Met "." ( [.] ) was meermaals snapchat-contact.In de ochtend stuurde ".": “ [.] [naam 7] zo op” en “Ee vergeet die doekoe niet”, “Moet gawwi zo verlengen”. Om 09:27 uur stuurde de gebruiker van deze telefoon ( [medeverdachte 2] ) vervolgens: “On my way!”.Om 13:03 uur stuurde de gebruiker van de telefoon ( [medeverdachte 2] ) “Faka de [.] ”, “Volgen ze”, “Of toevallig”. Dit deed mij vermoeden dat de gebruiker van deze telefoon communiceerde over de andere auto met "." en dat "." daarmee mogelijk betrokken was.

Op het toestel werd een foto aangetroffen van een persoon gekleed in een T-shirt met daaroverheen een BH.

De persoon op de foto is naar alle waarschijnlijkheid [medeverdachte 2] die de kleding past die hij de volgende dag bij de overval gebruikt. Zijn postuur en lengte vertonen grote overeenkomsten en ook de volledige zwarte kleding komt overeen met de kleding die hij draagt op de beelden van de overval.

Een volgende foto sterkt dit vermoeden. Daarop is een volledig gesluierd persoon te zien die in de laadruimte zit van een witte bestelbus. Deze bus vertoont grote overeenkomsten met de Peugeot Expert van [medeverdachte 2] . De vloerbedekking, de aftimmering, de Action boodschappentas, en het dekbed werden bij een latere doorzoeking van de Expert ook aangetroffen.

Uit de bij de foto aangetroffen data kan worden opgemaakt dat de foto's de dag voor de overval op het toestel zijn vastgelegd.

Een andere in het toestel aangetroffen foto laat een slapende man in een auto zien. Het onderzoeksteam vermoedt dat deze man medeverdachte [medeverdachte 1] betreft.

De straatstenen in het wegdek vertonen een grote gelijkenis op beide foto’s en in de reflectie in de deur van de auto lijkt of er een witte bus te zien is.

Uit onderzoek blijkt dat de foto’s genomen zijn aan de Rendierstraat, niet ver van het [adres 5] te [plaats 2] , het woonadres van [medeverdachte 1] . Zo komen de omcirkelde kenmerken en het wegdek op onderstaande foto van de Rendierstraat overeen met kenmerken op de foto's van de persoon in nikaab achterin de bus.

Tevens maakt [verdachte] op dezelfde dag en rond dezelfde tijd een “selfie” waarop in de achtergrond de Zuidvleugel van het pand aan de Rendierstraat is te zien.

Uit de overeenkomsten in de foto’s, en het aantreffen ervan in de telefoon van [verdachte] , maakt het onderzoeksteam op dat alle drie de verdachten; [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [verdachte] , aanwezig waren aan de Rendierstraat te Utrecht en dat alle drie weet hadden van de voorbereiding die [medeverdachte 2] trof voor de overval.

Overige connecties met medeverdachten

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Op dinsdag 24 juni 2025 bevond ik mij in de woning aan het [adres 5] te [plaats 2] . Aldaar vond een doorzoeking ter inbeslagneming plaats. Verdachte [medeverdachte 1] verblijft in deze woning.Tijdens de doorzoeking werd op de slaapkamer van verdachte [medeverdachte 1] een scootersleutel aangetroffen. Deze sleutel bleek niet van de scooter te zijn die voor de deur stond.

Aan de moeder van verdachte werd gevraagd van wie die scootersleutel was. Zij vertelde dat zij dacht dat deze van een vriend van haar zoon was, deze vriend was afgelopen nacht blijven slapen. Dit betrof dat de nacht van 23 op 24 juni 2025. Desgevraagd vertelde zij ook dat deze vriend [medeverdachte 3] heette en dat hij een donkere huidskleur en kort haar had.

Uit de politiesystemen blijkt dat de verdachten vaker in afwisselende samenstelling zijn gecontroleerd.[medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] zijn alle drie gekoppeld aan de volgende BVH registraties:28-05-2025: Mobiele controle in voertuig van [medeverdachte 1] omdat hij een signalering open had staan ivm contactverbod. [medeverdachte 1] was bestuurder, [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] bijrijder.02-06-2025 Diefstal kentekenplaten - Op [straat 5] in Utrecht hebben [medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] kentekenplaten gestolen van een Kia en reden weg met de auto van [medeverdachte 1] . Na achtervolging stopt de auto, [medeverdachte 1] ging er vandoor en [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] worden meteen aangehouden. [medeverdachte 1] is later bij zijn woning aangehouden.Hieruit blijkt dat [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] voor de overval al in contact waren met elkaar.

Notities

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Op 24 juni 2025 is er een doorzoeking geweest bij het huis van [medeverdachte 3] op de [adres 7] te [plaats 5] . Bij deze doorzoeking zijn de volgende notities in beslag genomen:

Notitieboekje met het logo “ [.] ”.

Ik zie dat op het notitieblokje de volgende tekst met blauwe pen is geschreven:

Day 1 - spotten hoe druk het word.

Day 2 - Alles wat nodig is klaar zetten.

Day 3 - Have a tactical play.

Day 4 - Check all the possible routes.

Day 5 - Create a distraction minutes after

Day 6 - Everything on it’s place

Day 7 - Rest and prepare

Day 8 or 9 Jump into the beginning of an end.

Klein blauw notitieboekje.

Te zien is dat er een soort vinklijst in het notitieboekje geschreven is. Daarop zijn de volgende woorden te lezen:

- trekker

- ijzer

- BRK-2

- kentie

- tank

- kelder

- baggas (niet goed leesbaar)

- rips

- tape

- ammo

- Z-WV+1

- buyer

- toure

- foundy

- hanchoe

- BH

- haraso.

Ik zie in het notitieboekje een soort lijstje. Te zien zijn de volgende woorden:

Spot 1- (niet te lezen)

Spot 2 - (niet te lezen)

Spot 3 - ambu

Stap 4 - controle

Stap 5 - voorijding

Stap 6 - doen

7 - schoonmaken

Daaronder lees ik het volgende:

What to evoluate

- tempo op (niet te lezen)

- oek kenti

- hanchou

- foundation.

Ik zie dat in het boekje een soort vinklijstje is geschreven waarbij de volgende woorden genoemd worden:

- BRK

- trekker

- machines

- ataps

- sheisty

- underpack

- rips

- duck

- ammo

- hammer

- bagga.

In de loop van het onderzoek werd duidelijk dat de daders van de overval een BH droegen om hun vermomming compleet te maken. Tevens hadden zij een trolley bij zich met daarin onder andere tape en tie wraps.De term “foundation” is mogelijk te herleiden naar een flesje foundation dat is aangetroffen in de Peugeot Expert van [medeverdachte 2] . Aangeefster [slachtoffer 1] verklaart over de man met het vuurwapen: “Ik zag dat alle huid rond zijn ogen wit gemaakt was met make-up. Ik zag dat hij donkere ogen had, misschien bruin of zwart”.

Verklaringen verdachten

Verdachte [medeverdachte 1] heeft bij de politie verklaard:

V: Hoe ben jij naar het Rachmaninoffplantsoen gegaan?A: In mijn eigen auto, de Peugeot 208 die ik had gehuurd.V: Wat heb je daar gedaan?A: Toen ben ik ingestapt in die andere auto.V; Welke auto bedoel je dan?A: Die andere Peugeot 208.V: Wij denken dat jij in een gestolen Peugeot 208 met valse, Oekraïense, kentekenplaten, de overvallers van het Rachmaninoffplantsoen naar de [straat 7] hebt gereden waar zij zijn uitgestapt, dat jij daar hebt staan wachten en dat jij ze na de overval vanaf de [straat 7] weer naar het Rachmaninoffplantsoen hebt gereden. Wat heb je daar op te zeggen?A: Dat klopt.V: Wat heb je met deze vluchtauto gedaan nadat je weer terug bent gereden naar het Rachmaninoffplantsoen?A: Die heb ik ergens achter gelaten in de buurt van de Rachmaninoffplantsoen. Daarna ben ik in mijn eigen auto gestapt.V: Hoe ben je van het Rachmaninoffplantsoen weggegaan?A: In mijn eigen auto gestapt.V; Bedoel je dan de jou gehuurde 208?A: Ja.V: En toen, wat gebeurde er daarna?A: Ik ben naar carpoolplaats Breukelen gereden, ik heb een tas in mijn kofferbak gestopt. Ik ben ingestapt in de Clio.

Medeverdachte [medeverdachte 2] heeft bij de politie verklaard:

Ik heb mij aangekleed in een boerka en toen ben ik naar de juwelier gelopen. Toen er werd opengedaan ben ik over de toonbank gesprongen met als doel zoveel mogelijk sieraden te pakken en zo snel mogelijk weg te gaan.

Toen ik over de toonbank sprong schrok die meneer zo dat hij mij meteen een klap op mijn oog gaf. Die meneer lag op de grond en ik zag mijn kans om sieraden te pakken.Ik heb geroepen dat de deur open moest. Ik ben de juwelier uit gelopen linksaf de straat in naar de auto. We zijn gaan rijden naar een plek, daar ben ik uitgestapt. Toen ben ik in mijn eigen auto gestapt. Dat was het werkbusje. Ik heb mijn navigatie op Antwerpen gezet omdat ik dacht dat daar veel juweliers waren waar ik gestolen goud kon verkopen.

V: De overval is gepleegd met meer mensen. Wie hadden nog meer dat idee.A: Je gaat wel eens met elkaar fantaseren over wat er kan gebeuren. Het groeit, als een plantje, uiteindelijk ga je met zijn allen een plan maken.

Mijn deel was daadwerkelijk de overval plegen. Voor mijn aandeel heb ik gezocht naar wat ik nodig had.Iedereen had dus een aandeel in het plan.

Verdachte [verdachte] heeft bij de politie verklaard:

O: Deze foto van een persoon in een nikaab, achterin een witte bus, werd aangetroffen in je telefoon. Heb jij die foto gemaakt?

A: Ja.

V: Deze foto is gemaakt met jouw telefoon een dag voor de overval.

Op een andere foto is zeer vermoedelijk dezelfde persoon te zien, nu met een BH aan. Heb jij deze foto gemaakt?

A: Ja.

V: Wij treffen ook een foto aan van een slapende [medeverdachte 1] in een auto. Deze foto is gemaakt op dezelfde locatie. Waarom was [medeverdachte 1] daar en waarom maak je daar een foto van?

A: Weet ik niet, gewoon met ons. Vond het grappig uitzien.

V: Op je telefoon is te zien dat jij en medeverdachte [medeverdachte 2] op de ochtend van de overval met elkaar hebben gebeld. Waarom?

A: Klopt, kijken waar wij elkaar zouden zien.

Ik ging naar de [straat 1] . Ik ben een keer langs de juwelier gelopen. Toen ben ik haar weg gegaan.

V: Wat bedoel je daar mee?

A: Terug naar het Smaragdplein.

Vanaf het Smaragdplein ben ik naar het Rachmanihoffplantsoen gereden.

V: Wat heb je gedaan nadat je bij het Rachmanihoffplantsoen bent weggereden?

A: Ik reed richting snelweg gewoon. Breukelen. Daar heb ik het wapen weggelegd.

V: Waar was dat precies?

A: In een auto.

V: Op camerabeelden zien wij jouw auto aan komen rijden samen met een andere auto.

Wij zien dat jij een voorwerp uit jouw auto haalt en achterin die andere auto legt. Wat is dat voorwerp?

A: Dat was een tas eigenlijk.

V: En in die tas zat dus het wapen?

A: Ja.

V: Heb je dat wapen wel eens eerder gezien?

A: Ja

V: Hoe kom je aan dat wapen dan?

A: Een keer gekregen.

V: Wanneer heb je dat gekregen dan?

A: Misschien een paar maanden geleden.

V: Die andere auto is een Peugeot 208 die door [medeverdachte 1] is gehuurd. Waarom leg jij die spullen daar achterin?

A: Zodat ik er niet mee hoef te rijden.

V: Wist [medeverdachte 1] dat jij dat achterin zijn auto gooide?

A: Ja.

V: In je telefoon werden meerdere foto’s aangetroffen van jou met een op een Uzi gelijkend voorwerp in je handen. Hoe kom je aan de Uzi?A: Gekregen.V: De Uzi die door de overvallers is gebruikt vertoont grote uiterlijke overeenkomsten met de Uzi waar jij mee op de foto staat. Dat is dus dezelfde?A: Ja.

Verdachte [verdachte] heeft ter zitting verklaard:

Ik heb de kleren en het wapen in de auto gelegd, en wist dat deze gebruikt waren bij de overval.

2. De bewijsmiddelen ten aanzien van zaak B

Aanhouding medeverdachten

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Op woensdag 5 februari 2025 reed verbalisant [verbalisant] in zijn opvallende dienstvoertuig over de West-Kanaaldijk te Nieuwersluis. Verbalisant [verbalisant] zag hier een motorscooter rijden met daarop twee personen. Verbalisant [verbalisant] besloot de bestuurder van de motorscooter een stopteken te geven op basis van de Wegenverkeerswet.

Kort hierna zag verbalisant [verbalisant] dat de bestuurder van de motorscooter de snelheid van de motorscooter verhoogde en actief probeerde te ontkomen aan een staandehouding. Kort hierna ontstond een achtervolging waarbij verbalisant [verbalisant] , met zijn dienstvoertuig, de motorscooter met daarop de twee personen volgde.

Later bleek de bestuurder van de motorscooter de volgende persoon te zijn: [medeverdachte 5] , geboren [2008] .

Later bleek de bijrijder op de motorscooter te zijn: [medeverdachte 4] , geboren [2007] .

Verbalisant [verbalisant] zag dat de bijrijder een rugzak droeg en hieruit een aantal grijze voorwerpen pakte en richting het dienstvoertuig gooide. Verbalisant [verbalisant] zag dat de bijrijder dit een aantal keer herhaalde en realiseerde zich vervolgens dat het om kraaienpoten ging.

Verbalisant [verbalisant] wist hierna de achtervolging te vervolgen. Uiteindelijk kwamen de twee personen met de motorscooter ten val in een grasveldje. Hier konden beide personen worden aangehouden.

Kort na de aanhouding werd verdachte [medeverdachte 4] gefouilleerd. Bij [medeverdachte 4] werd een vuurwapen aangetroffen. In dit vuurwapen bleek één patroon in de kamer te zitten. Tevens bleek de hamer van dit vuurwapen gespannen te zijn. In het wapen zat een patroonmagazijn met daarin twee patronen.

Naar aanleiding van het aantreffen van het vuurwapen werd op basis van de Wet Wapens en Munitie een doorzoeking gehouden op de woonadressen van allebei de verdachten.

Op het woonadres van verdachte [medeverdachte 5] werden in de schuur achter de woning een zwart doosje aangetroffen. Op dit zwarte doosje staat: “Mini 9 Black”. Deze benaming bleek overeen te komen met het aangetroffen vuurwapen die gedragen werd door verdachte [medeverdachte 4] .

De motorscooter bleek voorzien van het kenteken [kenteken 5] . De motorscooter bleek van diefstal afkomstig. Er is hiervan aangifte gedaan.

Verdachte [medeverdachte 4] bleek een mes te dragen die gezien de omstandigheden waaronder deze werd aangetroffen als strafbaar kan worden gezien. Dit mes bleek in een zwarte Nike sporttas te zitten die door [medeverdachte 4] werd gedragen.

In de zwarte Nike sporttas trof verbalisant, naast het bovengenoemde mes, een rol ducttape, een schroevendraaier, een breekijzer en een paar handschoenen aan.

Onder de buddyseat werd een plastic boodschappentas aangetroffen met daarin een jerrycan gevuld met benzine.

Er is geconstateerd dat verdachte [medeverdachte 5] een jas van pakketbezorgingsbedrijf DHL aan had. Ook hadden de verdachten een lege kartonnen doos met een etiket van DHL erop geplakt bij zich.

Het vermoeden bestaat dat [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] een woningoverval aan het voorbereiden waren. Dit vermoeden wordt gebaseerd op de volgende feiten en omstandigheden:

- dat [medeverdachte 5] (bestuurder) een DHL jasje droeg;

- dat ze een doos met zich mee namen, dit in combinatie met het DHL jasje lijkt het of ze zich voor wilden doen als bezorgers;

- dat ze kraaienpoten bij zich hadden met als doel eventuele achtervolgende politie-eenheden af te schudden;

- dat [medeverdachte 4] een doorgeladen vuurwapen bij zich had;

- dat [medeverdachte 4] een rugzak bij zich had met daarin een 5 liter jerrycan met benzine

- dat [medeverdachte 4] een zwarte Nike sporttas bij zich had met daarin een mes, een schroevendraaier, een rol ducttape, een breekijzer en een paar handschoenen;

- dat [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] zich verplaatsten op een motorscooter die van diefstal afkomstig was;

- dat er in de buddyseat van de motorscooter ook nog een 5 liter jerrycan is aangetroffen met daarin benzine.

Onderzoek aan telefoon medeverdachte [medeverdachte 5]

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Op woensdag 5 februari 2025 werd onder [medeverdachte 5] de volgende mobiele telefoon in beslag genomen: Apple iPhone 13.

Ik zag dat de telefoon gekoppeld was aan het Apple ID: [apple ID] .

Ik zag dat er een Snapchat conversatie op de telefoon stond tussen de volgende gebruikers:

[gebruiker 1] , chatnaam: [chatnaam 1] .

[gebruiker 2] .

[gebruiker 3] , chatnaam: [chatnaam 2] (gebruiker telefoon).

Ik zag dat het account [gebruiker 3] het op de telefoon aangemelde account was. Ik zag dat aan dit account het emailadres [apple ID] gekoppeld was. Het is aannemelijk dat het account [gebruiker 3] in gebruik was bij verdachte [medeverdachte 5] .

Verdachte [medeverdachte 4] heeft bij de politie verklaard:

O: In de onderzochte telefoon van [medeverdachte 5] is een snapchat aangetroffen met onder andere een chat tussen [gebruiker 1] , [gebruiker 2] en [gebruiker 3] [chatnaam 2]

V: Wie ben jij van deze drie gebruikers?

A: [gebruiker 2] .

Verdachte [verdachte] heeft bij de rechter-commissaris verklaard:

V: [gebruiker 1] / [chatnaam 1] is dat jouw account op Snapchat?

A: Ja.

De politie Midden-Nederland gerelateerd:

Ik zag dat de chat startte op 24 januari 2025 te 16:51 uur en eindigde op 5 februari 2025 te 00:22 uur. Hieronder staat de chat afgebeeld.

4-2-2025

Chatgesprek vanaf 15:40 uur

[gebruiker 2] : Ja man sws

[gebruiker 1] : Drm s moeilijk man. Wollah.

[gebruiker 2] : Maar denk rond 7/8 gaat hij deur uit. Vrijdag is meestal dag dat mensen osso werken man.

[gebruiker 1] : Wie werkt er osso neef. K zou morgen gewoon gaan.

[gebruiker 2] : Jaa sws. Morgen.

[gebruiker 1] : Hoe dan ook je kan binnen komen.

[gebruiker 2] : Jaa anders moet je gwn tikken laatste optie.

[gebruiker 3] : Jaaman.

[gebruiker 2] : Ewa komt goed.

Ik zag dat gebruiker [chatnaam 2] op 4 februari 2025 te 19:15 uur een video deelde van de schermopname van zijn telefoon. Ik zag dat hij een video deelde van Google Streetview die startte op de [straat 4] nummer [nummeraanduiding 5] . Ik zag dat vervolgens het beeld naar rechts verplaatste en dat er door middel van Streetview voor de straat werd bewogen richting een pleintje. Ik zag dat er vervolgens weer vanaf het pleintje terug bewogen werd in de richting van waar de video begon en vervolgens inzoomde op het volgende huis. Ik zag dat dit de woning was die op perceel [nummeraanduiding 7] aan de [straat 4] te [plaats 3] stond.

Chatgesprek vanaf 19.15 uur.

[gebruiker 3] : Welke hoek. Wil je gem neerzetten. Dan [medeverdachte 4] .

[gebruiker 1] : Die fietspad perfect. Is dode buurt. Zie nu al. Man. Nu al. Zie k dat.

[gebruiker 3] : Ja isgoed bro.

[gebruiker 1] : Bro die buurt. Wonen of ouderen. Die lekker thuis zitten. Of rijke mensen. Die. Of uitslapen. Of op werk zijn.

[gebruiker 3] : Ja k weet ik weet nog dat er mensen liepen.

[gebruiker 1] : ja.

[gebruiker 2] : Andere kant aan t negin. Begin.

[gebruiker 3] : Bro dats kanker ver. We moeten meteen loesoe kunnen pik. Niet dom daar zitten rennen.

Chatgesprek vanaf 22.22 uur:

[gebruiker 1] : Hoelaat. Morgen. Beweging? Is benzine er? Doos?

[gebruiker 3] : Ja.

[gebruiker 1] : Doos. Muts.

[gebruiker 3] : [medeverdachte 4] zwgt hij heeft. Muts. Heb ik.

[gebruiker 1] : Oke niet last minute cancel shit. Hoelaat gaan jullie.

[gebruiker 3] : Ja had k gevraagd aan [medeverdachte 4] .

[gebruiker 1] : Wis alles van je tellie wat heet is aub.

[gebruiker 3] : Maar hij reageerde er niet. Op. Heb niks heet. Alleen deze. Groep.

[gebruiker 1] : Jatoch. Ja die gaat weg. Zou gwn lekker vroeg bewegen. Ben eerlijk met je.

[gebruiker 3] : Ja maar wel normale tijd niet daar al om half 7 zijn want dan bezorgen ze toch nooit?

[gebruiker 1] : Neetoch. 8/9 is goed. 10 aankloppe.

Ik zag dat gebruiker [chatnaam 1] op 4 februari 2025 te 22:28 uur een screenshot deelde.

Ik zag dat er een navigatie suggestie op de screenshot te zien was vanaf de Anton Mauvestraat naar de [adres 2] . Onderzoek in de applicatie Google Maps leerde mij dat het de Anton Mauvestraat te [plaats 1] betrof en de [adres 2] te [plaats 3] betrof.

Opmerking verbalisant: verdachte [medeverdachte 5] staat ingeschreven aan de [adres 6] te [plaats 1] .

Chatgesprek vanaf 22.28 uur:

[gebruiker 1] : Pak die bovenste route.

[gebruiker 3] : Jaaman via kamerik. K zat die al te kijken.

Chatgesprek vanaf 23.15 uur:

[gebruiker 2] : [.] Isgoed. Dit s die doos wacht.

Stuurt afbeelding van kartonnen doos, met de tekst: “Moet alleen nog dicht tapen”.

[gebruiker 1] : Doe goed. Niet onzin tape. Goed. Nadenken.

[gebruiker 2] : Jaaman.

[gebruiker 1] : En k zie al. Je hebt die doos aangeraakt met handen dus die moet mee naar huis sws. [medeverdachte 5] app me als je terug rijd. Alleen zeggen. Waar je bent. Niet gelukt of. Wat dan ook. [.] .

[gebruiker 2] : Precies zo.

Stuurt afbeelding van dichtgetapete kartonnen doos.

[gebruiker 1] : Doe 1 tape op links 1 tape midden 1 tape rechts snapje.

[gebruiker 2] : Ja.

[gebruiker 1] : Zomsnapje.

(…)

[gebruiker 1] : Hoeveel jerrys hebben jullie.

[gebruiker 3] : 1 [medeverdachte 4] moet nu nog een halen en tanken. K heb die andere al volgetanked.

[gebruiker 1] : Okedann. Hoekaat. Vewegen jullie.

[gebruiker 3] : 8/9. uur. (…) K heb volle jerry. Pik. Plus wat in die andere zat nog. Heb ik in die oobie gegooid. Dus die zit sws voor nu wel ff goed.

[gebruiker 2] : Jatoch.

[gebruiker 1] : Ja pas morhen starten. Niet gelijk rijden. Laat m 5 minuten lopen. Dan rijden. Navi tellie erbij. [.] dat je met. Volle. Tellie gaat.

[gebruiker 2] : Ik ook of niet. Beter 1 tellie.

[gebruiker 1] : 1.

Vanaf 1.19 uur:

[gebruiker 2] : [.] @ [gebruiker 1] . Morgen wij gaan 8.30 bewegen. Ik neem die doos mee. Morgen ook.

[gebruiker 3] : Ai.

[gebruiker 2] : Heb je per. Pet.

[gebruiker 3] : Muts.

[gebruiker 2] : Ooh jatoch.

[gebruiker 3] : Ja.

[gebruiker 2] : Ik moet ook ff wat voor me gezicht maar k fix wel. (…) [.] [medeverdachte 5] . We moeten wel eerder man. Denk half 8 bij jou kwart voor rijden. Kwart voor 8.

[gebruiker 3] : Half 9 rijden zijn we daar 10 uur ewa dat is goeie tijd om te bezorgen.

Ik zag dat er op 25 januari 2025 te 13:34 uur een screenshot gemaakt was van een pagina van [.] waar de planning van een reis te zien is per OV van [plaats 1] naar de [adres 2] te [plaats 3] .

Foto’s van de scooter waarop beide verdachten werden aangehouden bleek meerdere malen aanwezig op de onderzochte telefoon.

Searched items

Ik zag dat de onderstaande items waren opgezocht in de maand februari 2025:

Date: 5-2-2025

Time: 7.33 (UTC + 0) Nederlandse tijd 8.33 uur

Source: Google Maps

Value: [adres 2] .

Ik bekeek de een-op-een chat tussen [.......] en de gebruiker van de telefoon [gebruiker 3] .

Ik zag dat in deze chat op 26 januari 2025 door [gebruiker 3] de onderstaande berichten werden gestuurd:

uur: Zeg je alvast dat dat niet zo slim is dan kan je tbs krijgen.

uur: [adres 2] [plaats 3] .

Ik zag een schermvideo, een video opname die gemaakt is waarop de handelingen op het scherm van een telefoon te zien zijn.

Ik zag dat de video op zaterdag 1 februari 2025 omstreeks 21.39 uur gemaakt was. Het is aannemelijk dat de video op de onderzochte telefoon gemaakt is.

Ik zag dat de video 1 minuut en 20 seconden duurde. Ik zag aan het begin van de video de website Google Maps. Ik zag dat er een satellietbeeld getoond werd met daaroverheen straten. Ik zag de straatnamen Eikenlaan en Holleweg. Ik zag een rode pin met daarbij de tekst: “ [adres 2] Onlangs bekeken.”

Ik zag een filmpje met een naam die past bij een video uit de applicatie Snapchat.

Ik zag dat het videobestand op maandag 3 februari 2025 omstreeks 23.23 uur was aangemaakt.

Ik zag in de video een persoon met een DHL jas aan. Ik herkende de persoon in de video als verdachte [medeverdachte 5] .

Ik zag een filmpje met een naam die past bij een video uit de applicatie Snapchat.

Ik zag dat het videobestand op zondag 2 februari 2025 omstreeks 11.01 uur was aangemaakt.

Ik zag in de video een scooter met het kenteken [kenteken 5] . Ik herkende dit als het kenteken van de scooter waarop verdachten [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] reden bij hun aanhouding.

Ik zag een persoon die de zitting van de scooter vasthield. Ik zag dat deze persoon een donkere huidskleur had. Ik hoorde in het filmpje twee stemmen. Ik hoorde:

Stem 1: Pak je hem met je hand?

Stem 2: Huh?

S1: Waarom raak je hem aan met je hand?

S2: Geen handen? Geen handen.

S1: He he!

Ik zag dat de persoon in beeld vervolgens handschoenen aantrok.

Onderzoek aan telefoon verdachte [verdachte]

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

werd op dinsdag 25 februari 2025 buitenheterdaad aangehouden. Bij hem werd een Apple iPhone 12 in beslaggenomen en voorzien van het Sporen Identificatie Nummer AASK3157NL. Op vrijdag 7 maart 2025 onderzocht ik op bevel van de officier van justitie van het Parket Midden-Nederland de in dit rapport beschikbare gegevens uit de iPhone 12.

Ik zag dat in de veiliggestelde data het Snapchataccount [snapchataccount 2] met als naam [naam 3] als het account van de telefoon vermeld stond.

Ik zag dat het account [gebruiker 2] , dat in gebruik was bij medeverdachte [medeverdachte 4] , in de contactenlijst voorkwam.

Ik bekeek de beschikbare veiliggestelde gegevens van de telefoon voor 5 februari 2025.

Ik zag dat er vanaf de telefoon uitgaande gesprekken waren om 09:53:06 en 09:53:11, ik zag dat de gespreksduur respectievelijk twee en één seconde was. Het is aannemelijk dat er niet opgenomen is. Ik zag dat er gebeld werd met het nummer [telefoonnummer 5] . Ik zag dat hieraan het contact “ [medeverdachte 4] [.] ” gekoppeld was. Ik zag in de mij beschikbare politiesystemen dat het nummer [telefoonnummer 5] gekoppeld was aan medeverdachte [medeverdachte 4] .

Ik zag dat er vanaf de telefoon uitgaande gesprekken waren om 11:06:08 en 11:27:43, ik zag dat de gespreksduur respectievelijk nul en drie seconden was. Het is aannemelijk dat er niet opgenomen is. Ik zag dat er gebeld werd met het nummer [telefoonnummer 3] . Ik herkende dit als het nummer dat in gebruik was in de bij verdachte [medeverdachte 5] in beslag genomen iPhone 13.

Ik zag een schermafbeelding met opnametijd 25 januari 2025 omstreeks 01.33 uur. Ik zag dat [onderneming 2] de afbeelding gemarkeerd had als “Device Captured”, wat inhoudt dat de afbeelding zeer waarschijnlijk op het onderzochte toestel gemaakt is.

Ik herkende de afbeelding als een afbeelding van de applicatie Snapchat.

Ik zag boven in het scherm de tekst “ [schermnaam] ”. Het is aannemelijk dat dit een chat is tussen de gebruiker van de telefoon en een Snapchatgebruiker met de schermnaam “ [schermnaam] ”.

Ik zag in de afbeelding een bericht met de tekst:

[straat 4] [nummeraanduiding 6]

[nummeraanduiding 7] *

Ik heb route n weg

Dan als ze achtervolging zouden krijgen

Dat ze weiland in moeten rijden

Ik herkende [adres 2] als het adres waar verdachten [medeverdachte 5] en [medeverdachte 4] vermoedelijk naar onderweg waren.

Ik zag onder het bericht twee afbeeldingen van Google Maps waar in gezocht was op het adres “ [adres 2] ”. Ik zag dat in de onderste afbeelding een route was ingetekend tussen Utrecht Overvecht en de [adres 2] in [plaats 3] .

Ik doorzocht de telefoon aan de hand van enkele relevante zoektermen.

Zoekterm: [straat 4] .

Resultaat: Ik zag naast de twee al vermelde afbeeldingen dat er op de telefoon in Google Maps gezocht was naar “ [adres 2] ”. Ik zag in het resultaat de coördinaten ( [coördinaten] ) en het adres: [adres 2] , [postcode 3] [plaats 3] .

Afgeluisterde telefoongesprekken

De politie Midden-Nederland heeft gerelateerd:

Middels een vordering verstrekking historische gegevens werden de gevoerde gesprekken door de verdachten [medeverdachte 4] en [medeverdachte 5] gevorderd bij de desbetreffende Penitentiaire Inrichtingen.

Sessienummer 10:

[medeverdachte 4] belt op 20 februari 2025 opnieuw naar de man met het telefoonnummer + [telefoonnummer 4]

[medeverdachte 4] vraagt of ze [medeverdachte 5] ’s telefoon hebben gecheckt. De man bevestigt dat. [medeverdachte 4] zegt vervolgens tegen de man, dat “ze” allemaal foto’s van hem hebben en dat “ze” hem ook willen oppakken.

[medeverdachte 4] vertelt vervolgens, dat hij heeft verklaard, dat hij niet weet hoe de jongen heet en hem altijd [chatnaam 1] noemt.

De onbekende man zegt vervolgens: Ze gaan me echt niet krijgen. Wollah ik wist het al. Ik heb alles niks, niks is op mijn tellie.

Verklaringen verdachte

De verdachte heeft bij de rechter-commissaris verklaard:

V: Ik houd het gesprek voor op pagina 281, een samenvatting van de chat. Wat is je reactie erop dat je zegt: “morgen, beweging is benzine er? Doos? Muts. Oké niet last minute cancel shit. Hoe laat gaan jullie? ”

A: Ja, ik heb dat gezegd.

De verdachte heeft ter zitting verklaard:

Met “Wis alles van tellie wat heet is” bedoelde ik inderdaad: verwijder alles van je telefoon dat verdacht is.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?