RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummer: 16.221239.25
Tegenspraak
Vonnis van de meervoudige kamer van 31 maart 2026 in de strafzaak van:
[verdachte] ,
geboren op [1998] in [geboorteplaats] ,
adres: [adres] in [woonplaats] ,
op dit moment gedetineerd in [verblijfplaats] ,
(hierna: de verdachte).
1. Zitting
De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zittingen van 16 en 17 maart 2026. De strafzaak van de verdachte is gelijktijdig, maar niet gevoegd, behandeld met de strafzaken tegen de medeverdachten [medeverdachte 1] (16.222805.25), [medeverdachte 2] (16.220206.25 & 15.275823.23 TUL) en [medeverdachte 3] (16.219967.25).
Op de zitting van 16 en 17 maart 2026 waren aanwezig:
2. Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij, samengevat:
feit 1 primair: op 25 juli 2025 te Leerdam zich samen met anderen schuldig gemaakt heeft aan een diefstal met geweld (slachtoffer: [slachtoffer ] ), waarbij hij als tussenpersoon gefungeerd heeft;
feit 1 subsidiair: medeplichtig aan de diefstal met geweld;
feit 1 meer subsidiair: poging medeplegen diefstal met geweld;
feit 1 meest subsidiair: medeplichtig aan het medeplegen van een poging diefstal met geweld.
feit 2 primair: op 25 juli 2025 te Leerdam zich samen met anderen schuldig gemaakt heeft aan afpersing van [slachtoffer ] , waarbij hij als tussenpersoon gefungeerd heeft;
feit 2 subsidiair: medeplichtig aan afpersing;
feit 2 meer subsidiair: poging medeplegen afpersing;
feit 2 meest subsidiair: medeplichtig aan het medeplegen van een poging tot afpersing.
feit 3 primair: op 25 juli 2025 te Leerdam samen met anderen [slachtoffer ] wederrechtelijk van zijn vrijheid heeft beroofd;
feit 3 subsidiair medeplichtig aan wederrechtelijke vrijheidsberoving.
De volledige tekst van de beschuldiging staat in bijlage II bij dit vonnis.
3. Bewijs
Inleiding Op 25 juli 2025 wordt de bewoner van de woning aan [straat] in [woonplaats] overvallen. De overvaller maakt daarbij gebruik van een vuurwapen, bindt de bewoner een aantal keren vast, waarna de overvaller na enige tijd de woning verlaat.
Medeverdachte [medeverdachte 1] bekent dat hij in de woning geweest is, dat hij een op een vuurwapen gelijkend voorwerp bij zich had, daarmee gedreigd heeft en dat hij de bewoner vastgebonden heeft. Uit onderzoek van de politie blijkt dat medeverdachte [medeverdachte 1] kort voor de overval door medeverdachte [medeverdachte 3] met een auto opgehaald is, waarna hij door medeverdachte [medeverdachte 3] naar de woning van aangever gebracht is. De auto waarin medeverdachte [medeverdachte 3] reed stond op naam van medeverdachte [medeverdachte 2] . In de telefoon van medeverdachte [medeverdachte 3] worden chatberichten aangetroffen tussen hem en medeverdachte [medeverdachte 2] . Na aanhouding van medeverdachte [medeverdachte 2] worden in zijn telefoon berichten gevonden tussen hem en de verdachte, die volgens de politie zien op de door medeverdachte [medeverdachte 1] gepleegde woningoverval.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie stelt dat kan worden bewezen dat de verdachte schuldig is aan het medeplegen van de door medeverdachte [medeverdachte 1] gepleegde diefstal met geweld (feit 1) en aan het medeplegen van de wederrechtelijke vrijheidsberoving van [slachtoffer ] (feit 3). De officier van justitie vordert de verdachte vrij te spreken van wat hem onder feit 2 verweten wordt.
Standpunt van de verdediging
De advocaat verzoekt de rechtbank om de verdachte vrij te spreken van de tenlastegelegde feiten. De advocaat voert aan dat niet bewezen kan worden dat sprake geweest is van een voltooide diefstal en/of afpersing. Daarnaast stelt de advocaat dat de bijdrage van de verdachte van onvoldoende gewicht geweest is voor een bewezenverklaring van medeplegen. Ook had de verdachte geen opzet (ook niet voorwaardelijk) op de door medeverdachte [medeverdachte 1] te plegen strafbare feiten, zodat niet bewezen kan worden dat de verdachte hieraan medeplichtig geweest is.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank leidt uit de in bijlage II opgenomen bewijsmiddelen het volgende af.
Op 25 juli 2025 rond 12:00 uur wordt medeverdachte [verdachte] via whatsapp benaderd door iemand die hij kent als [contactnaam 1] (hierna [contactnaam 1] ). Deze persoon kent hij alleen via het online gamen en hij heeft deze persoon nooit persoonlijk ontmoet. Deze [contactnaam 1] vraagt hem of hij een chauffeur kan regelen om die middag twee personen in Gorinchem op te halen, waarmee wat geld kan worden verdiend. De verdachte vraagt in zijn vriendenkring of iemand die middag beschikbaar is. Omdat niemand kan, neemt de verdachte contact op met iemand die hij alleen kent van het af en toe kopen van hash. Hij vraagt deze [contactnaam 2] (hierna: [contactnaam 2] ) of hij iemand weet die die middag zou kunnen chauffeuren. Volgens de verdachte ontvangt hij van [contactnaam 2] het nummer van medeverdachte [medeverdachte 2] .
Medeverdachte [medeverdachte 2] laat de verdachte weten dat hij het wil doen. Medeverdachte [medeverdachte 2] vraagt de verdachte of hier niet een heel groot risico achter zit. De verdachte krijgt van [contactnaam 1] te horen dat het 9 van de 10 keer wel goed gaat en dit geeft hij aan medeverdachte [medeverdachte 2] door.
Medeverdachte [medeverdachte 2] benadert medeverdachte [medeverdachte 3] , een vriend van hem, met het verzoek of hij die middag een klusje voor hem wil doen. Medeverdachte [medeverdachte 2] zegt dat medeverdachte [medeverdachte 3] -omstreeks 17:00 uur- twee personen in Gorinchem moet ophalen en die twee personen weer op een andere locatie moet afzetten. Hij stelt hiervoor aan medeverdachte [medeverdachte 3] zijn auto beschikbaar.
Uit de berichten in het dossier blijkt dat medeverdachte [medeverdachte 2] omstreeks 15:24 uur aan medeverdachte [medeverdachte 3] bericht dat hij naar de [straat] moet rijden, waar hij uiterlijk om 17:15 uur moet zijn. Op de vraag van medeverdachte [medeverdachte 3] of hij daar als eerste heen moet, reageert medeverdachte [medeverdachte 2] met ‘Ja’. Om 16:37 uur stuurt medeverdachte [medeverdachte 3] naar de gebruiker met de naam ‘ [accountnaam medeverdachte 3] ’ dat hij (medeverdachte [medeverdachte 3] ) nog een half uur moet rijden. Hoewel uit politieonderzoek niet is gebleken wie gebruik maakt van het account [accountnaam medeverdachte 3] , is de gebruiker kennelijk wel op de hoogte van de ‘klus’, nu deze aan medeverdachte [medeverdachte 3] laat weten dat hij om 17:05 uur bij een bushokje moet zijn, waar hij een “anti gozer” (de rechtbank begrijpt een Antiliaan) met dreads met een mattie moet ophalen en dat deze twee personen medeverdachte [medeverdachte 3] zouden laten weten ‘wat wat is’. Vervolgens stuurt deze [accountnaam medeverdachte 3] om 16:38 uur opnieuw aan medeverdachte [medeverdachte 3] het adres [straat] , waarna medeverdachte [medeverdachte 3] laat weten dat hij over 10 minuten op die locatie is.
Op de telefoons van medeverdachte [medeverdachte 2] en de verdachte is een Whatsapp-conversatie aangetroffen tussen hen. Om 16:40 uur schrijft de verdachte aan medeverdachte [medeverdachte 2] ‘alles weg nu ff dan’, waarop medeverdachte [medeverdachte 2] laat weten dat hij dat al gedaan heeft. Om 17:12 uur vraagt medeverdachte [medeverdachte 2] aan de verdachte om de naam van de bushalte te sturen. Hierop stuurt de verdachte een bericht met daarin de naam van de bushalte “Marconiweg” (opmerking rechtbank: deze bushalte bevindt zich in de plaats Gorinchem). Medeverdachte [medeverdachte 2] geeft dit door aan medeverdachte [medeverdachte 3] , waarna de verdachte aan medeverdachte [medeverdachte 2] vraagt of het gelukt is. Die stuurt terug dat hij (de rechtbank begrijpt medeverdachte [medeverdachte 3] ) ze ziet. Hierna stuurt de verdachte aan medeverdachte [medeverdachte 2] om 17:23 uur “gaan we nu ff afwachten”. Om 17:24 uur vraagt de verdachte aan medeverdachte [medeverdachte 2] om “als alles klopt vanavond ff laat rond 1 afspreken?”, waarop medeverdachte [medeverdachte 2] antwoordt “Ja is goed”.
Uit de verklaring van medeverdachte [medeverdachte 3] blijkt dat hij de twee mannen vanuit Gorinchem naar Leerdam moet brengen, dat ze niet meteen bij het juiste adres zijn, dat een van de twee mannen gaat bellen waarna ze naar een ander adres rijden. Aangekomen op het juiste adres zet medeverdachte [medeverdachte 3] de auto op de stoep, voor de voordeur van de woning van aangever. Hier blijft medeverdachte [medeverdachte 3] samen met medeverdachte [medeverdachte 1] wachten. De andere ‘bellende’ persoon is uitgestapt en niet meer ingestapt. Rond 18:30 uur loopt een wat oudere man langs de auto, waarna medeverdachte [medeverdachte 1] de auto uitstapt en achter deze persoon de woning binnengaat.
Om 18:15 uur vraagt medeverdachte [medeverdachte 2] of alles lukt en om 18:37 “wat die boys aan het doen zijn”. Om 18:51 uur vraagt medeverdachte [medeverdachte 2] aan medeverdachte [medeverdachte 3] of hij nog aan het wachten is en om 18:52 uur zegt medeverdachte [medeverdachte 2] dat medeverdachte [medeverdachte 3] hem gelijk moet bellen als hij naar huis rijdt. Om 19:16 uur vraagt medeverdachte [medeverdachte 2] opnieuw aan medeverdachte [medeverdachte 3] of hij nog aan het wachten is en dat het lang duurt. Om 19:21 uur stuurt medeverdachte [medeverdachte 2] aan medeverdachte [medeverdachte 3] de contact-gegevens van een contactpersoon met de naam “ [naam] ”, met de opmerking “in geval van nood hahaha”.
Om 19:38 uur bericht medeverdachte [medeverdachte 2] aan de verdachte dat zijn mannetje (de rechtbank begrijpt medeverdachte [medeverdachte 3] ) weer onderweg is. Om 20:00 uur vraagt de verdachte aan medeverdachte [medeverdachte 2] of hij (medeverdachte [medeverdachte 2] ) gehoord heeft wat ie (de rechtbank begrijpt medeverdachte [medeverdachte 3] ) mee heeft gekregen, en vraagt om 20:02 uur opnieuw of hij en medeverdachte [medeverdachte 2] die avond nog afspreken. Dan stuurt de verdachte om 20:15 uur aan medeverdachte [medeverdachte 2] dat hij al contact gehad heeft en dat hij medeverdachte [medeverdachte 2] later bericht. Om 20:16 uur vraagt medeverdachte [medeverdachte 2] aan de verdachte of zijn mannetje geld meegekregen heeft. Om 20:18 uur stuurt de verdachte naar medeverdachte [medeverdachte 2] “alles was al weg geloof ik”, waarop medeverdachte [medeverdachte 2] stuurt “alle buit al weg?”. De verdachte reageert met “jaman”, waarna medeverdachte [medeverdachte 2] om 20:20 uur stuurt “dus alles is voor saus (de rechtbank begrijpt: ‘voor niets’) geweest”. Om 20:20 uur stuurt de verdachte dat “Jaa daarom ben ff met hem aan het praten nu” en dat hij persoonlijk vindt dat hij (de rechtbank begrijpt [contactnaam 1] ) wel iets moet vergoeden voor de tijd. Medeverdachte [medeverdachte 2] stuurt terug “ja precies” en om 20:26 uur “chauffeur zegt gingen met lege tassen naar binnen kwamen met volle naar buiten”.
De verdachte stuurt om 20:26 uur aan [contactnaam 1] een bericht dat diens verklaring niet helemaal klopt, dat de chauffeur zegt lege tassen binnen en volle tassen de auto in en dat hij of [contactnaam 1] kk hard genaaid wordt. [contactnaam 1] laat daarop weten dat hij heeft meegekeken op camera en dat de overvaller met lege tassen naar buiten ging. De verdachte reageert hierop geen zin in gezeik te hebben en dat “iemand loopt hier dus te lullen”.
Om 20:33 stuurt de verdachte aan medeverdachte [medeverdachte 2] “praat ff met je mannetje ik bel je vanavond ff ik wil ff weten wat er precies gebeurd is want heb geen zin om genaaid te worden”. Om 20:34 uur stuurt medeverdachte [medeverdachte 2] “maar er moet iets geregeld worden” waarop de verdachte vraagt “waar denk je aan”. Medeverdachte [medeverdachte 2] bericht terug “2000 man vind ik redelijk man”. De verdachte laat weten dat hij van zijn kant niks kan beloven en “was ook maar tussenpersoon hier”. Om 20:44 uur vraagt medeverdachte [medeverdachte 2] aan de verdachte of hij vaker met deze mensen werkt, waarop de verdachte stuurt “deze man is freelancer man. Met hem heb ik wel vaak contact” en “dit ging voor hem ook via via”. Om 20:47 uur stuurt medeverdachte [medeverdachte 2] aan de verdachte “heb nog wel een huis van een zzp’er die woond met ze vrouw die heb een eigen eet kraam al dat geld zet op zolder in een kluis”. Om 20:54 reageert de verdachte “oke oke. Is dat vanavond te doen denk je? of morgenavond”.
De rechtbank moet de vraag beantwoorden of sprake is geweest van een - steeds in vereniging gepleegde - diefstal met geweld, afpersing met geweld en/of wederrechtelijke vrijheidsberoving en of de verdachte daarbij kan worden aangemerkt als medepleger of medeplichtige.
Voltooide diefstal en/of afpersing en/of wederrechtelijke vrijheidsberoving in vereniging?
De verdediging heeft aangevoerd dat het bij een poging is gebleven, dat geen buit is aangetroffen en dat medeverdachte [medeverdachte 1] heeft verklaard dat hij niks heeft meegenomen uit de woning. De rechtbank heeft echter geen reden om te twijfelen aan wat aangever verklaard heeft over wat er op 25 juli 2025 in Leerdam is gebeurd en dus ook niet aan diens verklaring over de goederen die zijn meegenomen. De aangifte wordt op belangrijke onderdelen bevestigd door de verklaring van medeverdachte [medeverdachte 1] zelf. Dat aangever in zijn aangifte bepaalde zaken niet noemt, bijvoorbeeld dat medeverdachte [medeverdachte 1] tijdens de overval aan het face-timen was, maakt niet dat aan de betrouwbaarheid van de verklaringen van aangever getwijfeld moet worden. Dat wat aangever wel in zijn aangifte heeft verklaard, herhaalt hij en scherpt hij aan in zijn verhoor bij de rechter-commissaris. Daar komt bij dat de aangifte opgenomen is kort nadat aangever overvallen was en de verbalisant die de aangifte opneemt in een apart proces-verbaal van bevindingen opschrijft dat aangever zichtbaar geëmotioneerd was tijdens het doen van aangifte en dat de verbalisant door de warrigheid van aangever bepaalde onderdelen niet in de aangifte kon noteren. Tot slot vindt de verklaring van aangever over dat medeverdachte [medeverdachte 1] zijn telefoon meegenomen heeft, steun in het feit dat het IMEI-nummer dat op 25 juli 2025 gekoppeld was aan het mobiele telefoonnummer van aangever, op 26 juli 2025 is gewijzigd. Door de politie wordt, in een afgeluisterd gesprek op die datum, ook gehoord dat aangever vertelde dat hij inmiddels weer in het bezit was van een andere telefoon en dat hij zelf weer over zijn telefoonnummer kan beschikken.
De rechtbank oordeelt dan ook dat sprake is van een voltooide diefstal met geweld. Ook is bewezen dat deze in vereniging is gepleegd, omdat medeverdachte [medeverdachte 1] heeft verklaard (en ook door aangever is gezien) dat hij tijdens de overval via face-time werd aangestuurd door een onbekend gebleven persoon.
Daarnaast worden ook de afpersing in vereniging en de wederrechtelijke vrijheidsberoving in vereniging bewezen. Uit de bewijsmiddelen blijkt dat aangever tijdens de in vereniging gepleegde overval is gedwongen tot afgifte van een geldbedrag en dat aangever gedurende de overval, die ongeveer een half uur duurde, met een vuurwapen werd bedreigd en verschillende keren is vastgebonden; hij werd wederrechtelijk van zijn vrijheid beroofd.
Was verdachte medepleger of medeplichtige?
Vervolgens zal de rechtbank beoordelen of de verdachte als medepleger van of medeplichtige aan deze strafbare feiten kan worden aangemerkt.
Vrijspraak medeplegen diefstal met geweld, afpersing, en wederrechtelijke vrijheidsberoving Voor een bewezenverklaring van medeplegen moet sprake zijn geweest van een nauwe en bewuste samenwerking. Het accent ligt daarbij op de samenwerking en minder op de vraag wie welke feitelijke handelingen heeft verricht. Die kwalificatie is alleen gerechtvaardigd als de bewezenverklaarde – intellectuele en/of materiële – bijdrage van de verdachte aan het delict van voldoende gewicht is. Een en ander brengt mee dat wanneer het tenlastegelegde medeplegen in de kern niet bestaat uit een gezamenlijke uitvoering, maar uit gedragingen die met medeplichtigheid in verband plegen te worden gebracht, op de rechtbank de taak rust om in het geval dat hij toch tot een bewezenverklaring van het medeplegen komt, in de bewijsvoering – dus in de bewijsmiddelen en zo nodig in een afzonderlijke bewijsoverweging – dat medeplegen nauwkeurig te motiveren. Daarbij kan de rechtbank rekening houden met onder meer de intensiteit van de samenwerking, de onderlinge taakverdeling, de rol in de voorbereiding, de uitvoering of de afhandeling van het delict en het belang van de rol van de verdachte, diens aanwezigheid op belangrijke momenten en het zich niet terugtrekken op een daartoe geëigend tijdstip.
De rechtbank is anders dan de officier van justitie van oordeel dat niet bewezen kan worden dat sprake geweest is van een nauwe en bewuste samenwerking tussen de verdachte en de daders van de overval. Zo is er niets dat duidt op betrokkenheid van de verdachte bij het beramen en de verdere planning van de woningoverval. Ook is de verdachte niet fysiek aanwezig geweest bij de overval. Uit de hiervoor vastgestelde gang van zaken blijkt dat de verdachte geen sturende, bepalende of uitvoerende rol heeft gehad. Zijn rol heeft bestaan uit het helpen regelen van een chauffeur en het doorgeven van informatie. De rechtbank oordeelt dat dit, gelet op de omstandigheden van het geval, van onvoldoende gewicht is om van een nauwe en bewuste samenwerking te kunnen spreken.
Bewezenverklaring medeplichtigheid diefstal met geweld in vereniging en afpersing in vereniging
In het geval van medeplichtigheid is het verwijt dat de verdachte een door een ander begaan misdrijf bevordert en/of vergemakkelijkt. De medeplichtigheid kan bestaan uit het opzettelijk behulpzaam zijn bij het plegen van het misdrijf (gelijktijdige medeplichtigheid), dan wel het opzettelijk gelegenheid, middelen of inlichtingen verschaffen tot het plegen van het misdrijf (voorafgaande medeplichtigheid). Gedragingen die na het misdrijf worden verricht, kunnen als zodanig geen medeplichtigheid opleveren maar kunnen wel duiden op voorafgaande of gelijktijdige betrokkenheid.
Vereist is daarbij dat niet alleen wordt bewezen dat het opzet van verdachte was gericht op het bevorderen en/of vergemakkelijken van een door een ander begaan misdrijf, maar ook dat het opzet van verdachte al dan niet in voorwaardelijke vorm was gericht op dit misdrijf. Voorwaardelijk opzet is aanwezig als de verdachte zich willens en wetens heeft blootgesteld aan de aanmerkelijke kans dat dat misdrijf zal worden begaan. De beantwoording van de vraag of de aanmerkelijke kans op het betreffende misdrijf daarbij door de verdachte bewust is aanvaard, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval, waarbij betekenis toekomt aan de aard van de gedraging van de verdachte en de omstandigheden waaronder deze is verricht.
Als het (voorwaardelijk) opzet van de medeplichtige niet (volledig) is gericht op het gronddelict, moet het misdrijf waarop het opzet van de medeplichtige wel was gericht, voldoende verband houden met het gronddelict. Of van zo'n voldoende verband sprake is, hangt af van de concrete omstandigheden van het geval. Een algemene regel daarover laat zich dus lastig formuleren. In de regel zal echter kunnen worden aangenomen dat dit verband bestaat als het misdrijf waarop het (voorwaardelijk) opzet van de medeplichtige was gericht, een onderdeel vormt van het gronddelict, bijvoorbeeld bij een misdrijf dat is begaan onder strafverzwarende omstandigheden. Ook in andere gevallen kan sprake zijn van voldoende verband met het gronddelict. Daarbij zijn de aard van het gronddelict, de aard van de gedraging van de medeplichtige en de overige omstandigheden van het geval van belang.
De rechtbank oordeelt dat wettig en overtuigend is bewezen dat de verdachte -voorafgaand aan en tijdens- opzettelijk behulpzaam is geweest bij de door medeverdachte [medeverdachte 1] en diens mededader gepleegde diefstal met geweld en afpersing.
De verdachte wordt op 25 juli 2025 benaderd door ene [contactnaam 1] (hierna: [contactnaam 1] ) -die hij alleen online kent en nooit persoonlijk ontmoet heeft- met de vraag of hij een chauffeur kan regelen om twee personen op te halen in Gorinchem (meer dan 100 kilometer van zijn woonplaats) en vervolgens weer weg te brengen. In de vriendenkring van de verdachte is niemand beschikbaar. In plaats van het verzoek af te wijzen benadert de verdachte een persoon die hij alleen kent van het kopen van softdrugs. Aan deze [contactnaam 2] (hierna: [contactnaam 2] ) vraagt hij of hij iemand kent die zou willen chaufferen. [contactnaam 2] brengt hem in contact met medeverdachte [medeverdachte 2] , die de verdachte zelf niet kent. Voorafgaand aan de overval geeft de verdachte aan medeverdachte [medeverdachte 2] de locatie door waar de chauffeur de personen moet ophalen. Ook vraagt hij een aantal malen aan medeverdachte [medeverdachte 2] om later die avond af te spreken. Nadat de chauffeur weer naar huis rijdt en blijkt dat er geen ‘buit’ is, neemt de verdachte contact met [contactnaam 1] op om dit te bespreken. [contactnaam 1] zegt dat hij zelf via camera heeft gezien dat ze met lege tassen naar buiten kwamen, maar de verdachte laat weten dat hij van medeverdachte [medeverdachte 3] heeft begrepen dat ze met lege tassen naar binnen gingen en met volle tassen naar buiten kwamen.
Op grond van deze feiten en omstandigheden is de rechtbank van oordeel dat de verdachte opzettelijk een door andere daders gepleegd misdrijf heeft bevorderd en/of vergemakkelijkt.
De volgende vraag die de rechtbank moet beantwoorden is of de verdachte opzet (al dan niet in voorwaardelijke zin) heeft gehad op het plegen van de door medeverdachte [medeverdachte 1] en diens mededader(s) uitgevoerde woningoverval.
Naast de hiervoor al genoemde omstandigheden is daarbij van belang dat de verdachte, toen hij werd benaderd door [contactnaam 1] om een chauffeur te regelen, vraagt of er risico’s aan verbonden zijn. Daarop krijgt hij te horen dat het 9 van de 10 keer goed gaat. Ook vraagt hij wel 6 keer wat er nou precies gaat gebeuren? Hij geeft aan dat hij wel wil weten wat hij gaat doen als hij mensen vraagt, waarop hij het antwoord krijgt: “het is het beste als niet iedereen er wat vanaf weet. Beetje heimelijk”. Vervolgens krijgt hij pas kort van tevoren te horen op welke locatie de personen moeten worden opgehaald. Dit alles duidt erop dat het zou gaan om een klus waaraan mogelijk criminele risico’s waren verbonden en dat de verdachte dit besefte. Verder wordt in de berichten tussen medeverdachte [medeverdachte 2] en de verdachte gesproken over de vraag of medeverdachte [medeverdachte 3] iets meegekregen heeft, of hij geld meegekregen heeft, over buit en dat alles kennelijk voor niets (“voor saus”) geweest is.
Uit het berichtenverkeer tussen de verdachte en medeverdachte [medeverdachte 2] maakt de rechtbank op dat de verdachte op voorhand wist dat het ging om een klus waarbij twee mannen ergens naartoe gebracht moesten worden waar “buit” gehaald zou kunnen worden. Daar komt nog bij dat uit een later whatsappgesprek tussen de verdachte en [contactnaam 2] blijkt dat de verdachte met zijn bijstand “snelle knaken” dacht te verdienen. Naar het oordeel van de rechtbank kan het daarmee niet anders zijn geweest dan dat verdachte zich er bewust van is geweest dat het hier ging om een vorm van gekwalificeerde diefstal.
Het wegnemen van waardevolle goederen gaat vaak gepaard met braak. Hieruit leidt de rechtbank af dat de verdachte in ieder geval bewust de aanmerkelijke kans aanvaard heeft dat de op te halen personen zich schuldig zouden maken aan een diefstal met braak in vereniging. Uit het dossier blijkt niet dat de verdachte wist of de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat daders hierbij een wapen zouden gebruiken. De rechtbank kan dan ook niet vaststellen dat het opzet van de verdachte gericht was op het gebruik van een vuurwapen door de daders van de overval. Wel is de rechtbank van oordeel dat het delict waarvan de verdachte uitging (diefstal met braak in vereniging) in dit geval voldoende verband houdt met het door de medeverdachte [medeverdachte 1] (in vereniging) gepleegde gronddelict, te weten een diefstal met geweld en afpersing. Dat betekent dat bewezen kan worden verklaard en gekwalificeerd dat de verdachte medeplichtig is geweest aan het medeplegen van diefstal met geweld en afpersing.
Vrijspraak medeplichtigheid wederrechtelijke vrijheidsberoving
De rechtbank ziet geen bewijs dat de verdachte opzet had (ook niet in voorwaardelijke zin) op de wederrechtelijke vrijheidsberoving van aangever. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat het misdrijf waarop het opzet van de verdachte wel zag (diefstal met braak in vereniging) onvoldoende verband houdt met de door medeverdachte [medeverdachte 1] en de onbekend gebleven medeverdachte(n) gepleegde wederrechtelijke vrijheidsberoving. De rechtbank komt dan ook tot de conclusie dat niet bewezen is dat de verdachte als medeplichtige betrokken is geweest bij de tenlastegelegde wederrechtelijke vrijheidsberoving en spreekt hem hiervan vrij.
Samenloop
De rechtbank is van oordeel dat met betrekking tot de feiten 1 en 2 sprake is van eendaadse samenloop zoals bedoeld in artikel 55, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht. De bewezen verklaarde gedragingen hangen zodanig met elkaar samen en zien steeds op dezelfde pleegperiode en plaats dat de verdachte daarvan in wezen één verwijt kan worden gemaakt, terwijl de strekking van de desbetreffende strafbepalingen niet of slechts enigszins uiteenloopt
Bewezenverklaring
De rechtbank verklaart bewezen dat:
Feit 1 subsidiair
[medeverdachte 1] op 25 juli 2025 in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, een telefoon, één of meer passen, een paspoort, één of meer sieraden en zilveren munten en horloges, die aan [slachtoffer ] , toebehoorden heeft weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en gevolgd van geweld of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer ] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en andere deelnemers aan dat misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren door- meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en lichaam van die [slachtoffer ] te richten, en- (daarbij) meermalen te vragen waar de kluis is en- (daarbij) te zeggen: "anders schiet ik je door je kop" en- (daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkendvoorwerp, te halen ende kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijnhanden op zijn eigen hoofd en- (daarbij) meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en goud en meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek of telefoonoplader of schoenveter of stuk touw vast te binden en- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en op zijn eigen buik te gaan liggen en- (daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaanen dat er meer personen achter zaten,
bij en tot het plegen van welk misdrijf verdachte op 25 juli 2025 in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door
- te fungeren als tussenpersoon en als contactpersoon op te treden tussen één of meer al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en (zodoende) informatie en/of instructies door te geven door (onder meer)- het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte [medeverdachte 3] en medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en hebben opgehaald en (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en de buit en de vlucht en de beloning voor voornoemde handelingen;
Feit 2 subsidiair
[medeverdachte 1] op 25 juli 2025 in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, met het oogmerk om zich en een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld [slachtoffer ] hebben gedwongen tot de afgifte van een geldbedrag dat aan die [slachtoffer ] toebehoorde, door- meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en lichaam van die [slachtoffer ] te richten, en- (daarbij) meermalen te vragen waar de kluis is en- (daarbij) te zeggen: "anders schiet ik je door je kop" en- (daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkendvoorwerp, te halen en de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en
- ( daarbij) meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld
bij en tot het plegen van welk misdrijf verdachte op 25 juli 2025 in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door
- te fungeren als tussenpersoon en als contactpersoon op te treden tussen één of meer - al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en (zodoende) informatie en instructies door te geven door (onder meer)- het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte [medeverdachte 3] en medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en opgehaald en (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en de buit en de vlucht en de beloning voor voornoemde handelingen.
De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.
De taal- en/of schrijffouten die in de tekst van de beschuldiging voorkomen zijn in de bewezenverklaring verbeterd. Dit benadeelt de verdachte niet.
4. Kwalificatie en strafbaarheid
Kwalificatie
De bewezen feiten leveren de volgende strafbare feiten op:
Feit 1 subsidiair en Feit 2 subsidiair
de eendaadse samenloop van
medeplichtig aan het medeplegen van diefstal, voorafgegaan, vergezeld en gevolgd van geweld en bedreiging met geweld gepleegd tegen personen, met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken en om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en andere deelnemers aan het misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren;
en
medeplichtig aan afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;
Strafbaarheid feiten en verdachte
De feiten zijn strafbare feiten en de verdachte is daarvoor ook strafbaar.
5. Straf
Vordering van de officier van justitie
De officier van justitie eist dat de verdachte wordt veroordeeld tot:
- een gevangenisstraf van 48 maanden, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar, met als bijzondere voorwaarden kort gezegd een locatie- en contactverbod met [slachtoffer ] .
Standpunt van de verdediging
De advocaat voert aan dat de verdachte nooit eerder met justitie in aanraking gekomen is. Hij heeft een verkeerde beslissing gemaakt, met enorme gevolgen. Zijn tijd in detentie is voor hem een zeer ingrijpende gebeurtenis geweest en heeft diepe indruk op hem gemaakt. In detentie heeft hij laten zien verantwoordelijkheid te nemen voor zijn toekomst. Hij heeft actief stappen gezet om zijn leven weer op de rit te krijgen. Zo heeft hij weten te regelen dat hij na detentie meteen aan het werk kan. Ook schetst de reclassering een positief beeld over hem. Het recidiverisico wordt laag ingeschat en de reclassering ziet geen noodzaak voor bijzondere voorwaarden. De verdachte is voldoende geconfronteerd met de gevolgen van zijn handelen en een langdurige detentie zal weinig bijdragen aan zijn resocialisatie. De advocaat verzoek om aan de verdachte een straf op te leggen gelijk aan het voorarrest. Voor zover de rechtbank een langere gevangenisstraf passend vindt dan verzoekt de advocaat om aan te sluiten bij de LOVS-richtlijn waar bij een woningoverval met licht geweld/bedreiging als uitgangspunt een gevangenisstraf van 3 jaar onvoorwaardelijk wordt gehanteerd.
Oordeel van de rechtbank
Ernst en omstandigheden van de feiten
De verdachte is op 25 juli 2025 behulpzaam geweest bij een door anderen gepleegde woningoverval en afpersing, door het helpen vinden van een chauffeur voor het ophalen en wegbrengen van twee voor hem onbekende personen, waarvan een van hen later de woningoverval zou plegen en het doorgeven van de voor de chauffeur belangrijke informatie. Daarnaast heeft hij zich actief opgesteld naar de opdrachtgever wat betreft de vraag of de overval nu wel of niet buit opgeleverd had. Hoewel hij niet wist dat een woningoverval zou worden gepleegd, ging hij er in ieder geval uit van een diefstal met braak door twee of meer personen. De rechtbank neemt het kwalijk dat hij ondanks deze wetenschap door gegaan is met het blijven vervullen van zijn rol als medeplichtige in het geheel enkel gedreven door de wens om snel geld te verdienen
Persoonlijke omstandigheden van de verdachte
Uit het strafblad van de verdachte van 30 september 2025 blijkt dat hij in het verleden twee keer veroordeeld is voor het rijden onder invloed.
De rechtbank heeft kennisgenomen van het door de reclassering op 20 oktober 2025 gedateerde reclasseringsadvies. Daarin staat dat de reclassering niet de indruk heeft dat hij in zijn dagelijks leven pro-criminele contacten heeft. Op anderen leefgebieden worden geen problemen geconstateerd. Hij woont samen, heeft een goede band met zijn familie en er lijkt geen sprake te zijn van structurele psychische of verslavingsproblematiek. Het risico op recidive wordt ingeschat als laag en geen interventies worden nodig geacht.
Straf
De rechtbank is van oordeel dat medeplichtigheid aan dergelijke ernstige feiten moet worden bestraft met een strafsoort en in een zwaarte waarmee niet alleen vergelding wordt geboden, maar waar ook een afschrikwekkende werking van uitgaat om anderen te weerhouden dergelijke feiten te overwegen, daarbij behulpzaam te zijn of zelfs te plegen. Daarom kan naar het oordeel van de rechtbank niet een andere straf dan een onvoorwaardelijke gevangenisstraf worden opgelegd.
Bij het bepalen van de (duur van de) straf houdt de rechtbank rekening met wat zij hiervoor overwogen heeft over de aard en ernst van de gepleegde en bewezenverklaarde feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee. Voorts houdt de rechtbank rekening met de omstandigheid dat het maximum van de aan de medeplichtige op te leggen straf een derde minder bedraagt dan het maximum van de straf, gesteld op het misdrijf dat de medeplichtige voor ogen stond (vgl. HR 2 oktober 2007, ECLI:NL:HR:2007:BA7932). Zoals hiervoor reeds is overwogen is het opzet van de verdachte niet gericht geweest op het gepleegde geweld, maar op een diefstal met braak in vereniging en bedraagt het maximum van de aan hem op te leggen gevangenisstraf 6 jaren.
Gelet op dit alles is de rechtbank van oordeel dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van aanzienlijke duur passend en geboden is. Een straf gelijk aan het voorarrest doet naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende recht aan dat waar de verdachte zich schuldig aan gemaakt heeft. De rechtbank legt aan de verdachte een gevangenisstraf van 18 maanden op, met aftrek van de tijd door de verdachte in voorarrest doorgebracht. De rechtbank legt hierbij geen contactverbod en locatieverbod op, nu dit zal kunnen gebeuren in het kader van de voorwaardelijke invrijheidstelling.
Tenuitvoerlegging van de straf
Tenuitvoerlegging van de op te leggen gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat aan de verdachte voorwaardelijke invrijheidstelling wordt verleend als bedoeld in artikel 6:2:10 van het Wetboek van Strafvordering.
6. Toegepaste wetsartikelen
De opgelegde straf is gebaseerd op de volgende wetsartikelen:
- 48, 49, 55, 312, 317 van het Wetboek van Strafrecht.
7. De beslissing
De rechtbank:
vrijspraak
- verklaart feit 1 primair, feit 2 primair en feit 3 niet bewezen en spreekt de verdachte daarvan vrij;
bewezenverklaring
strafbaarheid feit
- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor is vermeld onder 4.1;
strafbaarheid verdachte
- verklaart de verdachte strafbaar;
straf
- veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden, met aftrek van de tijd door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht.
Dit vonnis is gewezen door mr. S.E. van den Brink, voorzitter, mr. J.F. Haeck en mr. J.T. Pouw, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J. Troostheide als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 31 maart 2026.
De oudste rechter is niet
in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.
Bijlage I: De tenlastelegging
Aan de verdachte is na nadere omschrijving van de tenlastelegging ten laste gelegd dat:
1.
op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Bovenkarspel, althans in Nederland,tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,een telefoon, één of meer passen, een paspoort, één of meer sieraden en/of één of meer zilveren munten en/of één of meer horloges, in elk geval enig goed, dat/die geheel often dele aan [slachtoffer ] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft/hebben weggenomen met het oogmerk om het zichwederrechtelijk toe te eigenen, welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer ] , gepleegd met hetoogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemers aan dat misdrijf hetzijde vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren door - één of meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer ] te richten, althans aan die [slachtoffer ] te tonen en/of- (daarbij) één of meermalen te vragen waar de kluis is en/of- (daarbij) te zeggen: “anders schiet ik je door je kop” en/of- (daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te halen en/of de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en/of-(daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijn handen op zijn eigen hoofd en/of- (daarbij) één of meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en/of goud en/of één of meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek en/of telefoonoplader en/of schoenveter en/of stuk touw vast te binden en/of-(daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en/of op zijn eigen buik te gaan liggen en/of-(daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en/of die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaanen/of dat er meer personen achter zaten,
waarbij hij, verdachte, heeft gefungeerd als tussenpersoon en/ofals contactpersoon heeft opgetreden met één of meer - al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en/of(zodoende)informatie en/of instructies door heeft gegeven door (onder meer) - het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte(n) [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] , medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten heeft/hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en/of hebben opgehaald en/of(vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en/of- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en/of de buit en/of de vlucht en/of de beloning voor voornoemde handelingen;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
[medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Enkhuizen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,een telefoon, één of meer passen, een paspoort, één of meer sieraden en/of één of meer zilveren munten en/of één of meer horloges, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer ] , in elk geval aan een ander dan aan [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft/hebben weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer ] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemers aan dat misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren door- één of meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer ] te richten, althans aan die [slachtoffer ] te tonen en/of- (daarbij) één of meermalen te vragen waar de kluis is en/of- (daarbij) te zeggen: “anders schiet ik je door je kop” en/of- (daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te halen en/of de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en/of-(daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijn handen op zijn eigen hoofd en/of- (daarbij) één of meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en/of goud en/of- één of meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek en/of telefoonoplader en/of schoenveter en/of stuk touw vast te binden en/of -(daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en/of op zijn eigen buik te gaan liggen en/of- (daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en/of die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaan en/of dat er meer personen achter zaten,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Bovenkarspel, althans in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, door te fungeren als tussenpersoon en/of als contactpersoon op te treden tussen één of meer al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en/of (zodoende) informatie en/of instructies door te geven door (onder meer)- het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte(n) [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten heeft/hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en/of hebben opgehaald en/of (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en/of- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en/ofde buit en/of de vlucht en/of de beloning voor voornoemde handelingen;Meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Bovenkarspel, althans in Nederland,tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,een telefoon, één of meer passen, een paspoort, één of meer sieraden en/of één of meer zilveren munten en/of één of meer horloges, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer ] , in elk geval aan een ander dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft/hebben weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer ] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemers aan dat misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren door - één of meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer ] te richten, althans aan die [slachtoffer ] te tonen en/of- (daarbij) één of meermalen te vragen waarde kluis is en/of -(daarbij) te zeggen: “anders schiet ik je door je kop” en/of- (daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te halen en/of de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijn handen op zijn eigen hoofd en/of- (daarbij) één of meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en/of goud en/of - één of meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek en/of telefoonoplader en/of schoenveter en/of stuk touw vast te binden en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en/of op zijn eigen buik te gaan liggen en/of- (daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en/of die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaan en/of dat er meer personen achter zaten,
waarbij hij, verdachte,heeft gefungeerd als tussenpersoon en/of als contactpersoon heeft opgetreden met één of meer - al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en/of (zodoende) informatie en/of instructies door heeft gegeven door (onder meer)- het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte(n) [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] , medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten heeft/hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en/of hebben opgehaald en/of (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en/of- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en/of de buit en/of de vlucht en/of de beloning voor voornoemde handelingen,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
Meest subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
[medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Enkhuizen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,een telefoon, één of meer passen, een paspoort, één of meer sieraden en/of één of meer zilveren munten en/of één of meer horloges, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan [slachtoffer ] , in elk geval aan een ander dan aan [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of zijn mededader(s) toebehoorde(n) heeft/hebben weggenomen met het oogmerk om het zich wederrechtelijk toe te eigenen, welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld of bedreiging met geweld tegen [slachtoffer ] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om, bij betrapping op heterdaad, aan zichzelf en/of andere deelnemers aan dat misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren door- één of meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer ] te richten, althans aan die [slachtoffer ] te tonen en/of- (daarbij) één of meermalen te vragen waar de kluis is en/of- (daarbij) te zeggen: "anders schiet ik je door je kop" en/of- (daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te halen en/of de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijn handen op zijn eigen hoofd en/of- (daarbij) één of meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en/of goud en/of- één of meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek en/of telefoonoplader en/of schoenveter en/of stuk touw vast te binden en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en/of op zijn eigen buik te gaan liggen en/of- (daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en/of die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaan en/of dat er meer personen achter zaten,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Bovenkarspel, althans in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft,
door te fungeren als tussenpersoon en/of als contactpersoon op te treden tussen één of meer - al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en/of (zodoende) informatie en/of instructies door te geven door (onder meer) - het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte(n) [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten heeft/hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en/of hebben opgehaald en/of (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en/of- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en/of de buit en/of de vlucht en/of de beloning voor voornoemde handelingen,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
2 hij op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Bovenkarspel, althans in Nederland,tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer ] heeft gedwongen tot de afgifte van een telefoon en/of één of meer geldbedragen en/of één of meer passen en/of een paspoort en/of één of meer sieraden en/of één of meer zilveren munten en/of één of meer horloges, in elk geval enig goed,dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer ] en/of een derde toebehoorde(n), door- één of meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer ] te richten, althans aan die [slachtoffer ] te tonen en/of- (daarbij) één of meermalen te vragen waar de kluis is en/of- (daarbij) te zeggen: "anders schiet ik je door je kop" en/of- daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te halen en/of de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijn handen op zijn eigen hoofd en/of- (daarbij) één of meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en/of goud en/of - één of meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek en/of telefoonoplader en/of schoenveter en/of stuk touw vast te binden en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en/of op zijn eigen buik te gaan liggen en/of- (daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en/of die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaan en/of dat er meer personen achter zaten;
waarbij hij, verdachte,heeft gefungeerd als tussenpersoon en/of als contactpersoon heeft opgetreden met één of meer - al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en/of (zodoende) informatie en/of instructies door heeft gegeven door (onder meer)- het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte(n) [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] , medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten heeft/hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en/of hebben opgehaald en/of (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en/of- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en/of de buit en/of de vlucht en/of de beloning voor voornoemde handelingen;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
[medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Enkhuizen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer ] heeft/hebben gedwongen tot de afgifte van een telefoon en/of één of meer geldbedragen en/of één of meer passen en/of een paspoort en/of één of meer sieraden en/of één of meer zilveren munten en/of één of meer horloges, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer ] en/of een derde toebehoorde (n),door- één of meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer ] te richten, althans aan die [slachtoffer ] te tonen en/of- (daarbij) één of meermalen te vragen waar de kluis is en/of- (daarbij) te zeggen: "anders schiet ik je door je kop" en/of- (daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te halen en/of de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijn handen op zijn eigen hoofd en/of- (daarbij) één of meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en/of goud en/of- één of meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek en/of telefoonoplader en/of schoenveter en/of stuk touw vast te binden en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en/of op zijn eigen buik te gaan liggen en/of- (daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en/of die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaan en/of dat er meer personen achter zaten,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Bovenkarspel, althans in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft,
door te fungeren als tussenpersoon en/of als contactpersoon op te treden tussen één of meer - al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en/of (zodoende) informatie en/of instructies door te geven door (onder meer)- het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte(n) [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten heeft/hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en/of hebben opgehaald en/of (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en/of- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en/of de buit en/of de vlucht en/of de beloning voor voornoemde handelingen;
Meer subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
hij op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Bovenkarspel, althans in Nederland,tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer ] heeft gedwongen tot de afgifte van een telefoon en/of één of meer geldbedragen en/of één of meer passen en/of een paspoort en/of één of meer sieraden en/of één of meer zilveren munten en/of één of meer horloges, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer ] en/of een derde toebehoorde(n), door- één of meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer ] te richten, althans aan die [slachtoffer ] te tonen en/of- (daarbij) één of meermalen te vragen waar de kluis is en/of- (daarbij) te zeggen: "anders schiet ik je door je kop" en/of- daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te halen en/of de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijn handen op zijn eigen hoofd en/of- (daarbij) één of meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en/of goud en/of- één of meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek en/of telefoonoplader en/of schoenveter en/of stuk touw vast te binden en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en/of op zijn eigen buik te gaan liggen en/of- (daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en/of die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaanen/of dat er meer personen achter zaten,
waarbij hij, verdachte,heeft gefungeerd als tussenpersoon en/of als contactpersoon heeft opgetreden met één of meer - al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en/of (zodoende) informatie en/of instructies door heeft gegeven door (onder meer) - het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte(n) [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] , medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten heeft/hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en/of hebben opgehaald en/of (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en/of- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en/of de buit en/of de vlucht en/of de beloning voor voornoemde handelingen,terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
Meest subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
[medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Enkhuizen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer ] heeft/hebben gedwongen tot de afgifte van een telefoon en/of één of meer geldbedragen en/of één of meer passen en/of een paspoort en/of één of meer sieraden en/of één of meer zilveren munten en/of één of meer horloges, in elk geval enig goed, dat/die geheel of ten dele aan die [slachtoffer ] en/of een derde toebehoorde (n),door- één of meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer ] te richten, althans aan die [slachtoffer ] te tonen en/of- (daarbij) één of meermalen te vragen waar de kluis is en/of- (daarbij) te zeggen: "anders schiet ik je door je kop" en/of- (daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te halen en/of de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijn handen op zijn eigen hoofd en/of- (daarbij) één of meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en/of goud en/of - één of meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek en/of telefoonoplader en/of schoenveter en/of stuk touw vast te binden en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en/of op zijn eigen buik te gaan liggen en/of- (daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en/of die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaan en/of dat er meer personen achter zaten,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Bovenkarspel, althans in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft,
door te fungeren als tussenpersoon en/of als contactpersoon op te treden tussen één of meer - al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en/of (zodoende) informatie en/of instructies door te geven door (onder meer) - het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte(n) [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten heeft/hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en/of hebben opgehaald en/of (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en/of- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en/of de buit en/of de vlucht en/of de beloning voor voornoemde handelingen,
terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
3. hij op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Bovenkarspel, althans in Nederland,tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,opzettelijk[slachtoffer ]wederrechtelijk van de vrijheid heeft beroofd en/of beroofd gehouden, door één of meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer ] te richten, althans aan die [slachtoffer ] te tonen en/of- (daarbij) één of meermalen te vragen waar de kluis is en/of- (daarbij) te zeggen: "anders schiet ik je door je kop" en/of- (daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te halen en/of de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijn handen op zijn eigen hoofd en/of- (daarbij) één of meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en/of goud en/of - één of meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek en/of telefoonoplader en/of schoenveter en/of stuk touw vast te binden en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en/of op zijn eigen buik te gaan liggen en/of- (daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en/of die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaanen/of dat er meer personen achter zaten,
waarbij hij, verdachte,heeft gefungeerd als tussenpersoon en/of als contactpersoon heeft opgetreden met één of meer - al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en/of (zodoende) informatie en/of instructies door heeft gegeven door (onder meer)- het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte(n) [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] , medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten heeft/hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en/of hebben opgehaald en/of (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en/of- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en/of de buit en/of de vlucht en/of de beloning voor voornoemde handelingen;
subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:
[medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam,gemeente Vijfheerenlanden, en/of Enkhuizen, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk
[slachtoffer ] wederrechtelijk van de vrijheid heeft/hebben beroofd en/of beroofd gehouden, door één of meermalen een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op het hoofd en/of lichaam van die [slachtoffer ] te richten, althans aan die [slachtoffer ] te tonen en/of- (daarbij) één of meermalen te vragen waar de kluis is en/of- (daarbij) te zeggen: "anders schiet ik je door je kop" en/of- (daarbij) het magazijn uit een vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te halen en/of de kogels in het vuurwapen, in elk geval een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, te tonen en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen om op zijn eigen buik te gaan liggen met zijn handen op zijn eigen hoofd en/of- (daarbij) één of meermalen Die [slachtoffer ] te vragen naar zijn geld en/of goud en/of - één of meermalen die [slachtoffer ] met een theedoek en/of telefoonoplader en/of schoenveter en/of stuk touw vast te binden en/of- (daarbij) die [slachtoffer ] te bevelen zijn eigen handen op zijn eigen rug te doen en/of op zijn eigen buik te gaan liggen en/of- (daarbij) te zeggen dat hij de zaak van die [slachtoffer ] zou opblazen en/of die [slachtoffer ] een kogel door zijn kop zou krijgen als die [slachtoffer ] naar de politie zou gaan en/of dat er meer personen achter zaten,
bij en/of tot het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 25 juli 2025 te Leerdam, gemeente Vijfheerenlanden, en/of Bovenkarspel, althans in Nederland, opzettelijk behulpzaam is geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft,
door te fungeren als tussenpersoon en/of als contactpersoon op te treden tussen één of meer - al dan niet: onbekend gebleven - medeverdachten en/of (zodoende) informatie en/of instructies door te geven door (onder meer)- het adres van een bushalte te sturen naar medeverdachte [medeverdachte 2] waar medeverdachte(n) [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 2] medeverdachte [medeverdachte 1] en/of één of meer (tot op heden onbekend gebleven) medeverdachten heeft/hebben ontmoet voorafgaand aan de strafbare feiten en/of hebben opgehaald en/of (vervolgens) vervoerd naar de woning van die [slachtoffer ] en/of- nauw contact te onderhouden over de gang van zaken omtrent het misdrijf en/of de buit en/of de vlucht en/of de beloning voor voornoemde handelingen;
Bijlage II: Bewijsmiddelen
Een proces-verbaal van aangifte, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Op 25 juli 2025 om 20:24 hoorde ik een persoon die mij opgaf te zijn:
Aangever
Voornamen : [voornamen]
Voorvoegsel : […]
Achternaam : [slachtoffer ]
Geboortedatum : [1962]
Vandaag rond 18.30 uur kwam ik thuis (de rechtbank begrijpt de woning aan [adres] te [woonplaats] ). Ik sta binnen in de gang om de deur te sluiten. Toen werd de deur open geduwd door 1 persoon met een vuurwapen in zijn hand. Ik herkende het direct als een handvuurwapen. Hij richtte meteen het vuurwapen op mijn hoofd en vroeg waar mijn kluis was. Hij duwde mij in de schuur. Hij vroeg toen weer waar de kluis was. Hij zei anders schiet ik je door je kop. Hij haalde het magazijn uit het wapen en liet toen zien dat er echte kogels in zaten. Ik zag de koperkleurige puntjes op de kogels zitten. Hierna deed hij weer het magazijn in het wapen. Toen heb ik 100 euro aan hem gegeven. Hij vroeg “waar is de kluis?”. Dat vroeg hij wel 20 keer aan mij. Ik ben toen voor hem uit naar boven gelopen naar het kluisje. Dat stond open zoals altijd. Ondertussen hield hij mij onder schot. Hij hield het wapen in mijn rug gericht. Ik voelde dat hij het wapen in mijn rug duwde. Dit voelde als hetzelfde wapen dat hij op mijn hoofd drukte.
Toen hij het kluisje zag moest ik van hem op mijn buik gaan liggen met de handen op mijn hoofd. Toen ging hij heel het kantoor doorspitten en bleef vragen om geld en goud. Hij vroeg toen om mijn telefoon en die gaf ik hem. Ik moest mijn bankrekening laten zien. Ik heb mijn privérekening laten zien en niet mijn zakelijke rekening. Ik bleef zeggen dat ik het niet had. Ik zag dat hij het bruin leren kastje die op het kluisje stond openen en omkiepte in zijn zwarte sporttas. Er zaten 8 horloges in en zilveren munten.
Daarna heeft hij mij met een theedoek vastgebonden. Er vond verder geen geweld plaats toen hij mij vastbond omdat ik bang was voor die kogel. Toen is hij naar de slaapkamer gelopen om daar te gaan zoeken. Ondertussen kon ik mezelf los wringen en wilde ik mijn telefoon terugpakken die op een kastje lag. Dit zag hij en toen heeft hij mij opnieuw bedreigd met het vuurwapen en moest ik mijn handen op mijn rug doen. Het wapen hield hij weer op mij gericht, van heel dichtbij, vlakbij mijn hoofd. Hij bond mij vast met een telefoonoplader die in mijn bureau lag. Hij deed mijn telefoon ook in zijn zwarte sporttas. Bij mijn telefoon zaten de volgende goederen in het hoesje: rijbewijs, identiteitskaart, 2 x bankpas (zakelijk en privé).
Toen moest ik naar beneden van hem. Toen heb ik mezelf losgemaakt. Ik moest weer naar de schuur op mijn buik gaan liggen. Daar bond hij mij weer vast met een veter of een stuk touw. Hij dreigde toen dat hij mijn zaak op zou blazen als ik naar de politie zou gaan en een kogel door mijn kop zou krijgen. Hij zei tegen mij dat het een inside job was en dat er meer mensen achter zaten. Ik moest vooral de politie niet waarschuwen. Toen liep hij weg.
Een proces-verbaal van de rechter-commissaris van verhoor getuige [slachtoffer ] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven
U zei zojuist dat u niet alles heeft kunnen zien, omdat u vastgebonden was. Kunt u vertellen wat u wel heeft gezien als het gaat om wat er zou zijn weggenomen?
Hij heeft weggenomen het kistje waar zilver in zat, mijn horloges en mijn paspoort. Het waren acht/negen horloges.
U heeft verklaard in uw aangifte dat er door die man ook gesproken en gevraagd werd naar een kluis.
Ja, daar kwam hij gelijk voor binnen. Ik stond met mijn rug naar de straat toe. Ik kreeg een pistool in mijn nek geduwd en hoe vroeg: ‘waar is de kluis waar die twee/drie ton in zit?’. Dat was de eerste tekst die ik hoorde.
Wat was uw reactie daarop?
Ik zei dat hij weg moest gaan. Hij stond al tussen de deur en de post in. Ik kreeg hem er al niet meer uit.
De persoon die bij u binnen is geweest heeft verklaard dat gedurende dit hele gebeuren hij ook nog met iemand aan de telefoon is geweest.
Ja, dat klopt.
Wat kunt u daarover vertellen? Wat heeft u daarvan meegekregen?
Dat hij gepusht werd om door te zoeken.
Rechter-commissaris: heeft u hem iets horen zeggen, de persoon aan de andere kant van de lijn?
Ja, want hij stond op facetime.
Toen hij de deur uit liep, stond de vluchtauto voor de deur. Mijn buurjongen stond voor de deur. Hij zag hem de deur uithollen en belde gelijk 112.
Ik hoor vandaag ook voor het eerst dat u gezien heeft dat er via Facetime werd ingebeld. Kunt u nog meer details benoemen van wat u zag?
Die auto stond al klaar toen ik thuis kwam. Ik moest even boodschappen doen en kwam weer terug met de auto. Die auto stond er nog, maar ik heb niet in de auto gekeken. Die jongen stond al om kwart over 6 klaar in de auto.
Een proces-verbaal van verhoor medeverdachte [medeverdachte 1] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Er was toen een tip gekomen dat er geld zou liggen bij die man (de rechtbank begrijpt: de aangever). Ik ging daarheen om die geld te pakken. Ik heb hem wel bedreigd, op de grond gedrukt en vastgebonden. Die man heeft rekeningen laten zien. Die ene persoon belde mij en vroeg mij naar die bankrekening. Er was communicatie met een andere persoon. Die man daar hoorde het hele gesprek, want hij stond op speaker. Er werd gezegd goed zoeken naar geld, kijk waar kluis was. Dat ging via Face-Time. Toen ik binnenkwam had ik een vuurwapen in mijn hand. Het was een zwart wapen, klein formaat. Ik had een grote tas mee om het geld in te stoppen.
Een proces-verbaal van verhoor verdachte, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
V: Jij hebt afgesproken met [medeverdachte 2] (de rechtbank begrijpt: medeverdachte [medeverdachte 2] ). Hoe laat en waar heb jij afgesproken? A: Hoe laat maakt niet uit, hij had mij gevraagd voor een klusje. [medeverdachte 2] zei dat tijd niet uitmaakte, als ik maar rond een uur of 5 in de middag ergens moest zijn. Ik kreeg tijdens het rijden een berichtje van [medeverdachte 2] waar ik moest zijn.
V: Had [medeverdachte 2] aangegeven wat voor klus het was? A: [medeverdachte 2] had gezegd dat ik 2 personen moest afzetten ergens. Ik moest ze eerst ergens ophalen. Op het adres wat hij mij appte. De mannen die ik had opgepikt, vertelde mij waar ik daarna heen moest rijden.
V: Wat gebeurde er op de plaats waar je de mannen moest ophalen? A: Ik kon het eerst niet vinden, dus heb ik rondgereden. Ik heb ze uiteindelijk gevonden. Ze zijn bij mij ingestapt. Allebei op de achterbank.
V: Hoe zagen de mannen eruit? A: Het waren 2 mannen, allebei een trainingspak aan en een had een petje. Ander met rastahaar, die had een soort badmuts op
V: Wat gebeurde nadat ze waren ingestapt? A: Ze vertelde dat ik naar Leerdam moest en ik moest via de snelweg. Ik ben uiteindelijk ergens in Leerdam bij een sportcomplex gestopt en is de man met Arabisch uiterlijk uitgestapt om te bellen. Daaruit bleek dat we niet op de goede plek stonden en moesten we ergens anders heen. Ik moest toen richting de woning rijden. Ik reed daar eerst voorbij en een straat links na de woning moest ik stoppen. Daar stapte de Arabische man weer uit en ging weer bellen. Ik denk dat hij wel een minuut of 20 weg was. Hij ging ook een rondje lopen. Nadat hij terug kwam, zei hij dat ik de auto op een andere plek moest zetten, met zicht in de straat van de bewuste woning. Toen de Arabische man aan het bellen was, is de Surinaamse man naast mij in de auto gaan zitten. De Arabische man is nadat hij terugkwam bij de auto niet meer in de auto bij mij gaan zitten.
V: Jij bent een tijdje onderweg met die mannen geweest. Heb jij nooit gevraagd wat ze gingen doen? A: Nee heb ik niet gevraagd. Ik dacht dat het om een of andere drugsdeal zou gaan. Ik heb uit veiligheidsoverwegingen niet verder gevraagd.
V: Wat gebeurde daarna? A: Wij bleven wachten. Er is niets gezegd. De Surinaamse man zat op z’n telefoon en te roken. Het slachtoffer liep op een bepaald moment langs onze auto en toen stapte de Surinaamse man uit. De Surinaamse man had een zwarte rugtas bij zich. V: Hoe wist je dat de man die voorbij liep het slachtoffer was? A: De Surinaamse man was steeds aan het appen en toen die man voorbij liep, stapte de Surinaamse man uit.
O: Hij stapt uit met de rugtas
V: Wat gebeurde er toen?
A: Ik zag dat de Surinaamse man met die rugtas de woning inliep achter het slachtoffer aan.
V: En wat gebeurde er vervolgens?
A: Ik heb ongeveer een half uur gewacht.
Een proces-verbaal van verhoor medeverdachte [medeverdachte 2] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
V: Jij hebt een zwarte Volkswagen Fox voorzien van kenteken [kenteken] op je naam staan, wat kan jij over deze auto verklaren?
A: Ja, dat is mijn auto.
V: Aan wie heb jij je auto vrijdag uitgeleend?
A: Dat zeg ik liever niet.
A: Omdat die persoon al gepakt is.
V: Ken jij de jongen die opgepakt is, [medeverdachte 3] ?
A: Ja.
V: Hebben jullie nog op een andere manier contact gehad?
A: Op de terugweg en vlak voordat hij werd opgepakt heeft hij me gebeld.
Een proces-verbaal van verhoor medeverdachte [verdachte] , voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
O: je vertelde dat je bewuste dag 25 juli 2025 omstreeks 12:00 uur werd jij benaderd door [contactnaam 1] .
V: Hoe werd je door hem benaderd?
A: via een WhatsApp
V: Wat was zijn verzoek?
A: Hij vroeg of ik een chauffeur kon regelen om 2 jongens weg te brengen.
V: Werd toen al gezegd waarheen?
A: nee toen nog niet, alleen dat het om 2 mensen ophalen in Gorinchem ging.
V: Wat heb je toen gedaan?
A: ik vertelde hem dat ik zou gaan rondkijken, om te kijken wat ik voor hem kon doen.
O: Ik hoorde je net vertellen datje eerst rondvroeg in jouw vriendenkring.
A: Wel bereiken maar heel veel konden er niet, die waren aan het werk of konden gewoon niet.
V: Heb je [contactnaam 1] wel eens in het echt gezien?
A: nee
O: Net gaf je aan dat je je vrienden niet kon bereiken en dus contact opnam met iemand anders.
V: Wie was dat?
A: [contactnaam 2]
O: Toen vroeg je dus aan [contactnaam 2] of hij iemand wist?
A: Ja die ging even voor mij kijken en toen kwam hij met het telefoonnummer van [medeverdachte 2] .
A: toen kwam rond 1400 uur het eerste bericht van [medeverdachte 2] dat hij het wel wilde doen.
A: Dat ging via WhatsApp en telefonisch.
A: Vervolgens krijg ik eerste info van [contactnaam 1] dat er 2 mensen moesten worden opgehaald. Hier kwam de vraag van [medeverdachte 2] of dit geen groot risico was. Vervolgens nam ik weer contact op met [contactnaam 1] en die zei dat het 9 van de 10 keer goed ging en dat gaf ik vervolgens weer door aan [medeverdachte 2] .
Rond 5 uur/ kwart over 5 kwam deze in Gorinchem aan en kon hij de heren eerste instantie niet vinden. Ik kreeg vervolgens de informatie van [contactnaam 1] dat het zou gaan om twee Antilliaanse mannen, waardoor het een stuk makkelijker zou zijn om deze aan te treffen. Hierbij kwam de informatie dat 1 persoon zou overstappen in de auto bij [contactnaam 1] en de andere persoon zou in de auto bij de chauffeur blijven zitten.
Rond 20:00 uur / 20:15 krijg ik het bericht van [medeverdachte 2] dat zijn jongen weer onderweg naar huis was en dat hij zonder iets ervoor gehad te hebben weer terug is gegaan.
Een proces-verbaal van bevindingen, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:
Op 25 juli 2025 omstreeks 18.30 uur vond er een gewapende woningoverval plaats aan [adres] te [woonplaats] . Diezelfde dag en datum om 21.00 uur werd aan de [adres] te [woonplaats] [medeverdachte 3] , geboren [2003] , aangehouden op verdenking van betrokkenheid bij de woningoverval. De mobiele telefoon van [medeverdachte 3] , een Apple Iphone 13, werd in beslag genomen ten behoeve van het onderzoek. Ik stelde een onderzoek in naar de inhoud van de mobiele telefoon.
Ik zag meerdere afbeeldingen in de telefoon staan die zogeheten selfies leken. Ik zag dat de persoon op de selfies sterke gelijkenis vertoonde met [medeverdachte 3] .
Ik zocht in de telefoon naar informatie betreffende de woningoverval gepleegd op 25 juli 2025 omstreeks 18.30 uur. Ik zag dat er whatsapp contact was tussen de gebruiker van de telefoon en telefoonnummer [telefoonnummer medeverdachte 2] @s.whatsapp.net met gebruikersnaam [medeverdachte 2] .
Ik zag dat er op 25 juli 2025 een chat was via Snapchat tussen de gebruiker van de telefoon met het account [Snapchataccount medeverdachte 3] en gebruikersnaam [medeverdachte 3] en het account [accountnaam medeverdachte 3] met gebruikersnaam [gebruikersnaam medeverdachte 3] .
Ik zag dat er op 25 juli 2025 een chat was via Snapchat tussen de gebruiker van de telefoon met het account [Snapchataccount medeverdachte 3] en gebruikersnaam [medeverdachte 3] .
Ik zag dat door [Snapchataccount medeverdachte 2] op 19 juli 2025 om 00.51 .24 uur een video werd gestuurd. Ik zag dat er twee mannen in de video te zien waren. Ik zag dat degene die vermoedelijk de video maakte zichzelf filmde.
Ik bekeek de politiefoto van verdachte [medeverdachte 2] in de politiesystemen. Ik herkende aan de hand van deze foto de man in de video als [medeverdachte 2]
Een proces-verbaal van bevindingen, voor zover inhoudende, zakelijke weergegeven:
Op 28 juli 2025 werd [medeverdachte 2] aangehouden in [woonplaats] . Daarbij werd de telefoon van de verdachte in beslaggenomen. Naar aanleiding van de inbeslagname van de mobiele telefoon werd door mij, verbalisant [verbalisant] , met toestemming van de Officier van Justitie de inhoud bekeken.
Vervolgens zag ik een gesprek met datum 25-7-2025, tussen [telefoonnummer verdachte] @s.whatsapp.net [verdachte] en [telefoonnummer medeverdachte 2] @s.whatsapp.net [medeverdachte 2] (owner).
Ik zag dat [verdachte] de volgende afbeeldingen bij nummer 36 en 37 naar [medeverdachte 2] (owner) stuurde. Ik zag dat het om screenshots van een whatsappgesprek ging. Ik zag dat er linksboven in beeld de naam [contactnaam 1] stond.