ECLI:NL:RBMNE:2026:15

ECLI:NL:RBMNE:2026:15, Rechtbank Midden-Nederland, 07-01-2026, 16/019655-20 (ontneming)

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 07-01-2026
Datum publicatie 07-01-2026
Zaaknummer 16/019655-20 (ontneming)
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Lelystad

Samenvatting

De rechtbank heeft in verband met de vrijspraak in de onderliggende strafzaak de vordering van de officier van justitie, strekkende tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Lelystad

Parketnummer: 16/019655-20 (ontneming)

Vonnis van de meervoudige kamer op de vordering van de officier van justitie tot ontneming

in de zaak tegen

[benadeelde] ,

geboren op [1966] in [geboorteplaats] ,

ingeschreven op het adres [adres] in [woonplaats] ,

(hierna: de betrokkene).

1. ONDERZOEK TER TERECHTZITTING

De vordering is inhoudelijk behandeld op de terechtzitting van 12 december 2025. Het onderzoek is met instemming van de advocaat van de betrokkene enkelvoudig gesloten op 7 januari 2026, waarna direct daarna uitspraak is gedaan.

Op de zitting op 12 december 2025 waren aanwezig:

De rechtbank heeft kennisgenomen van het onderliggende strafdossier en het daarin opgenomen ontnemingsrapport waarin het wederrechtelijk verkregen voordeel is geraamd op € 400.244,20.

2. VORDERING

De standpunten van de officier van justitie en de verdediging

De officier van justitie en de advocaat van de betrokkene hebben zich in verband met de verzochte vrijspraak van de onder 1 primair en 1 subsidiair ten laste gelegde feiten op het standpunt gesteld dat de vordering moet worden afgewezen.

De beoordeling van de vordering

De rechtbank heeft de betrokkene in de onderliggende strafzaak met parketnummer 16/019655-20 bij vonnis van 7 januari 2026 vrijgesproken van het (onder 1 ten laste gelegde) feit op basis waarvan het wederrechtelijk verkregen voordeel is berekend. Gelet op deze vrijspraak kan niet worden vastgesteld dat de betrokkene wederrechtelijk voordeel heeft verkregen, zodat de rechtbank de vordering van de officier van justitie zal afwijzen.

3. BESLISSING

De rechtbank wijst de vordering van de officier van justitie, strekkende tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, af.

Dit vonnis is gewezen door mr. A. Blanke, voorzitter, mrs. H.J. van Woudenberg en J.A. Koorevaar, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.B. Postma als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 7 januari 2026.

De voorzitter en oudste rechter zijn niet in de gelegenheid dit vonnis te ondertekenen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A. Blanke

Griffier

  • mr. A.B. Postma

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?