ECLI:NL:RBMNE:2026:2235

ECLI:NL:RBMNE:2026:2235

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 24-04-2026
Datum publicatie 07-05-2026
Zaaknummer 11942091
Rechtsgebied Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Wahv, misbruik van recht. De gemachtigde speelt een kansspel met het instellen van ‘lege’ beroepen en het weer intrekken daarvan: er wordt op gegokt dat de redelijke termijn van berechting wordt overschreden.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

[betrokkene] , wonende te [woonplaats] , [adres] ,

Strafrecht

zittingsplaats Utrecht

zaaknummer: 11942091 UM VERZ 25-6040

CJIB-nummer: 265687785

beslissing van de kantonrechter van 24 april 2026 en proces-verbaal van de zitting van 17 april 2026

inzake

hierna te noemen: betrokkene,

gemachtigde: B. Benedict van Verkeersboete.nl.

Procesverloop

Bij inleidende beschikking is aan betrokkene een administratieve sanctie opgelegd van € 120,00. De sanctie is opgelegd voor een gedraging op 20 april 2024 om 19:44 uur te Nieuwegein, Ravensewetering met de tweewielige bromfiets, kenteken [kenteken] . Het gaat om bestuurder of passagier bromfiets draagt geen goedgekeurde/ goed passende/ deugdelijk bevestigde helm.

Bij beslissing op het administratief beroep heeft de officier van justitie de sanctie gehandhaafd en het beroep ongegrond verklaard.

Tegen de beslissing van de officier van justitie heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De kantonrechter heeft partijen in de gelegenheid gesteld om op de zitting van 17 april 2026 hun zienswijze nader toe te lichten. Gemachtigde is verschenen. Namens de officier van justitie is een zittingsvertegenwoordiger verschenen.

De kantonrechter heeft het onderzoek ter zitting gesloten en één week later uitspraak gedaan.

Standpunten

Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat het volgende aangevoerd:

- de redelijke termijn van berechting is geschonden;

- er wordt om een proceskostenvergoeding verzocht.

De gemachtigde heeft ter zitting geen aanvulling op de ingediende gronden in beroep.

De zittingsvertegenwoordiger heeft ter zitting het standpunt ingenomen dat het beroep bij de kantonrechter gedeeltelijk gegrond is gelet op de schending van de redelijke termijn van berechting. Het sanctiebedrag dient daarom gematigd te worden met 25%. Voor het overige stelt zij zich op het standpunt dat het beroep bij de kantonrechter ongegrond is. Voor wat betreft de proceskostenvergoeding dient deze zaak als samenhangend afgedaan te worden met alle zaken die vandaag op zitting staan waarin enkel de schending van de redelijke termijn van berechting is aangevoerd.

Beoordeling

De gemachtigde heeft in onderhavige zaak, evenals in de andere zaken van de gemachtigde die op de zitting van 17 april 2025 stonden, namens de betrokkene pro forma beroep ingesteld. De gemachtigde is in deze zaak vervolgens niet met een inhoudelijke grond gekomen. Kennelijk zag de gemachtigde (als professionele, juridisch onderlegde partij) in dat het bestrijden van de verkeersboete geen kans van slagen had.

De gemachtigde heeft dat niet alleen in de onderhavige zaak gedaan, maar ook in negen andere zaken die op de zitting van 17 april 2025 stonden.

De gemachtigde heeft vier zaken, waarin hij kennelijk evenmin een inhoudelijke grond zag voor het bestrijden van de verkeersboete maar waarin de redelijke termijn nog niet was verstreken, een dag voor of op de zitting ingetrokken. Omdat de gemachtigde de zaken pas vlak voor of op de zitting introk, was het niet meer mogelijk om die (kostbare) zittingstijd nog te vullen met andere zaken.

De kantonrechter stelt vast dat de gemachtigde in één derde van de zaken die hij op de zitting van 17 april 2025 had staan (inclusief de vier zaken die de gemachtigde kort voor of op de zitting heeft ingetrokken), geen inhoudelijke grond heeft aangevoerd (hierna: ‘lege’ beroepen).

Met het instellen van ‘lege’ beroepen en het kort voor of op de zitting weer intrekken daarvan als blijkt dat de redelijke termijn nog niet is verstreken, verkwanselt de gemachtigde zittingstijd, die aan zaken had kunnen worden besteed die ertoe te doen: zaken van betrokkenen en gemachtigden die op inhoudelijke gronden tegen een verkeersboete willen opkomen.

Naar het oordeel van de kantonrechter speelt de gemachtigde met het instellen van ‘lege’ beroepen in feite een kansspel: de gemachtigde gokt erop dat de redelijke termijn wordt overschreden teneinde 25% korting op de boete en een proceskostenveroordeling te verkrijgen, en stelt alleen met het oog daarop ‘lege’ beroepen in.

De kantonrechter is van oordeel dat de gerechtelijke procedure daarvoor niet bedoeld. Het spreekt vanzelf dat de rechtspraak een verantwoordelijkheid heeft voor het tijdig afdoen van ingestelde beroepen, maar met het instellen van ‘lege’ beroepen zorgt de gemachtigde er alleen maar voor dat het rechtssysteem (verder) verstopt raakt, waardoor betrokkenen en gemachtigden die hun verkeersboete wél inhoudelijk willen aanvechten, (nog) lang(er) moeten wachten op de behandeling van hun zaak.

Naar het oordeel van de kantonrechter maakt de gemachtigde met deze werkwijze (het instellen van ‘lege’ beroepen met alleen het oog op het verstrijken van de redelijke termijn) misbruik van procesrecht. Dat maakt dat de kantonrechter dit beroep (evenals de negen andere beroepen waarin geen inhoudelijke gronden zijn aangevoerd) niet-ontvankelijk zal verklaren.

Beslissing

De kantonrechter:

- verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze beslissing is genomen door mr. I.G.C. bij de Vaate, kantonrechter, en uitgesproken op de openbare zitting van 24 april 2026, in tegenwoordigheid van de griffier.

de griffier, de kantonrechter,

J. van Veen mr. I.G.C. bij de Vaate

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:

Het beroepschrift moet worden ingediend bij

de rechtbank Midden-Nederland, Afdeling Strafrecht,

locatie Utrecht, o.v.v. Mulderzaken, postbus 16005, 3500 DA Utrecht.

Let u erop dat u of uw gemachtigde het beroepschrift heeft ondertekend.

De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in uw beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting vraagt waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.

Datum toezending proces-verbaal:

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand