beschikking
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Zorgmachtiging (artikel 2.3, eerste lid, Wet forensische zorg (Wfz) jo. art. 6:5, aanhef en onderdeel a, Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz))
Rekestnummer: ZM/IND/197314
Parketnummer: 16/374420-24
Beschikking van de rechtbank op het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wvggz, ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [1975] te [geboorteplaats] ,
wonende op het adres [adres] te [woonplaats] ,
momenteel verblijvende in de [verblijfplaats] ,
hierna te noemen: de betrokkene,
bijgestaan door mr. B. van Nimwegen, advocaat te Zeist.
1. Procesverloop
De officier van justitie heeft verzocht om een zorgmachtiging ten behoeve van de betrokkene te verlenen. Dit verzoekschrift is op 22 april 2026 bij de rechtbank binnengekomen. Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
de medische verklaring;
de zorgkaart inclusief de bijlagen;
het zorgplan inclusief de bijlagen;
de bevindingen van de geneesheer-directeur;
historisch overzicht rechtbank de politiegegevens en de strafvorderlijke en justitiële gegevens van de betrokkene die relevant kunnen zijn voor de beoordeling van het ernstig nadeel.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 30 april 2026 in het gebouw van de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, gelijktijdig met de strafzaak tegen de betrokkene met bovengenoemd parketnummer.
Ter zitting zijn aanwezig en worden gehoord:
de betrokkene;
de advocaat van de betrokkene, mr. B. van Nimwegen;
de advocaat van de betrokkene in de strafzaak, mr. D. Eijpe;
de officier van justitie;
de deskundige dhr. K. Schaafsma, sociaal psychiatrisch verpleegkundige bij [instelling] .
Vervolgens is de beschikking bepaald op heden.
2. Standpunt van het Openbaar Ministerie
De officier van justitie heeft de rechtbank verzocht een zorgmachtiging te verlenen. Ten aanzien van de verschillende vormen van zorg en de op te leggen duur heeft de officier van justitie verwezen naar het verzoekschrift.
3. Standpunt van betrokkene
De advocaat van de betrokkene heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. De betrokkene heeft ter zitting verklaard te begrijpen waarom een zorgmachtiging wordt verzocht, te begrijpen wat dat inhoudt en zich te zullen conformeren aan de vormen van zorg, zoals omschreven in het verzoekschrift.
4. Beoordeling
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat de betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van een schizofrenie spectrum stoornis en andere psychotische stoornissen welke wordt gecompliceerd door een stoornis in het gebruik van cannabis.
Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in:
ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische, immateriële en financiële schade, ernstige verwaarlozing en maatschappelijke teloorgang, voor en van de betrokkene of een ander;
de situatie dat de betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept;
de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
Om:
ernstig nadeel af te wenden;
de geestelijke gezondheid van de betrokkene dusdanig te herstellen dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint,
de fysieke gezondheid van de betrokkene (in het geval diens gedrag als gevolg van zijn psychische stoornis leidt tot ernstig nadeel daarvoor) te stabiliseren,
heeft de betrokkene verplichte zorg nodig.
Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig. De in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring en het advies van de geneesheer-directeur.
De volgende vormen van zorg worden voor na te noemen duur verzocht:
Vorm van zorg
Duur
toedienen van medicatie
het verrichten van medische controles
het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening
6 maanden
6 maanden
6 maanden
beperken van de bewegingsvrijheid
6 maanden
onderzoek aan kleding of lichaam
6 maanden
onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen
6 maanden
controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen
6 maanden
aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen
6 maanden
beperken van het recht op het ontvangen van bezoek
6 maanden
opnemen in een accommodatie
6 maanden
De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste zorg is rekening gehouden met de met de veiligheid van de betrokkene en met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van de betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
De rechtbank komt tot de conclusie dat is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. De zorgmachtiging zal dan ook worden verleend.
De verschillende vormen van zorg kunnen voor de hieronder gestelde termijnen worden toegepast. Deze termijnen zijn noodzakelijk om het doel van verplichte zorg te realiseren.
5. Beslissing
De rechtbank:
Wijst toe het verzoek van de officier van justitie en verleent een zorgmachtiging voor de duur van 6 maanden ten aanzien van
[betrokkene] ,
geboren op [1975] te [geboorteplaats] ,
inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
Deze zorgmachtiging is bij voorraad uitvoerbaar. De machtiging is geldig vanaf dagtekening en moet binnen twee weken ten uitvoer worden gelegd.
Deze beschikking is op 13 mei 2026 gegeven door mr. J.F. Haeck, voorzitter, mr. I.J.B. Corbeij en mr. M. Pieplenbosch, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J. van der Steege, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 13 mei 2026.
De oudste rechter is niet in de gelegenheid deze beschikking mede te ondertekenen.
Tegen de beschikking van deze rechtbank staat voor verzoeker beroep in cassatie bij de Hoge Raad open, in te stellen door een advocaat door het indienen van een verzoekschrift bij de griffie van de Hoge Raad,
binnen drie maanden na de dag van de uitspraak van deze beschikking.