ECLI:NL:RBMNE:2026:2731

ECLI:NL:RBMNE:2026:2731

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 20-05-2026
Datum publicatie 19-05-2026
Zaaknummer 16/238587-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Veroordeling voor bedreiging. De verdachte is tijdens schooluren een basisschool binnengelopen en heeft verschillende bedreigende uitingen geroepen tegen een moeder die op de school aanwezig was, en waarbij ook andere personen aanwezig waren. De rechtbank legt een gevangenisstraf op voor de duur van 106 dagen met aftrek van het voorarrest. Daarnaast legt de rechtbank een vrijheidsbeperkende maatregel ex art. 38v van het Wetboek van Strafrecht op met een contact- en locatieverbod,

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht

Zittingsplaats Utrecht

Parketnummer: 16/238587-25

Tegenspraak (art. 279 Sv)

Vonnis van de meervoudige kamer van 20 mei 2026 in de strafzaak van:

[verdachte] ,

geboren op [1987] in [geboorteplaats] ,

BRP-adres: [adres 1] , [postcode] in [woonplaats] ,

(hierna: de verdachte).

1. Zitting

De strafzaak van de verdachte is inhoudelijk behandeld op de openbare zitting van 6 mei 2026.

Op de zitting waren aanwezig de officier van justitie mr. R.E. Craenen en de gemachtigde advocaat van de verdachte mr. M.J. Lamers (hierna: de advocaat).

2. Tenlastelegging

De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij, samengevat, op 8 september 2025 in [plaats] [slachtoffer] en schoolkinderen heeft bedreigd.

De volledige tekst van de beschuldiging staat in de bijlage bij dit vonnis.

3. Bewijs en bewezenverklaring

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat kan worden bewezen dat de verdachte het feit heeft gepleegd.

Standpunt van de verdediging

De advocaat heeft verzocht om de verdachte gedeeltelijk vrij te spreken van het feit. Volgens de advocaat kan niet bewezen worden dat de verdachte de woorden onder de eerste drie gedachtestreepjes van de beschuldiging – grofweg inhoudende dat hij iedereen, en ook de kinderen, dood zou maken - heeft gezegd en dat de verdachte kinderen heeft bedreigd. Voor het overige heeft de advocaat zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. Voor zover van belang voor de beoordeling, zal hieronder nader op de standpunten van de advocaat worden ingegaan.

Oordeel van de rechtbank

Bewijsmiddelen

De rechtbank oordeelt dat het feit is bewezen. De rechtbank baseert dit oordeel op de volgende bewijsmiddelen:

Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer] van 8 september 2025, voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven:

Ik doe aangifte van bedreiging. Ik heb het gevoel dat mijn leven en dat van de leerlingen op de school in gevaar is. Op 8 september 2025 kwam ik op de school [naam basisschool] in [plaats] . Ik zag een man. Toen ik achterom keek zag ik dat de man naast mij stond. De man was eerder binnen dan dat ik was. Ik hoorde dat de man begon met schreeuwen. Ik hoorde dat hij het volgende schreeuwde:- dat hij iedereen in de school dood zou gaan maken;- ik ga dit echt doen ik maak iedereen dood;- ik zweer dat ik iedereen vooral de kinderen ga doodmaken.

Ik zag dat de man naar buiten liep. Ik liep achter hem aan. Ik merkte dat de man bozer werd. Ik hoorde dat hij zijn stem meer ging verheffen. Ik hoorde dat de man zei dat het de kinderen van deze school moesten zijn. Ik hoorde dat de man zei dat hij alle kinderen zou gaan doodschieten en dat hij niets te verliezen had.

Ik zag dat er verschillende mensen in en om de school waren die de man hebben horen schreeuwen.

Een proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 10 september 2025, met een fotobijlage, voor zover inhoudende:

Ik bekeek de aan de politie verstrekte camerabeelden van basisschool [naam basisschool] in [plaats] .

Ik zag dat de verdachte binnenliep bij basisschool [naam basisschool] . Ik hoorde dat de verdachte sprak in een voor mij onbekende taal. Ik herken de stem als zijnde de stem van de verdachte. Ik zag dat de verdachte hierna uit het beeld verdween. Ik hoorde hierna nog steeds iemand praten in een voor mij onbekende taal. Ik herken hierbij nog steeds de stem van de verdachte. Ik hoorde dat een vrouwenstem zei: "dat hoort niet, we zijn op een school". Ik hoorde dat de verdachte zei: "kan me niks schelen, weet je hoe ik het ga aanpakken broer, ik pak jullie op één dag allemaal tegelijk". Ik hoorde dat de verdachte daarna sprak in een voor mij onbekende taal.

Ik zag dat de verdachte weer terug in beeld verscheen. Ik zag dat bij de verdachte dezelfde vrouw liep met wie hij naar binnen liep in het eerste beeld. Ik zag dat de verdachte naar buiten liep. Ik hoorde dat de verdachte en de vrouw nog over en weer aan het praten waren. Ik hoorde dat ik dit niet goed kon verstaan en hieruit niet kon opmaken wat er gezegd werd.

Een proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 8 september 2025, voor zover inhoudende:

Op 8 september 2025 bij de [naam basisschool] school te [plaats] zag ik dat er een man aangereden kwam. Na vaststelling van zijn identiteit bleek de man te zijn: [verdachte] , geboren op [1987] te [geboorteplaats] .

Ik zag dat [verdachte (voornaam)] boos was. Ik zag dit, omdat zijn gezicht fronsend was en ik hoorde [verdachte (voornaam)] zeggen dat hij boos was. Ik hoorde [verdachte (voornaam)] zeggen dat hij boos was op jongeren die gisteren in de avond steentjes op zijn ruit gooiden. Ik hoorde [verdachte (voornaam)] zeggen dat hij er achter wilde komen wie de personen waren die dat bij hem deden. Ik hoorde [verdachte (voornaam)] zeggen dat hij die personen hun benen wilde breken en dat hij het zelf op ging lossen. Ik zag dat er een groep kinderen langs liep. Ik zag dat [verdachte (voornaam)] met een fronsende blik naar de kinderen keek. Ik hoorde [verdachte (voornaam)] meermaals opnieuw woorden zeggen als: “ik haat ze”.

Bewijsoverwegingen

Op grond van de hiervoor genoemde bewijsmiddelen stelt de rechtbank vast dat de verdachte de aangeefster heeft bedreigd. De advocaat heeft zich op het standpunt gesteld dat de verdachte moet worden vrijgesproken van de eerste drie gedachtestreepjes in de tenlastelegging, omdat het aantoonbaar niet juist is dat de verdachte deze woorden heeft gezegd. De aangifte is het enige bewijsmiddel waaruit deze woorden blijken en de aangeefster heeft verklaard dat deze bedreigingen in het Nederlands zijn geuit. De woorden onder de eerste drie gedachtestreepjes zijn echter niet te horen op de camerabeelden. Ook de getuige [A] heeft deze woorden niet gehoord, aldus de advocaat.

De rechtbank stelt voorop dat zij de verklaring van aangeefster betrouwbaar acht. Aangeefster omschrijft in haar verklaring de wijze waarop verdachte de school is binnengegaan, welke omschrijving strookt met de beschikbare camerabeelden. Haar verklaring wordt ook ondersteund door de bevindingen van de verbalisant ter plaatse over de woede van de verdachte richting de schoolkinderen op dat moment. Deze verbalisant heeft waargenomen dat de verdachte – ook nog nadat hij de school alweer verlaten had – boos bleef richting de schoolkinderen, heeft gezegd dat hij ze haatte, dat hij de benen wilde breken van degenen die hem lastigvielen, en heeft gezegd dat hij het zelf ging oplossen. Op de camerabeelden is – blijkens het proces-verbaal van bevindingen waarin deze worden beschreven – ook te horen dat de verdachte (tenminste) de volgende bedreigende uitingen doet: “weet je hoe ik het ga aanpakken broer, ik pak jullie op één dag allemaal tegelijk” (het vierde gedachtestreepje). Tevens is te horen dat de verdachte bij binnenkomst in het schoolgebouw spreekt in een andere taal dan het Nederlands.

Verder is op de camerabeelden te zien dat aangeefster en de verdachte samen naar buiten lopen en op dat moment nog met elkaar aan het praten zijn. Wat zij op dat moment tegen elkaar zeggen is niet meer te horen. Volgens de aangeefster hebben de bedreigingen zowel in als buiten het schoolgebouw plaatsgevonden. De door haar omschreven bedreigingen hebben dus ook plaatsgevonden buiten het bereik van de camera. Dat een deel van de in de tenlastelegging genoemde woorden niet op de beelden te horen is en niet door de getuige [A] is gehoord, vormt daarom onvoldoende contra-indicatie voor een bewezenverklaring van de woorden achter die gedachtestreepjes.

Met de advocaat is de rechtbank echter wel van oordeel dat het dossier geen bewijs bevat dat de op het schoolplein aanwezige kinderen de door verdachte geuite bedreigende woorden hebben gehoord, ook niet na afloop van dit incident. Dat is wel een vereiste voor het oordeel dat verdachte ook de kinderen zelf heeft bedreigd. De rechtbank zal verdachte daarom vrijspreken van de beschuldiging dat hij zijn woorden tot de ter plaatse aanwezige kinderen heeft gericht en hen ook heeft bedreigd.

Bewezenverklaring

De rechtbank verklaart bewezen dat de verdachte:

op 8 september 2025 te [plaats] [slachtoffer] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, door die [slachtoffer] en andere onbekend gebleven personen dreigend de woorden toe te voegen:- "Ik ga iedereen in de school dood maken";- "Ik ga dit echt doen ik maak iedereen dood";- "Ik zweer dat ik iedereen vooral de kinderen ga doodmaken"; en - "Ik pak jullie allemaal en dat doe ik niet op meerdere dagen, maar in één keer allemaal tegelijk",

althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.

De rest van de tekst van de beschuldiging kan niet worden bewezen. De verdachte wordt daarvan vrijgesproken.

4. Kwalificatie en strafbaarheid

Kwalificatie

Het bewezen feit levert het volgende strafbare feit op:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht.

Strafbaarheid feit en de verdachte

Het feit en de verdachte zijn strafbaar.

5. Straf en maatregel

Vordering van de officier van justitie

De officier van justitie eist dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 120 dagen, met aftrek van het voorarrest (daarbij uitgaande van 102 dagen voorarrest), waarvan een gedeelte van 18 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar, met als bijzondere voorwaarden een locatie- en contactverbod die inhouden dat de verdachte zich niet zal bevinden in het pand en/of op het schoolplein van de school [naam basisschool] in [plaats] en geen contact zal zoeken met zich op of bij het schoolplein bevindende personen. De officier van justitie eist dat de bijzondere voorwaarden direct na de uitspraak van het vonnis ingaan (dadelijk uitvoerbaar zijn). De officier van justitie eist subsidiair, indien de rechtbank geen voorwaardelijk deel oplegt, het contact- en locatieverbod als vrijheidsbeperkende maatregel op te leggen.

Standpunt van de verdediging

De advocaat heeft verzocht om rekening te houden met de context van de zaak. De verdachte had al een aantal dagen overlast van kinderen. Op enig moment was verdachte dit zo zat dat hij de school is binnengelopen om, naar zijn zeggen, de camerabeelden op te vragen. Daar komt bij dat dit relatief rustig gebeurde en dat met de verdachte nog een gesprek te voeren was. Uiteindelijk is hij door de aangeefster naar buiten geleid en heeft hij daaraan meegewerkt. Er zijn niet eerder problemen tussen de school en de verdachte geweest en nadien heeft dit ook niet meer plaatsgevonden. De advocaat heeft zich op het standpunt gesteld dat, gelet op de aard en beperkte ernst van de bedreiging, de verdachte langer in voorarrest heeft gezeten dan de straf die hij opgelegd zou moeten krijgen. Er is daarom ook geen ruimte voor een voorwaardelijk strafdeel waaraan bijzondere voorwaarden verbonden kunnen worden. De advocaat heeft verzocht om de voorlopige hechtenis op te heffen. De raadsman heeft ten slotte aangevoerd dat er geen noodzaak is om een vrijheidsbeperkende maatregel op te leggen, nu er zich geen nieuwe incidenten hebben voorgedaan.

Oordeel van de rechtbank

Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank rekening met de ernst van het gepleegde feit en de omstandigheden waaronder de verdachte dit feit heeft gepleegd. Ook weegt de rechtbank het strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden mee.

Ernst en omstandigheden van het feit

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een ernstige bedreiging. Op 8 september 2025 is de verdachte tijdens schooluren de [naam basisschool] basisschool in [plaats] binnengelopen en heeft hij verschillende bedreigende uitingen geroepen tegen een moeder die toevallig op de school aanwezig was, en waarbij ook andere personen aanwezig waren. De verdachte zei dat hij iedereen, waaronder de schoolkinderen, dood zou maken en uit het dossier blijkt dat hij daarbij serieus en vastberaden overkwam. Hij zwoor daarbij op God om zijn woorden kracht bij te zetten. Het lijdt geen twijfel dat een dergelijke bedreiging, gericht tegen basisschoolkinderen die zich op dat moment ook in en om die school bevonden, zeer beangstigend zal zijn voor hen die dit horen. Dat blijkt ook wel uit het feit dat aangeefster trillend en huilend werd aangetroffen door de politie, zoveel indruk hadden de woorden van verdachte op haar gemaakt. Daarnaast veroorzaakt deze bedreiging ook gevoelens van angst en onveiligheid bij de medewerkers en kinderen van de school en ook binnen de samenleving in het algemeen.

Persoonlijke omstandigheden en het strafblad van de verdachte

De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van de verdachte van 12 januari 2026, waaruit blijkt dat de verdachte veelvuldig is veroordeeld voor het plegen van strafbare feiten en dat hij in 2018 en 2021 een gevangenisstraf opgelegd heeft gekregen voor eerdere bedreigingen.

De rechtbank heeft verder kennisgenomen van het reclasseringsadvies van 16 april 2026. De reclassering concludeert dat de verdachte in het verleden iedere vorm van contact met de reclassering structureel heeft afgewezen, ondanks herhaalde pogingen om hem te begeleiden. Hoewel hij recent een meer meewerkende houding liet zien en aangaf zijn leven te willen verbeteren, heeft de verdachte uiteindelijk deze getoonde meewerkende houding niet doorgezet. Verdachte is per 22 december 2025 geschorst uit zijn voorlopige hechtenis, met onder andere als voorwaarde een meldplicht bij de reclassering. Aan deze meldplicht heeft verdachte zich niet gehouden: in januari heeft de reclassering het Openbaar Ministerie geadviseerd om een vervolgbeslissing te nemen over het toezicht, omdat de verdachte niet bereikbaar was. Daarmee vervalt verdachte weer in het al langer bestaande patroon. De reclassering acht het huidige gedrag van de verdachte zorgelijk, maar acht bijzondere voorwaarden of ambulante interventies op dit moment niet passend. De reclassering schat het risico op herhaling van strafbaar gedrag in als hoog.

Strafkader

De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de ernst van het feit en het strafblad van de verdachte, niet kan worden volstaan met een andere straf dan een gevangenisstraf van langere duur. De rechtbank heeft daarbij in het bijzonder gelet op de dreigende manier waarop de verdachte de school binnen is gelopen, de buitengewoon ernstige bewoordingen die hij heeft geuit over het doodmaken van jonge kinderen terwijl die jonge kinderen in de directe nabijheid aanwezig waren en dat hij zijn woede heeft gericht op een willekeurige moeder die daar op dat moment was en omstanders. Het gedrag van verdachte heeft een enorme impact gehad op de basisschool. De rechtbank is daarom van oordeel dat aan verdachte een gevangenisstraf moet worden opgelegd die gelijk is aan de duur van het voorarrest, waarbij de rechtbank uitgaat van 106 dagen voorarrest. De rechtbank ziet echter geen ruimte, zoals gevorderd door het openbaar ministerie, om een straf op te leggen van langere duur dan dat de verdachte in voorarrest heeft verbleven, ook niet in voorwaardelijke zin. Alles afwegende legt de rechtbank aan de verdachte op een gevangenisstraf van 106 dagen, met aftrek van het voorarrest.

Oplegging vrijheidsbeperkende maatregel (ex artikel 38v Sr)

De rechtbank ziet daarnaast aanleiding om aan de verdachte een vrijheidsbeperkende maatregel op te leggen in de zin van artikel 38v van het Wetboek van Strafrecht (Sr). Uit het dossier volgt dat verdachte zonder noemenswaardige aanleiding onder schooltijd het schoolplein is opgelopen en daarna zeer ernstige bedreigingen heeft geuit, onder andere gericht tegen de kinderen van die school. Bovendien blijkt dat de woede van verdachte, ook nadat hij hierop door de politie was aangesproken, nog nauwelijks was bekoeld en gericht bleef op de schoolkinderen. Onder die omstandigheden acht de rechtbank het nodig om voor de beveiliging van de maatschappij en voor het voorkomen van strafbare feiten te bevelen dat de verdachte:

- zich niet zal bevinden in het pand en/of op het schoolplein van de school [naam basisschool] aan [adres 2] in [plaats] ;

- op geen enkele wijze - direct of indirect – contact zal zoeken met zich op of bij het schoolplein ( [naam basisschool] aan [adres 2] in [plaats] ) bevindende personen.

De rechtbank legt deze vrijheidsbeperkende maatregel op voor de duur van 2 jaren. Gedurende die periode zal hier per overtreding maximaal 14 dagen hechtenis tegenover staan met in totaal een maximum van zes maanden.

Om de hierboven genoemde redenen en gelet op de inhoud van het reclasseringsadvies, is de rechtbank van oordeel dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte opnieuw een strafbaar feit zal plegen of zich belastend zal gedragen richting personen op of bij het schoolplein. Daarom zal zij bevelen dat de maatregel dadelijk uitvoerbaar is.

Voorlopige hechtenis

De rechtbank zal het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opheffen.

6. Toegepaste wetsartikelen

De opgelegde straf en de maatregel zijn gebaseerd op de volgende wetsartikelen:

artikelen 38v, 38w en 285 van het Wetboek van Strafrecht.

-

7. De beslissing

De rechtbank:

bewezenverklaring

strafbaarheid feit

- verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit zoals hiervoor in paragraaf 4.1. is vermeld;

strafbaarheid verdachte

- verklaart de verdachte strafbaar voor het bewezenverklaarde;

straf en 38v-maatregel

- veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 106 (honderdzes) dagen;

- bepaalt dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht (de rechtbank gaat uit van 106 dagen), bij de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

- legt aan de verdachte op de maatregel strekkende tot beperking van de vrijheid voor de duur van 2 jaren, inhoudende dat de verdachte;

- beveelt dat voor het geval niet aan de maatregel wordt voldaan de maatregel wordt vervangen door maximaal 14 dagen hechtenis, met een maximumduur van zes maanden;

- beveelt dat deze vrijheidsbeperkende maatregel dadelijk uitvoerbaar is.

voorlopige hechtenis

- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.

Dit vonnis is gewezen door mr. T.M. Sanders, voorzitter, mr. L.C. Michon en mr. M. Pieplenbosch, rechters, in tegenwoordigheid van mr. E. Scholten als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2026.

Bijlage: De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 8 september 2025 te [plaats] [slachtoffer] en/of één of meer onbekend gebleven (school)kinderen heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [slachtoffer] , één of meer onbekend gebleven (school)kinderen en/of andere onbekend gebleven personen dreigend de woorden toe te voegen:- "Ik ga iedereen in de school dood maken";- "Ik ga dit echt doen ik maak iedereen dood";- "Ik zweer dat ik iedereen vooral de kinderen ga doodmaken"; en/of- "Ik pak jullie allemaal en dat doe ik niet op meerdere dagen, maar in één keer allemaal tegelijk",

althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand