aantekening mondeling vonnis
RECHTBANK Midden-Nederland
Locatie Utrecht
Parketnummer: 16-275297-25
Volgnummer: 4
Uitspraak van de politierechter, mr. M.J. Terstegge, van dinsdag 20 januari 2026, in de zaak
tegen verdachte
[verdachte] ,
geboren op [1991] te [geboorteplaats]
adres [adres] , [woonplaats]
RAADSMAN:
Als raadsvrouwe is ter terechtzitting verschenen mr. D. van Elp, advocaat te Lelystad.
Tegenspraak
KWALIFICATIE:
T.a.v. feit 1 primair: poging tot zware mishandeling
GEPLEEGD:
T.a.v. feit 1 primair: 14 oktober 2025
TOEGEPASTE ARTIKELEN:
9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 36f, 45, 302 Wetboek van Strafrecht
BESLISSING:
T.a.v. feit 1 primair:
Een gevangenisstraf voor de duur van 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren.
Voorwaarde is, dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit.
_______________________________
1) 20 jan 2026 J
T.a.v. feit 1 primair:
Een taakstraf voor de duur van 180 uren subsidiair 90 dagen hechtenis met aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek van Strafrecht, met de maatstaf van 2 uren per dag dat de veroordeelde in voorlopige hechenis heeft gezeten.
Beslissing op de vordering van de benadeelde partij, [benadeelde partij]
Wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, [benadeelde partij] , van een bedrag van 500,00 euro, bestaande uit immateriële schade. De schade te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 oktober 2025 tot aan de dag der algehele voldoening.
Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij, tot op heden begroot op nihil. Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot op heden begroot op nihil.
Legt aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van [benadeelde partij] van een bedrag van 500,00 euro, bij gebreke van betaling en verhaal aan te vullen met 5 dagen gijzeling. De toepassing van deze gijzeling heft de hiervoor genoemde betalingsverplichting niet op. Voormeld bedrag te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 oktober 2025 tot aan de dag der algehele voldoening.
Verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot vergoeding van deze schade.
Beslissing op de vordering van de benadeelde partij, Politie Midden-Nederland
Wijst de vordering van de benadeelde partij gedeeltelijk toe en veroordeelt verdachte mitsdien tot betaling aan de benadeelde partij, Politie Midden-Nederland, van een bedrag van 350,00 euro, bestaande uit materiële schade. De schade te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 oktober 2025 tot aan de dag der algehele voldoening.
Bepaalt dat de benadeelde partij voor wat het meer gevorderde betreft in zijn vordering niet-ontvankelijk is en dat hij zijn vordering voor dat deel slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.
Veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij, tot op heden begroot op nihil. Veroordeelt verdachte verder in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.
De politierechter