RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Civiel recht
locatie Utrecht
zaaknummer: 600540 FT RK 25-992
uitspraakdatum: 5 januari 2026
uitspraak op grond van artikel 288 lid 1 van de Faillissementswet
( “toepassing schuldsanering”)
enkelvoudige kamer
op verzoek van:
[verzoeker]
wonende te [adres] ,
[postcode 1] [woonplaats] .
Waar deze zaak over gaat
De heer [verzoeker] bevindt zich in een problematische schuldensituatie. Om tot een oplossing voor zijn schulden te komen heeft de heer [verzoeker] een verzoek gedaan te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp). Dit verzoek wordt toegewezen.
De rechtbank ziet geen aanleiding om (ambtshalve) een eerdere ingangsdatum te bepalen.
De rechtbank legt hieronder uit hoe zij tot haar oordeel is gekomen.
1. De procedure
De heer [verzoeker] heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de WSNP.
Het verzoek is behandeld op de zitting van 22 december 2025. Op de zitting zijn verschenen
- De heer [verzoeker] ;
- Mevrouw [A] , [functie] van de gemeente Utrecht.
2. De beoordeling
De toelating
De heer [verzoeker] kan worden toegelaten tot de Wsnp als hij zich in een problematische schuldensituatie bevindt en hij te goeder trouw was bij het ontstaan en onbetaald laten van zijn schulden. De rechtbank kijkt daarbij vooral naar de afgelopen drie jaar. Ook moet de verwachting bestaan dat de heer [verzoeker] aan de verplichtingen van de Wsnp zal voldoen.
De heer [verzoeker] voldoet aan alle eisen en wordt toegelaten tot de Wsnp.
Duur
De rechtbank stelt de termijn van de Wsnp-regeling ex. artikel 349a Fw vast op 18 maanden.
Ingangsdatum
De Fw bepaalt dat de looptijd in beginsel ingaat op de dag van dit vonnis, tenzij er aanleiding is de looptijd eerder te laten ingaan.
De rechtbank stelt vast dat de heer [verzoeker] niet heeft verzocht om een eerdere ingangsdatum. De rechtbank ziet geen aanleiding op basis van de ingediende stukken en dat wat op zitting is besproken om ambtshalve een eerdere ingangsdatum vast te stellen. Niet is gebleken dat de heer [verzoeker] al volledig heeft voldaan aan alle verplichtingen.
3. De beslissing
De rechtbank:
- spreekt de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit ten aanzien van:
[verzoeker] ,
geboren op [geboortedatum] -1990 te [geboorteplaats] Afghanistan,
wonende te [adres] , [postcode 1] [woonplaats] .
- benoemt tot rechter-commissaris mr. P.M.E. Bernini,
en tot bewindvoerder J. van Rijen,
Postbus [postbus] ,
[postcode 2] [plaats] ;
- stelt de looptijd van de schuldsaneringsregeling vast op 18 maanden;
- stelt bij wijze van voorschot, bij toereikend boedelactief, het salaris van de bewindvoerder vast op het op grond van artikel 2 van het Besluit salaris bewindvoerder schuldsaneringsregeling geldende bedrag;
- geeft last aan de bewindvoerder tot het openen van aan de schuldenaar gerichte brieven.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.W.J. van Veen en is in het openbaar uitgesproken, in aanwezigheid van de griffier R.A. Oelen, op 5 januari 2026.